Havisten en vwo'ers uit de bovenbouw gezocht! Vul deze korte vragenlijst over jouw studiekeuze in en maak kans op een Bol.com bon t.w.v. 15 euro.

Doe mee


3 Verdieping

a) Samenvatting


Carry is net verhuisd, naar een betere buurt in Amsterdam. Ze woont samen in een huis met haar moeder, vader en zus Els. Vader behandelt Carry altijd als een jongen. Hij had een meisje, dat was Els, dus moest hij ook een jongen hebben. Dat was dan Carry. Met Carry kan hij voetballen, stoeien. Dat kan niet met Els, want zij is een meisje. Bij Els komt hij ’s avonds laat in bed liggen, helemaal tegen haar aan. Dat vindt Els nooit leuk, want zij huilt altijd als hij weer weg gaat. Ook als Els zich gaat omkleden kijkt hij altijd met een rare blik naar haar. Zo kijkt hij nooit naar Carry, want dat is een jongen.

Bij Carry in de flat woont een jongen, Alex. Voor wat geld laat hij haar meekijken als hij met een meisje vrijt. Carry stelt zich dan voor dat zij Alex, is die met het meisje vrijt.



Els heeft een vriendje, Freek. Als Els zich een keer voor de ogen van haar vader moet omkleden, komt Freek binnen. Hij schrikt van de blik in vaders ogen. Hij vertelt dit aan Els, en zij besluit om nooit meer zoiets voor haar vader te doen. Ze doet vanaf nu veel afstandelijker tegen hem.

Carry vindt haar moeder helemaal niet aardig. Ze besluit op zoek te gaan naar een andere. Op de middelbare school ziet ze wel een paar aardige potentiële moeders: de lerares Frans, de gymlerares en de rectrix. Maar zij blijken allemaal niet geschikt te zijn.

Carry heeft al een tijd last van pijn in haar zij. Daarvoor gaat ze naar het ziekenhuis, ze blijkt nierstenen te hebben. Het is niet ernstig, maar ze moet wel goed verzorgd worden. Haar eigen moeder kan dat niet, die heeft het natuurlijk veel te druk met opruimen en boodschappen doen. Dus blijft Carry alleen thuis uitzieken. Haar mentrix, mevrouw Klei, belt haar op, om te vragen of alles goed gaat. En ze vraagt ook of Carry niet bij haar thuis wil uitzieken, dan is ze niet zo alleen. Natuurlijk wil Carry dit, dus trekt ze bij mevrouw Klei (“Zeg maar Eva, mevrouw is zo afstandelijk”) in.

Eva woont in een mooi huis, op zolder is een atelier waar Carry mag slapen. Eva heeft ook een zoontje, Joris. Carry past vaak op Joris. Op een dag aait Eva over Joris zijn hoofd en zegt: “Jij bent mijn lieve zoon.” En tegen Carry zegt ze: “En jij bent mijn grote dochter.” Dit was het moment waarop Carry had gewacht, en vanaf nu houdt ze heel veel van Eva. Eva vindt dat Carry niet gelukkig is en stuurt haar naar een psycholoog. Eva stuurt haar ook naar een kennis van haar in Egmond, waar Carry in de paasvakantie kan logeren. Carry vindt het daar niet leuk, ze mag daar helemaal niets. Ze wil weer snel terug naar Eva, ze verzint een smoes en gaat terug. Eva is boos omdat Carry heeft gelogen. Eva wilde het allerbeste voor haar en daarom moest Carry ergens anders gaan wonen.

Els was ondertussen al getrouwd met Freek en daar kon Carry wel op de zolder wonen. Als ze er een tijdje woont, krijgt Carry ruzie met Freek over de afwas. Ze besluit weer ergens anders te gaan wonen. Eerst kijkt ze of ze bij haar ouders kan wonen. “Dat kan niet meer, want ik heb nu een heerlijke slaapkamer voor mezelf. Die laat ik me door niemand afnemen,” zei moeder. Ze kan een kamer huren bij Carla, een vriendin van Eva. Die kamer neemt ze, hoewel het erg gehorig is en ’s winters is het er erg koud. De rectrix vraagt of ze er wel kan leren, want ze zat voor haar eindexamen. Dat lukte wel volgens Carry.

Carry had toen ze bij Eva woonde een Fins meisje leren kennen, Örsa. Zij komt in Carry’s nieuwe kamer kijken. Ze zoenen en zitten aan elkaar. Carry weet niet wat voor een gevoelens ze heeft. Sinds ze Örsa had leren kennen, stond ze uren voor de spiegel. Ze begint zichzelf erg mooi te vinden, vooral haar borsten.



Het eindexamen begon al bijna en Carry raakte een beetje in paniek omdat ze nog niks had geleerd. Door juffrouw Bont begint ze te denken dat ze helemaal niets hoeft te leren, want alle stof werd toch herhaald. Natuurlijk zakt ze voor haar diploma, ze vindt dit niet zo erg. Ze vindt het erger dat ze juffrouw Bont durfde te vertrouwen.

Carry besluit op reis te gaan. Ze heeft met Örsa afgesproken in Avignon. Daar heeft Eva samen met de ouders van Örsa een huisje. Alleen Örsa weet dat ze komt. Örsa geeft Carry een liefdesverklaring, en vraagt of Carry ook hetzelfde voor haar voelt. Maar dat is niet zo. Örsa is kwaad op Carry en wil niets meer van haar weten. Carry gaat nu naar Eva toe, om met haar te praten. Maar als ze bij het huisje is, vraagt Eva wat ze komt doen. Deze plek is namelijk voor Eva alleen en dat wil ze zo houden. Carry gaat weer, hevig teleurgesteld, naar huis. Ze snapte dat ze niet langer meer de dochter van Eva was. Ze dacht: ”Ik heb al een moeder. Want ook al kon mama geen moeder zijn: ik was haar dochter.”



b) Onderzoek van de verhaaltechniek

1 De schrijfstijl is goed: geen moeilijke woorden en lange zinnen worden afgewisseld met kortere zinnen. Het boek is dus erg leesbaar.

2 Het verhaal speelt zich af in de tijd dat Carry 10 tot 16 jaar oud is. Carry is in 1949 geboren, dus het is van 1959 tot 1965. Ze wonen in Amsterdam, daar speelt het grootste gedeelte over en Carry is eventjes in Avignon. Vooral in de school en bij Carry’s verschillende slaapplaatsen.

3 Het verhaal wordt verteld door Carry zelf. Het is een autobiografisch boek, ze maakt alles zelf mee.

4 Over het uiterlijk wordt niets verteld.

Carry:

Zij is in het begin echt een “jongens-meisje”. Dat komt doordat ze zo wordt behandeld door haar vader. Hij wilde namelijk liever een jongen hebben. Hij behandelt haar zo totdat ze voor het eerst ongesteld wordt. Vader: “Nou breekt mijn klomp! Je bent dus toch een meid. Je hebt me al die tijd in de maling genomen!” en “Je gedraagt je veel te jongensachtig. Heb je wel eens gezien hoe je er bij loopt? Een bootwerker is er niks bij vergeleken. Je zou ook wel eens meer aandacht aan je uiterlijk kunnen besteden.”

Ze heeft een soort jongens gevoel in haar. Dat is als ze zich voorstelt dat ze een jongen is en met een meisje vrijt. Ze masturbeert daardoor erg veel. “De jongen in mij ging steeds meer van mij houden. Hij wilde met mij vrijen. Dat was fijn, maar ik was ook bang dat ik betrapt zou worden en dat ze erachter kwamen dat ik mij tegelijk een jongen en een meisje voelde. En dat ze zeker wisten dat zoiets nooit kon bestaan en dat ze zouden denken dat ik gek was. Dan zag ik mezelf voor me, in het gekkenhuis met mijn handen vastgebonden en helemaal naakt zodat ik goed kon zien dat ik alleen maar een meisje was.

Moeder:

Vader en moeder hadden erg vaak ruzie, vooral op weg naar Zwitserland. Moeder: “Wat gebeurt er in Jezus Christusnaam!” Vader: “De benzine is op.” Moeder: “Dit wordt onze dood! Ik stap uit, laat me eruit. Jullie laatste uur heeft geslagen! Over enkele seconden liggen jullie morsdood beneden!"

Zoals je ziet is moeder erg goed in overdrijven. Ze heeft ook vreemde gedachten, dat er veel mannen op haar verliefd zijn. Ze zegt tegen de vrouw van de supermarkt-eigenaar: “Je hoeft echt niet bang te zijn dat ik je man inpik.” “Pardon,” is de reactie. “We hoeven er geen doekjes om te winden. Het is niet mijn schuld dat je man helemaal bezeten van mij is.” De vrouw antwoordt boos: “Wat denkt u wel, mens je bent gek!” Moeder werd nu ook kwaad en zei: “Rustig maar. Maar als je hem wilt houden, zou ik maar zorgen dat ik er wat beter uit zag. En ik kom hier voortaan niet meer. Ik lever in het vervolg wel een briefje in, dan kunnen jullie de boodschappen voor mijn deur zetten.”



c) Op zoek naar de thematiek

1 Het probleem is dat Carry haar eigen moeder helemaal niet mag. Ze gaat opzoek naar een nieuwe moeder.

2 De titel (Dochter van Eva) slaat op de gebeurtenis dat Eva Carry haar dochter noemt. Carry was dus opzoek naar een nieuwe moeder en ze dacht dat ze haar nu gevonden had.

3 “Eva was altijd heel lief voor me. Ik was vaak erg onzeker, Eva zorgde altijd dat alles weer goed zo komen. En ineens zei ze het, zomaar terloops, terwijl ze de planten water gaf. Eerst aaide ze Joris door zijn haat. ‘Mijn mannetje,’ zei ze. En toen tegen mij: ‘Jij bent mijn grote dochter.’



4 Beoordeling

Het verhaalelement dat Carry door haar moeder de deur wordt uitgezet, als ze komt vragen of ze weer bij haar ouders mag wonen, heeft voor mij een positieve werking. Ik vond dit erg ontroerend en dacht echt: “Hè? Dat doe je toch niet als moeder zijnde?”

De passage dat me het meest aanspreekt is dat als Carry het zo fijn heeft bij Eva. Dan ben ik helemaal blij voor haar.

Een negatieve werking op mij, heeft de moeder. Ik werd echt gewoon boos op de moeder als ik haar telkens weer hoorde zeuren.

Dit boek is het vervolg van het eerder verschenen “Moederkruid”. Dat boek gaat over de eerste 10 levensjaren van Carry.

“Dochter van Eva” heeft me aan het denken gezet. Ik dacht eraan hoe verschrikkelijk het moet zijn als je zo’n moeder hebt.

Het taalgebruik ik heel makkelijk. Er worden helemaal geen moeilijke worden gebruikt.

Ik vind het dus een goed boek, met één minpuntje. Als je dit boek leest word je echt helemaal gek van die moeder. Ze werkt mij echt op m’n zenuwen, zo irritant vind

ik haar!

Ja, ik zou dit boek aan een ander aanraden. Omdat je helemaal wordt meegesleurd met de verhaallijn en je leeft heel erg mee met Carry. Het is een makkelijk boek om te lezen, dus je hebt hem zo uit. Als je het leest ben je gewoon nieuwsgierig over wat er verder gaat gebeuren. Echt een goed boek dus!

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.