ADVERTENTIE
Maak nu een gratis account aan op Mijn Examenbundel!

Nog 17 weken tot de eindexamens beginnen. Wil jij je zo goed mogelijk voorbereiden? Check Mijn Examenbundel voor een gepersonaliseerd dashboard en rooster, examenstof per vak, gratis oefenexamens en meer!

Naar mijn.examenbundel.nl
Primaire gegevens:
Auteur: Alfons de Ridder, onder het pseudoniem Willem Elsschot
Titel: Kaas
Verschenen in: 1933
Uitgever: Querido
Aantal bladzijden: 106
Samenvatting.
In het eerste hoofdstuk leert de lezer Frans Laarmans kennen. Hij komt dronken thuis en ontvangt het bericht dat zijn moeder op sterven ligt. Op haar begrafenis ontmoet hij een vriend van zijn broer, mijnheer Van Schoonbeke. Deze nodigt hem uit om een kaasimportfirma op te richten, waar hij dan als alleen-vertegenwoordiger kan functioneren. Hij meldt zich voor vier maanden ziek bij zijn kantoor door zijn broer een doktersverklaring te laten maken.
Hij heeft echter veel moeite met de nieuwe kringen waarin hij zich begeeft. Ook heeft hij geen idee wat zakendoen inhoudt. Hij stelt een aantal agenten aan om de verkoop te doen. Tijdens het opstarten van de firma is hij met de meest onbelangrijke dingen bezig, zoals het zoeken naar een bureau en een tweedehands typemachine. Dit terwijl de kaas in grote hoeveelheden aangevoerd wordt. Alles wordt tot in detail verzorgd, maar de bestellingen blijven uit. Wel wordt hij tot vice-voorzitter van de Association Professionelle des Négociants en Fromage benoemd. Hij blijkt zeer succesvol in deze functie, maar wil liever kaas verkopen. Boorman adviseert hem op het gebied van zakendoen. Laarmans schijnt echter iets tegen kaas te hebben, hij kan zich er niet toe zetten, een kaaswinkel te betreden. Afgezien van een paar kazen die hij tegen inkoopprijs aan kennissen kwijtraakt, verkoopt hij niets. Zijn zoon Jan is wel in staat een kist met kaas te verkopen via aan jongen uit zijn klas. Aan het eind van het verhaal ligt er nog twintig-duizend kilo kaas in de opslagruimte en keert hij terug naar zijn kantoorbaan.

(bron, waar nodig aangepast: http://www.verdec.com/hulpje/boekvers/kaas.htm)
Na het lezen van het boek was ik een beetje verbaasd. Ik verwachtte dat het boek nog wel een uitgebreider einde zou hebben, het eindigde wel plotseling vond ik.
Ik ben het wel eens met het ‘moraal van het verhaal’, namelijk dat je maar beter blij kunt zijn met wat je hebt dan dit op geven voor iets hogers. Ook in het normale dagelijkse leven blijkt dit vaak een goede raad te zijn. Ik vond de schrijfstijl die Elsschot in deze roman gebruikt in het begin wel een beetje raar, maar naarmate ik verder heb gelezen vond ik het steeds prettiger.

Titelverklaring.

De titel van het boek is ‘Kaas’,heeft geen symbolische betekenis, maar slaat op het product dat Laarmans gaat verkopen. De titel geeft goed weer met welke toon het boek geschreven is: duidelijk, droog en erg feitelijk.

Motto of opdracht.

Het boek bevat geen motto, maar wel een opdracht. Het boek is door middel van een gedicht opgedragen aan Jan Greshoff. Het boek is opgedragen aan Greshoff omdat hij diegene was die Elsschot na tien jaar weer aan het schrijven bracht:
“Ik luister zwijgend naar die stem

Die hijgt en hees is, maar vol klem
Die in mineur zingt bij ’t verwensen
Van ’t alledaagse in de mensen.
Ik volg de hoeken van die mond
Een kwalijk toegegroeide wond
Die alles uitdrukt, als hij lacht,
Wat hij zo fel in woorden bracht.
Hij heeft een vrouw en kroost en vrinden
Hij heeft een hele hoop beminden
Waar hij plezier aan heeft als geen
Toch staat Jan Greshoff heel alleen
Hij zoekt en hij kijkt, hij hoopt en wacht
Van d’ene nacht tot d’andere nacht.
Hij hoort iets en komt overeind:
Hij wacht in Brussel op zijn eind
Vooruit Janlief, hanteer de riem,
En geef die rotzooi striem op striem!
Vaag al dat vee van uwe baan
Zo lang uw hart nog mee wil gaan”
Opbouw.
Het boek begint met een korte inleiding, een overzicht van de personages en een opsomming ‘ kaas-elementen’; begrippen die met kaas te maken hebben. Verder wordt het boek puur in chronologische volgorde verteld, zonder enige vorm van flashbacks, en zelfs zeer zelden een stuk zonder Frans Laarmans in de hoofdrol.
Vertelsituatie.
Het boek is geheel vanuit de ik-vertelsituatie geschreven. Hierdoor maak je het verhaal mee door de ogen van Frans Laarmans en kun je zijn gedachten, letterlijk, lezen.
Tijd.
De verteltijd bedraagt ongeveer 2 a 3 uur. De vertelde tijd is ongeveer drie maanden, zo veel tijd neemt Frans vrij van zijn werk door zich ziek te melden. Deze periode is naar mijn weten niet helemaal afgemaakt, maar er zit ook een gedeelte van het boek voor deze periode.
Ruimte.
Het verhaal speelt zich voornamelijk af in het huis van Frans Laarmans, waar hij woont en zijn kantoor gevestigd heeft. Een andere belangrijke locatie in het verhaal is het huis van Van Schoonbeke waar Frans met mijnheer Hornstra in contact komt die hem inleidt in de wereld van de kaasverkoop. Verder spelen delen van het verhaal zich af op straat in Antwerpen, Amsterdam en bij enkele personages in huis.
Personages.
Frans Laarmans: De hoofdpersoon uit dit boek, hij speelt duidelijk de grootste rol en het verhaal wordt uit zijn oogpunt verteld. Eerst werkte hij als klerk bij een scheepswerf en neemt later de beslissing om in kaas te gaan handelen als hem dat wordt aangeboden. Hij doet zich voor als erg zelfverzekerd en dit probeert hij zichzelf ook wijs te maken, maar als dingen niet geheel lopen zoals hij dat verwacht of wil blijkt hij niet zo heel erg sterk in zijn schoenen te staan en weet hij niet goed wat hij moet.

Van Schoonbeke:
Van Schoonbeke is een vriend van Laarmans’ broer, Dokter Laarmans. Van Schoonbeke is iemand uit de hogere kringen en Laarmans komt via Van Schoonbeke in contact met Hornsta, een kaashandelaar. Volgens Elsschot is Van Schoonebeke ‘De schuld van alles’.

Dokter Laarmans:
De broer van Frans Laarmans, werkzaam als Dokter. Hij zorgt er voor dat Frans een tijd ‘ziek’ weg kan blijven van zijn werk maar is wel sceptisch over het idee dat Frans’ poging kaashandelaar te worden.
Hornstra: Kaashandelaar uit Amsterdam en opdrachtgever of baas van Frans ten tijde van zijn agentschap als kaasverkoper. Hij behoort tot het kliekje van rijke, invloedrijke personen van Mijnheer van Schoonbeke en komt zo in contact met Frans.
Fine Laarmans: De vrouw van Frans Laarmans. Fine is een vrij pientere vrouw en kan Frans soms aanvullen waar nodig, maar dit zal hij niet snel accepteren. Fine steunt het plan van Frans maar is er niet erg zeker over.
Motieven.
Het belangrijkste motief uit dit verhaal is dat Frans steeds wordt geconfronteerd met de mensen in hogere kringen om zich heen, terwijl hij zelf uit een wat mindere laag van de bevolking komt. Dit levert de nodige frustraties op en Frans probeert zich dan ook, tevergeefs, naar boven te werken. Andere motieven zijn kaas, het zakenleven, de bemoeizuchtige buurvrouw van Frans en Fine, mislukking en onbeholpenheid.
Thema.
Het thema in ‘Kaas’ is het falen van de levensdroom van Frans om hogerop te komen in het leven en in plaats van klerk een rijke kaashandelaar te worden. De onbeholpenheid en het veelvuldige falen van Frans staan symbool voor dit thema.
Auteur.
Willem Elsschot is geboren in Antwerpen op 7 mei 1882 en is gestorven op 31 mei 1960. Hij was een Vlaamse romanschrijver en dichter. Willem Elsschot is het pseudoniem van Alfons Jozef de Ridder. Hij is geboren in een bakkersgezin en maakte zijn atheneum niet af, en is gedurende zijn leven actief geweest in de handel en heeft zijn eigen reclamebureau gehad. Mogelijk is hij zo ook op het idee van ‘Kaas’ gekomen. Willem Elsschot heeft Kaas geschreven in de Nieuwe Zakelijke stijl.
Over verdere achtergrond informatie spreken bronnen elkaar tegen.
Open plekken.
´Kaas´ bevat geen significante open plekken. Dit komt voornamelijk door de manier waarom het boek geschreven is: duidelijk, zakelijk en direct.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

een scholier

een scholier

First

10 maanden geleden