De watermagiër door Anne West

Beoordeling 7.4
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • groep 8 | 6683 woorden
  • 31 januari 2007
  • 52 keer beoordeeld
  • Cijfer 7.4
  • 52 keer beoordeeld

Boek
Vertaald als
De macht van het zwaard
Auteur
Genre
Taal
Nederlands
Vak
Eerste uitgave
2004
Pagina's
190
Oorspronkelijke taal
Nederlands

Boekcover De watermagiër
Shadow
De watermagiër door Anne West
Shadow
ADVERTENTIE
Help nu jouw favoriete goede doel door jouw mening te geven!

Hoe? Heel simpel. Geef je op voor het panel van Young Impact en geef jouw mening over diverse onderwerpen zoals gelijke kansen, diversiteit of het klimaat. Voor iedere ingevulde vragenlijst (+/- 1 per maand) ontvang je een bedrag dat je direct mag doneren aan een goed doel naar keuze. Goed doen was nog nooit zo easy!

Meld je aan!
Titel: De watermagiër
Alternatieve titel: De macht van het zwaard

Voorwoord:
Toen de juf in de klas vertelde dat we een boekverslag en een boekbespreking moesten voorbereiden had ik net de vier boeken van de serie ‘De Macht van het Zwaard’ gelezen. Ik vond ze erg leuk en spannend. Ik heb nog niet veel fantasy gelezen en de schrijfster, Anne West, kende ik ook niet. Omdat dit waarschijnlijk voor de meeste kinderen in de klas geldt, is mijn keus op deze boeken gevallen.

Ik ben direct begonnen met op Internet te zoeken naar informatie over Anne West en ‘De Macht van het Zwaard’. Maar dat viel erg tegen. Er was superweinig materiaal: geen website van Anne West en maar één interview en één bespreking. Ik weet nu dat dit komt omdat Anne West nog niet eerder een boek heeft geschreven. Ik heb toen erg getwijfeld of ik niet beter een boek van een andere schrijver zou kunnen kiezen. Maar ik vond de serie echt heel bijzonder en wilde toch nog een kansje wagen. Ik heb toen via de uitgever contact gezocht met Anne West en haar gevraagd om dertig vragen van mij te beantwoorden. Toen ik haar uitgebreide antwoorden terugkreeg, zag ik het helemaal zitten. Ze hebben allemaal een plekje gekregen in dit verslag.


Feiten op een rij:
Dit verslag gaat niet over één boek, maar over vier boeken. Dat komt omdat in deze boeken eigenlijk een doorlopend verhaal wordt verteld. Ieder boek vormt dus geen afgerond geheel. Het verhaal is in eerste instantie ook geschreven voor in één boek. De boeken heten: ‘De aardmagiër’, ‘De watermagiër’, ‘De vuurmagiër’ en ‘De zwarte magiër’. Ze vormen samen de serie ‘De Macht van het Zwaard’. Ik vertel alles over deze boeken in de hoofdstukken 3, 4 en 5.

Anne West is de schrijfster van deze boeken. Dit is niet haar echte naam, maar een pseudoniem of schrijversnaam. Ze heet in het echt Annemieke van de Westelaken. Deze boeken zijn haar debuut. Dit betekent, dat dit de eerste boeken zijn die van haar zijn uitgegeven. In hoofdstuk 6 lees je veel meer over haar. De boeken zijn niet vertaald, omdat Anne West een Nederlandse schrijfster is. Ze komen ook nog niet in andere landen uit, maar Anne hoopt wel dat dat ooit eens gaat gebeuren. Mark Janssen is de illustrator. Lees over hem maar verder in hoofdstuk 7.

De boeken zijn verschenen bij uitgeverij De Fontein (Piramide) in Baarn. ‘De aardmagiër’ en ‘De watermagiër’ in 2004, ‘De vuurmagiër’ en ‘De zwarte magiër’ in 2005. Ze zijn 196, 182, 153 en 168 pagina’s dik. Bij elkaar opgeteld staat het verhaal dus op zo’n 700 bladzijden! Nu snap je misschien waarom het verhaal is verdeeld over vier boeken. Aan het eind van ieder boek staat een overzicht van alle landen en volkeren die in het verhaal voorkomen en aan de binnenkant van de voor- en achterkaft is een landkaart getekend, zodat de lezer het verhaal goed kan volgen. De eerste drie delen eindigen met een ‘voorproefje’ van drie bladzijden uit het volgende deel.

‘De aardmagiër’ ligt op dit moment bij de drukker voor al weer een vierde druk. In totaal zijn er van alle boeken bij elkaar meer dan 10.000 exemplaren verkocht. Dat is erg veel en Anne West is daar ook heel blij mee.

De Macht van het Zwaard:
Het verhaal van ‘De Macht van het Zwaard’ speelt zich af in een fantasiewereld. Het gaat over Cyane, dochter van graaf Osborn, die is voorbestemd voor een goed huwelijk. Maar de aardmagiër Meroboth, bezitter van de groene diamant en de jongste van een tovenaarsdrieling, heeft grootsere plannen met Cyane. Hij is ervan overtuigd dat alleen zij het magische zwaard kan hanteren en daarmee de zwarte magiër Tronador, heerser van het Rijk der Duisternis, kan verslaan.

Cyane kiest liever voor het avontuur dan voor een huwelijk. Samen met Meroboth en zijn vriend Tiron gaat ze op zoek naar zijn twee drielingbroers Mekaron en Melsaran en hun magische krachten. Die krachten heeft ze nodig om Tronador’s zwarte magie te kunnen verslaan. In Dwergenland halen ze het zwaard op en met de groene diamant geeft Meroboth zijn magische krachten aan dit wapen. Dan ontdekt Cyane dat Meroboth heeft verzwegen, dat zijn oudste broer Melsasser en Tronador dezelfde persoon zijn.


