Hasse Simonsdochter door Thea Beckman

Beoordeling 7.4
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • 2e klas havo | 1400 woorden
  • 20 augustus 2006
  • 11 keer beoordeeld
  • Cijfer 7.4
  • 11 keer beoordeeld

Eerste uitgave
1983
Pagina's
300
Oorspronkelijke taal
Nederlands
Literaire thema's

Boekcover Hasse Simonsdochter
Shadow

In de tijd van de Hoekse en Kabeljauwse twisten is Kampen een belangrijke handelsstad, maar de vijftienjarige Hasse vindt het er maar druk en benauwd. Ze trekt er liever op uit met haar zelfgemaakte pijl en boog. Haar ouders zien haar het liefst getrouwd met een mattenvlechter, maar Hasse beslist anders. Ze redt Jan van Schaffelaar van het schavot door ter plekke met …

In de tijd van de Hoekse en Kabeljauwse twisten is Kampen een belangrijke handelsstad, maar de vijftienjarige Hasse vindt het er maar druk en benauwd. Ze trekt er liever op uit met…

In de tijd van de Hoekse en Kabeljauwse twisten is Kampen een belangrijke handelsstad, maar de vijftienjarige Hasse vindt het er maar druk en benauwd. Ze trekt er liever op uit met haar zelfgemaakte pijl en boog. Haar ouders zien haar het liefst getrouwd met een mattenvlechter, maar Hasse beslist anders. Ze redt Jan van Schaffelaar van het schavot door ter plekke met hem te trouwen. Samen trekken ze naar de Veluwe, waar hij als aanvoerder van een troep huurlingen de belangen van de hertog van Gelre behartigt. Hasse geniet van het vrije leven, maar Van Schaffelaar en zijn mannen zijn niet overal geliefd en van verschillende kanten dreigt gevaar.

Hasse Simonsdochter door Thea Beckman
Shadow
ADVERTENTIE
Studententijd zomerspecial

Heb jij de Zomerspecial van Studententijd de podcast al geluisterd? Joes, Steie, Dienke en Pleun nemen je mee in hun zomer vol festivals, vakanties en liefde. En kijken ook alvast vooruit naar de introductietijd van het nieuwe collegejaar. Luister lekker mee vanaf je strandbedje, de camping of onderweg. 

Luister nu!
Hasse is afkomstig uit een eenvoudig mandenmakersgezin, dat op de veluwe woonde. Het viel meteen op bij haar geboorte dat ze glinsterde ogen en donkere haren en ogen had. Toen ze ouder werd kreeg ze steeds meer driftbuien. Iedereen dacht dat ze een elfenkind (ook wel wisselkind) was. Er ging een verhaal rond dat de elfen bij de geboorte de kinderen omruilde. Je kon je eigen kind terug krijgen door het wisselkind slecht te behandelen. Dit deden haar ouders dan ook. Hasse is geen binnenkind, zodra het maar even kan was ze buiten. Dit wordt steeds meer, ze helpt haar ouders niet met werken maar gaat buiten “zwerven”. Dit deed ze vaak dagenlang zonder iets van haar te laten horen. Ze leert al snel hoe ze pijl en bogen moet maken, en hoe ze moet jagen. Ze maakt daar ook een hutje om te wonen.
In het voorjaar van 1477 is ze weer op de rietvelden. Alleen is ze er nu niet alleen, er zijn drie ruwe veedrijvers daar met hun vee. Omdat dat soort mensen niet bekend staan als netjes, en aardig, verstopt Hasse zich tussen het riet. Dan ontdekt één veedrijver haar, en hij pakt haar vast, en roept de anderen. Ze randen haar aan en Hasse schreeuwt maar niemand kan haar horen. Behalve een soldaat op een paard. Hij redt haar, en steekt één van de veedrijvers dood om haar te redden. De andere twee zijn inmiddels al weg gerend. Ze raken aan de praat, en ze komt erachter dat hij Jan van Schaffelaar heet. Hij is voor de helft van adel en verdient als huurling de kost. Hij is heel aardig voor haar, en zelfs als ze omkleed doet hij geen poging haar te bekijken. Dit was nog nooit voorgekomen, iemand die Hasse mocht. Hij brengt haar thuis, en gaat verder.

Een week later hoort Hasse bij toeval dat Jan van Schaffelaar is opgepakt in Kampen en zal worden onthoofd. De twee veedrijvers hadden hem aangegeven. Hasse besluit op de dag van de terechtstelling naar Kampen te gaan. Ze kruipt door de mensenmassa heen, en staat vooraan. Ze besluit Jan te redden, zoals hij haar gered had. Ze verbid hem, dat wil zeggen dat ze met hem trouwt en zo hem kan redden. Ze worden verbannen uit Kampen en moeten meteen vertrekken. Ze vertrekken naar Zutphen waar Jan verwacht word door zijn opdrachtgever genaamd heer Wijnand. Hij neemt de leiding over een groep huurlingen die hertog Adolf van Gelre zullen helpen met veroveren van Doornik op de Franse koning. Hasse is genoodzaakt daar te blijven. Jan huurt een huisje voor haar voor de rest van de zomer. Maar Hasse haat een vieze, stinkende en drukke stad, en besluit de bossen in te trekken om te leven zoals ze al altijd gedaan had, maar dit keer asl jongen. Op weg naar de bossen, koopt ze een hond: Tieske. Tegen de tijd dat Jan terug zou komen, gaat Hasse terug naar de stad. Ze zoekt heer Wijnand op, en hoort tot haar verbazing dat de strijd bij Doornand slecht is afgelopen, en niks meer gehoord heeft van de groep soldaten. Hij zegt ook dat Jan waarschijnlijk gesneuveld is. Hasse verlaat diep bedroefd de stad en gaat de bossen in op zoek naar het huisje waar ze hun eerste nacht samen doorgebracht hadden. Twee dagen later komt Jan aan in Zutphen, en gaat naar heer Wijnand. Dan hoort hij van hem dat ze vertrokken is. Jan gaat onmiddellijk op zoek naar Hasse. Hij dacht dat ze naar het huisje zou gaan van de eerste nacht. Daar is ze dan ook, als Jan haar vindt, eerst geloft hij haar niet, omdat ze nog als jongen verkleed is, maar later wel.
Jan krijgt dan een nieuwe opdracht om geldtransporten van belasting- inners te overvallen. Jan en Hasse vertrekken met een groep huurlingen naar de Veluwe (ook wel De Graafschappers genoemd). Die groep bestaat uit een stuk of 20 man. Ze nemen hun intrek in een boerenhoeve en hebben veel succes met hun overvallen. Op een avond komen er bij de hoeve twee monniken aan: Tomas en Egidius. Ze handelen in aflaten. Ze krijgen onderdak, maar de mannen van Van Schaffelaar jagen de broeders tegen zich in het harnas. Vooral Egidius bijt flink van zich af en waarschuwt dat ze nog niet van hem af zijn. Hasse krijgt er een onbehaaglijk gevoel van.

Dan begint een nieuw hoofdstuk dat over Gerrit van Wou gaat. Geert is 16 jaar oud, en gaat op bezoek bij zijn oom Geert van Wou, een klokkengieter. Gerrit wil ook klokkengieter worden, en krijgt samen met zijn oom Geert een opdracht om naar Kampen te gaan. Dat doen ze dan ook. Het bevalt hun zo goed in Kampen dat ze zich daar willen vestigen. Het stadsbestuur gaat daar mee akkoord. Voor de nieuwe opdracht hebben ze veel brons nodig, en moet dat in Amsterdam gaan halen, Gerrit reist mee. Geert is bang voor water, dus gaan ze met een wagen. Op de veluwe worden ze overvallen door de bende van Jan van Schaffelaar. Gerrit raakt onder de indruk van Hasse, en vraagt zich af hoe ze tussen die schurken kan leven. Dit vraagt hij haar na een paar dagen dan ook, en ze wordt woedend. Ze kan niet tegen gepreek dat ze beter kan krijgen, want Jan geeft om haar zoals nog niemand ooit gedaan heeft en dat is alles dat telt voor Hasse. Ondertussen probeert Jan te onderhandelen met Kampen om losgeld te krijgen voor de klokkengieters. Kampen wil geen losgeld betalen en Jan laat hen gaan. Enkele maanden later (rond 1481) veranderd de politieke situatie, en zijn ze genoodzaakt een nieuwe opdrachtgever te zoeken. Ze worden huurlingen van de bisschop van Utrecht en vestigen zich in het Achterveld, niet ver van Barneveld. Hasse blijkt zwanger te zijn. Ze krijgt een meisje : Lysken genoemd, naar Jan’s moeder.
In Amersfoort is de monnik Egidius druk bezig met de burgemeester overtuigen om een legermacht op te stellen om De Graafschappers uit te schakelen. Dit lukt hem, en de hoeve van De Graafschappers worden omsingeld. Een deel van de groep (onder andere Klein Butsken) weet weg te komen en nemen Lysken en Tieske mee. De rest besluitzich terug te trekken in de kerk van Barneveld, dit was Barneveld’s trots, en zouden ze niet beschieten. Dit hadden De Graafschappers fout ingezien, want er volgt een hevige strijd die niet stopte voor ze Jan hadden. Jan stelt voor om zichzelf over te geven om hun te redden en vooral Hasse. De rest van de groep stemt in, waardoor Hasse helemaal doordraait. Ze begrijpt niet waarom ze hem laten gaan terwijl hij hen altijd goed verzorgt heeft. Jan wil met Hasse praten, hij verteld haar dat hij geld gespaard heeft voor haar en Lysken. En ze moet hem beloven z’n dochter op te voeden. Ze gaan nog als groep bij elkaar zitten, en plotseling duwt Jan Hasse in de armen van Blauwpoeper en zegt: “Hier, hou haar stevig vast”. En voordat het tot iemand doordringt wat hij doet, stapt hij op borstwering, zette zijn handen in zij en riep: “Hier hebben jullie Jan van Schaffelaar”, en sprong van de borstwering.
Hasse was zo verbaast dat hij haar achterliet, dat ze de kerk uit wilde lopen. De rest van de groep hield haar tegen, en liepen samen de kerk uit, en ze ontkwamen net aan het nippertje van Egidius, die Hasse wilde verbranden als heks.
Hasse komt dan klein Butsken tegen die Lysken en Tieske bij zich heeft. Klein Butsken blijft bij haar, Tieske en Lysken om voor hen te zorgen. Hij rooft eten voor hen, maar dan wordt hij betrapt en opgepakt. Ze wil heb verbidden en hem redden, maar ze krijgt de woorden niet over haar lippen, en gaat weer weg als hij opgehangen wordt. Ze besluit om terug naar Kampen te gaan. Daar bouwt ze een nieuw leven op als waarzegster. Hasse blijft bang voor Egidius die nog steeds op zoek is naar haar. Na een paar jaar besluit Gerrit op bezoek te gaan bij de waarzegsteromdat hij Hasse niet uit zijn hoofd krijgt. Daar komt hij erachter dat de waarzegster Hasse is, en doet haar een huwelijksaanzoek. Ze weigert eerst een paar keer, en dan stopt het verhaal met de schuingedrukte tekst:

Bijna vijf eeuwen later vond een historicus in de kamper archieven een aantekening over ‘Hasse, meyster Ghert clockgieters husfrou’.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Andere verslagen van "Hasse Simonsdochter door Thea Beckman"