Feitelijke gegevens over het boek
Verschijningsdatum 1e druk: 23 augustus 2010
Gebruikte druk: 1e
Aantal bladzijden: 235
Uitgeverij: Contact
Beschrijving van de cover
Op de kaft staat een afbeelding van een flesje parfum. Martine, Jimmy’s moeder krijgt het van haar minnaar tijdens een busstop in Luxemburg.
Genre
De nieuwe roman van Dimitri Verhulst is een psychologische roman over een moeder-zoonverhouding die uit de hand loopt tijdens een vakantie naar het Zwarte Woud.
De flaptekst
We schrijven begin jaren tachtig van de vorige eeuw. Maak kennis met Martine Withof, haar nieuwe liefde Wannes Impens en met Jimmy - het elfjarige zoontje van Martine, dat zich opeens opgescheept ziet met een deugdzame stiefvader. Wannes stelt er eer in om zijn vrouw en haar zoontje te trakteren op een zomerweekje in het buitenland. Voor Martine gewend is aan de gedachte dat ze een aantal afleveringen van Falcon crest moet missen, zitten ze al in de bus naar het Schwarzwald. Tijdens de reis raakt Jimmy bevriend met de vier jaar oudere Heloise, die hem een schokkend nieuwtje weet te vertellen over zijn moeder en haar minnaar.
Samenvatting van de inhoud
In deel I maken we kennis met de 11-jarige Jimmy die van de nieuwe minnaar van zijn moeder te horen krijgt dat hij met hen op vakantie wil. De man, Wannes Impens, is jonger dan zijn moeder die een tienjarig slecht huwelijk met Jimmy’s vader achter de rug heeft. Hij was een zatlap en hij kon daarnaast zijn handen niet thuishouden. Martine (begin dertig, namelijk geboren in 1953)heeft besloten om een echtscheiding aan te vragen en heeft zich daarna in de armen van de vrijgezelle Wannes gestort. In de ogen van de omgeving heeft ze haar man verlaten en wordt ze als een hoer gezien. Ze heeft in haar huwelijk de frankjes moeten omdraaien en ze heeft een heel karig bestaan geleid. Ze vindt vakantie dan ook een overbodig iets. Wannes wil eigenlijk naar Spanje (in opkomst na Franco’s dood) maar je krijgt Martine met geen stok in een vliegtuig. Ook een bootreis is niets voor haar en Wannes heeft hoewel hij fabrieksarbeider bij Volkswagen is, geen auto. Ze moeten dus een reis maken met een touringcar. De bestemming wordt het Zwarte Woud in Duitsland. Martine die nooit iets aan het toeval wil overlaten (ze is fobisch), pakt een groot aantal koffers in. Ze gaan op weg naar het vertrekpunt. Maar ze wil nog even iets controleren. Dan grijpt Wannes zijn kans en hij vraagt aan Jimmy of die hem tijdens de reis vader wil noemen en niet Wannes. Maar dan al wordt duidelijk dat Jimmy een dwarsligger is.
De beschrijving van de busreis is wel karikaturaal: een flauwe grappen producerende chauffeur, een bezoek aan een taxfree Luxemburgs benzinestation waar de Belgen goedkoop drank inslaan, een bezoek aan een van de eerste restaurants van Mc Donald waar Jimmy zijn eerste hamburger eet, een busreis die wordt gedood met het zingen van liedjes en het vertellen van moppen. Wannes en Martine voelen zich wel thuis: ze hebben nog geen sociaal netwerk en de vakantie is de eerste gelegenheid om dat op te bouwen. Maar Jimmy is de grote spelbreker. Hij ligt op de kamer bij zijn moeder en dat verhindert een seksueel uitstapje van Wannes, die daarvan baalt. Hij is ook geen echte macho zoals Jimmy’s biologische vader wel was (nou ja, die zoop en sloeg) maar Wannes is een watje. Hij gaat aan de schijt en gooit het op de hamburgers van de Amerikanen en bij het bezoek aan het “interessante “ koekoeksmuseum gaat hij onderuit, waan Martine zich genoodzaakt ziet om een soort bloedworst te kopen, omdat hij aan bloedarmoede zou leiden. Wanneer een reisgenootje dat enkele jaren ouder is hem tijdens een vaartochtje met een waterfiets vertelt, dat zijn moeder zwanger is, baalt Jimmy verschrikkelijk. Hij zal toch niet door een broertje worden verdrongen. Maar zijn moeder vraagt hem niet veel later wat hij van de naam Kenneth vindt. Dan begrijpt hij het wel. Wannes heeft een kind geproduceerd bij zijn moeder.
Hij steelt dan o.a. tijdens de busreis geld uit een tas van een medereiziger om op te vallen, maar de diefstal komt niet uit. San zou hij zijn stiefvader voor joker kunnen zetten , die hem weigert geld te geven om een ansichtkaart voor zijn eigen vader te kunnen kopen. Er breekt ook vaak ruzie uit tijdens zo’n reisje. Mensen die nu voor het eerst op elkaars lip zitten , kunnen daar niet mee omgaan, vernemen we van chauffeur Rudy. Tijdens de excursie van de laatste dag, naar een steile bergwand, gaat Jimmy vooruit en hij manoeuvreert zich in een gevaarlijke positie. Wannes krijgt een ideaal scenario om hem een zetje te geven, maar hij steekt zijn hand uit. Jimmy weigert die en klimt op eigen gelegenheid naar boven. Dat is ook meteen einde van deel I.
Deel II speelt tachtig jaar later. Jimmy is 91 en woont met een ook al oude huishoudster. Hij is heel jong door zijn moeder en stiefvader uit het huis gezet. Hij weet dat hij een halfbroer heeft Kenneth. Die komt die avond op bezoek. Het verhaal eindigt dat Jimmy, die later naam gemaakt heeft als filosoof, op het punt staat kennis te maken met zijn halfbroer.

Titelverklaring
De titel hoeft eigenlijk geen nadere uitleg. Jimmy Vos vertelt een verhaal over een minnaar van zijn moeder, Wannes. Hij noemt hem ergens in de roman “de laatste liefde van mijn moeder.”
Structuur
Er zijn twee delen in de roman.
Deel I is verreweg het grootse deel van de roman. Hij speelt zich af in de jaren tachtig van de vorige eeuw (opkomst van Doe maar) Jimmy is elf jaar en hij gaat met zijn moeder op vakantie naar het zwarte Woud. Hij doet dat op uitnodiging van zijn moeders nieuwe minnaar Wannes. De reis wordt beschreven van blz. 7-221. Het deel wordt onderverdeeld in een aantal hoofdstukken die van elkaar gescheiden zijn door witregels. De hoofdstukken hebben geen naam of een cijfer.
Het kleinste deel is deel II. Dit bedraagt slechts de pagina 223-235. Jimmy Vos is volgens de tekst 91 jaar en hij wacht de komst van zijn halfbroertje af. Het deel speelt dus 80 jaar later dan deel I en zou formeel dan in 2060 moeten spelen. Het is een groteske afsluiting van de nieuwe roman.
In deel I wordt overwegend chronologisch verteld over de reis die de drie nieuwe gezinsleden maken. Wel wordt er achteraf verteld. De verteller weet al meer over de afloop.
Deel II betreft slechts één korte episode wanneer Jimmy Vos zijn halfbroer Kenneth verwacht.
Perspectief
Er is sprake van een auctoriale verteller die je wel aanwezig voelt, maar die zich niet als commentaarverteller openbaart. Wel is er steeds impliciet reactie op wat er wordt verteld. Het is ook duidelijk dat er vanuit een achteraf standpunt wordt verteld.
Een voorbeeld daarvan is de volgende passage : “ (Blz. 111) Jaren later zou Jimmy spontaan terug moeten denken aan die man op de bus, toen hij een foto zag van de bejaarde pianist Vladimir Horowitz, impromptu’s van Schubert spelend met de vingers van een kwieke dertiger. Alleen had Horowitz een voorkeur voor strikjes gehad en verstopte de oude Schwarzwaldganger zijn adamsappel achter een dandyesk sjaaltje. Maar dat was , zoals gezegd later, toen Jimmy zich de naam van het meisje niet meer kon herinneren,. Hoe zeer hij zich ook inspande. “
Dit fragment geeft heel goed aan in welk perspectief het verhaal geschreven staat.
De tijdlagen van het verhaal
Zoals hierboven gezegd wordt in deel I de situatie beschreven in het begin/midden van de tachtiger jaren. Het meisje in de bus leert hem de nieuwe muziek van Doe Maar kennen. Ook andere tijdgegevens (bijvoorbeeld de eerste Mc Donald’s restaurants wijzen naar die tijd terug.) Jimmy Vos is elf jaar.
In deel II wordt expliciet vermeld dat hij 91 jaar oud is en ex-filosoof. Dat deel moet dus 80 jaar later spelen en wel in de zestiger jaren van de 21e eeuw. Op zich is dat niet geloofwaardig en het is in mijn ogen een heel mislukt en vreemd einde aan het verhaal.
Het decor van de handeling
In deel I wordt beschreven hoe de reis van Martine, Jimmy en Wannes verloopt. Ze vertrekken vanuit België via Luxemburg en Frankrijk naar het Zwarte Woud in Duitsland. Daar brengt de familie een week door in een Gasthof. Aan het einde van dit deel staat Jimmy tegen een bergwand aangeklemd. Zijn stiefvader krijgt de kans hem uit het leven te drukken.
In deel II wordt niet duidelijk waar het gedeelte zich afspeelt. Waarschijnlijk is dit gewoon in België.
Uitgewerkte thematiek
De titel van de roman geeft natuurlijk een mooie verwijzing naar het thema van deze roman. Er zullen zeker wel autobiografische elementen in het verhaal zitten, want van Verhulst is bekend dat zijn moeder hem al op jonge leeftijd buiten de deur heeft gezet. Het alcoholisme van de familie wordt in die leuke roman beschreven. Opnieuw heeft Verhulst dus geput uit autobiografische gegevens, maar deze keer is het verhaal bepaald minder gelukt. Jimmy’s vader is gescheiden van zijn moeder (hij zuipt en hij slaat haar) en Martine heeft een nieuwe vriend opgedoken. Deze man die geen machotype is (woont bij zijn ouders, gaat aan de racekak en wordt onwel in een museum) wil dat Jimmy hem tijdens de vakantiereis naar het Zwarte Woud hem vader noemt, maar Jimmy vertikt dat. Hij is een dwarsligger en hij wil tijdens de vakantie zijn vader een kaart sturen, maar hij krijgt geen geld van zijn stiefvader. Hij ligt ook letterlijk dwars, want omdat hij op hun hotelkamer verblijft, kan Wannes zijn seksuele gevoelens niet botvieren. Jimmy doet alles om het pril geluk te versoren, wat natuurlijk wel vaker voorkomt bij kinderen die immers loyaal blijven aan hun ouders. Hij stelt o.a. geld van een medereiziger, doet waarschijnlijk iets in het eten van zijn stiefpa waardoor die aan de schijterij gaat. Het familiedrama wordt compleet wanneer Jimmy van het oudere meisje Héloïse hoort dat zijn moeder waarschijnlijk zwanger is. Dan beseft hij dat hij zal worden verdrongen en hij zint op wraak om de relatie te verbreken. Hij weigert de uitgestoken hand van Wannes.
In deel II vernemen we dan dat hij filosoof geworden is, een half broer Kenneth heeft die hij op een bepaalde avond verwacht. Hij is kort na de vakantie door zijn moeder het huis uitgezet. Hij zou van zich laten horen zodat ze niet om hem heen kon. Maar contact had hij niet meer. Haar dood verneemt hij uit de krant terwijl hij in een vliegtuig zit. Hij besluit een drankje op haar dood uit te brengen. Hij gaat op de avond van deel II zijn halfbroer ontmoeten, maar de schrijver houdt er dan mee op. Daar laat hij wel wat kansen liggen.
Beoordeling scholieren.com
Na het door mij bewonderde hilarische verhaal in “de helaasheid der dingen” ben ik Verhulst wel blijven volgen. “Godverdomse dagen op een godverdomse bol” won de Libris literatuurprijs in 2009. Ik erken dat het laatste boek in een geweldige stijl geschreven is, terwijl het me persoonlijk toch niet echt kon boeien, waarschijnlijk door de zwartgallige inhoud.
Deze nieuwe roman van Verhulst is zeker ook hilarisch geschreven over opnieuw een autobiografisch gegeven uit zijn jeugd: deze keer de slechte relatie tot zijn moeder. Maar het gegeven wordt oppervlakkig uitgewerkt in een clichéverhaal over een vakantiereisje naar het Zwarte Woud in de tachtiger jaren van de vorige eeuw. Maar het lijkt veel eerder op een verhaal van een tweetal decennia ervoor. De jaren tachtig waren toch wel wat “verlichter”dan Verhulst hier beschrijft.
Verhulst beschrijft de oubolligheid van de reis en laat zeker iets van de afkeer van Jimmy over zijn stiefvader blijken. Het gegeven op zich is niet origineel en dat hoeft natuurlijk ook niet, maar Verhulst had hier alle kansen om de driehoeksrelatie tussen zoon, moeder en stiefvader uit te buiten. Die kansen benut hij nier. De topscorer is niet in vorm, veel schiet hij deze keer net naast het doel. Wel moet ik af en toe bewonderend lachen om zijn cabaretachtige teksten die weer aan beide hierboven genoemde romans doet denken. Verhulst kan zeker goed schrijven, maar met deze roman had hij beter moeten presteren.
Niettemin is de roman gemakkelijk en aangenaam te lezen voor scholieren van havo en vwo. Maar je hoeft er verder niet al te veel achter te zoeken. De literaire waarde is m.i. twee puntjes. Het verhaal heb je in enkele uurtjes verwerkt.
De stijl van Verhulst
Onder dit kopje wil ik een aantal voorbeelden geven van de sarcastische/ ironische stijl van Dimitri Verhulst, die het verhaal toch wel de moeite van het lezen waard maken.
- (blz. 20 ) “Geholpen door het feit dat Francisco Paulino Hermenegildo Teódula Franco y Bahamonde Salgado Pardo, beter gekend als kortaf Franco, het leven had gelaten en de Spaanse natie nog tijdens het rottingsproces van deze fascistische dictator werd omgevormd tot een democratisch koninkrijk, leerde heel Europa vlot met peseta’s betalen en vloog ’s zomers de ene charter na de andere naar het land van de stervende stier.’Fatsoenlijke huishoudens verteerden hun vakantiepremie op Tenerife, Mallorca, Ibiza of een willekeurige badplaats gelegen aan de Costa Brava of Costa del Sol.
-
- (blz. 26) “Er was helemaal niks mis met de Belgische kust, zolang je maar met je rug naar de dijk stond en die droeve, betonnen appartementsblokken niet hoefde te zien. Mistroostige bunkers met balkon die je kon huren voor een week, tegen schandelijke tarieven in dergelijke flatjes beschikte de toerist over een keukentje , een douchecabine met een licht beschimmeld douchegordijn, een zitbank die iemand met een goed ruimtelijk inzicht omgebouwd kreeg tot bed, en een televisie, met een beetje meeval zelfs een kleurentelevisie, jawel. In geval van slecht weer, dikwijls dus, kon men op zo’n vakantieflat net hetzelfde doen als thuis. Probeer daar maar eens het nut van in te zien, van thuis te zijn op reis.
-
- (blz. 76) Was winkelen doorgaans een vrouwelijke bekommernis waardoor mannen zichzelf tijdens de koopjes dezelfde wachtplaatsen als de honden toewezen, buiten aan de deur, de Luxemburgse regering had begrepen dat een gunstige fiscaliteit kon worden aangewend om de cohesie tussen de seksen te versterken. En met succes: precies door een lage omzetbelasting te heffen op zowel parfum als alcohol was nergens ter wereld de verdeling van man en vrouw over de verzamelde winkelrekken zo evenwichtig als hier, in Luxemburg.
-
- (blz. 104) “ Restaurant” noemde die Mc Donald’s zichzelf, maar van bediening aan tafel was geen sprake. Nee, je moest lang staan aanschuiven om uiteindelijk een wegens onderbetaling bedroefd gezicht te treffen dat nog nooit van stoofvlees had gehoord. Luikse siroop? Een viandel? Nee, kenden ze ook niet. En vroeg je ketchup, dan waren ze te lui om die erop te spuiten. Die dingen moest je zelf doen. Net zoals afruimen trouwens. Het verbaasde sommige klanten dat je niet ook nog zelf je hamburger moest bakken. Bier hadden ze daar ook niet. Dat hoorde kennelijk niet bij de gewenste uitstraling. […] Maar ter compensatie dronken ze uit papieren vuilnisemmers suikerbommen aan frisdrank. En daarin dreven zulkdanige blokken ijs dat een salmonellavergiftiging niet veraf kon zijn…..
Dergelijke observaties zijn toch zeker humoristisch te noemen. Het is ook typisch de stijl van Dimitri Verhulst die we in “De helaasheid der dingen”en “De godverdomse dagen…” al van hem zagen.
Relevante recensies
Arjan Peters schrijft in De Volkskrant van zaterdag 21 augustus 2010 een kritische recensie : “ Een volksverhaal uit de vroege jaren tachtig. Goed mogelijk dat Dimitri Verhulst (1972) uit eigen ervaring put, en dat die 11-jarige Jimmy, die desgevraagd verklaart later filosoof te willen worden, en die alleen al door zijn aanwezigheid de prille idylle tussen moeder en Wannes verstoort, een alter ego is van de auteur, die immers ook rond die leeftijd door zijn moeder en haar nieuwe man werd verstoten. Maar de mengeling van pijnlijke en tedere momenten die we konden verwachten op basis van Verhulsts onovertroffen tragikomedie De helaasheid der dingen (2006), en ook vanwege de titel van de nieuwe roman De laatste liefde van mijn moeder, die ingeeft dat de auteur het niet over een willekeurige moeder heeft, vraagt om een verfijnder beschrijvingskunst dan hij dit keer levert.
Waar ligt het aan dat Verhulst zich slechts uitleeft in het ironisch afkraken van een suf uitje (de geinige buschauffeur, het ’s avonds gezamenlijk moppen tappen), in de laagst denkbare versnelling geschreven, zodat het verhaal geheel drijft op stijl?[….] Tijdens de busstop in het belastingvriendelijke Luxemburg wordt er druk drank ingeslagen. ‘De flessen wodka, whisky en gealcoholiseerde vruchtenstropen klingelklangelden in de handtassen’, schrijft Verhulst, en vervolgt volkomen overbodig: ‘het was klaar en duidelijk dat geld verbrassen hier door velen als een plezier werd bezien en de superette naast dit pompstation door enkelen zelfs als een excursie op zichzelf werd beschouwd. Indien niet als het hoogtepunt van de reis zelf!’ Zo zevert het door. Jimmy’s winst zit in zijn kennismaking met de vier jaar oudere Heloïse, maar de pijn die deze observator moet voelen omdat hij het nieuwe leven van zijn moeder in de weg staat, ontkomt niet aan Verhulsts wals. Een droeve episode moest en zou tot een lollige roman worden opgerekt; van geen van beide bleef iets substantieels over.

In het Parool van donderdag 19 augustus 2010 schrijft Maarten Moll ook al niet zo positief. Hij zint op wraak.
Dat is waar het in De laatste liefde van mijn moeder om draait. Maar Verhulst heeft het vlak uitgewerkt. Het verhaal kabbelt maar voort, en Verhulst leidt de lezer een niemandsland in. Er gebeurt te weinig.
En dat wat gebeurt, is niet bijzonder genoeg. Verhulst neemt te veel ruimte om het decor te schetsen. De sfeer in de touringcar is de sfeer die we allemaal kennen, en het bezoek met de hele club aan een McDonald's - toen iets nieuws - is ook al zo clichématig weergegeven. […]
Er zit te weinig spanning in de eerste tweehonderd bladzijden. Verhulst had veel meer moeten doen met de driehoeksverhouding, met de strijd tussen Jimmy en Wannes om Martine. Nu blijft het bij een paar aardige scènes, maar steeds denk je dat het scherper had gekund, schrijnender.
En Verhulst redt het ook niet met zijn schrijfstijl. Terwijl die stijl zijn fort is, gezien zijn laatste drie boeken. De laatste liefde van mijn moeder is niet zo grotesk als De helaasheid der dingen, niet zo poëtisch als Mevrouw Verona daalt de heuvel af, en niet zo gedurfd als Godverdomse dagen op een godverdomse bol.
Pas op bladzijde 216, twintig bladzijden voor het einde van het boek, gebeurt er iets dat de roman uit zijn winterslaap haalt. Dan volgt een beslissende confrontatie tussen Jimmy en Wannes. Tja... En dan? Dan past Verhulst een truc toe die we kennen uit de bioscoop. Verhulst begint aan deel II. Het staat er niet, maar onder het cijfer II had kunnen staan: 'Meer dan zeventig jaar later'. […]Nu blijven veel vragen onbeantwoord. In sommige romans is dat toch bevredigend, maar hier niet. Er is geen uitsmijter die een ander licht op de zaken werpt.
De laatste liefde van mijn moeder hangt met dat slot helemaal uit de scharnieren. En dat is jammer, want er had meer in deze roman gezeten. Verhulst kan beter, veel beter.
In het NRC van dinsdag 24 augustus 2010 schrijft Elsbeth Etty: “
Voor een vet verhaal is dat een aantrekkelijker milieu om uit te beelden dan de intens burgerlijke would be -keurigheid van Martine en Wannes. Verhulst heeft er duidelijk geen affiniteit mee. Om duidelijk te maken hoe dom en benepen de wereld van Martine en Wannes eruit ziet, plakt Verhulst de jaren vijftig over de jaren tachtig heen. Dat is de grootste zwakte van deze roman. Het verhaal speelt begin jaren tachtig, maar de ‘sixties’ en ‘seventies’ lijken nooit te hebben bestaan. Gescheiden vrouwen zijn hoeren, de man is als kostwinner het hoofd van het gezin, het gezin is de hoeksteen van de samenleving. Arbeiders zijn ongeschoold en dom, hebben maar één week vakantie, die als vorm van ultieme luxe met een georganiseerde busreis naar het Zwarte Woud voert.[…..]
Wat Verhulst weergaloos beschrijft, is de aan minachting grenzende weerzin tegen het intens burgerlijke, schijnheilige, bekrompen milieu dat voor Wannes en Martine het ideaal is. Zij vertegenwoordigen het mensbeeld dat in Godverdomse dagen op een godverdomse bol wordt uitgedragen, dat van eerloze, gekrenkte, oerdomme wezens, die alleen voor zichzelf bestaan, zonder liefde of echte idealen. De jongen wil aan dit milieu ontsnappen door filosoof te worden. Dat is de ultieme wraak op zijn stupide, alleen op zichzelf gefixeerde moeder en haar minnaar.[….]
Over het gesprek tussen Jimmy en zijn halfbroer, dat zich ergens in het jaar 2073 moet afspelen, komen we niets te weten. Misschien voltrekt het zich alleen in de fantasie van de oude filosoof, wellicht is het stof voor een volgende roman, hoewel dat onwaarschijnlijk is. We mogen aannemen dat met de niet heel sterke roman De Laatste liefde van mijn moeder de boeken over Verhulsts rampzalige jeugd bij de door hem gehate Vlaamse ‘mosseleters’ inderdaad gesloten worden.

