Karakter door Ferdinand Bordewijk

Beoordeling 7.5
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • 4e klas havo | 1989 woorden
  • 12 maart 2016
  • 2 keer beoordeeld
  • Cijfer 7.5
  • 2 keer beoordeeld

Boek
Auteur
Genre
Taal
Nederlands
Vak
Methode
Eerste uitgave
1938
Pagina's
248
Geschikt voor
bovenbouw havo/vwo
Punten
3 uit 5
Oorspronkelijke taal
Nederlands
Literaire thema's
Verfilmd als

Boekcover Karakter
Shadow

Katadreuffe is bezeten van het verlangen advocaat te worden. Als zoon van een arme ongehuwde moeder in het vooroorlogse Rotterdam zet hij alles op alles om zijn doel te bereiken. De machtige deurwaarder Dreverhaven, zijn vader, werkt hem in alle opzichten tegen. Waarom? Twee onbuigzame karakters in een strijd die tot het uiterste lijkt te gaan - zelfde de liefde wordt…

Katadreuffe is bezeten van het verlangen advocaat te worden. Als zoon van een arme ongehuwde moeder in het vooroorlogse Rotterdam zet hij alles op alles om zijn doel te bereiken. D…

Katadreuffe is bezeten van het verlangen advocaat te worden. Als zoon van een arme ongehuwde moeder in het vooroorlogse Rotterdam zet hij alles op alles om zijn doel te bereiken. De machtige deurwaarder Dreverhaven, zijn vader, werkt hem in alle opzichten tegen. Waarom? Twee onbuigzame karakters in een strijd die tot het uiterste lijkt te gaan - zelfde de liefde wordt eraan opgeofferd. 

Karakter geldt als het meestwerk van de advocaat/schrijver F. Bordewijk (1884-1965). Het boek heeft ruim vijfenzestig jaar na verschijnen nog steeds iets aan kracht en leesbaarheid ingeboet.

Karakter door Ferdinand Bordewijk
Shadow



Inhoudsopgave




                                                                     Pagina 1



Schrijver



Titel



Uitgeverij



Jaar van uitgave



                                                                     Pagina 2



Inhoudsopgave



Pagina 3



Samenvatting



Pagina 4



Hoofdpersonen



Gegevens over de auteur



Pagina 5



Gegevens over de auteur



Pagina 6



Setting



Verhaallijn



Thema



Vertelinstantie



Titelverklaring



Pagina 7



Literatuurgeschiedenis



Motto



Eindoordeel



Pagina 8



Eindoordeel







Samenvatting



Jacob Willem Katadreuffe was geboren met voor hem eigenlijk alleen een moeder. Hij groeide op in een arm gezin. Katadreuffe had alleen de basisschool gedaan. Hij kwam er later achter dat zijn vader de gevreesde deurwaarde Arend Barend Dreverhaven was.



Toen Katadreuffe volwassen was had hij allerlei baantjes. In zijn vrije tijd studeerde hij. Uiteindelijk besloot hij dat hij bij zijn moeder uit huis wilde. Hij en zijn moeder hadden een botsend karakter. Hij kocht een sigarenzaak in Den Haag met een lening bij de bank. Later zal blijken dat deze bank van zijn vader was.



Zijn sigarenzaak was een mislukking. Hij werd failliet verklaard, maar hij had gebrek aan baatte. Hij moest weer bij zijn moeder gaan wonen. Nu woonde daar ook een vriend welke hij als een broer beschouwd: Jan Maan. Hij vond later een advocatenkantoor waar hij solliciteerde. Hij werd aangenomen als typist.



Katadreuffe droomde ervan hogerop te komen, dus hij ging steeds meer studeren. Na een periode werd zijn faillissement opnieuw aangevraagd. Katadreuffe kwam er achter dat de eigenaar van de bank zijn vader was. Hij werd woest op hem, waarna zijn vader Katadreuffe een mes aanbood, maar Katadreuffe was verstandig.



Met termijnen werd zijn lening afbetaald. Toen de afbetaling compleet was, leende Katadreuffe opnieuw geld bij zijn vader, om hem uit te dagen. Hiervoor had hij als reden dat zijn vader hem al zijn hele leven tegenwerkte. Zijn vader beweert dat te doen om hem te helpen met groot worden. Hij kreeg voor een lange periode niet meer met zijn vader te maken.



Katadreuffe kwam steeds hoger op bij het advocatenkantoor. Hij gebruikte het geleende geld om bijlessen te krijgen. Studeren ging hierdoor goed. Hij kon de staatsexamens wiskunde, Frans, Duits, Nederlands en geschiedenis gaan doen. Hij slaagde hierin en zijn collega’s hadden een feest voor hem georganiseerd. Zijn collega juffrouw te George ging weg. Ze bleek volgens de vrouw van de hoogste baas verliefd op Katadreuffe te zijn. Tijdens dit feest vermeldde hij dat hij hierna direct zou beginnen aan een studie rechten.



Dreverhaven probeerde zijn zoon weer failliet te verklaren. Zonder het te weten had Katadreuffe meerdere schuldeisers. De tweede schuld was aan zijn baas. Deze had zijn boeken opgekocht zodat Katadreuffe ze niet zou kwijtraken. De schuld werd met tegenzin van Katadreuffe betaald door zijn andere baas.



Katadreuffe had het staatsexamen rechten zonder moeite gehaald en hij was hiermee advocaat geworden bij hetzelfde advocatenkantoor als hij tot nu toe werkte. Hij had hiermee zijn vader uit het spel gewerkt, maar Katadreuffe wilde blijven leren tot hij zijn nieuwe doel zou hebben bereikt: een heer worden.









Hoofdpersonen



Jacob Willem Katadreuffe



Jacob Willem Katadreuffe is de zoon van Arend Barend Dreverhaven en Jacoba Katadreuffe. Zijn droom is om advocaat te worden. Hij is de ik-persoon uit dit verhaal. Hij heeft geen sociaal karakter en focust zich in het geheel op zijn studie. Hij heeft donkerbruine ogen.



Arend Barend Dreverhaven



Arend Barend Dreverhaven is de vader van Jacob Willem Katadreuffe. Hij is deurwaarder en werkt zijn zoon voortdurend tegen. Hij heeft een stroef karakter. Zijn leven gaat grotendeels om geld. Hierdoor is hij totaal niet sociaal. Hij heeft bijna altijd een hoed op en een sigaar in zijn mond.







Gegevens over de auteur



Ferdinand Borderwijk was geboren onder de naam Ferdinand Johan Wilhelm Christiaan Karel Emil Bordewijk op 10 oktober 1884 in Amsterdam. Hij heeft zijn naam op 13 maart 1919 laten veranderen naar Ferdinand Bordewijk.



Bordewijk studeerde rechten aan de Rijksuniversiteit te Leiden tot doctor in de rechtswetenschap. Hij was in 1918 kort docent handelsrecht bij de Handelsschool in Den Haag, waarna hij advocaat werd in Schiedam. Hij bleef echter wel in Den Haag wonen.



Tijdens de tweede wereldoorlog zat de familie Bordewijk in het kunstenaarsverzet. In 1944 publiceerde hij een verhaal bij een illegale uitgeverij (De Bezige Bij) onder het pseudoniem Emilie Mandeau genaamd Verbrande erven. In 1945 werd het huis van de familie Borderwijk verwoest door het bombardement op het Bezuidenhout. Hij bleef zelf ongedeerd, maar zijn eigen bibliotheek ging verloren.



Ferdinand Borderwijk stierf op 80 jarige leeftijd aan longontsteking op 28 april 1965.





Bibliografie
















































































































































































































































































Naam



Jaar van uitgave



Prijs



Paddestoelen (onder het pseudoniem Ton Ven)



1916



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Een koning van de frase



1918



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Fantastische vertellingen, verhalen



1919



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Fantastische vertellingen, tweede bundel



1923



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Fantastische vertellingen, derde bundel



1924



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Blokken



1931



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Knorrende beesten



1933



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Bint



1934



Constantijn Huygens-prijs (1957)



De laatste eer, grafreden



1935



Constantijn Huygens-prijs (1957)



't Ongure Huissens



1935



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Rood paleis



1936



Constantijn Huygens-prijs (1957)



IJzeren agaven



1936



Constantijn Huygens-prijs (1957)



De wingerdrank



1937



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Huis te Huur



1938



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Karakter



1938



Constantijn Huygens-prijs (1957)



De Korenharp



1940



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Drie toneelstukken



1940



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Apollyon



1941



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Verbrande erven (als Emile Mandeau)



1944



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Eiken van Dodona



1946



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Veuve Vesuvius



1946



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Bij gaslicht



1947



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Vijf fantastische vertellingen



1947



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Noorderlicht



1948



Prijs voor kunsten en wetenschappen (1949), Constantijn Huygens-prijs (1957)



Plato’s dood



1948



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Rotonde



1948



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Blokken; Knorrende beesten; Bint (boekenbundel)



1949



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Het eiberschild



1949



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Nachtelijk paardengetrappel



1949



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Zwanenpolder



1949



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Vertellingen van generzijds



1950



Constantijn Huygens-prijs (1957)



De Korenharp



1951



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Studiën in volksstructuur



1951



P.C. Hooft-prijs (1953), Constantijn Huygens-prijs (1957)



De doopvont



1952



P.C. Hooft-prijs (1953), Constantijn Huygens-prijs (1957)



Haagse mijmeringen



1954



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Mevrouw en meneer Richebois



1954



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Arenlezing uit De korenharp



1955



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Bloesemtak



1955



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Onderweg naar Beacons



1955



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Geachte confrère



1956



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Halte Noordstad (toneelstuk)



1956



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Tien verhalen



1956



Constantijn Huygens-prijs (1957)



Tien parodieën



1957



Constantijn Huygens-prijs (1957)



De aktentas



1958





De zigeuners



1959





Centrum van stilte



1960





Tijding van ver



1961





Paddestoelen (herschreven onder het pseudoniem Ton Ven)



1961





Wandelingen door Den Haag en omstreken (onder het pseudoniem Ton Ven)



1962





Lente



1964





Jade, jaspis en de jitterbug (onder het pseudoniem Ton Ven)



1964





De Golbertons



1965








Setting



Tijd



Het verhaal speelt zich af in het begin van de 20ste eeuw. Het verhaal speelt zich in chronologische volgorde af.





Ruimte



Het verhaal speelt zich voor het grootste deel af in Rotterdam, maar ook voor een kleine periode in Den Haag.



De belangrijkste locaties zijn:




  • Het advocatenkantoor van de heer stroomkoning in Rotterdam

  • Het kantoor van Arend Barend Dreverhaven in Rotterdam

  • Het appartement van Jacob Willem Katadreuffe in Rotterdam

  • Het huis van Jacoba Katadreuffe in Rotterdam





Verhaallijn



De verhaallijn in dit boek is dat Katadreuffe er alles aan doet om advocaat te worden om. Hij probeert tijdens dit proces ook Arend Barend Dreverhaven te verslaan.





Thema



Het thema (hoofdmotief) in dit verhaal is dat als je een doel hebt dat je heel graag wilt bereiken en je je daar helemaal op focust, je het ook zal bereiken.





Vertelinstantie



In dit boek is er een auctoriale vertelinstantie. De verteller weet wel bijvoorbeeld wat Katadreuffe denkt, maar hij kan ook in een andere omgeving kijken, bijvoorbeeld bij Dreverhaven op kantoor, terwijl Katadreuffe daar niet in de buurt is.





Titelverklaring



Jacob Willem Katadreuffe is in dit boek aan het werken voor een eigen verfijnd karakter. Zijn karakter botst met veel mensen uit zijn leefomgeving. Het boek gaat dus vooral om het zelfde als dat er in de titel weergegeven staat: karakter.









Motto



Het motto van dit boek is:



A sadder and a wiser man



He rose the morrow morn



Als je dit letterlijk naar het Nederlands vertaald krijg je:



Een droeviger en een wijzer mens



Hij stond op de dag van morgen



Katadreuffe is in dit boek veel wijzer geworden door zijn studies, maar ook wijzer door de relatie met zijn vader. Hij is echter wel droevig geweest. Hij heeft zijn vader leren kennen en heeft door hem akelige gebeurtenissen meegemaakt. Hij heeft hierdoor wel bereikt wat hij wilde worden. Hij keek altijd naar de toekomst van wat hij wilde worden.





Literatuurgeschiedenis



In het verhaal wordt genoemd dat de grote oorlog voorbij was. Er had dus nog maar één wereldoorlog van de twee wereldoorlogen plaats gevonden. Dit werd in deze tijd vaak vermeld, omdat dit een belangrijk deel van de geschiedenis was wat bijna iedereen toentertijd had meegemaakt. Hieruit blijkt dat het boek zich afspeelt tussen 1918 en 1940. Jacob Willem Katadreuffe zelf is zonder oorlog opgegroeid. Het grootste deel van het verhaal speelt zich af na zijn 20ste. Met deze informatie kun je verwachten dat het boek zich voor een groot deel tussen 1938 en 1940 afspeelt. Het boek zelf is in 1938 ook uitgebracht. Er werd in deze tijd ook niet veel over verleden of toekomst geschreven. Hieruit kun je opmaken dat het boek inderdaad typerend is voor de tijd dat het is geschreven.





Eindoordeel



Esthetische



Ik vond het boek mooi geschreven, omdat de details goed werden benadrukt. Het verhaal vond ik niet verassend, omdat het in het hele boek in dezelfde sfeer blijft. “In een hoek een kolomkachel, groot als voor een stationswachtkamer, nooit gepotlood, rood van roest, wat vage kantoormeubels hier en daar, dossiers, kantoorboeken, een copieerpers, een schrijfmachine, maar vooral het bureau-ministre, eens mooi geweest, en het borstbeeld van de man fel verlicht”.



Morele



In de verhaallijn wordt er op verschillende manieren met elkaar omgegaan. Bijvoorbeeld toen Katadreuffe woest was op zijn vader, bood zijn vader hem een mes aan. Op andere momenten ging het heel anders. Als er wat op kantoor mis ging bleef men heel aardig tegen elkaar. “Over het bureau, naar de jongen toe, schoof hij een groot geopend dolkmes”. “Nog een kop thee, Jan”?



Structurele



Naar mijn mening zit het boek heel logisch in elkaar. De gebeurtenissen gebeuren op chronologische volgorde en sluiten goed bij elkaar aan. “De eerste dagen van zijn faillissement waren voor Katadreuffe allerpijnlijkst, veel meer op grond van zijn karakter dan door uiterlijke aanleiding”.



Literair-historische



Het boek zorgt voor maar weinig vernieuwing. De gebeurtenissen gebeurden in deze perioden in het dagelijks leven. “U moet niet àl te hard werken”.



Emotionele



Het boek raakt mij niet zo zeer. Zelf ben ik niet geïnteresseerd in dit soort boeken, dus kan ik me niet goed meeleven met wat er in het boek gebeurt. “Er volgde een kort, maar veelzeggend gesprek”.



Realistische



Het boek is geloofwaardig. Het lijkt zeer veel op een biografie van een persoon en er zijn geen ongeloofwaardige gebeurtenissen. “Het eerste jaar ging de weg van Katadreuffe naar Leiden over rozen”.



Intentionele



De boodschap van het boek is dat men een doel kan bereiken als je er volledig voor gaat. “Het straalde met een vurigheid die kuis bleef, maar het straalde niet warm”.



Stilistische



In het boek wordt er niet getutoyeerd. Er wordt alleen aangesproken met u, mevrouw of meneer. In de tijd dat dit boek is beschreven was de formulering niet zeer bijzonder, maar het is wel bijzonder voor tegenwoordig taalgebruik. “Dat weet ik nog niet, meneer”.



 itelverklaringe auteurder uit het spel gewerkt, maar Katadreuffe wilde blijven leren tot hij zijn nieuwe doel zou hebben bereik


REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Andere verslagen van "Karakter door Ferdinand Bordewijk"