In het tweede deel reizen ze door de oerwouden van Varénia, op zoek naar de watermagiër Mekaron en bezitter van de blauwe diamant. Zijn steen moet ook op Cyane’s zwaard worden geplaatst. Onderweg worden ze gevangengenomen door Tronador’s meesterspion Ikor, die tot hun verbazing met hen wil meereizen. Omdat hij hen misschien zou kunnen helpen de watermagiër te vinden, stemmen ze er maar mee in. Na een lange zoektocht weten ze Mekaron met hulp van Ikor te vinden en heeft Cyane twee diamanten op haar zwaard.

In het derde deel gaat Cyane samen met Meroboth en Mekaron op zoek naar de gevangen genomen vuurmagiër Melsaran. Om hem te kunnen bevrijden moet Cyane zich diep in het Rijk der Duisternis wagen. Ze krijgt daarbij hulp van Scar, een vreemdeling die wel heel erg thuis is in de zwarte magie. Cyane maakt zich bezorgd om Tiron, omdat hij zich van haar afsluit. Meroboth heeft hem gevraagd op zoek te gaan naar informatie over de vindplaats van Melsaran. Onderweg krijgt Tiron van de Eenhoorn’s de diamant met luchtmagie. Maar hij is daar niet sterk genoeg voor. Uiteindelijk bevrijdt Scar de vuurmagiër en zijn rode diamant.

In het vierde deel zoeken Cyane en de tovenaarsdrieling naar de vijfkleurige diamant. Dit is de steen met de meeste magie, die alle andere magische stenen overheerst. Onderweg komt ze te weten dat Tronador gevangen is genomen door zijn eigen meesterspion Adanar, die hem ook zijn zwarte diamant heeft afgenomen. Al die tijd was het dus Adanar die over het Rijk der Duisternis regeerde en niet Melsasser. Cyane en Adanar vinden de vijfkleurige diamant niet. Iemand is hen voor geweest.

Uiteindelijk ontmoet Cyane in de gruwelijke kelders van Ikor’s burcht de drager van het zwaard der zwarte magie. Het is haar vriend Tiron! Er breekt tussen hen een gevecht op leven en dood uit. Tijdens deze strijd komt Cyane er achter dat Tiron door Adanar wordt gedwongen met haar te vechten. Dan verschijnt Scar met de vijfkleurige diamant. Tiron is zijn zoon en hij wil niet dat Cyane hem dood. De vijfkleurige diamant zuigt alle magie van de andere stenen in zich op. Zonder zwarte magie heeft Adanar niet genoeg kracht meer om verder te kunnen leven. Hij valt dood neer. Melsaran herkent direct in Scar zijn oudste broer Melsasser. Nu duidelijk is dat vanaf het begin steeds Adanar de zwarte magie heeft misbruikt en niet Melsasser, vergeven ze hem z’n wandaden. Tiron trouwt met Cyane, die van Melsasser de vijfkleurige diamant krijgt.

De belangrijkste gebeurtenissen in ‘De Macht van het Zwaard’ zijn:
De beslissing van Cyane om op de dag dat ze zou worden uitgehuwelijkt, Meroboth te volgen op een tocht vol gevaren om de wereld te bevrijden van de duistere machten.

Het plaatsen van de groene, blauwe en rode diamant op het magische zwaard, waardoor Cyane in bezit komt van de aard-, water- en vuurmagie en daarmee sterk genoeg is om de zwarte magie te verslaan.

De beslissing van Ikor, de voormalige meesterspion van Tronador, om over te lopen naar de groep van Cyane.

De hulp ‘op de achtergrond’ van de oudste broer van de tovenaarsdrieling, die zich heeft vermomd als de vreemdeling Scar.

De overwinning van Cyane en haar vrienden op Adanar, de bezitter van de zwarte diamant.

De hoofdpersonen:
De hoofdpersoon in het verhaal is Cyane, de dochter van een rijke graaf. Anders dan van haar wordt verwacht kiest ze ervoor niet te trouwen met de man die haar vader voor haar uitkoos, maar de aardmagiër Meroboth te volgen. Dit besluit brengt de nodige gevaren op haar pad. Cyane is nieuwsgierig, intelligent, ondernemend en niet bang uitgevallen. Met hulp van haar vrienden redt ze de wereld van de zwarte magie.

De aardmagiër Meroboth is de bezitter van de groene diamant, de eerste en zwakste diamant op het magische zwaard. Hij is vrij perfectionistisch, maar als het even tegenzit, wijst hij er vaak op dat het allemaal best wel meevalt. Het had immers veel slechter kunnen zijn.

Mekaron is de watermagiër en de bezitter van de blauwe diamant. Hij is een drielingbroer van Meroboth. Mekaron zit vol ideeën. Als zijn broer het niet meer ziet zitten, spreekt hij hem moed in.

De rode diamant, de laatste en sterkste diamant op het magische zwaard, is van de vuurmagiër Melsaran. Deze drielingbroer van Meroboth en Mekaron is erg lief. Hij heeft veel kracht en is een echte leider. Hij treurt om het bedrog van zijn oudste broer Melsasser. Zonder diamant is Melsaran erg verlegen.

De oudste broer van de drielingmagiërs is Melsasser, ook wel Tronador genoemd. Adanar heeft hem gedwongen de zwarte diamant te pakken. Voor deze zeer krachtige magie was hij echter niet sterk genoeg. Daarom ging het helemaal mis in het Rijk der Duisternis. Vermomd als de vreemdeling Scar helpt hij Cyane en haar vrienden om Adanar te verslaan. Hij is ook de vader van Tiron. Zonder zwarte diamant is het een aardige man.

