Lesuitval, een mondkapjesplicht, onzekerheid over de eindexamens... Wij zijn benieuwd hoe jij met de coronacrisis omgaat en wat jij vindt van de maatregelen. Doe mee met ons corona-onderzoek! 😷🦠🏫 We zoeken nog extra jongens!

Doe mee


ADVERTENTIE
Open Dag = online ontdekken en ontmoeten

Bezoek onze Online Open Dag dit jaar vanaf je bank! Ontdek bijzondere verhalen van onze studenten en docenten. Stel je vragen. Én luister naar onze gezellige radioshow! Klaar voor een toekomst als student in het hbo? 

Meld je dan nu aan!

Karakters

De twee hoofdpersonen in het boek zijn in het verhaal om Leons verhaal heen Gerard, en in Leons verhaal Leon. Hier volgen hun



karakterbeschijvingen:

Gerard: Gerard is ongeveer veertien jaar oud, en is één van de vijf gijzelaars. Hij is in het begin erg bang voor de gijzelnemers. Hij is best wel emotioneel, wat je aan zijn angst, en na het verhaal van Leon, aan zijn medeleven ziet. Hij wordt om de grappen en domme opmerkingen van Henk meestal boos, en begrijpt vaak niet waarom mensen dingen wel of niet (durven te) zeggen. Flink is hij niet echt, wat hij ook niet probeert te zijn. Hij vindt het niet fijn als de dingen op hem aankomen en houdt zich soms het liefst klein. Hij vindt het daarom ook niet fijn om beslissingen te nemen, vooral niet als er veel van afhangt.



Leon: Leon is in “zijn” verhaal de hoofdpersoon, hoewel hij in het verhaal eromheen ook een grote rol speelt. In zijn eigen verhaal is hij geschat zo’n 14 jaar oud, en in het verhaal eromheen zo’n 24. Hij wordt vaak nogal sner nerveus, en kan soms zijn woede niet verbergen. Hij verbaast zich erg vaak over dingen, ookal had hij ze al zien aankomen. Hij geeft in sommige gevallen aardig snel de moed op, bijvoorbeel als zijn plannen volledig moeten worden gewijzigd. Als de omstandigheden net iets minder gunstig zijn, blijft hij nog wèl streven. Hij is soms jaloers, wat je kan kan zien aan zijn boosheid jegens Chris, die ook met Shaira (waar hij verliefd op is) optrekt. In dat geval wordt hij om de meest onbenullige dingen al boos, en is dus zijn humeur verpest. Emotioneel is hij wel, maar dit kan ook ongeveer niet anders omdat in mijn mening bijna iedereen dat wel wordt als er twee vrienden van je in korte tijd worden doodgeschoten (Shaira en Felix), waaronder Shaira waarop hij verliefd is.





Tijd, plaats en meer

De tijd waarin het boek geschreven is is het heden, in de hij-vorm (3e persoon). Het verhaal is een raamverhaal, want in het verhaal zelf verteld Leon zijn eigen verhaal, wat ongeveer 2/3 van het boek in beslag neemt. Het verhaal om Leons verhaal heen zou zich nu af kunnen spelen, zo ook Leons verhaal, ookal is dat tien jaar voor het verhaal zelf gebeurd.

Het land waar Leons verhaal zich afspeelt wordt niet duidelijk, alhoewel er wel wat dorpen en steden worden genoemd zoals Vilaka en Timboro. Het is wel duidelijk dat het zich afspeelt in een land waar oorlog is, en waar tot het einde van het boek nog geen vrede heerst. De plaats is hier voor het grootste deel in het instituut, maar ook nog in veel andere plaatsen van het land. Het verhaal eromheen speelt zich alleen af in een klaslokaal van een middelbare school, die ergens in Nederland staat. Het hele boek speelt zich af in drie dagen en twee nachten (Leon verteld zijn verhaal in ongeveer zo’n 5 uur).



Titelverklaring

De titel “gegijzeld” is aardig makkelijk te verklaren, omdat de vier kinderen en hun docent door twee mannen worden gegijzeld. Toch zit er volgens mij nog een klein beetje meer achter, omdat je je kunt afvragen of het wel een echte gijzeling is, omdat de kinderen juist Leon en David gelijk gaan geven en één van de vijf gegijzelden (de leerling Bertus) het daar eigenlijk fijner vind dan de moeilijke situatie thuis.



Het verhaal in het kort



Elke dinsdag krijgt Gerard na school samen met zijn klasgenoten Jacqueline en Bertus bijles van wiskundeleraar de Rooy. Henk zit er deze keer ook bij omdat hij als straf extra moeilijke wiskunde sommen moest maken, die hij in de les nog niet af had. Opeens horen ze een schot, en even later staan er twee gewapende mannen in de deuropening. Ze bevelen de vier kinderen en hun docent te gaan liggen en schieten als waarschuwing een paar kogels door het plafond. Na een lange tijd stilte mogen ze weer gaan zitten en haalt één van de mannen een radio uit zijn tas die hij aan zet. Bij het nieuws wordt duidelijk dat ze betrokken zijn bij een gijzeling. Ze zullen de volgende middag om 12:00 worden vrijgelaten, mits de minister-president persoonlijk op radio en televisie verteld dat 60 politieke vluchtelingen, die hun toevlucht hebben gezocht in Nederland, worden toegelaten. Er wordt niet verteld wat er gebeurd als hier niet aan voldaan wordt. Na een tijdje moet Gerard een briefje voor het raam hangen waarop staat dat op bepaalde tijden eten moet worden gebracht. De volgende dag om 12:00 wordt op de radio niet meegedeeld dat de politieke vluchtelingen worden toegelaten, noch de dag daarna. Langzaam beginnen de terroristen wat meer te zeggen en wordt door hun accent duidelijk dat zij zelf ook uit een ander land komen. Eén van de twee, die Leon blijkt te heten, kan al aardig goed Nederlands, maar de ander, David, spreekt het nog erg gebrekkig. De gijzelnemers worden steeds losser en daarmee ook de gijzelaars. Drie dagen na het begin van de gijzeling worden de kinderen nieuwsgieren en vragen naar het verleden van Leon. Hij begint “zijn” verhaal te vertellen.

Leon, zijn zus Ramona, zijn broer Edgar en hun vader liggen thuis in bed als ze opeens een auto horen. Ze vrezen dat het de GEPO (geheime politie van de “slechte”, heersende partij) is. Ze verstoppen Edgar, die fel tegen de partij strijd, snel in zijn schuilplaats achter de kast en gaan snel weer in bed te liggen alsof ze niets gedaan hebben. Dan wordt er op de deur gebonsd en hun vader doet open. Het is inderdaad de GEPO die naar Edgar vragen. Leons vader vertelt hen dat Edgar nog steeds in het dorp is, en na een huiszoeking moet de vader zelf meekomen. Leon probeert hem te redden door met een deegroller op het hoofd van de mannen te slaan, maar hij mist, waardoor ze alleen maar nijdiger worden. De GEPO nemen hun vader mee en komen de volgende dag weer terug. Edgar wordt weer snel in zijn schuilplaats gestopt, maar deze keer worden Leon en Ramona meegenomen. Edgar kan zelf de kast van binnenuit niet wegduwen, wat dus zijn dood zou betekenen. Als ze door het dorp lopen doet Leon net of hij moet overgeven, en geeft dan stiekem een sein aan een familie in het dorp dat Edgar nog achter de kast zit. Hij hoopt dat ze het gezien hebben want hij wordt weer verder meegenomen door de GEPO en in de achterbak van een busje gesmeten.



Na een lange reis, waarvan Leon en Ramona niet de richting konden bepalen, komen ze aan bij een groot grauw gebouw. Leon en Ramona moeten naar binnen en moeten het kamertje van de directeur in. Er worden wat vragen gesteld en ze komen er achter dat ze op een soort van strafkamp terecht zijn gekomen, wat eigenlijk een kindertehuis zou moeten zijn. Ramona wordt naar een ander gebouw, de meisjesafdeling, geleid, en Leon wordt naar kamer 20 gebracht. Hij treft hier vijf andere jongens aan, die hem een beetje uitleggen waar hij beland is. Er gaat een zoemer en ze vertellen hem dat hij zijn bord en bestek uit de kast moet meenemen. Hij pakt zijn bord en loopt met de anderen mee. Als ze aan hun tafel zitten met een bord eten komt er een man langs die boos wordt op Leon omdat hij geen bestek heeft. Hun hele tafel (dus de 6 jongens uit kamer 20) moet zonder eten naar hun kamer terug. Ze worden een beetje boos op Leon maar hij vinden dat hij het ook niet kon weten. Nu leggen ze hem alles uit. Er zijn 25 kamers, per kamer 6 jongens, en als je braaf bent mag je een kamer omhoog. Als je in kamer 1 komt en het lukt je alles goed te doen mag je weg. Als iemand iets fout doet wordt de hele kamer er voor gestraft. Er zijn 10 basisregels die op de muur zijn geprikt waar je je ten alle tijden aan moet houden. Je moet een kostuum aan, en altijd doen wat ze je bevelen. Na een dag kan hij zijn angst om Edgar, die misschien wel dood gaat van de honger in zijn schuilplaats, niet meer inhouden. Hij gaat naar de directeur en verteld hem dat er toch nog iemand in zijn huis is. De directeur wordt erg boos en stuurt hem weg omdat hij hem had voorgelogen. Ze krijgen les. Nouja, ze moeten alleen maar nazeggen wat hun leraar zegt. Een jongen uit zijn kamer verteld hem dat dat bedoelt is om je te hersenspoelen. Na een tijdje komt de directeur naar hem toe en wordt erg boos omdat hij nóg een keer gelogen had, Er was namelijk niemand meer in het huis gevonden. Daarna krijgen ze pleinoefeningen, bestaand uit veel lopen en zware oefeningen. Door Leons misselijkheid lukt het hem niet en hij valt flauw.



Hij wordt wakker in een ziekenzaaltje waar ook wat andere jongens liggen. Het blijkt het “ziekenhuisje” bij het instituut te zijn. Hij praat wat met een jongen die Felix heet en eczeem heeft. Hij vertelt dat er één zuster is, en ook dat er ook een zaaltje is waar de zieke meisjes verblijven. Na een tijdje komt de zuster, een aardige vrouw die hem een glas water brengt. Een paar uur later komt er ook nog een dokter die iedereen kort even onderzoekt. Felix verteld dat hij elke week komt. Leon ontmoet ook Shaira, die soms stiekem van de meisjeskamer naar de jongenskamer toe komt om te praten. Na een week in het zaaltje te hebben doorgebracht komt de zuster naar hem toe en zegt tegen hem dat hij nog niet beter is, maar dat hij van de dokter zeker weten weer terug zou moeten. Hij wordt door haar stiekem naar een schuurtje gebracht waar hij moet schuilen tot de dokter weg is. Terwijl Leon daar is, bedenkt hij dat hij met het gereedschap wat daar ligt makkelijk het hek kapot zou kunnen maken en ontsnappen. Hij legt een grote nijptang bij de richel van het dak en wacht. Na een paar uur komt een bewaker het schuurtje binnen. Leon wordt bang, maar het blijkt dat hij er van weet en hem weer terug komt brengen. In de week die volgt bedenkt hij een plan om te ontsnappen en verteld het aan Shaira. Shaira en Ramona moeten zorgen dat ze na een tijdje weer terug komen op de ziekenzaal, en moeten dan lakens uit het raam hangen als sein aan Leon. Weer terug in het instituut moeten de kinderen ook nog een keer naar “de steengroeve” waar ze blokken steen kapot moeten slaan. Leon kan hier mooi aan zijn conditie werken, die hij nodig heeft voor zijn ontsnapping. Er is ook veel onrust in het instituut en ze komen erachter dat de leider in het land onttroond is. Een paar dagen later ziet hij lakens uit het raam van het ziekenhuisje hangen. Hij doet net alsof hij perongeluk tegen de ruit valt en snijdt zich met een groot stuk glas. Hij moet naar het ziekenhuisje, maar Walter en Chris (twee jongens uit kamer 20) moeten met hem mee. Eenmaal in het ziekenhuisje ontmoet hij Ramona en Shaira weer. Hij vertelt ook aan Walter en Chris dat hij wil ontsnappen maar dat dat nu toch niet meer kan omdat hij zich moet melden bij de directeur. Maar Chris zegt dat het wel kan als ze nu zouden gaan, en dat doen ze. Ze gaan met z’n vieren: Chris, Ramona, Shaira en Leon. Plotseling horen ze dat er een bewaker aankomt. Felix zegt dat hij hun zal helpen en net zal doen of hij gaat onstnappen. Ze gaan naar buiten. Het stormt hard terwijl Chris, Ramona, Shaira en Leon zachtjes naar het schuurtje lopen, en Felix luid schreeuwens rond rent. Ze vinden in het donker de nijptang bij het schuurtje, knippen het hek door en rennen weg.

Ze horen Felix ver weg nog steeds schreeuwend rondrennen, wat beëindigt wordt door het geratel van een machinegeweer. Leon verstijfd maar probeert niet aan Felix te denken. Ze rennen verder tot ze bij een steile helling komen. Ze glijden en rennen naar beneden en vorderen snel. Opeens blijft Shaira stilstaan en zakt door haar knieën. Er gaat nog een schok door haar heen voor ze stil op de grond blijft liggen. Leon weet dat ze epilepsie heeft en ze besluiten dat Chris haar maar op zijn rug moet meenemen, omdat anders hun voorsprong op de bewakers van het instituut te klein zal worden. Na nog een tijd rennen komen ze aan bij het schuurtje wat bij de steengroeve staat en besluiten daar te rusten. De deur van het schuurtje zit op slot maar met een touw dat ze bij het schuurtje vinden, maken ze een kleine constructie waardoor het slot van de deur afvliegt. Ze rusten een tijdje tot Shaira weer bijkomt. Met de lucifers die ze vinden kunnen ze zwak licht maken en vinden daarbij dynamietstaven die Chris in zijn zak stopt. Ook pakken ze wat touw en houwelen voor onderweg. Ze besluiten dat ze naar Vilaka zullen gaan, het dorpje waar Ramona en Leon woonden. Na een tijdje gaan ze verder en komen aan bij een dorpje. Ze doen zo zacht mogelijk maar toch gaat er een waakhond blaffen. Er gebeurt echter niets dus ze lopen weer verder tot ze te moe zijn om verder te gaan en een schuurtje vinden waar ze gaan slapen. De volgende morgen worden ze wakker en besluiten verder te gaan en naar eten te zoeken.



Na een tijdje zien ze een jongetje met een appel en Shaira gaat erop af. Ze vraagt aan het jongetje of hij nog meer appels heeft, waarna hij ze gaat halen. Even later komt hij samen met zijn moeder terug, die vraagt of ze van het instituut ontsnapt zijn, waarop ze instemmen. Ze neemt ze mee, geeft ze te eten, geld, nieuwe kleren, en leent ze een bootje om naar de overkant van het meer te komen. Ze vertelt dat ze dat allemaal doet omdat haar man eerst op het instituut werkte maar is opgepakt omdat hij tegen de handelswijze daar was. Ze vertelt ze ook dat ene generaal Fedoro in opstand is gekomen en hoopt dat ze de staatsgevangenis in Timboro ook bevrijden, waar haar man opgesloten zit. Ze begrijpen dat ze eigenlijk wil dat ze naar Timboro gaan en proberen haar man te begrijpen en besluiten om dan maar naar Timboro te gaan. Ze roeien naar de overkant van het meer en nemen vanaf daar de trein naar Timboro. Onderweg wordt de trein tot stilstand gebracht door de GEPO en ze worden uit de trein gehaald omdat ze geen persoonsbewijzen hebben. Ze worden meegenomen in een jeep. Chris stopt zijn dynamietstaven snel onder de bank omdat ze misschien een nog ergere straf kregen als ze die vonden bij het fouilleren. Opeens stoppen ze en wordt van beide kanten van de jeep geschoten. Ze gaan liggen maar opeens wordt Shaira geraakt. Ze maakt een heftige beweging en blijft dan still liggen. Het vuren houdt op en Shaira blijkt nog te leven. Met haar laatste kracht zegt ze nog dat ze een licht ziet dat naar haar toe komt. Dan overlijdt ze. Ze moeten uit de auto komen en opeens staat Edgar daar. Leon wil niets meer met hem te maken hebben omdat zij Shaira hebben neergeschoten. Leon geeft zijn weerstand op en gaat willoos met de bevrijders mee.



Dit is het eind van Leons verhaal en iedereen is ontsteld. Leon verteld dat het daarna alleen nog maar erger in was geworden. Edgar was opgepakt door Fedorin omdat hij weer in opstand kwam omdat ook Fedorin misbruik ging maken van zijn macht. Hij vertelt dat dat alles ongeveer tien jaar geleden gebeurd is. De sfeer is anders geworden, en bijna niemand durft iets te zeggen. De volgende nacht wordt Gerard opeens midden in de nacht wakker en ziet dat hij makkelijk zou kunnen ontsnappen. Tot zijn eigen verbazing doet hij het niet, wat minder een dag geleden anders was geweest. Opeens hoort hij heel zacht gekraak op het dak. Henk wordt van hem wakker en Gerard verteld hem snel dat er volgens hem mensen op het dak lopen. Daar wordt Leon ook wakker van en Henk zegt hem wat Gerard net tegen hem had gezegd. Hij maakt ook David wakker en wachten. Opeens horen ze het nog een keer, maar net voordat ze willen schieten zegt de Rooy dat ze de portofoon moeten gebruiken. De Rooy pakt de portofoon en verteld dat ze moeten verdwijnen. Ze horen dat iemand van het dak wegloopt. Die hele ochtend blijven ze praten en Leon verteld dat hij David drie jaar later is tegengekomen. Dan zegt Leon dat ze weg moeten gaan, dat ze vrij zijn. Maar ze willen blijven, tot Leon en David opgeven, of niet. Leon wordt eerst boos maar vindt het daarna goed. Dan moet de Rooy van Leon door de portofoon vertellen dat Leon en David opgeven. Aan hun wil is niet voldaan, en zal ook niet voldaan worden. Even later komen er zes zwaar bewapende mannen het lokaal binnen en Leon en David worden met grof geweld geboeit. Woede maakt zich van Gerard meester omdat de politiemannen zo ruw zijn tegen Leon en David, maar hij kan niets doen. Willoos laat hij zich meevoeren en weet niet of hij blij of verdrietig moet zijn.



De auteur

Op 12 juli 1937 werd Evert Hartman geboren te Dedemsvaart. Hij bracht zijn verdere jeugd door in Kampen. Na zijn studie sociale geografie werd hij leraar aardrijkskunde in Hoogeveen, een beroep dat hij tot 1993 naast zijn schrijverschap heeft uitgeoefend. Na drie boeken voor volwassenen verscheen in 1979 zijn eerste jeugdboek, Oorlog zonder vrienden. Dit boek en de velen die volgden werden door plaatselijke kinderjury’s vele malen bekroond. Waarschijnlijk interesseerde het veel kinderen, omdat hij door zijn leraarschap goed wist waar de jeugd interesse voor had. Voor Oorlog zonder vrienden ontving hij de Europese Jeugdboekenprijs 1980 voor actuele literatuur. Bekroond met de Prijs van de Nederlandse Kinderjury werden: Morgen ben ik beter (1987), Niemand houdt mij tegen (1991), De voorspelling (1993) en De vloek van Polyfemos (1994). In april 1994 overleed hij op 57 jarige leeftijd.



Eigen mening

Ik vond het boek erg realistisch, omdat het in een land waar nu oorlog is nu net zo goed kinderen in een instituut zitten en willen ontsnappen. Het wordt aan het begin van het boek nog niet “verklapt” wat er gaat gebeuren. Je zou aan het begin zelfs kunnen denken dat de gijzelnemers twee terroristen zijn die net een bank hebben beroofd en nu gijzelaars nemen om vrij te komen. Evert Hartman laat je zelfs het vermoeden krijgen dat de gijzelnemers in het boek wel minstens één van de gijzelaars gaat neerschieten, maar laat je langzaam zien dat dit niet hun bedoeling is. Ik kreeg ook meer begrip voor gijzelnemers die mensen gijzelen om andere mensen te helpen. Je hoort ook wel eens verhalen van gijzelaars die later met hun gijzelnemers trouwen, wat door dit boek een beetje te begrijpen is. Ik vind dat Hartman eigenlijk het deel dat ze in het klaslokaal zitten moest schrappen, zodat alleen Leons verhaal overblijft, en dan het gedeelte dat ze Nederland binnenkomen erbij. Daarbij zou het verhaal dus uit Leons perspectief geschreven moeten worden. Het verhaal is erg meeslepend, vooral het verhaal van Leon. Omdat Leons verhaal zo meeslepend is, had ik daarna niet meer zo’n zin om het “saaie” gedeelte verder te lezen. Het eindigt eigenlijk anders dan ik had verwacht, want Leon en David geven gewoon op, en komen bijna zeker in de gevangenis terecht.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.