De satansketting door Theo Hoogstraaten

Beoordeling 6.6
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • Klas onbekend | 2926 woorden
  • 26 juni 2007
  • 125 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.6
  • 125 keer beoordeeld

Boek
Auteur
Genre
Taal
Nederlands
Vak
Eerste uitgave
2005
Pagina's
157
Oorspronkelijke taal
Nederlands

Boekcover De satansketting
Shadow
De satansketting door Theo Hoogstraaten
Shadow
ADVERTENTIE
Help nu jouw favoriete goede doel door jouw mening te geven!

Hoe? Heel simpel. Geef je op voor het panel van Young Impact en geef jouw mening over diverse onderwerpen zoals gelijke kansen, diversiteit of het klimaat. Voor iedere ingevulde vragenlijst (+/- 1 per maand) ontvang je een bedrag dat je direct mag doneren aan een goed doel naar keuze. Goed doen was nog nooit zo easy!

Meld je aan!
1: Waarom heb je dit boek gekozen?
- Ik heb dit boek gekozen omdat ik van iemand had gehoord dat het een leuk boek was. Mijn moeder heeft toen het boek gekocht omdat ik zei dat het me wel een leuk boek leek, en ook omdat mijn broertje erg van dit soort tijdsverhalen houd.

2: Wie is de schrijver of schrijfster van het boek?
- Theo Hoogstraaten schrijft het maar zijn vrouw helpt er ook aan mee.

3: Wat is de titel van het boek? Leg de titel eens uit?
- De titel is ´´De Satansketting´´. De titel betekent: dat het een duivelse ketting is waar een vloek op rust. De ketting heeft magische kracht. Aya ,de hoofdpersoon,bezit deze ketting omdat ze deze van haar moeder heeft gekregen.


4: wat is het thema van het boek? M.a.w. wat is het centrale probleem? (betrek de titel bij het beantwoorden van de vraag.)
- Het thema van het boek is dat de hoofdpersoon een arme boerendochter is die horig is aan de kasteelheer. Net als haar hele familie. De ketting geeft haar macht omdat de meeste mensen in de middeleeuwen in magie en hekserij geloven.

5: tot wat voor genre behoort het boek? Bijvoorbeeld: historische roman, detective, oorlogsroman, science fiction enz. Geef duidelijk aan waarom jij denkt dat het bijvoorbeeld een detective is.
- Ik denk dat het een historische roman is. Omdat het zich afspeelt in de middeleeuwen en er personen in voorkomen die werkelijk hebben bestaan. Bijvoorbeeld graaf Guy van Pontieu (de kasteelheer van Aya) en de dwerg Turold. Het verhaal speelt zich af vlak voor 1066. In 1066 gaat Willem van Normandië naar Engeland om koning te worden. In 1066 verslaat hij bij de slag van Hastings Harold en wordt koning van Engeland. In dit verhaal komen mannen van Harold naar Normandië met een boodschap voor Willem. Deze mannen worden door Guy van Pontieu gevangen genomen.

6: waar speelt het verhaal zich af? Hoe weet je dat? (geef een voorbeeldzin uit het boek.)
- het verhaal speelt zich af in de omgeving van de stad Rouaan in Normandië. De voorbeeldzin uit het boek is: ‘De heren nemen wat en wie ze willen. Een horige meid op zoek naar een vrij leven… Daarom wil jij natuurlijk naar Rouaan.’ In het begin van het boek (proloog) staat als titel: Normandië, voorjaar 1046.

7: door wie wordt het verhaal verteld? Door een ik –persoon of door een persoon buiten het boek bijvoorbeeld? Geef aan waarom jij dat denkt.
- Het verhaal wordt verteld door een persoon buiten het boek, in zij-vorm. Ik denk dat omdat er bijvoorbeeld staat: ‘de deur klemt een beetje en piept als ze hem openduwt.’ Zo wordt het hele boek verteld.


Geef een beschrijving van de hoofdpersoon of van de hoofdpersonen en van een aantal belangrijke bijpersonen. Noem karakter, uiterlijk enzovoort.
- De hoofdpersoon is Aya Henricsdochter. Hoe ze er uitziet staat in het boek niet echt beschreven. Wel vinden mannen haar knap. Ze is een arme boerendochter die met haar vader, moeder, broertjes en zusje op het land van heer Guy van Pontieu woont. Veel van hun oogst moeten ze aan hem afstaan en van het graan wat haar vader overhoudt, bakt hij broden in de oven van het kasteel. Ergens anders mag niet van heer Guy. Haar vader moet er dan met graan voor betalen zodat er uiteindelijk niet veel broden voor zijn gezin overblijven. Dat ze arm is weet ik ook omdat ze in het verhaal maar 1 jurk heeft waarin ze de gasten op het kasteel niet mag bedienen. Verder weet ik dat ze niet veel heeft geleerd. Haar karakter: ze moet hard werken en vindt dit niet leuk. Maar ze is wel eerlijk want ze schaamt zich als ze haar moeder en zus al het werk heeft laten doen en probeert het goed te maken. Ook vind ik haar wel moedig want als haar vader en moeder om haar gevangen worden genomen (door heer Guy) gaat ze terug naar het kasteel ook al zeggen haar vrienden dat ze dat niet moet doen. Ze leert, doordat ze vlucht, dat ze meer zelfvertrouwen krijgt omdat ze in ‘nieuwe, onverwachte situaties gewoon durft te zeggen wat ze denkt.’

- Een belangrijk bijpersoon is Turold de dwerg. Hij redt haar een paar keer als ze in gevaar is en ze vluchten samen naar het klooster waar hij als kind gewoond heeft. Zijn karakter: hij is moedig. Hij zegt tegen Aya over Bertran (de zoon van heer Guy): ‘Luister niet naar die lafaard. Een echte edelman slaat geen vrouwen. Zo’n opgeblazen miskraam hoef je niet te gehoorzamen.’ Aya denkt: ‘waarom zou dat mannetje het voor haar hebben opgenomen, risico’s lopen? Als Bertran hem te pakken krijgt, hoeft hij niet op genade te rekenen.’

- Nog een bijpersoon is Hugo. Als ze met Turold vlucht helpt Hugo hun. Hij is een handelaar in stoffen. Zijn vrouw is als heks gestorven doordat zij de heksenproef (onder water kunnen blijven) niet heeft overleefd. Hij heeft ook een dochtertje maar die heeft hij niet bij zich. Hugo is niet bijgelovig. Hij gelooft niet is heksen en magie.

- Nog een belangrijk bijpersoon is Heer Guy van Pontieu. Hij is al achttien jaar op zoek naar de ketting die Aya van haar moeder heeft gekregen. Heer Guy gelooft dat de ketting toverkracht heeft. Hij is bijgelovig. Het karakter: hij ziet mensen als bezit. En de mensen op zijn land zijn erg arm. Vrouwen zijn er voor zijn plezier. (droit de seigneur: voor de huwelijksnacht slaapt hij met elke bruid pas dan mag ze trouwen.)toch is hij niet slecht maar hij denkt zoals machtige mensen in die tijd deden. Hij martelt bijvoorbeeld mensen als hij achter de waarheid wil komen.

Is de schrijver/schrijfster moeilijk in zijn/haar taalgebruik? Leg dit uit met een voorbeeldzin uit het boek.
- Ik vind dat hij geen moeilijk taalgebruik heeft. Er staan geen moeilijke woorden in. Bijvoorbeeld: ‘op zijn hand ligt een platte, ovaalvormige steen, met een gat voor een draagkoord.’

Geef een samenvatting van ongeveer anderhalf a-4 kantje, zodat je een duidelijk beeld krijgt van de inhoud van het boek. De samenvatting moet in eigen woorden worden verteld. (dus geen kopie van internet, uittrekselboek of iets dergelijks!)
- Het verhaal begint met een proloog met de titel ‘Normandië, voorjaar 1046’. Een vrouw is de minnares van de graaf, Guy van Pontieu. Ze is een boerenmeid en wordt door de hofdames genegeerd. ‘Een boerenmeid wordt nooit een edelvrouw en zal nooit het hart van een edelman als heer Guy kunnen winnen’, dat denken ze. Op een dag stuurt hij haar weg. Ze vindt dat hij haar afdankt als een versleten kledingstuk en steelt uit een geheime la een ketting. Twee maanden later martelt de beul van heer Guy drie mannen, die hem moeten vertellen waar de ketting is. Maar ze weten het niet.
Achttien jaar later, in 1064 dus, moet Aya op het kasteel komen werken. Er zijn mannen die er vreemd uitzien (ze hebben het haar op hun achterhoofd en nek niet afgeschoren en ze dragen een snor) gevangen genomen.
Aya vindt het fantastisch dat ze op het kasteel moet gaan werken. Ze wil niet de rest van haar leven op de boerderij wonen. In het kasteel wordt geen honger geleden en er is geen gebrek aan brandhout en de dikke stenen muren houden de kou beter buiten dan de lemen wanden van hun boerderijtje. Haar vader is bang dat ze in het bed van ‘die vetbuil’ Guy belandt. Haar moeder denkt dit niet, omdat Aya niet gaat trouwen. Als je gaat trouwen is het recht van de landheer dat hij eerst met het meisje naar bed mag. Haar moeder vertelt haar, dat zij ook de verplichte nacht in het bed van heer Guy heeft gehad, omdat de vader van Aya geen geld had om dit af te kopen. Ze geeft Aya een ketting mee, waarvan ze zegt dat ze die van heer Guy heeft gekregen. Aya kan de ketting verkopen als ze problemen heeft.
Op het kasteel moet ze in de keuken werken. De zoon en dochter van heer Guy wonen ook op het kasteel. Heer Guy heeft geen kinderen uit zijn huwelijk. De dochter is het kind van hem en een kamerjuffer en de zoon Bertran is als baby afgegeven bij de poort van het kasteel. Voor hem wordt ze gewaarschuwd.
Heer Guy houdt de vreemde mannen gevangen, dit zijn Engelsen met een boodschap voor de hertog van Normandië. Na een paar dagen komen er meer belangrijke gasten op het kasteel. Het zijn edelen die door de hertog zijn gestuurd om heer Guy te waarschuwen de Engelsen vrij te laten. Een van de Engelsen is Harold Godwinson, van het hof van de koning van Brittannië. Heer Guy wil losgeld voor hem hebben.
Door al deze bezoekers wordt het erg druk op het kasteel en moet Aya gaan helpen met het bedienen aan de tafels. Omdat ze erg vies is, krijgt ze schone kleren en ze gaat zich wassen in de rivier. Daar betrapt Bertran haar. Hij wil haar als zijn persoonlijke bediende en slaat haar met zijn zweep als hij vindt dat ze hem iets opdraagt. De dwerg Turold, die bij de gezanten van de hertog van Normandië hoort, komt haar helpen. Bertran wordt gek van kwaadheid. Hoe durven een dwerg en een meid het tegen hem op te nemen! Hij slaat Aya in haar gezicht. Ze is verdoofd door de klap en voelt dat er bloed uit haar neus stroomt. Turold heeft een slinger met een steen en als Bertran zijn zwaard trekt en Aya heeft vastgepakt, wordt hij door de steen geraakt. Bertran wankelt en probeert zich aan Aya vast te grijpen, maar ze duwt hem van zich weg. Hij valt met zijn hoofd op een steen en is dood.
Aya en Turold vluchten. Turold denkt dat als ze Bertran vinden, ze zullen denken dat zijn paard het heeft afgeworpen. Maar ze vergeten Aya’s vieze kleren mee te nemen. Turold heeft Aya’s ketting gezien en vraagt haar naar de tekens die erop staan. Als Bertran wordt gevonden, weet graaf Guy dat Aya op die plek is geweest en Turold denkt dat ze haar gaan martelen om de waarheid te weten te komen. Daarom ontsnappen ze ’s ochtends vroeg met een groepje muzikanten uit het kasteel. Turold helpt haar, omdat hij weet hoe het voelt om slecht behandelt te worden zoals Bertran dat met haar deed. Als kind moest hij optreden en bijvoorbeeld naakt uit een taart springen om over de tafel te dansen of hij werd in een vat bier gesmeten waarom iedereen moest lachen terwijl hij bijna verdronk. De abt van het klooster Sint Stefanus redt hem. Harold groeit op tussen de monniken, de gebeden, de gezangen en de handschriften (geschreven boeken). Hij leerde met de slinger op konijnen jagen, maar ook lezen en schrijven. Daarna is hij met zijn huidige meesters meegegaan.
Aya en Turold komen onderweg Hugo Talais, handelaar in stoffen, tegen, samen met zijn knecht Lambert die doof en stom is. Als Hugo merkt, dat ze voor de heer van Pontieu op de vlucht zijn, mag Aya zich verstoppen in de kar onder de rollen stof. Als de tolwachters de wagen willen doorzoeken, leidt Turold de aandacht af door op zijn paard te vluchten. Zo komt ze langs de tolwachters van heer Guy. Vlak bij het klooster van Sint Stefanus komen ze Turold weer tegen en ze kunnen in het klooster logeren.
In het kloostercel bekijkt Aya de ketting goed. Hier had ze eigenlijk nog nooit goed naar gekeken. Het hangertje heeft de vorm van een schelp, waar een slangenlijf omheen kronkelt, alles van echt zilver. Aan de binnenkant van de schelp zijn wat tekens gekrast. Ook de meesters van Turold, Gaufroy en Trustran zijn op het klooster aangekomen. Ze praten over de ketting en weten zeker dat heer Guy zoiets nooit zou weggeven Ze vragen of ze weet dat er een vloek op het sieraad rust. Trustran vertelt dat het sieraad meer dan twee eeuwen oud is en meegenomen door de Noormannen. De koning wilde van de plundertochten van de Noormannen verlost zijn en gaf daarom land in leen aan de Noormannen. De adel was daar niet blij mee. Tijdens een vechtpartij werd de oudste zoon van een van de graven van Pontieu gedood. De Noormannen hebben de ketting met de schelp toen aangeboden in plaats van weergeld (weergeld is de vergoeding voor de dood van de zoon). Turold zag aan de tekens, runentekens, dat het de ketting is waar heer Guy al heel lang naar op zoek is. De vloek is: wie zich de ketting laat afnemen raakt zijn macht kwijt aan de nieuwe drager en zal met zijn nageslacht te gronde worden gericht. De abt zegt dat runenletters tekens van Satan zijn, overblijfsels van een heidens geloof. De menselijke geest is zwak en gelooft maar al te graag in de kracht ervan. En dat geeft de duivel kans er misbruik van te maken. Hugo vindt dit allemaal bijgeloof en snapt niet dat de graaf zich om zulke onzin druk maakt. De abt gelooft wel in Satan. De volgende dag onderzoeken ze de tekens en een van de tekens is de insigil. Als de abt dat weet is hij bang dat Aya het instrument van Satan is. Aya was eerst bang voor de ketting, maar haar moeder is nooit iets overkomen zolang ze de ketting had en Bertran heeft Aya ook niets kunnen doen. Dus nu is ze niet bang meer. De ketting geeft haar een prettig gevoel. Turold is ook niet bang voor de runen. Hij heeft zelf een steen van zijn ouders gekregen met een geluksteken erop: de vijfde rune raidho. De abt wilde deze vernietigen, maar Turold had de steen door een andere vervangen en toen werd die vernietigd. Raidho zorgt ervoor dat de drager altijd op het juiste moment op de juiste plaats is, voor wie erin gelooft.
De abt denkt dat Satan haar al in zijn macht heeft, dat Aya een heks of duivelin is, en haalt broeder Christophe, een exorcist (duiveluitdrijver), erbij. Hij heeft een stokje, met een verborgen naald erin. Aya wordt verrast door de prik in haar arm en reageert niet op de pijn. De abt had haar ter bescherming een kruisbeeldje omgehangen. Ze vinden het raar dat ze dit niet afstoot. Broeder Christophe wil haar met het stokje in de borst prikken, maar Aya slaat zijn hand weg en het kettinkje breekt en het kruisbeeldje valt stuk op de grond. Nu willen ze haar vastbinden en uitkleden om haar verder te onderzoeken, handlangers van satan hebben een lichaamsafwijking. Aya verzet zich en broeder Christophe wordt door haar gebeten, struikelt over zijn pij en valt op de grond. Aya is woedend, haar kleren zijn gescheurd, haar haren staan wild alle kanten op en ze zit onder het bloed. De duivelsketting is goed te zien en de monniken worden bang en vluchten. Voor de tweede keer is een man die haar iets wil aandoen machteloos op de grond beland.
Aya moet nu vluchten voor abt Jean, die nu bewijzen genoeg heeft gezien. Turold en Hugo helpen haar via het onderaardse gangenstelsel van het klooster. Intussen vertelt Turold Aya dat de insigil een teken is dat van de runen is afgeleid en ‘helm van ontzag’ betekent en het de drager veel macht geeft. Het andere teken is de dertiende rune: eihwaz. Het is de doodsrune. De gesel van Satan. Turold zegt dat het er niet om gaat of hij erin gelooft, maar om de uitwerking die de ketting op mensen heeft.
Onderweg worden Aya en Hugo ze door struikrovers aangevallen. Als de aanvoerder haar wil meesleuren prikt ze hem met het stokje van broeder Christophe in de hals en hij laat haar van schrik los. De andere rovers zijn bang, ze begrijpen niet wat er gebeurt en de houding van Aya maakt ze bang. Opnieuw verschijnt Turold net op tijd met zijn slinger en slaan de rovers op de vlucht. De kar en Lambert hebben ze meegenomen.
Aya wil terug naar het kasteel om haar ouders te redden van heer Guy. Hij heeft ze gevangen genomen om te ontdekken waar zij is. Omdat Guy in de vloek gelooft, denkt ze dat hij banger voor haar is dan zij voor hem. Bij het kasteel vraagt ze aan Turold of ze allen op zijn paard mag zitten. Ze wil op hem afrijden als een adellijke dame, hoog op het paard zittend. In een paar dagen is een van hun bedienden veranderd in iemand die zich gedraagt als hun gelijke. Dat kan niet zomaar zijn gebeurd. Aya moet op zichzelf vertrouwen. Heer Guy is onder de indruk, maar ieder teken van zwakte of onzekerheid kan zijn stemming laten omslaan. Haar moeder wordt op het kasteel gevangen gehouden. Ze vertelt Aya dat Bertran haar zoon was en die van heer Guy.

Aya vraagt vrijheid voor haar familie en geld. Ze wil met haar familie in Gent een nieuw leven beginnen. Hugo woont ook in Gent en wil ze wel helpen. De hanger wil ze niet houden. Ze geeft hem aan Turold voor zijn meester hertog Willem van Normandië.

Kijk voor de informatie over Theo Hoogstraaten aan het einde Van dit verslag. Het zit er apart bij.

Geef een bronvermelding. Waar heb je de informatie vandaan?
- ik heb de informatie van Theo Hoogstraaten van internet. De websites zijn: www.theohoogstraaten.nl / scholieren.samenvattingen.nl / www.leesfeest.nl / www.google.nl (voor de foto’s en afbeeldingen.) voor het boekverslag, natuurlijk het boek dat ik gelezen heb.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

N.

N.

Harold groeit op tussen de monniken, de gebeden, de gezangen en de handschriften (geschreven boeken).

het moet Turold zijn en niet Harold !

14 jaar geleden

Andere verslagen van "De satansketting door Theo Hoogstraaten"