LIVE Q&A's

Deze en volgende week elke dag Q&A's met studenten van verschillende studies

 


Bekijk de planning Alles over studiekeuze


De schrijver.



Marcel Möring werd in 1957 in Enschede geboren. In 1970 verhuisde het gezin naar Assen, waar Möring de middelbare school doorliep.

Marcel Möring studeerde enkele jaren mo-Nederlands, maar brak deze studie af om zich op het schrijven te kunnen toeleggen.

In 1990 verscheen zijn eerste roman: "Mendels erfenis". De roman werd in 1991 bekroond met de Geertjan Lubberhuizenprijs. Met "Het grote verlangen" won Möring in 1993 de AKO-literatuurprijs.

Daarnaast heeft Marcel ook als recensent en essayist gewerkt voor de Drents-Groningse pers en vanaf 1991 voor NRC Handelsblad. Bovendien publiceerde hij onder meer in Esquire, Optima, Raster en Vrij Nederland.



Andere belangrijke werken van Marcel Möring zijn: "Bederf is de weg van alle vlees" (1995), "Het derde testament" (1995), "In Babylon" (1997) en "Modelvliegen" (2001).



Titelverklaring.



“Modelvliegen” heeft meerdere betekenissen. Als eerst heeft de vader van David toen hij 15 jaar oud was in zweefvliegtuigjes gevlogen. Tijdens de eerste oorlogsdagen was hij met een zweefvliegtuig naar Engeland gevlogen. Daar werd hij oorlogsvlieger en na de oorlog vloog hij in post en sproeivliegtuigjes. De vader en moeder van David hebben elkaar leren kennen in het ziekenhuis. Philip was neergestort met zijn sproeivliegtuigje. Ten tweede gaat de moeder van David bij een vliegtuig maatschappij als stewardess werken. Ze was ontslagen in het ziekenhuis en had net als Philip geen baan meer. Ten derde bedenkt David een ideetje om modelvliegtuigen te bouwen om wat geld bij te verdienen. Dat ideetje is een plan geworden, ze werken nu met z’n drieën aan het plan.

Vliegen is het thema van het boek, dat kan je ook goed zien aan de titel. Alles heeft met vliegtuigen te maken. Als laatste gaat het boek over dingen die door middel van verbeelding aan de harde realiteit ontsnappen, dus modelvliegen is vliegen boven de werkelijkheid. (Dit laatste stukje heb ik uit een recensie gehaald.)



Samenvatting.



Een jongen ‘David’ probeert zijn vader aan werk te helpen, hij heeft een idee dat later een plan zal worden. Heel de familie helpt mee met dat plan. Iedereen is dag en nacht bezig met modelvliegtuigjes in elkaar te zetten. Op een dag komt er onverwachts bezoek. Het blijkt een oorlogsvriend te zijn ‘Humbert Coe’. Hij gaat samen met David naar een restaurant waar veel ervaring opdoen. Coe en Philip (de vader van David) hebben elkaar leren kennen door het vliegen.

Als David met zijn familie naar het duindorp gaat voor 10 dagen, waar de vader van Julia (de moeder van David) ooit burgemeester is geweest, komen ze Humbert Coe tegen op het strand, die naar de razende zee staat te staren. Ze nemen hem mee naar het grote huis, waar hij mag blijven slapen. ’s Avonds wordt David wakker door een klapperende deur, en ziet dat Coe en zijn moeder niet meer thuis zijn. Als hij gaat kijken waar ze zijn, kan hij ze niet vinden. Na een poos zoeken komt hij zijn vader tegen, die was eindelijk thuis gekomen en trof een leeg huis aan. David en zijn vader zochten verder, maar konden niks vinden en besloten maar om naar huis te gaan. Thuis troffen ze Coe en Julia aan.



Veertig jaar later is David een poppendokter geworden. Hij heeft nu een groepje van 11 kinderen die bij hem thuis modelvliegers bouwt, omdat ze dat niet thuis kunnen doen. David heeft een vriendin die hem de goede weg zal wijzen en hij zal haar haar eigen leven laten leiden.



Onderwerp



Het onderwerp van dit verhaal is een zoektocht naar wat je later wilt gaan worden. Hier zijn veel verschillende stukjes die dat aantonen:

Op bladzijde 37. ‘Wat wil jij eigenlijk worden, later?’ zei hij. ‘Kok,’ zei ik.

Op bladzijde 47. Of ik ooit kok zou worden, wist ik niet, en al helemaal niet of het echt was en belangrijk, maar zeker was dat bijna al mijn gedachten draaiden om koken en eten.

Op bladzijde 51. Coe knikte bedachtzaam. ‘Twaalf jaar? Dertien?’ ‘Twaalf,’ zei ik. Hij liet zijn hoofd instemmend wiegen. ‘Dat is de leeftijd waarop het gebeurt. Wanneer begon jij te vliegen, Philip?’

Op bladzijde 72. ‘Ik heb je gevraagd hier te komen, omdat je.. nu, omdat je bijna een man bent, een man, en het mij tijd leek om een gesprek van man… tot man te hebben.’

Toen rechtte hij zich. ‘Jij bent geen jager,’ zei hij. Zijn hoofd kwam langzaam omhoog, tot hij mij recht in de ogen keek.

Op bladzijde 107. ‘Hoe wordt iemand vliegerbouwer?’ had ze gevraagd.

‘Eerst was ik poppendokter,’ zei ik. ‘Waarom gaat een poppendokter vliegers bouwen?’ ‘Ik heb een hekel aan poppen.’



Thema.



De thema van het boek ‘Modelvliegen’ is vliegtuigen en vliegen.

Alles draait om de vliegtuigen en het vliegen. De vader van David heeft in verschillende vliegtuigen gevlogen. De moeder heeft in de oorlogsjaren een neergestorte piloot gered en verpleegd. Later in het verhaal gaat ze werken als stewardess. David bedenkt een plan om modelvliegtuigjes te gaan bouwen. Ook leerden de moeder en vader van David elkaar kennen doordat Philip was neergestort en in het ziekenhuis terecht was gekomen, waar David zijn moeder als verpleegkundige werkte. Daarnaast heb je ook nog dat een oude vriend van Philip opeens op bezoek kwam. Hij heeft ook in vliegtuigen gevlogen, en is volgens mij de eerste piloot waar David zijn moeder verliefd op is geweest. Aan het eind van het verhaal als David in de veertig is, verteld hij een sprookjesachtig verhaal aan buitenlandse kinderen, het verhaal lijkt een beetje op dat van Daedalus en Icarus. Zij wilden met zelfgemaakte vleugels van veren het eiland Kreta ontvluchten.



Motieven.



De motieven in het verhaal zijn liefde en oorlog.

Liefde. De liefde tussen Julia en Philip en David. De liefde/relatie tussen Philip en Coe, de liefde tussen Coe en Julia, De liefde tussen David en koken, de liefde tussen David en Nur en de liefde tussen David en modelvliegen.

Oorlog. De oorlogsjaren van Philip als vlieger. De oorlogsjaren van Julia als verpleegster. De oorlogsjaren van Coe als kok en spion.



Perspectief.



Het verhaal ‘Modelvliegen’ is door de ik-persoon geschreven, in dit geval is dat David. Het verhaal wordt verteld door een alwetende verteller.



Taalgebruik/styl.



Marcel Möring gebruikt niet zo een moeilijke taal. Ik kan alles goed lezen en begrijpen (de taal dan). De stijl van schrijven is wel iets slechter. Hij heeft alles door elkaar gegooid en begin met elk deel met een ander stuk verhaal. Dat helemaal niets met het vorige deel te maken had.



Fragmenten.



Het fragment dat me wel aanspreekt is het fragment op bladzijde 64-65.

Ik verplaatste mij naar de juiste pit en braadde de koteletjes á point, zoals ik het geleerd had uit de vele kookboeken die ik de afgelopen jaren had gelezen. Ik was enigszins nerveus – de keuken was vreemd, de apparatuur anders en ik had nog nooit lamskoteletten gebraden – maar ik rekende erop dat mijn inlevingsvermogen mij zou helpen. Ik kon een gerecht analyseren door het te proeven, k kon koken zonder af te meten en ik kon elk gerecht aan als ik maar ten minste één keer een recept had gelezen dat iets soortgelijks beschreef. Het was geen talent, zoals Coe eerder tegen mijn vader had gezegd. Het was inlevingsvermogen, verbeelding, of misschien ook wel een talent, maar dan het talent om zoiets organisch en chaotisch als koken te abstraheren. Toen ik klaar was ging het bord de deur uit en liet Coe een hand op mijn schouder rusten. Zijn ronde gezicht weerspiegelde in het glimmende metaal van de achterwand van de kachel. De wenkbrauwen, die als rupsen boven de zwarte ogen leken te kronkelen, en de donkere baard gaven hem het uiterlijk van een smulgrage benedictijn. Hij begon de kok toe te spreken over wat hij smaaknivellering noemde, dat gerechten alleen nog maar een soort algemene oppervlaktesmaak hadden, maar niet meer in delen uiteen konden vallen. ‘Nederlandse koks,’ zei hij, ‘zijn bang om ons te laten proeven waaruit een gerecht is samengesteld. Als ik haas eet wil ik haas, wijn, tijm en bosuitjes proeven en niet de kruidenpot van restaurant x.’

De ober kwam de keuken weer in. Hij zag eruit als een grafdelver.

‘En?’ vroeg de man in pak.

‘Hij vroeg waar we in godsnaam mee bezig zijn .’

Ik merkte ineens hoe warm het in de keuken was.

‘Hoezo?’ zei de kok.

‘Hij zei: “Is dit een test dat ik eerst die tranige tinnef krijg voorgezet en daarna het juiste gerecht?”’

Dit fragment spreekt me wel aan omdat David hier laat zien dat hij een geschikte kok is, en dit zijn beroep wel kan worden later. Ik vind het wel knap dat een jongen van twaalf al van zulke gerechten uit zijn hoofd weet te maken. Het is wel een beetje onwaarschijnlijk dat een jongen van 12 alleen maar kookboeken leest en geen spannende verhalen ofzo, maar dit boek gaat over modelvliegen en zal dus een beetje vliegen boven de werkelijkheid.



Nog een fragment dat me bij is gebleven is het fragment op bladzijde 85, 89.

‘Hoor je me niet? Ik riep…’

Ik keek haar niet aan, maar ik zag dat haar hand naar haar mond ging.

‘Dat is…’

Daar aan de vloedlijn, groot en massief en met wapperende jaspanden, stond Humbert Coe naar de razende zee te staren.



Halverwege de avond, de haas een karkas, de glazen wazig van de vingerafdrukken en de karaf bijna leeg, begon het boven zee te weerlichten. Het flakkerde blauw tussen de wolken en vaag was het gedempte rommelen van nog ver verwijderde donder hoorbaar. We keken naar buiten. Coe vroeg zich af waarom onweer aan zee altijd zo anders was dan in het binnenland en mijn moeder herinnerde zich hoe in haar jeugd de bliksem was ingeslagen in het dorp. De deur ging open en de in zwart gehulde gestalte van mijn grootmoeder verscheen. Ze stond met een in eau de cologne gedrenkt zakdoekje voor haar mond en keek met opengesperde ogen naar het door kaarslicht beschenen tafereel.

‘Julia!’ zei ze. “De parachute!’

Mijn moeder schoot uit haar stoel. Haar glas kantelde, een rode vlek begon zich op het tafelkleed uit te breiden.

‘Mamma!’ riep ze.

‘Mevrouw,’ zei Coe. Hij kwam overeind, zijn linkerhand op zijn borst. ‘Mijn welgemeende excuses. Het was allesbehalve mijn bedoeling om hier zo onaangekondigd… binnen te waaien.’

‘De parachute…’ riep mijn grootmoeder weer. ‘Julia, je moet de parachute verbergen!’

‘Het weer,’ zei Zou. ‘Overvallen. Deze vreselijke storm.’

Deze twee stukken gaan er over dat Coe onverwachts op het strand staat. Omdat het zo regent, heeft de moeder van David Coe uitgenodigd om te blijven slapen. Als ze aan het eten zijn komt de grootmoeder van David naar beneden (zij is al een beetje wazig in haar hoofd) en begint over een parachute te roepen. Dit fragment spreekt mij aan omdat het hier een beetje verwarrend wordt. Hoe komt het dat Coe weet waar het huis van de grootouders van David is? Waarom begint David zijn grootmoeder in een keer over een parachute te roepen? Waarom zegt Coe dat het aan de storm ligt dat David zijn grootmoeder zo overstuur is? Waarom weet David later waar het over gaat, maar verteld dat niet in dit verhaal? Om deze vragen te kunnen beantwoorden, zou ik moeten veronderstellen dat Coe de eerste piloot was, die Julia heeft verzorgd, en de eerste was geweest waar zij verliefd op is geweest.



Personages.



David is de hoofdpersoon van dit verhaal. Hij vertelt over zijn leven als twaalfjarige jongen die een idee had. Dat idee werd later een plan, een plan om hun te redden. David is een jongen die niet vaak buiten komt. Hij heeft van zijn moeder leren koken, en vind dat nu heel erg leuk om te doen. Met zijn verjaardag krijgt hij ook kookboeken als cadeau die hij als een gewoon boek helemaal uitleest. Hij is een soort van wonderkind die elk gerecht weet te analyseren. Zelfs als hij met Coe naar een restaurant gaat verslaat hij een kok met koken. Als hij later groot is wilt hij kok worden. Uiteindelijk als hij in de veertig is, is hij een terug houdende joodse poppendokter geworden, maar omdat hij poppen niet leuk vind is hij vliegerbouwer geworden. Hij heeft ook een vriendin (Nur) en is hevig verliefd op haar.



Vader, heet Philip, maar werd door Julia Boris genoemd. Philip had de oorlogsjaren mee gemaakt en was vijftien toen het land werd binnen gevallen. Hij is aardig, en erg sociaal. Op een ochtend van juni na een grote stunt stort hij neer en wordt verzorgd door zijn toekomstige echtgenote Julia. Nu vliegt hij niet meer. Hij doet samen met David modelvliegtuigjes bouwen. Nadat de vliegtuigjes allemaal klaar zijn wilt hij gaan solliciteren.



Moeder, heet Julia. Vanwege de oorlog is ze verpleegster geworden. Zij was zoals de engelse zouden zeggen een formidabele vrouw. Ze stond stevig met beide benen op de grond en wist net zo goed waar ze vandaan kwam als waar ze heen ging.



Humbert Coe is een goede vriend van Philip. Op een dag komt hij op visite bij David en zijn familie. Coe zat net als Philip in de oorlog bij vliegtuigen. Hij houd heel veel van eten, en schrijft daar ook over.



Grootmoeder (aan moeders zijde), leeft in de mist en heeft niet alles meer op een rijtje. Op een dag roept ze ook in een keer dat Julia de parachute nog moet verbergen.



Grootvader (aan moeders zijde), is een oud burgemeester, hij woont samen mij zijn vrouw aan kust. Hij heeft een testament gemaakt voor David, en wilt dat hij hun huis over neemt als zijn dagen zijn gekomen. Hij wil ook dat David directeur wordt van het grote jachtgebied.

Grootvader (aan vaders zijde), had een bedrijf, een handelsfirma in geur- en smaakstoffen voor de levensmiddelenindustrie.



Nur, zij is de vriendin van David. Ze komt pas helemaal aan het eind van het verhaal aan bod. Ik weet niet echt veel over haar te vertellen. Ze is een juriste en heeft een Turkse afkomst.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.