De eerste steen door Rom Molemaker

Beoordeling 6.6
Foto van een scholier
Boekcover De eerste steen
Shadow
  • Boekverslag door een scholier
  • 2e klas vwo | 1220 woorden
  • 6 januari 2011
  • 65 keer beoordeeld
Cijfer 6.6
65 keer beoordeeld

Boek
Auteur
Genre
Taal
Nederlands
Vak
Eerste uitgave
2004
Pagina's
144
Oorspronkelijke taal
Nederlands
Literaire thema's
Prijzen

Boekcover De eerste steen
Shadow
De eerste steen door Rom Molemaker
Shadow

1. De schrijver is: Rom Molemaker.

2. Titel van het boek is: De eerste steen en jaar van uitgave is: 2002.

3. Het boek is niet vertaald en gewoon in het Nederlands geschreven.

4. Biografie: Rom Molemaker schrijft boeken over hele gewone kinderen: ze gaan uit logeren, gaan naar school, spelen buiten, gaan op vakantie, doen aan sport. Ze beleven daarbij dingen die iedereen zouden kunnen overkomen. Ze worden verliefd, ze worden gepest, ze maken ruzie. Maar vaak gebeuren er ook ongewone, spannende dingen. Dat maakt de hoofdpersonen bang, maar samen met hun vrienden gaan ze toch door en zorgen ze ervoor dat alles weer in orde komt. De boeken voor jongeren gaan over serieuze onderwerpen zoals de dood, gijzelingen en voetbalvandalisme.

5. Het gaat over een jongen, Marten die een seizoenskaart koopt voor de club Robur en daar met zijn “vriend” Harry en zijn vriend Johnny heen gaat. Het boek gaat vooral over de rellen bij het voetbal van de club Robur.

6. Over het uiterlijk van Marten word niet veel gezegd. Wel dat hij altijd een jack van Robur aan heeft. Het is een rood met wit jack met gouden letters. Hij kan niet goed zichzelf zijn omdat hij wil dat de vrienden van Johnny hem aardig en stoer vinden.

7. Het verhaal speelt zich af in de stad waar FC Robur speelt maar er word niet gezegd welke stad dat is.De belangrijkste plek uit het boek is het voetbalstadion van Robur, de Kantelberg, omdat hier bijna alle belangrijke gebeurtenissen van het verhaal plaats vinden. Ook is het dakkapel van Marten heel belangrijk omdat hij daar zijn eerste kus krijgt van Dana waarop hij in die tijd smoorverliefd op was.

8. Het verhaal speelt zich in deze tijd af. Dat zie ik omdat er veel dingen van deze tijd in voorkomen, bijvoorbeeld dat je nu bij de voetbalwedstrijden niet meer zonder politie of ME kunt en dat kon vroeger wel.

9. Het verhaal word verteld in de ik-vorm. De ik-vorm is van Marten. Hij verteld wat hij denkt tijdens de gebeurtenissen die in het boek voorkomen en hij verteld dat dan best duidelijk.

10. Eigenlijk is het boek sport maar ook een beetje drama omdat er allemaal dingen gebeuren rondom de voetbalwedstrijden die af en toe best wel ernstig zijn. Er komt geweld in voor, liefde, en sport. Dus het boek is een combinatie van sport en drama. De aanrijding van Johnny en de verhuizing op het einde maken het verhaal dramatisch.

11. a) Wordt het verhaal achterelkaar verteld:

b) Ja. Soms grote en soms kleine.

c) Ja. Hij denkt nog terug aan het ongeluk van Johnny en aan Dana.

12. Ik vind het een leuk boek. Het is een boek dat je blijft lezen. Door het schrijven in de ik-vorm zie je een beetje het verhaal voor je. De dramastukjes houden het verhaal spannend. Dit boek verdiende een beter einde. Marten moest blijven wonen waar hij altijd woonde en het verhuizen naar Groningen zou niet door moeten gaan.En Johnny zou weer volledig moeten herstellen, weer kunnen voetballen, en later is het 1e van FC Robur moeten komen en dan ook de Champions league moeten winnen.

13. Ik heb 3 citaten die ik wel leuk vond:

1: Toen de bal voor de voor de zoveelste keer rakelings langs het doel vloog, was er voor Johnny eindelijk weer werk. Hij pakte de bal op terwijl de keeper van Hellas zijn verdedigers stond uit te maken voor alles wat mooi, maar vooral lelijk was. Johnny wipte de bal op met zijn rechtervoet en hield hem een paar keer hoog, op zijn hoofd en op zijn voet. Net op het moment dat ze op de tribune begonnen te applaudisseren, schoot hij de bal met een sierlijke boog over het doel. De bal kwam tegen het achterhoofd van de keeper, die nog steeds woedend stond te gebaren, en stuiterde in het doel. Iedereen weer op de stoeltjes en het dak ging van de tribune. ‘Jóhnnie-ie-ie, Jóhnnie-ie-ie!’ schalde het door het stadion. Zelfs Harry ontdooide. Hij lachte zich tranen. Bijna iedereen stond dubbel trouwens. Johnny zelf draaide zich om en maakte een buiging naar de tribune, terwijl achter hem de keeper met een chagrijnig gezicht de bal uit het doel haalde.

(Bladzijde 65, bijna onderaan de bladzijde.)

2. Toen ik opzij keek, zag ik dat hij iets uit zijn zak gehaald had wat hij afstreek tegen de zijkant van een luciferdoosje. Met een boog gooide hij het naar de groep Spero-supporters. Het was een strijker. Met een keiharde knal ontplofte het ding middenin de groep, die verschrikt uiteenstoof. Er klonk gegil en ik zag in een flits hoe er iemand gehurkt bleef zitten, met de handen voor het gezicht. Een meisje, aan het haar te zien. Ik keek weer naar Harry en wilde iets zeggen. Maar de blik in zijn ogen weerhield me. Dat was niet normaal zoals hij deed. Zijn ogen waren groot en wild en zijn mond stond halfopen.

(Bladzijde 65, bovenaan de bladzijde.)

Verderop in het boek (op bladzijde 131) staat:

‘Heb je het gehoord?’ zei ik. ‘Van dat meisje?’ ‘Wie?’ Hij hield zich van de domme. ‘Kom nou, Harry. Je weet wel wie ik bedoel. Dat meisje van Spero. Ze is Blind aan één oog.’

3. Ik stak over en liet Johnny staan. Ik was natuurlijk niet gewend om hem aan het handje mee te nemen. Daar was nooit reden voor geweest. Alleen die avond wel. Hij kon nauwelijks uit de voeten met die enkel van hem. Maar ik was op dat moment alleen met mezelf bezig en dacht dat hij me wel zou halen. Dat deed hij ook, maar veel te langzaam. Toen ik aan de overkant van de afrit was keek ik om. Met een pijnlijk gezicht strompelde Johnny achter me aan. Hij had geen oog voor het aanstormende ME-busje of hij schatte de snelheid niet goed in. Hij was midden op de afrit toen het busje hem raakte. De chauffeur had hem in het donker misschien niet eens gezien. Johnny vloog als een slappe dweil omhoog. Met gespreide armen hing hij een moment in de lucht, met zijn rechterbeen omhoog. De enkeling die het zag gebeuren, stond roerloos op zijn plaats. Keek alleen maar. Dat beeld verdwijnt nooit meer uit mijn hoofd. Als in een vertraagde film zie ik Johnny, als een vogel met gespreide vleugels, gewichtloos bijna, de lucht in gaan. Hij lijkt eindeloos in de lucht te blijven hangen, maar valt dan met een toenemende snelheid terug naar de aarde.

Met een ziekmakende smak raakt hij het asfalt, terwijl het busje vlak langs hem heen schiet. Een seconde of twee hing er een ongelovige stilte. Toen klonken er kreten van afschuw op.

De 1e citaat omdat het wel grappig is en dat hij nu nog kan voetballen.

De 2e citaat omdat het een stukje is waar spanning in zit en gevaar.

Het stukje bij de 2e citaat omdat die doorgaat op het 1e stukje. Die moest hier eigenlijk wel bij omdat hierin verteld word hoe het verder gaat mat dat meisje.

De 3e citaat omdat dat stukje het verhaal ineens een andere draai geeft.

14. Ik zou dit boek zeker aanraden. Vooral voor voetbalfans die misschien ook wel een beetje van de rellen bij het voetbal houden. Het boek is ook meeslepend. Je blijft het lezen (tenminste ik). Ook aan de schrijfstijl van het verhaal en de moderne vorm van het verhaal.

REACTIES

A.

A.

in het laatste stukje staat mat in plaats van met is maar een tip voor de rest heel erg goed

5 jaar geleden

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Andere verslagen van "De eerste steen door Rom Molemaker"