Tiron is de vriend van Cyane. Hij is erg knap, maar niet van adel. Als dank krijgt hij van de Eenhoorn’s de diamant met luchtmagie. Daar is hij echter absoluut niet sterk genoeg voor. Hij wordt afstandelijk en zondert zich van iedereen af. Hierdoor komt hij ook onder invloed van Adanar. Gelukkig vinden Cyane en Tiron elkaar aan het eind van het verhaal.

Ikor was de meesterspion van Tronador maar hij is overgelopen naar Cyane en haar vrienden. Met zijn hulp vinden ze de water- en de vuurmagiër. Aan het eind van het verhaal geeft hij zijn leven voor Cyane.

De grote gemenerik van het verhaal is Adanar, de meesterspion van Tronador. Hij heeft Melsasser gedwongen de zwarte diamant te pakken, terwijl hij wist dat hij daar niet sterk genoeg voor was. Vervolgens heeft hij Melsasser opgesloten en de zwarte magie van hem afgenomen. Hij was dus al die tijd de heerser van het Rijk der Duisternis. Het is een ijskoud personage, die met behulp van de zwarte magie over de hele wereld wil heersen.

Het hoe en waarom:
‘De Macht van het Zwaard’ was voor Anne West eigenlijk alles of niets. Ze had al heel veel geschreven dat ze zelf niet goed genoeg vond. Dit verhaal moest het wat haar betreft worden. Het was dus vanaf het begin al haar bedoeling om het te laten uitgeven. Niet dat ze daar als beginnend schrijfster ook maar iets over te zeggen had. Wat dat betreft heeft ze gewoon heel veel geluk gehad, vindt ze zelf.

Anne West kwam op het idee voor het verhaal door het woord ‘tovenaarsdrieling’, dat op een gegeven moment in haar opkwam. Daaromheen heeft ze de rest geschreven. Het is van het begin tot het eind verzonnen. Het is op geen enkele manier gebaseerd op gebeurtenissen, die ze zelf heeft meegemaakt. Het kan wel zijn dat sommige personages onbewust eigenschappen van mensen om haar heen hebben meegekregen. En sommige personages hebben wel iets van haar zelf, zegt ze.

Over het hele verhaal heeft ze ongeveer twee jaar gedaan. Dit is best wel lang, maar het heeft natuurlijk ook te maken met het feit dat Anne West niet elke dag kan schrijven omdat ze daarnaast nog een full-time baan heeft (zie hoofdstuk 6). Toen ze begon met schrijven, wist ze nog niet hoe het af zou aflopen. Dat gaat bij haar altijd zo. De ideeën komen pas tijdens het schrijven.

De meeste namen in het verhaal zijn verzonnen door gewoon met klanken te spelen en wat letters uit te proberen. Dat geldt bijvoorbeeld voor de namen Cyane, Meroboth, Melsaran en Melsasser. Mekaron was wat lastiger. Anne West had nog een naam nodig die bij de broers paste, maar dat wilde maar niet lukken. Eerst heette Mekaron Melkaran, maar dat vond ze toch niet zo mooi en de naam paste ook niet zo goed bij het personage. De naam Ikor vindt ze een koude, afstandelijke klank hebben. Iss, die is opgegroeid in een moeras, heeft wel iets moerasachtigs. Leuk om te weten is dat een paar namen afkomstig zijn van chimpansee’s en gorilla’s! Anne West is namelijk een groot bewonderaar van het werk van Jane Goodall en Dian Fossey. Deze dames bestudeerden jarenlang in de oerwouden het leven van mensapen. De naam Fabian is van een chimpansee uit de groep die Jane Goodall bestudeerde, en de naam Geronimo komt uit de gorilla-groep van Dian Fossey. Geronimo is ook de naam van een indianenstamhoofd.

Het gevecht in Elfenland vindt Anne West zelf wel spannend. Het verhaal rond Ikor vindt ze ook wel een geslaagd stukje. Dat is overigens ook haar favoriete personage uit de serie. Achteraf gezien had ze in ‘De aardmagiër’ wel iets meer spanning willen brengen. Dat is volgens haar nu wat tam in vergelijking met de andere delen.

Het is inmiddels al weer meer dan vier jaar geleden dat Anne West aan de serie ‘De Macht van het Zwaard’ begon. Ze heeft er dus geen rekening mee kunnen houden dat haar boeken prima zouden passen bij het thema van de Kinderboekenweek 2005 ‘De Toveracademie - Boeken vol magie’ was. Maar dit kwam haar natuurlijk wel heel erg goed uit!

Ieder jaar reikt de Jonge Jury een prijs uit aan de schrijver die in het voorafgaande jaar de meeste stemmen kreeg van jongeren in klas 1 tot en met 3 van het voortgezet onderwijs. Om hen enigszins op weg te helpen, worden er vooraf 15 titels aangemerkt als kerntitels. Dit zijn boeken die een speciale jury het meest zijn opgevallen. En tussen de kerntitels voor de Jonge Jury 2006 staat Anne West met ‘De Aardmagiër’! Wat precies de selectiecriteria zijn geweest, weet Anne niet. Samen met die veertien andere boeken is de afgelopen tijd wel veel aandacht aan haar boeken besteed en dat vindt ze uiteraard prima. En ze kan nog een prijs winnen ook, al is de kans volgens haar klein.

Ieder jaar beoordelen kinderen in de leeftijd van 6 tot en met 12 jaar boeken die in het voorgaande jaar voor het eerst zijn verschenen. In 2004 was dat bijvoorbeeld ‘De watermagiër’ en in 2005 ‘De vuurmagiër’ en ‘De zwarte magiër’. Dat kan je ook aan het logo van de Nederlandse Kinderjury in het boek zien. De twee boeken die als grootste favorieten uit de bus komen, worden bekroond met de ‘Prijs van de Nederlandse Kinderjury’. ‘De aardmagiër’ is niet vermeld voor de Nederlandse Kinderjury. Anne West heeft zelf geen idee hoe dat zo is gekomen. Ik denk dat het misschien komt omdat ‘De aardmagiër’ een van de kerntitels is voor de Jonge Jury 2006 en daardoor is aangemerkt als een boek voor kinderen van 12 jaar en ouder. Maar waarom de andere drie delen dat dan niet zijn …?

Schrijfster Anne West:
Anne West is de schrijversnaam van Annemieke van de Westelaken. Ze heeft voor een pseudoniem gekozen, omdat haar erg lange echte naam niet op de kaft van de boeken past. Bovendien moet ze haar naam altijd drie keer herhalen voordat mensen hem echt goed verstaan. Ze heeft er ook altijd van gedroomd om bekend te worden onder ‘Anne West’. Het klinkt kort, maar krachtig, en een tikje buitenlands. Dat is vooral in het genre waarin zij schrijft wel handig. Fantasy is toch vooral iets van buitenlandse (Engelse en Amerikaanse) schrijvers. (In hoofdstuk 8 vertel ik meer over fantasy.) Verder vindt ze het wel prettig voor haar privacy om een pseudoniem te gebruiken. Nadelen zitten er voor haar eigenlijk niet aan.

Anne werd op 20 februari 1974 geboren in Goes. Ze heeft altijd een prima taalgevoel gehad. Op de basisschool was ze al goed in taal, opstellen schrijven, begrijpend lezen etc. Ze vond taal ook leuk. Ze schreef in die periode al hele lange verhalen. Dat vond ze heerlijk. Verder las ze alles wat los en vast zat. Dat doet ze overigens nog steeds.

Vroeger wilde Anne West het liefst toneelactrice worden. Pas later, toen ze na de middelbare school (havo) de lerarenopleiding Nederlands (vrije studierichting) ging doen, is ze steeds meer echt gaan overwegen schrijfster te worden. Toch schreef ze toen al jaren voor zichzelf. Ze denkt trouwens dat je niet echt schrijfster kan wórden. Je bént het gewoon. Schrijven is voor haar iets wat ze moet doen, net als eten. Anders wordt ze erg chagrijnig. Dat geldt bij mij voor ballet.

Ze heeft geen speciale schrijversopleiding gevolgd. Ze vindt dat je met schrijven vooral beter wordt door veel te oefenen en door te luisteren naar je uitgever. Ze heeft thuis talloze verhalen liggen die niet goed genoeg zijn. Door tips van onafhankelijke mensen (dus niet van familie of vrienden) kan je jezelf wel verbeteren. Ze heeft ook heel veel geleerd doordat haar boeken werden uitgegeven.

Schrijven is voor Anne nu nog een hobby. Volgens haar kan je in Nederland van schrijven helaas niet leven. Vandaar dat ze er hoe dan ook iets naast moet doen. Toen ze bezig was met de lerarenopleiding had ze ook nog niet echt iets geschreven wat de moeite waard was om uitgegeven te worden, vond ze zelf. Tijdens die opleiding had ze al wel een bijbaantje in een verzorgingstehuis. De ouderenzorg was het helemaal voor haar. Vandaar dat ze na het hbo Nederlands verder is gegaan in de zorg. Ze heeft jarenlang als verzorgende gewerkt. Maar ze volgde ook interne opleidingen. Ze werkt nu als praktijkopleider in een verpleeghuis en in een verzorgingshuis. Dat betekent dat ze leerlingen begeleidt die de opleiding voor verzorgende of helpende doen. Ze helpt met hun stage-opdrachten, met de planning en ze geeft lessen over allerlei onderwerpen uit de zorg. Deze baan is dus een leuke combinatie van de lerarenopleiding en haar verzorgende opleiding.

Naast schrijven, leest en fietst Anne West veel en kijkt ze graag naar (kunst)schaatsen op tv. Ze heeft niet echt iets met ballet, onder andere omdat ze helemaal niet lenig is. Vroeger deed ze vooral aan lange afstandslopen.

Anne West heeft er niet bewust voor gekozen om kinderboeken te schrijven. Maar toen bleek dat haar boeken geschikt waren voor kinderen, vond ze dat wel erg leuk. Zelf heeft ze als kind heel graag en veel gelezen, als onderbreking van al die saaie schooluren. Laura Ingalls Wilder, de schrijfster van de ‘Kleine Huis-‘boeken, was haar favoriete kinderboeken auteur. Ze leest die boeken nog steeds regelmatig. Verder las ze alles waar een kostschool in voorkwam, zoals De dolle tweeling en Pitty van Enid Blyton.

Anne West leest nog steeds heel veel. Haar favoriete auteur is Terry Pratchett, een Engelse fantasy-schrijver voor volwassenen. Ze leest ook veel jeugdboeken. Francine Oomen bijvoorbeeld en de boeken van Garth Nix. De nieuwe Harry Potter heeft ze in de kerstvakantie gelezen. Ze leest al die boeken overigens gewoon net als iedere andere lezer. Elke schrijver heeft toch zijn eigen stijl. Soms wordt ze door bepaalde boeken wel weer geïnspireerd om zelf te gaan schrijven. Verder leest ze veel studieboeken over bijvoorbeeld landschappen en dieren om ideeën op te doen voor haar eigen werelden.

Anne West is serieus begonnen met schrijven toen ze elf was. Ze moest toen een opstel maken van twee kantjes. Dat van haar werd langer en langer, maar haar juf moedigde haar aan om door te gaan. Het is erg lang geworden en sindsdien heb ik de smaak te pakken. (Mijn toetsen geschiedenis worden ook steeds langer. Als ik geen ballerina kan worden, moet ik misschien ook maar eens aan schijfster denken …).

Ze schrijft het liefst ’s ochtends. Dan is haar hoofd nog helemaal leeg. Ze schrijft op de computer op haar kamer en ze heeft dan een kopje thee of warme chocolademelk naast haar en altijd de radio aan. Zonder muziek kan ze niet schrijven. Meestal schrijft ze langere stukken achter elkaar. Als het echt goed gaat hoeft ze daar verder niet zoveel meer aan te veranderen. Als het moeizaam gaat dan blijkt de volgende dag, als ze het overleest, dat ze wel weer een en ander moet schrappen.

Voor haar is het belangrijk dat een verhaal onderhoudend blijft, dat er een goede afwisseling is tussen dialoog (dit zijn gesprekken tussen personages) en beschrijvingen. Bovendien moeten haar personages goed overkomen, dus zoals ze zijn. Ze werkt niet met schema’s of zo. Het verhaal zit in grote lijnen in haar hoofd. Ze werkt vooral met de namen en geschiedenis van haar personages. Dat is het enige dat ze weet voor ze aan een verhaal begint. Ze laat een verhaal pas lezen als het af is. Voor die tijd kan ze eigenlijk weinig commentaar verdragen.

Anne West vindt het absoluut niet saai om een boek te schrijven. Het is juist heerlijk. Wat wel gaat vervelen is het herschrijven. Dat moet ze achteraf van de uitgever doen (een voorbeeld hiervan staat in hoofdstuk 10). En vervolgens het vele malen controleren op spelling en zinsbouw. Maar het schrijven zelf is voor haar echt ontspannend.

Het makkelijkste en ook het leukste bij het schrijven van een boek is het scheppen van de personages: hun karakter, uiterlijk, geschiedenis, enz. Het moeilijkste vindt ze om een sluitend eind te maken aan het verhaal. Omdat ze altijd hele lange verhalen schrijft, is het voor haar vaak moeilijk om op een gegeven moment alle verhaallijnen weer bij elkaar te halen voor het slot.

Aan kinderen die ook schrijver willen worden geeft Anne West de tip om gewoon te beginnen, ook al lijkt het idee soms nog zo maf. Als het een goed is, dan schrijft het verhaal zich in je hoofd vanzelf. En je moet vooral blijven doorzetten ook al zijn er dagen dat er niets bruikbaars uit je pen komt. Laat het verhaal dan even rusten en ga wat anders doen. Er komt altijd weer een goed idee.

Anne West is nog niet beroemd. In haar woonplaats weten de mensen niet dat ze schrijfster is. Haar collega’s op het werk weten wel dat ze schrijft. Toen Anne’s eerste boek uitkwam hebben ze een feestje georganiseerd in het verpleeghuis. Ook besteed het personeelsblad er steeds veel aandacht aan als er iets nieuws van haar uitkomt. Ze krijgt soms wel mailtjes van lezers die vragen stellen, zoals ik ook heb gedaan. Ze is ook al een paar keer geïnterviewd en ze gaat soms naar scholen en bibliotheken. Dat vindt ze allemaal heel leuk, omdat ze dan pas weet hoe de lezers haar boeken echt vinden. Ook in de krant is er over haar boeken geschreven. Ze leest die stukjes graag. Dat vindt ze leerzaam, omdat ze dan ziet hoe het verhaal op mensen overkomt en ook aan welke punten ze in een volgend verhaal nog moet werken.

Er ligt van Anne West al een nieuw boek bij de uitgever! Die moet nog beoordelen of het goed genoeg is om uitgegeven te worden. Ik hoop het wel, want dan ga ik het direct lezen. Anne heeft mij verklapt dat in dat boek heel veel draken voorkomen. Op dit moment is ze al weer bezig met een nieuw verhaal, maar dat is nog echt in de beginfase.

Illustrator Mark Janssen:
De tekeningen voor ‘De Macht van het Zwaard’ zijn van de auteur en illustrator Mark Janssen. Hij is geboren op 24 juli 1974 in het meest zuidelijk gelegen dorpje van Nederland: Eijsden. Na het behalen van het vwo-diploma ging Mark Janssen naar de Academie Beeldende Kunsten in Maastricht, want al snel was duidelijk geworden dat hij veel fantasie had en dol was op tekenen. Zijn vrouw Suzanne Diederen - die nu eveneens kinder- en prentenboekenillustrator is - zette hem op het spoor van het illustreren. Daar kon hij ook artistiek veel in kwijt.

Na zijn afstuderen in 1997 is hij meteen als zelfstandig illustrator begonnen met freelance-opdrachten. Sindsdien illustreert hij voornamelijk kinderboeken, maar hij maakt ook illustraties voor 'volwassen media' zoals tijdschriften en kranten. Beide richtingen vragen een andere benadering en ook een andere stijl. Het werk is daardoor afwisselend en fris. Als er tijd overblijft, werkt hij soms in de avonduren aan eigen vrij werk, zoals een schilderij. Zijn eerste boek verscheen in 1997 en sindsdien heeft Mark Janssen al meer dan vijftig kinderboeken geïllustreerd. Mark is full-time tekenaar. Daarnaast schrijft hij af en toe een verhaal waarvan hij een prentenboek maakt, zoals ‘De grote verrassing’.

Mark Janssen werkt voor de kinderboeken voornamelijk met acryl en aquarel. Zijn illustraties hebben vaak een lieve, dromerige, bijna romantsische uitstraling. Tegenwoordig straalt zijn werk meer zekerheid uit en zijn de kleuren feller geworden. Verhalen die hem goed liggen zijn sprookjesachtige verhalen waarbij de werkelijkheid los wordt gelaten, zodat hij als illustrator een geheel eigen beeldenwereld kan creëren. Het verhaal moet hem boeien, hij moet er bezield door raken om er goede tekeningen bij te maken. Hij illustreert daarom het liefst voor kinderen, omdat zij vaak de meest wonderlijke en fantasievolle verhalen voorgeschoteld krijgen.

Anne West is erg blij met de omslagen en tekeningen die Mark Janssen voor haar boeken heeft gemaakt. Ze vindt dat hij zich goed heeft verdiept in het verhaal en op de details heeft gelet. Toch heeft niet zij niet zelf voor Mark Janssen gekozen. Dat heeft de uitgeverij gedaan. Ze kent namelijk nog niet zoveel illustratoren.

Magie en fantasie:
Ik heb lang nagedacht over het thema van het verhaal van ‘De Macht van het Zwaard’. Het zou verschillende dingen kunnen zijn, zoals:
- de strijd tegen het kwaad,
- een zoektocht,
- magie en fantasie, of
- de overwinning van het goede op het kwade.

Anne West vindt zelf dat er geen thema’s in haar verhalen voorkomen. Iedereen kan er wat haar betreft uithalen wat hij wil. Ze heeft ook eens gezegd dat ze hoopt dat iemand door haar boeken even de dagelijkse zorgen en sleur kan vergeten en lekker kan wegdromen in haar fantasiewereld. Daarom hou ik het er maar op dat het onderwerp ‘magie en fantasie’ is. En dat vond de boekwinkel in mijn woonplaats ook, want ik zag de boeken voor het eerst tussen de andere boeken met het thema van de Kinderboekenweek 2005, ‘De ToverAcademie - Boeken vol magie’.

Ik vind ‘magie en fantasie’ een goed onderwerp voor een kinderboek. Het is echt een thema dat bij kinderen past. Fantasie is leuk. Je verzint een eigen wereld die in werkelijkheid niet kan bestaan. Maar dat geeft helemaal niets. Het is ook lekker spannend met al die magie. Alles kan, alles mag, niets is te gek. Wat wil je nog meer!

Verhalen zoals ‘De macht van het Zwaard’ horen thuis in het genre Fantasy (Engels voor fantasie). Dit is een bepaald soort verhaal waarin eigenlijk altijd magie voorkomt. Het speelt zich in een geheel bedachte wereld af, bevolkt door wezens die wij op onze aarde niet kennen. Denk bijvoorbeeld aan elfen, dwergen, centauren, vampiers, weerwolven, zeemeerminnen en draken. Fantasy is niet hetzelfde als science fiction. Science fiction verhalen zijn toekomstverhalen. Dan gaat de schrijver dus wel uit van de wereld zoals wij die kennen. Het bekendste fantasy werk is waarschijnlijk ‘In de ban van de Ring’ van J.R.R. Tolkien (zie verder in hoofdstuk 9).

In ‘De Macht van het Zwaard’ komen de volgende fantasierassen voor.
- Akonezen, een mensenras uit de centraal gelegen, middeleeuwse staat Akonia.
- Dwergen van de berg Dwergenland.
- Varenen, een nomadisch bosvolk.
- Feeën, die voor een groot deel zijn overgelopen naar het Rijk der Duisternis.
- Elfen, die in een prachtige kristallen burcht in Elfenland wonen.
- Nudoren de inwoners van Nudor.
- Morfen, een vormveranderend volk.
- Tangen, een bosvolk dat door middel van magie personen dagenlang in hun bos kan vasthouden
- Gnomen, wezens die soms met verschillende persoonlijkheden tegelijk in één verschrikkelijk lichaam leven.
- Trollen, die door het Rijk der Duisternis als voetvolk werden gebruikt en bijna zijn uitgestorven.
- Dryaden, een teer en kwetsbaar ras dat geïsoleerd leeft op een eiland in het Dryadenmeer.

Andere boeken over magie en fantasie:
Er bestaan veel boeken waar magie en fantasie in voorkomt. Het bekendst zijn waarschijnlijk de boeken over de tovenaarsleerling Harry Potter van J.K. Rowling. Ik heb ze allemaal gelezen en ook de film’s heb ik gezien. Maar ook een aantal boeken van Tonke Dragt gaan over dit thema, zoals ‘De brief voor de koning’, ‘Geheimen van het Wilde Woud’, ‘Torenhoog en mijlen breed’ en ‘Ogen van tijgers’. Deze boeken gaan over jongeren die op zoek zijn naar zichzelf in een wereld vol raadsels, dubbele bodems, deuren die niet zijn wat ze lijken, enz. Na ‘De Macht van het Zwaard’ ben ik begonnen met ‘De Leeuw, De Heks en De Kleerkast’ van C.S. Lewis. Dit is het eerste deel van ‘De Kronieken van Narnia’ over vier kinderen die via een kleerkast terechtkomen in het sneeuwlandschap Narnia en daar samen met een vriendelijke Faun en een leeuw moeten vechten tegen de Witte Heks. Pure fantasy, als je het mij vraagt.

Maar er is nog veel meer magie en fantasie geschreven voor kinderen. Eigenlijk gewoon te veel om op te noemen. In mijn eigen boekenkast zie ik bijvoorbeeld staan nog ‘De school voor magisch begaafden’ van E. Rose Sabin , de serie ‘De Klif-Kronieken’ van Paul Stewart en Chris Riddell en ‘Erik of Het klein insectenboek’ van Godfried Bomans.
Door de spannende films is de laatste tijd het fantasy-verhaal van ‘Lord of the Rings’, of in het Nederlands ‘In de ban van de Ring’, van J.R.R. Tolkien ook goed bekend bij kinderen. Het superdikke boek over de Hobbit Frodo die de Ring van Sauron moet vernietigen om de wereld te redden, staat wel thuis in de boekenkast, maar daar begin ik nog niet aan: veel te moeilijk. De film’s heb ik wel gezien. Ik vind dat ‘De Macht van het Zwaard’ lijkt op ‘In de ban van de Ring'. In plaats van naar een ring is Cyane op zoek naar diamanten voor op haar zwaard, waarmee ze het kwaad moet verslaan. Er zijn ook magiërs, een duistere kracht met spionnen, elfen, dwergen enz. Er zijn verschillende landen die het al dan niet met elkaar kunnen vinden. De dwergen wonen ook onder de grond. Er zijn kastelen, handelssteden, een vreemd schip, magische gebeurtenissen, mensen die te paard reizen enz. Anne West zegt dat dit toeval is. Ze heeft ‘In de ban van de Ring’ namelijk nooit gelezen of de film’s ervan gezien.

Aarde, water, lucht en vuur:
‘De Macht van het Zwaard’ gaat onder andere over een aardmagiër, een watermagiër, een vuurmagiër en een zwarte magiër. Er is ook sprake van luchtmagie en een vijfkleurige diamant.

De bekende natuurelementen aarde, water, vuur en lucht ben ik vaker tegengekomen. Bijvoorbeeld bij Pokémon. Maar ook in verhalen over het boeddhisme. Heksen schijnen zich er mee bezig te houden. En als ik Internet mag geloven worden ze bij bepaalde massage- en meditatietechnieken er ook bijgehaald. Heel duidelijk zag ik de vier elementen ze in de show ‘Dralion’ van Cirque du Soleil. In elke act beeldden de dansers en acrobaten één van de elementen uit. Maar welke relatie hebben die elementen nu met de boeken van Anne West? Of is er helemaal geen relatie? Daar heb ik heel lang over zitten puzzelen.

Eerst zal ik iets meer over de elementen vertellen. In de klassieke filosofie dacht men dat alles bestond uit verschillende verhoudingen van vier natuurelementen: water, aarde, lucht en vuur. Er was overigens ook sprake van een vijfde element, ether. Maar dit was geen aards element. Het staat voor het goddelijke. Het zwaarste element was aarde. Dat zat dus ook het laagst. Daarboven kwamen vervolgens water, lucht en vuur. Ether zat het hoogst want dat kon door een sterveling nooit bereikt worden. Die was voorbestemd voor de goden.

Al in de Griekse oudheid werden menstypen beschreven in termen van deze elementen. Volgens deze theorie is elk mens, maar ook de natuur om hem heen, opgebouwd uit een combinatie van de vier elementen. Zij bepalen het menselijke karakter of het menstype. Aardemensen zijn erg praktisch. Ze zijn hard in het leven, houden van absolute zekerheid, plannen alles en wijken daar niet vanaf. Ze houden van lekker eten en kijken meestal de kat uit de boom. Watermensen zijn weer erg gevoelig. Ze zijn snel ontroerd en gesloten. Vuurmensen zijn levendig, geestdriftig en intuïtief. Ze denken alles aan te kunnen. Luchtmensen zijn de denkers. Ze hebben veel fantasie. Ze zijn erg flexibel, nemen snel beslissingen, leggen gemakkelijk contacten en gaan vrolijk door het leven. In de bijlage bij dit verslag heb ik een uitgebreid overzicht gemaakt van de vier verschillende menstypen en hun eigenschappen.

Terug nu naar ‘De Macht van het Zwaard’. Het viel me op dat iedere bezitter van een bepaalde diamant ook de eigenschappen krijgt van het element dat daarbij hoort. De diamanten hebben ook de juiste kleur. Bij de elementen zit de aarde het laagst, bij de magie is de aardmagie het zwakst. Daarna komt, net als bij de elementen, de water-, lucht en vuurmagie. Je moet wel sterk genoeg zijn om een diamant te kunnen dragen, anders krijg je teveel van het goede. Je ziet bij die persoon dan de negatieve eigenschappen van het element verschijnen.

Zolang Meroboth de kracht van de aardmagie heeft, heeft hij ook de typische eigenschappen van een aardetype. Hij is dan betrouwbaar, praktisch en perfectionistisch en hij heeft verantwoordelijkheidsgevoel. Zijn steen heeft ook de aardekleur groen. Zonder aardmagie is hij star en traag. De watermagiër Mekaron is erg wijs, maar zonder zijn steen is hij afhankelijk. Zijn diamant heeft de kleur blauw. Mekaron is dus een watertype. Melsaran is een echte leider. Hij stuurt de groep, geeft zekerheid en vertrouwen. Hij is erg moedig. Hij loop ook snel warm voor bepaalde dingen. De kleur van zijn diamant is rood. Zonder deze steen verandert hij in een verlegen, passief personage. Dit zijn allemaal kenmerken van het vuurtype. Tiron is geen luchtmagiër. Hij bezit wel de steen met luchtmagie. Tiron houdt net als ieder luchttype van reizen. Hij heeft ruimte en privacy nodig. Hij heeft een hekel aan beperkingen. Maar hij is niet sterk genoeg voor de luchtmagie. Zolang hij de steen heeft zie je bij hem daardoor de negatieve kenmerken van een luchttype. Hij wordt oneerlijk, gaat de groep ontlopen, zondert zich af, is terughoudend en gereserveerd.

Tot zover klopt het allemaal aardig. Maar ik heb geen element kunnen vinden dat hoort bij de zwarte diamant met zwarte magie. En er is nog een vijfkleurige diamant die alle krachten van de andere diamanten opzuigt. Het is de machtigste steen. Het zou kunnen zijn dat deze steen staat voor het element ether. Dat is volgens de theorie namelijk het element dat alle elementen verbindt. Het staat ook boven de andere elementen in de hiërarchie. Het is het enige element dat door een andere niet beïnvloedbaar is, het is verantwoordelijk voor hun werking en de oervorm waarin die andere elementen zich kunnen ontwikkelen.

Ik heb Anne West gevraagd of ze me wil vertellen hoe het nu precies in elkaar zit. Ze heeft me toen verteld dat haar oorspronkelijke verhaal alleen maar aardmagie, vuurmagie, watermagie en zwarte magie bevatte, zonder luchtmagie! Maar haar uitgever vond dat niet goed. Hij wilde graag alle vier de natuurelementen erin (naast de zwarte magie). Ze heeft dus achteraf de luchtmagie er nog in moeten schrijven. Natuurlijk kon er toen geen luchtmagiër meer komen. Dan zou ze het verhaal te veel moeten aanpassen. Daarom heeft ze gekozen voor de Eenhoorns, die de luchtmagie aan Tiron geven. Verder schrijft ze, dat het echt toeval is dat de magiërs passen in de types van de elementen. Ze baseert haar karakters namelijk vooral op de klank van de namen. En dat is een persoonlijke smaak. Melsasser, met al die s-en, vindt ze slangachtig en dus slecht klinken. Melsaran heeft weer een zangerige en treurige naam. Meroboth klinkt wijs en Mekaron daadkrachtig. Aan het element ether heeft ze helemaal niet gedacht, want daar was ze helemaal niet mee bekend. Ik heb haar dus nog wat kunnen leren!

Anne West zegt nu wel dat het allemaal toeval is, maar dat weet ik nog niet zo zeker. Volgens mij bestaat er een verband tussen de eigenschappen van de natuurelementen en de verschillende karakters. Ik geloof best dat ze daar bij het schrijven niet bewust rekening mee heeft gehouden. Volgens mij is het gewoon automatisch is gegaan. Een aardetype is vanzelfsprekend vast, hard, stabiel en onveranderlijk. Een watertype is natuurlijk koel, evenwichtig en gevoelig. Een vuurtype is heetgebakerd, energiek en enthousiast, dat is logisch. En een luchttype kan niet anders zijn dan doorzichtig, beweeglijk, snel, licht en ongrijpbaar.

Slotwoord:
Zonder de antwoorden van Anne West op al mijn vragen was het me vast niet gelukt een goed verslag van haar boeken te schrijven. Ze had ze zelfs zó uitvoerig beantwoord, dat ik even door de bomen het bos niet meer zag. Iedere vraag ging weer over een ander onderwerp dan de vraag ervoor. En alle antwoorden stonden in de ik-vorm. Ik heb eerst van de vragen en antwoorden stukjes tekst gemaakt en alle ‘ik-jes’ in ‘zij-tjes’ of ‘Anne-tjes’ veranderd. Die stukjes tekst ben ik gaan sorteren naar onderwerp. Dat lukte niet gelijk. Sommige stukjes zijn wel tien keer heen en weer geschoven, totdat ze eindelijk hun plek hadden gevonden.

Het is wel grappig dat ik vorig jaar een boekverslag heb gemaakt over een boek van een zeer ervaren schrijver, ‘De dans van de drummers’ van Hans Hagen, en nu over vier boeken van een schrijfster die nog helemaal aan het begin van haar carrière staat. Dat verschil vind ik wel leuk. De thema’s van deze boeken passen alle twee wel goed bij het thema’s van de twee kinderboekenweken. Maar dat komt waarschijnlijk omdat we in dezelfde periode van het schooljaar een boekverslag moesten maken.

Het verhaal over de elementen begon ik tijdens het werken aan mijn verslag steeds interessanter te vinden. Ik had er eigenlijk nooit zo over nagedacht, maar je komt het heel veel tegen. Eerst dacht ik dat het allemaal lariekoek was, maar nu denk ik dat er toch wel iets in zit. Bijvoorbeeld dat mensen vaak lijken op een bepaald elementtype. Bij mij was het in ieder geval wel duidelijk welk type ik ben. Omdat ik heel nieuwsgierig was hoe Anne West dit nu allemaal bedacht had en het toch ook weer niet helemaal snapte (welk element hoort bij de zwarte diamant en speelt het element ether nu wel of geen rol?), heb ik haar nog een keer een mailtje gestuurd. Haar antwoord vond ik heel verrassend. Ik weet nu dat ze er bij het schrijven helemaal geen rekening mee heeft gehouden om het karakter van de magiërs te laten passen bij de types van de elementen. En dat in haar oorspronkelijke verhaal helemaal geen luchtmagie voorkomt! Ze moest dat achteraf, toen ze dacht dat ze helemaal klaar was, er nog van de uitgever inschrijven. Dat lijkt me een hele moeilijke en vervelende klus. Ik snap nu overigens wel waarom de luchtmagiër in het verhaal ontbrak en waarom op het magische zwaard maar plek was voor drie stenen.

Ik heb Anne West beloofd dit boekverslag aan haar op te sturen. Ze heeft gezegd dat ze dat leuk vindt en het graag wil lezen. Ik heb haar ook uitgenodigd om bij mijn boekbespreking op school aanwezig te zijn. Jammer genoeg lukt dat niet in verband met haar werk. Ze moet toch al schipperen met haar vrije dagen om genoeg tijd over te houden om te schrijven aan haar nieuwe boek. Maar ze zou het wel leuk vinden om te horen hoe het gegaan is. En dat ga ik haar ook zeker vertellen, want ze heeft me echt heel goed geholpen en ik vond het ook leuk om al die dingetjes te horen die ik normaal nooit zou weten. Tot slot heeft ze me nog heel veel succes én een hoog cijfer toegewenst! En dat hoop ik ook.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

M.

M.

heey

leuk dat je dit gedaan hebt ik weet niet van hoelang geleden dit is maar annemieke is mijn praktijkbegeleidster toen mij is verteld dat ze ook boeken schrijft dus ben ik maar ff gaan googelen je hebt het echt heel erg leuk gedaan

Groetjes Marijke

14 jaar geleden

Andere verslagen van "De watermagiër door Anne West"