Geef je mening over een nieuwe jongerencampagne, en maak kans op een bol.com cadeaubon van 25 euro! Jouw antwoorden zijn anoniem en helpen ons om jongeren beter te begrijpen!

Doe mee!

De sandwich door A.F.Th. van der Heijden

Beoordeling 6.6
Foto van een scholier
Boekcover De sandwich
Shadow
  • Boekverslag door een scholier
  • 4e klas havo | 2581 woorden
  • 4 oktober 2001
  • 18 keer beoordeeld
Cijfer 6.6
18 keer beoordeeld

Boekcover De sandwich
Shadow
De sandwich door A.F.Th. van der Heijden
Shadow

Algemene gegevens

Auteur: A.F.T.H van der Heijden. Titel: De Sandwich
Ondertitel: Een requiem
1e jaar van uitgave: 1986

Samenvatting: Deel 1. De zwakste schakel. 5 hoofdstukken. De laatste tijd las Adriën de rouwadvertenties, omdat hij er zich bewust van was dat hij ooit een keer dood zou gaan. Toen hij die advertenties aan het lezen was kwam hij een rouwadvertentie van Karine tegen. Hij had haar vroeger gekend. Hij gaat erover nadenken en bedenkt zich dan dat er mensen zijn die denken dat als zij sterven, de wereld vergaat. Daarom hoeven ze ook geen testament te maken. Zijn eigen idealisme was dat niet alleen hij maar iedereen die macht had. Toen hij later op staat liep, zag hij dat alles normaal verder ging, terwijl Karine er niet meer was. Twee en een half jaar later hoort hij van zijn moeder dat Frank Rastering is overleden. Adriën kende hem van vroeger. Dagen lang heeft hij toen geprobeerd om Frank en Karine samen in een gebeurtenis te plaatsen. Hij wist eigenlijk niet goed wat hij deed, was het een soort troost of een nagekomen rouwdienst. Hij vindt dat de dood betekenis geeft aan het leven en de herinneringen aan de overledenen creëren het hiernamaals. Adriën herinnert Frank als een jongen op hele dunne lange benen. Hij kwam altijd op de meest onmogelijke momenten aanwaaien. Frank had ook een keer een kettinkje aan zijn hand vast gemaakt, zodat het er nooit meer af kon. Iemand is een keer een uur bezig geweest om de zwakste schakel met de hand los te maken. Het is nog onbekend hoe Frank aan zijn einde is gekomen. Van een vriendin hoorde hij dat de politie hem gevonden had toen hij van 7 hoog naar beneden was gevallen. Deel 2. De kinderbruiloft. 12 hoofdstukken. Na de overlijdensadvertentie in de krant kwam Adriën de zus van Karine tegen. Ze nodigde hem uit om een keer langs te komen. Hierdoor herinnert hij zich weer hoe hij met Karine in aanraking is gekomen. Haar zus was het stuk van de school. Ze was dik opgemaakt en had heel wit haar. Ze ging altijd vergezeld van een soort schaduw, een lelijk meisje. Op een keer stapte ze op hem af en vroeg ze of hij een keer met haar zusje uit wilde. Toen hij toch naar Lucia was gegaan vertelde ze hem dat hij ouder is geworden. Lucia vertelt heel luchtig over de dood van Karine, terwijl Adriën er eigenlijk niet zoveel over wil horen. Hij heeft het er erg moeilijk mee. Karine heeft zelfmoord gepleegd, ze was al een tijdje zoek. De ouders van Lucia komen die middag ook. Haar vader ziet er slecht uit. Het was een hele tijd stil en Adriën dacht aan Karine. Hij vond het vooral walgelijk toen hij zich herinnerde dat hij met haar naar bed was geweest. Nu is ze dood, terwijl hij het intiemste van haar gekend heeft. Hij moest er bijna van kosten. Als Adriën Karine voor de eerste keer ophaalt heeft Lucia het over een kinderbruiloft, ze heeft twee jonge kinderen gekoppeld. De verhouding tussen Karine en Adriën verliep nogal stroef. Ze was, als ze samen uitgingen, constant bezig om de rest van de groep te helpen en ondersteunen. Karine vluchtte van Adriën weg, ze voelde zich te veel, ze had een minderwaardigheid complex. Adriën had een vriend Peter Roodakker die alles deed wat hij deed. Op een dag gaat Adriën met Karine en haar nieuwe vriend mee naar de verjaardag van Rudy, ze is een gehandicapt meisje en hij zoent met haar uit een soort van liefdesverdriet. Dit was het laatste waar hij Karine heeft gezien. Deel 3. Kiliboe, kiliboe. 6 hoofdstukken. Adriën herhaalt herinneringen vaak, omdat hij bang is dat hij ze vergeet. Toch is hij nog steeds bezig om Karine en Frank in een herinnering samen te zien. Hij wil een requiem. Hij denkt op een dag dat hij kanker heeft. Hij voelt zich steeds sneller moe en hij heeft nergens meer zin in. Hij begint ook al duizelig te worden maar durft niets tegen zijn vriendin Ouiesje te zeggen. Hij laat een EEG maken bij de dokter en moet over 10 dagen terug komen. Voordat hij weer naar de dokter gaat, gaat hij in een café wat eten, hij krijgt een roggebrood en sandwich (aanleiding) voor en plotseling herinnert hij zich iets. De herinnering komt waarschijnlijk ook voort uit een soort doodsangst (hij denkt dat hij kanker heeft), Karine en Frank zijn al dood, nu zal hij volgen.(rede) Karine houdt een feestje vanwege haar eindexamen. Daarna gaan ze nog ergens heen en dan ligt Frank op de grond, Karine heeft het koud en gaat boven op hem liggen. Later vraagt ze of Adriën er ook bovenop komt liggen als een soort Sandwich. Hij denkt dat dit de rede is dat hij nu niet dood gaat, omdat hij de sandwich niet heeft afgemaakt. Adriën gaat op vakantie met Dop, hij rijdt als een gek, verliest op een gegeven moment de macht over het stuur. Normaal gilt Adriën niet op zo\'n moment, maar nu wel. Misschien is hij toch bang om dood te gaan.

Opdrachten: 1a. Beschrijf het karakter van de hoofdpersoon/personen. Adriën: Adriën is bang om dood te gaan. 2 van zijn vrienden zijn al dood en nu volgt hij denkt hij. Hij is bang, hij denkt dat hij doodgaat. Dat hij kanker heeft, want hij is ook al een tijdje ziek en heel erg moe. Hij gaat eten in een café, daar krijgt hij een sandwich voorgeschoteld. Dan denkt hij terug aan vroeger toen lag Karine op Frank en zei ze tegen Adriën dat hij er bovenop moest komen liggen. Net als een sandwich dus. Hij denkt als ik deze sandwich niet opeet dan ga ik ook niet dood. Adriën is 27 jaar maar in zijn herinneringen is hij meestal een jaar of 17. Adriën haalt vaak herinneringen op.

Portie erwtensoep: Vroeger had ik het gerecht beschouwd als de ideale ‘bodem’ voor een drinkavond. Een soort betonfundering, licht poreus, die de alcohol uiterst langzaam opzoog, en nog langzamer liet doorsijpelen. Bladzijde 133. Hij dacht vroeger veel makkelijker over dingen.

1b. Is er sprake van een verandering van het karakter? Zoja, in welk opzicht? Adriën verandert later in zijn manier van denken. Hij dacht in het begin dat hij doodging omdat 2 van zijn vrienden al dood waren dacht hij nu volg ik. Heel paranoïde, later wordt dat minder, dan denkt hij er beter over na. Verder verandert er bijna niks.

Nu stortte ik erwtensoep in mijn maag om niet de stinkende adem van de angst uit die holte onhoog te laten komen. Het drukte me nog meer met mijn neus op vroegere losbandigheid als mogelijk oorzaak, of nevenoorzaak, van mijn huidige ellende. Bladzijde 133. Hij denkt nu veel zwaarder over dingen.

1c. Beschrijf kort enkele minder belangrijke personen: Deze personen zijn wel belangrijk maar Adriën is echt de hoofdpersoon. Karine: Ze is het kleine zusje van Louise. Louise was mooi en populair. Karine vond zichzelf lelijk, ze was altijd bezig haar make-up bij te werken. Ze heeft kort iets met Adriën gehad. Ze was ook modegevoelig en ze vond de vreemdste dingen zielig. Ze schaamde zich voor haarzelf. Als iemand toenadering zocht ging ze hem het liefst zoveel mogelijk uit de weg. Ze leed aan anorexia en ze heeft zelfmoord gepleegd. Ze vond zichzelf overbodig op de wereld.

Frank Rastering: Er wordt niet zoveel over hem verteld. Hij werd geassocieerd met afgelegen cafés, dorpsmeiden, duistere handel en ruzies. Hij kwam altijd op hele vreemde momenten binnenvallen.

1d. Herken je bepaalde karaktertrekken of bepaald gedrag van jezelf in personen in het verhaal: Nee niet echt, ik kan me wel voorstellen dat Adriën bang is om dood te gaan. Als hij net heeft gelezen dat 2 van zijn vrienden zijn overleden.

2a. Beschrijf de belangrijkste relaties. Adriën en Karine hebben kort iets met elkaar gehad. Karine is overleden en Frank ook. Adriën probeert de twee vrienden in een herinnering samen te krijgen. De relatie tussen Adriën en Karine ging heel stroef. Karine vond zichzelf niet goed genoeg. Er wordt bijna niks verteld over de relatie tussen de personen het zijn allemaal korte herinneringen waaraan je niet goed kunt zien wat de relatie was tussen de personen.

‘Vind je ‘t te snel gaan als ik je nu al kus?’ Karine keek naar de grond en schudde langzaam haar hoofd. Bladzijde 71.

Er werd gedanst. Karine met haar breedgeschouderde dwerg, die onder het dansen zijn kop nog dieper tussen de schouders trok, zodat zelfs dat beetje nek niet meer terug te vinden was. Ik danste met mijn ontroerende hinkepink, die er het beste van maakte, maar eigenlijk wervelde ik rond met alles wat ik aan Karine haatte: heel die zogenaamd belangloze ontfermkunst, dat neerbuigend bezwijken voor al wat zwak, ‘zielig’, lelijk was. Bladzijde 98.

2b. Is er sprake van verandering in deze relatie? Er is een verandering, Adriën en Karine gingen maar even met elkaar. Ze hadden een korte relatie. Dus daarna werd het gewoon vriendschappelijk. Hij is met haar naar bed geweest. De relatie verliep erg stroef. Nadat het uit was heeft hij haar nog een paar keer gezien, toen verwaterde het contact. Karine had een nieuwe vriend.

Hoe kon ik het nu zo te pakken hebben? Al die jaren had haar leven zich voor mij in het verborgene afgespeeld, en dat niet omdat ze onbereikbaar was. Ik had geen interesse, verzuimde zelfs aan haar te denken. Wat kon het verschil zijn tussen een gestorven oude liefde en een oude liefde wier leven je niet meemaakt, noch van dichtbij, noch op afstand? Bladzijde 15

2c. Wat is de reden/oorzaak van deze verandering? Het ging uit tussen Karine en Adriën. Ze hebben elkaar nog een paar keer gezien en daarna verwaterde het contact. En Karine had een nieuwe vriend.

Karine en Ytzen draaiden zich voor de laatste maal om, daarbij alletwee hun hand opstekend, en riepen nog iets onverstaanbaars. Het is het laatste wat ik van Karine te zien kreeg. Bladzijde 100.

2d. Geef jouw mening over deze relaties. Ik vind dat de relaties nogal weinig zijn beschreven, ik kon er alleen op uit merken dat Karine en Adriën wat met elkaar gehad hebben. Omdat het bijna allemaal herinneringen zijn wordt de relatie niet goed beschreven. Het zijn allemaal korte stukjes. De relatie tussen Adriën en Karine was niks vind ik.

3a. Vanuit welke persoon vertelt de schrijver het verhaal? Vanuit Adriën, de schrijver schrijft over zichzelf hij is min of meer Adriën. Hij vertelt veel van zijn eigen ervaringen.

3b. Als het perspectief wisselt, van wie naar wie dan? Het perspectief wisselt niet.

3c. Wat zijn de gevolgen van deze wisselingen voor het begrijpen van het verhaal? Er zijn geen wisselingen. Maar zo zie je het wel alleen maar vanuit Adriën zijn ogen.

4a. Wanneer speelt het verhaal zich af? Het verhaal begint in 1979 en eindigt in November 1982.

4b. Van welk belang is dit moment/deze periode voor het verhaal? Adriën is nu 27 en hij vertelt zijn herinneringen. Het ziet er net uit alsof hij het op dat moment meemaakt. Maar ondertussen is het tien jaar geleden. Hij is heel angstig want twee van zijn vrienden zijn kort achter elkaar overleden. In die periode zit hij.

4c. Is het verhaal chronologisch, dan wel niet-chronologisch verteld? Het verhaal is niet chronologisch verteld. Eigenlijk zijn het alleen maar flashbacks. Adriën haalt herinneringen op van tien jaar geleden. En de gebeurtenissen volgen niet opeen, ze lopen door elkaar heen. Elke keer komt er weer een andere herinnering naar boven.

5a. Waar speelt het verhaal zich af? In Eindhoven. In Adriën z’n oude huis. In de studentenflat of in het huis van Karine.

5b. Van welk belang is deze plaats voor het verhaal. Voor geen enkel belang. Het had zich net zo goed ergens anders kunnen afspelen.

6. Formuleer in één zin wat het thema is van het verhaal. De dood is moeilijk te verwerken. Adriën heeft heel veel moeite om de dood van zijn twee vrienden te verwerken hij is bang voor de dood. Dat hijzelf eerdaags ook overlijdt.

7. Noem drie motieven en geef aan hoe ze verbonden zijn met het thema. De dood. Adriën is bang voor de dood. Twee van zijn vrienden zijn overleden nou is hij ook bang dat hij eerdaags overlijdt. Hij leest de rouwadvertenties. En haalt zoveel mogelijk herinneringen omhoog. Hij moet het verwerken. Het onderdeel de dood komt elke keer weer terug in het boek.

Niet uitgerekend MIJN dood zou de wereld doen ophouden te bestaan,íéders dood had die macht. Natuurlijk stierven er dagelijks mensen, ik kwam weleens een rouwstoet tegen, maar hun bewustzijn reikte niet ver genoeg om bij uitdoving ook mij uit te vagen. Bladzijde 16.

Herinneringen. Adriën probeert door middel van herinneringen de dood van Karine en Frank te verwerken.

Het vroegste wat ik me van hem herinner waren zijn benen, die uitzonderlijk lang en dun en bleek uit zijn lederhosen staken. Bladzijde 28.

Angst. Adriën is als de dood om ter overlijden. Hij is een tijd ziek en dan denkt hij dat hij dood gaat. Door middel van herinneringen op te blijven halen en er zoveel mogelijk te herinneren denkt hij dan ga ik nog niet dood.

Nu stortte ik erwtensoep in mijn maag om niet de stinkende adem van de angst uit die holte onhoog te laten komen. Bladzijde 133.

8. Wat valt je op aan de stijl? De schrijver schrijft moeilijk, hij gebruikt moeilijke woorden. Ik heb al een keer eerder een boek van deze schrijver gelezen en daar snapte ik in het begin niets van. Later wordt het wat makkelijker dan kom je meer in het verhaal. En ben je min of meer gewend aan het taalgebruik.

‘Hee, godverdomme, hee – ga ik expres daar weg, want ik denk ik moet nog naar Marlies, en nou blijkt hier alles op te zijn godverdomme. Daarginds was nog genoeg te zuipen. Te vreten is hier zeker ook niets, hee? Dacht ik wel.’ Zo is het taalgebruik dus niet door het hele boek heen, het komt soms voor dat het wat grof is. Bladzijde 143.

Aan verdriet zou ik niet toekomen, want het uitflakkerde bewustzijn nam ook mij uit de wereld weg. Omgekeerd zouden bij mijn verscheiden al wie mij lief waren in mij oplossen. Bladzijde 16. Het taalgebruik is soms een beetje poëtisch. En moeilijk.

9. Bij welke stroming hoort dit literaire werk? Het is op de waarheid gebaseerd. Het academisme, het probleem wordt geleidelijk duidelijk. Dus dat ze een moord hebben gepleegd. Romantiek, de dood en ze vluchten voor de werkelijkheid. Naturalisme er is ellende. Existentialisme, eigen keuzes maken en er zelf verantwoordelijk voor zijn. Wat te doen nu er mensen zijn vermoord door ons?

10. Informatie over de schrijver. Dit boek is opgedragen aan twee jeugdvrienden van A. F. th Van der Heijden. A.F.Th. van der Heijden werd geboren in 1951 te Geldrop. Hij is dus nu 50 jaar. In 1978 schrijft hij zijn debuut \"Een gondel in de Herengracht\" onder het pseudoniem Patrizio Canaponi, waar hij de Anton Wachtersprijs voor kreeg. Daarna volgen \"De slag om de Blauwenburg\" (1983), \"Vallende ouders\" (in 1983), \"De gevarendriehoek\" (in 1985), \"Advocaat van de hanen\" (in 1990) en \"Weerborstels\" (in 1992).Voor \"De gevarendriehoek\"kreeg hij de amsterdamse Multatuliprijs en de haagse bordewijkprijs.Van der Heijden wordt als een van de belangrijkste romanciers in het Nederlandse taalgebied beschouwd.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Andere verslagen van "De sandwich door A.F.Th. van der Heijden"