A. Zakelijke gegevens

Titel van het boek: Een hart van Steen
Naam van auteur: Renate Dorrestein
Uitgever: Wolters-Noordhoff (lijsters)
Jaar van uitgave: 2003
Aantal pagina’s: 205

B. Uitleg keuze boek

Ik heb voor het boek “een hart van steen” gekozen omdat de achterkant van het boekje me aansprak. Ook had ik gehoord van een vriendin dat het een leuk boek was. Ik was nieuwsgierig geworden, ik wilde meer weten.

C. Eerste persoonlijke reactie

Dramatisch en geloofwaardig

D. Korte samenvatting van de inhoud

Het boek gaat over familie van Bemmel. Het gezin bestaat uit: vader Frits, moeder Margje, Sybille, Kester, Ellen, Michiel (broers en zussen noemen hem Carlos). Op een dag maken de ouders bekend dat ze in verwachting zijn van het vijfde kind. Ellen vindt het helemaal niets. Ellen vindt het huis al te vol. Haar vader vraagt aan Ellen of ze een naam wilt verzinnen voor de baby. Ze verzint de lelijkste naam die ze kent, Ida. Een lelijkere naam kon ze niet verzinnen: het rijmt op malaria en als je een paar letters bij deed kon je er diaree van maken. Ondertussen krijgt Michiel (Carlos) een kokende pot met water over zich heen. Michiel was ernstig verbrand en moest met spoed naar het ziekenhuis. De ouders van Ellen hadden een eigen knipsel bureau wat vast zat aan hun eigen huis: Bureau van Bemmel. Frits en Margje werktten heel hard. Margje stopte met werken toen Ida werd geboren. De kinderen en hun vader zorgden voor Ida omdat hun moeder te moe was. Ida dronk niet goed, als ze haar fles op had, kwam alles er weer uit. Ida moest geopereerd worden aan haar maagvernauwing, er werd een nieuwe doorgang gemaakt tussen haar slokdarm en haar maag. Haar moeder sliep toen Ida en haar vader naar het ziekenhuis gingen. Ellen vertelde het nieuws over Ida’s operatie toen haar moeder wakker werd. Haar moeder werd heel kwaad en gaf Ellen een klap in haar gezicht. Ze dacht dat Ellen en Sybille haar hadden verdoofd. Later komt Ellen’s moeder weer tot rust. Ze bied haar verontschuldigingen aan. Er gebeuren steeds rare dingen met Ida. De ene keer is haar arm gebroken, de andere keer heeft ze allemaal blauwe plekken op haar been. Ellen voelde zich schuldig Ze had die rotnaam bedacht en boze machten opgeroepen. Ellen bedacht een nieuwe naam voor Ida, Sophie.
familie zocht naar moeder en kind. Ellen besloot om naar huis te gaan. Daar trof ze haar moeder aan met Ida in haar armen.

Ellen merkt op dat haar moeder de laatste tijd heel vreemd doet. Ellen’s moeder wil niet dat er iets gebeurd met Ida. Ze raakt helemaal geobsedeerd door God. Alles moet uit Gods wil, maar dat betekent eigenlijk, wat zij denkt dat God wil.
Ze doopt Ida steeds in bad en drukt hierbij haar hoofdje helemaal onder water. Ook laat ze de andere kinderen tot haar bidden dat er niks met Ida zal gebeuren. 's Nachts loopt ze vaak met haar baby door het huis te dwalen. Ze doet dit omdat ze denkt dat God dit wil.
Margje draait steeds verder door en ziet nog maar één oplossing om haar kinderen, man en zichzelf te kunnen beschermen. Ze denkt: 'Nu hun zielen nog rein zijn, moet ik ze redden.' Ze besluit zichzelf en haar man en kinderen te doden. Margje laat Ellen vitaminepillen op schoteltjes leggen; zodat iedereen meer weerstand heeft. Later in het boek bleek dat het geen vitamine pillen waren. Het waren hele sterke slaappillen die Margje ook een tijd had gebruikt.
Ellen sloeg bij het avondeten het toetje over omdat ze een grote wandeling op het strand wilde gaan maken met Orson.
Bij thuiskomt zag ze in de keuken Billie en Kester met plastic zakken over hun hoofd schuin in hun stoel hangen. Op het aanrecht lag een plastic zak waaruit de voetjes van Ida steken. Eerst dacht ze dat het een grapje was. Toen ze de levenloze lichamen vond van haar ouders, wist ze dat het echt was. Ellen hoorde wat gehoest onder de tafel. Het was Carlos. Hij leefde nog. Ze nam hem mee naar de kelder, Ellen was helemaal verward.
Ellen en Carlos, de enige van Familie van Bemmel die de afgrijselijke gebeurtenis hadden overleefd, zijn terecht gekomen in een tehuis, ‘De Eenhorn. Ellen had veel psychische problemen. Carlos werd geadopteerd door de Familie Kamphuis. Ellen vond dat verschrikkelijk. Haar enige familielid die ze nog had werd bij haar weggehaald. Ellen heeft in haar jeugd veel psychiaters versleten. Ze kwamen allemaal op het zelfde neer: Je moet het verleden achter je laten. Ellen hoorde in gedachten haar broer Kester en zus Sybille praten. Hoe kon je dan je verleden achter je laten? De psychiaters vertelde Ellen ook waaraan haar moeder leed. Margje leed aan postnatale depressies. Toentertijd waren er nog geen medicijnen tegen. Ellen’s moeder verminkte Ida, omdat ze dacht dat ze offers moest bregen om het kind gezond te maken.

Als Ellen volwassen is keert ze terug naar haar ouderlijk huis op de lijsterlaan. Ellen was net gescheiden van Thijs. Ellen was ook in verwachting van een baby, die ze Ida-Sophie noemt. In het boek wordt niet duidelijk wie de vader is. Ze ging naar de Intratuin voor wat plantjes voor in haar tuin. Daar ontmoet ze Bas, die vroeger voor haar vader had gewerkt. Ze praten wat. Bas en Ellen worden goede vrienden. Bas helpt haar met de tuin, omdat Ellen zwanger is. Ellen denkt in de Lijsterlaan veel terug aan vroeger. Ze haalt alles beetje bij beetje op uit het verleden. Ellen kreeg bijna een miskraan. Ze mocht van de dokter 2 weken niet lopen. Hij bood iemand aan die bij haar kon komen wonen om haar te verzorgen. Een allochtoon, Lucia. Lucia kwam bij haar wonen, samen met haar drie dochters. Lucia was op de vlucht voor haar man en heeft al in veel 'Blijf-van m'n lijf"huizen gezeten. Ze verbiedt Ellen elk contact met de buitenwereld omdat ze bang is dat haar man haar dan vindt.
Ellen had genoeg tijd om na te denken over wat er vroeger is gebeurd. Herinneringen die ze 25 jaar lang heeft verdrongen, komen weer boven. Ze herinnert zich precies wat er was gebeurd. Ook laten haar dode broer en zus, kester en Billie, haar niet met rust.
Om met het verleden af te rekenen, gaat Ellen naar de kelder waar ze alle herinneringen weer naar boven laat komen. Nu beginnen alle stukjes van de puzzel in elkaar te vallen: haar moeder was haar gewoon vergeten! Ze had te veel aan haar hoofd, want hoe kon ze haar gezin tegelijkertijd ombrengen? Eerst Billie en Kester, daarna Carlos en Ida en als laatste Frits en zichzelf. “In haar paniek en opwinding heeft mijn moeder me niet gemist', denkt Ellen. 'Mijn bestaan was haar eenvoudig ontschoten. Als ze ook maar één tel had kunnen pauzeren om te denken Ellen! Dan had ik drie kilometer verderop op het strand misschien wel gevoeld of gehoord dat er iets was.” Toen Ellen weer mocht lopen ging ze naar de kelder. Ze hoorde nog steeds de stemmen van haar broer Kester en haar zus Sybille. Ze wil hun uit haar hoofd zetten. De stemmen vragen: “Laat je ons in de steek?” “Ja”, zegt Ellen, “maar ik kom snel terug ik ga ook een keer dood.” Zo neemt Ellen afscheid van haar verleden en van Billie en Kester. Ellen krijgt wat met tuinman Bas. Ze besluiten om samen het huis op te knappen en het te verkopen. Ellen verzint ook nog een andere naam samen met Bas. Zo kan ze het verleden helemaal achter zich laten.

E. Bespreking van een aantal verhaal aspecten

Fictie en werkelijkheid

Dit boek is fictie. Het gaat niet over werkelijke gebeurtenissen, de personages bestaan niet in het echt. Het verhaal zou kunnen gebeuren of al gebeurd kunnen zijn.

Spanning en open plekken

In het verhaal zat veel spanning. Er waren veel open plekken die ervoor zorgden dat er bijna in het boek genoeg spanning was. Gelijk bij het begin van het verhaal waren er al veel open plekken. Wat was er precies aan de hand met haar moeder? Aan het eind van het boek werden alle vragen goed beantwoord.

Personages

Hoofdpersoon (personen):

- Ellen van Bemmel: Ze vertelt aan de hand van foto’s in een fotoboek over haar jeugd. Haar levensverhaal wordt verteld, van ongeveer haar twaalfde tot aan het heden, 37 jaar. Je beleeft het verhaal door haar ogen. Ellen was vroeger een heel ondernemend en een zorgzaam kind. Nadat Ellen’s moeder haar familie heeft vermoord, wordt Ellen harder. Ook is Ellen heel onzeker.

Bijpersonen:

- Margje van Bemmel: Margje is Ellen’s moeder. Zij speelt ook een belangrijke rol in dit boek. In het begin is ze een zorgzame lieve moeder.

- Frits van Bemmel: Frits is Ellen’s vader. Hij is eenhardwerkende, goede vader. Frits houdt heel erg van zijn kinderen.

- Sybille van Bemmel: Sybille is Ellen’s grote zus. Ze is een paar jaar ouder dan Ellen.
Sybille is een eigenwijze puber. Ellen ziet Sybille als haar grote voorbeeld.

- Kester van Bemmel: Kester is Ellen’s grote broer. Hij is heel zorgzaam voor zijn broertjes en zusjes.

- Michiel van Bemmel: Michiel is Ellen’s kleine broertje. Iedereen noemt hem Carlos
behalve haar moeder. Ellen zorgt heel goed voor Carlos. Carlos vraagt van alles aan
Ellen. Carlos is nog erg jong, dus je kan niet veel zeggen over zijn
karaktereigenschappen.

- Ida van Bemmel: Ida is het vijfde kind van Frits en Margje en het zusje van Ellen.

- Bas Veerman: Bas Veerman werkte vroeger bij Bureau Bemmel. Ellen komt hem tegen 25 jaar later in het tuincentrum. Ze worden goede vrienden en krijgen zelfs wat met elkaar.

Opbouw

Al vanaf het begin wordt het boek niet- chronologische verteld.
De gebeurtenissen worden niet in volgorde verteld maar juist erg door elkaar met flashbacks. Bij de ene alinea is Ellen bijv. 12 jaar oud en bij de andere alinea is ze weer 37 jaar oud.

Tijd

Het boek speelt zich af in twee tijden in de verleden tijd, dat is 25 jaar geleden, en in het heden, dat is in de jaren 70. Ellen leeft in de jaren 70 en komt terug in het huis waar ze als kind gewoond heeft en denkt terug aan die tijd.

Thema en motieven

Thema: jeugdtrauma/rouwverwerking

Motieven: In dit verhaal draait het om verschillende motieven. Postnatale psychose waar Margje aan lijdt, is er één van. Door die psychose is het leven van dit gezin geëindigd in de dood. Het familiedrama zelf is een motief. Steeds wordt er naar verwezen en stukje bij beetje begrijp je wat er precies gebeurd is. Ellen moet uit haar levenscrisis komen, gedurende het verhaal komt ze in het reine met haar verleden.

Vertelsituatie

De gebeurtenissen van dit verhaal zien we door de ogen van één personage, Ellen. Er wordt beschreven hoe zij zich voelt, wat zij denkt enz.

Ruimte

Het verhaal speelt zich voornamelijk af in het ouderlijk huis, waar Ellens jeugd zich heeft afgespeeld en ze weer naar teruggaat als ze zwanger is. Verder speelt het zich ook nog af in het tehuis waar Ellen zes jaar van haar leven heeft gezeten en op nog een paar verschillende plaatsen, zoals het strand en een aantal terrasjes.

F. Grondige beschrijving van mijn leeservaringen

A. Onderwerp

Ik vond het onderwerp van het boek redelijk. Het is niet een boek waar je heel vrolijk van wordt. Je gaat erover nadenken, wat nou als zoiets in het echt gebeurd? Wat nou als het bijvoorbeeld bij mij thuis gebeurd zou zijn.

B. Gebeurtenissen

In dit boek zijn meer dan genoeg gebeurtenissen. E gebeurde van alles in het verhaal: Michiel (carlos) die een pan met kokend water over zich heen kreeg, Ida die altijd iets had: maagvernauwing, gebroken arm, blauwe plekken, Ellen’s moeder die vreemd deed enz. Een van de belangrijkste gebeurtenissen was de dood van Ellens familie in haar jeugd. Het boek bleef boeien omat er genoeg gebeurtenissen waren. De meeste gebeurtenissen in dit boek zijn heel erg dramatisch. Er gebeuren de meest erge dingen, zoals ik al eerder heb genoemd. Bij mijn eerste persoonlijke reactie heb ik gekozen voor dramatisch. Ik vond het dramatisch het een heel zielig verhaal is. Ik heb ook gekozen voor het woord realistisch, omdat het verhaal heel realistisch is verteld.
Ik kon me niet goed inbeelden dat dit verhaal in de werkelijkheid zou kunnen gebeuren, maar de schrijfster heeft het op een manier geschreven dat het leek alsof het wel gebeurt is.

C. Personages

De hoofdpersoon in dit boek is Ellen van Bemmel. Ik zat nog te twijfelen om Margje van Bemmel als hoofdpersoon te kiezen omdat zij een grote rol in het boek speelt. Uiteindelijk heb ik toch voor Ellen gekozen omdat het boek vanuit haar ogen verteld wordt en het meeste over haar gaat. Ellen vind ik een heldin. Ze heeft toch maar mooi haar leven opgepakt na de dood van haar familie. Ik zou wel op haar willen lijken als persoon. Ellen is sterk, ze heeft vele psychiaters verslonden, uiteindelijk heeft ze zonder de hulp van de psychiaters haar eigen probleem opgelost. Ellen is ook een hele slimme meid. Ze heeft medicijnen gestudeerd. In dit boek kom je het meeste te weten over de hoofdpersoon, Ellen. Daardoor kom je ook te weten hoe ze zich heeft gevoeld toen zij haar familie kwijt raakte. Ik vond het nogal raar dat Ellen terugkeerde toen ze volwassen was naar haar ouderlijk huis. Ik zou zoiets nooit durven. Toch heeft het haar geholpen om het verleden te “vergeten”.

D. Opbouw

De opbouw was best wel ingewikkeld. Dat kwam omdat er veel flashbacks zaten in het verhaal. Alles hing verder goed met elkaar samen. Het verhaal was heel spannend. Je wist wat er was gebeurd, Ellen samen met haar broertje, de enige die nog leefde. Hoe kwam dat? Je had weinig antwoorden op je vragen, je wilde weten wat er aan de hand was. De bouw van het verhaal vind ik leuk. Er is een probleem en aan het eind is de oplossing. Het einde vond ik goed. Het was een leuk einde. Ellen die eindelijk zichzelf had losgemaakt van haar verleden kreeg wat met Bas, de tuinman. Ik vind dat een goed einde voor een zielig boek.

E. Taalgebruik

Het boek was moeilijk om te lezen. Er waren veel flashbacks. Daardoor was ik af en toe een beetje verward. De woorden die schrijfster heeft gebruikt in dit boek waren niet moeilijk.

G. Verwerkingsopdracht

n.v.t.

H. Informatie over de auteur

Renate Dorrestein werd op 25 januari 1954 in Amsterdam geboren. Haar vader was advocaat en haar moeder was voor het huwelijk onderwijzeres. Ze had een zus, een zusje en een broertje. Ze waren niet streng katholiek. In haar kinderjaren schreef ze al. Ze wou niet studeren en werd verslaggeefster voor 'Panorama'. Samen met Liesbeth Hendrikse begon ze in 1977 een journalistiek bureau. In 1981 wordt ze hoofdredacteur van het tijdschrift Mensen van Nu maar dat duurde niet lang. In dat jaar pleegde haar jongste zusje op 20-jarige leeftijd zelfmoord, dit heeft een diepe inpakt op haar. Tussen 1982 en 1987 is ze bij de redactie van Opzij en schrijft ze columns voor Viva, Bzzlletin en De Tijd. In 1985 richt ze samen met twee andere actieve schrijfsters de Anna Bijns Stichting die een jaarlijkse prijs toekent voor de 'vrouwelijke stem in de letteren'. Rond 1986 is ze voor bijna een jaar verbonden aan de University of Michigan. Daarna heeft ze zich volledig aan het schrijven gewijd.
In 1991 schrijft ze een biografie over zichzelf 'Heden ik', waarin ze ook haar ziekte, ME, beschrijft. Daarnaast richt ze het ME-fonds op dat onderzoek naar ME stimuleert.
Al haar boeken zijn doordrongen van het schuldgevoel over de dood van haar zusje, zegt Dorrestein. In 1988 schreef ze een autobiografie over dit schuldgevoel, 'Het perpetuum mobile van de liefde'. Ze is een feministe: ze heeft een 'nooit benarende woede over het feit dat mannen en vrouwen niet dezelfde soort levens kunnen leiden'. Ze schrijft volgens vaste patronen die ze de Wetten van Dorrestein noemt.
Ze schrijft volgens het principe van Gothic Novel dat vooral aan het einde van de 18e eeuw werd gebruikt. Ze houdt van fantasie, gruwelijkheden en gewelddadigheden, vandaar de thema's moord, incest, doodslag in families en onwaarschijnlijkheden die in 'Verborgen gebreken' voorkomen. Ze schrijft vooral met satire, spanning en vaart. Veel van haar werken kregen nominaties. Voor haar totale werk kreeg ze in 1993 een Annie Romein-prijs van het blad 'Opzij' waar ze in had gewerkt. In 1997 werd ze ook gevraagd voor het schrijven van het Boekenweekgeschenk 'Want dit is mijn lichaam'.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.