ADVERTENTIE
Is jouw geschiedenisleraar de allerbeste?

Geef hem of haar dan op voor de titel Geschiedenisleraar van het jaar van het Rijksmuseum. De deadline voor aanmeldingen is 31 maart 2020.

Geef je leraar op!

Recensie



Schrijver: Jos Vandeloo

Titel: De Vijand



Het boek De Vijand van Jos Vandeloo is ingedeeld in tweeëntwintig korte hoofdstukken. Elke titel van een hoofdstuk geeft weer waarover het hoofdstuk gaat. In het begin van het boek is er een kort stukje cursief gedrukte tekst, de rest van de bladzijde is leeg. Het boek begint dan eigenlijk pas op de volgende bladzijde. Dit kleine stukje tekst is een soort inleiding naar het eerste hoofdstuk toe. Ik vind dat je daar een boek beter mee kan beginnen dan ergens midden in een verhaal omdat het boek je dan echt al vanaf de eerste regel boeit. De hoofdpersoon vertelt in dit stukje dat hij altijd aan de vijand moet denken wanneer het regent. Hierdoor begrijp je sommigen stukken uit het boek ook beter. Het boek is een reeks van beschrijvingen tot en met hoofdstuk elf. Er wordt een relatie duidelijk gemaakt tussen de Amerikaanse soldaten en het hoofdpersoon. Deze relatie wordt heel duidelijk beschreven door middel van gebeurtenissen en niet met dialogen hierdoor wordt het verhaal boeiender. Daarna speelt het verhaal zich af in en rond de schuilkelder. De overgang wordt weer gemaakt een cursief gedrukte tekst, de rest van de bladzijde is leeg. Dit is weer zo’n stukje waarmee je weer wordt ingeleid in het vervolg van het verhaal. Dan begint er een stukje verhaal dat zicht zes weken voor het begin van het verhaal afspeelt. Het klink zo misschien een beetje onlogisch maar toch is het makkelijk te begrijpen. Hierdoor weet je namelijk het antwoord al op een vraag die je niet weet waardoor je extra aan het denken gezet wordt en dus meer geboeid raakt. In deze tekst wordt er een antwoord gegeven op de vraag:"Wie is de vijand?".

Het boek gaat over een vijftienjarige ikpersoon. Hij vertelt over zijn ervaringen en belevenissen van de laatste maanden tijdens de tweede wereldoorlog. Deze belevenissen worden zo beschreven waardoor je je nog beter kunt inleven in de ikpersoon, maar ook in de angst die de mensen in de tweede wereldoorlog gehad moeten hebben. Hij haat de regen omdat telkens als het regende, er iets onaangenaams gebeurde. Later in het verhaal wordt dit duidelijk.



In het dorp, vlakbij zijn huis kamperen vier Amerikaanse soldaten met wie hij vriendschap heeft gesloten. De soldaten zijn erg gesteld op de jongen omdat hij hun kolen brengt tegen de kou van het najaar. In ruil daarvoor krijgt hij vaak eten waar zijn moeder heel blij mee is. Hij leert heel veel van de soldaten en gaat hen als zijn vrienden beschouwen. Hij vertelt over Bea, een meisje van zijn leeftijd die in zijn buurt woont en waar hij verliefd op is. Op een dag ziet de ikpersoon de soldaat Karl bovenop Bea liggen. En hij begrijp het niet helemaal. Daardoor is hij heel erg teleurgesteld, want hij is eigenlijk verliefd op Bea. De meeste personages worden beschreven door de ikpersoon waardoor je soms niet helemaal een goed beeld krijgt van die personages. Dit is wel jammer omdat je hun standpunten en gedachten van de tweede wereldoorlog niet weet en dus ook niet weet waarom ze bepaalde handelingen verrichten. Hij denkt vaak na over de gevolgen van de oorlog aan zijn familie. “Iedereen is oud en levensmoe geworden.”

Zijn vader heeft samen met een paar andere mannen uit het dorp een grote schuilkelder gebouwd omdat de oorlog heviger werd. Het heeft de vorm van een ei en er is plaats voor dertig personen. Steeds vaker moeten ze hun toevlucht nemen tot de bunker wat ze na een tijdje gewoon worden. Als het weer eens regent, wordt er vlak boven de bunker een Duitser neergeschoten. De mannen proberen hem zo goed mogelijk te helpen en leggen hem in een schuur vlakbij de kelder. Ook al werd er nog steeds gevochten, toch gaan er een paar mannen geregeld naar hem kijken, maar zijn toestand vermindert zienderogen. De gestorven Duitser wordt gevonden door een groep soldaten, die de dorpsbewoners in de bunker ervan verdenken hem vermoord te hebben. Alle mannen worden weggebracht en gevangen genomen, waaronder ook de vader van het hoofdpersonage. de ruimte die de schrijver heeft gekozen is natuurlijk voor de hand liggend want dat was een van de weinige manieren om te kunnen schuilen voor de oorlog.

Het thema van het boek is oorlog. Het hele verhaal draait om de oorlog. Het boek is goed te volgen en je kunt je goed inleven in de ikpersoon en in de situatie. Het thema is dan ook goed uitgewerkt in dit boek omdat je vooral de gedachtes van de ikpersoon te lezen krijgt die voornamelijk over de oorlog gaan.

Alles wordt verteld vanuit de ikpersoon. Je beleeft als het ware alles vanuit zijn ogen. De ik persoon is een jongen die probeert sterk in zijn schoenen te staan. Zijn naam kom je niet te weten maar ik denk dat dat ook niet van belang is omdat door die manier niemand hem aanspreekt, en er dus geen lange dialogen voorkomen in het boek. Je krijgt van de andere personages eigenlijk alleen maar dingen te weten omdat de ikpersoon er iets over verteld. Zo wordt er ook een beeld gegeven van de manier waarop zij leven en over de oorlog denken.

Het gehele verhaal speelt zich af in een grensdorp tussen België en Nederland. Vooral in het korenveld, wat ook wel het veld wordt genoemd, waar de Amerikanen kamperen. Na pagina 41 kent het verhaal zijn verloop in en rond de schuilkelder. Deze ruimte creëert een bepaalde sfeer in het boek, bijvoorbeeld de schuilkelder schept een sfeer van opgesloten te zijn, wachtend op betere tijden en machteloos te staan.

Zoals al eerder gezegd speelt het verhaal zich af in de tweede wereldoorlog, om precies te zijn aan het eind van de tweede wereld oorlog omdat de geallieerden al zijn gekomen. De verteltijd in het verhaal is ongeveer zes tot zeven weken. De eerste vier weken gingen over de vriendschap met de Amerikaanse soldaten die over het leger praatten en over hun geboorteland, waar alles mooi en groot was. De laatste twee, drie weken over het schuilen onder de grond en over het wegvoeren van de mannen door de Duitse soldaten. Het ging meestal over een paar weken waarin dingen gebeurden. De belevenissen werden meestal per dag en onderwerp(de titel van het hoofdstuk) samengevat. Hierdoor is alles goed te begrijpen omdat er niet van alles door elkaar gebeurt want er is namelijk maar een belangrijk gegeven verwerkt per hoofdstuk.

Het taalgebruik in het boek is niet moeilijk. Er komen een paar keer wat engelse woorden voor. Dat zijn dan citaten die gezegd zijn door Amerikaanse soldaten. Verder staan er geen moeilijke woorden in het boek. De zinnen zijn niet te lang waardoor alles zeer gemakkelijk leest.

Het verhaal is autobiografisch. Je hoort en ziet alles vanuit de ogen van de ikpersoon, een ik perspectief dus. De ikpersoon doet ook mee met het verhaal. Zo lijkt het voor de lezer net alsof hij of zij zelf in het verhaal zit. Ik vind dat dit een spannend effect geeft.

Al met al vond ik het boek “de vijand” van Jos Vandeloo een geweldig boek. Ondanks dat het boek maar 78 bladzijden bevat kun je je toch heel erg goed inleven in de ikpersoon en in hoe hij reageert in bepaalde situaties. Je kunt het boek in een sneltrein vaart uitlezen en dat leest dan ook wel lekker. Dit boek is dan ook zeker een aanrader om te lezen, want ik ben zelf niet echt een fan van oorlogsboeken maar ik vond dit boek heel erg mooi en zeer boeiend geschreven.


REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.