ADVERTENTIE
Luisterboeken: de makkelijke optie? Lars is niet echt een fan van lezen. Daarom gaat hij op zoek naar de beste manieren om door zijn leeslijst heen te komen. Red je het met alleen maar samenvattingen, of is een e-reader of luisterboek een betere optie? Deze video wordt mede mogelijk gemaakt door Storytel.

Probeer 30 dagen gratis
1) Zakelijke gegevens

a) Willem Frederik Hermans
b) Het behouden huis, De bezige bij, Amsterdam, 2000-24e druk, 79 blz. (eerste druk 1951).
c) Novelle

2) Eerste reactie
a) Keuze
Voor mijn lijst had ik nog geen enkel existentialistisch boek gelezen; daarom vond ik het wel aardig om ‘Het behouden huis’ op mijn lijst te zetten.

b) Inhoud
Mijn eerste reactie op het boek was: erg vaag. Toen ik het verhaal gelezen had, dacht ik: Wat heb ik nu eigenlijk gelezen. Op het eerste gezicht is deze novelle niets meer dan een aardig ver-haaltje. Er zit echter meer achter, zoals in het volgende van mijn boekverslag te lezen valt.

3) Verdieping
a) Samenvatting
De ik-figuur vecht in de Tweede Wereldoorlog aan de zijde van de partisanen. De meeste zijn Oost-Europeanen. Dat zorgt voor taalproblemen. Hier heeft hij moeite mee en hij voelt zich eenzaam. Alleen met een Spanjaard heeft hij wat contact. Wanneer de partisanen een stadje veroverd hebben en de ik-figuur een café binnen wil gaan, krijgt hij de opdracht het stadje te zuiveren van ‘boobytraps’.
In het stadje ziet hij niemand. Plotseling stuit hij op een groot huis. Hij herinnert zich het verblijf in gevangenissen – sinds vier jaar heeft hij niet meer in een normaal bed geslapen. Met een zekere eerbied neemt de hoofdpersoon zijn intrek in het huis. Hij gaat het hele huis door. Slechts een kamer is op slot. Er is niemand. Wanneer hij het hele huis doorzocht heeft, neemt hij een bad en trekt daarna de kleding van de oorspronkelijke bewoner aan. Hierna gaat hij naar de keuken en eet de pan soep, die nog op het fornuis stond, leeg.
Plotseling gaat de bel. De Duitsers hebben een tegenaanval gedaan en nu staat er een Duitse officier op de stoep. Hij denkt dat de ik-figuur de wettige bewoner is en scheept hem op met de inkwartiering van enkele officieren. De volgende ochtend ontdekt hij dat het slot van de kelder is geforceerd. Hij beklaagt zich hierover bij de kolonel en het slot wordt vervangen en de solda-ten houden zich in het vervolg rustig.
Hoewel de ik-figuur de Duitsers als soldaat bestreden heeft, ziet hij geen wezenlijke bedrei-ging in hen, omdat hij als het ware zijn soldatenleven opzij heeft gelegd. Wel is hij voortdurend bang voor de komst van de werkelijke eigenaars.
De volgende week verloopt rustig. De ik-figuur verkent de omgeving en neemt een kat mee naar het huis. In de huisbibliotheek ontdekt hij allerlei boeken over vissen: de eigenaar moet een vissenliefhebber zijn.
Op een dag betreedt een vreemde man het huis. Hij blijkt de eigenaar te zijn. De ik-figuur schiet hem dood. Dan komt er een vrouw uit de badkamer. De ik-figuur wurgt haar op lugubere wijze en legt haar in ‘zijn’ slaapkamer. De vermoorde man legt hij in de tuin. Wanneer hij weer binnenkomt ziet hij licht in de afgesloten kamer. De deur staat op een kier. De ik-figuur ziet een dove oude man temidden van een verzameling aquaria. De oude man vertelt een heel verhaal over zijn ‘cultuurgoed’. De ik-figuur gaat naast de vrouw liggen en valt in slaap.
Nadat de kolonel op de deur heeft geklopt, zegt hij dat ze ingesloten zijn door de bolsjewis-ten. De ik-figuur trekt zijn uniform weer aan en neemt de kolonel gevangen. Hij mag zich niet meer scheren. Op weg naar beneden probeert de ik-figuur de oude man duidelijk te maken dat hij geen ‘Heil Hitler’ meer mag zeggen. Hij schrijft de boodschap op een briefje, wanneer de man hem niet snapt.
De ik-figuur sluit zich weer bij het leger aan. Hij komt ook de Spanjaard weer tegen.. Die is geïnteresseerd in de vrouw. De ik-figuur brengt hem naar het huis. De partisanen, die hen ge-volgd zijn, vernielen het huis en belemmeren de ik-figuur de doorgang naar boven.
’s Avonds lukt het hem naar boven te gaan. De kamer is verlaten en de aquaria zijn ver-nield. Ook de vrouw is weg. In de tuin treft hij het lijk van de eigenaar nog wel aan. Op het grasveld voor het huis ontdekt hij de anderen: de oude man, de kolonel en de vrouw zijn aan een plataan opgehangen. Voordat hij met het leger meegaat, gooit hij nog een granaat in het huis. Hij beseft dat het huis al die tijd ‘komedie heeft gespeeld’ en nu pas laat zien wat het in werkelijkheid geweest is: ‘een hol, tochtig brok steen, inwendig vol afbraak en veiligheid.’

b) Onderzoek van de verhaaltechniek
De schrijfstijl
Hermans hanteert eenvoudige Nederlandse taal. De tekst is goed te lezen. Door het gekozen perspectief, kan de lezer zich volledig in de hoofdfiguur inleven.
Hermans gebruikt in ‘Het behouden huis’ erg veel beeldspraak. Vooral vergelijkingen, zowel syndetische als asyndetische, en metaforen komen vaak voor. Er zijn ook personificaties aan te wijzen, bijvoorbeeld in de laatste regel: ‘Het was of het (huis) aldoor komedie had gespeeld.’
Er komen ook verscheidene stijlfiguren in het boek voor. In het begin van het verhaal ver-keert de ik-figuur in de chaos. In het grote huis heeft hij de illusie daarvan bevrijd te zijn, maar uiteindelijk blijkt dat niet het geval te zijn. Hij is weer terug bij af. Hij wordt weer teruggewor-pen op zijn uitgangspunt. Daarom heeft het boek een cyclische structuur.
De ruimte
Het verhaal speelt zich af aan het oostfront. Waar precies is niet duidelijk, maar er wordt ge-sproken over Duitse en Russische soldaten en over Hongaarse, Roemeense en Tsjechische parti-sanen. Er speelt zich dus ergens in Oost-Europa een strijd af tussen partisanen en Duitsers.
De kern van het verhaal speelt zich af in een enorme villa met grote ramen in een onbekend stadje. Hermans creëert hier een belangenruimte. De ik-figuur voelt zich niet op zijn gemak en dat ‘proef’ je tussen de regels door.

De gebeurtenissen spelen zich af in 1944 en vinden in chronologische volgorde plaats. Ze wor-den in de verleden tijd verteld. De vertelde tijd beslaat een maand tot enkele maanden..
Er is sprake van een ‘opening-in-de-handeling’. Er gaat geen inleiding aan vooraf, maar de lezer stapt direct het verhaal binnen. In het begin weet de lezer weinig tot niets van ruimte, mo-tieven, thema, etc. Pas na het lezen van enige bladzijden dringt er tot je door wat er aan de hand is.
Af en toe vinden gebruikt de schrijver flashbacks: zo kom je via het gesprek tussen de ik-figuur en de Spanjaard achter hun oorlogsgeschiedenis in notendop.
Hermans maakt veel gebruik van tijdversnelling en –vertraging. Dit kwam onder andere voor in de situatie dat de hoofdpersoon in dialoog is met een Duitse officier. Na de vraag van de Duitser schetst de ik-figuur eerst zijn eigen gedachte voordat hij de beantwoording valt te le-zen. In werkelijkheid duurt dat slechts fracties van een seconde. De schrijver besteedt er onge-veer acht regels aan.

De verhaalfiguren
De ik-figuur is een man, van wie naam en leeftijd onbekend zijn. Hij heeft enkele jaren gevangen gezeten en doet nu dienst in een partisanenleger. D.w.z. dat hij vecht tussen de linies van de of-ficiële strijdkrachten (Duitsers en Russen), in een soort niemandsland. Maar onder de partisa-nen is hij nog eens dubbel partisaan, alleenstaande. Hij is een geïsoleerde eenling. De ik-figuur probeert aan de chaos te ontkomen door een huis te gaan bewonen dat verlaten lijkt. Hij ont-doet zich van zijn uniform en trekt andere kleren aan. Hij geeft toestemming aan een Duitse kolonel als deze hem verzoekt woonruimte aan het Duitse leger af te staan. Als de eigenaar van het huis terugkomt, beschouwt hij deze man als een indringer. Hij vermoordt hem en zijn vrouw. Als de stad belegerd wordt, probeert hij de oude man, die in de afgesloten kamer woont, te helpen. Na de partisaanse overname van de stad, trekt hij zijn uniform weer aan. Hij sluit zich weer bij het leger aan en keert terug naar de chaos. Hij ziet ook in dat het huis in feite ook tot de chaos behoort. De ik-figuur is een round character.
De Duitse kolonel is een vriendelijke man. Hij verontschuldigt zich voor het wangedrag van zijn manschappen. De ik-figuur spaart zijn leven, maar tenslotte wordt hij door de partisanen opgehangen. De kolonel is een karikatuur van de cultuur, met zijn Duitse Grundlichkeit: ‘Zo-lang ik in dienst ben heb ik mij elke ochtend geschoren, precies om half zeven, met warm water, oorlog of geen oorlog! Dat is wat ik onder cultuur versta!’ Hij is een flat character.
De Spanjaard is ook een van de partisanen. De ik-figuur heeft contact met hem. Ze praten over het verleden. Wanneer ze elkaar aan het eind van het verhaal weer ontmoeten, verlangt de Spanjaard naar een vrouw. Hij laat zich meenemen door de ik-figuur, die beweert dat er in het huis een vrouw aanwezig is. Hij is een flat character.
De oude man is een wezenloze, dove vissenverzamelaar. De ik-figuur komt hem tegen in de afgesloten kamer. Hij heeft enkele aquaria met zeldzame vissen. Hij denkt dat de ik-figuur een Duitser is, want hij praat vol lof over het Duitse leger, dat het huis behouden heeft. Hij wordt door de partisanen vermoord. Hij is een flat character.
De eigenlijke bewoners zijn echte verstoorders van de illusie dat de ik-figuur verlost is van de chaos. Daarom moeten ze dood.
De situaties
In de novelle komen verschillende situaties voor. Allereerst de beginsituatie en de slotsituatie, maar daartussenin komt ook nog een aantal situaties voor. Er zijn twee belangrijke situaties waarin een nieuw element aan het verhaal wordt toegevoegd.
Ten eerste het moment waarop de Duitsers komen logeren in het huis met de grote ramen. Dit is een aanvulling op het –voor de lezer langzamerhand– vertrouwde beeld van het lege huis in beslag gekomen door de partisaan.
Ten tweede het moment wanneer de wettige eigenaar, zijn vrouw en de oude man in beeld komen.
De vertelwijze
Er is sprake van een ik-perspectief, waarbij de ik-figuur de gebeurtenissen vertelt. Meer dan wat hij waarneemt en denkt, komt de lezer niet te weten. Je bent geheel van hem afhankelijk.

c) Thematiek
Het grote hoofdthema van ‘Het behouden huis’ is chaos. De tegenstelling tussen cultuur en chaos is de achtergrond van het verhaal. Hermans constateert dat de beschaving schijn is en dat de chaos bij de mens hoort. Een afgestompt iemand zoekt vanuit de chaos naar orde en rust en heeft de illusie dit te vinden, maar laat dit vervolgens in een complete chaos achter, als blijkt dat hij de rust niet heeft gevonden.

De ik-figuur probeert aan de chaos te ontkomen, door in het verlaten huis te gaan wonen. Hij heeft de illusie van de chaos verlost te zijn. Er wordt echter van alle kanten aan hem getrokken. Zo wordt langzamerhand zijn illusie doorbroken.
Met de Duitsers neemt hij tot op zekere hoogte de chaos in huis. De eigenaar en zijn vrouw worden vermoord, omdat hij bang is dat de chaos weer terugkeert. Na de overname van de stad door de partisanen, sluit de ik-figuur zich weer bij het leger aan. De chaos keert daarmee weer terug. Het behouden huis is dus niet zo behouden zoals het eruit ziet.
Het huis is aan het eind van het verhaal door de partisanen van binnen reeds verworden tot een chaos. De hoofdpersoon voelt zich dermate bedrogen door het huis, dat dit voor hem nog niet genoeg is. Hij gooit een handgranaat naar binnen om de chaos te vervolmaken.

Het verband tussen titel en thema is niet zo moeilijk te leggen. In de min of meer verwoeste stad komt de ik-figuur een huis tegen dat ongeschonden is, het behouden huis. Hierin denkt hij de rust te kunnen vinden. Naarmate het verhaal zich verder ontwikkelt, komen er steeds meer elementen in voor die een zekere ordening of beschaving suggereren. Maar later blijkt dat het behouden huis niet zo behouden is. Langzamerhand wordt de illusie van een ontsnapping aan de chaos doorbroken, zoals beschreven in het vorige gedeelte.

d) Plaats in de literatuurgeschiedenis
Willem Frederik Hermans wordt op 1 september 1921 geboren. Na een carrière aan de univer-siteiten van respectievelijk Amsterdam en Groningen, vestigt hij zich als fulltime schrijver in Parijs. De laatste jaren van zijn leven woont hij in Brussel en hij sterft op 27 april 1995.
Hermans debuteert met poëzie. Daarna volgen recensies, essays en verhalen. Een selectie uit zijn oeuvre: ‘Kussen door een rag van woorden’ (debuut, dichtbundel), ‘De tranen der Acacia’s’ (roman), ‘Nooit meer slapen’ (roman) en ‘Het behouden huis’ (novelle). Ook schreef hij studies en essays, dramatische werken en wetenschappelijk werk.

Volgens Hermans is de mens een nietig wezen, dat met veel pijn en moeite door het leven ploe-tert, maar zijn doel nooit bereikt omdat er geen weg is om te gaan. Hij is een scepticus, erg be-invloed door de filosoof Wittgenstein, in wiens biografie ‘eenzaamheid’ en ‘contactstoornis’ be-langrijke woorden zijn. Hermans schrijft alleen in negatieve buien, vandaar zijn negatieve mens-beeld.
Deze visie op mens en samenleving zijn niet nieuw of zonder context. Hermans was een kind van zijn tijd. In de literatuur werd die visie vooral onder woorden gebracht na 1900 door auteurs als Couperus, Emants, Van Oudshoorn: de mensen van het naturalisme. Na 1945 kreeg het pessimisme een enorme opleving door de filosofie van Sartre, die het leven absurd vond en vaststelde dat er geen wezenlijk, liefdevol contact tussen mensen kon bestaan. De mens is het enige wezen dat zich bewust is van zijn bestaan, zijn existentie. Wat voor ieder mens vaststaat, is het gegeven dat hij op deze wereld is. Wat hij daar te zoeken heeft, hoe hij dient te leven is geen vaststaand gegeven. Ieder mens moet dat zelf invullen. Er is geen algemene zin. Dit noemen we het existentialisme. Sartre zette op papier wat de mensen van de ‘lost generation’ voelden. Deze gedachten spraken erg aan. Belangrijke motieven die in de literatuur steeds terugkeren, zijn: ver-vreemding, absurditeit, grenssituaties, egocentrisme, het doorbreken van seksuele taboes en en-gagement.
Hermans oeuvre sluit naadloos bij de vorige gedachten aan. Het stimuleert ze zelfs. De wer-ken van Hermans passen dus goed binnen zijn tijd. Al zijn boeken zijn een variatie op hetzelfde thema. Dat thema is de volstrekte zinloosheid van het bestaan, waarin de communicatie tussen mensen wordt bepaald door onberekenbare factoren als toeval en onbegrip. In het leven is geen orde te vinden; het leven is een chaos. Dit komt duidelijk naar voren in ‘Paranoia’: ‘De mens-heid denkt in een orde die niet werkelijk bestaat en is blind voor de oorspronkelijke chaos. Er is maar één werkelijk woord: chaos.’ Op aarde is er slechts sprake van een schijnorde. De mens is een egoïstisch wezen. Daarom plaatst Hermans zijn personages graag in een oorlogssituatie. Dan komt de junglementaliteit van de mens het best tot uiting; dan laat hij zijn ware aard zien. Al deze zaken komen duidelijk naar voren in ‘Het behouden huis’.
Zoals al gezegd, sloot Hermans goed aan bij de in zijn tijd geldende literaire stroming: het existentialisme (het Nederlands proza wordt ook wel getypeerd als het ontluisterd realisme). Daarom is zijn werk ook vergelijkbaar met werken van andere schrijvers. Een paar voorbeelden zijn: ‘1984’ van George Orwell, ‘De avonden’ van Gerard van het Reve, Jean Paul Sartre, en Louis Paul Boon.

4) Beoordeling

Ik ben nu toegekomen aan de meest persoonlijke afdeling van mijn leesverslag: de beoordeling van ‘Het behouden huis’. Het is erg moeilijk om een goede beoordeling van dit werk te geven. Deze zal in ieder geval meerdere kanten hebben.

In de literatuurkritiek is er van meet af aan waardering geweest voor ‘Het behouden huis’, maar die is zelden zonder restricties geweest. De lof voor het literaire product wordt steevast vergezeld door bedenkingen bij de nihilistisch geachte visie die eruit spreekt. Zelfs Harry Mulisch heeft zijn beden-kingen. Hij schat de novelle literair hoog, maar maakt zich zorgen over de morele uitwerking op de lezers. ‘We leven in een uiterst kwetsbare overgangstijd, waarin het vóór alles aankomt op hoop en moed’, meent hij. En daarom verlangt hij van de schrijver ‘dat de mens in hem voorkomt dat de kunstenaar onheil aanricht.’ Hiermee verwoordt hij de tegenstelling tussen moraal en esthetiek.
Ik ben het met Harry Mulisch eens dat het werk van Hermans twee kanten heeft. Literair is het een knap stukje werk, maar met de inhoud ben ik het niet helemaal eens.

Eerst wil ik een aantal positieve punten noemen. Ik het verhaal goed opgebouwd. De structuur is helder. Hermans verwoord zijn thema knap. De lezer is van het begin tot het eind geboeid. De in veel boeken voorkomende saaie passages, laat Hermans achterwege.
Ik vond het zeer ingrijpend om te lezen hoe de illusie van de ik-figuur, die dacht dat hij de rust gevonden had, beetje bij beetje verstoord werd en aan het eind helemaal werd afgekapt.
Het boek is makkelijk te lezen. Wel moet je vaak dieper doordenken dan je op het eerste gezicht zou denken. De metaforen hebben vaak een diepere lading. Door het vele gebruik van beeldspraak en stijlmiddelen creëert Hermans mijns inziens een mooie taal. Het taalgebruik is ook niet grof of banaal. Allemaal positieve punten dus.
Hermans schrijft op een zeer levendige manier. Als lezer kun je je goed inleven in de ik-figuur. Je voelt met hem mee, je denkt zelf aan oplossingen en raakt gefrustreerd wanneer blijkt dat hij er niet in slaagt de chaos uit te bannen.

Ik heb net gesteld dat Hermans het thema op een goede manier gestalte geeft in zijn novelle. Dat wil niet zeggen dat ik het ook eens ben met zijn visies. Hans Werkman schrijft: ‘Bij de eerste kennisma-king is men geneigd Hermans gelijk te geven en met hem te concluderen, dat de wereld, vanwege de moedwil en het misverstand, onleefbaar is. Bij een diepere ontleding valt te constateren, dat er nagenoeg steeds bepaalde facetten van het leven in zijn romans etc. ontbreken, nl. hartelijkheid, vriendschap, liefde. Verder is er bij hem vrijwel nooit sprake van een religieus of humanitair ideaal.’
Ik ben het volledig met Werkman eens. Het leven lijkt op het eerste gezicht misschien een cha-os, maar het leven kent ook vele mooie aspecten en die domineren mijns inziens. Verder heb je als christen ook een hoger doel in je leven, Iemand anders die orde schept. Uit onszelf zijn we niet in staat om de chaos volkomen te ontvluchten, maar God wil ons daarbij helpen.
Het is duidelijk dat dit boek door een depressieve persoonlijkheid is geschreven. Door depressie gekwelde mensen kunnen inderdaad geen enkel lichtpuntje meer zien.

Na alle plus- en minpunten afgewogen te hebben, slaat de balans bij mij, na enig heen en weer schommelen, toch voorzichtig door naar de negatieve kant. Ik ben het niet eens met het thema en daar draait tenslotte het hele boek om. Wel vind ik het boek in literair opzicht zeker geslaagd. Ik kan het boek niet echt aanbevelen om te lezen. Het heeft niet echt een meerwaarde. De novelle geeft wel een heel goed beeld van het existentialisme. Wie zich met literaire stromingen bezighoudt en graag van binnenuit met het existentialisme wil kennis maken, kan ik de novelle van harte aanbeve-len.

Ik wil dit boekverslag besluiten met een opmerking van Harry Mulisch, waarin ik mij goed kan vinden: ‘Hier past een ruiterlijke verwerping.’

5) Bronvermelding

· Het behouden huis van de Uittreksel Top-100
· Hans Werkman: Aangekruist. Groningen, De vuurbaak, 1983. Pagina 62-65
· Dr. J.J. Gielen en J.G.W. Gielen: Leidraad bij de studie der Nederlandse literatuur. Purmerend, 1977. Pagina 162-164
· Hans Werkman e.a.: Uitgelezen – Reakties op boeken. Den Haag, 1974. Pagina 48-51.
· Lexicon van literaire werken. 1989.

6) Verdiepingsopdracht

In deze verdiepingsopdracht wil ik de thema’s van de boeken ‘Het behouden huis’ van Willem Frederik Hermans en ‘Het woeden der gehele wereld’ van Maarten ’t Hart met elkaar vergelijken. Deze thema’s zijn weliswaar niet precies hetzelfde (De opdracht luidde: “Vergelijk het boek met een ander boek dat hetzelfde thema heeft.”), maar er zijn zeker parallellen aan te wijzen. Ik wil deze opdracht enigszins uitbreiden door bij de behandeling van de verschillen en overeenkomsten qua thematiek, ook de hoofdpersonen van de twee boeken met elkaar te vergelijken.

Ik zal nu eerst in het kort de thematiek van de novelle en de roman weergeven (zie voor uitgebreide thematiek en motieven de boekverslagen van beide boeken).
Het grote hoofdthema van ‘Het behouden huis’ is chaos. Een afgestompt iemand zoekt vanuit de chaos naar orde en rust en heeft de illusie dit te vinden, maar laat dit vervolgens in een complete chaos achter, als blijkt dat hij de rust niet heeft gevonden. De tegenstelling tussen cultuur en chaos is de achtergrond van het verhaal.
Het thema van ‘Het woeden der gehele wereld’ is de zoektocht naar houvast en identiteit in het leven. Deze zaken vindt de hoofdpersoon niet kleinburgerlijke, gereformeerde omgeving waarin hij is opgegroeid. Hij neemt zijn toevlucht tot de muziek, daarin vindt hij rust. Aan het eind van het boek blijkt de totale zinloosheid van het bestaan.

In beide boeken zijn de hoofdpersonen dus op zoek naar een zekere rust, naar identiteit. Cultuur speelt hierbij een belangrijke rol. In ‘Het behouden huis’ strijden cultuur en chaos voortdurend met elkaar. De hoofdpersoon lijkt rust gevonden te hebben in een cultuurrijke omgeving.
Uiteindelijk wint de chaos het toch van de cultuur. De hoofdpersoon wordt in zijn betrekkelij-ke rust gestoord. Hij wordt weer meegesleurd door zijn vroegere vrienden. Zij vernietigen alles in het huis wat ook maar iets met cultuur van doen heeft. De hoofdpersoon completeert deze chaos door een handgranaat in het huis te gooien. De totale zinloosheid van het bestaan op aarde komt duide-lijk naar voren.
Ook in de roman van Maarten ’t Hart speelt cultuur een erg belangrijke rol. Alexander voelt zich niet thuis in de cultuur waarin hij werd opgegroeid. Hij gaat op zoek naar houvast. Die vindt hij in de muziek, vooral die van Bach. Bach bezweert in zijn muziek (m.n. in ‘Cantate 80’) het woeden van de wereld. Ook wordt ‘de God die Mozes zocht te doden’ verdreven door de vrome God die Bach oproept in zijn partita ‘O Gott, du frommer Gott’.
In het slothoofdstuk van ‘Het woeden der gehele wereld’ blijkt dat de hoofdpersoon en zijn va-der het leven als zinloos ervaren. Ze hopen dat de ster Sirius maar snel een supernova wordt en dat ‘deze aarde met zijn herinneringen aan de gaskamers spoorloos verdwijnt’. De gedachte dat er niets is (geen God, geen hiernamaals) geeft de hoofdpersoon rust.

Beide hoofdpersonen zijn echter niet gelijk. Alexander is veel ontwikkelder, cultureler dan de hoofdpersoon van Hermans. Misschien had de laatstgenoemde wel rust gevonden als hij op ’t Hoofd terechtkwam. Hier heerste immers een betrekkelijke rust. Alexander kon niet tegen de kleinburgerlijkheid en ging daarom op zoek naar houvast en identiteit. De ik-figuur uit ‘Het behou-den huis’ is helemaal afgestompt door de oorlog. De twee hoofdpersonen verschillen dus in karak-ter.
Verder is er nog een verschil in thematiek. Het boek van ’t Hart is veel positiever dan het werk van Hermans. Alexander vindt rust in de muziek. In het eind van het boek heeft hij houvast en identiteit gevonden. Het boek van Hermans daarentegen, eindigt heel negatief. De rust was maar schijn en wordt helemaal weggevaagd. De hoofdpersoon is weer terug bij af, heeft niets bereikt. ‘Het woeden der gehele wereld’ biedt dus meer perspectief.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Pik

Pik

Best wel goed

1 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

M.

M.

slecht verslag

6 jaar geleden

Antwoorden

N.

N.

maak zelf er dan één hij is kei goed

5 jaar geleden

gast

gast

M.

M.

Prima boekverslag!
Heb er veel aan gehad ,bedankt
b.t.w. niet gelovigen calm yourself
dit is geen aanval op jullie ,maar een boekverslag
dus hou op met die dramatische reacties..

6 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

W.

W.

prima samenvatting snap niet wat al die issues van die stumperds zijn. keep it up

7 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

T.

T.

Mensen die geloven zijn niet dom, maar atheïsten ook niet. De mensen die zeggen dat niet-geloven dom is zijn dom, en de mensen die zeggen dat geloven dom is zijn dom. Niks is bewezen.

7 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

A.

A.

Christelijk verantwoord? Gaan we ons afzonderen? Mafkees. Doe toch eens mee met de hele wereld ipv met je eigen bekrompen wereldje.

7 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

T.

T.

De drie grote religies van vandaag de dag (ik noem geen namen) sluiten allemaal mensen buiten. Maar hoe kan dit als ieder wezen op aarde is gemaakt door God, hoe kan dan de ene groep personen minder zijn dan de andere. Oftewel die religies (en dan vooral de mensen die ze 'volgen') zijn de grootste discriminanten ter wereld. Ze hebben zelfs vele, vele mensen vermoord, omdat deze niet in hun groepje wouden horen, maar als deze dan er wel bij willen horen, dan worden ze buiten gesloten. Nou dan ben je echt heel erg goed bezig hoor, droom lekker verder.

7 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

Oculus

Oculus

Dus ik ben ook krank im kopf? Vermoed ik zelf niet. Godsdienst is het antwoord van sommigen op vragen die ze met rationeel denken niet kunnen beantwoorden. Er luidt een uitdrukking: Als één mens aan waanvoorstellingen lijdt, heet dat krankzinnigheid. Als meerdere mensen aan waanvoorstellingen lijden, heet dat religie.

8 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

B.

B.

Hey Huub, rare dude ben jij. iedereen gelooft 'ergens' in, jij ook(mag ik hopen, anders ben je gewoon Krank im Kopf)

Groetjes

8 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

H.

H.

Mensen die geloven hebben ze toch niet helemaal op een rijtje hoor. Geloof je echt niet in evolutie?

hahaha

8 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

A.

A.

Bedankt man! Heb er veel aan gehad, dit boekverslag is ook op hoog niveau!

8 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

S.

S.

niets aan gehadddttt

14 jaar geleden

Antwoorden

m

m

wow zo kan je niet zijn

1 jaar geleden

gast

gast

D.

D.

Hey Jaap-Jan,
Cool dat je Christen bent! 'k Heb veel gehad aan je boekverslag, omdat ik 'em ook volgens Eldorado moet maken;) En ik zat het dus ff door te lezen en toen zag ik dat je ook gelooft, dus ach ja, laat ik maar ff een berichtje droppen.
Heb je nog tips voor boeken die 'christelijk verantwoord' zijn? Dus gewoon een beetje van dit soort boeken, waar geen vieze passages en (liefst) geen gevloek voorkomt?
Vast bedankt.

14 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

J.

J.

dat stukje over Hermans' behouden huis is van een zéér hoog niveau, proficiat.

Tom

15 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast