De roos en het zwijn door Anne Provoost

Beoordeling 6.8
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • Klas onbekend | 1986 woorden
  • 15 augustus 2006
  • 43 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.8
  • 43 keer beoordeeld

Eerste uitgave
1997
Pagina's
111
Geschikt voor
bovenbouw
Oorspronkelijke taal
Nederlands
Prijzen
Gouden Zoen (1998 Winnaar)

Boekcover De roos en het zwijn
Shadow
De roos en het zwijn door Anne Provoost
Shadow
ADVERTENTIE
Help nu jouw favoriete goede doel door jouw mening te geven!

Hoe? Heel simpel. Geef je op voor het panel van Young Impact en geef jouw mening over diverse onderwerpen zoals gelijke kansen, diversiteit of het klimaat. Voor iedere ingevulde vragenlijst (+/- 1 per maand) ontvang je een bedrag dat je direct mag doneren aan een goed doel naar keuze. Goed doen was nog nooit zo easy!

Meld je aan!
Inleiding
Het boek De roos en het zwijn is geschreven door Anne Provoost. Het boek is uitgegeven door Querido in 1998. Het boek zat bij de lijsters in het jaar 2003. Daar werd het opnieuw uitgegeven door Wolters-Nordhoff in Groningen.

Genre
Er is 1 hele belangrijke genre in dit boek. Dat is de liefde. Liefde speelt een hele grote rol in dit boek. In elk hoofdstuk komt er wel liefde voor.

De personages
De hoofdpersoon in dit boek is Rosalena, ook wel ‘de roos’ genoemd. Vanaf haar geboorte zegt iedereen al dat Rosalena snel zal sterven. Dit zegt iedereen omdat ze een bijna doorzichtige huid heeft. Haar vader beloofde een heel speciaal doodskistje zodra ze zou sterven. Later in het verhaal is zij niet meer lelijk maar juist de knapste.


Richenel is de oudste zus van Rosalena. Men zegt dat ze de mooiste ogen heeft van heel Antwerpen. Haar ogen zijn groen. Haar gezicht is gaaf maar komt onder de littekens te zitten door een gigantische pokkenplaag.

Idelies is de andere zus van Rosalena. Zij heeft zo geel haar dat je het bijna niet zult geloven. Daar staat zij dan ook om bekend. Ze heeft net zo’n gaaf gezicht als dat van Richenel. Maar na een periode van een pokkenplaag is dat helemaal verdwenen.

De naam van de vader van Rosalena wordt niet in het boek genoemd. Wel wordt er verteld dat hij een belangrijke handelsman is en allerlei dure kruiden kan kopen. Hij zal aan het eind van het boek ziek worden waarvan niet wordt vermeld hoe het met hem zal aflopen.

De moeder van Rosalena komt alleen in het begin en het een-na-laatste hoofdstuk voor. Toch is zij belangrijk voor het verhaal, omdat ze wel vermeldt wordt. Ze overlijd in het begin van het verhaal. Later komt ze als geest terug in het huis.

Lucretia is een soort kraamverzorgster in het verhaal. Nadat de moeder van Rosalena overleden is, zal Lucretia de hele zorg op haar nemen als de vader niet thuis is.

Orlinde is de buurvrouw van het gezin. Zij wordt in het eerste en de laatste 2 hoofdstukken vermeld. Zo nu en dan komt ze verderop in het verhaal ook voor. 1 van de momenten dat zij in het verhaal aanwezig is, is het moment dat zij en Rosalena naar de Onze-Lieve-Vrouwekerk in Antwerpen gaan wanneer er ook een grote pokkenplaag in Antwerpen heerst. Later is ze dood gevonden in die kerk en voor een beeld gelegd. Daar wordt ze op een onverklaarbare manier tot leven gewekt.

Zoran is geen mens maar een dier. Een knobbelzwijn waar Rosalena veel van houd. Rosalena heeft Zoran van haar vader gekregen. Haar zussen kregen toen ook een dier. Zoran is het enige dier dat alles overleefd. Uiteindelijk sterft hij toch aan ouderdom.


Thybeert is een landheer en de zwijn zoals in de titel vermeld wordt. Hij is wel een landheer maar op het oog lijkt hij een vogelverschrikker. Zo staat ook in het boek vermeld: , maar ook soms buiten, in en om de stallen en de bijgebouwen waar hij met zijn wijde mantel eerder een stropop leek om de vogels en de ratten weg te houden dan een heer (blz. 94). Het gezicht van hem is verminkt. Hij heeft een bochel in zijn rug. De vingers van zijn rechterhand zijn zo gehouwen dat het op hoeven lijken. Rosalena zegt ook over hem, dat hij het lelijkste wezen is dat zij ooit gezien heeft.

Dankaert is een slaaf van Thybeert. Hij maakt en dient het eten van Thybeert op. Op een dag komt de vader van Rosalena langs en ziet dat de tafel gedekt staat met warm eten. Daar kun je dus uit opmaken dat Thybeert er goed aan toe was. Dit komt allemaal door het goede werken van Dankaert. Over het uiterlijk wordt weinig gezegd.

Tiras is een fluitensnijder. Hij kwam een keer in de lente langs om een roos van de rozenstruik van Rosalena te krijgen. Op een dag ligt hij gewond in de tuin van de vader van Rosalena. Rosalena vind hem daar en brengt hem naar binnen. Rosalena, Idelies en Richenel verzorgen Tiras goed. Als Richenel een roos vind in de binnenzak van hem wordt ze verliefd. Later trouwen ze samen en bouwen ze een eigen huisje in de buurt van het ouderlijk huis.

Ottokar is een handelsmaat van de vader. Op weg naar huis komt vader hem tegen. Ottokar gaat mee naar zijn huis en ziet daar de 2 vrijgezelle dames, Idelies en Rosalena. Idelies zegt dat iedereen schrikt van het gezicht van Rosalena waardoor Rosalena vaak binnen zit als er reizigers komen voor haar. Zodra Rosalena haar zwijn Zoran kwijt is, gaat Ottokar voor haar opzoek. Hij spit een hele heuvel af maar daar is het zwijn niet. Later vindt hij het zwijn dood in het bos.

Er zijn ook nog 2 groepen in dit verhaal wat in ieder hoofdstuk voor komt. Ze worden alleen maar als een groep genoemd.

Rosalena wordt beschermt door elfen en engelen. De elfen willen al het goede voor Rosalena en zorgen er voor dat haar en haar omgeving niets overkomt.
Maar de engelen zijn weer anders. Zij willen wel al het goede voor Rosalena maar daarvoor zorgen ze ervoor dat de andere mensen in haar omgeving iets overkomt. Een voorbeeld daarvoor is: De engelen spreken een plaag uit over heel Antwerpen. De pokkenplaag. De enige die ongedeerd blijft is Rosalena. De bedoeling hiervan was: zorgen dat alle mooie vrouwen om Rosalena heen sterven of lelijk worden. Hier lijden de zussen van Rosalena en hun mannen onder. Hun hele gezicht komt onder de littekens te zitten, net als de andere mensen in Antwerpen. Ondanks deze plaag lukt het de engelen niet om een knappe man te krijgen voor Rosalena.
De elfen daar in tegen zijn blij als er op een nacht 2 minnaars in het bed van Rosalena komen.
Er zijn dus hele grote verschillen tussen de elfen en de engelen.

De ruimtes
De eerste ruimte die ik ga beschrijven is het huis. De kamers in en om het huis veel worden gebruikt zijn: de zolderkamer, de tuin en de kamer van moeder. De zolderkamer wordt gebruikt als slaapkamer voor Richenel, Idelies en Rosalena. Zodra Rosalena geboren wordt, slaapt ze gelijk tussen haar 2 zussen. Ze is zo koudbloedig dat haar zussen haar als een knuffeltje gebruiken, in de winter. Zodra Richenel getrouwd is, wordt het grote bed gebruikt voor 2 dames. Idelies en Rosalena. Nadat Idelies getrouwd is met Ottokar, wordt het bed alleen nog gebruikt door Rosalena. Maar midden in een nacht wordt het weer door 3 personen gebruikt. Tijdens de pokkenplaag wordt het bed gebruikt door de 2 besmette zussen, Richenel en Idelies. Zodra zij beter zijn maar hun mannen ziek zijn, wordt het bed door hun gebruikt.

In de tuin heeft Rosalena een speciale rozenstruik staan. Die struik is zo speciaal, omdat zij de struik van haar vader heeft gekregen. Elke lente zitten er zulke mooie rozen in dat alle reizigers langzamer langs komen rijden om een glimp van de rozen op te vangen. Door een speciale spiegel wordt de rozenstruik nog voller. Worden de knoppen nog voller. Rosalena geeft zoveel aandacht aan de rozenstruik dat ze precies weet welke takken en knoppen ze eraf moet knippen om nog vollere knoppen te krijgen. Veel reizigers willen daarom ook zo’n mooie roos hebben van Rosalena.

De kamer van moeder wordt het meest bezocht door Rosalena. Dat komt doordat er in die kamer een hele speciale spiegel staat. Nadat de moeder is overleden en de vader elke keer op weg is, kijkt Rosalena in de spiegel. Door die spiegel kan ze zien wat haar vader koopt, wat hij verteld, wat er allemaal gebeurd en wanneer hij terug komt. Elke keer als Richenel en Idelies Rosalena achter de kaptafel met de grote spiegel van moeder zagen trokken ze haar daar weg. Ze dachten dat Rosalena daar zat om te kijken als zij wel mooi genoeg was. Iedere keer zeiden haar zussen dat zij bleek wit was en dat ze alle mannen weg joeg. Hierdoor werd Rosalena alleen nog maar banger en zat ook vaker achter de kaptafel om te kijken wanneer haar vader weer thuis kwam. Deze speciale spiegel zet ze later ook achter haar rozenstruik om ervoor te zorgen dat die voller wordt.

De tijd
De tijd waarin het afspeelt is rond de 16e eeuw. De precieze tijd is niet bekend. Je kunt zien dat het rond de 16e eeuw afspeelt, want in die eeuw brak de pest uit. Dat gebeurd ook in het boek. Je merkt het ook aan alle oude dingen die je tijdens het lezen tegen komt. Zoals: houten huisjes, badhuizen, afval over de straten en de taal.
Het verhaal speelt zich ongeveer in 20 jaar af. Er komen namelijk jonge dames uit die gaan trouwen. Richenel is 7 jaar ouder dan Rosalena en kan dus ook rond haar 20e trouwen.
Er zijn wel tijdsprongen in het boek. Soms viel dat niet op, want je kon het vaak niet goed uit de tekst opmaken. Daardoor raakte je het verhaal soms een beetje kwijt. Maar het kwam weer terug doordat je aan het denken ging en dus zo ook aan de leeftijd van Rosalena kwam.

Het probleem
Ik heb een boodschap in dit verhaal gevonden en dat is het volgende:
Je hoeft niet mooi te zijn om geliefd te zijn.
Ik ben daar achter gekomen, omdat Rosalena haar haar scheert. Hierdoor vind Thybeert haar niets lelijker.
Het hele verhaal draait om de ‘dood’ van Rosalena.

Samenvatting
Rosalena wordt geboren en gelijk met de dood geconfronteerd. Iedereen zegt dat zij snel zal sterven. Ze wordt het ‘meisje-van-glas’ genoemd. Zodra zij een tiener is en haar moeder al jaren overleden is, komen er reizigers langs. Een van die reizigers is Tiras. Hier trouwt Richenel later mee. Als vader op een dag thuis komt, heeft hij zijn handelsmaat Ottokar mee. Rosalena is op dat moment haar zwijn kwijt. Ottokar helpt haar met zoeken. Rosalena wordt een beetje verliefd op hem maar hij trouwt alsnog met Idelies. De engelen willen dat Rosalena een leuke en lieve jongen krijgt. Daarom sturen ze de pokkenplaag over het land. De enige die ongedeerd blijft is Rosalena. Hierdoor wordt het alleen maar erger. Op een nacht komt er een minnaar bij haar in bed. Ze smeert olie in zijn haar. Hierna komt er nog iemand langs. Daar smeert ze ook olie in het haar. De volgende ochtend ziet ze in het haar van Tiras en Ottokar een vieze, dikke lok. Zij zijn dus blijkbaar haar minnaars. Maanden later krijgt ze een dikke buik en is ze niet gelukkig. Ze geeft haar vader een moeilijke opdracht. Hij moet een witte roos meenemen van een van zijn reizen. Hij komt bij een landhuis. Hier gaat hij onuitgenodigd naar binnen en eet de hele tafel leeg. Zodra hij weer thuis is, krijgt Rosalena haar witte roos. Rosalena is niet blij en gaat daarom naar het landhuis waar de roos vandaan kwam, want haar vader heeft hem gepikt. Ze probeert daar niet meer aan haar vader te denken wat haar niet lukt. Daar wordt ze gelukkig met het lelijkste wezen op aarde. Later keert ze weer terug naar huis maar bij Thybeert, het lelijkste wezen, voelde zij zich toch prettiger. Het verhaal sluit zonder eind.

Mijn mening
Ik vond het een leuk boek maar het was soms lastig te begrijpen. Dat kwam doordat er moeilijke woorden in voor kwamen.
Ik vind het onderwerp leuk, omdat ik zelf ook het liefst boeken lees met veel liefde erin.
De gebeurtenissen vond ik soms vreemd maar wel leuk en grappig.
Van de personages kon ik het innerlijk niet goed vinden. Het uiterlijk vond ik veel sneller en makkelijker.
Ik vond de stijl wel leuk maar ook niet zo makkelijk. Dat kwam omdat er woorden in voor kwamen die ik niet begreep en die rond die tijd ook veel gezegd werden.
Het geheel, van het hele boek, vond ik leuk.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Andere verslagen van "De roos en het zwijn door Anne Provoost"