Ook deze week is het nog 'seksweek' op Scholieren.com. Samen met de Sense Infolijn geven we antwoord op al jouw seksvragen.

 


Alles over seks Alles over seks


Inhoudsopgave

A.Praktische gegevens
1. Bibliografische gegevens
2. Titelverklaring
3. Tijd in de geschiedenis
4. Tijdsduur
5. Ruimte
6. Hoofdpersonen
B. Vertelwijze
1. Perspectief
2. Taalgebruik
3. Beschrijving van personen en ruimte
C. Thematische aspecten
1. Motieven
2. Thema
D. Structurele factoren
1. Volgorde van de gebeurtenissen
2. De belangrijkste gebeurtenissen
3. Het begin
Het einde
E. Mening
F. Samenvatting
G. Auteur
H. Literatuur opgave

A. Praktische gegevens

1. Bibliografische gegevens

Titel: De komst van Joachim Stiller
Auteur: Hubert Lampo
Uitgeverij: Wolters Noordhoff Groningen
Jaar van eerste druk: Als Grote Lijster: 1998, Boek voor het eerst verschenen in 1960
Druk&jaar van uitgave: 1e als Grote Lijster, 1998
Aantal bladzijden: 191
Genre: Magisch-realistische roman*
Aantal hoofdstukken: 19
Motto: 'En zij zeiden tot elkander. Was ons hart niet brandende in ons terwijl Hij tot ons sprak op den weg en terwijl Hij ons de Schriften opende?'Lucas XXIV-32
Datum: 5 mei 2004

2. Titelverklaring

De komst van Joachim Stiller in het leven van Freek Groenevelt, zorgt voor een verandering in het leven van Freek. De brieven en telefoontjes beheersen steeds meer Freeks leven en door de brieven wordt het contact met Simone ook beter. Dit contact wordt uiteindelijk zelfs een relatie en Simone raakt in verwachting van Freek. De komst van Joachim Stiller verandert dus Freeks leven.
De komst van Joachim Stiller kun je ook letterlijk opvatten. In het één na laatste hoofdstuk vind er daadwerkelijk een ontmoeting met de raadselachtige figuur Joachim Stiller plaats, maar nog voordat Freek Joachim de hand kan drukken, wordt die laatste overreden. Het hele boek gaat over de raadselachtige figuur Stiller en nu lijkt het moment gekomen waarop onthult wordt wie Stiller nou eigenlijk is. En uiteindelijk kom je daar dus nooit echt achter.

Verklaring van het motto: Dit stukje is een citaat uit de bijbel. Het stuk komt voor in het verhaal over de Emmaüsgangers. Zij komen Jezus na zijn opstanding tegen. Jezus is drie dagen na zijn dood opgestaan. Joachim Stillers lichaam is drie dagen na zijn dood ook plotseling uit het mortuarium vergeleken. Deze vergelijking wekt dus de indruk dat Stiller een soort Jezus-figuur is.

3. Tijd in de geschiedenis

Het boek speelt in 1957. Dit blijkt uit de eerste brief van Joachim Stiller waarin de datum 14 juli 1957 genoemd wordt.

4. Tijdsduur

Het boek speelt zich af van juli 1957 tot ongeveer eind Augustus van datzelfde jaar. Het boek beslaat dus ongeveer een tijdsduur van een maand.

*Definitie Magisch Realisme: letterkundige stroming die het leven en de wereld wil weergeven al een onverbreekbare eenheid van realiteit en droom met tevens een bovenzinnelijke dimensie

5. Ruimte

Het verhaal speelt zich af in Antwerpen. Deels in het centrum van de stad, deels in de zolderkamer van Freek en ook bij andere personen thuis of op kantoor. De ruimte wordt niet of nauwelijks beschreven en dit is ook niet belangrijk voor het verloop van het boek. Er is dus sprake van een speelruimte.

6. Hoofdpersonen

Freek Groenevelt is de hoofdpersoon en ik-figuur uit het boek. Hij is een round-character. Freek is ongeveer 37 jaar oud en als het boek begint is hij vrijgezel, aan het eind van het boek is hij samen met Simone Marijnissen. Hij is schrijver en journalist bij 'De Scheldebode' , een regionale krant. Freek heeft regelmatig behoefte om alleen te zijn, maar van Simone kan hij geen genoeg krijgen en met haar wil hij zoveel mogelijk samen zijn.
De komst van Joachim Stiller verandert Freeks leven. De tot noch toe zo nuchtere Freek, die tot dan toe niet in het bovennatuurlijke geloofde wordt door de wonderbaarlijke gebeurtenissen toch gedwongen zich hier mee in te verdiepen. Op een gegeven moment raadpleegt hij zelfs een astroloog. Freek maakt hierin dus een duidelijke verandering door.
Hoe langer de raadselachtig heden rond Joachim Stiller voortduren, hoe meer het Freek bezig houd. Tegen het einde van het boek wordt hij zo angstig en gestresst dat hij last krijg van onder andere een hoge bloeddruk. Hij gaat dan ook bij een psychiater langs en laat zich medicijnen voorschrijven. Bovendien ondergaat hij een soort hallucinatie waarin hij zich weer meer dingen over een schokkende gebeurtenis uit het verleden herinnert.
De relatie met Simone wordt gedurende het boek steeds hechter. Op den duur trekt Simone zelfs bij hem in en tegen het einde van het boek verteld zij hem dat ze zwanger is. Ze besluiten ook om te gaan trouwen.

Simone Marijnissen is 25 jaar en lerares wiskunde. Ze is redactioneel secretaresse van het blad van haar verloofde. In dit blad verschijnt een anti-Groenevelt artikel waarna Groenevelt contact opneemt met Simone. Het klikt direct tussen beiden. Als ze erachter komen dat ze beide brieven ontvangen van Stiller, waarin Stiller ook verband tussen hun tweeën legt, krijgen ze meer contact. Samen gaan ze op onderzoek uit naar hoe het zit met de brieven en al snel verbreekt Simone haar verloving om een relatie met Freek aan te gaan.
Simone maakt geen duidelijke ontwikkeling door, ze is dus een flat-character. Simone is aanvankelijke vrij angstig door de gebeurtenissen met Stiller, maar later is zij meer de stabiele factor en is ze een steun en toeverlaat voor Freek.

Joachim Stiller blijft in het hele boek een raadselachtige figuur. Hij komt in uiteenlopende tijdsperioden voor (zo zou hij eind 17e eeuw een boek geschreven hebben, is hij in de oorlog in het bijzijn van Freek als Amerikaanse soldaat gestorven en nu is hij dus weer opnieuw levend). Hij is bijna het hele boek alleen aanwezig in brieven en raadselachtige telefoontjes. Aan het eind van het boek zal er een ontmoeting plaatsvinden tussen Freek, Simone, Geert Molijn, wethouder Keldermans en Joachim Stiller. Als Stiller aan komt lopen herkent Freek direct de ooit gestorven soldaat in hem. Maar nog voor ze elkaar de hand kunnen schudden wordt Stiller doodgereden.

* Bijpersonen:

- Andreas, een vriend van Freek.
- Clemens Waalwijk, hoofdredacteur van de Scheldebode en een schoolvriend van Freek.
- Wiebrand Zijlstra, eveneens een schoolvriend van Freek die nu in de kunsthandel zit.
- Geert Molijn, hij bezit een antiquariaat en heeft belangstelling voor het bovennatuurlijke. Freek kent hem al langer en besluit hem in vertrouwen te nemen over de gebeurtenissen rond Joachim Stiller. Doordat Geert er erg bij betrokken is vergezelt hij Simone en Freek naar de ontmoeting met Stiller.
- Professor Schoenmakers, een vriend van Geert Molijn, Hij is directeur van de Centrale Laboratoria voor Archeologisch onderzoek en zoekt voor Freek uit hoe oud de brief, de eerste die Freek ontving, is.
- Psychiater dr. Sergijssels, bij hem gaat Freek op consult voor zijn angsten en met hulp van deze psychiater herinnert Freek zich de naam van de dode soldaat; Joachim Stiller.
- Wethouder Keldermans, Freek moet voor zijn werk bij Keldermans langs. Deze laatste maakt een verwarde indruk en wil Freek iets vertellen maar Freek neemt de tijd niet om hiernaar de luisteren. Aan het einde van het boek komen de twee elkaar weer tegen, dan blijkt dat Keldermans ook brieven van Joachim Stiller ontving en dat hij ook komt om deze te ontmoeten. Zijn dochter is indertijd omgekomen bij hetzelfde ongeluk waar Freek bij was en waarbij de soldaat Joachim Stiller om het leven kwam.

B. Vertelwijze

1. Perspectief

Het verhaal is geschreven vanuit het personaal ik-perspectief en een I-protagonist. Het boek is echter in de verleden tijd geschreven en er blijkt meerdere malen dat Freek het verhaal later heeft opgeschreven. Dit komt omdat er soms sprake is van een alwetend verteller: Freek weet al wat er in de toekomst zou gaan gebeuren.
Door dit perspectief wordt je als lezer meer betrokken bij het boek en is het net of je deel uitmaakt van het verhaal. In de loop van het verhaal wordt je dan ook steeds nieuwsgieriger naar wie die Joachim Stiller is.

2. Taalgebruik

De schrijver gebruikt vrij lange zinnen met veel komma's en het taalgebruik is wat veroudert. (woorden als 'doch' bijvoorbeeld)

3. Beschrijving van personen en ruimte

De auteur gaat soms erg op bijzaken in, die voor het verhaal eigenlijk niet zo nuttig zijn. Op een van de eerste bladzijden merkt de 'ik-persoon' dit zelf ook al op: 'Dit alles heeft op het eerste gezicht niet bijster veel met mijn verhaal te maken. Doch men beschouwe mijn uitweidingen als stukken uit een dossier. Niet alle zijn even belangrijk. dat weet ik wel, maar elk afzonderlijk genomen draagt er wel iets toe bij, om het totaalbeeld van de kwestie in een zo helder mogelijk daglicht te plaatsen'

C. Thematische aspecten

1. Motieven

* Verhaalmotieven: -
-

Krankzinnigheid: Freek vind de hele situatie omtrent Joachim Stiller vaak zelf ook erg krankzinnig. Bovendien is Freek tegen het einde van het boek, zelf ook bang krankzinnig te wórden van de hele situatie als hij in paniek raakt.Ook wordt wethouder Keldermans door Freek in eerste instantie als krankzinnig bestempeld. Aan het einde van het boek, als Freek erachter komt dat Keldermans ook in de ban van Joachim Stiller is, denkt Freek hier anders over.
De dood Freek is bang voor de dood. Dit komt in de loop van het verhaal steeds meer naar voren en heeft ook invloed op de manier waarop Freek met dingen omgaat.
Liefde In de loop van het verhaal wordt de band tussen Freek en Simone steeds hechter. Omdat Freek van zichzelf ook wel een beetje een einzelganger is, is dit best bijzonder.
Tijd/Tijdloosheid De tijd speelt een belangrijke rol in het boek. Freek verteld terloops zich vroeger als kind al afgevraagd te hebben wat er zou gebeuren als de tijd plotseling stil kwam te staan.Joachim Stiller lijkt in veel verschillende tijdsperiodes voor te komen, wat de hele situatie nog vreemder maakt. Zo komt Freek erachter dat er aan het einde van de 16e eeuw een schrijver was die Joachim Stiller heette. Ook heeft Freek aan het einde van de oorlog een tram ongeval meegemaakt, waarbij aan zijn voeten een Amerikaanse soldaat stierf die Joachim Stiller heette. En dan is er natuurlijk nog de Joachim Stiller die nu de brieven schrijft en de telefoontjes pleegt. Joachim Stiller lijkt dus niet aan een tijd verbonden te zijn.Ook lijkt tijdens de zonsverduistering, waarover in heel de stad gepraat wordt, de tijd even stil te staan.In het antiquariaat van Geert Molijn tenslotte, lijkt de tijd ook een beetje stil te staan omdat dit een wereldje op zich is.

Messias/Christus/Godsdienst Joachim Stiller vertoont opvallend veel vergelijkingen met Jezus Christus:· Joachim Stiller schrijft in één van zijn brieven dat hij Freek en Simone steeds zal volgen en beschermen. Christus is ook overal aanwezig en beschermd mensen.· Na enig zoek- en denkwerk van Freek, Simone en Geert komen zij tot de conclusie dat de tijd geen vat heeft op Joachim Stiller.De tijd heeft ook geen vat op het bestaan van Jezus en zijn bestaan duurt ook voort in alle eeuwen. · De boodschappen van Joachim Stiller hebben ook telkens een verband met de toekomst zoals de boodschap van Jezus nu nog toekomstgericht is. · Joachim Stiller blijkt een boodschap te willen verkondigen die men niet begrijpt (Christus werd en wordt ook (vaak)niet begrepen) omdat hij wel dezelfde woorden gebruikte, maar met een andere betekenis. Christus (en de evangelisten) moest(en) ook naar een andere taal zoeken en dit werd bij hen de beeldtaal (zelfde woorden met andere betekenis). · Opvallend is ook dat de kunstenaar, symbool voor de onderdrukten en de simpele, bij zijn dood blijkbaar enkel aan Joachim Stiller denkt en hem dus ook kent, iets wat voor Freek toen nog niet het geval was. Christus was ook vooral gekend bij de minderen en was er ook voor hen. · Joachim Stiller heeft zoals Christus ook een hinderpaal in de uitvoering van zijn 'missie'. In het circus 'Stiller' herkent Freek in de Harlekijn de 'Engel des Doods' (vergelijkbaar met de duivel) en hij zou deze engel willen volgen om zo van zijn onzekerheid verlost te worden. Na de voorstelling is de angst bij Freek helemaal opgekomen en is zo een belemmering voor de liefde tussen Freek en Simone en zo ook voor de opdracht van Joachim Stiller. · Door de verschijning van Joachim Stiller ziet Freek dadelijk dat hij geen vijand kan zijn en Freek weet nu dat alles voorbij kan zijn. Joachim Stiller heeft dus iets vriendschappelijk en verlossend. Dit is zoals bij de roeping van de apostelen die dadelijk alles in de steek lieten bij het zien van Christus. · Joachim Stiller heeft volgens Freek veel van een Engel. · Nadat Joachim Stiller door de vrachtwagen van het leger (vgl. de Romeinen bij Christus) is aangereden, ligt hij als een gekruisigde op de tramsporen. Freek voelt zich nu bevrijd en weet dat Joachim Stiller het grootste offer heeft gebracht voor het geluk van Freek en Simone zoals ook Christus dit deed aan het kruis. · Stiller valt met de arme gespreid (Zoals de Christus aan het kruis)· Na drie dagen is het lichaam van Joachim Stiller uit het mortuarium verdwenen. Jezus stond na drie dagen ook weer op uit de dood.

* Abstracte motieven:

Angst Aanvankelijk is vooral Simone bang voor Joachim Stiller, terwijl later in het boek juist Freek veel angstiger is.Ook is Freek erg bang voor de dood, ook een angst dus.Op een gegeven moment zijn er onduidelijke figuren in de stad die zeggen dat de wereld zal vergaan. Deze angst ontstaat hoogstwaarschijnlijk door de zonsverduistering die die dag plaats zal vinden.Wethouder Keldermans is tenslotte ook erg angstig voor alles wat gaande is.Ook vertelt Freek terloops in het boek dat hij vroeger bang was dat de tijd stil zou staan en hij zich afvroeg wat er dan zou gebeuren.
Eenzaamheid In het begin van het boek kent Freek ook momenten van eenzaamheid. Als hij met Simone samenkomt is dit gevoel verdwenen.
Verlossing Joachim Stiller schrijft in zijn brieven dat hij uiteindelijk verlossing zal brengen: er moet eerst een weg van angst worden gegaan om tot verlossing te komen.Ook de liefde tussen Simone en Freek is een verlossing: het volmaakte aan hun relatie doet hun beseffen dat het goed is zo.Bovendien vervuld Joachim Stiller een beetje de rol van de Messias. Zijn lichaam is na drie dagen ineens verdwenen uit het Mortuarium. De Messias, Jezus, stond ook na drie dagen op en Hij bracht verlossing voor zijn volgelingen.

*Leidmotieven

Veel van de bovenstaande motieven komen zo vaak voor (zie ook de uitleg) dat ze een leidmotief zouden kunnen vormen.
Een 'tastbaar' leidmotief, is het drankgebruik van Freek. Hij heeft vaak op spannende momenten behoefte aan alcohol en drinkt vrij veel. Zelf is hij zich dit wel bewust en hij neemt de als Simone voor het eerst bij hem thuis is, bewust geen alcohol om niet de indruk te wekken dat hij alcoholist is.

2. Thema:

Onderwerp: (de komst van) Joachim Stiller
Thema: Verlossing
Hoofdgedachte: Angst is met liefde te overwinnen en dat leid dan tot verlossing.

D. Structurele factoren

1. Volgorde van de gebeurtenissen.

Het hele verhaal is chronologisch verteld. Wel blijkt meerdere keren dat Freek het verhaal als het ware ná de gebeurtenissen heeft opgeschreven: hij weet soms al dingen over de toekomst.
Er wordt wel tijdsversnelling, tijdsverdichting en tijdsvertraging toegepast. Dit is waarschijnlijk gedaan om het verhaal boeiend te houden en de vaart er enigszins in te houden. Anders zou het te langdradig worden en is het niet leuk meer om te lezen.

2. De belangrijkste gebeurtenissen.

H 1 Tijdens zijn dagelijkse stadswandeling, die hij maakt om inspiratie op te doen voor artikelen in 'De Scheldebode', is Freek Groenevelt getuige van een merkwaardig incident: de straat wordt opgebroken en er vervolgens weer ingelegd, zonder dat er iets aan verandert wordt. Een nutteloze actie dus. Freek schrijft hierover een artikel.
H 2 Andreas, een vriend van Groenevelt, komt langs met een nieuw tijdschrift 'Atomium'. In dit tijdschrift staat een anti-Groenevelt artikel, en Andreas windt zich hier enorm over op. In eerste instantie kan het Freek niet zoveel schelen, maar uiteindelijk neemt hij zich toch voor om op een dag bij de secretaris van het blad langs te gaan om te vragen waarom dit artikel geschreven is.
H 3 Naar aanleiding van het artikel wat Freek schreef over het incident in de Kloosterstraat, is er een brief binnen gekomen op de redactie van de wethouder voor Openbare Werken: deze beweert dat de werkzaamheden nooit plaats hebben gevonden en dat ze dus wel verzonnen moeten zijn. In overleg met hoofdredacteur en vriend Clemens Waalwijk, besluit Freek naar de wethouder toe te gaan. De wethouder, Keldermans, komt erg chaotisch en wanhopig over. Al snel besluit Freek dat dit dus nutteloos is en hij verlaat het kantoor.
H 4 Freek krijgt een raadselachtige brief van een zekere Joachim Stiller. Freek zegt wel vaker brieven van vreemde types te krijgen, maar deze valt hem op omdat de stijl en de spelling netjes, geleerd en foutloos zijn. Als hij de envelop bekijkt, ziet hij dat de postzegel één is die allang veroudert is. Wat de brief helemaal mysterieus maakt is het poststempel: dat dateert uit 1919. Dat zou dus betekenen dat de brief 1,5 jaar vóór Freeks geboorte gepost zou zijn…
H 5 Freek besluit langs te gaan bij de secretaris van 'Atomium'. Hier aangekomen komt hij tot de verrassende ontdekking dat het een secretaresse betreft: Simone genaamd. Enigszins van zijn stuk gebracht doordat hij opeens met een vrouw van doen heeft, vraagt Freek toch in op het artikel wat over hem ging. Dan blijkt dat Simone ook een brief van de raadselachtige Joachim Stiller heeft gekregen. Nog vreemder is dat in de brief het contact tussen Freek en Simone al genoemd wordt, terwijl beiden elkaar tot deze ontmoeting nog niet kenden. Ze gaan verward uit elkaar.
H 6 Bij toeval komt Freek een oude schoolvriend: Wiebrand Zijlstra, weer tegen. Deze blijkt nu in de kunsthandel te zitten en komt met een wazig verhaal op de proppen: hij heeft op verschillende locaties in de stad tekeningetjes in wc's gezien en hij zoekt de tekenaar omdat hij hierin een groot kunstenaar ziet. De beide mannen gaan heel abrupt uiteen omdat Zijlstra opeens denk de 'kunstenaar' te zien lopen.
H 7 Op de terugweg naar huis komt Groenevelt in het noodweer terecht. Hij besluit in het antiquariaat van een bekende van hem, Geert Molijn, te schuilen. Deze heeft nog wat oude boeken liggen en Groenevelt besluit een ervan mee naar huis te nemen om deze te lezen en er een recensie van te schrijven. Het boek mist echter zijn omslag en daardoor zijn titel, schrijver, uitgever en jaar van uitgave onbekend. Hij besluit Geert Molijn te vragen of deze de brief van Joachim Stiller ook in een tijd kan plaatsen aan de hand van het handschrift bijvoorbeeld. Deze raad hem aan hiervoor een vriend van hem, professor Schoenmakers, te raadplegen. Freek besluit hier voorlopig nog even mee te wachten en leest diezelfde avond het meegenomen boek.
H 8 's Avonds laat staan Andreas, Groenevelts uitgever Boersma en zijn vrouw onverwacht voor de deur. Zij vragen hem mee te gaan wat de drinken. In het café waar ze wat gaan drinken, komt Groenevelt Simone onverwacht tegen. Zij vertelt hem dat ze opnieuw een brief van Joachim Stiller heeft ontvangen. Ze is erg angstig.
H 9 Freek gaat naar de Leeszaal toe en zoekt zijn vriend Valckeniers op. Samen met hem achterhaalt hij de gegevens van het boek, wat hij meegekregen heeft van Geert Molijn. Op het moment dat hij de naam van de schrijver hoort, wordt hij letterlijk niet lekker: de schrijver van het boek is Joachim Stiller.
H 10 Als hij weer naar huis loopt, staat voor zijn huis Simone op hem te wachten. Ze gaat met Freek mee naar binnen en verteld hem dat ze een telefoontje heeft gehad van Joachim Stiller. Ook vertelt ze dat ze haar verloving verbroken heeft.
H 11 Freek besluit toch contact op te nemen met professof Schoenmakers. Samen met Simone gaat Freek naar de professor toe en verteld het hele verhaal. Deze laat de brief onderzoeken, hij blijkt inderdaad afkomstig te zijn uit 1919. De verbijstering bij vooral Simone is groot.
H 12 Op de terugweg treuzelt Freek bewust, om zo het samenzijn van hem en Simone te verlengen.Dan zoent ze hem als ze staan te wachten voor een brug. Ze gaan die avond uit eten en ze blijft bij Freek slapen. Die nacht zijn ze getuige van een merkwaardig schouwspel: midden in de nacht speelt de bejaard in de kerk. Opmerkelijk is ook dat niemand die op straat loopt hierop reageert. Als de bejaard ophoud kruipen ze weer in bed, maar dan gaat de telefoon. Het is Joachim Stiller. Geschrokken en angstig blijven Freek en Simone in bed liggen tot de volgende dag.
H 13 Freek wordt gebeld door Zijlstra en uitgenodigd voor een coctailparty waarop de schilderijen van de wc kunstenaar getoond zullen worden. Het valt Simone en Freek vrij snel op dat Zijlstra de kunstenaar gewoon gebruikt. Dan ineens schiet de kunstenaar op Zijlstra. Deze zet de achtervolging in maar de kunstenaar vliegt het dak op. Daar kan hij niet meer wegkomen. De bezoekers van de party volgen het vanaf de grond. Dan probeert de kunstenaar te springen om te vluchten, maar hij valt en komt zwaargewond op de tegels neer. Zijlstra en Freek rennen er naar toe, maar de man is al stervende. Het laatste wat hij uitbrengt, is bedoelt voor Freek: 'Stiller..zeg aan sti..'
H 14 Molijn, Freek en Simone buigen zich over de raadselachtige geschiedenis en komen allemaal met hypotheses om het gebeuren te verklaren, maar echt verder komen ze niet.
H 15 Er loopt een vreemde man door de stad die aankondigt dat de wereld zal vergaan. Veel inwoners zijn in paniek, De werkelijkheid is dat er een zonsverduistering plaatsvindt.
H 16 Als Freek en Simone door de stad lopen raakt Freek opeens in paniek: overal hangen posters met 'Stiller' erop. Al snel blijkt de paniek voor niks: het betreffen posters met een aankondiging voor het circus Stiller. Simone en Freek besluiten er naar toe te gaan.Tijdens de voorstelling treed er een harlekijn op die nogal duister is. Tijdens een trapeze act maakt hij duidelijk oogcontact met Freek, wat die laatste nogal in de stress doet schieten.
H 17 Omdat het boek van Joachim Stiller over planeten en sterren gaat, besluit Freek een astroloog raad te plegen om te kijken wat alles nou eigenlijk betekend.Omdat Freek steeds zo gestresst en overstuur is, stuurt Simone hem naar een psychiater. Deze schrijft hem medicijnen voor.Ook brengt hij door middel van een middeltje, Freek als het ware onder hypnose zodat hij zich dingen uit het verleden beter voor de geest kan halen. Freek herinnert zich een traumatische gebeurtenissen aan het eind van de oorlog weer tot in detail. Dan komt hij met een schok tot de ontdekking dat de dode soldaat die hij toen zag (dat wist hij ook nog wel), Joachim Stiller heette…
H 18 Simone blijkt ook naar de dokter de zijn geweest en komt met de verheugende mededeling dat ze zwanger is.Freek zegt nu ook met haar te willen trouwen. Bovendien komt er weer een brief van Joachim Stiller. Hij kondigt aan dat hij Freek nog diezelfde avond bij het station te willen ontmoeten. Simone gaat natuurlijk ook mee en ze nodigen Geert Molijn (die nu ook tot over zijn oren betrokken is) ook uit. Bij het station komen ze tot een verrassende ontdekking: wethouder Keldermans wacht daar ook…op Joachim Stiller!! Dat was ook de reden dat hij indertijd zo chaotisch en gestresst overkwam. Vol spanning wacht het clubje af op de komst van de geheimzinnige Stiller. Dan zien ze Joachim Stiller ineens aankomen: Freek herkend in hem meteen de soldaat die jaren geleden aan zijn voeten is gestorven. Joachim Stiller komt naderbij en zegt dat hij Joachim Stiller is. Vervolgens wil hij Freek een hand geven maar nog voor hij hier de kans toe krijgt wordt hij geschept door een legerauto. Hij is op slag dood.
H 19 De vier praten nog wat na over het gebeurde en worden verhoort op het politiebureau. Dan keren ze huiswaarts. Twee dagen later lijkt het Simone en Freek een goed plan om bloemen naar de overledene te brengen. Ze contacteren Keldermans die meteen voor het idee in is. De volgende dag zullen ze erheen gaan. Maar wanneer Simone en Freek Keldermans op komen halen, heeft deze een schokkende mededeling: op raadselachtige wijze is het lichaam van Stiller die nacht uit het mortuarium verdwenen. Simone en Freek keren weer naar huis, en voelen zich ineens verlost: de hele geschiedenis is nu tot een einde gekomen.

3. Het begin

Er is sprake van een opening in handeling, al verteld de ik-persoon aan het begin wel wat dingen over zichzelf.

4. Het einde

Het einde is gesloten: Joachim Stiller is verdwenen, Simone en Freek zijn gelukkig samen (Simone is zelfs in verwachting) en de rust keert weer terug.

E. mening

Ik was op bezoek naar een boek wat geschreven was tussen 1945 en 1980. Mijn moeder zei toen dat dit boek daaronder viel en aangezien dit een heel bekende titel is wilde ik het graag lezen.
Aanvankelijk kwam ik even wat moeilijk in het boek en bleef het nog een tijdje liggen. Maar toen ik er speciaal voor zitten ging om echt even te lezen, zat ik er toch sneller in dan ik gedacht had. Het boek boeide me behoorlijk omdat ik er nieuwsgierig werd naar wie Joachim Stiller was. Daardoor bleef ik ook in de ban van het boek. Wat ik er bijzonder vind, is dat Joachim Stiller vele overeenkomsten met Jezus vertoont, het is duidelijk dat de schrijver de vergelijking duidelijk over wil laten komen: er zijn veel raakvlakken. Dat thema spreekt me enorm aan. Ook andere motieven kwamen heel verschillend en vaak terug: dat vond ik erg bijzonder.
Het toeval speelt in het boek wel een belangrijke rol. Het is enorme samenloop van omstandigheden die allemaal wel heel toevallig samenkomen. Aan de andere kant is dat ook de bedoeling omdat het op die manier erg bovennatuurlijk wordt. Het is dus wel een bewuste keuze van de schrijver geweest. En doordat de rest van het verhaal wel realistisch is, wordt het niet een sprookjesachtige toestand. Ook de hoofdpersonen worden heel realistisch beschreven. Ik voelde niet echt een speciale band met de hoofdpersonen, behalve dan dat ik hun nieuwsgierigheid naar wie Joachim Stiller was deelde, maar ik vond ze ook niet onsympathiek. Er komen gewoon niet echt karaktertrekken in naar voren die mij echt aantrekken en ook geen karaktertrekken die afstotelijk werken.
Ik vind het perspectief heel juist gekozen, omdat je doordat het in ik-perspectief geschreven is heel betrokken bent bij het boek. En dat versterkt het 'willen weten wie Joachim Stiller is.'
De beschrijvingen van de ruimte verschillen nogal, soms wat beknopter soms wat uitgebreider. Maar als ik zonder terug te bladeren in het boek, me voor probeer te stellen wat voor ruimtebeschrijvingen er waren, komt er niet echt iets in me op, terwijl ik dat bij andere boeken soms wel heb. Conclusie: de beschrijvingen zijn niet zo overduidelijk, opvallend of belangrijk dat ze je bijblijven. Ik heb niks gemist en heb ook niet het gevoel gehad dat er een teveel aan ruimte beschrijving was. Wel werden er soms gebeurtenissen beschreven die niet echt in verband stonden met het verhaal. Dat had misschien af en toe wat beknopter gekund.
Het verhaal is doordat het volledig chronologisch is, wel overzichtelijk geschreven. Een opening in handeling, maar wel met voldoende uitleg. En een mooi afgesloten geheel.
Er zijn meerdere belangrijke momenten, alle momenten waarop Freek of Simone weer een nieuwe ontdekking over Stiller doet, zijn belangrijk voor de loop van het verhaal. Soms werd dit wel wat voorspelbaar: als een schrijver van een boek onbekend is bijvoorbeeld voel je al aankomen dat dat Stiller wel weer wezen zal. Maar ook dit was niet overbodig of storend.
Mijn totaaloordeel is dat het een best leuk boek is en dat het goed te lezen valt. Het boeit wel en is niet een vervelend of zwaar op de hand liggend boek, terwijl het tegelijkertijd wel weer een mooi uitgewerkt thema en een diepere gedachte heeft. De moeite van het lezen waard dus!!

F. Samenvatting

Schrijver en journalist Freek Groenevelt ziet op een dag vier wegwerkers de straat openbreken om deze daarna weer dicht te maken, onverstoorbaar als engelen. Freek besluit om hierover een stukje in de krant te schrijven. Keldermans, de wethouder van openbare werken reageert op het artikel met een brief waarin het voorval wordt ontkend. Een dag later ontvangt Freek een brief uit 1919, waarin de gebeurtenissen over de wegwerkers voorspeld worden. De redactie van het literaire tijdschrift, waarin een lasterlijk stuk over Freek staat, ontvangt ook een brief, van Joachim Stiller. Hierin staat dat Freek een belangrijke opdracht heeft en dat hij niet belasterd mag worden.
In een tweedehands-boekenwinkel ziet Freek een zestiende-eeuws boek over het einde der tijden, geschreven door Joachim Stiller. Simone Marijnissen, een vriendin van Freek, heeft inmiddels een telefoontje van Joachim Stiller gekregen: zij mag Freek niet laten gaan. Zij gehoorzaamt door haar verloving te verbreken. Freek en Simone worden verliefd op elkaar, alsof het door hogerhand bepaald is. Stiller belt Freek op om hem moed in te spreken. Na een aantal dagen vol vreemde gebeurtenissen herinnert Freek zich een Amerikaanse militair die aan het eind van de oorlog door een explosie om het leven is gekomen: majoor Joachim Stiller.
Freek en Keldermans krijgen beiden een brief van Stiller waarin staat dat hij hen op het stationsplein wil ontmoeten. Maar voordat ze Stiller kunnen spreken, wordt hij door een legertruck overreden. Stiller wordt overgebracht naar het mortuarium. Wanneer Freek drie dagen later een bezoek brengt aan het mortuarium, blijkt het lijk verdwenen te zijn.

Zie ook punt D2.

G. De auteur

Hubert Lampo werd geboren te Antwerpen op 1 september 1920 als zoon van een postbediende en een onderwijzeres. In 1938 behaalt hij het diploma van onderwijzer, in 1941 dat van geaggregeerd leraar. Tot 1944 geeft hij les. In datzelfde jaar wordt hij tewerkgesteld bij het Archief en Museum van het Vlaamse Cultuurleven te Antwerpen. Na zijn militaire dienst wordt hij journalist-kunstcriticus. Hij oefent dit beroep uit tot 1965. Hij speelde een actieve rol in de Vlaamse letterkundige wereld, o.m. als redactiesecretaris van het "Nieuw Vlaams Tijdschrift". Ondertussen werd hij in 1948 tevens rijksinspecteur van de Openbare Bibliotheken. Vanaf 1965 is hij hoofdinspecteur. In 1973 werd hij voorzitter van de Vereniging van Vlaamse letterkundigen en in 1979 lid van de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. In 1989 werd hij vereerd met de titel van eredoctor aan de universiteit van Grenoble. Hubert Lampo huwde driemaal. Hij woont thans in Grobbendonk.
Hubert Lampo debuteerde met de roman "Don Juan en de laatste nimf" (1942), gevolgd door "Hélène Defraye" (1945) en "De ruiter op de wolken" (1948). Deze werken zijn psychologische romans waarin misterieuze supra-rationele verbanden gesuggereerd worden, hetgeen zijn latere magisch-realistische strekking reeds doet vermoeden. In "Triptiek van de onvervulde liefde" uit 1947 ontpopt Hubert Lampo zich dan ook naast Johan Daisne als grondlegger van het magisch-realisme in Vlaanderen. Zoals Daisne combineert Lampo de weergave van realiteit en fictie met als resultaat een nieuwe psychologisch samenhangende werkelijkheid. In tegenstelling tot Daisne echter, maakt Lampo hierbij ook gebruik van parapsychologische elementen en bepaalde interpretaties van de cultuurgeschiedenis. De schrijver lijkt hierbij inspiratie gevonden te hebben in Jungs achretypenleer.
Zo o.a. verwijst in "De komst van Joachim Stiller" (1960) het verschijnen van een raadselachtige verlossersfiguur naar het messias-achetype. Ook de Orfeusmythe speelt een rol in verschillende verhalen en romans. Dit komt o.m. tot uiting in "De goden moeten hun getal hebben" (1969). De schrijver verklaarde echter ooit zelf dat dit alles spontaan en intuïtief gebeurde : hij volgde gewoon zijn inspiratie en onderkende pas later de archetypische grondslagen van zijn werk.
Het latere werk van Lampo wordt gekenmerkt door meer en meer intriges en steeds diepere peilingen in het onbewuste van zijn personnages. Getuige hiervan is "De heks en de archeoloog" uit 1967. Naast zijn romans schreef Hubert Lampo nog talrijke essays. Hij vertaalde ook uit vreemde talen, o.a. enkele romans van Françoise Sagan. Bovendien was hij ook nog gedurende 20 jaar redacteur kunst en letteren bij "De Volksgazet" en werkte hij mee aan verschillende tijdschriften.
Naast talrijke andere prijzen, ontving de schrijver in 1963 de Driejaarlijkse Staatsprijs voor zijn roman "De komst van Joachim Stiller". In 1983 kreeg hij de Prijs van de Vlaamse Provincies. In 1993 tenslotte ontving hij de Gouden Erepenning van de Vlaamse Raad. Zijn werk werd in verschillende talen vertaald en "De madonna van Nedermünster", "Kasper in de onderwereld" (= De goden moeten hun getal hebben) en "De komst van Joachim Stiller" werden verfilmd.
Hubert (Leon) Lampo

De Belgische schrijver Hubert Lampo werd geboren te Antwerpen op 1 september 1920 als zoon van een postbediende en een onderwijzeres. Lampo groeide op in een socialistisch milieu.
In 1938 behaalt Hubert Lampo het diploma van onderwijzer, in 1941 dat van geaggregeerd leraar om ook in het voortgezet onderwijs aan het werk te kunnen.
Hubert Lampo debuteerde met de roman ¨Don Juan en de laatste nimf¨ (1942), gevolgd door ¨Hélène Defraye¨ (1945) en ¨De ruiter op de wolken¨ (1948). Deze werken zijn psychologische romans waarin mysterieuze supra-rationele verbanden gesuggereerd worden, hetgeen zijn latere magisch-realistische strekking reeds doet vermoeden.
Op zijn eerste roman ´Hélène Defraye´ werd door de (katholieke) pers fel negatief gereageerd. Er kwam geslachtsgemeenschap in voor en er werd in gescheiden. dit soort reacties zijn nu - gelukkig - ondenkbaar en wie het boek nu leest kan het zich ook nauwelijks meer voorstellen. In de tweede druk schrapt Lampo - boos over de reacties - het woord God. Zijn vrouw is dan - onder druk van haar familie - van hem gescheiden.
Tot 1944 geeft Hubert Lampo les. Dan wordt hij tewerkgesteld bij het Archief en museum van het Vlaamse Cultuurleven te Antwerpen.
Na zijn militaire dienst in de administratie wordt Hubert Lampo journalist-kunstcriticus als de Tweede Wereldoorlog afgelopen is, gaat hij in de journalistiek. Hij werkt voor kranten en literaire tijdschriften.
Hubert Lampo was redacteur van ´De Faun´ (1945-1946)
Hubert Lampo was mede-oprichter en redactiesecretaris (1946-1965) van ´Nieuw Vlaams Tijdschrift´.
In ¨Triptiek van de onvervulde liefde¨ uit 1947 ontpopt Hubert Lampo zich naast Johan Diasne als grondlegger van het magisch-realisme in Vlaanderen.
Ondertussen werd Lampo in 1948 tevens rijksinspecteur van de Openbare Bibliotheken.
Zoals Daisne combineert Lampo de weergave van realiteit en fictie met als resultaat een nieuwe psychologisch samenhangende werkelijkheid. In tegenstelling tot Daisne echter, maakt Lampo hierbij ook gebruik van parapsychologische elementen en bepaalde interpretaties van de cultuurgeschiedenis.
De schrijver lijkt hierbij inspiratie gevonden te hebben in Jungs archetypenleer. Zo o.a. verwijst in ¨De komst van Joachim Stiller¨ (1960) het verschijnen van een raadselachtige verlossersfiguur naar het messias-archetype. In ´Joachim Stiller en ik´ probeert Lampo de invloed van zijn levensvisie op zijn werk weer te geven.
Naast talrijke andere prijzen, ontving de schrijver in 1963 de Driejaarlijkse Staatsprijs voor zijn roman ¨De komst van Joachim Stiller¨.
1965 hoofdinspecteur der Openbare Bibliotheken.
In 1965 trouwt hij voor de derde keer. sinds 1968 woont hij met zijn derde vrouw - Lucia - in Grobbedonk.
Ook de Orfeusmythe speelt een rol in verschillende verhalen en romans. Dit komt o.m. tot uiting in het door Lampo geschreven boekenweekgeschenk ¨De goden moeten hun getal hebben¨ (1969). Het was de eerste keer dat een Vlaamse auteur de opdracht kreeg het boekenweekgeschenk te schrijven. De schrijver verklaarde echter ooit zelf dat dit alles spontaan en intuïtief gebeurde : hij volgde gewoon zijn inspiratie en onderkende pas later de archetypische grondslagen van zijn werk.
Over de titel ´De goden moeten hun getal hebben´ kreeg Lampo veel vragen. Hij zegt hierover: ¨Welnu, het is gewoon een variant op een Vlaamse spreuk: God moet zijn getal hebben, waarmee men bedoelt dat wij ons bij het denkbeeld behoren neer te leggen dat er allerhande soorten van mensen bestaan.´
Het latere werk van Lampo wordt gekenmerkt door meer en meer intriges en steeds diepere peilingen in het onbewuste van zijn personnages. Getuige hiervan is ¨De heks en de archeoloog¨ uit 1967.
In 1973 werd hij voorzitter van de Vereniging van Vlaamse letterkundigen en in 1979 lid van de Koninklijke academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde.
In 1983 kreeg hij de Prijs van de Vlaamse Provincies.
In 1989 werd Hubert Lampo vereerd met de titel van eredoctor aan de universiteit van Grenoble.
In 1993 ontving hij de Gouden Erepenning van de Vlaamse Raad.
Naast zijn romans schreef Hubert Lampo nog talrijke essays. Hij vertaalde ook uit vreemde talen, o.a. enkele romans van Françoise Sagan. Bovendien was hij ook nog gedurende 20 jaar redacteur kunst en letteren bij ¨De Volksgazet¨ en werkte hij mee aan verschillende tijdschriften. Zijn werk werd in verschillende talen vertaald en ¨De Madonna van Nedermünster¨, ¨Kasper in de onderwereld¨ (= De goden moeten hun getal hebben) en ¨De komst van Joachim Stiller¨ werden verfilmd.
In zijn romans en verhalen komen vaak afsplitsingen van hemzelf voor: leraren, journalisten, schrijvers. De locatie van zijn romans is vaak Antwerpen. Een zeer groot succes is de roman De komst van Joachim Stiller geworden, dat werd in de jaren zestig een echt cultboek Ingrediënten van het zogenaamde magisch-realisme zijn volop aanwezig: het doorbreken van grenzen van de tijd, het verlossersmotief (Messiasmotief). Andere zogenaamde archetypen in zijn werk komen voor in De terugkeer naar Atlantis ( het verzonken rijk, door Lampo ook wel Lemurië genoemd), Hermione betrapt (dubbelgangersmotief), Zeg maar Judith (anima-animusmotief). Lampo geeft zelf de volgende definitie: ´Magisch-realisme noem ik het fenomeen waardoor onder het schrijven sluimerende archetypen worden geactualiseerd.´ Ook zijn interesse voor Keltische en aan koning Arthur gerelateerde onderwerpen zijn in Lampo´s werk terug te vinden. In het werk van Hubert Lampo wordt de vrouw tot droombeeld geïdealiseerd, maar de liefde wordt meestal niet beantwoord. Lampo is de vinder van het verloren gewaande middeleeuwse werk ´Madoc´ (van Willem, die ook ´Van den vos Reynaerde´ geschreven heeft). Het blijkt later een door Lampo zelf geschreven vervalsing te zijn.

H. Literatuuropgave

Verschillende verslagen van: http://www.scholieren.com

Google zoeken: Hubert Lampo

http://www.kunstbus.nl

http://www.verdec.com

http://users.pandora.be/louis.jacobs/Lampo.htm

http://www.geocities.com/Athens/Ithaca/2249/lampohubert.html

http://www.collegenet.nl

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Jan Kaders

Jan Kaders

Mooi verslag, inhoudelijk klopt het allemaal wel, maar foei, wat een taalfouten. De werkwoordspelling is echt onvoldoende en er zitten (te) veel lijdende zinnen in.

6 maanden geleden

Antwoorden

gast

gast

J.

J.

Bedankt voor het insturen van je boekverslag. Het heeft voor mij het boek zeer verhelderd. Veel dank voor het boekverslag.
M.v.G.
Jan

12 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast