De kleine Johannes door Frederik van Eeden

Beoordeling 4.8
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • 6e klas vwo | 2133 woorden
  • 14 augustus 2006
  • 22 keer beoordeeld
  • Cijfer 4.8
  • 22 keer beoordeeld

Eerste uitgave
1887
Pagina's
160
Geschikt voor
bovenbouw havo/vwo
Punten
2 uit 5
Oorspronkelijke taal
Nederlands
Literaire thema's

Boekcover De kleine Johannes
Shadow

Ik zal je iets van de kleine Johannes vertellen. Het heeft veel van een sprookje, mijn verhaal, maar het is toch allemaal echt gebeurd. De kleine Johannes is een uniek hoogtepunt in de Nederlandse literatuur. Vertaald in tientallen talen, onderwerp van talloze studies en boekverslagen van scholieren heeft het zichzelf bewezen als een klassiek werk dat met het verstrij…

Ik zal je iets van de kleine Johannes vertellen. Het heeft veel van een sprookje, mijn verhaal, maar het is toch allemaal echt gebeurd. De kleine Johannes is een uniek hoogtepunt i…

Ik zal je iets van de kleine Johannes vertellen. Het heeft veel van een sprookje, mijn verhaal, maar het is toch allemaal echt gebeurd. De kleine Johannes is een uniek hoogtepunt in de Nederlandse literatuur. Vertaald in tientallen talen, onderwerp van talloze studies en boekverslagen van scholieren heeft het zichzelf bewezen als een klassiek werk dat met het verstrijken van de tijd zijn glans heeft behouden. Deze hertaling heeft de hindernissen die opgeworpen werden door het negentiende-eeuwse taalgebruik opgeheven. In sprankelende taal worden de ontwikkelingsfasen van de kleine Johannes verbeeld door personages die de natuur, de liefde, het geluk, de kennis, het spirituele en de vluchtigheid van het leven vertegenwoordigen. De herkenbaarheid en de diepte van dit klank- en kleurrijke sprookje is in al haar eenvoud zo schitterend dat het blijft fascineren.

De kleine Johannes door Frederik van Eeden
Shadow
ADVERTENTIE
Help nu jouw favoriete goede doel door jouw mening te geven!

Hoe? Heel simpel. Geef je op voor het panel van Young Impact en geef jouw mening over diverse onderwerpen zoals gelijke kansen, diversiteit of het klimaat. Voor iedere ingevulde vragenlijst (+/- 1 per maand) ontvang je een bedrag dat je direct mag doneren aan een goed doel naar keuze. Goed doen was nog nooit zo easy!

Meld je aan!
Titel: De kleine Johannes
Auteur: Frederik van Eeden
Uitgever: Manteau
Plaats van uitgave: Den Haag
Eerste druk: 1887
Gelezen druk: Achtste druk
Jaar van gelezen druk:1977

Korte motivatie van de boekkeuze:
Ik heb dit boek gekozen omdat ik nog een boek moest lezen van tussen 1880 en 1945. Dit boek leek me het leukste boek dat de mediatheek had van die periode.

Fictie en werkelijkheid:
Het verhaal is fictie, er komen fictieve figuren in voor als elven en kabouters.

Spanning en open plekken:
Het boek is niet spannend, eerder eentonig. Er komen ook geen open plekken in voor.


Personages:
Johannes: Hij is de hoofdpersoon. In het verhaal zie je hem opgroeien en van alles leren van fictieve figuren.

Windekind: De elf die Johannes begeleid in zijn kindertijd en hem alles leert over het planten en dierenrijk.

Wistik: De meest wijze kabouter, hij spoort Johannes aan tot het zoeken van een boekje waar alles instaat dat waar is.

Robinetta: De eerste (enige) liefde van Johannes.

Pluizer: Hij leert Johannes over alles dat met leven en vooral dood te maken heeft. Pluizer minacht gevoelens.

Dokter Cijfer: Leerling van Pluizer, hij zet alles om in cijfers en kent eigenlijk geen gevoelens.

Hein: De dood, eerst in Johannes bang voor hem, later wil hij dat de dood hem meeneemt zodat hij Windekind weer terug kan vinden.


Opbouw en structuur:
Het verhaal speelt zich af in gewone volgorde, van kind tot volwassenheid (hoewel niet duidelijk is hoe oud Johannes is aan het eind van het verhaal). Soms zijn er flashbacks naar de kindertijd.

Tijd:
Het verhaal wordt in de verleden tijd verteld, er wordt op geen enkel moment een tijdsaanduiding geven met betrekking tot wanneer het verhaal zich afspeelt.

Thema, motieven, motto:
Het boek heeft verschillende thema’s namelijk: opgroeien, tegenstelling tussen stad en natuur en de essentie van het leven. Een motief of motto heb ik niet kunnen ontdekken.

Vertelsituatie, perspectief:
Het verhaal wordt verteld door een alwetende verteller.

Ruimte:
Het verhaal speelt zich af in de vrije natuur en in de stad. De verschillen tussen die plaatsen worden duidelijk aangeven. Zo is de natuur prachtig en is men er gelukkig, in de stad is het vies, groot en kan Johannes zich niet voorstellen dat mensen er gelukkig zijn.

Stijl:
Het verhaal wordt verteld door een alwetende verteller die meer weet dan Johannes. Hij beschrijft soms dingen door de ogen van Johannes maar soms ook zoals hij ze ziet.

Grondige beschrijving van mijn leeservaringen:
Ik vond ‘De kleine Johannes’ een redelijk leuk boek. Het eerste gedeelte van het verhaal, als Johannes bij Windekind is, vind ik het leukst. Daarna wordt het minder en minder. Het laatste gedeelte, bij Pluizer en dokter Cijfer, vind ik het minst leuk. Dat komt omdat ik vooral hou van vrolijke verhalen en boeken en het laatste stuk van het verhaal behoorlijk deprimerend is.

Opdracht met spreekwoorden:
Kinderen en dronken mensen zeggen de waarheid
Betekenis: zeggen wat je denkt, ongeremd zijn. Dit spreekwoord past bij het verhaal omdat Johannes een aantal keren dingen zegt/doet die hem in de problemen brengen. Hij is soms te ongeremd.

Groene krieken worden rood, kleine kinders worden groot Betekenis: alles is aan veranderingen onderhevig. Past bij het verhaal omdat je Johannes ziet veranderen naarmate hij ouder wordt.

Hij bevindt zich tussen zwijn en big
Betekenis: de periode tussen kind zijn en volwassen zijn. Past bij het verhaal omdat de periode tussen kind en volwassen zijn wordt beschreven in het verhaal.

Het ei wil wijzer zijn dan de kip
Betekenis: Kinderen willen het beter weten. Past bij het verhaal omdat Johannes ook alles wil weten. Zeker als hij Wistik tegenkomt wil hij de waarheid over alles weten.

Hij ziet de wereld voor een doedelzak aan
Betekenis: kinderen zijn vaak naïef. Past bij het verhaal omdat Johannes ook vaak naïef is, zo gaat hij ervan uit dat bijvoorbeeld scholen in het dierenrijk precies hetzelfde zullen zijn dan bij de mensen, terwijl dat niet het geval is.

Op de boer wonen
Betekenis: niet in de stad wonen. Past bij het verhaal omdat Johannes op het platteland woont, en zich daar ook het meest thuis voelt. In de stad voelt hij zich niet op zijn gemak.

Aan de leiband lopen
Betekenis: niet zelfstandig zijn. Dit past bij het verhaal omdat Johannes steeds een ander volgt (Windekind, Wistik, Pluizer) en niet zelf beslist wat hij wil doen. Vooral als hij bij Pluizer is, hij is daar ongelukkig en wil er weg maar doet het niet. Hij neemt zelf geen initiatief.

De dood komt als een dief in de nacht
Betekenis: de dood komt onverwacht. In het verhaal gaat de vader van Johannes dood, terwijl Johannes daar helemaal nog niet op had gerekend. Ook duikt Hein (de dood) steeds onverwacht op.

De dood heeft geen kalender.
Zelfde betekenis en past hetzelfde in het verhaal als het spreekwoord hierboven.

Van brood alleen kan de mens niet leven.
Betekenis: de geest moet ook worden gevoed past bij het verhaal omdat Johannes ook meer wil dan alleen leven, hij wil ook veel dingen weten en leren.

Evaluatie:
Ik vond ‘De kleine Johannes’ best een leuk boek. Vooral het eerste gedeelte was leuk, later wordt het verhaal steeds zieliger. Vooral het gedeelte waar Johannes bij Pluizer en dokter Cijfer is vond ik niet leuk, het is te deprimerend. De stukken met Windekind vond ik het leukst.

Samenvatting:
Johannes woont in een oud huis met een grote tuin. Tijdens zijn wandelingen met zijn vader stelt hij vaak domme vragen ('waarom is de wereld zoals zij is?'). Hij bidt vaak om een wonder, waarvan hij weet dat het er ooit aan zal gaan komen.

Als Johannes met zijn hond Presto op de vijver drijft komt er een blauwe waterjuffer aan die verandert in een elf. Hij heet Windekind en wil Johannes z'n vriend worden, op voorwaarde dat Johannes nooit zijn naam aan een mens vertelt. Door een kus van Windekind wordt Johannes kleiner en verstaat plotseling de taal van planten en dieren. Windekind zal hem de wonderen der natuur laten zien, beter dan de schoolmeesters doen. In een krekelschool leert Johannes dat krekels bovenaan alle dieren staat omdat ze kunnen vliegen, springen en kruipen. En de mens staat zeer laag omdat het dat niet kan. Hierna voert Windekind hem naar een feest in een konijnehol, ten bate van dieren die het slachtoffer zijn geworden van mensen. Johannes krijgt van de elvenkoning Oberon een gouden sleuteltje, dat op een kistje past waarin schatten zitten. Ze verlaten het feest als Johannes begint te lachen om de manier waarop de dieren dansen. Ze vallen buiten in slaap.

De volgende dag begint Presto Johannes te zoeken, hij vindt hem in de duinen. Johannes denkt dat hij gedroomd heeft maar vindt het sleuteltje in zijn hand. Thuis moet Johannes zijn vader beloven niet meer weg te lopen, maar Johannes wil niks beloven. Op school heeft Johannes zijn hoofd er niet bij. Na een paar dagen ontmoet hij Windekind weer en samen gaan ze het sleuteltje veilig opbergen omdat Johannes zijn wasdag eraan kwam en dan zijn sleuteltje zichtbaar zou zijn en zijn vader hem dan thuis zou houden.

Na drie weken wil Johannes Windekind zien en een duif geeft hem een veertje waardoor hij kan vliegen. Duiven leiden hem naar Windekind en samen bezoeken zij de mieren. De mieren bereiden zich voor te strijden tegen de Strijdmieren (zij noemen zichzelf Vredemieren, maar alle mieren zijn even oorlogszuchtig en noemen zichzelf zo). In het bos ziet Johannes hoe een groep mensen de rust verstoort. Daardoor wordt Johannes bedroefd en besluit bij Windekind te blijven.

Windekind vertelt Johannes over de kabouters en Johannes wil ze zien. Hij ontmoet Wistik die een kruisspin uit een boekje voorleest over Kribbelgauw, de held van de kruisspinnen. Kribbelgauw is in de boekjes voor andere dieren juist een monster. Johannes wil weten in welk boekje de waarheid staat. Wistik weet van een 'waar boekje, hij zoekt er al zijn hele leven naar. Wistik verdwijnt en Windekind zegt dat dat boekje niet bestaat en dat hij niet naar Wistik moet luisteren, maar Johannes blijft over dat boekje denken.

Windekind zegt dat Wistik al veel mensen naar dat boekje heeft laten zoeken en hen zo ongelukkig gemaakt. Maar Johannes wil antwoorden op zijn vragen en gaat terug naar Wistik. Wistik zegt dan 'Mensen hebben het gouden kistje, elfen hebben de gouden sleutel, elvenvijand vindt het niet, mensenvriend slechts opent het. Lentenacht is de rechte tijd, en roodborstje weet de weg.' Johannes denkt dat hij de aangewezen persoon is het kistje te vinden, gaat terug naar Windekind maar vindt hem niet.

Johannes dwaalt verdrietig door het bos. Hij komt aan bij een tuinman, waar hij mag blijven gedurende de winter. Daar lezen ze uit een boek waarin over God gesproken wordt, maar dit is volgens Johannes niet het 'ware boekje.

In de lente ontmoet hij een blond meisje, Robinetta met haar roodborstje. Hij brengt een leuke tijd met haar door. Wistik herinnert Johannes eraan het boekje te vinden. Robinetta zegt te weten waar het is.

Robinetta's vader laat Johannes de bijbel zien in de veronderstelling dat dat het boek is waar Johannes naar zoekt. Maar Johannes zegt dat dat niet het ware boek is want anders zou er vrede zijn en dat is er niet. Hij zegt dat hij geen eerbied heeft voor God. De vader wordt kwaad en stuurt Johannes weg. Johannes gaat dan het boekje zoeken maar vindt het niet. Hij vindt wel het mannetje Pluizer. Hij zegt dat hij een vriend van Wistik is en meer weet dan Wistik. Hij zegt dat Windekind nog veel dommer is dan de kabouter. Johannes zou alle gedroomd hebben. Alleen hij, Pluizer, bestaat echt en zal Johannes helpen het 'ware boekje te vinden.

Als Johannes wakker wordt is hij in een kamertje van Pluizer in de stad. Hij ontmoet Pluizer's vriend Hein. Daarna brengt Pluizer hem naar zijn leerling dokter Cijfer, die bezig een konijn te onderzoeken. Pluizer vertelt dokter Cijfer over het boekje dat Johannes zoekt. Dokter Cijfer wil Johannes wel helpen als hij sterk is en niet klein en teerhartig.

Pluizer toont Johannes de armoede en ellende van het mensenbestaan in de stad. Ze gaan naar een dansfeest en Pluizer laat de ijdelheid en verveling achter de lachende mensen zien. De rondleiding eindigt op het kerkhof. Ze worden voorgegaan door een worm en bekijken het graf van een vrouw die op het feest was van binnen. Het is nu een halve eeuw later want voor Pluizer bestaat geen tijd. Ze bezoeken een paar andere graven en op het laatst het graf van Johannes, waarop hij flauwvalt.

De volgende ochtend zijn ze terug bij dokter Cijfer en begint Johannes met leren. Hij doet dat maanden lang maar hoe meer hij leert hoe duisterder het wordt. Cijfer laat niet toe dat Johannes iets bewondert, als een bloem. Cijfer leert hem dat dat ondoelmatig is. Zijn verlangen naar Windekind en Robinetta nemen ook langzamerhand af. Ondertussen laat Pluizer hem de zinloosheid zien van alles. Johannes voelt zich hulpeloos, als een verminkt insekt die aan een touwtje zit waaraan Pluizer trekt. Pluizer zegt dat Johannes het sleuteltje met het boekje vergeten moet., hij moet net zo worden als dokter Cijfer.

In het voorjaar verlangt Johannes naar de duinen. Hij gaat naar de duinen als zijn vader op sterven ligt. Nadat zijn vader overleden is wil Pluizer hem opensnijden om te zien wat er mis was. Dan komt Johannes voor het eerst in verzet tegen Pluizer en Pluizer verdwijnt. Bij het sterfbed zit Hein en hij prijst Johannes en zegt dat Pluizer niet meer terug zal komen. Johannes wil met Hein mee maar Hein weigert: Johannes hield van mensen hoewel hij dat zelf niet wist.

Buiten ziet Johannes Windekind met het sleuteltje en rent hem achterna. Op het strand aangekomen ziet hij Windekind met Hein in een boot zitten, van de andere kant komt een mens aangelopen. Die stelt Johannes voor de keuze naar het Grote licht (in de boot) te gaan of naar de mensheid (met de gestalte). Johannes kiest voor het laatste.

Informatie over de schrijver:
Frederik van Eeden was schrijver, psychiater, huisarts en wereldverbeteraar. Hij interesseerde zich voor de ideeen van Karl Marx en probeerde die in praktijk uit. In zijn laatste levensjaren treed hij toe tot de Rooms Katholieke kerk. Hij spreekt vergaderingen toe en ontmoet andere beroemdheden, zoals Freud en Tagore. Als voorzitter van een internationale club "Groten op geestelijk gebied" wil hij oorlogen en handelsconflicten voorkomen. Als jong literator zit van Eeden in de "Nieuwe gidsgroep". Hij behoorde tot de tachtigers: wilden Nederlandse literatuur vernieuwen. Streefden naar zuiverheid, schoonheid en originaliteit.

Ander werk van deze auteur:
Grassprietjes (1885) (Onder pseudoniem Cornelus Paradijs)
Ellen, een lied van smart (1890)
Het boek van de liefde (1892)
Van de koele meren des doods (1900)
Sirius en Siderius (1912-1914)

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Andere verslagen van "De kleine Johannes door Frederik van Eeden"