Zakelijke gegevens:
Auteur: Renate Dorrestein
Titel: Een hart van steen, Uitgeverij Contact, uitgegeven in Amsterdam, 1998 ( 1ste 1998), 2de druk, 238 blz.
Genre: roman

Eerste reactie:
Keuze: Ik heb voor dit boek gekozen, omdat mijn moeder het voor me had meegebracht. Ze had een vijftal boeken meegenomen en deze leek me het leukste. Toen ik er in begonnen was en ik het mee naar school nam, kwam ik erachter dat Marrit hetzelfde boek aan het lezen was, zij was echter al bijna op het einde. Toen ze zei dat het een heel mooi en aangrijpend boek was, werden mijn voorgevoelens bevestigd. Met veel plezier las ik toen best snel mijn boek uit.
Inhoud: Toen ik het boek net uit was, voelde ik me blij, omdat het toch nog allemaal goed was gekomen met Ellen. Ik was best bang voor de afloop, ik dacht niet dat het nog goed zou komen. Het boek had me heel erg aangegrepen, je leest namelijk bestregelmatig dat een vader zijn gezin vermoord en daarna zelfmoord pleegt. Dat klinkt in mijn oren dan altijd heel onwaarschijnlijk en ik kan me er weinig bij voorstellen. Nu ik echter dit boek heb gelezen, kan ik me er beter in verplaatsen. Vanaf het begin was ik geïnteresseerd in het familiedrama, ik wilde weten wat er precies gebeurd was. Beetje bij beetje ging ik begrijpen wat zich precies die fatale dag had afgespeeld. Steeds werd er iets meer onthuld en kreeg je meer duidelijkheid. Op het einde kwam ik dan uiteindelijk achter dat Margje al haar kinderen had willen vermoorden, haar man en zichzelf. In haar haast heeft ze Ellen over het hoofd gezien.
Ik vond de inhoud van dit boek heel aangrijpend en goed te begrijpen. Ik kon me heel goed inleven in de personen die in dit boek een rol spelen. Eén ding begrijp ik echter nog steeds niet, dat is namelijk waar Michiel/Carlos is gebleven. Of hij nog leeft of ook dood is, dat weet ik niet. Voor de rest is alles duidelijk en helder wat de inhoud betreft.

Verdieping:

Samenvatting:

Deze samenvatting heb ik letterlijk overgetypt van het uittrekselblad wat ik op de bibliotheek bij het Markiezenhof heb gekopieerd. Deze samenvatting is namelijk heel helder en duidelijk:

Hoofdpersoon is de 37-jarige patholoog-anatoom Ellen van Bemmel. Ze heeft een tijdje onbetaald verlof genomen en het voormalig ouderlijk huis gekocht, een villa in een buitenwijk van Haarlem. Ze neemt haar intrek in het souterrain, later in de portiersloge.
Ellen is zwanger van een wildvreemde man. Na haar scheiding van Thijs Kamerling, meer dan een jaar geleden, is ze bewust alleenstaand. Ze besluit de tuin op te knappen en krijgt hulp van Bas Veerman, de vroegere conciërge van haar vader die nu bij de Intratuin werkt. Vanwege een dreigende miskraam moet ze op een gegeven moment een aantal maanden bedrust houden. Gedurende die tijd krijgt ze hulp van Lucia, die met haar drie dochtertjes ( Samantha, Vanessa en Rochelle) tijdelijk bij haar in huis in komt wonen, op advies van arts Jan Bramaan.
Aan de hand van foto’s kijkt de verbitterde en getraumatiseerde Ellen terug op haar leven en dat van haar familieleden, waarin zich vijfentwintig jaar geleden een verschrikkelijk drama heeft afgespeeld. Haar ouders, Frits van Bemmel en Margje de Groot, vermoordden toen drie van hun vijf kinderen en sloegen vervolgens de hand aan zichzelf. Door een gelukkig toeval zijn Ellen en haar jongste broertje Michiel (ook wel Carlos genoemd) aan dat gruwelijke lot ontsnapt.
Ellen wordt gekweld door de vraag waarom zij is blijven leven en hoe haar ouders tot hun daad gekomen zijn. Bladerend in het fotoalbum reconstrueert ze het verleden en de toedracht rond de moord.

