1. Titelbeschrijving
Willem Elsschot – Kaas
Eerste druk: 1933
Jaar van uitgave: 1989 (25e druk)
Uitgeverij + plaats: Em. Querido’s Uitgeverij B.V., Amsterdam (Salamander)

2. Motivatie boekkeuze

Het was weer eens tijd om een boek te gaan lezen. Ik moest nog één periode verplicht lezen en daarna zou ik vrij zijn in mijn keuze. Ik dacht daarom: laat ik maar eerst het minst leuke lezen zodat ik daarna kan lezen wat ik wil.
Ik wist dat veel van mijn klasgenoten dit boek ook gelezen hebben en dat het hoog aangeschreven staat bij onze leraren. Het zou dus wel goed zijn om een boek te lezen wat zeker goedgekeurd wordt door de leraren en wat zij ook goed kennen.
Ik keek niet heel erg uit om dit boek te gaan lezen omdat ik niet heel veel positieve reacties had gehoord. Toch wist ik dat het een boek van kwaliteit moest zijn dus daarom heb ik toch voor Kaas gekozen.
3. Korte samenvatting van de inhoud
Het boek begint wanneer Frans Laarmans’ moeder overlijdt. Op de begrafenis ontmoet Frans een vriend en klant van zijn broer, mijnheer Van Schoonbeke. Deze nodigt hem uit bij hem op bezoek te komen. Wanneer hij dit doet en Van Schoonbekes vrienden ontmoet, schaamt hij zich voor zijn maatschappelijke status. Frans is klerk bij ‘General Marine and Shipbuilding Company’. Van Schoonbeke vertelt Frans over een baan als vertegenwoordiger voor een grote Nederlandse firma. Hij kan deze baan voor hem regelen, als Frans dat wil.
Frans ziet een kans om zijn maatschappelijke status te doen stijgen en neemt, tegen het advies van zijn vrouw in, de baan aan. Hij is nu kaasgroothandelaar. Zijn vrouw raadt hem aan zijn oude baan niet op te zeggen. Dus regelt hij een doktersverklaring van zijn broer, waarin staat dat hij een zenuwziekte heeft. Zo kan hij drie maanden verlof krijgen, waarin hij zijn zaakjes met de kaashandel op orde kan krijgen.
Kort nadat hij de baan heeft aangenomen, arriveert twintig ton aan Edammers in de haven. Hij besluit ze in een patentkelder op te laten slaan tot hij zijn kantoor op orde heeft. Wanneer dit klaar is en hij zijn “bedrijf” Gafpa (General Antwerp Feeding Products Association) genoemd heeft, plaatst hij een advertentie voor vertegenwoordigers in België en Luxemburg. Dit is namelijk het gebied waar hij de kazen moet gaan verkopen. Twee weken nadat hij dertig agenten heeft aangesteld, begint hij zich af te vragen waar de bestellingen blijven. Om daar achter te komen gaat hij naar Brussel om zijn twee agenten op te zoeken. De ene woont niet op het opgegeven adres en de ander smijt de deur in zijn gezicht dicht.
Van Schoonbeke regelt hierna een positie voor Frans als vervangend voorzitter van de Vakbond van Belgische Kaashandelaren. Aangezien Frans nagenoeg niets afweet van kaas, wil hij deze positie niet. Uiteindelijk hoeft hij dit ook niet te worden, en gaat hij weer terug naar het verkopen van kaas.
Wanneer Frans te weten komt dat zijn baas (voor wie hij kaas verkoopt in zijn gebied) al gauw een bezoek komt brengen, raakt hij in paniek. Met nog vier dagen te gaan voor de aankomst van Hornstra (Frans’ baas), neemt Frans een verkoopcursus. Terug in Antwerpen probeert hij zijn nieuwe verkooptechnieken in praktijk te brengen, echter zonder enig succes.
De zoon van een notaris, een vriend van Van Schoonbeke, zegt dat zijn vader bereid is de Gafpa-onderneming te 'commanditeren'. De zoon heeft een plan waarmee hij zijn vader kan oplichten. Frans neemt het aanbod niet aan en even later komt Hornstra naar zijn huis om met hem te praten. Als Hornstra bij zijn huis aankomt, doet Frans de deur niet open. Later schrijft Frans Hornstra een brief waarin staat dat hij de kazen wegens gezondheidsredenen niet kon verkopen. Drie dagen daarna ontvangt hij echter een bestelling van een van zijn agenten voor 4200 kilo Edammer, waar hij dus niets meer mee kan dan doorsturen naar Hornstra.
Frans bedenkt hoe hij in de hele kaascrisis terecht is gekomen en komt tot de conclusie dat hij de moed gewoon niet had om het aanbod van Van Schoonbeke af te slaan. Hij gaat weer werken als klerk en merkt dat hij het er eigenlijk best leuk vindt. Ook ziet hij in hoe veel zijn familie voor hem betekent. Op het eind brengt Frans een bezoek aan zijn moeders graf en over kaas wordt thuis niet meer gesproken.
4. Eerste persoonlijke reactie
Mijn eerste persoonlijke reactie was vooral dat het een vluchtig boek was. Het duurde heel lang voordat het echt over het verkopen van kaas ging en daarna ging het verhaal ontzettend snel naar het einde toe. Ik vond het nogal vreemd dat het boek maar zo kort over het thema sprak.
Maar na het lezen van de secundaire literatuur begreep ik dat het boek daadwerkelijk in een zeer korte tijd was geschreven wat weer verklaarde waarom het verhaal zo snel ging.


