De komende twee weken zijn 'seksweken' op Scholieren.com. Samen met de Sense Infolijn geven we antwoord op al jouw seksvragen.

 


Alles over seks Alles over seks


ADVERTENTIE
Geslaagd? Doneer je verslagen We zijn heel trots op je, supergoed gedaan. Waarschijnlijk ga je Scholieren.com nu voorgoed verlaten. Wil je ons nog bedanken voor 4, 5 of 6 jaar trouwe dienst? Upload dan nu al je verslagen en samenvattingen voor de generaties scholieren die na jou strijden voor dat diploma.

Nu uploaden

BennyLindelauf is geboren op 15 December 1964 in Sittard. Hij woont nu in Rotterdam.

Hij studeerde inrichtingswerk aan de Mikojelacademie en hij studeerde dans aan de Theaterschool in Amsterdam.

Benny Lindelauf maakte zijn eerste boekdebuut in 1998 met het boek ‘Omhoogvaldag’. Daarna heeft hij nog vele boeken geschreven. In 2004 schreef hij het boek ‘Negen Open Armen’, hiermee won hij vele prijzen waaronder de ‘Gouden Zoen’. Het boek ‘Hemel van Heivisj’ schreef hij in 2010 en dit boek is een vervolg op het boek ‘Negen Open Armen’. Met het boek ‘Hemel van Heivisj’ heeft hij ook vele prijzen gewonnen waaronder de ‘Woutertje Pieterse Prijs’.

Titelverklaring 

De titel van het boek is ‘De hemel van Heivisj’. Het woord Heivisj betekent naar huis. Het paard Heivisj had altijd licht nodig, helder licht net als de hemel. Toen de ‘Zwartjassen’ het licht van Heivisj doofden sloeg hij op hol en hij zorgde ervoor dat Fing en Liesl konden ontsnappen en dus naar huis konden.

Het boek heeft geen ondertitel en ook geen motto.

Eerste verwachtingen

Ik heb dit boek gekozen op aanraden van mijn lerares. Toen ik de achterflap las:

Zuid Limburg, 1938. Fings droom is zojuist in duigen gevallen. In plaats van dat ze mag doorleren voor onderwijzeres, moet ze gaan werken bij de Sigarenkeizer. Het werk stelt niet veel voor: ze wordt oppas van Liesl, het eigenaardige joodse nichtje van de vrouw van de baas. Maar dan breekt de Tweede Wereldoorlog uit en Liesl blijkt in groot gevaar. De enige die haar kan helpen is Fing. Als het noodlot afwendbaar lijkt, krijgt Fing op wonderbaarlijke wijze hulp. Niet van mensen maar van een mijnpaard genaamd Heivisj en een stokoude linde. Maar zal de redding op tijd zijn?

Ik verwachtte dat het een spannend verhaal zou zijn. Ook verwachtte ik dat Liesl en Fing goede vriendinnen zouden worden en dat Liesl een leuk meisje zou zijn om mee te spelen.

Mijn verwachtingen zijn wel en niet uitgekomen, Liesl bleek geen leuk meisje te zijn, eerst niet, maar later werd ze wel dankbaarder en dat maakte haar een mooier persoon. Het verhaal was wel spannend om te lezen, soms durfde ik niet verder te lezen, omdat ik bang was dat er iets vreselijks zou gebeuren met Liesl en Fing. Ik ben blij dat ik het gelezen heb, ik vond het een mooi verhaal.

Samenvatting

Deel 1 

Het verhaal begint als de hoofdpersoon Fing uitgekozen wordt door een commissie om een vervolgopleiding te volgen.  Deze commissie betaalt de opleiding. Fing is verheugd over dit aanbod maar weet dat haar oma niets van liefdadigheid moet hebben. Fing woont met haar vader, vier broers, twee zusjes en oma Mei in één huis, met de naam ‘Negen Open Armen’. Haar moeder is overleden.

Op een zaterdag hebben de directrice en Fing een afspraak bij de commissie, als ze weer buiten komen staat oma Mei daar, die is achter hun geheim gekomen en is woest. Ze neemt Fing mee naar de rijke Sigarenkeizer en zijn vrouw ‘de Pruusin’, hier kan Fing werken.

Deel 2

In deel twee wordt er vooral verteld over Fing haar tijd bij de Sigarenkeizer. Fing denkt dat ze huishoudelijk werk moet gaan doen, maar ze wordt eigenlijk ingehuurd om vriendinnen te worden

met de Pruusin haar Duits Joodse nichtje Liesl. Liesl is geen leuk meisje om mee te spelen, ze is eigenwijs en drijft altijd haar zin door. Op een dag leert Fing twee tuinjongens kennen, de één het Filip en de ander zijn naam komt ze niet achter, maar deze jongen staat bekend in het dorp als de Imbeciel. Ook leert Fing Liesl beter kennen, Liesl steelt spullen van de hoofdhuishoudster Anna.

Op een dag gaat het slecht met Jes, Fing’s zusje. Als Liesl langs komt om te kijken hoe het met Jes gaat barst Fing uit van woede. Ze vertelt Liesl dat ze wordt betaald om met haar te spelen en dat ze haar niet aardig vindt. Als Fing de volgende dag weer moet werken moet ze direct op gesprek komen. De Pruusin vertelt haar dat ze de gestolen spullen in Fing haar kast gevonden heeft en Fing is dus ontslagen.

Deel 3

In deel drie krijgt Fing een nieuwe baan, als huishoudster, bij Mejuffrouw Vroon. Mejuffrouw Vroon is niet geliefd bij iedereen in het dorp, ze heeft namelijk een NSB’er in huis wonen, meester Govaerts. Ze krijgt vaak dreigbrieven in de brievenbus en op een dag is haar kat weg. Die wordt een paar dagen later afgeleverd in een jute zak waar weer een dreigbrief in zit. De kat is ingesmeerd met taaie zwarte pek en nog een paar dagen later gaat de kat dood. Ook krijgt Fing verkering met Filip, Filip is een ‘Zwartjas’, zo wordt de jeugdaanhang van de NSB genoemd. Fing leert ook de ‘Imbeciel’ beter kennen, hij heet Bér en hij stottert. Hij is vaak te vinden op het kerkhof net als Fing, ze leren elkaar beter kennen. Op een dag zoent Fing Bér. Die nacht worden de broers en de vader van Fing opgepakt, de broers hebben in de kerktoren geklommen terwijl het na tien uur was. Ze worden samen naar een fabriek in Duitsland gestuurd. Doordat Fing zo’n goed contact met meester Govearts heeft kunnen ze via hem brieven ontvangen en sturen naar  hun broers en vader.

Deel 4

In deel vier blijft de familie brieven sturen naar hun familie en wordt Fing hechter met de ‘Zwartjassen’. Ze zoent voor het eerst met Filip en ze gaat met de ‘Zwartjassen’ mee op uitjes. Het gaat uit tussen Filip en Fing als Fing erachter komt dat Emmanues, een man met uitgesproken mening, mishandelt is door de ‘Zwartjassen’ midden in de nacht. Filip heeft hier aan mee gedaan en daar is Fing boos om. Fing neemt ontslag bij mejuffrouw Vroon, omdat ze niet meer met de NSB in aanraking wil komen. Op een dag heeft de Pruusin gevraagd of Fing langs komt, eenmaal daar vertelt de Pruusin dat ze weg moet, ze is joods, en ze vertelt Fing dat ze weet dat Liesl de schuldige was. Alle joden in het dorp worden die dag afgevoerd. Fing komt er ook achter dat Jes eten steelt en dat ergens heen brengt, ze besluit Jes te achtervolgen, Jes gaat naar een oude mijn en daar komt Fing erachter dat ze het eten naar de hond van Liesl brengt. Jes heeft die hond laatst gevonden en ze wilde niet dat de hond vermoord zou worden door de Duitsers. Ze besluiten samen de hond mee naar huis te nemen. Oma Mei wil dit niet hebben en jaagt de hond weg. Ook gaat Oma Mei steeds geheimzinniger doen, niemand mag nog in de kelder komen vanwege de rat die daar zit. Als Oma Mei op een dag weg is gaan ze toch kijken, in de kelder vinden ze Liesl.

Het boekverslag gaat verder na deze boodschap.

Verder lezen

Deel 5

In deel vijf gaat het verhaal over de onderduiking van Liesl. Oma Mei heeft Liesl daar laten onderduiken. De familie besluit dat Liesl mag blijven. Liesl mag niet naar buiten en overdag mag ze in het hele huis zijn, maar ’s nachts gaat ze naar de kelder. Op een gegeven moment krijgt de familie een brief van de ‘Pruusen’, de duitsers, dat er een controle gaat plaats vinden in huis. Er moeten namelijk gezinnen geplaatst worden bij andere mensen, omdat vele gezinnen hun huizen zijn kwijt geraakt door bombardementen. De familie probeert hier onderuit te komen, maar dit loopt uit op een mislukte poging. Fing moet op een dag naar de moeder van Fie om suiker en andere spullen te halen. Op de terugweg wordt ze door een vrouw de berm ingetrokken en er word haar verteld dat het pakketje om acht uur wordt opgehaald en dat moet naar de smid gebracht worden, tegen de smid moet gezegd worden dat het pakketje er is. Fing besluit Liesl naar de smid te brengen. Eenmaal daar loopt het helemaal fout, er zijn Zwartjassen en de smid, Liesl en Fing worden onder schot gehouden. Dan komt hun redding van het oude mijnpaard Heivisj. Heivisj zijn lichten worden gedoofd vanwege de bombardementen buiten de stal, alles moet donker zijn. Het paard Heivisj kan niet tegen donker en hij slaat op hol,hij verjaagt de Zwartjassen en rent iemand dood, hierdoor kunnen Fing en Liesl ontsnappen. Ze vluchten naar de oude mijn, hier vertelt Liesl over haar jeugd bij haar opa, oma en zus, die een poppenwinkel hadden. Op een avond zijn haar opa en oma weg en zijn er allemaal mensen bij hun huis, haar zus Reiba zegt haar zich te verkleden als pop en ze moet stil blijven zitten, voor haar zus is het net te laat om zich te verkleden dus die wordt opgepakt, Liesl wordt niet gezien en blijft achter. Uiteindelijk belandde ze bij haar tante en dus nu in de mijn.

De volgende ochtend worden ze gevonden door Bér, Bér brengt Liesl naar een veilige plek en Fing gaat naar huis, het huis van Fing is opgeblazen. Fing is heel ziek en ze is één oog kwijtgeraakt tijden de vlucht. Ze slaapt twee dagen en als ze wakker wordt zijn ze met de familie bij Fie, Fing krijgt een glazen oog. Het gaat steeds beter en ze mag weer naar buiten. Ook vertelt Bér haar dat Liesl veilig is.

Boodschap, thema en motieven

De boodschap van het verhaal is dat iedereen in staat is om een heldendaad te verrichten.

Jes redt de hond, oma Mei redt Liesl door haar in huis te nemen, Fing redt Liesl door zich samen in de mijn te verstoppen en Bér redt Liesl door haar naar een veilige plek te brengen. Zo verrichten ze allemaal een heldendaad.

De thema’s in dit verhaal zijn:

-          Tweede Wereldoorlog: Het hele verhaal gaat over de oorlog die langzamerhand het leven van de dorpsbewoners in zijn greep krijgt.

-          Jodenvervolging: De Joden uit heel het dorp worden in deel 4 gedeporteerd. Ook leert de familie Liesl kennen doordat zij in Duitsland vervolgt werd. In deel 5 staat dit thema ook centraal, want Fing probeert Liesl naar een veilige plek te brengen zodat ze niet gedeporteerd wordt.

-          Familiebanden: In deze familie staat de oma, de vervangster van de moeder, aan het hoofd. Iedereen kan goed met elkaar opschieten en ze staan altijd voor elkaar klaar. De familie wil graag bij elkaar blijven, neem de broers en de vader, ze willen perse in dezelfde fabriek geplaatst worden.

-          Volwassen wording: Fing is eerst een naïef meisje die geesten begroet en ze groeit tot een volwassen vrouw die een heldendaad verricht. Haar puberteit wordt in dit verhaal mooi beschreven.

De motieven in dit verhaal zijn:

-          Wraak: De verwende Liesl neemt wraak op Fing, als zij boos op haar is. Het verzet neemt wraak op Mejuffrouw Vroon omdat zij met een NSB’er omgaat, namelijk meester Govearts.

-          De wilg: Fing leert Filip en Bér kennen als zij de wortels van de wilg controleren in de Sigarenkeizer zijn tuin. De wilg in de tuin van ‘Negen Open Armen’ redt oma Mei van de dood. Ook praat Fing vaak over dieptegroeiers en breedtegroeiers en hiermee bedoeld ze ook de wilg.

-          Lichamelijke beperkingen: Er zijn een aantal belangrijker personen in het verhaal die iets mankeren. Jes heeft een zwervel, oma Mei heeft een uilenoog, Bér stottert en Fing raakt haar oog kwijt.

Personen

-Fing is de hoofdpersoon van het verhaal, alles wordt vanuit haar ogen verteld. Fing is een slim meisje, ze mag doorleren voor lerares, maar dit wil haar oma niet hebben. Fing praat niet graag over haar slimheid, daar wordt ze verlegen van ;

“Ik haalde diep adem. ‘Omdat het gek is als je jezelf moet vertellen hoe goed je bent.’”

Fing moet werken bij de Sigarenkeizer, ze moet spelen met Liesl en hier krijgt ze betaald voor. Hierdoor voelt ze zich nutteloos.

Aan het begin van het verhaal is ze nog een naïef meisje die graag met haar zusjes speelt, Fing groeit in het verhaal tot een volwassen vrouw. Ze is minder naïef en heeft meer geloof in de mensen om haar heen.

“Ons bed was gekrompen. Ooit hadden we er met gemak ingepast. Maar dat was niet de enige verandering. We vlochten onze voeten niet meer in elkaar. En we zeiden Sjar en Nienevee geen goedenacht meer. In een wereld waar ze oude sjpenseleverkopers in elkaar sloegen, waar Judde steeds meer in het nauw gedreven werden en waar zogenaamd bevriende landen onze steden bombardeerden, was er geen plaats meer voor huisgeesten.

Ze is ook op zoek naar iets waar ze bij kan horen. Eerst hoort ze bij de Sigarenkeizer hun familie, dan meer bij de NSB en de Zwartjassen en uiteindelijk kiest ze voor haar eigen gedachten en redt ze Liesl. Vroeger had ze dit nooit gedurfd; 

“ Ik was nooit een held geweest of iemand die op zoek was naar tragische tragedies.”

Fing is zeer hecht met haar zusjes Jes en Muulke. Fing is de oudste en voelt zich hierdoor altijd verantwoordelijk voor haar zusjes.

- Oma Mei is een hoofdfiguur in dit verhaal. Ze is de schoonmoeder van de Pap en oma van de vier jongens en drie meisjes. Haar dochter is overleden en haar man ook. Oma Mei heeft nog foto’s van haar dochter en man, hier praat ze tegen als ze het moeilijk heeft of als ze belangrijke beslissingen moet nemen ;

“ Dus nu lag onze grootvader in een afgesloten beschuitbus, en als onze grootmoeder behoefte had aan een luisterend oor haalde ze zijn foto eruit.”

Oma Mei wil alles in de familie zelf regelen en wil geen hulp in de vorm van geld. Zij is ook degene die het Fing verbiedt dat ze door gaat leren met behulp van liefdadigheidsgeld.

Oma Mei blijkt ook een held te zijn, ze neemt Liesl in huis en redt haar hiermee.

 - Muulke is een hoofdfiguur in het verhaal en een zusje van Fing. Muulke wilde graag dat er oorlog kwam, dit leek haar namelijk spannend. Muulke slaapwandelt, hier neemt de familie vele maatregelen tegen, maar niets helpt ;

 “Muulke was voorbij de haag geslaapwandeld tot bij de kazemat.”

 Muulke was een brutaler meisje die meer durfde :

 “We zijn aan het avondeten. Muulke was weer eens te laat.”

- Jes is een hoofdfiguur in het verhaal en het jongste zusje van Fing. Jes is lichamelijk beperkt, ze heeft een zwervel. Dat is een wervel die soms scheef zit. Hierdoor is Fing beschermend richting Jes, dit vind zij irritant. Jes weet zelf ook niet hoe gevaarlijk haar handicap is.

 Jes is moedig, zij redt de hond van Liesl. Ook is ze het zorgenkindje.

 - Liesl is een hoofdfiguur in het verhaal en het nichtje van de Pruusin. Liesl woonde eerst met haar zusje bij haar opa en oma in Duitsland. Ze werd vervolgd in Duitsland vanwege haar Joodse afkomst en zo belandde ze bij haar tante de Pruusin.

Liesl is een verwend meisje, het is niet leuk om met haar te spelen. Ze steelt ook spullen en hiervan geeft ze Fing de schuld.

 “Toen ik haar wilde optrekken, hield ze zich stijf als een plank en kneep haar ogen stijf dicht.”

 In dat citaat zie je de stijfkoppigheid en eigenwijsheid van Liesl terug.

Liesl doet zich heel stoer voor, maar ze heeft veel meegemaakt en is eigenlijk een meisje wat een hoop verdriet met zich meedraagt ;

 “Liesl was nog wakker, ik zag haar ogen glimmen. Ze lag op een strozak aan mijn kant van het bed. Ze zei niets. Toen ik ging liggen voelde ik haar hand. Ze pakte me niet vast, maar voelde ‘m heel licht, tegen de stof van mijn nachthemd. En ik weet dat ik ‘m vast had moeten vastpakken, het was zo’n kleine moeite geweest, maar ik kon het niet, omdat ik niet wist wat er zou gebeuren als ik haar lcihte hand zou oppakken en ik er zo’n verschrikkelijk zwaar verdriet in zou vinden.”

 - De Pruusin is een bijfiguur in het verhaal en zij woont samen met de steenrijke Sigarenkeizer. Zij zat in vele commissies in het dorp, onder andere in de commissie die een arm meisje kozen om verder te leren.

 Ze verwend Liesl graag en snapt het dus ook niet dat Liesl spullen steelt.

 De Pruusin was ook Joods en wordt later afgevoerd, omdat ze niet getrouwd was met de Sigarenkeizer.

 - Filip is een bijfiguur in het verhaal. Hij is een Zwartjas en het ex-vriendje van Fing.

 - Bér is een bijfiguur in het verhaal. Hij staat in het dorp bekend als de Imbeciel, omdat hij ooit bij een begrafenis de kist had laten vallen. Bér brengt Liesl aan het einde van het verhaal naar een veilige plek. Ook wordt hij goed bevriend met Fing.

 - Mejuffrouw Vroon is een bijfiguur in het verhaal. Fing helpt haar in de huishouding. Mejuffrouw Vroon heeft het niet zo met de Pruusin, Fing kan daarom ook goed met Mejuffrouw Vroon opschieten, want ze kunnen roddelen. Ze heeft een NSB’er bij haar in huis wonen, hierdoor is ze niet zo geliefd in het dorp.

 - Meester Govaerts is een bijfiguur in het verhaal. Hij is de NSB’er die bij Mejuffrouw Vroon in woont. Hij is leider van de NSB in het dorp.

Perspectief

 Het verhaal wordt verteld vanuit het perspectief van Fing. Doordat je over de schouder van Fing meekijkt leef je eigenlijk altijd met haar mee. In sommige gevallen zou ik best willen dat het verhaal ook vanuit Liesl haar perspectief wordt verteld. Fing vond Liesl niet aardig en Liesl deed rare dingen. Als het verhaal ook vanuit Liesl’s perspectief wordt verteld kom je er ook achter waarom Liesl steelt, haar zin door drijft enzovoort.

 Het verhaal wordt verteld vanuit het perspectief van Fing. Doordat je over de schouder van Fing meekijkt leef je eigenlijk altijd met haar mee. In sommige gevallen zou ik best willen dat het verhaal ook vanuit Liesl haar perspectief wordt verteld. Fing vond Liesl niet aardig en Liesl deed rare dingen. Als het verhaal ook vanuit Liesl’s perspectief wordt verteld kom je er ook achter waarom Liesl steelt, haar zin door drijft enzovoort.

 Het verhaal is ook spannend doordat het vanuit Fing haar perspectief wordt verteld. Fing bemoeit zich niet met de oorlog en ze zegt er ook niks van te merken. Op het einde als ze Liesl redt wordt Fing meegesleurd in de oorlog. Dit maakt het spannend, want niemand weet wat er komen gaat, ook Fing niet.

 Ook krijgen we niet te merken wat andere personen in het verhaal van Fing denken. Hierbij kom ik weer terug op Liesl. Ik zou graag willen weten wat zij van Fing vindt.

 Aan deze citaten is het te zien dat het een ik-perspectief is :

 “Ik hoorde een stoel schuiven.”

“Ik kon me niet meer inhouden.”

“’Niks’, zei ik.”

 Tijd

 Dit verhaal speelt zich af van 1938 tot en met 1943. Het verhaal wordt chronologisch verteld.  De schrijver maakt gebruik van:

-          Flashback: Liesl vertelt over haar jeugd als ze in de mijn zijn, hier denkt ze aan terug.

-          Tijdsprong: Als ‘de Pap’ en broers zijn opgepakt en de vrouwen hebben hun leven weer opgepakt zegt Fing: “Zo gingen er vier maanden voorbij.”. In die maanden is er niets gebeurd en daarom maakt de schrijver hierbij gebruik van tijdsprong.

De vertelde tijd was langer dan de verteltijd. De vertelde tijd was namelijk 5 jaar en ik las het boek in drie dagen.

Ruimte

Het verhaal speelt zich vooral af in het huis ‘Negen Open Armen’. Dit is het huis van de familie Boon. Het huis staat in een streek die de ‘Sjlammbams Sahara’ wordt genoemd. Het is een huis met een kelder waar een rat woont en leefbaar voor de familie Boon.

Het was geen mooi huis om te zien ;

“Negen Open Armen was niet bepaald een lieflijk huis. Het stond bokkig met de rug naar de wereld toe, ver buiten de stad, naast het stadskerkhof. Mooi kon je het al helemaal niet noemen, met zijn verweerde brokkelige bakstenen, de scheefgetrokken raamlijsten en het dak met rode en zwarte dakpannen, kriskras door elkaar als de vleugels van een vogel in de rui.”

Ook speelt het verhaal zich af bij de Sigarenkeizer thuis. Dit is een groot huis en altijd keurig schoon.

“Ik durfde nauwelijks over de plavuizen te lopen, zo schoon en glimmend waren ze.”

 In deel 3 en 4 speelt het verhaal zich vooral af in het huis van Mejuffrouw Vroon. Dit was een normaal gezellig huis ;

 “Mejuffrouw Vroon woonde in een smal witbepleisterd huis, met haar kater en iemand die bij haar op zolder in pension was.”

 Ook speelt het verhaal zich af in de oude mijn waar Liesl en Fing moeten schuilen. Dit is een donkere gang waar Fing en Liesl niks kunnen zien.

Stijl

 De schrijver maakt afwisselend gebruik van korte en lange zinnen. Het taalgebruik is eenvoudig te lezen, hij maakt echter wel gebruik van vele Limburgse, Joodse en Duitse woorden. Er staat een woordenlijst achterin het boek, hiermee kun je het vertalen.

Waardering

 Ik vond het een mooi en spannend boek om te lezen.

 Ik leefde mee met de hoofdpersoon, vooral toen ze niet door mocht leren van haar oma. Ook als ze beschuldigd wordt van diefstal. Als lezer weet je dat ze het niet gedaan heeft en dat is frustrerend.

 Ook zou ik graag willen dat het verhaal soms ook vanuit Liesl haar perspectief verteld zou worden, om haar beter te begrijpen.

 Dit boek is zeker een aanrader en ik ben ook van plan om deel één en het nog uit te komen deel drie te gaan lezen.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Barbara

Barbara

Goede samenvatting. In deel 2 staat er wel een fout, 'het Filip' moet volgens mij 'heet Filip zijn '

1 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

Julius chroenenvelt

Julius chroenenvelt

Wat een goet verslach ik cheef het een 10 wand ik heb zwaare doun en ik wil chraag naar een normale sgol, en ik ben chemotiveert.

1 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

J.

J.

Dit was een saai boek, poepen in mijn oude schoen was nog leuker.

2 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

R.

R.

heel handig voor onze prestentatie

2 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

L.

L.

Wat een keurige samenvatting!
Ik heb morgen boektoets hierover, en wilde het nog even allemaal op een rijtje hebben.
Dankjewel!!

5 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

R.

R.

thx he

5 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

C.

C.

ik snap helemaal niets van dit boek

5 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

T.

T.

Voor degene die dit boek hebben gelezen:
Op welke blz. komt Fing met zichzelf in conflict?

5 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast