Dossier 333 door Bé Nijenhuis

Beoordeling 7.6
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • 6e klas vwo | 1773 woorden
  • 19 augustus 2006
  • 91 keer beoordeeld
  • Cijfer 7.6
  • 91 keer beoordeeld

Boek
Auteur
Genre
Taal
Nederlands
Vak
Eerste uitgave
1952
Oorspronkelijke taal
Nederlands

Boekcover Dossier 333
Shadow
Dossier 333 door Bé Nijenhuis
Shadow
ADVERTENTIE
Help nu jouw favoriete goede doel door jouw mening te geven!

Hoe? Heel simpel. Geef je op voor het panel van Young Impact en geef jouw mening over diverse onderwerpen zoals gelijke kansen, diversiteit of het klimaat. Voor iedere ingevulde vragenlijst (+/- 1 per maand) ontvang je een bedrag dat je direct mag doneren aan een goed doel naar keuze. Goed doen was nog nooit zo easy!

Meld je aan!
VII: Moderne literatuur, 1940-nu
8. Dossier 333

Auteur: B. Nijenhuis werd geboren op 16 november 1914 in Heerenveen. Hij was geen studiebol, deed Mulo en daarna de handelsschool. Hij begon als vertegenwoordiger, werd later verzekeringsagent in Den Bosch en ging in 1937 aan het werk als klerk in de gevangenis in Arnhem. Tijdens de Tweede Wereldoorlog hielp hij verzetsmensen vanuit deze functie, daarom werd hij naar een concentratiekamp gestuurd. Na de oorlog ging hij aan de slag bij de politieke opsporingsdienst. Hierna werd hij redacteur bij Trouw. Hij stierf aan een slepende longziekte op 1 januari 1972. 'Dossier 333' was zijn debuutroman.
Titel: Dossier 333

Eerste publicatie: 1952
Omvang: 252 bladzijden
Aard van het werk: Provincieroman
Gelezen: 05-11-´04

Samenvatting
Verbeesd/Verstraten ging dood aan gif. Pleegde hij zelfmoord? Werd hij vergiftigd, zo ja waarom en door wie? En heeft dit alles verband met het verraad van Steven Verhulst?
Dikkeboom heeft de taak het hele mysterie te ontrafelen. De oplossing:
Verbeesd/Verstraten pleegde geen zelfmoord. Hij werd gechanteerd door Koolhave en besloot uiteindelijk naar de politie te stappen. Toch was het Koolhave niet die hem vergiftigde. Nee, het was Franske. Franske zou namelijk ook in gevaar komen als Koolhave zou worden gepakt. Want Franske en Koolhave hadden Steven verlinkt. Maar om de verdenking van hen af te leiden hadden ze toen, in de oorlog, Joep (ook een lid van de verzetsgroep) laten oppakken, om niets. Iedereen ging er toen van uit dat Joep Steven per ongeluk had verraden.
En dan, nadat je na al Dikkebooms gedachtekronkels bij het einde komt, blijkt toch dat de eerlijkheid het langst duurt.

Verder maak je de hoogte- en dieptepunten van Bas in Betsy en hun gemeente mee. Betsy raakt ook nog verwikkeld in de moord op Verbeesd. Omdat zij wel eens bij Verbeesd op bezoek ging, komt de politie nog wat vragen stellen. En aan het eind wordt ze nog bijna vermoord door Franske als die het bewijs op wil ruimen ook op die plek is.

Thema
Het thema van het boek is het oplossen van het verraad van Steven en de rare dood van Verbeesd. Maar het raadsel van het lijden wordt niet opgelost, hoewel het wijst op vergeving.

Titelverklaring
De P.O.D. heeft een dossier, nummer 333, in handen. Dit dossier gaat over Koolhave. In dit dossier bevindt zich een briefje met daarop de naam Steven Verhulst. Men heeft het nooit kunnen bewijzen, maar men verdenkt Koolhave van betrokkenheid bij dat verraad. Door de dood van Verbeesd/Verstraten komt alles weer boven. En krijgt dossier 333 weer alle aandacht.

Opbouw
Het boek begint met een proloog over het verraad van Steven Verhulst in de Tweede Wereldoorlog. Dan gaat het boek naar het ´heden´, na de oorlog dus. Tussen de bedrijven door blikt Kees terug op zijn leven.

Hoofdpersonen
Bas en Betsy: zij zijn het jonge domineesechtpaar. Bas is niet zo gevat als zijn vrouw, maar dat verandert langzaam in het boek. Betsy is zijn jonge vrouw die haar mondje wel bij zich heeft. Ze maken genoeg ruzie, maar ze houden ontzettend veel van elkaar. Ze komen steeds weer terug in het boek. De stukjes over hen vond ik het leukste om te lezen; humoristisch en licht, maar toch met een wat serieuze ondertoon.
Steven Verhulst: hij is boekhouder. En hij zit in het verzet. Hij wordt opgepakt doordat hij wordt verraden. Door wie hij wordt verraden, dat weet nog niemand. Steven is heel menselijk, niet de held die geen angsten kent. Steven komt niet veel voor in het boek; hij is de persoon in de proloog.
Frits Verstraten (alias Verbeesd): hij werkt bij de P.O.D. Hij is lichamelijk niet sterk. Als kind was hij altijd erg vroom, maar na de oorlog is hij een slap figuur geworden; als hij dronken is, maar ook als hij het niet is. Koolhave verplicht hem het dossier van Koolhave 'op te ruimen.' Hoe kon Koolhave Verstraten zover krijgen? In de oorlog was Frits een keer opgepakt, wegens het helpen van Joden. Schutzbahn verhoorde hem tot hij halfbewusteloos was. Later liet Schutzbahn Verstraten geloven dat hij op dat moment Joden heeft verraden, terwijl dat helemaal niet waar was. Frits schaamde zich daar erg voor, hij voelde zich een verrader. Koolhave zat bij dat verhoor en wist daar van en kon hem dus chanteren. Dit is ook de reden van Frits’ drankproblemen.
Jopie Dikkeboom: hij is adjudant-districtsrechercheur bij de Rijkspolitie is belast met deze zaak. Hij is ontzettend dik. Om aan informatie te komen noemt hij zich meneer Haverslip, de verzekeringsagent. Hij probeert de mensen zo gek te krijgen zich bij hem te verzekeren. Dikkeboom is regelmatig niet te volgen, maar zorgt er wel voor dat alles uiteindelijk klopt.
Fopje Koolhave: hij is vertegenwoordiger van een margarinefabriek en een goede ook. In de oorlog was hij zwarthandelaar en ‘fout.’ Koolhave wordt opgepakt wegens zwarthandelen. Men stelt hem in vrijheid nadat hij heeft beweerd dat hij contacten heeft in de verzetswereld; Franske. Door Steven te verraden is hij weer blanco. Hij probeert over de grens te vluchten, als hij als dader wordt aangewezen. Hij wordt geraakt in de wilde achtervolging en belandt tegen een boom, wat zijn einde betekent. Hij is vreselijk slecht
Franske van Boekel: hij zat in dezelfde verzetsgroep als Steven. Maar had ook contacten met Koolhave. In ’35-’36 hadden ze samen een tandpastafabriekje. Hij is de échte verzekeringsagent. Hij wordt veroordeeld wegens: het verraden van Steven Verhulst, het doden van Verbeesd met voorbedachten rade en poging tot doodslag van Betsy. Hij voelt zich dan nog niet schuldig. Hij en Koolhave zijn één pot nat.
Kees Verstraten: hij is het broertje van Frits. Hij steelt dossier 333, maar niet om het ‘op te ruimen’. Nee, hij gaat bij Koolhave op bezoek en hij hoeft alleen de naam Steven Verhulst maar te noemen om Koolhave op de kast te krijgen. Het dossier 333 steelt hij om zijn broer te helpen, nadat Frits het altijd als kind voor hem had opgenomen. Kees is een hard figuur, hard geworden door zijn jeugd en de oorlog. Hij lost de dingen op zíjn manier op. Hij sprak me aan.
Van Grinten: hij is fietsenmaker en ouderling. Hij heeft niet echt een bijzondere rol in het boek, maar hij komt regelmatig voor. Hij was een heel goed figuur in het boek. Ik denk dat de schrijver via deze man zijn eigen mening over dingen liet weten.

Tijd waarin het verhaal zich afspeelt
De proloog speelt zich tijdens de Tweede Wereldoorlog af. Het boek speelt zich enkele jaren na de Tweede Oorlog af. Het precieze jaartal is niet duidelijk, want in brieven die worden geschreven staat alleen: ’19..’

Plaats waar het verhaal zich afspeelt
Het verhaal speelt zich af in Haveldonck in Noord-Brabant, dat kun je lezen in brieven en telegrammen die worden geschreven.

Genre
Het boek is een streekroman/provincieroman, het gaat over de provincie Noord-Brabant. Het boek is een deel van een serie provincieromans. Af en toe wordt er in het Brabants dialect geschreven, dat is lastig lezen, maar dat zorgt er wel voor dat het een écht provincieroman is.

Perspectief
Het verhaal is in de hij/zij-vorm. Alleen de stukken over Kees zijn in de ik-vorm.

Vertelde tijd
Als je niet vanaf de proloog rekent dan speelt het boek zich af in ongeveer één à twee jaar. Dat is te zien aan het feit dat je te horen krijgt dat Betsy zwanger raakt en een kind krijgt. Ze was al een beetje bang dat ze geen kinderen kon krijgen; ze raakte dus niet direct zwanger.

Plaats temidden van leven en ander werk van de auteur
Dossier 333 was het debuut van Nijenhuis als schrijver. Hierna schreef hij: ´De laatste wagon´, ´Familie Heesters´, ´De tornado´, ´De hordenloop van J. Kobald´, ´Tok, tok, tok, alweer geen ei´ en ´Inspecteur Raynoldi en zijn arrestante.'
In dit boek geeft hij zijn ervaringen met de oorlog weer. Ik denk dat de stukken over wat er in de gevangenis gebeurde waarheidsgetrouw zijn.
Het is heel knap hoe veelzijdig zijn boeken zijn. ´De familie Heesters´ bijvoorbeeld is heel grappig, makkelijk te lezen. Terwijl ´dossier 333´ veel ingewikkelder is, in die zin een echte misdaadroman.
´De hordenloop van J. Kobald´ vond ik zo droog dat ik er niet door heen kwam, maar ´dossier 333´ heeft dat helemaal niet, juist door de stukjes over Bas en Betsy.
In 1947 werkte Nijenhuis bij de POD. Zijn ervaringen als verzekeringsagent heeft hij in de persoon Dikkeboom, als Haverslip, gestopt.

Plaats temidden van een literaire stroming
Uit recensies blijkt en ik onderschrijf die kritiek van harte dat er teveel bijpersonen en zijlijnen zijn. Maar het zijn 'charmante beginnersfouten.' H.K. zegt over dit boek: 'Nijenhuis heeft twee boeken geschreven en ze onder één titel ondergebracht. De pastorale roman doet afbreuk aan de speurdersroman en andersom.'
Nijenhuis schrijft dit boek in de tijd van het existentialisme, de schrijfstijl van Hermans en Mulisch. Hij past er niet tussen, omdat hij nog niet literair genoeg is. Maar ook omdat 'genade' niet past in deze tijd.

• Het slot. Ik had eigenlijk verwacht, dat met de oplossing van de moord en het verraad het boek zou eindigen. Maar er volgt nog een hoofdstuk: ´en tenslotte.´ Ik ben best wel nieuwsgierig en was blij dat ik ook nog te horen kreeg hoe het nu met iedereen afliep.
• Het boek is echt spannend. Je weet pas aan het eind wie nu de dader is van de moord op Verbeesd en Verhulst. En Betsy is nog echt in gevaar ook. Door de proloog wil je ook echt verder lezen.
• Hoewel het een streekroman is, geloof ik niet dat Nijenhuis de bedoeling had om Noord-Brabant te promoten. Misschien wilde hij er mee zeggen dat in de oorlog lang niet alle ´goeien´ ook echt goed waren, net zoals niet alle Duitsers slecht waren.
• Bas is een degelijke dominee. Het is een christelijk boek en dat is duidelijk te merken, maar het voert niet de boventoon zodat het hinderlijk is. Er wordt ook regelmatig gesproken over het geloof, bijv. de twijfel van Betsy
• Het is al een wat ouder boek. Vlak na de oorlog was alles toch anders dan nu, maar op zich ergerde ik me er niet aan. En alles werd met een knipoog verteld.
• Pluspunten: het is niet helemaal een detective, er komen ook heel veel grappig stukjes met Bas en Betsy naar voren. Die stukjes vond ik het leukst.
Minpunten: Wat ik wel echt wat minder vind, is dat het onduidelijk is. Toen ik het boek uit had, moest ik het nog een keer lezen om te begrijpen hoe het nu precies zat.
• Een heel goed boek. Alleen een beetje lastig te volgen soms, maar de leuke stukjes met Bas en Betsy maken dat ruimschoots goed.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

J.

J.

Top, kan alles overnemen

5 jaar geleden

B.

B.

hardstikke badenkt

4 jaar geleden

G.

G.

In regel 10 zeg jij dat kees verstraten langs maar dit komt niet overeen met het boek. ik citeer: '' Ben en Ruurd zijn stom'' dit in verhouding met de nieuwe zakelijkheid, vind ik dat jij niet gerechtigd bent om zo'n voortvarend iets te vermelden

4 jaar geleden

J.

J.

4 jaar geleden

J.

J.

Ik vind dit boek heel inspirerend enzo dus vorral wel lezen als je daar wel zin in heb de vele groetjes vvan aron en van je moeder en van michael die zegt dat hij bart heet hierboven doei

4 jaar geleden

Andere verslagen van "Dossier 333 door Bé Nijenhuis"