De kroongetuige door Maarten 't Hart

Beoordeling 7.9
Foto van een scholier
Boekcover De kroongetuige
Shadow
  • Boekverslag door een scholier
  • 4e klas havo | 3819 woorden
  • 6 februari 2011
  • 10 keer beoordeeld
Cijfer 7.9
10 keer beoordeeld

Eerste uitgave
1983
Pagina's
212
Geschikt voor
bovenbouw havo/vwo
Punten
3 uit 5
Oorspronkelijke taal
Nederlands
Literaire thema's

Boekcover De kroongetuige
Shadow

In het interview met Bibeb van september 1979 vertelde Maarten ’t Hart dat hij werkte aan een misdaadroman. Nu, ruim drie jaar later, is het werk voltooid. Hoewel de oorspronkelijke opzet gehandhaafd bleef, is De kroongetuige in de eerste plaats een roman over (vergeefse) liefde, over jaloezie en over een huwelijk dat wordt bedreigd door kinderloosheid.

Pas i…

In het interview met Bibeb van september 1979 vertelde Maarten ’t Hart dat hij werkte aan een misdaadroman. Nu, ruim drie jaar later, is het werk voltooid. Hoewel de oorspron…

In het interview met Bibeb van september 1979 vertelde Maarten ’t Hart dat hij werkte aan een misdaadroman. Nu, ruim drie jaar later, is het werk voltooid. Hoewel de oorspronkelijke opzet gehandhaafd bleef, is De kroongetuige in de eerste plaats een roman over (vergeefse) liefde, over jaloezie en over een huwelijk dat wordt bedreigd door kinderloosheid.

Pas in de tweede plaats handelt het over iemand die van een moord beschuldigd wordt. Anders dan in Ik had een wapenbroeder, waarmee deze roman enige verwantschap vertoont, gaat het hier niet zozeer om de vraag hoe de schuldige (?) zelf de beschuldiging ervaart, maar om hoe zijn omgeving en met name zijn echtgenote daarop reageert. Zij is dan ook de werkelijke hoofdpersoon van het boek, een kroongetuige die niet wordt gehoord.

De kroongetuige door Maarten 't Hart
Shadow

Inhoud:
- Onderdeel A. de romananalyse
- Onderdeel B. de verwerking van recensies en een biografie van de auteur (recensies zijn apart bijgevoegd)
- Onderdeel C. de persoonlijke verwerking


Onderdeel A. de romananalyse.


Samenvatting
Thomas Kuyper is een wetenschappelijk onderzoeker die proeven doet met ratten en andere dieren, is getrouwd met Leonie die onvruchtbaar is. Tijdens een week waarin Leonie bij haar moeder is om daar een gynaecoloog te consulteren die zeer goed bekend staat, begint Thomas een 'verhouding' met Jenny Fortuyn een meisje dat werkt in de bibliotheek. Jenny heeft iets wat mannen enorm aantrekt, ze krijgt niet alleen Thomas zover om iets met haar te beginnen, maar ook Lambert, een politieman. Tijdens die week gaat Thomas meerdere keren met Jenny uit eten. Op hun laatste avondje uit houden ze een kroegentocht die eindigt in een ruzie. Na deze avond wordt Jenny vermist en wordt de politie ingeschakeld. Voor inspecteurs Lambert en Meuldijk is het niet moeilijk om er achter te komen dat Thomas niet alleen de laatste is die waarschijnlijk Jenny in levende lijve gezien heeft, maar ook nog eens ruzie had met haar. In verband hiermee wordt Thomas meerdere keren ondervraagd door de beide inspecteurs.

Thomas komt in het politie onderzoek naar voren als de hoofdverdachte van de moord op Jenny Fortuyn. De inspecteurs ontwikkelen zelfs een mooie theorie die een verklaring kan geven voor het feit dat men geen lijk kan vinden. Lambert denkt dat Thomas Jenny gevoerd heeft aan de ratten bij wie hij onderzoek doet naar kannibaliteit door uithongering in het laboratorium waar hij werkt. Op basis van deze Theorie en belastende verklaringen van onder andere 'meneer sommig mens'

In het tweede hoofdstuk mogen Leonie en Thomas alleen maar communiceren via brieven, vandaar ook de titel 'een korte briefwisseling'. Thomas die ondertussen in de gevangenis zit biecht in deze brieven aan Leonie op wat er gaande was tussen hem en Jenny. Hij vertelt haar dat hij onder andere gevallen is voor het feit dat zij al twee keer een abortus had laten plegen en ook wel een beetje voor haar uiterlijk welke hij altijd door de ramen zag als hij weer eens naar de bibliotheek moest. Hij vertelt alles aan Leonie, ook over het feit dat hij een keer mee geweest is naar de zolder boven de bibliotheek waar Jenny een kamer had. Waar hij Robert ontmoet had, een advocaat die net als Thomas getrouwd was. In de loop van het verhaal ontwikkeld zich een theorie waarin gedacht wordt dat Jenny en Robert samen ervandoor zijn gegaan.

In hoofdstuk drie gaat Leonie op onderzoek uit, zij schrijft haar bevindingen op in een dagboek, wat weer refereert aan de titel van dit hoofdstuk ('Het dagboek van Leonie'). Tijdens haar onderzoek bezoekt Leonie alle plaatsen waar Thomas en Jenny samen ook geweest zijn tijdens hun 'kortstondige relatie'. Zij doet dit met de overtuiging dat haar man onschuldig is en zij diens onschuld wil bewijzen. Door haar onderzoek belandt zij in allerlei cafés en ook in het vrouwenhuis, waar zij in contact komt met Arianne, de buurvrouw van Jenny. Via Arianne komt zij zeer veel interessante achtergrond informatie over Jenny te weten, zoals een bevestiging van het feit dat Jenny al meerdere abortussen heeft gehad en dat zij de beschrijving 'loeder' meer dan verwacht verdient, ze hoefde er eigenlijk geen moeite voor te doen om personen ongeacht sekse aan de haak te slaan. Uiteindelijk bleek Robert toch diegene te zijn waar Jenny het meeste voor voelde, van Thomas maakte ze in feite alleen maar misbruik. Ze probeerde, met succes, via hem bij de drugs te komen die opgeslagen was in het laboratorium en ook liet ze hem, althans deed ze een poging tot, opdraaien voor de 'moord' op haar terwijl zij samen met Robert de vrouw van Robert vermoord had.

Ook bezoekt ze 'meneer sommig mens' die beweert dat hij die bewuste avond Thomas en Jenny het laboratorium binnen had zien gaan en uren later Thomas alleen het pand weer had zien verlaten, wat dus achteraf Robert geweest bleek te zijn.

Zij ontdekt ook dat inspecteur Lambert en Jenny vroeger iets gehad moeten hebben, aanwijzingen hiervoor vindt zij in het kamertje van Jenny, wanneer zij die onderzoekt. Zij krijgt van inspecteur Lambert te horen dat er kleren zijn van één van de wc's. Dit doet haar denken aan een verhaal dat Thomas ooit eens heeft verteld over zijn studietijd, het bewuste verhaal van het filmpje 'Moord in het museum', wat hij met zijn studiegenoten gemaakt had. Aan de hand daarvan gaat ze op onderzoek uit in het museum en doet daar een wel heel lugubere ontdekking, ze vindt daar in één van de potten met alcohol iets wat volgens haar het lichaam is van een vrouw. Deze vondst brengt haar zo in de war, dat ze gaat twijfelen aan de onschuld van haar man.

In het vierde hoofdstuk behandelt de schrijver het proces, dit proces draait niet alleen om de 'moord' op Jenny, er wordt ook nog bekeken of Thomas schuldig al dan niet medeplichtig is aan de diefstal van drugs uit het laboratorium, hij was namelijk één van de twee personen die een sleutel had die toegang verschafte tot de drugs. Hij wordt vrijgesproken wegens gebrek aan bewijs. Onder andere omdat de advocaat van Thomas, mr. Pieterse, de getuigenis van "De Kroongetuige", 'meneer sommig mens', volledig van de tafel veegt. Deze man beweerde namelijk dat hij Thomas die nacht allen had zien wegrijden, het regende en het had dus iedereen kunnen zijn die wegreed, behalve Thomas, want die heeft geen rijbewijs. Ook krijgt Thomas bijval van de hoogleraar farmacologie, die de ratten theorie van de politie tegenspreekt en beweert dat het onmogelijk is dat uitgehongerde ratten een lichaam in één nacht kunnen opeten zonder restanten achter te laten. Deze hoogleraar is tevens de baas van Thomas en ook degene die aangifte had gedaan van de diefstal van de drugs.

In hoofdstuk vijf leest men het slot van het verhaal. In dit hoofdstuk leest men onder andere dat Thomas voor kerstmis weer thuis is.

Ook vertelt Leonie pas aan Thomas wanneer hij weer terug is wat zij heeft ontdekt in het museum. Hij gelooft haar eerst niet en ze gaan kijken haar bevindingen blijken juist te zijn. Op dat moment komt Lambert binnen, die er noch steeds van overtuigd is dat Thomas op de één of andere manier betrokken is geweest bij de verdwijning van zowel Jenny als de drugs. Samen komen zij tot de conclusie dat deze persoon in de pot met alcohol Jenny niet is. Om deze persoon te identificeren halen ze de oude buurvrouw van Robert erbij. Zij was er van overtuigd dat het de vrouw van Robert was.

Leonie blijkt onvruchtbaar te zijn, maar er is nog hoop. Thomas laat haar een stukje uit de krant lezen dat gaat over de eerste geslaagde geboorte van een reageerbuisbaby.



Personages.
Hoofdpersonen: Thomas en Leonie Kuyper, Jenny Fortuyn en Inspecteur Lambert.

Bijpersonen: Inspecteur Meuldijk, Alex, meneer sommig mens, hoogleraar farmacologie, Robert en zijn vrouw en Arianne.

Thomas:
Thomas is een beetje een stuntelige, onhandige man. Ik zou hem haast intellectueel noemen, door zijn beroep en zijn manier van spreken en nadenken over dingen. Hij filosofeert veel over het leven en de problemen van alledag. Hij spreekt op universitair niveau en haalt graag citaten van Nietzsche aan. In tegenstelling tot zijn vrouw schijnt hij er weinig ophef over te maken dat hun huwelijk waarschijnlijk kinderloos zal blijven. Thomas is ook zeer duidelijk een karakter. Hij is een hoofdpersoon in het boek en je weet vooral in het eerste hoofdstuk, de muizentorsage, hoe hij denkt en zich voelt.

Leonie:
Leonie is een zeer intelligente vrouw, doortrapt wanneer dat nodig is en zeer doortastend. Ze weet niet bepaald van opgeven, ze bijt zich helemaal vast in het bewijzen van de onschuld van haar man. Ook zij is intellectueel en praat en denkt net als haar man op universitair niveau. Zij is een knappe, slanke vrouw met lang bruin haar, maar helaas is zij onvruchtbaar wat haar veel verdriet doet. Ze voelt zich schuldig en is bang dat haar onvruchtbaarheid een wig slaat tussen haar en Thomas.
Leonie is duidelijk een karakter. Je leert haar karakter goed kennen. Gaandeweg het boek weet je steeds beter hoe ze zich voelt en denkt.

Jenny:
Jenny is een enorm knap meisje met blond haar en een mooi figuurtje. Ze is rond de twintig en heeft veel aantrekkingskracht op mannen, maar ook op vrouwen. Jenny is een feestbeest. Ze is niet hooggeschoold en heeft weinig interesse voor cultuur en literatuur. Kortom, ze is niet intellectueel wat Thomas en Leonie wel zijn. Ze is doortrapt en windt mensen zo om haar vinger met haar ‘trucjes’. Zij is iemand die zich weinig aantrekt van normen en waarden, dat kan men afleiden aan het feit dat ze niet monogaam is. Ze heeft seks met diegene die haar wat coke te bieden heeft en daar seks voor terug wil. Ook alcohol en drugs gebruikte ze in grote mate.
Jenny is een type, omdat je niet heel erg veel over haar te weten komt op het vlak van emoties en gedachtes. Globaal weet je wat ze allemaal uitgespookt heeft, maar in het boek kijk je nooit mee door haar ogen.

Lambert:
Inspecteur Jozef Lambert is degene die zeer persoonlijk betrokken is bij de zaak omtrent de verdwijning van Jenny, omdat hij zelf vroeger iets met haar gehad heeft. Hij wordt omschreven als iemand die zich net als Leonie vastbijt in het onderzoek, alleen is hij ervan overtuigd dat Thomas er hoe dan ook op de één of andere manier bij betrokken is. Lambert is een type, omdat je vrijwel niks van hem te weten komt. Hij speelt een invullende rol in het verhaal.



Thema.
Er komen twee thema’s in het boek voor die nauw met elkaar verweven zijn.

Het eerste thema is een verstoorde huwelijksrelatie (het huwelijk van Thomas en Leonie en alles wat daarmee samenhangt, voornamelijk de kinderloosheid en de jaloezie van Leonie.

Het tweede thema is de misdaadkant van de roman: een raadselachtige verdwijning van een jonge vrouw.



Tijd en ruimte.
Het verhaal speelt zich af in Leiden, deels in het laboratorium, deels in de gevangenis, deels in de bibliotheek en in het huis van Thomas en Leonie. Er spelen zich ook gedeeltes af in een kroeg, op het politiebureau en ook een aanzienlijk gedeelte in de rechtbank.

De vertelde tijd in het verhaal is ongeveer 4,5 maand, de gebeurtenissen beginnen op 31 juli en eindigen vlak voor Kerstmis (half december). Van deze 4,5 maand zit Thomas 3,5 maand in het gevang. Het grootste deel van het boek is verteld in de verleden tijd. Het boek speelt zich af in de jaren ’70. De vermelde data komen overeen met de kalender van 1974, maar dat wil nog niet zeggen dat dit boek zich precies in dat jaar zou afspelen.

Het verhaal is chronologisch verteld, op enige flashbacks na, die niet noemenswaardig zijn. De schrijver is heel duidelijk in zijn vertelwijze. Alles volgt elkaar precies op. Het deel waar Tomas ik-figuur is wordt afgesloten, en daarna gaat het verder met een briefwisseling, maar wel precies daar waar Thomas was opgehouden te vertellen. Zo gaat ook de overgang van briefwisseling naar dagboek.



Perspectief.
In het eerste deel van het verhaal zie je het door de ogen van Thomas. Hij is de ik- figuur en je leest mee met zijn gevoelens en gedachten. Daarna krijg je een briefwisseling tussen Thomas en Leonie, waarbij ze dus om beurten het verhaal vanuit hun oogpunt vertellen. Van het derde tot en met het vijfde en tevens laatste hoofdstuk ziet men het verhaal door de ogen van Leonie.

De schrijver probeert volgens mij op die manier duidelijk te maken hoe Leonie en Thomas tegen deze gebeurtenissen aankijken en wat hun gevoelens daarbij zijn. Het verhaal laat de emoties van deze twee personen duidelijk naar voren komen.



Motieven.
- Ontrouw:
Thomas is ontrouw geweest aan Leonie, net in de tijden dat zij hem nodig heeft. Zij blijft hem echter wel trouw. Ze gelooft Thomas dat hij onschuldig is en ze gaat zelf op zoektocht uit naar hoe alles nu precies is gelopen.

- Jaloezie:
Leonie was heel erg jaloers op Jenny. Wat had zij in haar macht wat zij zelf niet kon bieden? Onder andere doordat ze zo jaloers was wilde ze precies weten wat er zich allemaal had afgespeeld. Had Jenny met haar echtgenote gevreeën?

- het frustratiemotief:
Leonie vindt het heel erg dat ze geen kinderen kan krijgen. Op bladzijde 118 is haar frustratie heel erg goed verwoord:
“Het ergste is dat je maar rondloopt met zo'n gevoel van grote leegte in je binnenste, van grote zinloosheid, een gevoel alsof je nergens meer bij hoort, alsof je buiten de continuïteit van het leven bent geplaatst, alsof je op een bijspoor bent gerangeerd, alsof je onderhevig bent aan een middelpuntvliedende kracht die je naar de buitenkant dirigeert. En toch kun je dat allemaal wel verwerken, maar wat je niet kan verwerken is dat je, als je gewoon op straat loopt, van die hummeltjes ziet van een jaar of twee oud die naar hun moeder lachen”.

- een schuldmotief:
Leonie voelt zich heel erg schuldig dat ze geen kinderen kan krijgen. Thomas is het gedoe met die gynaecoloog meer dan zat en dat is allemaal haar schuld. Als ze gewoon kinderen kon krijgen, dan was dit alles nooit gebeurd en was Thomas nooit een vluchtweg gaan zoeken bij de onbetrouwbare Jenny.

- Muziek:
Leonie en Thomas houden allebei van klassieke muziek. Beiden kunnen ze hier hun rust in vinden, alleen hebben ze wel beiden een andere smaak qua stijl.



Genre.
De kroongetuige is niet alleen een detectiveroman. Van groot belang is ook het huwelijk van Leonie en Thomas en de problemen die ze hebben. Daarom is dit boek ook een huwelijksroman.



Structuur.
Het boek begint met Jenny en Thomas die in een café zitten die bijna gaat sluiten.

Het verhaal eindigt met een gesloten einde. Thomas is onschuldig verklaard op de moord van Jenny, omdat Jenny nog leeft. Het lijk dat ze gevonden hebben, blijkt de vrouw van Robbert te zijn. Jenny en Robbert hebben haar vermoord, omdat ze in de weg zat. Jenny en Robbert zijn nu in Australië waarschijnlijk. Leonie heeft Thomas weer terug en ze weet nu ook heel erg zeker dat hij heel veel van haar houdt en dat hij er heel veel spijt van heeft dat hij vreemdgegaan is. Ze weet het zeker omdat hij haar een stukje krant had gegeven waarin stond dat je ook een kind kunt krijgen via een reageerbuisbevruchting en erbij zei:”Zo zou het bij ons misschien ook kunnen”. Alleen is het natuurlijk de vraag hoe het verder zal lopen. Misschien wil die reageerbuisbevruchting ook wel niet werken en valt Thomas misschien nog een keer in dezelfde fout en gaat hij weer vreemd.

Dit boek heeft 201 bladzijden, waarvan er 7 zijn besteed aan de Biografie en de Ontvangst. Het is in 5 hoofdstukken verdeeld.

Hoofdstuk 1 De muizentorensage
Dit hoofdstuk is onderverdeeld in 8 genummerde delen. In dit hoofdstuk lees je over de kroegentocht en hoe het afliep met Thomas en Jenny.

Hoofdstuk 2 Een korte briefwisseling
Dit hoofdstuk is onderverdeeld in 4 delen.
De 4 delen zijn de 4 brieven die Thomas en Leonie elkaar sturen. Thomas stuurt ze vanuit de gevangenis, omdat hij onder arrest staat. In de brieven vertelt hij veel over alles wat is gebeurd tussen Jenny en hem en waarom.

Hoofdstuk 3 Het dagboek van Leonie
De titel van het hoofdstuk zegt het al. Het is Leonie’s dagboek. De dagen zijn gescheiden door 2 witte regels.

Hoofdstuk 4 Het proces
Hierin wordt het proces beschreven dat er plaatsvindt. De rechtszaak plaats. Het hoofdstuk eindigt met de mededeling van de rechter dat de uitspraak over 14 dagen volgt.

Hoofdstuk 5 De zwarte vogels
Thomas werd vrijgelaten door gebrek aan bewijzen. In dit hoofdstuk komen Leonie, Thomas en Lambert erachter dat Jenny niet dood is maar de vrouw van Robbert. De hele theorie komt boven water in dit hoofdstuk.



Titelverklaring.
Een citaat uit een werk van Nietzsche, een Duitse filosoof, is: “Zijn niet de meeste huwelijken van dien aard dat men geen derde als kroongetuige wenst? De titel wordt hiermee verklaard, want hiermee wordt bedoeld dat een kind meestal de beste kroongetuige in een huwelijk is. De hoofdpersonen (Thomas en Leonie) kunnen geen kinderen krijgen, bij hen ontbreekt dus de kroongetuige in het gezin.

De letterlijke betekenis van een kroongetuige is de belangrijkste getuige in een rechtszaak. Tijdens het proces noemt de advocaat van Thomas meneer ‘Sommig Mens’ (de man die tegenover het laboratorium woont) de kroongetuige.

De titel verwijst ook nog naar Leonie, de getuige die nooit gehoord wordt, maar zij zou ook de kroongetuige kunnen zijn. Zij gaat zelf op onderzoek uit en zij is degene die weet waar een lichaam verborgen is, vermoedelijk van Jenny.



Taalgebruik.
Ik vond het verhaal niet fijn lezen. Er zaten vaak lange zinnen in met moeilijke woorden waarvan ik de betekenis niet wist. Er werd ook gebruik gemaakt van filosofische taal, wat vooral heel beeldend is. Dat leest ook niet zo lekker. De dialogen die in het verhaal voorkomen, waren wel leesbaar, het loopt allemaal lekker vloeiend (spreektaal). Ook is het een verhaal van deze tijd zodat je weet waarover er gepraat wordt. Als je er net aan begint het begin heb je geen idee waar het over gaat, maar alles wordt wel snel duidelijk.



Motto.
Dit boek heeft geen motto of een bepaalde bedoeling.



Onderdeel B. De verwerking van recensies en een biografie van de auteur.

Recensie 1:

De recensent geeft niet heel duidelijk zijn mening over het boek. Hij heeft het meer over de schrijver dan over het boek. En over hem is hij positief. Hij vindt het echtpaar uit het boek “knap getekend”.

Ik vond het geen goede recensie. Het grootste gedeelte gaat over de schrijver en daar vraag ik bij een boekrecensie niet om. Het is een oude recensie, en dus ook met ouderwets taalgebruik geschreven. Ik ben er niet wijzer van geworden.



Recensie 2:

Deze recensie vind ik beter dan de eerste, want deze gaat vrijwel alleen over het boek en daar heb ik wat aan. De recensent is positief maar ook negatief. Hij vindt het “een slecht, maar heel leesbaar boek.” Ik kan niet uit de recensie opbrengen waarom hij het een slecht boek vindt en tegelijkertijd wel leesbaar. Hij vindt het wel professioneel gemaakt, en goed geschreven.

Ik had zelf geen motto gevonden in dit boek, maar deze recensent wel.

Hij zegt “aan het handje van de schrijver leert de lezer dat er maar al te veel orde is en dat misdaad niet loont.” Dat had ik nooit kunnen bedenken bij dit boek.



Biografie van de schrijver:
Maarten 't Hart
GEBOORTEDATUM: 25 november 1944

Maarten t' Hart werd op 25 november 1944 geboren te Maassluis. In 1957 ging hij naar het Groen van Pinksteren Lyceum in Vlaardingen waar hij koos voor de H.B.S. opleiding. Hij deed eindexamen in 1962 en ging in september van dat jaar biologie studeren aan de Rijksuniversiteit te Leiden. In 1966 deed hij zijn kandidaatsexamen en in 1968 studeerde hij af met als hoofdrichting Ethologie (gedrag van dieren). In 1978 promoveerde hij op een proefschrift over het doorkruipgedrag van de driedoornige stekelbaars.

Zijn schrijverscarrière begon hij in 1971 toen hij de roman Stenen voor een ransuil bij De Arbeiderspers publiceerde (toen nog onder de naam Martin Hart). In 1973 werd de roman Ik had een wapenbroeder en de studie over de bruine rat, Ratten gepubliceerd. Een jaar later verscheen de eerste verhalenbundel Het vrome volk, die met de Multatulieprijs werd bekroond. Sinds 1972 heeft Maarten 't Hart vele kranten- en tijdschriftenartikelen geschreven voor o.a. Het Parool, Vrij Nederland, Haagsche Post en NRC/Handelsblad. Daar het literaire werk onder deze overproduktie begon te lijden en Maarten bovendien genoeg kreeg van de journalistieke arbeid is hij in de loop van 1979 minder stukken gaan schrijven.

Nadat in 1977 de novelle Laatste zomernacht was verschenen, volgden in 1978 een essaybundel en de roman Een vlucht regenwulpen. Met deze roman brak Maarten 't Hart door naar een zeer groot publiek. Na een jaar waren er reeds 100.000 exemplaren verkocht. De roman werd verfilmd door Ate de Jong met in de hoofdrol Jeroen Krabbé.

Sindsdien geniet zijn werk een enorme belangstelling. Niet alleen zijn roman en verhalenbundels worden goed verkocht, ook zijn essaybundels gaan grif over de toonbank. Met de verschijning van de roman Het woeden der gehele wereld zag de twee miljoenste `Maarten 't Hart' het licht. Deze roman werd bekroond met de Gouden Strop voor het spannendste boek en ontving ook in Zweden een prijs voor het spannendste boek. Eind 2007 verscheen zijn hilarische en steekhoudende boek over de dieetcultuur Het dovemansorendieet. Zijn recentste roman, Verlovingstijd, verscheen in 2009.

Maarten 't Harts werk werd onder andere vertaald in het Zweeds, Duits, Frans, Pools, Bulgaars, Italiaans, Hongaars en Russisch.



Onderdeel C. De persoonlijke verwerking.


Dit boek is uitgekozen door mijn docent. Ik vond dat er een goede en duidelijke structuur in het verhaal zat. Het was fijn om afwisseling te hebben in de vertelvorm. Ik vond wel dat Leonie te lang aan het woord was. Ongeveer driekwart van het boek is door haar verteld, ik had liever nog wat meer van het verhaal vanuit Thomas’ oogpunt gelezen. Het verhaal zelf is op een manier geschreven die ik niet prettig vond lezen. Het komt uit 1983 en dat merk je aan het taalgebruik. De tekst is ouderwets en filosofisch en er staan veel woorden in waarvan ik die betekenis niet weet. Daardoor komen dingen onduidelijk over, en snap ik de tekst niet. Ik kon me bij dit boek niet goed inleven in de personen. Bij andere boeken heb ik dat altijd gekund. Ik kon de emoties niet voelen, ik kon me niet inleven. Een mogelijke verklaring daarvoor is dat de tekst vaak onduidelijk geschreven was, en niet goed overkwam. Leonie omschrijft dingen ook op een manier alsof ze zelf een filosoof is. Daar ging ik me na een tijdje aan irriteren, en dan nam ik haar niet serieus meer. Thomas praatte en dacht ook op een filosofische manier, maar aan hem ging ik me niet irriteren omdat ik maar een klein stuk gelezen heb waarin hij de ik-persoon is. Ik denk dat oudere mensen beter om kunnen gaan met filosofische teksten en zou dit boek ook niet aanraden aan andere kinderen van mijn leeftijd.

Het verhaal zou echt gebeurd kunnen zijn. Het is een realistische gebeurtenis. De meeste gebeurtenissen worden beschreven in een tijdvertraging, en zijn dus heel gedetailleerd. Er wordt ook geen gebruik gemaakt van fantasiewezens, zoals draken, feeën, etc.

Ik ben het niet eens met de recensenten. Ze vinden dat het boek goed leesbaar is en dat vind ik niet. Maar ik denk dat het boek niet bedoeld is voor mensen van mijn leeftijd. Mensen kiezen zelf of ze een boek goed of niet vinden, dat ligt aan hun smaak en voorkeur. Ik vind het geen goed boek omdat het niet lekker leest, maar ik vind wel dat het verhaal origineel bedacht is.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Andere verslagen van "De kroongetuige door Maarten 't Hart"