Een Belgische recensent, Frank Hellemans, schrijft op de website van www.knack.be.
Noem het een prequel. Waar Verhulst in ‘De helaasheid der dingen’ zijn drankverslaafde vader en drie nonkels onsterfelijk in beeld bracht, heeft Verhulst nu het leven met zijn moeder dat daar aan voorafging geportretteerd. Het jeugdige hoofdpersonage Jimmy, Verhulsts alter ego, is nu elf - in plaats van dertien in ‘De helaasheid’ - en woont bij moeder Martine die voor het geweld van haar man is weggevlucht in de armen van de fatsoenlijke Wannes. Maar Jimmy moet van zijn stiefpapa (‘een tatertante gevangen in een jongenslijf’) helemaal niets hebben en is ook weinig op mama gesteld: ‘Geruisloos leven, een groter verlangen kende ze niet. (…) Haar hele karakter was gebouwd op schaamte.’[….]
Hoe puur je uit de beschrijving van een weekje Schwarzwald interessante literatuur? Via de onbevangen Jimmy weet Verhulst in zijn typisch droge humor regelmatig rake oneliners te debiteren die de betere standup comedian waardig zijn: ‘Automobilisten praatten over de Boulevard Périphérique van Parijs alsof ze die zelf hadden aangelegd.’ Maar echt beklijvende scènes, zoals de legendarische Ronde van Frankrijk voor drankorgels in ‘De helaasheid’, ontbreken in dit boekje dat meer de allures en de toon van een gezapige novelle heeft.

Over de schrijver en eerder gepubliceerde werk
Bron: Wikepedia
Zijn eigenlijke debuut verscheen in 1992 en heeft als titel Assevrijdag. Deze vrij obscure publicatie was een initiatief van hemzelf dat enkel zijn weg vond naar enkele vrienden en bekenden. Zijn 'officiële' debuut was de verhalenbundel De kamer hiernaast die genomineerd werd voor de NRC-prijs (nu bekend als de AT&T-prijs). Hij publiceerde verhalen en gedichten in verschillende literaire tijdschriften, waaronder Nieuw Wereldtijdschrift, De Brakke Hond en het tijdschrift Underground, waarvan hij redacteur is.
In 2001 verscheen de roman Niets, niemand en redelijk stil, later dat jaar gevolgd door Liefde, tenzij anders vermeld. De roman De verveling van de keeper, verscheen in 2002.
In 2003 publiceerde hij Problemski Hotel, dat vertaald werd in het Duits, Deens, Engels, Frans, Hebreeuws, Sloveens, Italiaans en Hongaars.
De helaasheid der dingen (2006) werd een succesnummer. Verhulst won er de publieksprijs van de Gouden Uil mee, naast Humo's Gouden Bladwijzer, een nominatie voor de AKO Literatuurprijs, en De Inktaap 2008. De autobiografische schets van een Vlaamse voorstadsgemeente werd zowel in Vlaamse als Nederlandse media enthousiast onthaald. De verfilming door de Vlaamse regisseur Felix Van Groeningen liet niet lang op zich wachten; in januari 2008 begonnen de opnames. Op het Filmfestival van Cannes 2009 werd De helaasheid der dingen geselecteerd voor de Quinzaine des Réalisateurs. De film kreeg in Cannes de Prix Art et Essai, een onderscheiding van de organisatie die 3 000 onafhankelijke bioscoopzalen wereldwijd groepeert.
De literaire jongerenprijs De Inktaap nomineerde De helaasheid der dingen naast Arnon Grunbergs Tirza en Hans Münstermanns 'De bekoring voor zijn editie 2008. De prijsuitreiking van De Inktaap vond plaats in deSingel te Antwerpen op 3 maart 2008: Dimitri Verhulst veroverde de prijs als gedoodverfde winnaar.
Volgde de novelle Mevrouw Verona daalt de heuvel af (2006) dat als enige Vlaamse werk genomineerd werd voor de AKO Literatuurprijs 2007.
Op 23 september 2008 stuntten zijn uitgever Contact en het weekblad Humo met de verdeling van zijn nieuwe roman Godverdomse dagen op een godverdomse bol tegen de prijs van een Humo-magazine (€ 2,30), immers het boek met een oplage van 320.000 exemplaren werd gratis bijgeleverd als bijlage bij Humo: een nooit eerder geziene promocampagne voor een Vlaams literair werk.
Dimitri Verhulst verscheen in oktober 2008 (met de Nederlandse auteur Naema Tahir) aan de start van het tv-programma Iets met boeken van Canvas en VPRO.
Hij werd aangezocht als curator van het boekenfestival Zogezegd in Gent 2009 dat de Literaire Lente in Vlaanderen opent. In Humo's Pop Poll 2009 werd hij de winnaar in de categorie 'beste boek' met Godverdomse dagen op een godverdomse bol. Voor dit werk ontving de auteur de Libris Literatuur Prijs 2009. De vijfkoppige jury loofde het werk als een sardonische komedie, waarbij de mens zowel dader als lijdend voorwerp is; daarbij oordeelde men dat het boek niet onder de noemer klassieke roman valt maar elke genreomschrijving vakkundig omzeilt. De jury prees het boek als een vuurwerk van taal en een literaire prestatie van formaat van iemand die het métier tot in de puntjes beheerst. Het is een boek dat de lezer in een hoek dwingt, hem voor de keuze plaatst. De auteur reageerde overgelukkig op zijn prijs.[1]
Godverdomse dagen op een godverdomse bol werd genomineerd voor De Inktaap 2010. Het boek gaat de wedstrijd aan met prijswinnaars Over de liefde van Doeschka Meijsing en Alleen maar nette mensen van Robert Vuijsje. In september 2009 verscheen het boek op de tiplijst of longlist van de AKO Literatuurprijs.
In februari 2010 werd hij ambassadeur van stichting Varkens in Nood. Beroemde Nederlandse schrijvers als J.J. Voskuil en Jan Terlouw zijn hem daarin voorgegaan. Zijn doel is om in België de praktijk om biggen te castreren ter voorkoming van berengeur te stoppen. Hij draagt daarmee het standpunt van Varkens in Nood uit, dat vlees met berengeur nauwelijks voorkomt, en via geurdetectie aan de slachtlijn uit de rekken van de supermarkten kan worden gehouden. In een opiniestuk in De Morgen benoemde Verhulst zichzelf met "klotenambassadeur".
De veel gehoorde vergelijking met Louis Paul Boon berust niet echt op een gemeenschappelijke stijl maar op een gemeenschappelijke (en zeer sympathieke) beschrijving van de Aalsterse "basse classe".

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

S.

S.

Goede boekverslag alleen jammer dat de hoofd en bij personen niet zijn uitgewerkt

5 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

S.

S.

Hartelijk bedankt, hij heeft me ontzettend geholpen!

7 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

M.

M.

Dank u voor dit geweldige verslag! Ik heb erg veel gehad aan de samenvatting die in dit verslag zit!!

7 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

S.

S.

Dank u wel voor dit geweldige boek verslag. Ik heb er veel aan gehad.

7 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast