Lesuitval, een mondkapjesplicht, onzekerheid over de eindexamens... Wij zijn benieuwd hoe jij met de coronacrisis omgaat en wat jij vindt van de maatregelen. Doe mee met ons corona-onderzoek! 😷🦠🏫 We zoeken nog extra jongens!

Doe mee


ADVERTENTIE
1500 euro winnen met je pws of sectorwerkstuk?

Check de online masterclasses van het Rijksmuseum waarin experts hun kennis en tips delen, zodat jij tot een goed onderwerp komt. En wist je dat je mee kunt doen aan de Rijksmuseum Junior Fellowship wedstrijd? Je maakt dan met jouw pws of sectorwerkstuk kans op 1500 euro en een traineeship!

SAMENVATTING:

Op de zesde januari van het jaar 1473 vind Truitje Blasius, de vrouw van

kuiper Jan Blasius, een te vondeling gelegd kindje. Omdat het Driekoningen

is en een van de koningen Casper heette werd de jongen Casper genoemd.

Casper groeide op als een gewone Rotterdamse jongen en hij haalde allerlei

kattekwaad uit, maar op een dag ziet hij een meisje dat door een paar

jongens uit Delftshaven wordt gepest. Casper schiet haar te hulp en de

jongens gingen er vandoor. Als Casper zijn naam tegen het meisje, dat zelf



Grietje heet, verteld wordt ze helemaal blij en ze staat erop dat Casper

met haar mee gaat naar haar huis.



Bij grietje thuis ontmoet Casper de moeder van Grietje. Van Grietje moet

Casper beslist bij hun blijven totdat Melchior van Capelle, Grietjes vader,

thuiskomt. Wanneer de chirurgijn, want dat is het beroep van haar vader,

thuiskomt wordt Casper aandachtig bekeken en tenslotte vragen ze aan hem of

hij Latijnse les wil volgen. Waarom Casper deze les moet volgen wordt hem

niet verteld. Omdat Casper nieuwsgierig is besluit hij om iedere zondag les

te gaan nemen bij mijnheer van Capelle.



Dan wordt moeder Truitje zwanger ditmaal van een kerngezonde dochter die ze

Eva noemen.. Casper is erg blij met zijn zusje en trekt veel met haar op.





Nadat Casper vele zondagen bij meester van Capelle heeft doorgebracht voor

de Latijnse les begint hij zich af te vragen waar al dat studeren goed voor

is. Dus vroeg hij aan Melchior waarom hij Latijnse les moest volgen.

Melchior verteld hem dan dat hij en zijn helper Balthasar alchemisten zijn

en de 'zieke' metalen willen 'genezen' zodat ze weer goud worden. Casper

vind dit maar gek, maar ze weten hem ervan te overtuigen dat hij mee moet

helpen.



Dan op een dag wordt de stad ingenomen door jonker Frans van Brederode.

Deze jonker komt erachter dat de drie mannen, die zich de wijzen uit het

westen noemen, goud willen maken. De

jonker heeft geld nodig en wil dat Melchior, Balthasar en Casper binnen een

jaar goud voor hem maken. Melchior stemt hiermee in en belooft dat hij goud

zal maken, omdat hij denkt dat de jonker binnen een jaar wel weer verjaagd

is uit de stad.



Op een gegeven moment weet de hele stad dat Casper, Melchior en Balthasar

goud moeten maken voor jonker Frans en zijn vrienden. De mensen denken dat

Melchior dus heel rijk zal zijn als hij goud kan maken. Ze komen bij

meester Melchior en Caspar aan de deur om goud te halen, maar ze hebben

natuurlijk geen goud.

Omdat Casper een alchemist is heeft hij zijn pleegouders ten schande

gemaakt en dus wordt hij het huis uitgezet. Eerst wil hij de stad verlaten,

maar hij wordt tegengehouden door de poortwachter en mag de stad niet uit.

Hij ging toen naar het huis met de groene luiken en mocht daar toen blijven

wonen.



In deze winter brak er hongersnood uit in Rotterdam en kreeg jonker Frans

versterking. Hij ging vaak op strooptochten en viel allerlei steden aan.

Omdat jonker Frans geen plaats meer had moesten de manschappen die als

versterking kwamen, ingekwartierd worden bij burgers.

Doordat jonker Frans veel steden aanviel brachten de steden rondom zich in

paraatheid om de stad opnieuw te heroveren. De stadhouder riep steden op om

zoveel mogelijk troepen naar het westen te laten overkomen om te helpen.

Toen begon de strijd. Steeds meer landgoederen werden heroverd op de

hoeken, maar Rotterdam werd niet heroverd. In die tijd van oorlog hadden

Melchior, Balthasar en Casper het te druk om goud te maken, maar jonker

Frans had geld nodig en wilde dat ze op zouden schieten.



Daar brak de dag aan waarop de heer van Egmont aanviel, maar de hoeken

sloegen de aanval af. De dag daarop werd een plundertocht voorbereid naar

de Alblasserwaard. Caspar ging mee om de wonden van de slachtoffers te

verzorgen. De plundertocht werd voorkomen door vijandelijke schepen. Een

paar dagen na die aanval tekende jonker Frans een verdrag en vertrok.



Het elixer waaraan de drie alchemisten werkten werd nu heerlijk geurend,

want ze gebruikten niet langer vieze ingrediënten om goud te maken..

Toen kwam de pastoor, want de smid had hem verteld wat voor duivelse dingen

er zich in dat huis afspeelden. Maar toen de hemelse geur van bloemen en de

lente hem bedwelmden, wilde hij alleen nog maar de kerk afbouwen. Hij dacht

niet meer aan de duivelse krachten en begon direct om aan de bouw van de

kerk te beginnen. En iedereen hielp de pastoor mee.



Maar dan op een dag ziet Melchior de vervelende smid die hem beschuldigd

van hekserij. Natuurlijk ontkent Melchior dit, maar de smid legt zich hier

niet bij neer.

Op een dag komt er een visser naar Melchior en de chirurgijn helpt de man

met een haak in zijn

been. Als dank voor de bewezen diensten krijgt Melchior een stukje

barnsteen. In deze steen zit een klein voorwerpje wat niet goed thuis te

brengen is. Dit stukje steen gooit hij in het elixer om goud te maken en

dan zien ze een kleine schim in de vloeistof. Volgens de alchemisten moet

dit de geest van Mercurius zijn.



Dan komt Casper's zusje Eva eraan en komt ze waarschuwen voor die

vervelende smid die samen met vier Dominicanen de drie alchemisten wil

arresteren en in de kerker gooien.

Als de smid er eenmaal is dan wordt het vat met het elixer en de geest van

Mercurius kapot gemaakt, maar op dat moment breekt er brand uit in de

herberg naast hun. Ze helpen uiteraard met het blussen en nadat het geblust

is gaan ze weg.



Wanneer Casper de volgende dag uit de stad wil dan wordt hij weer

tegengehouden door de poortwachter en vervolgens wordt hij in de kerker

gegooid op verdenking van brandstichting en hekserij. Gelukkig zit hij niet

te lang in de kerker, want Melchior koopt de bewakers om en dan kan Casper

weer mee.



Na dit alles heeft Casper geen zin meer om alchemist te zijn en hij zei

tegen Melchior dat hij z'n eigen weg wilde gaan. Melchior vond dit goed en

samen met de hond Hermes vertrekt Casper

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.