Havisten uit de bovenbouw gezocht! Vul deze korte vragenlijst over jouw studiekeuze in en maak kans op een Bol.com bon t.w.v. 15 euro.

Doe mee


Boek 12

De grote zaal        Jacoba van Velde

1. Titel: De grote zaal

Schrijver: Jacoba van Velde

Uitgever: Querido

Druk: Editie Nederland Leest 2010

Eerste druk 1953 © Jacoba van Velde






2. Het verhaal gaat over Geertruide van der Veen. Zij is een hoogbejaarde vrouw die na een attaque in een rusthuis terecht gekomen is, van deze toeval heeft zij echter geen enkele herinnering meer. Ze wordt gewoon ineens wakker in een rusthuis in een kleine zaal met vijf andere dames. Mevrouw Van der Veen is een eenzame en stille vrouw die altijd deed wat een ander haar vroeg en ze hield haar gedachtes altijd voor zich. Hierdoor wordt ze vaak onder de voet gelopen tot anderen, dit tot grote ergernis van haar dochter Helena. Zij is juist niet op haar mondje gevallen en ze kan het niet hebben dat anderen haar moeder met zoveel gemak behandelen. Geertruide was getrouwd met Willem, hij was een van de enigen die haar begreep en hij is helaas overleden in de oorlog in 1942. Helena woonde toen al in Parijs en leeft daar een kunstenaarsbestaan met haar man Jean van Hasselt. Gedurende het  verhaal ziet men mevrouw Van der Veen steeds verder aftakelen tot de dood aantreedt.

Het verhaal speelt zich dus af in een somber rusthuis. Geertruide verblijft hier samen met een aantal andere dames met alle dramatiek en intriges van dien. In het begin van het boek ligt Trui alleen maar in bed omdat ze niet kan lopen vanwege de attaque, ze hoort geluiden van de andere dames vanuit de zitkamer en ze maakt zich zorgen. Ze is bang om naar de zitkamer te gaan, ze blijft liever nog veilig in haar bed, aan de andere kant is ze ook wel erg benieuwd, ergens hoopt ze dat zodra ze naar de zitkamer mag ze zich minder eenzaam zal voelen. Ze komt echter van een koude kermis thuis. Zodra ze naar de zitkamer gaat, merkt ze dat het helemaal niet zo leuk is als het klonk en dat de dagen lang en eenzaam zijn, en de dames die er samen zitten mogen elkaar niet. Ze zit haar dagen uit en het enige wat ze wil is dat Helena op bezoek komt. Dan begint ze zich slechter te voelen en ze blijft steeds vaker in bed liggen. Hier begint ze zich steeds eenzamer te voelen. Tevens komt haar grote angst voor de dood steeds dichterbij, daarbij begint ze de uitspraken van Helena te begrijpen. Helena was al vroeg achter het onvriendelijke karakter van de mens gekomen. Uiteindelijk komt Trui toch terecht op de Grote Zaal, de zaal voor terminalen.

Het verhaal bevat vele kleine flashbacks, deze zijn er om het verhaal en de gedachten van Trui vorm te geven. Het zijn geen echte duidelijk aangegeven flashbacks die zich totaal afspelen in het verleden maar korte gedachtes van Trui die niets anders te doen heeft dan aan het verleden te denken. Het verhaal begint bij de dag dat mevrouw Van der Veen in het rusthuis wakker wordt en tot een aantal bladzijdes voor het einde leeft ze gewoon doelloos in dat verzorgingstehuis, dan komt de climax op de laatste paar bladzijdes en wanneer overlijdt ze.






3. Het verhaal gaat over existentiële eenzaamheid van de mens en zijn angst voor de dood. In de tijd dat de roman werd geschreven (1953) was de invloed van het existentialisme in de literatuur vrij groot, zie bijvoorbeeld L’étranger van Albert Camus of het werk van Sartre.

Een van de belangrijkste motieven is de terugkerende angst voor de dood.

Mevrouw Van der Veen heeft haar hele leven een angst voor de dood en ze denkt hier voortdurend aan. Op een gegeven moment accepteert Trui dat zij niet meer uit het rusthuis gaat komen en dat zij op de dood moet wachten.

 




 



REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.