5. Verdiepingsopdrachten

Open plekken
In het boek Kaas van Willem Elsschot bevinden zich niet echt hele grote open plekken. Het boek is ook vooral heel zakelijk en duidelijk geschreven waardoor je niet echt het idee krijgt dat iets spanning op moet wekken. Je wordt ook niet echt uitgedaagd om het spannend te gaan vinden.
De enige open plek die ik heb kunnen vinden staat helemaal in het begin en is niet echt bedoeld om spanning op te wekken maar eerder om de aandacht van de lezer te trekken.
Het eerste hoofdstuk begint namelijk met de zinnen “Eindelijk schrijf ik je weer omdat er grote dingen staan te gebeuren en wel door toedoen van mijnheer Van Schoonbeke. Je moet weten dat mijn moeder gestorven is.” In deze zinnen zijn twee dingen onduidelijk.
Ten eerste, je weet niet tegen wie Frans Laarmans spreekt, en waarom hij het verhaal vertelt aan een jij-persoon. Ik had het eerst niet eens opgemerkt, maar toen ik de eerste bladzijde nog eens overlas viel het me opeens op dat Laarmans tegen een jij-persoon sprak, en dat hij dit doet omdat hij in zijn dagboek zou schrijven.
Dit kom je echter niet expliciet te weten door het boek te lezen. In de secundaire literatuur die ik doorgelezen heb, staat dat het ook kan zijn dat hij een “veertiental brieven van ongelijke lengte, zonder datering, aanspreking of ondertekening geschreven” zou hebben.
Ten tweede heeft hij het over grote dingen die staan te gebeuren. In het begin weet je niet waar het over gaat en wat er dan gaat gebeuren, aangezien hij meteen over de dood van zijn moeder verder gaat.
Eind hoofdstuk drie kom je erachter dat Laarmans gevraagd is om vertegenwoordiger in België te worden en kaas te verkopen. Hierbij is dan ook de enige open plek die ik heb kunnen vinden afgesloten.
Personages
Hoofdpersoon
De hoofdpersoon in het boek is Frans Laarmans. Frans is in het begin van het verhaal een klerk bij de General Marine and Shipbuilding Company, en verruilt die baan al vrij snel om koopman te worden en kaas te gaan verkopen. Als dit geen succes blijkt, besluit hij weer klerk te worden en neemt hij zijn oude baantje terug, na een zogenaamd ziekteverlof van drie maanden.
Frans kan beschreven worden als een onzeker persoon, die zich minderwaardig voelt aan andere mensen die volgens hem een betere sociale status hebben. Als hij eenmaal koopman is geworden, lijkt hij wel zelfverzekerd in zijn schoenen te staan en kan hij ook vlot meepraten met de vrienden van Van Schoonbeke. Als de zaken minder gaan, blijkt hij toch niet zo heel stevig in zijn schoenen te staan, en twijfelt hij weer erg aan zichzelf. Uiteindelijk hakt hij de knoop door om er mee te stoppen en terug te gaan naar zijn oude, goede leventje als klerk.
Bijpersonen
Dokter Laarmans is de broer van Frans. Hij is degene die de doktersverklaring schrijft voor zijn broer, waarin staat dat hij door een zenuwziekte ongeveer drie maanden niet kan werken. Dit geeft Frans de mogelijkheid zijn nieuwe baan als koopman uit te proberen, en terug te komen als het niet goed uitwerkt. Dokter Laarmans komt ook elke dag langs bij Frans en zijn gezin, om te kijken hoe het leven gaat en om te informeren naar de kaasverkoop. De dokter probeert Frans ervan te overtuigen dat hij rustig aan moet doen en voorzichtig moet handelen. Hierdoor blijkt ook dat hij een zeer zorgzaam type is die voor zijn jongere broer wil zorgen.
Mijnheer Van Schoonbeke is een vriend van de dokter, die de broer van Frans is. In de uitleg over de personages die Elsschot zelf geeft, staat dat hij de schuld is van alles. In zekere zin is dat wel te begrijpen, aangezien Van Schoonbeke elke keer maar weer Laarmans aanmoedigt en hem laat kennis maken met zijn vrienden, waardoor Laarmans zich minderwaardig voelt. Onbedoeld zorgt hij ervoor dat Laarmans iets te enthousiast wordt en indirect zou je dus kunnen zeggen dat hij inderdaad de schuld van alles is.
Fine is de vrouw van Laarmans en samen hebben ze twee kinderen, Jan en Ida. Fine staat met beide benen goed op de grond en probeert haar echtgenoot ook er van te overtuigen dat hij het rustig aan moet doen en dat hij vooral erg goed moet nadenken. Zij zorgt er ook voor dat Frans zijn baan als klerk niet opzegt, en ze weerhoud hem ervan impulsief te handelen.
Fabel en sujet
Fabel en sujet lopen in Kaas gelijk. Er zijn geen flashback of vooruitblikken, waardoor het verhaal chronologisch gelezen wordt. Dit draagt ook bij aan het feit dat het verhaal heel erg structureel en duidelijk geschreven is. Er is geen spanningsopbouw die een mogelijke flashback of vooruitblik zou kunnen veroorzaken en hierdoor is het boek ook erg makkelijk om te volgen qua gebeurtenissen.
Het feit dat er geen spanningstechnieken worden gebruikt maken het verhaal dus ook erg zakelijk. Het is gewoon een opvolging van gebeurtenissen.
Perspectief
In het boek wordt gebruik gemaakt van een ik-vertelsituatie. De enige die aan het woord is, is Frans Laarmans, waardoor je maar één kant van het verhaal krijgt. Hierdoor lijkt het niet heel erg betrouwbaar geschreven. Omdat het boek echter zo duidelijk, structureel en zakelijk is beschreven, kun je er toch wel van uit gaan dat de meeste gebeurtenissen naar waarheid zijn beschreven. Hoewel je dit natuurlijk niet met zekerheid kan zeggen, want het is en blijft een verhaal in de ik-vorm, en niet een alwetende vertelsituatie.
Thematiek
Verhaallaag
Het verhaal gaat over een klerk die stopt met zijn werk om kaashandelaar te worden. Nadat dit geen succes oplevert gaat hij weer terug naar zijn oude baan, als klerk.
Thematische laag
Waar het verhaal eigenlijk over gaat is de thematische laag. Het verhaal gaat niet alleen over de handel van kaas, het gaat over “het probleem van de handel en daarmee het algemene probleem van het menselijke handelen, een handelen dat slingert tussen droom en daad.” Het gaat over het feit dat mensen soms meer willen bereiken dan ze kunnen, en daarna dus terugvallen in wat ze eigenlijk bestemd zijn te doen.
Simpeler gezegd zou je kunnen zeggen dat Laarmans kennismaakte met een hogere status en daardoor verleid werd. Hij voelde zich minderwaardig en wilde ook bij de kring van mijnheer van Schoonbeke horen. Daarom ging hij iets nieuws proberen wat helemaal niet zijn ding was. Daardoor werd hij ongelukkig. Uiteindelijk besloot hij terug te gaan naar wat hij eerst deed. Zo zou je kunnen zeggen dat je eigenlijk gewoon gelukkig zou moeten zijn met wie je bent en je niet moet gaan vergelijken met andere mensen. Doe wat je zelf wilt en je geluk zal op je pad komen.
Ook gaat het hier over het gezinsleven. Laarmans vind troost en veiligheid in zijn familie, vooral wanneer zijn kaasdroom in duigen valt. Hij kan op dat moment gemakkelijk terugvallen op zijn familie en zij hebben hem nooit in de steek gelaten.
Titelverklaring
De titel van het boek, Kaas, is vrij makkelijk te verklaren. Ongeveer het gehele boek gaat namelijk over kaas, en het verkopen ervan. De kaas bezorgt de hoofdpersoon veel ellende, maar zorgt er ook voor dat hij op het eind dichter bij zijn werk en zijn gezin staat. Uiteindelijk heeft hij via een omweg gevonden wie hij werkelijk is.
Motieven
Ten eerste Kaas: In het boek wordt constant over kaas gesproken. Hebben ze het niet over kaas zelf, dan wordt er wel gesproken over bijvoorbeeld kaashandel, kaasbol, kaasellende, kaaskwestie, kaasbeproeving of kaasdroom. Aan een stuk door wordt de lezer met kaas overspoelt. Dat zorgt ervoor dat je soms nogal afgeleidt van de thematische laag die, denk ik, veel belangrijker is dan de verhaallaag.
De moeder van Laarmans komt vaak in het boek voor door middel van een verwijzing. Aangezien ze in het begin van het verhaal al sterft is het anders ook niet mogelijk. Frans heeft het over haar wanneer hij net zijn nieuwe baan heeft gekregen, sprekend van spijt dat ze dat niet kon meemaken. Wanneer hij weer stopt met de verkoop, spreekt hij van opluchting dat zijn moeder dit niet meer mee hoefde te maken. Op het eind gaat Frans ook naar haar graf, en zo sluit hij het boek af.
Daardoor ontstaat er een geheel. Het wordt een cyclisch verhaal. Het begint met zijn moeder en eindigt daar ook mee.
Motto
Het boek Kaas heeft geen motto, maar wel een opdracht. Deze luidt:
Aan Jan Greshoff
Ik luister zwijgend naar die stem
die hijgt en hees is, maar vol klem,
die in mineur zingt bij ’t verwensen
van ’t alledaagse in de mensen.
Ik volg de hoeken van die mond,
een kwalijk toegegroeide wond
die alles uitdrukt, als hij lacht,
wat hij zo fel in woorden bracht.
Hij heeft een vrouw en kroost en vrinden,
hij heeft een hele hoop beminden
waar hij plezier aan heeft als geen.
Toch staat Jan Greshoff heel alleen.
Hij zoekt en kijkt, hij hoopt en wacht
van d’ ene nacht tot d’ andere nacht.
Hij hoort iets en komt overeind:
Hij wacht in Brussel op zijn eind.
Vooruit Janlief, hanteer de riem,
en geef die rotzooi striem op striem!
Vaag al dat vee van uwe baan
zo lang uw hart nog mee wil gaan.
6. Beargumenteerde eindoordeel

Het boek Kaas vond ik niet heel erg leuk om te lezen. Het voordeel was dus dat het een zeer kort boek was. Doordat er vrijwel geen spanning opbouw in het verhaal zat en alles zo zakelijk geschreven was, vond ik het een nogal saai. Het verhaal kon mij gewoon niet echt boeien en daarom vond ik het moeilijk om mijn aandacht er bij te houden toen ik aan het lezen was.
Het onderwerp vond ik wel grappig. Kaas is nou niet echt een voor de hand liggend onderwerp en daarom vond ik het om die reden wel leuk om te lezen. Het was een heel grappige manier om een boodschap over te brengen. Als ik aan een belangrijke boodschap denk als: geloof in jezelf en in wie je bent, denk ik nou niet echt snel aan kaas. Ik zou een ander onderwerp gekozen hebben om zo’n boodschap over te brengen. Ik zou het misschien ook wat aantrekkelijker gemaakt hebben om te lezen. Deze tegenstelling maakt het boek echter wel interessant.
De gebeurtenissen in het boek volgen elkaar in een logische volgorde op en ook worden ze erg duidelijk beschreven. De gebeurtenissen zelf waren niet heel erg interessant, wat ook door de manier van schrijven kwam. De gebeurtenissen die niet veel te maken hadden met het verkopen van kaas vond ik echter wel de moeite waard bijvoorbeeld het begin van het boek; gedeelte rondom de dood van de moeder.
De personages in het boek zijn, net als al het andere, erg duidelijk neergezet. Doordat ik van te voren al wist wie de personages waren, aangezien ze in een lijstje opgesomd waren, bracht het meteen duidelijkheid wanneer er over bepaalde personen gesproken werd. Ook wist ik dus bijvoorbeeld al dat Frans Laarmans begon en eindigde als klerk. Daardoor was er eigenlijk als een hoop verklapt waardoor het allemaal nog saaier werd. Er bleef gewoon helemaal niks verrassends meer over. Je zou ook kunnen zeggen dat dit in ieder geval duidelijk was en daardoor misschien makkelijker te begrijpen maar ik vond het vooral erg jammer. Het was gewoon niet leuk meer om zo’n verhaal te lezen omdat je ook al wist wie iedereen was. Daardoor kon je zelf helemaal niks meer uitvogelen of puzzelen.
Het taalgebruik in dit verhaal is erg duidelijk en zakelijk. Er komen weinig moeilijke woorden in voor hoewel het taalgebruik wel iets verschilt van de hedendaagse schrijfstijl en taalgebruik. Dat maakt het echter niet moeilijker.
Er komen ook nauwelijks emotionele delen in voor en bijna alles is erg rationeel geschreven. Alleen op het einde is er sprake van wat emotie, en dat vond ik dan ook één van de betere delen van het boek.
Mijn conclusie is dat het boek erg duidelijk is. Doordat het zakelijk is geschreven, is het makkelijk te volgen en wordt er ook niet uitgebreid stil gestaan bij kleine gebeurtenissen. Hierdoor is het boek ook wel erg kort en mist het de nodige spanning die ik liever wel in een verhaal zie. Het ontbreken van open plekken draagt hier ook aan bij, en naar mijn mening is het niet echt een boek wat men gelezen moet hebben hoewel de thematische laag wel erg aantrekkelijk is. Daar had wat mij betreft meer nadruk op mogen liggen. Ik vond het geen verspilling van mijn tijd maar het was zeker niet mijn favoriete boek.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

W.

W.

dit is het beste boek dat ik voor mijn lijst heb gelezen. het is lekker dun, dus heb je er niet veel tijd voor nodig, terwijl het wel een leuk boek is. ik kon namelijk wel lachen om die arme frans, die toch niet zo geschikt was als verkoper als hij zelf dacht

9 jaar geleden

K.

K.

ha.ha.ha Lachuhhhh

8 jaar geleden