Toen Ellen zo’n twaalf jaar oud was vormden de Van Bemmels nog een gelukkig gezin, met vier kinderen: de vijftienjarige Sybille (Billie), de iets jongere Kester (Kes), Ellen en de driejarige kleuter Carlos ( Michiel). Er was een vijfde kind op komst, tot groot ongenoegen van de kinderen.
Ellens ouders leidden een knipselbureau aan huis, dat gespecialiseerd was in americana en vooral werkte met studenten, die voor hen de artikelen uitknipten.
Op Ellens twaalfde verjaardag sloeg het noodlot toe. Carlos kreeg een ketel koken water over zich heen en verbrandde zijn keel, borst en linkerarm. Toen hij eindelijk uit het ziekenhuis kwam, was hij in Ellens ogen een volkomen ander kind geworden. Het vijfde kind werd Ida genoemd, een naam die door Ellen bedacht was en haar afkeer van het kind uitdrukte. Ida was een spuug- en huilbaby, die iedereen de stuipen op het lijf joeg met haar gekrijs. Ze bleek een maagvernauwing te hebben. Toen ze in het ziekenhuis opgenomen werd, begon de moeder zich vreemd te gedragen. Ze verdacht haar familieleden ervan dat ze haar baby wilden stelen en maakte en hevige scène.
Toen Ida terugkeerde uit het ziekenhuis, begon Margje zich zorgen te maken over de vorm van haar hoofdje en vlak voordat Ida gedoopt zou worden, vluchtte ze met haar de kerk uit. De eens zo hechte relatie tussen Frits en Margje begon te verslechteren, evenals die tussen hen en de kinderen. Margje verscheen niet meer op kantoor; de hele dag was ze bezig met Ida, in wie volgens haar de duivel schuilde. Ze nam zich voor die uit te drijven, éigenhandig, om haar dochtertje weer sterk en gezond te maken’(p 146).
Verder besloot ze om nooit meer seks te hebben met Frits. Dat bracht hem zo tot razernij dat hij haar op een nacht verkrachtte. De volgende morgen ontdekte hij op de onderbuik van Ida talrijke dieppaarse bloeduitstortingen, die hem aan leukemie deden denken.

Margje mishandelde de baby op allerlei manieren, maar niemand ( behalve Ellen) had iets in de gaten. Ze liet de kinderen bidden, eerst tot god, later tot zichzelf, om te vragen het kwaad uit hun kleine zusje te drijven.
Ida (later Sophie genoemd) moest een beenmergpunctie ondergaan en de artsen hadden geen verklaring voor de botbreuken, inwendige kneuzingen, vurige huiduitslag en diarree. Frits maakte zich slechts wat zorgen over zijn vrouw, omdat ze niet in haar gewone doen was.
Rond Pasen deed Margje plotseling weer normaal en begon de baby te blaken van gezondheid. Het vroegere gelukkige gezinsleven leek teruggekeerd te zijn. Maat toen het weer na een paar dagen omsloeg, werd Margje treurig en maakte ze opmerkingen als: ‘Het is zover’ en ‘We zullen ervoor zorgen dat jullie niet leiden’( p 203-204). Samen met Ellen maakte ze voor iedereen een schoteltje met ‘vitaminepillen’ klaar ( slaaptabletten en valium die ze had opgespaard). Die avond, 6 April 1973, was ellen tijdens het toetje opgestaan om haar hond Orson uit te laten. Toen ze na ruim en uur terugkwam, trof ze in de keuken de levenloze Bille en Kester aan, met dichtgebonden plastic zakken over hun hoofd. Haar ouders bevonden zich op de bank in de serre; Ida lag in een vuilniszak op de aanrecht. Ze hoorde Michiel onder de tafel in zijn plastic zak hoesten en sleepte hem naar de kelder, Bas vond hen daar de volgende morgen en alarmeerde de politie.

Na de moordpartij kwamen Ellen en Michiel in internaat De Eenhoorn tercht; hond Orson werd naar een asiel gebracht. De aanpak van Sjaak en Marti, hun begeleiders, had weinig effect en werkte vaak averechts op de getraumatiseerde kinderen. Michiel wer al snel geadopteerd door de heer en mevrouw Kamphuis uit Beverwijk, tot woede en verbijstering van Ellen, die zijn vertrek nog had proberen te belemmeren door er op kerstavond met hem vandoor te gaan. Hun barre tocht eindigde toen bij de sympathieke rector van Ellens school, maar die kon Michiel niet in huis nemen.
Steeds vaker begonnen Billie en Kester door Ellens hoofd te spoken en haar van alles te verwijten. Na een verplicht bezoek aan het kerkhof raakte Ellen ervan overtuigd dat ook zij onder de hartvormige grafsteen had moeten liggen. Ze nam zich voor haar ouders te laten zien dat zij haar leven waard was.
Slechts één keer ging ze bij Michiel en zijn adoptieouders op bezoek, toen hij vijf werd. Na bijna een jaar bleken ze van elkaar vervreemd te zijn. Tijdens een feest in de Eenhoorn kreeg Ellen van Sjaak en Marti een cadeau, het oude fotoboek, waarvan ze behoorlijk overstuur raakte.

Ellen bleef tot haar achttiende in het internaat en ging toen op kamers wonen. Ze riep de hulp in van verschillende psychiaters ( onder ander Marco) om de gebeurtenissen uit het verleden te verwerken, maar zonder veel succes. Ze had voortdurend migraine, schuimde ’s nachts de cafés af en stortte zich “als een vod in ieder paar armen’ dat ze tegenkwam (p. 171).
Halverwege haar studie medicijnen hoorde ze tijdens een college gynaecologie voor het eerst iets over de postnatale depressie en de kraamvrouwenpsychose, de ergste vorm daarvan. Toen ging haar een licht op: als haar moeders toestand na de geboorte van Ida tijdig was herkend en haar simpelweg de juiste medicijnen ( progesteron) had voorgeschreven, had er nooit een tragedie hoeven plaatsvinden! Dit inzicht werkte als een bevrijding: niemand had iets fout gedaan. Maar, waarom had haar vader geen vinger uitgestoken?
Na het laatste bezoek aan Marco ontmoette ze Thijs en besloot ze patholoog-anatoom te worden, de kant van de doden te kiezen. Ze trouwde met Thijs, maar zette na dertien jaar een punt achter het huwelijk.

Met de bitse Lucia, die door haar man mishandelt wordt, kan Ellen slecht overweg. Omdat niemand mag weten dat Lucia bij haar in huis is, is ze ook tot isolement gedoemd. Pas na vier weken volledige bedrust mag ze weer rechtop zitten.
Na een aantal maanden is Ellen weer op de been en vertrekt Lucia met haar kinderen. Hoe hatelijk de twee vrouwen ook steeds teen elkaar zijn geweest, bij het afscheid hebben ze het toch even moeilijk.
Bas laat Ellen kort daarna een memo van haar vader zien, gedateerd 6 April 1973, waaruit blijkt dat hij Bas had gevraagd een vakantiereis voor twee personen te boeken naar Florida. Volgens hem moet er daarom sprake zijn van een onbekende moordenaar, maar Ellen gelooft daar niets van: haar ouders hielden alleen van elkaar, de kinderen waren slechts een ‘bijproduct’(p. 213); hun gezamenlijk dood was hun ultieme romantische ideaal.

In de kelder is amper iets veranderd sinds de nacht dat Ellen zich daar samen met Michiel in doodsangst verstopte. Nu ze de ware toedracht rond het familiedrama begrijpt, schaamt ze zich voor haar woede en haat jegens haar ouders. Ze begrijpt nu ook waarom zij in leven bleef: haar moeder was haar gewoon vergeten, had haar domweg over het hoofd gezien.

Half oktober verkoopt Ellen de villa aan iemand van een reclamebureau. Na een telefoontje van de makelaar dat de zaak rond is, nodigt ze Bas uit om te komen eten. Ze laat hem beslissen welke naam de baby zal krijgen.

( Het verhaal wordt in het boek niet zo chronologisch verteld, in het boek staan er allemaal terugblikken, flashbacks en dergelijke, deze samenvatting is zo geschreven, dat het goed te begrijpen is hoe alles precies is gebeurd.)

Onderzoek van de verhaaltechniek:
1) Renate Dorrestein heeft een eigen schrijfstijl. Ze beschrijft alles heel indirect, bijvoorbeeld schrijft ze niet dat Ellen zwanger is, maar dat ze weeën krijgt. Dat is heel apart, want je moet alles goed lezen om de achterliggende gedachte uit de tekst te kunnen halen. Haar beschrijvingen zijn dus best wel abstract. Verder maakt ze veel gebruik van flash-backs. Ze springt van de ene tijd naar de andere tijd over, wat je pas door hebt als je een paar regels verder bent. Ook wisselt ze van perspectief. Opeens wordt het verhaal bekeken vanuit Margje en dan weer vanuit Frits. Dat maakt het verhaal ingewikkelder, maar ook interessanter.
2) Eigenlijk speelt heel het verhaal zich af in het ouderlijk huis van Ellen en haar familie ( huize Van Bemmel). Daar spelen alle flash-backs zich af, maar daar bevindt Ellen zich ook tijdens haar kraambed. Verschillende kamers hebben een betekenis. De kelder heeft een slechte herinnering, daar heeft Ellen zich verstopt met haar jongste broertje op de fatale dag. De kamers waar de studenten werkten en alle kamers waar archiefkasten stonden, zijn de werkkamers, het Amerikaanse gedeelte van het huis. De keuken was heel gezellig en het souterrain was meer van de ouders en dan vooral van moeder.
Andere plaatsen die voorkomen in dit verhaal, zijn de tuin en de omgeving van het huis. De andere plaatsen zijn Intratuin, waar Ellen boodschappen gaat doen en waar ze Bas ontmoet, De Eenhoorn, collegezalen, psychiaterkamers.
Dit verhaal speelt zich eigenlijk in twee delen van tijd af. In 1998, Ellen is dan zwanger en heeft haar ouderlijk huis gekocht om daar herinneringen op te halen. Ze bladert in een oud fotoboek en zo analyseert ze een deel van haar jeugd. Die tijd duurt ongeveer 7 maanden.
De herinneringen, het tweede verhaal deel, duurt ongeveer ook zo lang. Het begint eigenlijk net voor de geboorte van het vijfde kind, Ida. Het eindigt op 6 april 1973, de dag dat het familiedrama plaatsvindt.
Ook wordt er vertelt hoe het leven van Ellen eruit heeft gezien na het drama. Dat ze na het familiedrama op de Eenhoorn terecht komt en daar tot haar achttiende blijft. Dan gaat ze alleen wonen en ontmoet ze haar man, Thijs, waar ze 8 jaar mee getrouwd is, voordat ze scheidden.
3) Ellen van Bemmel: Zij is de hoofdpersoon in dit verhaal. Zij is meestal de ik-persoon in dit verhaal. Vroeger was ze de middelste van het gezin, bestaande uit 5 kinderen. Ze was heel erg intelligent. Ze was een beetje betweterig. School vond ze heel leuk, ze was een beetje naïef. Ze was aan het veranderen, ze kreeg borsten en vond dat allemaal maar niks. Ze trok wat meer op met haar vader. Na het familiedrama, spoken Kester en Billie door haar hoofd. Een soort schysofrenie, in haar hoofd leven drie mensen. Ze in behandeling bij verschillende psychiaters, maar die kunnen haar niet helpen, haar leven wordt beheerst door de dode die in haar hoofd rondspoken. Tijdens haar huwelijk zorgt ze ervoor dat haar Mn helemaal verandert en dat er weinig van hem overblijft, ze gebruikt zijn goedbedoelde liefde. Na haar huwelijk zoekt ze liefde, maar ze geeft zich gewoon aan iedere man die haar mee wil nemen. Ze vindt dit allemaal heel spannend, en haalt er genoegdoening uit. Tijdens haar kraambed, verandert ze eigenlijk in een lieve moeder, die het beste voor heeft met haar kindje. Ze lost het familiedrama voor zichzelf op en daardoor sterven Kester en Billie in haar hoofd. Ze begint een nieuw leven, vol goede moed, verlost van al het kwade.
Billie ( Sybille) van Bemmel: De oudste van het gezin. Ze is heel erg met haar uiterlijk bezig. Een echte puber. Als ze bij Ellen in haar hoofd zit,is ze een beetje een bitch, ze gunt har zusje niks en is alleen bezig met zichzelf.
Kester (Kes) van Bemmel: Hij is de tweede in de rij, de oudste jongen. Hij is niet echt knap en niet slim. Hij is heel erg technisch, kan alles met zijn handen. Het is een lieve broer, ook een echte puber. Als hij bij Ellen in haar hoofd zit, is dat wel handig, want daardoor kan Ellen ook veel met haar handen, hij geeft haar aanwijzingen.
Carlos (Michiel) van Bemmel: Is een hele lieve jonen. Hij wil alles weten en vraagt altijd: “Waarom dan?”. Hij verbrandt een deel van zijn lichaam en is best verminkt, daar operaties kan er gelukkig wel veel hersteld worden. Door de brandwonden is hij best onzeker en verbergt ze dan ook heel goed. Hij is een jaar of drie in dit verhaal. Na het familiedrama, wordt hij geadopteerd door twee hele lieve mensen. Doordat hij nog zo jong is, kan hij zich makkelijk aanpassen en een nieuw leven beginnen, hij heet dan ook Michiel Kamphuis. Hij wordt heel erg verwend.
Ida ( Sophie) van Bemmel: ze is een heel erge huil- en spuugbaby, dat komt doordat ze een maagvernauwing heeft. Als dat is opgelost is ze wel een makkelijke baby. Volgens haar moeder schuilt de duivel in haar. Ze wordt mishandelt door haar moeder. Verder heeft ze natuurlijk niet echt een persoonlijkheid, ze is nog maar een baby als ze sterft.
Margje van Bemmel: Moeder van vijf kinderen. Ze is een hele goede en lieve moeder. Ze werkt ook heel hard. Ze is een lieve vrouw, totdat haar jongste dochtertje geboren wordt. Achteraf blijkt dat ze een postnatale depressie te hebben gehad. Ze denkt dat in haar baby de duivel schuilt, ze wil hem eruit halen. Ze brengt god een heleboel offers. Ze zorgt dag en nacht voor haar baby. Ze gat niet meer werken. Ze slaapt niet meer met haar man, omdat ze denkt dat dan alles weer goed komt. Ze mishandelt haar baby heel erg. Ze bewerkt haar zelfs met een appelboor. De hormonen brengen haar zo tot wanhoop, dat ze heel haar gezin vermoord, maar ze is zo in de war dat ze Ellen over het hoofd ziet.
Frits van Bemmel: De vader van het gezin. Hij is een lieve, geduldige echtgenoot. Hij is ook een harde werker en geniet van zijn werk. Hij is een soepele baas. Als het slecht gaat met zijn vrouw, zoekt hij zijn heil op het werk. Op een gegeven moment doet hij niks anders meer dan werken. Hij slaapt zelfs in zijn werkkamer. Voor de kinderen heeft hij geen oog meer, alleen voor zijn vrouw. Hun liefde was ook zo doordringend.. Op een gegeven moment drijft zijn vrouw hem zo tot wanhoop dat hij haar op een gruwelijke manier verkracht. Als het weer goed gaat met zijn vrouw, voelt hij zich veel beter en boekt een reis voor hun tweetjes. Hij vermoedt niks van de moord die zijn vrouw wil plegen.
Thijs Kamerling: is een lieve man van Ellen. Hij is architect, best succesvol. Hij houdt heel veel van Ellen, doet alles voor haar en gaat er eigenlijk aan kapot.
Bas Veerman: hij is een van de medewerkers van het bedrijf van de familie van Bemmel. Hij kan goed met de kinderen opschieten. Hij is conciërge. Hij is niet echt intelligent. Als het familiedrama achter de rug is krijgt hij een baan als verkoper bij de Intratuin. Als hij Ellen tijdens het werk tegen komt, biedt hij aan haar te helpen. Hij is heel behulpzaam en aardig. Hij loopt heel zijn leven lang al met de gedachte rond dat een vreemde de moorden gepleegd moet hebben. Hij heeft namelijk een memo van Frits voor een reis naar Florida.
Lucia: is op de vlucht voor haar man. Ze krijgt onderdak bij Ellen. Ze is heel erg bezig met haar eigen verdriet. Ze voelt zich heel erg gevangen en heeft veel zelfmedelijden. Ze helpt Ellen heel goed, maar gunt haar niks. Het is wel een goede vrouw en een lieve moeder.
Er komen nog wel meer personen voor, maar die spelen maar een kleine rol, zoals de huisarts, de psychiaters van Ellen, en de kinderen van Lucia.
4) In dit verhaal zijn er een heleboel situaties. De allerbelangrijkste, de situatie waar alles om draait, is het familiedrama, de dood van vijf van de zeven gezinsleden op 6 April 1973. Ellen, de hoofdpersoon, gaat op zoek naar de ware toedracht van dit drama. Tijdens het doorbladeren van het fotoboek komen er een heleboel herinneringen naar boven. Zoals de geboorte van haar jongste zusje, Ida, de boomhut van haar broer Kester, de plotselinge omslag in het gedrag van haar moeder, haar vader die niet meer thuis eet en zelfs in zijn werkkamer blijft slapen, haar twaalfde verjaardag, de wandelingen met haar hond Orson, de waarom vragen van haar broertje Carlos, de veranderlijke kleding van haar puberzus Billie. Er zijn zoveel voorvallen die allemaal weer naar boven komen. Dan zijn er nog situaties die voorkomen tijdens haar kraambed, de woordenwisselingen met Lucia, de kinderen die samen een spelletje spelen. De ontmoeting met Bas, de ontmoeting met Thijs, er zijn gewoon teveel situaties om op te noemen. Om er één te beschrijven heb ik het boek gewoon willekeurig opengeslagen. Het is de tweede ontmoeting tussen Bas en Ellen. De eerste was tijdens haar bezoek aan de Intratuin, ze laat haar boodschappen thuisbezorgen.

Blz. 74-75
De bel gaat als ik net halverwege mijn tweede oog ben. Mijn oogpotlood schiet uit. Het is nog vroeg: is dat Thijs al?
Het is Bas.
Het rode uniformjasje heeft plaats gemaakt voor een blauw windjack.
Overrompeld staar ik hem aan.
‘Ik kom alleen maar even zeggen dat het vanochtend niet mijn bedoeling was om je van streek te maken,’zegt hij snel. Hij wrijft met zijn duim langs de zijkant van zijn neus, een gebaar dat ik me ineens weer herinner.
‘Oké. Laat maar. Je hoeft niet…’
‘Nee, nogmaals: sorry.’
Ik verplaats mijn gewicht van het ene naar het andere been. Ik voel me hoogst opgelaten.
‘Nou, dat was het dan. Misschien zie ik je een dezer dagen wel weer eens in de zaak.’Hij steekt me zijn grote hand toe. ‘Dag Ellen.’
‘Dag.’
Hij loopt het tuinpad af. Ziijn paardenstaartje zit in zijn kraag gepropt, een dikke bult. Bij het hek buigt hij zich voor zijn fiets om die van het slot te halen. Dan stopt hij zorgvuldig zijn broekspijpen in zijn sokken. Ik wist niet dat er nog mensen bestonden die dat deden. Ineens ren ik achter hem aan en grijp hem bij zijn mouw voordat hij op de fiets kan stappen. ‘dank je wel dat je mijn spullen hebt laten bezorgen.’
‘Nou ja, kleine moeite.’

5) Het verhaal wordt verteld in de Ik-persoon. Het wordt bekeken vanuit de ogen van Ellen. Maar ook delen staan in de Ik-persoon, maar dan bekeken vanuit de ogen van Frits en Margje. Kleine delen worden vertelt door de auctoriale verteller.


Op zoek naar de thematiek:
In dit verhaal draait het om verschillende thema’s. Postnatale psychose waar Margje aan leidt, is er één van. Door die psychose is het leven van dit gezin geëindigd in de dood. Het familiedrama zelf is een thema. Steeds wordt er naar verwezen en stukje bij beetje begrijp wat er precies gebeurd is. Ellen moet boven haar levenscrisis komen, gedurende het verhaal komt ze in het reine met haar verleden. Het naamgeven is een belangrijk thema/ motief. Ellen gaf haar zusje de naam Ida. Omdat ze haar zusje niet mocht en om zo haar kwaad uit te spreken. Later wordt Ida’s naam verandert in Sophie om het toch weer goed te maken. Ook Frits is bezig met naamgeving, hij geeft alle artikelen een naam en zet boven alle foto’s in het gezinsfotoboek een titel. Ook belangrijk is het overwinnen van het doemdenken, Ellen heeft een hele sterke noodlotsgedachte. Ze gelooft sterk in het noodlot en in toeval. Ook bij haar moeder is dat het geval, op haar moeder zijn vooral de begrippen vloek, duivel, kwaad en godsdienstwaanzin van toepassing.

Plaats in de literatuurgeschiedenis:
Dit boek dateert uit 1998, dus nog niet zo lang geleden. Je kunt het dus gewoon in de tijd van nu plaatsen. De tijd van de computers, van Internet, van snelle machines. Wat Literatuur betreft is er sprake van een debutantenbal, veel komende en gaande nieuwe gezichten in de schrijfwereld. Renate Dorrestein behoort daar niet toe. Ook is ze geen wereldschrijfster van wie alle werken in een heleboel talen worden vertaald. Dirty realism is een term van deze tijd, daarbij gaat het om makkelijke, realistische leesbare literatuur. Daar behoort dit boek zeker toe, al moet je wel goed in gaten houden wie er nou precies aan het woord is.
Verklaring van de titel:
Het boek draagt de titel “een hart van steen”. Dat slaat op de vorm van de grafsteen waaronder Margje, Frits, Billie, Kester en Ida begraven liggen. Dit grafsteen is hartvormig.

Blz. 123

Marlies’ ouders waren bij een verkeersongeluk om het leven gekomen. Die van Gerda waren kort na elkaar ziek geworden toen ze nog maar een klein meisje was. Maar mijn ouders hadden mij, zoals in hun geval, onvrijwillig in de steek gelaten. Het was precies andersom gegaan: dankzij die lege plek op de grafsteen snapte ik ineens dat het hun bedoeling was geweest dat ook ik onder dat hart van steen was beland, samen met hen.

Beoordeling:

Ik heb heel erg genoten van dit boek. Al vanaf het eerst moment was ik nieuwsgierig naar de afloop van dit verhaal. Het verhaal kwam op mij heel realistisch over, ik kan me zo voorstellen hoe alle personen eruit zien. Het enige wat ik niet kan bevatten is de waanzin van moeder Margje, dat klonk echt niet realistisch in mijn oren. Op het einde had ik zelfs tranen in mijn ogen. Het boek zette me wel aan het denken over familiedrama’s die dagelijks plaatsvinden in de wereld. Normaal gesproken lees ik het in de krant en dank ik even oh wat erg en sta er eigenlijk niet lang bij stil. Door dit boek ben ik er heel anders tegen aan gaan kijken, ik sta er langer bij stil en besef dat er een hele geschiedenis aan vooraf gaat.
De schrijfstijl van de schrijfster vond ik heel fijn om te lezen, ze maakte mij daardoor heel nieuwsgierig en nauwlettend. De schrijfster maakt namelijk gebruik van suggestief taalgebruik, waardoor je vaak moet doordenken, voordat je begrijpt wat er nou eigenlijk mee bedoeld wordt. Ook door het zo af en toe los te laten van wat er die dag, 6 April 1973., gebeurd is komt er spanning in het verhaal.
In het thema kan ik me niet echt verplaatsen. Ik ben niet zo’n doemdenker en leidt al absoluut niet aan geloofswaanzin. Ook heb ik geen last van een postnatale depressie en zit ik niet in een levenscrisis. Doordat ik eigenlijk nog nooit met deze dingen te maken heb gehad, is het moeilijk om me erin te verplaatsen al is het me toch best goed gelukt, denk ik zelf.
Een heleboel situaties grepen me aan. De overplaatsing van Michiel naar zijn adoptiefamilie bijvoorbeeld, zulke dingen komen zo vaak voor, dat het je aangrijpt als zus Ellen alleen achterblijft en haar broertje ziet veranderen waardoor de band wegvalt. Het hele familiedrama is natuurlijk aangrijpend. De vlucht van Ellen met Michiel vond ik best spannend,. Ik dacht dat ze het niet zouden overleven, maar gelukkig was dat wel het verhaal. Ik toon heel veel sympathie voor Bas,, die zo behulpzaam en zorgzaam is. Hij is echt mijn favoriet in dit boek, van hem mogen er meer bestaan.
Ieder ander zou ik dit boek aanraden, er zit namelijk van alles in, liefde, drama, spanning, voor ieder wat wils. Het is een heel aangrijpend boek. Ik denk echt dat iedereen zich wel met een van de personen kan identificeren, of dat iedereen zich een goede voorstelling kan maken hoe de personen in dit boek in elkaar steken.
Mijn eindoordeel luidt dan ook; het is een schitterend boek wat eigenlijk iedereen zou moeten lezen.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

B.

B.

Hej kvont je verslag vet goed dankzij dit verslag hadk een 7,5 voor mn mondeling dus vet bedankt!!
nou laterz

15 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

S.

S.

Beste Celine,

ik heb erg veel aan uittreksel gehad. Ik vond het erg goed gemaakt, door jou recentie heb ik de mijne kritischer kunnen bekijken en verbeteren.

Daarom vroeg ik me af of er nog meer uittreksels van jou op scholieren.com staan. En zo ja, welke van welke boeken die dan zijn.

Als je mij de titels van die boeken zou kunnen e-mailen zou ik dat ontzettend fijn vinden!

Alvast bedankt voor de moeite,

groetjes Safirah

15 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

J.

J.

erg mooi hoor!! heel duidelijk!

15 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

H.

H.

Hoi Celine,
K wilde je ff bedankt voor je boekverslag van Renate Dorrestein- Een hart van Steen.
K kon het goed gebruiken! Thanx
x

15 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast