Boekverslag

Kom hier dat ik u kus

Griet op de Beeck

Gepubliceerd op: 24 september 2014

Marije Boogaard V5D

15-3-2017

 

Inhoudsopgave

1. Waarover wordt verteld?

a. Beschrijf in het kort de belangrijkste gebeurtenissen uit het verhaal in chronologische volgorde.

b. Beschrijf je hoofdperso(o)n(en). Ga hier in op het uiterlijk, het innerlijk, normen en waarden en de ontwikkeling die hij/zij doormaakt.

c. Wat is het doel van de hoofdpersoon?

d. Beschrijf de belangrijkste bijpersonen. Wat is hun rol binnen het verhaal?

e. Zijn er ook omstandigheden binnen het verhaal die een tegenstander of helper zijn binnen dit verhaal? Leg uit.

f. Beschrijf de setting van het verhaal in 10 zinnen.

 

2. Hoe wordt verteld?

a. Is je boek chronologisch of niet-chronologisch opgebouwd? Leg uit.

b. Als je verhaal niet-chronologisch is, wat is daarvan de functie volgens jou?

c. Beschrijf minimaal 2 verhaalmotieven.

d. Beschrijf minimaal 2 leidmotieven.

e. Wat is de vertelinstantie van het verhaal? Leg uit aan de hand van een voorbeeldfragment.

f. Wat is het effect van deze vertelinstantie?

g. Als je verhaal een motto bevat: breng deze in verband met je verhaal.

h. Wat is volgens jou het (belangrijkste) thema van dit verhaal?

 

Voeg toe:

  • Samenvatting (via biebsearch)
  • Minimaal 2 recensies (biebsearch)

a. Vergelijk de twee recensies met elkaar. Welke argumenten worden gebruikt? Wat zijn de overeenkomsten? Wat de verschillen?

 

3. Over de schrijver en zijn achtergrond

a. Zoek informatie over de schrijver. Voeg deze toe aan je verslag

b. Zoek uit wat de literatuuropvatting van de schrijver is. Citeer enkele zinnen waaruit dit duidelijk blijkt. Kun je dit terugzien in je gelezen werk? Hoe dan?

 

 

 

 

1. Waarover wordt verteld?

a. Beschrijf in het kort de belangrijkste gebeurtenissen uit het verhaal in chronologische volgorde.

Het boek bestaat uit drie delen. In het eerste deel is Mona, de hoofdpersoon, negen jaar. In het tweede deel is ze 24 jaar en in het derde deel is ze 35 jaar.

Het eerste deel: (1976-1978) In het eerste deel woont Mona samen met haar vader, moeder en broertje. Haar moeder is heel streng en de relatie tussen haar ouders is niet goed. Haar broertje is het lievelingetje van haar moeder. Als haar ouders een avond weg zijn krijgen ze een auto-ongeluk waarbij haar moeder overlijdt. Mona is hier niet heel verdrietig over. Na een tijd krijgt haar vader een nieuwe vriendin, Marie. Ze moeten haar mama gaan noemen, maar dit vindt Mona lastig. Mona besluit om het Marie makkelijk te maken. Haar vader zegt dat Marie heel gevoelig is, en dat ze het haar niet te moeilijk moeten maken. Op Mona’s elfde verjaardag kondigen haar vader en Marie aan dat ze een kindje verwachten, Anne-Sophie. Een tijd later hoort Mona Marie praten over dat ze niet gelukkig is en dat ze van haar man en de kinderen af wil. Even later gaat Marie met Anne-Sophie naar haar ouders. Mona voelt zich hier verantwoordelijk voor een gaat naar het huis van de ouders van Marie. Ze vraagt Marie om terug te komen en drukt Maries sigaret uit op haar arm als straf voor haar zelf, omdat ze denkt dat het haar schuld is dat Marie weg is gegaan omdat ze haar niet goed heeft behandeld.

Het tweede deel: (1991) Mona is inmiddels 24 en werkt als dramaturg (theatercriticus) bij het toneelgezelschap van de beroemde regisseur Marcus. Haar 21-jarige broer Alexander heeft een elf jaar oudere vriendin, Charlie, die in verwachting is: hij stopt met zijn studie medicijnen om zich te wijden aan het gezinsleven. Zijn vader en Marie zijn daar niet blij mee.

Mona krijgt een relatie met schrijver Louis, maar is er niet zeker van of hij echt om haar geeft. Ze zien elkaar steeds minder omdat Louis zijn sociale leven belangrijker vindt. Mona is boos op zichzelf , omdat ze over zich heen laat lopen, maar blijft toch steeds naar hem teruggaan. Intussen laat ze zich meeslepen door haar baas Marcus, die haar probeert over te halen cocaïne te gebruiken en met hem te vrijen.

Het kindje van Alexander en Charlie wordt geboren: een jongetje, Marvin. Anne-Sophie heeft het moeilijk, maar praat nergens over.

Het derde deel: (2002) Mona's leven draait inmiddels bijna volledig om haar vader, die met darmkanker in het ziekenhuis ligt. Hij ondergaat zware behandelingen en het is onzeker of ze wel werken. Op zijn verzoek ontdekt Mona brieven van een andere vrouw in zijn werkkamer, waar haar vader een paar keer mee afspreekt.

Mona is nog steeds samen met Louis, met wie ze steeds vaker ruzie krijgt omdat hij zoveel werkt en haar zo weinig aandacht geeft. Ook is Marcus nog steeds verslaafd en daar lijdt Mona onder: hij is tijdens het werk niet te genieten en geeft haar geen credit voor wat ze doet.

Wanneer haar vader zieker wordt, licht Mona Anne-Sophie in, die al jarenlang door Amerika reist. Haar vader vertelt haar over de vrouw die hem de brieven schreef: ze heette Johanna en hij had een affaire met haar toen hij ongeveer vijf jaar met Marie getrouwd was. Hij maakte er een eind aan omdat hij vond dat hij bij Marie moest blijven. Zonder dat iemand ervan af weet, brengt Mona hem naar Johanna toe zodat ze elkaar nog eens kunnen zien.

Mona's vader vertelt haar dat haar moeder zo'n hard karakter had omdat ze door haar vader werd mishandeld en verwaarloosd. Agnes raakte ongepland zwanger van Mona en trouwde met Mona's vader omdat dat de enige optie was, niet omdat ze zo verliefd op hem was.

Mona regelt dat Johanna naar het ziekenhuis komt om haar vader te bezoeken wanneer het slechter met hem gaat. Marie betrapt hen en vertelt Mona dat ze al langer vermoedde dat hij een affaire had. Anne-Sophie komt, maar weigert te praten over wat er destijds voor heeft gezorgd dat ze vertrok. Marcus' productie is volgens Mona niet goed, maar hij negeert haar kritiek en krijgt veel negatieve reacties na de première. Hij ontslaat haar omdat ze volgens hem haar werk niet goed heeft gedaan.

Mona's vader vraagt haar om te regelen dat hij euthanasie mag plegen. Nadat hij het slaapmiddel heeft gekregen, is zij degene die 's nachts bij hem waakt. Tijdens die wake overlijdt hij en dan realiseert Mona zich dat ze al haar hele leven is en doet wat anderen van haar verwachten. Ze maakt het uit met Louis en besluit dat het eindelijk tijd is om zichzelf te zijn.

 

b. Beschrijf je hoofdperso(o)n(en). Ga hier in op het uiterlijk, het innerlijk, normen en waarden en de ontwikkeling die hij/zij doormaakt.

Mona

Mona is negen wanneer het verhaal begint: ze is dan al gewend aan een strenge moeder die haar regelmatig in de kelder opsluit. Sowieso heeft Mona meegekregen dat ze lief moet zijn, dat ze moet nadenken voordat ze iets zegt en dat ze moet doen wat van haar verwacht wordt. Ook na de dood van haar moeder blijft Mona dat vinden: zij moet voor haar broertje zorgen en ze mag vooral haar vader niet lastigvallen in zijn rouwproces. Bovendien moet ze het Marie, haar nieuwe mama, naar de zin maken en later, als ze eenmaal volwassen is, moet ze ook zorgen dat haar werkgever en haar vriend altijd blij met haar zullen zijn. Mona heeft in haar jeugd waarschijnlijk zo weinig liefde gehad dat ze ook te weinig eigenwaarde heeft opgebouwd: daardoor vindt ze dat ze moet doen wat van haar wordt verwacht zodat ze anderen gelukkig kan maken. Of ze zelf gelukkig is, dat maakt niet uit – want ze mag niet egoïstisch zijn. Daardoor is ze heel onzeker, al laat ze dat niet zien, en doet ze alles om anderen te plezieren, waarbij ze zichzelf enorm wegcijfert. Ze zegt meestal niet wat ze denkt en geeft alleen aan zichzelf toe dat ze ongelukkig is, maar vindt dat dat fout van haar is. Pas aan het eind, wanneer ze in de dertig is, besluit ze dat het tijd is om voor zichzelf te kiezen.

Mona's vader

De vader van Mona wordt op geen enkel punt in het verhaal met zijn naam genoemd, maar hij is wel heel belangrijk voor haar. Ze heeft eigenlijk altijd al meer van hem gehouden dan van haar moeder, maar haar vader heeft weinig tijd voor haar. Hij zegt dat hij het druk heeft met zijn werk, maar eigenlijk trekt hij zich terug en hij schenkt geen aandacht aan familieperikelen; de enige keren dat hij er voor Mona is, is dat uit schuldgevoel omdat hij vindt dat hij haar te weinig liefde geeft. Hij is eigenlijk vrij laf van karakter omdat hij door zijn zwijgzaamheid nooit verwikkeld raakt in conflicten en nooit een kant kiest, maar daardoor komt hij ook nooit op voor zichzelf of voor de mensen die belangrijk voor hem zijn. Ook hij doet slechts wat er van hem verwacht wordt en niet wat hij wil doen. Mona’s vader is geen knappe man.

Marie

Marie is de nieuwe echtgenote van Mona’s vader en op die manier ook een soort van nieuwe moeder voor Mona en Alexander. In het begin kan Mona wel goed met haar opschieten omdat ze erg aardig is, maar dan wordt Marie minder aardig omdat ze zich het leven als echtgenote en moeder anders had voorgesteld. Ze is een soort tutje, bang voor alles wat haar reputatie zou kunnen aantasten. Alles moet op haar manier en ze heeft bijna altijd medelijden met zichzelf omdat ze, vindt zijzelf, veel opoffert voor haar gezin maar er niet veel voor terugkrijgt. Ze doet wel haar uiterste best om liefde te geven en het op die manier ook weer terug te krijgen, maar vindt het moeilijk dat haar leven helemaal draait om haar gezin. Ze doet zich vaak beter voor dan ze is en kan erg verwaand en gemeen overkomen, maar eigenlijk is ze heel onzeker. Marie is een mooie vrouw en ze ziet er goed uit voor haar leeftijd. Ze is veel bezig met haar uiterlijk.

Louis

Louis is de vriend van Mona die ze ontmoet op haar werk: hij is een bekend schrijver met een heel druk sociaal leven en dat vormt ook meteen het grootste probleem in zijn relatie met Mona. Mona is er altijd voor hem en doet haar best het hem zoveel mogelijk naar de zin te maken, maar hij geeft haar maar weinig aandacht omdat hij zijn sociale leven en zijn werk belangrijker vindt. De manier waarop hij met Mona omgaat is eigenlijk alsof hij haar aanwezigheid als vanzelfsprekend beschouwt: hij doet geen moeite voor hun relatie. Hij heeft een hoge dunk van zichzelf en denkt dat hij belangrijk genoeg is om in alles zijn zin te krijgen en overal mee weg te komen. Louis is niet heel knap. Hij is een tengere man.

 

Alexander

Het broertje van Mona. Alexander geeft meer om Marie dan Mona. Mona vindt het vervelend dat ze Marie altijd haar zin moeten geven om haar tevreden te houden. Alexander wil Marie liever haar zin geven. Alexander stopt met zijn studie om te kiezen voor zijn gezinsleven. Zijn vriendin is een vrouw die veel ouder is en ze krijgen samen een kind. Alexander was het lievelingetje van Mona’s overleden moeder. Alexander heeft blond haar en ziet er goed uit.

 

c. Wat is het doel van de hoofdpersoon?

De hoofpersoon (Mona) wilde vooral gelukkig zijn en zichzelf en anderen leren begrijpen. Waar ze uiteindelijk naar toewerkt is beseffen dat ze niet gelukkig is en dat ze daar iets aan wil doen.

 

d. Beschrijf ook de belangrijkste bijpersonen. Wat is hun rol binnen het verhaal?

Mona’s vader zorgt er voor dat Mona altijd op haar moeder of Marie aangewezen is, omdat hij zich terugtrekt en geen aandacht heeft voor zijn gezin. Later, als hij op sterven ligt, komen er verhalen naar boven waardoor Mona hechter met hem wordt.

Alexander was het lievelingetje van haar moeder, en daarom was ze soms ook wel jaloers op haar broer. Alexander had zijn leven zo goed als op de rit, met vrouw en kind. Alexander wilde het Marie naar de zin maken, terwijl Mona dat inmiddels wel zat begon te worden.

Marie (en ook Mona’s overleden moeder) zorgen ervoor dat Mona altijd ‘lief’ en ‘flink’ was. Deze twee woorden worden daar vaak voor gebruikt in het boek. Mona moet altijd eerst anderen het naar de zin maken.

Louis is de vriend van Mona die eigenlijk alleen maar aan zichzelf denkt. Mona krijgt hier, na tien jaar, genoeg van. Mona leert langzamerhand dat ze voor zichzelf op moet komen en daarom verlaat ze Louis ook.

 

e. Zijn er ook omstandigheden binnen het verhaal die een tegenstander of helper zijn binnen dit verhaal? Leg uit.

Mona’s familie is een tegenstander. Ze verwachten veel van haar waardoor ze niet zichzelf kan zijn. Mona heeft het gevoel dat ze het iedereen naar de zin moet maken en dat zij het gezin draaiende moet houden en voor haar broertje moet zorgen.

Uiteindelijk zorgen alle gebeurtenissen (vooral in de laatste 2 delen) ervoor dat Mona stapje voor stapje dichter bij haar doel komt, zichzelf leren kennen en anderen leren begrijpen.

 

f. Beschrijf de setting van het verhaal in 10 zinnen.

Mona woont in een stad in België, waar precies wordt niet genoemd. Dat is ook niet echt belangrijk, want het boek gaat vooral over familierelaties en wat zich afpeelt achter gesloten deuren. Vooral het huis waarin Mona opgroeit is belangrijk. Daarnaast is ook het appartement waar ze later gaat wonen belangrijk. Het boek speelt zich af van 1976-78 (Dan is Mona 9-11 jaar oud), 1991 (Mona is dan 24) en 2002 (Mona is dan 35). Voor de rest speelt het zich nog af en toe af op verschillende plekken in de stad waar Mona woont, maar deze zijn niet belangrijk.

 

 

 

2. Hoe wordt verteld?

a. Beschrijf de verteltijd, de vertelde tijd en de historische tijd.

De verteltijd is dus in drie periodes. De eerste van twee jaar en de laatste twee allebei ongeveer een jaar. In totaal wordt er van Mona’s 9e tot haar 35e verteld, 24 jaar dus.

De verteltijd is 382 bladzijdes.

De historische tijd is in het eerste deel 1976-78. In het tweede deel 1991. In het derde deel 2002.

 

b. Als je verhaal niet-chronologisch is, wat is daarvan de functie volgens jou?

n.v.t.

 

c. Beschrijf minimaal 2 verhaalmotieven.

Moeizame liefdesrelaties

Liefde is een belangrijk onderdeel van het verhaal, maar geen enkele liefdesrelatie gaat echt van een leien dakje. De ouders van Mona moesten verplicht trouwen omdat haar moeder zwanger was, terwijl ze eigenlijk niet eens echt verliefd op elkaar waren en tijdens hun huwelijk nooit echt hecht zijn geweest. Mona's vader trouwde met Marie omdat hij graag een nieuwe moeder wilde voor zijn kinderen en een nieuwe partner die voor hem kon zorgen, maar ook van haar heeft hij nooit echt gehouden. Voor zowel Mona's vader als Marie is het bovendien altijd lastig geweest om echt liefdevol te zijn tegenover de kinderen omdat ze niet wisten hoe dat moest: daardoor is het voor Mona ook lastig geworden om zelf lief te hebben en gaat haar relatie met Louis zo slecht: hij maakt al net zo weinig tijd voor haar als haar ouders en vindt dat zij meer liefde voor hem moet tonen dan hij voor haar.

 

Identiteitsontwikkeling

In het geval van Mona draait het hele boek ook om haar zoektocht naar zichzelf, om haar pogingen om een eigen identiteit te ontwikkelen die niets te maken heeft met haar familie en wat die van haar verwacht. Tijdens haar jeugd lukt haar dat niet: ze is dan teveel bezig met het andere mensen naar de zin maken om oog te hebben voor haar eigen behoeften, en als volwassene kiest ze een pad waar ze hetzelfde kan doen: het mensen naar de zin proberen te maken. Ze blijft gedurende het hele verhaal worstelen met wie ze eigenlijk is en wie ze wil zijn, en pas helemaal op het eind realiseert ze zich dat ze daar alleen achter moet zien te komen, los van de mensen die ze altijd wil plezieren.

 

 

d. Beschrijf minimaal 2 leidmotieven.

Er zijn geen leidmotieven. Dit boek gaat over relaties en er worden geen concrete voorwerpen herhaald.

e. Wat is de vertelinstantie van het verhaal? Leg uit aan de hand van een voorbeeldfragment.

Personale vertelinstantie.

“ ‘Ja ja,’ zegt ze, ‘ik moet alleen nog heel even slapen, ik ben doodop van al het gedoe met de baby.’ ‘Slaap maar, ja,’ zeg ik, ‘ik ben er nu. Ik let wel op haar.’ ‘Ja,’ zegt ze en ze draait zich weer om en loopt de trap op. Ik vraag mij ook af wat het is met Marie.

 

f. Wat is het effect van deze vertelinstantie?

Het zorgt ervoor dat je je goed kunt inleven in de hoofdpersoon omdat je alles vanuit haar perspectief ziet. Het laat je, in het eerste deel, ook het perspectief van een kind zien, wat voor grappige maar ook ontroerende momenten kan zorgen. Dit maakt het boek interessanter.

 

g. Als je verhaal een motto bevat: breng deze in verband met je verhaal.

Misschien zijn alle draken in onze levens eigenlijk prinsessen die alleen maar zitten te wachten op het moment waarop we eindelijk, mooi en moedig, in actie schieten. Misschien is datgene waar we bang voor zijn in zijn blootste essentie iets hulpeloos wat onze liefde zoekt.

rainer maria rilke

we vergeten dat we uit net genoeg water bestaan om een vloedgolf te vormen

dennis gaens

Deze twee motto’s gaan allebei over de hoofdpersoon in het boek, Mona, die heel onzeker is en slechter over zichzelf denkt dan ze is. Ze is erg bang dat de mensen om wie zij geeft, bijvoorbeeld haar vader, niet van haar zullen houden en wil hen daarom graag gelukkig maken, en ze is bang voor degenen die niet altijd lief tegen haar zijn omdat ze ook hen niet wil kwijtraken. Dat zijn de draken in haar leven: haar vader, Marie en Louis. Uiteindelijk zijn dit juist de mensen die heel kwetsbaar en zwak zijn en die alleen maar verlangen naar liefde. Het tweede motto gaat erover dat Mona vindt dat ze helemaal niet sterk is, tot ze beseft dat ze dat wel kan – en moet – zijn als ze gelukkig wil worden.

 

h. Wat is volgens jou het (belangrijkste) thema van dit verhaal?

Familiebanden/ Familiebetrekkingen

Kom hier dat ik u kus gaat vooral over familie. Mona is dan wel de hoofdpersoon, maar niets wat er in het verhaal gebeurt staat los van de familierelaties die zij heeft met haar ouders, stiefmoeder, broer en zus. Het gaat vooral over hoe verschillend de leden van één familie kunnen zijn en over hoe de dingen die met één iemand gebeuren, invloed kunnen hebben op alle anderen. De dood van Mona’s moeder zorgt er namelijk voor dat haar familie uit elkaar valt: Mona’s vader bemoeit zich nergens meer mee en zij moet alles maar draaiende houden, terwijl Marie er zo’n beetje bij komt. Het gaat ook over familieleden die niets met elkaar gemeen hebben, die allemaal verwachtingen van elkaar en van zichzelf hebben maar die geen echt gesprek met elkaar kunnen voeren. Ze blijven eigenlijk een soort spelletje spelen, de schijn ophouden: Mona doet als volwassene wel alsof ze van Marie houdt, maar eigenlijk voelt ze niets voor haar. Haar vader wil heel graag veel om Anne-Sophie geven, maar eigenlijk weet hij niets van haar. Tegelijkertijd is het ook zo dat dit boek gaat over hoe de verschillende leden van een familie zich aan elkaar vast proberen te klampen, ook al kunnen ze niks met elkaar: Mona wil wanhopig graag haar familieleden gelukkig en gezond houden, omdat ze anders zelf ook niet gelukkig en gezond is. Marie weet niet wat ze moet zonder haar gezin en Anne-Sophie weet niet wie ze is als ze bij haar familie is, maar ook niet wie ze moet zijn als ze niet bij hen is. Ze kunnen eigenlijk gewoon niet met en niet zonder elkaar.

 

Voeg toe:

- Samenvatting (via biebsearch)

http://uittrekselbank.nbdbiblion.nl/uittrekselbank/abonnee/detail?tek_id=469891

Voor deze bespreking is gebruikgemaakt van: Griet Op de Beeck, Kom hier dat ik u kus. Prometheus, Amsterdam, 2014.

Deel een, 1976-1978 (p. 9-136)

De ik-figuur, het negenjarige meisje Mona, is door haar strenge moeder voor straf opgesloten in de kelder. Als ze daar weer uitkomt, doet haar vader Vincent alsof zijn neus bloedt. Mona zet altijd heel ijverig haar beste beentje voor, om te laten zien dat ze een braaf meisje is dat al die straf niet verdient.

Dan vindt er een auto-ongeluk plaats waarbij haar moeder om het leven komt. Na een paar weken gaan Mona en haar jongere broer Alexander, die wel in de smaak viel bij hun moeder, weer naar school. De juf vertelt over het ongeluk als blijkt dat Mona dat zelf niet kan. Als Mona thuis klaagt dat oma en een tante de kleren van haar moeder aan het verdelen zijn, heeft haar vader geen tijd voor haar. Hij is altijd druk met zijn tandartspraktijk.

Met kerst noemt Nonkel Tuur, een broer van haar vader, tot schrik van de familie mama's naam, Agnes. Sinds haar dood heeft haar vader het niet meer over haar gehad.

Mona reageert gereserveerd als haar vader zijn nieuwe vriendin Marie mee naar huis neemt. Niet veel later kondigen Marie en Vincent hun huwelijk al aan. Alexander heeft er geen moeite mee dat Marie bij hen komt wonen en dat ze haar mama moeten noemen, Mona wel.

Vincent en Marie maken ruzie, Marie heeft het over een 'desillusie' (p. 71) en ze voelt zich door Mona niet altijd geaccepteerd, terwijl die wel haar best doet aardig te zijn voor haar stiefmoeder.

Op Mona's elfde verjaardag vertelt Vincent dat Marie zwanger is. Mona is bang dat Marie en ook Vincent meer van het andere kind gaan houden dan van haar. Ze moet een kamer delen met Alexander, omdat de baby een eigen kamer krijgt.

Met het huwelijk van Vincent en Marie gaat het nog niet veel beter. 'De papa hè, die maakt mij kapot. Gewoon kapot' (p. 101), huilt Marie.

Mona krijgt een zusje, Anne-Sophie. Mona is er nog altijd op uit te laten zien dat ze wel deugt. Als ze Anne-Sophie verschoont, laat ze de baby vallen en staat ze doodsangsten uit dat haar iets ergs is overkomen.

Mona luistert een gesprek tussen Marie en haar moeder af. Marie zegt het kanaal in te willen rijden. Als Marie alleen is, neemt ze Mona tegen haar zin bij haar in bed.

Mona moet voor straf haar opstel over haar lievelingseten overdoen omdat haar favoriete eten niet bestaat. Vincent belooft op school verhaal te gaan halen, maar die belofte komt hij niet na. Mona durft hem er niet op aan te spreken, maar hij maakt het goed door 's avonds met haar patat te gaan halen. Mona voelt zich even gelukkig als ze aandacht van haar vader krijgt.

Vincent zit triest thuis als Marie een paar dagen bij haar ouders logeert. Mona probeert Marie over te halen om terug te komen. Ten einde raad drukt Mona een sigaret uit op haar arm. 'Ziet ge? Nu heb ik mijn straf gekregen, komen jullie nu alstublieft naar huis?' (p. 135).

Deel twee, 1991 (p. 137-226)

Mona is 24. In een café heeft ze een sollicitatiegesprek met regisseur Marcus Meereman, van wie ze nogal onder de indruk is. Hij wil haar als dramaturg, maar ze vraagt zich af wat hij in haar ziet.

Wanneer Alexander thuis zijn nieuwe vriendin Charlie voor komt stellen, reageren Vincent en Marie geschokt als hij vertelt dat ze een kind verwachten en dat hij is gestopt met zijn studie geneeskunde.

Mona ontbijt in een café met de bekende schrijver Louis, die ze op een feest heeft ontmoet. Ze is weer erg onzeker over zichzelf, maar na een repetitie, die goed gaat, voelt ze zich beter. 'Vandaag vind ik het leven leuk' (p. 160).

Nadat ze met Louis heeft gezoend, vertelt Mona aan Marie over hem, maar ze weet niet zeker of ze wat met Louis heeft. Later heeft ze seks met hem. Ze vindt er niet zoveel aan, toch begint ze een relatie met hem.

Anne-Sophie komt zomaar langs, ze heeft een probleem. Mona brengt haar terug naar huis. Charlie dringt erop aan over de situatie thuis te spreken, Alexander noemt zijn vader een egoïst.

Mona wordt nogal zenuwachtig als Marcus zomaar langskomt, coke snuift en haar meesleurt naar een dancing, waar hij geil tegen haar doet.

Als Marie en Anne-Sophie in de tuin naar hun nieuwe vogelhuisje zitten te kijken merkt Marie op dat Anne-Sophie helemaal geen vrienden heeft. ‘Sorry dat ik besta’, zegt Anne-Sophie en rent weg. Vincent ziet het slechts als puberaal gedrag.

Louis gedraagt zich hufterig door niet te komen opdagen in het café waar hij met Mona heeft afgesproken.

Deel drie, 2002 (p. 227-382)

Mona, ongeveer 35 jaar nu, is op bezoek bij Vincent, die in het ziekenhuis ligt. Ze gaat tegen haar zin akkoord met het voornemen van Marie en Alexander om hem in het ongewisse te laten over zijn darmkanker en zijn levensverwachting. Ze maakt ruzie met Louis als die niet mee wil naar haar vader.

Vincent wil niet meer eten. Hij vraagt Mona een map uit zijn praktijkruimte te halen die Marie niet mag zien. In de geheime map blijken liefdesbrieven aan haar vader te zitten.

Mona moet van Marcus een toneelstuk herschrijven. Zij wil een ander stuk, maar Marcus voelt daar niets voor. Hij zet haar onder druk. Toch vindt Mona het lief van hem dat hij vervolgens naar haar vader vraagt.

Mona betrapt Louis als hij naar porno kijkt. Hun seksleven is niet meer wat het geweest is. Tijdens het eten vraagt hij naar Anne-Sophie, die al meer dan vier jaar op reis is door Afrika en Zuid-Amerika. Ze is vertrokken na een ruzie met haar moeder.

Marcus maakt stampij op het vliegveld over vloeistoffen die hij moet inleveren. Daardoor missen ze hun vlucht naar Berlijn, waar ze zouden overleggen met Hans, de schrijver van het problematische toneelstuk. Mona vraagt zich af wat haar bindt aan deze topregisseur, die zich gedraagt als een klein kind.

Vincent vertelt Mona over Johanna, de vrouw van de brieven. Ze hadden een prachtige affaire, maar hij durfde niet voor haar te kiezen.

Marie klaagt dat ze ook dood wil als Vincent overlijdt. Dan hebben haar stiefkinderen geen last meer van haar. Ze stemt met moeite toe als Mona haar vraagt haar vader ook alleen te mogen bezoeken.

Mona rijdt haar vader naar een ontmoeting met Johanna. Na afloop is hij erg geëmotioneerd. Hij heeft spijt dat hij Johanna heeft laten lopen.

Zonder dat hij iets tegen Mona heeft gezegd, komt Marcus met een bewerking van het slechte toneelstuk door zijn vriendin Elise. In de kroeg zegt acteur Nathan tegen Mona dat de bewerking het stuk ook niet echt beter maakt.

Vincent vertelt Mona dat haar moeder zo hard was omdat háár vader zo'n tiran was. Hij moest met haar moeder trouwen toen bleek dat ze zwanger was. 'Dus het was om mij dat mijn vader zijn lot heeft verbonden aan die vrouw', concludeert Mona (p. 312).

Als Johanna op bezoek gaat bij Vincent komt Marie ook opeens langs. Mona maakt haar wijs dat Johanna een oude vriendin van haar moeder is. Later zegt Marie dat ze wel door had dat er niet zomaar iemand op bezoek was.

De bom barst als Marcus tijdens een repetitie Nathan afbrandt. Als Mona het voor hem opneemt, vraagt Marcus haar of ze soms ook weg wil. Ze heeft volgens hem toch geen kaas gegeten van toneel.

Anne-Sophie is terug en gaat bij haar vader langs. Als Marie aan haar dochter vraagt wat haar overkomen is, antwoordt ze: 'Gij. Gij zijt mij overkomen' (p. 336).

Na de première van het stuk dat Mona moest bewerken, komt ze Marcus tegen. Hij zegt dat hij haar gaat ontslaan.

Het gaat slecht met Vincent. De band met haar vader wordt sterker, beseft Mona als hij weer wakker wordt. Louis probeert de moed erin te houden, maar dat valt verkeerd bij Mona. 'Die behoefte van u om nu en dan uw tomeloze afwezigheid te compenseren met pedante toespraakjes, ik kan daar niet meer tegen' (p. 351).

Vincent wil passieve euthanasie als hij doorheeft dat het afgelopen is met hem.

Marie gaat na enig tegenstribbelen akkoord. Mona heeft in haar familie zelden 'zo veel verenigde onbeholpenheid gezien, zo veel opgetelde soorten van onvermogen' (p. 358).

Mona werpt zich op om als eerste te waken aan zijn sterfbed. Na zijn dood wil Anne-Sophie niet dat Marie haar omhelst. Ze vertrekt weer naar het buitenland. Mona weigert met Marie mee te gaan omdat ze eindelijk inziet dat ze voor zichzelf moet kiezen. Dus breekt ze met Louis. Ze wil liefde, net zoals Vincent die zocht bij Johanna. Ook bij Louis heeft ze zich te lang ondergeschikt gemaakt. 'Ik wil eindelijk worden wie ik ben, niet wie ik altijd dacht dat anderen wilden dat ik was' (p. 381).

 

 

 

 

 

Recensies

1.

Moeder Marie houdt het gezin strak aan de leiband

Thomas de Veen

26 september 2014

‘Ik moet leren nadenken voor ik iets doe, zegt mama, en dat klopt wel.’ Dat is de toon van de elfjarige Mona in het eerste deel van Kom hier dat ik u kus. Het maakt de tweede roman van de Vlaamse Griet Op de Beeck (1973) een logisch vervolg op haar succesvolle debuut Vele hemels boven de zevende, dat volgens deze krant ook al ‘pseudokinderlijke aforismen’ bevatte. Effectief is het zinnetje wel: een mix van kinderlijke onnozelheid en moederlijke indoctrinatie. Op de Beeck laat scherp zien waar we aan toe zijn: Mona zucht onder het juk van haar strenge moeder, zonder het zelf te merken.

Die effectiviteit is ook een zwakte in de Vlaamse familieroman Kom hier dat ik u kus, want naïviteit wordt ergerlijk, als de bedoeling ervan al duidelijk is. Niet dat er verder geen ontwikkeling in het verhaal zit: Mona’s moeder komt om bij een auto-ongeluk, waarna vader een nieuwe vriendin neemt. Mona en haar broertje moeten Marie meteen mama noemen. Ze houdt het gezin aan haar leiband.

Dat laat zijn sporen na, die in het tweede deel – als Mona vierentwintig is – nog doorwerken. ‘Het is in het beklemtonen dat iets níet erg is’, noteert ze dan, zelfbewust, maar onmachtig om het te veranderen, ‘dat we vaak de heftigheid van de ware emotie verraden, ook al geloven we het schimmige zelfbedrog terwijl we aan het formuleren zijn.’ In het derde deel, als Mona (dan vijfendertig) een relatie in stand houdt die het ook niet helemaal is, formuleert ze dat nog scherper: ‘We saboteren onszelf zonder het te beseffen, omdat we nadoen wat ons ooit is voorgedaan, en dan denken we dat het zo móet gaan.’ Maar dan komt, als haar vader ernstig ziek in het ziekenhuis ligt, alsnog de loutering.

Dit is de roman in een notendop: er staan rake formuleringen in, maar de is erg opzichtig geconstrueerd. Het leven van Mona kent sterke scènes (een kerstdiner, pijnlijk treurige seks), maar je ziet ook erg de structuur door het verhaal heen. Op cruciale momenten blijven de personages in uitgedachte volzinnen spreken.

Dat maakt de roman minder sterk dan hij had kunnen zijn – Op de Beeck heeft zeker talent voor personages. Tekenend is dat de gehate Marie tegen het einde ontroerend intrigerend wordt. Tegen een loslopend hondje zegt ze: ‘Hé jongen, waar is uw baasje, moet gij niet aan een leiband?’ Zo kun je steeds minder volhouden dat zij schuld heeft aan Mona’s levensongeluk – misschien kón ze domweg niet anders. Dat besef slaat ook weer terug op Mona zelf. Zo krijgt Kom hier dat ik u kus toch nog een mooi ambigu, literair einde.

https://www.nrc.nl/nieuws/2014/09/26/moeder-marie-houdt-het-gezin-strak-aan-de-leiband-1422392-a787539

2.

Recensie: Kom hier dat ik u kus, Griet Op de Beeck

 

Door haar debuut Vele hemels boven de zevende werd Griet Op de Beeck algemeen gezien als Vlaams talent. Dat moet je dan vervolgens in een tweede boek nog maar zien waar te maken. Met Kom hier dat ik u kus toont ze dat ze meer is dan zomaar een talent. Het boek werd door het boekenpanel van De Wereld Draait Door uitgeroepen tot boek van de maand en ze krijgt daardoor in een keer een groter lezerspubliek. De roman is dan ook een toonbeeld van de veelzijdigheid van de auteur: een verrassend en meeslepend begin, waarna wat gas wordt teruggenomen, om uiteindelijk uit te monden in een overtuigend slotstuk.

Koop dit boek: Paperback

Kom hier dat ik u kus is opgedeeld in drie delen. In het eerste deel maken we kennis met de hoofdpersoon Mona, als ze rond de 9 jaar is. Het tweede deel richt zich vervolgens op Mona als twintiger en het laatste deel op Mona als dertiger.

De jeugd van Mona was verre van makkelijk, met een afwezige vader en een veeleisende stiefmoeder. De vader brengt de meeste tijd door in zijn tandartspraktijk en laat de zorg voor de twee kinderen over aan zijn vrouw Marie. Als Marie dan vervolgens ook nog zwanger wordt en dochter Anne-Sophie het levenslicht ziet, legt dat een druk op het gezin die langzaam te groot wordt. En alles wat onder te grote druk komt te staan ontploft op een gegeven moment, zo weten we uit de natuurkunde.

In haar latere leven zit Mona met de naweeën van haar jeugd. Ze werkt als dramaturg, stort zich in het artistieke wereldje en krijgt een relatie met een bekende schrijver, Louis. Ze grijpt zich aan hem vast als aan een soort reddingsboei – en verliest daardoor haar eigen geluk uit het oog. De relatie tussen haar en haar vader en stiefmoeder is fragiel in die jaren, ze is zoekende naar haar plek in het leven, naar vastheid en zekerheid. Haar broertje en zusje zetten zich eveneens af tegen het verstikkende milieu dat vader en stiefmoeder in stand hielden. Nog eens tien jaar later zorgt een ernstige ziekte van haar vader ervoor dat ze als gezin weer op elkaar aangewezen raken, met alle gevolgen van dien.

In Kom hier dat ik u kus volgen we een gezin dat tot elkaar veroordeeld is, door omstandigheden. Ze hebben er in wezen niet voor gekozen om met elkaar samen te leven, maar lijken door het lot samengebracht. De karakters van vader, stiefmoeder en de kinderen botsen nogal eens en niemand heeft de oplossing om dichter tot elkaar te komen.

Griet Op de Beeck beschrijft in herkenbare situaties hoe de omgang in een op het oog normaal gezin verstoord kan zijn, en dat zit hem soms in kleine dingen. Een stiefmoeder die altijd verzucht dat alles op haar schouders terechtkomt, altijd in de slachtofferrol zit. Een vader die wegvlucht. Kinderen die moeite hebben serieuze relaties te onderhouden of een doel in het leven na te streven, die niet voor zichzelf durven kiezen. En dat alles in een typisch Vlaams taaltje, met veel ge’s en gij’s.

Vooral in het eerste deel maakt de auteur indruk, wanneer ze in de huid van een meisje van 9, 10 kruipt en haar gedachten en woorden beklemmend en intiem op de lezer overbrengt. In het vrij korte middenstuk van de roman zakt het geheel een beetje in, maar in het derde deel herpakt Op de Beeck zich weer om invoelend en met gevoel voor timing naar het einde toe te werken. De personages zijn mooi uitgewerkt: Alexander, die meer op de hand van de stiefmoeder lijkt te zijn, Anne-Sophie die zowel de moeder als de vader beter kwijt dan rijk is, en vooral ook Mona, pragmatisch, geen partij durven te kiezen, maar daaraan ook bijna ten onder gaand. Een mooie roman over de zoektocht naar identiteit en het lef om eigen keuzes te durven maken.

http://mustreads.nl/recensie-kom-hier-dat-ik-u-kus-griet-op-de-beeck/

 

3. Over de schrijver en zijn achtergrond

a. Zoek informatie over de schrijver. Voeg deze toe aan je verslag.

Griet Op de Beeck is schrijver.

Ze debuteerde op 31 januari 2013 met Vele hemels boven de zevende, een roman over vijf mensen, met mekaar verwant, die stuntelend overeind proberen te blijven in dit lastige en prachtige leven. Het boek werd uitstekend onthaald, met onder meer een vijf sterrenrecensie in De Volkskrant, lyrische reacties van mensen als Peter Verhelst, Jan Leyers en Tom Lanoye en nominaties voor De AKO literatuurprijs, de Academia literatuurprijs en De Bronzen Uil. Het boek won de Bronzen Uil Publieksprijs. Jan Matthys maakt er ook een film van, waarvoor Griet Op de Beeck zelf het scenario schrijft, Caviar produceert. Drie jaar later is de roman aan zijn 39ste druk toe, goed voor bijna 150.000 verkochte exemplaren.

Kom hier dat ik u kus verscheen eind september 2014, een roman over beschadigde mensen, en hoe zij ongewild ook andere beschadigen, in de eerste plaats hun eigen kinderen. Je volgt Mona als kind, als vierentwintigjarige en als vijfendertigjarige. Ook dit boek kreeg veel bijval. Het werd door het boekenpanel van De Wereld Draait Door verkozen tot boek van de maand, belandde op de shortlist van NS publieksprijs en won de Hebban Award voor literatuur. Een goed jaar later zijn er meer dan 220.000 verkocht, goed voor 24 drukken. Dit boek wordt verfilmd door Niels Van Koevorden en Sabine Lubbe Bakker, het Nederlandse Bastide Films produceert.

In 2016 verschijnt op 19 februari de derde titel: Gij Nu, geen roman, maar ook geen lukraak bij mekaar geschreven verhalen, het is toch een boek dat je bij het begin moet beginnen lezen om te eindigen bij het eind, over vijftien mensen op een kantelpunt in hun leven. En hoe verschillend ook de personages en hun context, allemaal moeten ze een vergelijkbare keuze maken. In datzelfde jaar schrijft Griet Op de Beeck ook een toneeltekst voor Alexandra Broeder (Het Nationale Toneel in Amsterdam) en voor een project rond Die Sieben Tödsünden, een opera van Weill en Brecht voor het Delft Chamber Music Festival. Daarnaast werkt ze aan haar vierde boek.

Het heeft Griet Op de Beeck tijd gekost om de moed te verzamelen om te durven debuteren. Voor ze voltijds schrijver werd koos ze twee verschillende vluchtwegen. Ze was eerst een aantal jaren dramaturg in het theater (voor gezelschappen als Compagnie De Koe en Het Toneelhuis), en nadien maakte ze grote interviews, een aantal jaren voor HUMO, later voor De Morgen. Nu ze eindelijk is geworden wie ze eigenlijk altijd al was, wil ze nooit meer iets anders doen dan fictie schrijven.

b. Zoek uit wat de literatuuropvatting van de schrijver is. Citeer enkele zinnen waaruit dit duidelijk blijkt. Kun je dit terugzien in je gelezen werk? Hoe dan?

"De grondlaag is natuurlijk van mij. Alle kwesties waarvan ik wakker lig, de morele dilemma's, de essentiële vraagstukken, het soort menselijke relaties die maar niet willen lukken, en alle variaties op dat thema. Dat zijn de dingen die me woest maken, week en wankel, en waar ik dus over schrijf. Maar het verhaal is voor honderd procent verzonnen."

Ze vind het dus belangrijk dat je eigen ervaringen in boeker verwerkt, maar haar verhalen zijn verder niet autobiografisch. Ze schrijft over dingen waar ze wakker van ligt en die ze belangrijk vind. Dit zie je wel terug in het boek. Er komen veel psychologische kwesties aan de orde in ‘Kom hier dat ik u kus’, dit zijn dus de dingen die Griet op de Beeck bezighouden.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.