De hemel van Hollywood door Leon de Winter

Beoordeling 7.4
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • 6e klas vwo | 4127 woorden
  • 12 maart 2007
  • 58 keer beoordeeld
  • Cijfer 7.4
  • 58 keer beoordeeld

Eerste uitgave
1997
Pagina's
329
Geschikt voor
vwo
Punten
2 uit 5
Oorspronkelijke taal
Nederlands
Literaire thema's

Boekcover De hemel van Hollywood
Shadow

Drie aan lager wal geraakte acteurs in Hollywood stuiten op een vreemd geheim, dat hen binnenvoert in een wereld van misdaad en leugens.

Drie aan lager wal geraakte acteurs in Hollywood stuiten op een vreemd geheim, dat hen binnenvoert in een wereld van misdaad en leugens.

Drie aan lager wal geraakte acteurs in Hollywood stuiten op een vreemd geheim, dat hen binnenvoert in een wereld van misdaad en leugens.

De hemel van Hollywood door Leon de Winter
Shadow
ADVERTENTIE
Studententijd zomerspecial

Heb jij de Zomerspecial van Studententijd de podcast al geluisterd? Joes, Steie, Dienke en Pleun nemen je mee in hun zomer vol festivals, vakanties en liefde. En kijken ook alvast vooruit naar de introductietijd van het nieuwe collegejaar. Luister lekker mee vanaf je strandbedje, de camping of onderweg. 

Luister nu!
Zakelijke gegevens

Auteur
Het boek is geschreven door Leon de Winter.

Titel
De titel van het boek is De hemel van Hollywood. Het is uitgegeven in de serie Grote Lijsters, Wolters-Noordhoff, 2003. 285 bladzijden. Eerste uitgave: 1997, De Bezige Bij, Amsterdam.

Genre
Het boek is een misdaadroman.

Motto
Ik weet niet op welk moment we ons gevoel en belangstelling voor de werkelijkheid verloren hebben, maar op een bepaald moment werd besloten dat de werkelijkheid niet de enige optie was; dat het mogelijk was, toegestaan, zelfs wenselijk om die te verbeteren; dat je het kon vervangen door een aangenamer product.
Ada Louise Huxtable, The Unreal America


Samenvatting

Deel één
Het eerste deel bestaat uit één hoofdstuk. Je merkt direct dat Leon de Winter verstand van en interesse in film heeft, want de beginzin is: “Als dit een film zou zijn, zou het openingsshot een lichtbeige overjarige Oldsmobile laten zien…” Het eerste hoofdstuk wordt voortdurend beschreven vanuit allerlei camerapunten. De Winter noemt veel filmtermen, zoals close-up, shot en point of view.
In dit hoofdstuk maken we kennis met drie mannen, een veertiger, een zestiger en een zeventiger. Ze zitten in een auto en zijn op weg naar een villa, maar het blijft geheimzinnig wie ze zijn en wat hun functie is. De zeventiger slaat een ruitje in en de mannen gaan de villa binnen, waarna ze direct doorlopen naar de kluis. In deze scène wordt duidelijk dat de veertiger Green heet. Hij heeft de sleutel van de kluis en opent deze. Dan volgt de slotzin van deel één: “Als dit een film was, dan zou nu het beeld naar zwart faden en zou in witte letters een titel verschijnen: TWEE WEKEN EERDER.”

Deel twee
Het tweede deel speelt dus twee weken eerder. Tom Green komt net uit de gevangenis, waar hij zeven maanden gezeten heeft voor fraude. Hij heeft nog 189 dollar op zak en gaat op zoek naar een voorlopige woonruimte en een baan. Die woonruimte vindt hij in het St. Martin’s Hotel, waar hij kennis maakt met de gestoorde en neurotische Charlie.
Een baan vinden blijkt echter een lastigere opgave. Telkens wordt zijn sollicitatie afgewezen omdat hij een strafblad heeft. Tenslotte biedt Robert Kant, een oude bekende, hem een baan aan, maar helaas overlijdt Kant diezelfde nacht nog. Green drinkt zich een stuk in de kraag om de teleurstelling niet te hoeven voelen en wordt in het hotel opgevangen door Jimmy Kage, net als Green een uitgerangeerde acteur. De twee zijn in vroegere tijden collega’s geweest. Kage verprutste het echter als acteur door meerdere malen dronken op de set te verschijnen. De twee gaan samen naar de begrafenis van Robert Kant en komen daar Floyd Benson tegen, een zeventiger die ook ooit een bekende acteur was, maar tegenwoordig als elektricien werkt.
Na de begrafenis gaan ze gedrieën naar Hollywood Sign en houden daar een zuippartij. Benson valt bijna in het ravijn, waarna ze op slag nuchter zijn als ze op die plek een lijk ontdekken. Tot zijn schrik herkent Benson de man doordat er een vingerkootje ontbreekt: het is Tino Rodriquez, volgens Benson een lid van een groepje gangsters. Hij legt in de villa van de gangsters een alarminstallatie aan en heeft een aantal mannen, onder wie Tino, geld zien tellen. De drie verstoppen Tino in de struiken, maar ze zijn er niet gerust op; als iemand het lijk vindt en onderzoekt, dan staan hun vingerafdrukken erop en zullen ze van moord beschuldigd worden. Daarom gaan ze de volgende dag terug, nemen Tino mee en gooien hem bij Benson in de kelder in de diepvries.

Vervolgens ontstaat er een krankzinnig plan: de drie vrienden willen het geld stelen dat de gangsters hebben buitgemaakt. Met dat geld willen ze een nieuwe film gaan maken, om hun carrière nieuw leven in te blazen. Benson is de enige die echt twijfelt, maar hij laat zich door Green en Kage overhalen. Hij is tenslotte al in de villa van de gangsters aan het werk en kan met gemak een paar microfoontjes plaatsen zodat ze de gangsters kunnen afluisteren.
Er zijn nu, zonder Tino, drie gangsters overgebleven: Rodney, Steve en Muscle. Ook Rodney’s vriendin, Paula, doet mee. De drie acteurs komen een heleboel te weten via de microfoontjes. Het geld dat Benson gezien heeft, is afkomstig uit het casino waar alle gangsters werken. Green komt er bovendien achter dat Paula zijn ex-vriendin is. Hij heeft haar al jaren niet meer gezien.
Wanneer Paula ook naar de villa komt kunnen de acteurs uit de gesprekken afleiden dat de gangsters de sleutel van de kluis kwijt zijn. Tenminste, dat denken Rodney, Steve en Muscle, maar Paula weet er meer van. Ook horen de acteurs dat Steve en Muscle Tino vermoord hebben, omdat ze dachten dat Tino de sleutel had en al het geld voor zichzelf wilde houden. Maar Tino had de sleutel niet. Rodney weet echter niets van de moord en denkt nog steeds dat Tino ervandoor is gegaan. Ondertussen vliegt Paula met een smoesje terug naar haar huis in Las Vegas.
Green gaat haar achterna, vermomd als agent, om haar uit te horen over de hele bende. Maar Paula herkent hem. Ze schrikt heel erg als ze hoort dat Tino vermoord is. Hij was een goede vriend van haar en ze deelden zelfs een huis. Het blijkt dat Paula zelf de sleutel van de kluis heeft, omdat Tino die bij haar in bewaring heeft gegeven. Nadat ze heeft gehoord dat Steve en Muscle Tino hebben vermoord, vertrouwt Paula de gangsters niet meer en kiest ze de kant van de acteurs. Dat maakt het voor hen natuurlijk veel gemakkelijker om het geld te stelen.
Ze krijgen nu ook te horen waar het idee vandaan kwam om het geld uit het casino te stelen: van Paula’s filmscript De hemel van Hollywood. Het blijkt Paula te zijn geweest die met een nepbuik deed voorkomen alsof ze zwanger was en zo het geld kon smokkelen. Steve en Muscle werkten als bewakers in het casino, maar lieten Paula natuurlijk gewoon voorbij lopen. In elk geval lijkt het plan van de acteur om het geld te stelen te gaan slagen. Benson wil echter niet langer een film maken. Hij heeft andere plannen, aangezien er leverkanker bij hem is geconstateerd. Hij wil naar Marokko om daar te sterven.
Verkleed als rechercheurs gaan de drie acteurs naar de villa. Ze fokken de gangsters enorm op door te zeggen dat ze de volgende dag naar het politiebureau moeten komen. Wanneer de acteurs weer weg zijn, krijgen de gangsters ontzettende ruzie. Ze hebben inmiddels in de gaten dat Paula de sleutel van de kluis heeft en willen naar haar toe gaan om de sleutel hoe dan ook terug te krijgen. Steve biedt aan om in de villa op de kluis te passen, maar dat vat Rodney verkeerd op. Hij verdenkt Steve ervan dat die er met het geld vandoor wil gaan. De ruzie loopt volledig uit de hand en eindigt ermee dat Rodney Steve en Muscle doodschiet.
De acteurs en Paula horen dit allemaal via de microfoontjes. Paula belt Rodney en zegt dat een vriend van Tino de sleutel heeft. Rodney trapt erin en gaat meteen op weg naar die vriend. De acteurs denken dat ze vrij baan hebben en gaan op weg naar de villa. Paula en Charlie staan op de uitkijk terwijl de acteurs in de villa inbreken. Ze hebben de kluis net geopend als Rodney in de deuropening staat. Hij heeft zich gerealiseerd dat Benson helemaal geen rechercheur was, maar de elektricien en een ex-acteur. Hij drukt zijn pistool tegen Bensons hoofd, maar Kage is sneller en schiet Rodney neer.
Het plan is geslaagd: ze halen de kluis leeg en verdelen de vier miljoen dollar. Benson vertrekt naar Marokko, Kage ontmoet een vrouw met wie hij weggaat en Tom Green en Paula leven nog lang en gelukkig.

Deel 3
Het boek lijkt dus een happy end te hebben, maar dan begint deel drie pas. Dit deel speelt elf maanden later. In Zuid-Frankrijk zit een zekere Frederick Smith in een hotel. Hij wordt verbrand aangetroffen na drie dagen vermist te zijn geweest. Justitie komt erachter dat Frederick Smith in werkelijkheid Tom Green is, de zoon van Max Grünfeld, waar Smith een foto van had. Dat is zijn Nederlandse naam; Thomas Grünfeld. Hij heeft zelf een biografie geschreven, vlak voor hij dood wordt aangetroffen. Thomas vertelt daarin over zijn jeugd, zijn vader die hij pas leerde kennen op zijn elfde. Hij heeft geen gelukkige jeugd en vertrekt als hij volwassen is naar Amerika. Zijn vader overlijdt en Thomas erft een fortuin. Dan noemt hij zich Tom Green, neemt afstand van de erfenis en vertrekt naar Los Angeles om acteur te worden.
Vervolgens zien we hoe Charlie de heisa rond de drie moorden en de open, lege kluis in de media meemaakt. Hij gaat op onderzoek uit. Hij praat met een producent, die overeenkomsten ziet in Tom Green’s script De hemel van Hollywood en dat wat er werkelijk gebeurd is. De voormalig financieel adviseur van Green ontvangt een pakje van hem met een treatment, een soort script, erin. Het wordt duur verkocht aan een filmstudio.
Benson’s bloed is bij de kluis aangetroffen en de FBI vermoedt dat hij daar is vermoord. Charlie verneemt dat Rodney Benson heeft neergeschoten in het ogenblik dat hij zelf neergeschoten werd. Green en Kage hebben Benson begraven in zijn tuin. Het is niet zeker of Green nog in leven is of niet. Het kan zijn dat het verbrande lijk toebehoort aan Tino, zegt de FBI. Er zijn verschillende theorieën over wie het treatment heeft geschreven: Paula (die in werkelijkheid Vanessa Wallace heet), Tino of Green zelf. Zij zijn alledrie spoorloos verdwenen en het wordt ook niet duidelijk wiens lichaam er nu in Frankrijk gevonden is; Tom Green of Tino.

Verhaaltechniek

Ruimte
Het grootste deel van het verhaal speelt zich af in Hollywood. Het gaat dan om verschillende locaties: het huis van Benson met de vrieskist in de kelder, de hotelkamer van Green, de villa van de gangsters enzovoorts. De ruimte is niet van wezenlijk belang; ze heeft geen extra betekenis die bijdraagt aan het verhaal. Er wordt gewoon gebruik gemaakt van bepaalde locaties.
Het boek speelt zich in het midden van de jaren ’90 af. Er wordt gebruik gemaakt van een aantal technische middelen, zoals de microfoontjes die Benson plaatst. Computers en mobiele telefoons worden niet expliciet genoemd, waardoor je weet dat het verhaal zich niet anno 2006 afspeelt. Ik denk dat De Winter het verhaal gewoon heeft laten spelen in de tijd waarin hij het boek schreef. Dat was voor voor 1997.
De vertelde tijd is ongeveer anderhalf jaar. Dan reken ik de tijd tussen het tweede en het laatste deel mee, de elf maanden. Er is sprake van tijdsverdichting in deel twee. Dat neemt maar twee weken in beslag, maar wordt over zeer veel bladzijdes uitgespreid. In deel drie is er juist sprake van tijdsversnelling: het onderzoek van de FBI wordt veel minder uitgebreid beschreven, terwijl dit veel langer duurt dan slechts twee weken.
Het verhaal wordt niet volledig chronologisch verteld, aangezien deel één een vooruitwijzing bevat. Na deel één gaat het verhaal twee weken terug, dus kan het geen chronologische verhaallijn meer genoemd worden.
Het boek heeft, mede door die vooruitwijzing, een opening-in-de-handeling. Je valt als lezer meteen het verhaal binnen, op het moment dat de drie acteurs naar de villa willen gaan.

Verhaalpersonen

Tom Green
Tom Green, die oorspronkelijk Thomas Grünfeld heette, is de hoofdpersoon in het boek. In zijn autobiografie (in deel drie) wordt duidelijk dat hij de zoon is van Max Grünfeld en zijn huishoudster Jannetje Bergman. Hij leert zijn vader pas kennen op zijn elfde, maar dat is geen gelukkige kennismaking: Max zorgt ervoor dat zijn zoon een Joodse opvoeding krijgt in verschillende pleeggezinnen. Thomas rolt in het filmwereldje en vertrekt zo gauw hij volwassen is naar Hollywood, waar hij zich Tom Green laat noemen.
Op het moment dat het boek zich afspeelt, is Tom Green allang niet meer succesvol. Hij is een uitgerangeerde acteur die nergens meer werk krijgt en in de gevangenis heeft gezeten wegens fraude. Hij is ongeveer veertig jaar. Wat Green het liefste wil, is een nieuwe film maken om weer hogerop te komen.
Qua karakter is Green een vrij nuchtere man. Hij laat niet vlug zijn emoties de vrije loop, behalve wanneer hij terugdenkt aan zijn ex-vriendin Paula. Hij heeft nog steeds veel gevoelens voor haar. Green is niet bepaald bang aangelegd. Hij heeft veel vertrouwen in het plan om de gangsters van hun buit te bestelen en deinst daarbij ook nergens voor terug.

Jimmy Kage
Kage is een bijpersoon in het boek. Hij is dus een flat character: je komt niet veel over hem te weten. Hij is rond de zestig jaar en, net als Green, een uitgerangeerde acteur. Kage komt nergens meer aan de bak.
Het enige wat je over Kage’s karakter te weten komt, is dat hij nogal vlug nerveus is. Hij wordt overal zenuwachtig van en kan helemaal niet tegen al het gedoe met het lijk van Tino. Aan het einde van deel twee overwint Kage zichzelf door Rodney dood te schieten.

Floyd Benson
Ook Benson is een bijpersoon. Hij is rond de zeventig jaar, eveneens een ex-acteur en hij werkt tegenwoordig als elektricien. Op die manier is Benson de schakel naar het plan van de acteurs: hij werkt in de villa van de gangsters en weet daarom dat ze veel geld hebben buitgemaakt. Van daaruit ontstaat het plan om dat geld te stelen.
Over Bensons karakter kom je niet veel te weten. Hij is, net als Kage, een flat character. Benson heeft leverkanker en dat schopt zijn plannen met het geld in de war. Hij wil niet langer een film maken, maar gaat liever naar Marokko om daar te sterven. Dat lijkt hem namelijk een mooie dood: de woestijn inlopen en nooit meer terugkomen.

Paula Carter
Paula is de ex-vriendin van Tom Green en het huidige liefje van Rodney. Paula heeft allerlei baantjes gehad: actrice, serveerster, kamermeisje, prostituee, enzovoorts. Tegenwoordig werkt ze in het casino. Paula is degene die via haar script een plan heeft bedacht om het casino op te lichten. Ze is goed bevriend met Tino en ze delen zelfs samen een huis. In eerste instantie lijkt ze geen relatie met Tino te hebben. Uiteindelijk ziet Paula in hoe slecht de gangsters zijn en kiest ze de kant van de acteurs.
In deel drie wordt het natuurlijk weer verwarrend: Paula zou in werkelijkheid Vanessa Wallace heten en tóch een relatie met Tino hebben. Aan het eind van het boek is ze spoorloos verdwenen. Hoewel ze in deel drie ervan beticht wordt de oorzaak te zijn van alle moorden, wordt het niet duidelijk wie Paula nu werkelijk is en waar ze gebleven is.

Rodney Diagicomo
Rodney is de leider van het groepje gangsters. Hij woont samen met Steve en Muscle in een villa, waar ook de kluis is. Rodney wordt neergezet als een karikatuur van een gangster: Italiaans uiterlijk, geniepige oogjes, patserig gouden horloge om de pols… Het prototype macho. Hij komt heel patserig over.
Rodney vertrouwt niemand en komt in het boek niet bepaald over als een slim persoon. Hij heeft een relatie met Paula, maar dat gaat hem eigenlijk alleen om de seks en om het feit dat Paula makkelijk geld kan stelen uit het casino. Paula als persoon laat hem koud.

Tino Rodriquez
Tino komt alleen als lijk voor in het boek, maar speelt wel een tamelijk belangrijke rol: door zijn dood komen de acteurs op het idee om het geld te gaan stelen. Tino woonde samen met Paula in een huis en zou homo zijn, maar in deel drie wordt het tegendeel beweerd. Tino bezat als enige een sleutel van de kluis en is daarom vermoord, hoewel hij de sleutel even daarvoor bij Paula in bewaring had gegeven.

Steve en Muscle
Steve heet eigenlijk Steven Banelli en Muscle heet Mark Fredericks. Samen met Rodney vormen ze het clubje gangsters, maar het is duidelijk dat Rodney boven hen staat. Ze werken beide in het casino en wonen samen met Rodney in de villa. Zij zijn degenen die Tino vermoord hebben. Wanneer Rodney daarachter komt, doodt hij ze in een vlaag van paniek allebei.

Charlie
Charlie is een gestoorde man die Green in het hotel ontmoet. Hij is panisch en neurotisch. Uiteindelijk krijgt Green hem zover dat hij aan het plan meewerkt door op de uitkijk te gaan staan.
In deel drie wordt duidelijk dat Charlie een journalist is die drugsverslaafd is. Hij ontdekt dat er een aantal moorden gepleegd zijn, onder andere op de acteurs, en probeert deze samen met een detective op te lossen. Dat lukt uiteindelijk niet: het wordt niet duidelijk wie het lijk in Frankrijk is en waar Paula en Tino gebleven zijn.

Vertelwijze
Het boek heeft een wisselend perspectief. In het eerste deel wordt het verhaal beschreven vanuit een filmisch perspectief, een vorm van een auctoriaal perspectief. Er is wel een alwetende verteller, maar wat die ziet wordt beschreven vanuit allerlei verschillende camerapunten.
Deel twee wordt verteld vanuit een hij-perspectief, namelijk dat van Tom Green. Alles wordt vanuit zijn ogen bekeken en je komt alleen zijn gedachten en herinneringen te weten.
Het derde deel heeft een ik-perspectief, namelijk dat van Charlie. Hij vertelt in deel drie het verhaal en je komt alleen zijn gedachten te weten.

Motieven
Het eerste motief voor het verhaal is de filmwereld. Daar hangt alles mee samen: het vroegere leven van de drie acteurs, de plaats waar het verhaal zich afspeelt, maar vooral het plan om het geld te stelen. Ze willen dat namelijk gebruiken om een nieuwe film te maken en weer hogerop te komen in de filmwereld. Het plan komt voor het eerst ter sprake in het volgende fragment:

“U kunt morgenochtend een microfoontje inbouwen,” zei Green. Het was een brutale gedachte, maar Green voelde de verleidelijke gloed van die daad.
“Je bent niet goed bij je hoofd,” reageerde Kage vanaf de achterbank.
“Meneer Green, wat hebben we daaraan?” vroeg Benson.
“We moeten te weten komen waar het geld is.” Er zat een kleine trilling in Greens stem. Hij was zenuwachtig en kwetsbaar, naakt in zijn ideeën.
“En dan?”
“Dan stelen wij het.”
(Blz. 90)

In het volgende fragment wordt er voor het eerst gesproken over het idee om een film te maken, wanneer het geld eenmaal gestolen is:

“Je gelooft er niet in?” vroeg Jimmy Kage, bang voor Greens antwoord.
Green zag hem slikken en naar de verste verten van de boulevard staren. Gelukkig had Jimmy zijn sigaret, die hem een houding kon geven.
“Jij wel dan?”
“Ja,” antwoordde Jimmy droog.
Green zei: “Het spijt me dat ik je zo teleurstel.”
Het was even stil, Kage draaide zijn rug naar Green, zwaar ademend, en zei toen: “Je kunt er niks aan doen. Je bent gewoon een zak.”
“He is onzin, Jimmy. Tienduizend dollar? Echt niet. Niet op de manier die wij gewend waren. Jimmy, we zijn geen jonge honden van tweeëntwintig meer! Jij bent een senior citizen en ik ben een verdwaasde zak die zijn leeftijd ontkent en nog net genoeg geld heeft om een paar dagen te overleven! Dan moet ik gaan stelen.”
“We kunnen een film maken. Zelfs met maar tien mille.”
“Jimmy, ik geloof er niet in.”
Kage draaide zich naar hem toe, met betraande ogen: “Dit is je laatste kans, man! Er komt geen werk meer naar ons toe! We liggen eruit! Ik heb mijn fouten gemaakt en jij minstens zoveel! Voor ons zijn er honderden, duizenden anderen, want wij zijn een bedrijfsrisico dat niemand wil dragen! Ze vreten ons niet meer! En daarom vreten wij niet meer als dit nog langer duurt!”
(Blz. 96)

Het tweede motief is een identiteitscrisis. Die slaat vooral terug op Tom Green, hoewel ook Kage en Benson ermee te maken hebben. Het gaat om het zoeken naar jezelf: wie ben je en wat wil je in het leven bereiken? In het onderstaande fragment beslist Max Grünfeld dat zijn zoon van de een op de andere dag als een jood moet worden opgevoed en dat hij de naam Grünfeld moet krijgen. Dat is de aanleiding voor Greens latere identiteitscrisis.

“Je moeder en ik, wij hebben besloten dat je vanaf nu een andere naam krijgt.”Hij keek nu weer naar Thomas: “De naam van je vader. Van mij. Je heet voortaan Thomas Grünfeld. De tijd van Thomas Bergman is voorbij. En je krijgt een andere opvoeding. Je bent een joods kind.”
(Blz. 255)

Een derde motief is het verschil tussen de realiteit en alles wat nep is. Dat komt vooral terug in het derde deel van het boek. Er wordt gespeculeerd dat bepaalde dingen niet waar zijn, maar alleen in een script zijn geschreven. Dat zorgt voor heel veel verwarring. Je vraagt je als lezer telkens af: wat is nu de waarheid en wat is ontstaan in de filmwereld van Tom Green? Onderstaand fragment is hier een voorbeeld van:

Forensisch onderzoek van het lichaam in Menton toonde aan dat het laatste kootje van de linkerpink en de gehele ringvinger van de rechterhand ontbraken.Navraag bij het casino leerde dat Tino Rodriquez geen enkele misvorming aan zijn handen had.
(Blz. 277)

Thema
Het thema van De hemel van Hollywood is zoeken naar de werkelijkheid. Dat is op verschillende manieren uit te leggen.
Ten eerste kan dat thema natuurlijk heel letterlijk genomen worden. In het derde deel van het boek wordt onderzocht wat er nu echt gebeurd is omtrent de acteurs en de gangsters. Wie heeft wie vermoord en waar zijn Paula en Tino? Charlie probeert in het derde deel van het boek erachter te komen hoe de werkelijkheid in elkaar steekt.
Ten tweede is ook Tom Green zoekende, en wel naar zijn eigen werkelijkheid. Wie is hij? Wat wil hij in zijn leven? Is hij nu christelijk of joods? Op deze vragen probeert Green onbewust het antwoord te vinden.
Tenslotte kan ik zeggen dat ook de filmische aspecten van het boek met de ‘werkelijkheid’ te maken hebben. Een film is tenslotte nooit echt, ook al wordt er gezocht naar manieren om het allemaal zo echt mogelijk te laten lijken. Dat is dus opnieuw een manier om naar een bepaalde werkelijkheid te zoeken. Je ziet dit ook terug in het motto. Wanneer het tweede deel van het boek daadwerkelijk een treatment is en geen echte gebeurtenis, dan is De Winter er heel goed in geslaagd een werkelijkheid weer te geven die uiteindelijk nep bleek te zijn.

Titelverklaring
De titel De hemel van Hollywood is op twee manieren uit te leggen. Ten eerste verwijst de titel naar de naam van het script dat Paula geschreven heeft. Vanuit dat script ontstond het plan van de gangsters om het geld uit het casino te stelen. Het script heeft dus een belangrijke functie in het boek.
Ten tweede kan de titel van het boek iets minder letterlijk worden opgevat. Wanneer het de acteurs eindelijk lukt om het geld te stelen (aangenomen dat dat daadwerkelijk gelukt is, want deel drie trekt dat weer in twijfel), komen ze in een soort hemel terecht. Met dat geld kunnen ze alles doen en laten wat ze willen. Aangezien het verhaal zich in Hollywood afspeelt, is de titel De hemel van Hollywood goed op zijn plaats.

De schrijfstijl
De schrijfstijl van Leon de Winter is erg direct. Het boek is vlot geschreven en leest daardoor ook makkelijk weg. Er worden geen moeilijke woorden of lange, ingewikkelde zinnen gebruikt. Wat ik leuk vond, was de wisseling van het perspectief in de drie verschillende delen. Dat maakt het boek afwisselend.
De Winter maakt soms gebruik van beeldspraak. Dat vind ik een absolute toevoeging aan een boek: als een verhaal alleen maar rechttoe-rechtaan verteld wordt is dat erg saai. Een paar voorbeelden van beeldspraak zijn terug te vinden in het onderstaande fragment.

En Green had moeite om de vertwijfeling over haar script, de angst dat het nooit zou lukken, de onzekerheid over haar talent, uit haar ogen te praten.
Het was een bekend refrein waar hij tegenin moest zingen. Hij kende de melodie uit het hoofd. Maanden van totale betrokkenheid op elkaar losten geleidelijk op in weken van teruggetrokken gedachten, steeds minder hoorbare woorden, steeds meer onuitgesproken monologen. Ook Green had moeite om overeind te blijven in de voortstormende horden acteurs die de stad platbrandden.
(Blz. 150)

De beeldspraak die De Winter gebruikt komt meestal terug in de gedachten en overpeinzingen van Green en vrijwel nooit in de dialogen. Dat zou de dialogen ook maar onnatuurlijk maken.
Verder gebruikt De Winter een goede afwisseling van monologen en dialogen. De monologen zijn veelal de gedachtestromen van Green, die vaak nogal peinzend en memorabel zijn. De dialogen daarentegen, zijn levendig en daarom leuk om te lezen.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

B.

B.

chill samenvatting, ik heb er erg veel aan gehad

9 jaar geleden

Andere verslagen van "De hemel van Hollywood door Leon de Winter"