We hebben niet alleen een nieuwe site, we hebben ook een nieuwe start gemaakt met ons Instagram-account. Wil je elke dag beginnen met een meme? Nieuws en blogs zien? En soms een handige story of video voor school? Volg ons nu


Samenvatting:

  • Hersenschimmen is één van de 5 boeken van Jan Bernlef. In dit boek verteld hij een ontroerend verhaal over een dementerende oude man, Maarten.

Samen met zijn vrouw Vera is Maarten verhuist naar Amerika om daar de rest van hun leven te wonen. Ze leiden al jaren een gelukkig leven samen tot op het moment dat Maarten begint te dementeren. Hij begint langzaam maar zeker veel dingen door elkaar te halen en te vergeten. Het begint heel klein dat hij is vergeten welke dag het is. Tot op het moment dat hij in een rusthuis komt om zijn laatste maanden te leven.

De relatie tussen Maarten en Vera wordt door de dementie ook sterk beïnvloed. Zo verteld Vera dat ze Maarten zo graag wil begrijpen maar het gewoon niet kan. Maar het komt ook doordat Maarten vaak in zijn verleden dwaalt. Zo denkt hij op een keer dat hij in het huis van zijn Opa en Oma is of hij denkt dat Vera zijn moeder is. Maar hij vergeet niet alleen wie Vera is, hij vergeet ook constant wie Phil Taylor is, een meisje dat Vera in huis heeft gehaald om op Maarten te passen als zij zelf weg is. Maarten denkt bijvoorbeeld dat het de vriendin van zijn dochter is, en later zijn vroegere piano juf en nog later zelfs zijn eigen dochter.

Aan het eind van het boek vergeet Maarten langzamerhand wie hij zelf is. Eerst heeft hij het nog over: mijn spullen, ik heb enz. maar later begint hij in de derde persoon over zichzelf te praten om vervolgens alleen nog maar 'het' over zichzelf te zeggen. Maarten  verliest al het contact met de buitenwereld. Om vervolgens te sterven.

 

Reactie:

Mijn eerste reactie op het boek heb ik in drie delen opgedeeld. Hierin vertel ik wat ik van het boek vond en wat mij opviel.

  • Dit boek zet mij vooral aan het denken nog een week na dat ik het boek uit had zat het nog steeds in mijn hoofd, dit heb ik anders nooit. Ik denk vooral na over of dementie echt zo is. Je kunt het nooit zeker weten namelijk. Want als je eenmaal dementie hebt kun je er geen boek over schrijven, zeker niet in de laatste fase. Ook denk ik na over wat ik zou doen als dit mij zou overkomen. Niet alleen vanuit het perspectief van Maarten maar ook vanuit Vera.
  • Ook ontroerd dit boek mij. Omdat het zo vreselijk is om dementie te krijgen het lijkt mij zo raar als je dag gewoon niet compleet in je geheugen is opgeslagen. Ook vind ik het erg zielig voor Vera. Op sommige momenten kan zij gewoon niet doordringen tot Maarten. En je man zo zien lijden doet echt veel pijn.
  • Het viel mij heel erg op dat het heel vlot verteld was. Ik heb het gevoel dat dementie veel langer duurt dan dat in dit boek is voorgedaan. In het boek duurt het nog geen jaar. Maar in het echt kan het wel twintig jaar duren. Dit maakt het boek ongeloofwaardig, omdat de werkelijkheid erg veel verschilt van het boek.

 

Titel:

  • De titel van het boek is hersenschimmen. Hoewel deze titel maar één keer in het boek voor komt, geeft het een hele goede inkijk op het boek. De letterlijke vertaling van het woord hersenschimmen is namelijk: ‘iets dat in werkelijkheid niet bestaat (droombeeld)’. Droombeeld is een hele goede term waarin je veel gedachten van Maarten kunt neer zetten. Dit omdat Maarten voortdurend aan zijn verleden denkt en zich vervolgens helemaal inleeft in die periode. Op sommige momenten denkt hij bijvoorbeeld dat hij op de kleuterschool zit of dat hij in het huis van zijn Opa en Oma is.

 

Thema:

  • De schrijver probeert de lezers vooral te vertellen hoe lastig het is om met dementie om te gaan. Het is niet alleen lastig als je dementie hebt maar ook erg lastig als iemand in je nabije omgeving dementie heeft. Je moet voor hem zorgen en uiteindelijk alles voor diegene doen.

 

Gebeurtenis:

  • De gebeurtenis die het meeste indruk op mij heeft gemaakt was halverwege het boek. Op dit moment was maarten alleen thuis, deuren waren op slot en er lag geen sleutel. Maarten maakte zich erg zorgen over zijn hond Robert. Robert liep buiten voor het huis heen en weer. Omdat het winter was ging Maarten er van uit dat Robert het erg koud had. Maarten moest en zou een manier vinden om Robert veilig binnen te krijgen. Uiteindelijk gooide hij een stoel door het raam zodat Robert via daar naar binnen kon. En toen Robert eindelijk binnen was omhelsde Maarten hem als of het zijn enige zoon was.
  • Dit maakt zoveel indruk op mij omdat ondanks de dementie, is hij Robert niet vergeten. En hij geeft zo veel om Robert dat hij zelfs een raam kapot gooit voor hem. Dit maakt erg veel indruk op mij.

 

Nadruk:

  • De nadruk in dit boek ligt vooral bij de gedachten en gevoelens van Maarten. Dit komt omdat het verhaal vanuit het ik-perspectief wordt verteld. Hierdoor ben je heel erg in de gedachten en gevoelens van de ik-persoon. Ook komt het door het vele dagdromen van Maarten. Soms word je van de ene droom naar de andere geleid en is er zo weer een dag voorbij. In het boek worden de gedachten van Maarten altijd opgeschreven dit speelt even eens een grote rol.

 

Personages:

  • Maarten Klein:
  • Maarten is de hoofdpersoon uit het boek, hij komt oorspronkelijk uit Nederland. Maar is samen met zijn vrouw Vera Klein verhuist naar Gloucester in Amerika. In Amerika werkt hij voor de IMCO. Hij is een oude man en heeft een voorliefde voor piano muziek. Het is erg makkelijk om jezelf in Maarten zijn plaats te zetten omdat hij zo veel over zichzelf en zijn verleden vertelt.

Het boekverslag gaat verder na deze boodschap.

Verder lezen

Na zijn pensioen is Maarten tot op het moment dat hij dementie krijgt en alles door elkaar begint te halen is het voornamelijk zijn taak de hond Robert uitlaten. In het boek krijgen we een erg goed beeld van het leven van Maarten omdat hij heel veel gedachten heeft. Zo komen we te weten dat hij 2 kinderen heeft Kitty en Fred. Maarten wil hun graag nog een keertje zien maar ze komen haast nooit langs.

 

  • Vera Klein:
  • Vera is de vrouw van Maarten. Zij is samen met Maarten verhuisd vanuit Nederland naar Amerika. Het is bij Vera moeilijker om je in te leven dan bij Maarten, dit komt omdat zij niet zoveel over haarzelf vertelt. Als het je wel lukt om je in haar in te leven Roept het vele vragen op en ook bewondering dat zij deze moeilijke tijd heeft doorstaan.

Vera werkt lange tijd als bibliothecaresse. En ze heeft het erg zwaar met het dementeren van Maarten. Ze blijft hem wel steunen en probeert bij allerlei mensen een oplossing te vinden.

 

  • Dokter Eardly:
  • Dokter Eardly is een erg aardige man die meteen komt als Vera om hulp roept. Hij denkt maarten te kunnen helpen met veel rust. En binnenblijven. Dokter Eardly doet zich voor als een hele slimme man die alles weet van medicijnen. Het is moeilijk om je in Dokter Eardly in te leven omdat hij niet vaak in het verhaal komt en over hem wordt niet veel verteld.

 

  • Phil Tayler:
  • Op het moment dat Vera niet meer alleen voor Maarten kan zorgen roept ze hulp in bij Phil Tayler, dit is een vrouw die helpt bij de verzorging van dementerende mensen. Maarten vergeet constant dat Phil nu bij hem in huis woont en denkt vaak dat ze de vriendin van zijn dochter is. Phil is niet heel open over zichzelf en je weet niet zoveel over haar. Je merkt wel dat ze haar werk soms niet zo leuk vindt. Het is hierom wel mogelijk om je in te leven in haar, ik zou bijvoorbeeld nooit zo’n beroep willen doen.

 

Beslissing van de hoofdpersoon:

  • Het besluit van Maarten dat ik erg bijzonder vond, was dat hij een stoel door het raam gooide om Robert (zijn hond) binnen te krijgen.

Dit deed Maarten omdat hij alleen thuis was en alle deuren waren op slot. Maarten raakte overstuur want Robert liep buiten en hij moest naar binnen. Anders zou hij dood gaan van de kou.

Ik vind dit vooral bijzonder. Dat je zoveel voor je hond over hebt. Aan de andere kant is het ook wel dom, omdat je best wel kunt bedenken dat die hond het nog een paar uur redt buiten.

 

Opbouw:

  • De opbouw van het boek is anders dan de meeste boeken. Het boek zelf heeft namelijk in plaats van hoofdstukken alleen maar alinea’s, gescheiden door een witte regel. Er is wel zeker sprake van een chronologische volgorde. Dit is duidelijk te merken als je het boek leest. Verder valt het boek in te delen in drie grote delen.
  1. Geheugenverlies.
  2. Het wegvallen van lichaamsfuncties.
  3. Het echt  weggaan van de wereld.

Het boek is geschreven op een manier dat je echt nieuwsgierig bent naar wat er gaat gebeuren, dan zou je denken dat het een spannend boek is, maar in tegendeel het is een erg rustig boek. Dat met veel passie geschreven is.

 

Taalgebruik:

  • Het taalgebruik in dit boek is niet moeilijk, er zijn maar een paar moeilijke woorden in te vinden. Er wordt in dit boek gebruik gemaakt van de tegenwoordige tijd zowel als de verleden tijd. Dit zorgt voor een goede structuur in het boek.

Eindoordeel:

  • Mijn eindoordeel over dit boek is erg positief. Dit komt omdat ik aan het begin erg sceptisch was maar het tegendeel is bewezen. het is een supergoed boek en echt heel leerzaam, het laat je namelijk met een totaal andere blik naar dementie kijken. Dit komt doordat het erg serieus is geschreven met een doel om dementie zo goed mogelijk in beeld te krijgen. Ik zou het iemand anders aanraden die een verkeerd beeld over dementie heeft. Dit boek gaat je beeld namelijk helemaal veranderen. Ook is het een goed boek als je al wel een goed beeld van dementie hebt, je moet dan wel van literatuur houden.

 

Bijlagen:

Ik heb mijn recensies van http://literom.knipselkranten.nl/literom/IndexJs?#1_S_Hersenschimmen%20 gehaald.

Schrijver

Bernlef, J.

Titel

Hersenschimmen

Jaar van uitgave

1984

Bron

Nederlands Dagblad

Publicatiedatum

26-03-2010

Recensent

Elizabeth Kooman

Recensietitel

'De lente die op het punt staat te beginnen'

Taal

Nederlands

 

,,Misschien komt het door de sneeuw dat ik me 's morgens al zo moe voel.'' Dit is geen verzuchting van iemand in het besneeuwde Nederland van een aantal weken geleden. Het is de openingszin van een roman die in eerste instantie 'gematigd positieve' recensies kreeg, maar daarna herdruk op herdruk beleefde: Hersenschimmen (1984) van Bernlef. Nu is er de vijftigste druk, met een speciaal voor deze gelegenheid geschreven voorwoord van de auteur. Tegelijk verscheen een nieuw boek van zijn hand: Geleende levens . Hendrik Jan Marsman is de eigenlijke naam van de bekende Nederlandse schrijver J. Bernlef, later Bernlef zonder meer. Behalve schrijver van romans is Bernlef ook dichter en essayist. Verder recenseerde hij en vertaalde hij werk van Zweedse dichters en schrijvers.

De drieënzeventigjarige auteur mocht in 2008 het Boekenweekgeschenk schrijven: De pianoman . Thema's die vaak in zijn werk voorkomen zijn waarneming, werkelijkheid en taal oftewel communicatie. En dan om precies te zijn het mislukken daarvan. Neem Hersenschimmen , waarin de dementerende Maarten Klein de greep op de werkelijkheid kwijtraakt en waarin de communicatie met zijn omgeving stagneert. Met het schrijven van Hersenschimmen overwon Bernlef een writer's block , aldus Bernlef in zijn voorwoord op de jubileumeditie van Hersenschimmen . Hij was tevreden over wat hij zelf zijn eilandentrilogie noemt, de romans Sneeuw (1973), Meeuwen (1975) en Onder ijsbergen (1981). Maar, zo typeert Bernlef zelf, het was onderkoeld proza, hij was waarnemer en geen deelnemer. ,,Wilde ik dat wel?'' Nee, hij wilde deelnemer worden. Dat lukte Bernlef, en hoe.

Hersenschimmen wordt volledig verteld vanuit dementerend hoofdpersoon Maarten Klein. De in Amerika wonende Nederlandse man merkt aan het begin van het boek dat hij zich anders dan anders voelt. Moe en mistig. Via de weergegeven dialogen met zijn vrouw en de gesprekken tussen zijn vrouw en bezoekers kom je als lezer een klein beetje op de hoogte van de wereld buiten het hoofd van Maarten, maar verder moet je het van zijn waarneming hebben. En die is zo geloofwaardig, dat het boek zelfs verplicht werd op boekenlijsten van opleidingen in verpleegkunde. Strelend, al die lof, vond Bernlef, maar hij was ook lichtelijk teleurgesteld dat de literaire kant van zijn roman weinig aandacht kreeg. Maar is het niet evenzeer een literair hoogstandje als je het menselijk leven in al zijn (on)gewoonheid weet te vatten in beheerste taal? Houd je het met romans die over het echte leven gaan niet juist het langst uit, romans die je op die ene boekenplank zou zetten met boeken die het herlezen waard zijn? Stijl zonder poeha, daar staat Bernlef om bekend.

Je ziet dat terug in Hersenschimmen , maar ook in zijn nieuweling Geleende levens. Onnadrukkelijk: er staat wat er moet staan, meer niet. Als je er speciaal op let, zitten er wel beelden in Geleende levens , maar anders lees je er zo aan voorbij. Ze zijn puur functioneel, blijkbaar. Ook de thematiek van Hersenschimmen en Geleende levens vertoont overeenkomsten. Geleende levens is namelijk een bundeling van drie novellen waarin 'identiteit' centraal staat. Maarten Klein raakt in Hersenschimmen op een 'natuurlijke' manier zijn identiteit kwijt. Maar ook wanneer je in principe nog volledig grip op jezelf hebt, kan de vraag je overvallen wie je nu eigenlijk bent. Leef je wel het leven dat je zelf wilt leven, of maken anderen de dienst uit? De drie mannelijke hoofdpersonages in Geleende levens hebben last van dit soort vragen, zij het wel alle drie op een bijzondere manier. En tussendoor lijkt Bernlef nog wat te knipogen naar zijn eigen leven en dat van zijn eerdere personages. Zo duikt er in Geleende levens een vertaler van Zweedse literatuur op, er loopt een hond Robert rond ( Hersenschimmen ) en waarom moet er ineens een levend standbeeld aan te pas komen ( De pianoman )? Maar dit kan uiteraard ook toeval zijn. In de eerste novelle, 'De rol van zijn leven', wordt een acteur tegen zijn wil uit de soap geschreven waarin hij al jaren de hoofdrol speelde. Zo raakt hij niet alleen 'de rol van zijn leven' kwijt, maar weet ook niet meer hoe hij de rol van zijn eigen leven moet spelen: ,,Door al dat acteren ben ik vergeten hoe dat moet, leven als Jos Kooystra. Het is alsof ik door mijzelf heen ben gezakt, als in een wak''. En daar hebben we dan meteen ook zo'n onnadrukkelijk, sprekend beeld te pakken. Dan is er een ex-oplichter die voor de opsporingsdienst wordt ingezet en daardoor het gevaar loopt geliquideerd te worden.

'Geleend leven' heet deze novelle, want de persoon in kwestie krijgt een nieuwe naam en een nieuwe geschiedenis om zijn leven te redden. Maar dan blijkt het verzonnen leven niet verzonnen te zijn. Zo wordt deze novelle een verhaal met misdaad en intriges, niet nieuw voor Bernlef overigens. En de hoofdpersoon schrijft zijn eigen leven op, bang als hij is het kwijt te raken. ,,Ik leek een toeschouwer van mijn eigen leven, mijn eigen verleden te zijn geworden.'' In 'Eeuwige roem' ten slotte, wordt een archivaris na de ineenstorting van het dictatoriale regime in zijn land, plotseling benoemd in de functie van standbeeldbewaker. De uit de stad verwijderde standbeelden van de overheerser Streifer worden onder zijn hoede gebracht. Koffiedrinken is eigenlijk het enige wat hij doen kan, te midden van die beelden. Vanuit die bizarre functie krijgt hij opnieuw een totaal andere baan aangeboden, met een inkomen en daardoor een levensstijl die zijn vrouw weliswaar aanstaat, maar waarin hijzelf zich thuis voelt als in een drie maten te groot jasje. Bovendien blijkt er een luchtje aan zijn werk te zitten. Ook de bijfiguren in de novellen dragen hun steentje bij aan de identiteitsproblematiek. De acteur ontmoet een Joods echtpaar dat zijn identiteit niet wil prijsgeven en van wie de vrouw zo in het verleden leeft dat ze de acteur voor een geliefde aanziet. Alsof hij toch al niet in een identiteitscrisis zat. In 'Geleend leven' vertelt de ik-persoon over zijn tijd in een gevangenis voor oplichters en bedriegers, waar een van zijn medegevangenen zelfs durft beweren dat identiteit een masker is dat je op en af kunt zetten. Nu, zo'n masker heeft de nieuwe werkgever van hoofdpersonage drie bepaald op. Is er een antwoord op alle identiteitsvragen in deze novellen? Niet werkelijk. Zeker na de eerste twee novellen blijf je beduusd achter. Anders dan zijn voorgangers weet het hoofdpersonage van het derde verhaal zijn leven weer in eigen hand te nemen. Hij pakt zijn doodgewone leven als archivaris weer op, als was er niets gebeurd. En juist door de open eindes van de twee voorgaande novelles is dit rustige, ronde slot evenzeer verrassend. Maar ook deze archivaris blijft een eenzaam mens, net als de andere twee hoofdpersonen volledig op zichzelf teruggeworpen. Veel warmer is wat dat betreft Hersenschimmen . Daarin is het Kleins liefhebbende vrouw die het laatste, hoopvolle woord heeft: ,,de stem van een vrouw en je luistert (...) naar haar stem die fluistert... dat het raam is gemaakt (...) dat daar nu weer glas zit... glas waar je doorheen kunt kijken (...) het bos in en de lente die bijna begint... zegt ze... fluistert ze... de lente die op het punt staat te beginnen...''

'Geleend leven' heet deze novelle, want de persoon in kwestie krijgt een nieuwe naam en een nieuwe geschiedenis om zijn leven te redden. Maar dan blijkt het verzonnen leven niet verzonnen te zijn. Zo wordt deze novelle een verhaal met misdaad en intriges, niet nieuw voor Bernlef overigens. En de hoofdpersoon schrijft zijn eigen leven op, bang als hij is het kwijt te raken. ,,Ik leek een toeschouwer van mijn eigen leven, mijn eigen verleden te zijn geworden.'' In 'Eeuwige roem' ten slotte, wordt een archivaris na de ineenstorting van het dictatoriale regime in zijn land, plotseling benoemd in de functie van standbeeldbewaker. De uit de stad verwijderde standbeelden van de overheerser Streifer worden onder zijn hoede gebracht. Koffiedrinken is eigenlijk het enige wat hij doen kan, te midden van die beelden. Vanuit die bizarre functie krijgt hij opnieuw een totaal andere baan aangeboden, met een inkomen en daardoor een levensstijl die zijn vrouw weliswaar aanstaat, maar waarin hijzelf zich thuis voelt als in een drie maten te groot jasje. Bovendien blijkt er een luchtje aan zijn werk te zitten. Ook de bijfiguren in de novellen dragen hun steentje bij aan de identiteitsproblematiek. De acteur ontmoet een Joods echtpaar dat zijn identiteit niet wil prijsgeven en van wie de vrouw zo in het verleden leeft dat ze de acteur voor een geliefde aanziet. Alsof hij toch al niet in een identiteitscrisis zat. In 'Geleend leven' vertelt de ik-persoon over zijn tijd in een gevangenis voor oplichters en bedriegers, waar een van zijn medegevangenen zelfs durft beweren dat identiteit een masker is dat je op en af kunt zetten. Nu, zo'n masker heeft de nieuwe werkgever van hoofdpersonage drie bepaald op. Is er een antwoord op alle identiteitsvragen in deze novellen? Niet werkelijk. Zeker na de eerste twee novellen blijf je beduusd achter. Anders dan zijn voorgangers weet het hoofdpersonage van het derde verhaal zijn leven weer in eigen hand te nemen. Hij pakt zijn doodgewone leven als archivaris weer op, als was er niets gebeurd. En juist door de open eindes van de twee voorgaande novelles is dit rustige, ronde slot evenzeer verrassend. Maar ook deze archivaris blijft een eenzaam mens, net als de andere twee hoofdpersonen volledig op zichzelf teruggeworpen. Veel warmer is wat dat betreft Hersenschimmen . Daarin is het Kleins liefhebbende vrouw die het laatste, hoopvolle woord heeft: ,,de stem van een vrouw en je luistert (...) naar haar stem die fluistert... dat het raam is gemaakt (...) dat daar nu weer glas zit... glas waar je doorheen kunt kijken (...) het bos in en de lente die bijna begint... zegt ze... fluistert ze... de lente die op het punt staat te beginnen...''

 

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

gast

gast