De kleine Johannes door Frederik van Eeden

Beoordeling 6.7
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • 5e klas vwo | 2314 woorden
  • 4 juli 2007
  • 13 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.7
  • 13 keer beoordeeld

Eerste uitgave
1887
Pagina's
160
Geschikt voor
bovenbouw havo/vwo
Punten
2 uit 5
Oorspronkelijke taal
Nederlands
Literaire thema's

Boekcover De kleine Johannes
Shadow

Ik zal je iets van de kleine Johannes vertellen. Het heeft veel van een sprookje, mijn verhaal, maar het is toch allemaal echt gebeurd. De kleine Johannes is een uniek hoogtepunt in de Nederlandse literatuur. Vertaald in tientallen talen, onderwerp van talloze studies en boekverslagen van scholieren heeft het zichzelf bewezen als een klassiek werk dat met het verstrij…

Ik zal je iets van de kleine Johannes vertellen. Het heeft veel van een sprookje, mijn verhaal, maar het is toch allemaal echt gebeurd. De kleine Johannes is een uniek hoogtepunt i…

Ik zal je iets van de kleine Johannes vertellen. Het heeft veel van een sprookje, mijn verhaal, maar het is toch allemaal echt gebeurd. De kleine Johannes is een uniek hoogtepunt in de Nederlandse literatuur. Vertaald in tientallen talen, onderwerp van talloze studies en boekverslagen van scholieren heeft het zichzelf bewezen als een klassiek werk dat met het verstrijken van de tijd zijn glans heeft behouden. Deze hertaling heeft de hindernissen die opgeworpen werden door het negentiende-eeuwse taalgebruik opgeheven. In sprankelende taal worden de ontwikkelingsfasen van de kleine Johannes verbeeld door personages die de natuur, de liefde, het geluk, de kennis, het spirituele en de vluchtigheid van het leven vertegenwoordigen. De herkenbaarheid en de diepte van dit klank- en kleurrijke sprookje is in al haar eenvoud zo schitterend dat het blijft fascineren.

De kleine Johannes door Frederik van Eeden
Shadow
ADVERTENTIE
Help nu jouw favoriete goede doel door jouw mening te geven!

Hoe? Heel simpel. Geef je op voor het panel van Young Impact en geef jouw mening over diverse onderwerpen zoals gelijke kansen, diversiteit of het klimaat. Voor iedere ingevulde vragenlijst (+/- 1 per maand) ontvang je een bedrag dat je direct mag doneren aan een goed doel naar keuze. Goed doen was nog nooit zo easy!

Meld je aan!
De Kleine Johannes
Frederik van Eeden
1e druk, 1949

Samenvatting

De kleine Johannes woont in een oud huis met een grote tuin. In dat huis woont hij samen met zijn vader, Presto de hond en Simon de kat.
Johannes denkt veel na over het leven en de natuur.
Op een zomermiddag is Johannes bij een vijver. Daar komt hij de elf Windekind tegen. Windekind kust hem opeens en Johannes wordt dan kleiner. Hij verstaat opeens de taal van de planten en dieren. Windekind en Johannes bezoeken samen een aantal dieren. Hij krijgt op een gegeven moment van de elfenkoning een gouden sleutel. De sleutel past op een kistje dat allerlei schatten bevat.
Na een aantal dagen ontmoeten Johannes en Windekind elkaar opnieuw. Johannes wordt weer verkleind en samen met Windekind gaat hij de sleutel begraven.

Drie weken later vindt de volgende ontmoeting tussen Johannes en Windekind plaats. Windekind vertelt aan Johannes hoe boosaardig de mens wel niet is. Johannes is daar erg verdrietig over en zou het liefste bij Windekind blijven.
Windekind vertelt Johannes wat over kabouters. Hij is onder de indruk en hij zou ze graag een keer willen ontmoeten. Wistik wordt door Windekind aan hem voorgesteld. Wistik wordt een wijze kabouter genoemd. Hij is zijn hele leven al op zoek naar een boekje en hij hoopt dat spoedig te vinden.
Wistik beweert dat het boekje bij de mensen is. Volgens hem hebben de mensen het gouden kistje en de elfen de gouden sleutel. Johannes beschouwt zichzelf nu als de aangewezen persoon om het kistje terug te brengen. Hij wil terug gaan naar Windekind, maar die is echter verdwenen.
Na lang wachten breekt uiteindelijk de lente aan. Bij een vijver ontmoet Johannes het blonde meisje Robinetta. Hij beleeft een prettige tijd met haar, maar dan komt Wistik hem zeggen dat hij nu toch wel eens het boekje moet gaan zoeken. Dan laat de vader van Robinetta het boekje zien. Johannes doet dan een uitlating met betrekking tot de godsdienst die bij Robinetta’s vader niet goed valt. Robinetta’s vader verbiedt dat Johannes nog enig contact met zijn dochter heeft.
Tijdens zijn zoektocht naar het sleuteltje ontmoet Johannes Pluizer. Pluizer ontkent dat Wistik en Windekind bestaan. Johannes komt in aanraking met Hein en dokter Cijfer. Johannes leert van Pluizer hoe dat de wereld in elkaar zit. De mensenwereld is volgens hem een wereld die bedorven is en veel ellende bevat. Daarna gaan Pluizer en Johannes samen naar het kerkhof. Ze gaan wroeten in de grond en komen terecht bij de doodskisten. Pluizer zegt dat ze nu 50 jaar verder zijn en dat in een van die kisten Johannes ligt. Johannes zou overleden zijn. Johannes valt flauw als hij dat hoort.
De volgende dag leert hij bij dokter Cijfer verschillende dingen. De wereld vervreemdt voor hem. Pluizer zegt dat hij het boekje ook maar moet vergeten.

In het voorjaar bezoeken dokter Cijfer en Johannes een zieke. Het blijkt uiteindelijk Johannes’s vader te zijn. Pluizer wil het lichaam gaan onderzoeken. Johannes stemt daar echter niet mee in. Er ontstaat een ruzie waarin Pluizer hem wil doden. Johannes overleeft het voorval en Pluizer verdwijnt.
Opeens ziet Johannes Windekind met het sleuteltje. Ze komen op het strand en daar moet Johannes een keuze maken tussen Windekind en de weg naar de mensheid. Hij kiest voor de mensheid.

Titelverklaring

De titel heeft betrekking op de hoofdpersoon uit het boek: Johannes. Het boek begint namelijk met Johannes die toen nog een kleuter, en dus klein, was. Het beschrijft de ontwikkeling van Johannes en de titel geeft eigenlijk het begin van die ontwikkeling. Ook kan de titel slaan op het Johannes-evangelie uit de Bijbel, omdat beiden hetzelfde doel hebben, namelijk een betere wereld proberen te zoeken.

Tijd

Het verhaal is geheel in chronologische volgorde verteld. Het wisselt af tussen vertelde tijd en versnelde tijd: vaak wordt er met de vertelde tijd eerst een situationele sfeer opgeroepen waarna er in de versnelde tijd verteld wordt dat die sfeer voor enkele dagen, maanden, jaren wordt vastgehouden. Hierdoor is het ook moeilijk om te vatten over hoeveel tijd dit verhaal spant, maar het zal op ongeveer 15 jaar terecht komen. Ook is het redelijk moeilijk precies te zeggen in welke tijd het verhaal zich afspeelt, maar gezien het strenge geloof van de mensen en de tijd waarin de schrijver leefde zou ik zeggen dat het verhaal zich afspeelt rond 1900. Je kunt weinig zeggen over deze periode vanuit het boek, omdat Johannes weinig contact heeft met andere mensen, en wanneer hij dit wel heeft worden zijn gedachten en waarnemingen altijd gekleurd door de levensperiode waarin hij zich bevind.

Perspectief

Dit boekje is geschreven vanuit een personaal perspectief. Hoewel mijn eerste keuze een alwetende verteller was, moest ik toch concluderen dat je alleen meeleeft met Johannes, terwijl alle karakters om hem heen slechts koude wezens zijn waarvan je niet kunt zeggen of zij emoties hebben of niet. Het perspectief is ook zeer logisch wanneer de ‘De kleine Johannes’ als een verscholen autobiografie van de schrijver opvat. Bovendien is het ook belangrijk dat de personages om hem heen emotieloos lijken: zij zijn immers meer een uiting van de levensfasen dan dat zij echte personen zijn, en omdat zij alleen door Johannes bekeken worden, die ze als echt beschouwd, is het moeilijk de onderliggende gedachte eruit te halen maar zorgt er wel voor dat het boek niet koud wordt. Je weet niet dat ze niet bestaan, en dus voel je als lezer echt wat Johannes voor hen voelt.

Personages

Johannes – De hoofdpersoon van dit verhaal. Je ziet hem het hele verhaal door groeien, wat ook duidelijk de bedoeling was van de schrijver omdat hij er de levensfasen bijhaalt in vaste vorm. Zo is Johannes bij Windekind nog het onschuldige en onbezonnen kind, bij Robinetta de verliefde puber, bij Pluizer en Wistik de wetenschapper en uiteindelijk een goed mens. De keuzes die hij maakt zorgen er telkens voor dat hij van bovengenoemde personages wisselt, steeds omdat hij een groot onderdeel van het leven tegenkomt dat hem een andere richting op wijst (denk aan Waarheid, Religie, Dood). Hoewel hij zijn onschuld behoudt is hij uiteindelijk veel harder en donkerder dan de Johannes die je in het begin leerde kennen: het verlies van zijn kinderlijke onschuld en zijn veelvuldige confrontaties met de dood hebben hem gemaakt tot iemand die een goed mens kan zijn. Door tegen Pluizer (de wetenschap) in te gaan en naar zijn hart te luisteren, maakt hij een mooie balans tussen beiden. In de hulpeloosheid die hierop volgt verlangt hij weer even terug naar zijn kindertijd, naar de rust van de onschuld, maar kiest er uiteindelijk toch voor een goed mens te zijn. Belangrijk is dat hij dit ook in de stad, bij de mensen gaat doen. De haat voor mensen die hij eerst voelde, omdat de volwassen mensen, of de volwassenheid zelf, zijn jeugd en fantasie hebben ontnomen, is nog steeds aanwezig, maar in zoverre ook een onderdeel van hemzelf dat hij de mens kan accepteren zoals hij is.

Windekind – De onbezonnen jeugd. In een wereld van fantasie leeft Windekind, geboren in een bloem, met talloze vriendjes bij de dieren, de elfen en de kabouters. Hij maakt Johannes geheel gelukkig en confronteert hem niet met het harde van het leven. Wanneer dit wel zo lijkt, dan leert hij Johannes dat het zo hoort te zijn, dat de bloemen en dieren die overlijden niet anders weten en er dus ook geen verdriet voor ze behoeft te zijn. Windekind laat Johannes los in een wereld van liefde en zonneschijn, waar magie de boventoon speelt.

Robinetta – Dit mensenmeisje ontmoet Johannes vlak nadat hij zijn vriendschap met Windekind verloren is. Hij denkt ook dat zij de menselijk personificatie van Windekind is, en wordt verliefd op haar, maar doordat hij een niet-geheel vrome uitspraak doet in de buurt van haar ouders word hem verboden nog met haar om te gaan. Ze personifieert de romantische liefde, de puberteit en de ketenen van het geloof.

Wistik en de Dood – Wistik is een kabouter die eigenlijk bij geen van alle levensfasen precies behoort. Hij is een kabouter, en leeft dus nog in de fase van kinderlijkheid, maar hij is ook degene die Johannes hiervan weghaalt. Wistik is meer een levensvraag: hij spoort Johannes aan op zoek te gaan naar de waarheid. Uiteindelijk gaat Johannes dit zoeken bij de wetenschap. Dit is een ander uiterste van zijn liefde voor Windekind, en uiteindelijk is het de levensvraag van de Dood die hem in balans weet te brengen.

Pluizer – Een vleermuis die Johannes weet te verleiden met een wereld waarin alles te verklaren valt. Hij staat voor het materialisme in de filosofische zin, en zoekt geen vriendschap maar controle. De macht van Pluizer wordt gebroken door de Dood: wanneer de vader van Johannes overlijd en Pluizer ook dit slechts wetenschappelijk benadert, begint hij te begrijpen dat er een balans moet worden gezocht tussen het emotionele en het rationele, en wordt volwassen.

Oberon – De koning van de elfen die Johannes het sleuteltje geeft en zijn zoektocht start.

Dr. Cijfer – Johannes komt bij hem te werken. Hij probeert alles uit te drukken in formules.

De Ongenoemde – Met de Ongenoemde wordt waarschijnlijk God bedoelt, maar het zou ook simpelweg een samenvatting van ethiek en moraal kunnen zijn, iets waar Johannes overal mee worstelt.

Ruimte

De ruimtes die gebruikt worden passen simpelweg bij de levensfasen. De wereld van Windekind speelt zich af in het bos, die van Robinetta bij een simpel gezin en die van Pluizer in de grote, geïndustrialiseerde stad. Zo dragen de ruimtes veel bij aan het verduidelijken van de situatie. Aan de andere kant zijn de ruimtes niet zo bijzonder: het bos, een dorp, de stad. Dus hier is het voornamelijk de sublieme vertelkunst van van Eeden die ons het geluk, de verwarring en de angst van Johannes op de omgeving weet de reflecteren.

Stijl

'Johannes luisterde met angstige nieuwsgierigheid, alsof hem een groot, verschrikkelijk ondier vertoond werd. Het was hem alsof hij op den rug van het monster stond, het zwarte bloed door dikke aderen zag stroomen en den donkeren adem uit honderden neusgaten zag stijgen. En hij werd bang voor het onheilspellend grommen der ontzachlijke stem. -
- ‘Zie hoe hard al die menschen loopen, Johannes,’ ging Pluizer voort. ‘Je kunt zien dat zij haast hebben en iets zoeken, niet waar? Maar het is grappig, dat geen een precies weet hij zoekt. Als ze nu een poosje gezocht hebben dan komen ze iemand tegen - die heet Hein…’
- ‘Wie is dat’ - vroeg Johannes.
- ‘O een goede kennis van me, ik zal je wel eens aan hem
voorstellen. Nu die Hein zegt dan: ‘Zoek je mij?’ Dan zeggen de meesten gewoonlijk: ‘O neen! … jou bedoel ik niet!’ maar dan antwoordt Hein weer: ‘Er is toch niets anders te vinden dan mij.’ Dan moeten ze zich wel met Hein tevreden stellen.’ -
Johannes begreep dat hij van den dood sprak.'

Het boek is duidelijk impressionistisch/surrealistisch:
Er komen veel bijvoeglijk naamwoorden in voor. Ik zal enkele voorbeelden uit het boek geven: fluisterende gesprekken, koele wind, rode gloed, levend purpervuur enz.
- Er komen neologismen in voor: Johannes geeft aan het begin van het boek elk object een naam: de frambozenberg, een dirkjesbos, een aardbeiendal.
- Er zitten een aantal synesthesieen (het gelijktijdig reageren van twee zintuigen) in.
- Er wordt een sfeer of stemming besproken. In het gedeelte op het kerkhof is dit heel duidelijk te merken: het is er heel donker en eng (sfeer) en Johannes wordt er bang van (stemming).
- Het esthetisme zie je heel goed. Een voorbeeld: “Het zonlicht scheen vrolijk naar binnen, deed duizenden stofjes glinsteren op zijn weg en vormde op de gewitte muur lichte plekken, die met de wisseling der uren langzaam voortkropen.” Dit vind ik heel mooi geschreven.
- het is niet realistisch.

Aan het impressionistisch gebruik van woorden is duidelijk te zijn dat van Eeden een Tachtiger was. Nu is dit een van mijn favoriete schrijfstijlen, omdat hij vaak een beetje lyrisch en poëtisch overkomt. Het is wel een wat verouderd taalgebruik: het zal dan ook niet meer op straat te horen zijn, maar ook in moderne literatuur zijn er een scala aan schrijvers die op dezelfde wijze schrijver.

Genre

Psychologische roman – Dit is eigenlijk de enige omschrijving die alomvattend is. Net zoals in ‘van de Koele Meeren de Doods’ gaat het voornamelijk om de ontwikkeling van een hoofdfiguur, en hoewel dit in ‘Koele Meeren’ voornamelijk in het hoofd van de hoofdpersoon zelf gebeurd, zit dit bij Johannes juist andersom: Johannes verandert, en dit wordt direct gereflecteerd op de wereld om hem heen, en dat is wat wij als lezer ook als eerste bemerken. Er wordt niet eindeloos in het hoofd van Johannes gedwaald (het gebeurd, maar niet overheersend), maar door de allegorische manier van schrijven zit er toch een onontkoombaar psychologisch aspect in.

Thema

Johannes heeft tijdens het opgroeien moeite met het vinden van een balans tussen de uitersten die de wereld te bieden heeft.

In principe is dit een verhaal waarin iedereen ouder dan 10 iets van zichzelf terug kan vinden; er zitten een aantal levensfasen in die onvermijdelijk zijn. De zoektocht is duidelijk en niet te miskennen, in niemand niet.

Eindwaardering

Dit boek is absoluut fantastisch. Het is een verademing om te weten dat er schrijvers zijn die zo goed mooie dingen kunnen combineren: de symboliek, het sprookje, de psychologie, etc.
Bovendien heeft Van Eeden hier een persoonlijk maar ook universeel verhaal neergezet. De zoektocht naar de persoonlijkheid, het vinden van een balans, dat is iets waar veel mensen zich mee bezig moeten houden.
Voor mij is één van de doorslaggevende dingen toch wel het taalgebruik. Het lyrische gewauwel van iemand met een gigantisch vocabulaire doet wel wat voor me, en dit in combinatie met de wat verouderde woorden maakt het geheel een plaatje. Wat mij betreft, één van de hoogste literaire hoogstandjes.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Andere verslagen van "De kleine Johannes door Frederik van Eeden"