ADVERTENTIE
Proefstuderen vanuit huis? Wil je vóór dat je een studie kiest, zeker weten of het qua inhoud is wat je ervan verwacht? Dat kan! Volg één van de vijf online proefstudies en ontdek hoe het is om aan de universiteit van Wageningen te studeren. Je volgt videocolleges en maakt opdrachten, gewoon vanuit je slaapkamer. Je wordt begeleid door studenten, die je vragen kunt stellen over de inhoud van de proefstudie of gewoon over het studentenleven! Alles is vrijblijvend, je zit nergens aan vast.

Meld je aan!

Boekverslag De Donkere Kamer van Damokles

Samenvatting
Henri Osewoudt woont in Voorschoten wanneer zijn moeder zijn vader vermoort. Daarom wordt Henri als kleine jongen naar zijn oom Bart gebracht in Amsterdam, waar hij zijn zeven jaar oudere nicht Ria leert kennen. Als Henri achttien wordt, trouwt hij met haar en heropent hij de sigarenwinkel van wijlen zijn vader. Op een dag komt daar luitenant Dorbeck langs, die Henri’s tweelingbroer had kunnen zijn, die hem vraagt een fotorolletje te ontwikkelen. Hij komt later weer vanwege meer fotorolletjes, die Henri ontwikkeld moet opsturen naar de geheimzinnige E. Jagtman. Henri verprutst echter de afdrukken, hij koopt een Leica en maakt zelf soortgelijke foto’s. Later ontmoet hij Dorbeck weer – te vermelden valt dat hij enorm tegen deze luitenant opkeek – van wie hij dan de opdracht krijgt naar Haarlem te komen. Daar zijn Dorbeck en Zewuster, hij gaat met Zewuster naar de Kleine Houtstraat om twee mensen te doden. Echter, hij is gezien door de zoon van de drogist. Eenmaal weer thuis ontwikkelt Henri één van de filmpjes van Dorbeck, waar rare beelden uit komen. Hij moet de foto’s naar een postbus sturen en Henri wil achterhalen van wie die is. Drie jaar later moet hij onderdak geven aan Elly Meier, die beweert uit Engeland te komen en een agente te zijn. Op dat moment hoort hij dat Ria en zijn moeder zijn gearresteerd en moet hij van Dorbeck een verrader doden. Hij laat valse persoonsbewijzen maken en zijn haar zwart verven, door Marianne, die later zijn vriendin wordt. Hij werkt bij Labare als foto ontwikkelaar, en als hij naar oom Bart gaat om Elly, die hij daar heeft ondergebracht, haar persoonsbewijs te brengen, blijkt deze te zijn verdwenen. Opnieuw pleegt Osewoudt een aanslag, dit keer op ouders, waarvan hij de zoon meeneemt en op de trein zet. Als Henri daarna met Marianne naar de bios gaat, komt hij de Duitsers tegen en wordt opgepakt. Hij wordt gemarteld en komt in het ziekenhuis terecht, waarvandaan hij wordt bevrijd. Hij gaat terug naar Labare, waar hij, en de rest, weer worden gearresteerd. Onder druk gezet door de Duitsers, aan wie hij bij hoog en laag beweert dat hij niets heeft gedaan, dat het Dorbeck was. Daarna maakt hij een afspraak met Ebernuss, een van de Duitsers die beweert anders te zijn, om hem bij verzetsstrijders te introduceren en zo Dorbeck te ontmoeten. Daar komt Henri Dorbeck inderdaad tegen, die hem Ebernuss laat vergiftigen. Hij steekt Ria neer, omdat ze overspel zou hebben gepleegd. Hij maakt een foto van hem met Dorbeck als bewijs dat deze bestaat en meldt zich in Breda, waar hij weer wordt gearresteerd als landverrader. Nu moet hij bewijzen dat Dorbeck bestaat om alles uit te leggen, maar de foto van Dorbeck mislukt. Henri wordt gek en gaat er vandoor, en op de vlucht wordt hij neergeschoten.

Motivatie
Ik vond dit boek zowel raar als intrigerend. Ik vond het een raar boek omdat ik me heel moeilijk kan voorstellen dat iemand zomaar de orders van een ander opvolgt, die hij eigenlijk helemaal niet kent en niet zijn meerdere is, door Henri zelf wordt een verklaring hiervoor gegeven: ‘Hij is de verbeterde versie van mij.’ Dat vind ik nog raarder, dat je dat alleen zou doen omdat je tegen iemand op kijkt, en daarna ook nog de gevolgen moet dragen, omdat die persoon niet komt opdagen. Maar dat zal wel aan mijn rationele redenering liggen. Intrigerend vond ik het omdat ik, ondanks dat ik eerder boeken over de oorlog heb gelezen, nu een veel beter beeld heb gekregen van hoe het er in die oorlog aan toe ging – niet leuk – omdat het boek vrij realistisch is geschreven, zeker ten opzichte van Joden die onderdoken. Het verbaasde me hoe mensen tegen elkaar kunnen doen, ook al wist ik al dat oorlog een ramp was.
Wat ik minder prettig vond, was hoe werd aangegeven dat iemand iets zei, namelijk met zo’n streepje (-). Ik wist daardoor nooit wat zo’n persoon nou zei of niet, en dat vond ik erg verwarrend.

Thema
Volgens mij is het thema van dit boek ‘de waarheid denken te weten en anderen hiervan niet kunnen overtuigen’. Henri weet zeker dat Dorbeck bestaat, en dat hij degene was die hem tot al die daden had aangezet. Echter, omdat alle mensen die Dorbeck hebben gezien, dood zijn, kan hij dit niet aantonen. Zelfs de foto waarop Dorbeck stond, was verprutst (door Henri’s eigen fout). Ook anderen die binnen Henri’s vertrouwenskring waren, zoals Miriam/Marianne, hebben hem slechts over Dorbeck horen spreken, maar nooit hebben zij die persoon zelf gezien, en daar weet hij hen ook niet van te overtuigen.

Vertelwijze
Er zitten weinig beschrijvingen in het boek; je komt nauwelijks iets over de omgeving te weten, tenzij het van belang is voor de plot van het verhaal. Je leest meestal over Henri’s handelingen en volgt zijn gesprekken. Elk hoofdstuk begint met een groter dan de andere letters gedrukte hoofdletter, zodat je weet waar het nieuwe stuk begint. Wanneer iemand iets zegt, wordt dit niet met aanhalingstekens aangegeven maar met een streepje (-). Alles is in de verleden tijd geschreven.

Titelverklaring
Het verhaal van Damokles gaat als volgt:Damokles mocht één dag koning zijn in plaats van Dyonisos, en om hem duidelijk te maken met hoeveel gevaar een koning te maken heeft, kreeg hij een zwaard boven de troon gehangen, aan een paardenhaar. In ‘De donkere kamer van Damokles’ blijft het gevaar Henri achtervolgen, wat allemaal begon door het ontwikkelen van foto’s (in een donkere kamer! ) voor Dorbeck. Wat Henri ook doet, hij komt niet meer van Dorbeck af; op een gegeven moment breekt de paardenhaar en valt het zwaard; Henri wordt opgepakt, en hij kan zijn onschuld niet bewijzen, omdat Dorbeck in geen straten of wegen meer te bekennen is. De donkere kamer hing hem als een zwaard aan een paardenhaar boven het hoofd. De haar brak.

Ondertitel
‘De donkere kamer van Damokles’ heeft geen ondertitel.

Motto
“Ík kan hem zoeken als hij er niet is, maar hem niet ophangen als hij er niet is. Men zou kunnen zeggen: ‘Dan moet hij er toch ook zijn als ik hem zoek.’ Dan moet hij er ook zijn als ik hem niet vind, en ook als hij helemaal niet bestaat.” – Ludwig Wittgenstein. Je zou uit dit motto kunnen concluderen dat Dorbeck niet bestaat, en ook nooit heeft bestaan. Je kunt wel naar die persoon zoeken, zoals Henri doet om zijn onschuld te bewijzen, maar je zult hem niet vinden, omdat hij in de werkelijkheid niet bestaat. En toch bestaat hij – in je hoofd. Henri geeft namelijk heel duidelijk aan dat hij Dorbeck ziet als een verbeterde versie van zichzelf, en dat maakt Dorbeck Henri’s ideaal.

Opbouw van het verhaal
Het boek heeft geen proloog of epiloog. Het is verdeeld in 45 vrij korte hoofdstukken, die geen titel hebben. De hoofdstukken zijn in alinea’s verdeeld om het overzichtelijk te maken; je hebt echter totaal geen houvast aan de indeling om te herkennen in welk deel van het boek je je begeeft.

Personages
Henri Osewoudt
Eigenaar van een sigarenwinkel, getrouwd met Ria maar neemt Marianne als vriendin. Rond de 24 jaar aan het eind van het verhaal. Denkt dat hij een verzetstrijder is in opdracht van Dorbeck, die hij als de verbeterde versie van zichzelf ziet en daarom alles voor hem doet. Vindt zichzelf een mislukkeling, hij heeft geen baard en een hoge stem, werd op een paar centimeter na afgekeurd voor het leger. Rond karakter.
Dorbeck
Qua uiterlijk Henri’s evenbeeld, leeftijd is ook gelijk. Hij is een luitenant en geeft Henri opdrachten. In alles is hij beter dan Henri. Verder mysterieus personage waar je niet veel van te weten komt, alleen dat hij standvastig is. Vlak karakter.
Marianne
Iets jonger dan Henri, beweert dat ze zwanger van hem is. Ze is een ondergedoken Joodse, werkt als kapster. Ze is de enige van haar familie die nog niet in een kamp zit. Ze houdt erg veel van Henri. Vlak karakter.
Selderhorst
Verhoorder van Henri toen hij door de Nederlanders was opgepakt in Breda, van oorsprong inspecteur. Wordt verder niet zoveel over bekend. Relaties en leeftijd onbekend. Type.
Ria
Henri’s zeven jaar oudere nicht waarmee hij trouwde. Ze is huisvrouw en let op Henri’s moeder. Lelijk, vreselijk onzeker over van alles. Overspelig. Raar mens. Vlak karakter.
Moorlag
Huurt een kamer bij Ria en Henri en is student theologie, maar moet nog staatsexamen doen, waar hij hard voor werkt. Hij gaat ook het verzet in. Hij is enkele jaren jonger dan Henri. Vlak karakter.
Oom Bart
Leeftijd onbekend, ik schat een man van gemiddelde leeftijd. Hij verkocht veren voor hoeden en heeft een hekel aan Henri, die volgens hem zijn dochter Ria in het ongeluk heeft gestort. Hij probeert hem echter wel te helpen, was ook Henri’s voogd. Vlak karakter.
Ebernuss
Henri´s verhoorder toen hij in handen van de Duitsers was en deed zich voor als een lieftallige vent, als dat de goede omschrijving is. Zo van, ik heb geen zin in die oorlog. Dat is echter een truc om Henri te verhoren. Verder geen info. Type.
Labare
Man van middelbare leeftijd die mensen helpt onderduiken. Verder niet veel over bekend, hij is niet echt aardig. Type.

Historische tijd
In 1945 is Henri vierentwintig, aan het begin van het verhaal is hij twaalf, dus dat zou in 1933 moeten zijn. Deze tijd is zeer belangrijk, want anders zou het verhaal zich niet in de Tweede Wereldoorlog afspelen, en zou Henri nooit hebben gedaan wat hij heeft gedaan, namelijk deelnemen aan verzetsactiviteiten.

Plaats en ruimte
Het eerste deel van het verhaal speelt zich af in Voorschoten, bij Amsterdam. De opdrachten van Dorbeck laten Henri naar Amsterdam, Den Haag, Leiden, Amersfoort en Utrecht reizen. Henri is ook een aantal keren in Den Haag, omdat zijn oom Bart daar woont. Verder gaat hij nog naar Breda, om zich op te geven voor het leger, waarna hij wordt gearresteerd en naar Manchester gebracht. Vanaf daar komt hij ergens in Drenthe terecht. Deze plaatsen hadden overal in Nederland kunnen zijn, omdat de oorlog veelal hetzelfde verliep in Nederland.

Tijdsduur
Aan het eind van het boek, kerst 1945, is Henri vierentwintig. Als het verhaal begint, is hij twaalf. Dat betekent dat het verhaal twaalf jaar in beslag neemt.

Tijdsvolgorde
Het verhaal wordt chronologisch verteld, waardoor je een goed inzicht krijgt in alle gebeurtenissen en deze beter in de tijd kunt plaatsen. Er zijn een aantal opvallende versnellingen: 1) Je maakt een sprong van de twaalfjarige Henri naar zijn achttiende, deze tijd was namelijk niet van belang. 2) De jaren dat Henri niets van Dorbeck hoort, worden overgeslagen; ook dezen zijn niet van belang voor de plot.

Perspectief
‘De donkere kamer van Damokles’ is geschreven in een hij/zij-perspectief. Hier wordt niet vanaf geweken, behalve dat je af en toe een brief leest in plaats van de letterlijke gebeurtenissen.

De idee
Het is nutteloos te zoeken naar dingen die er niet zijn. Hoe hard Henri ook naar Dorbeck zocht/liet zoeken om zijn onschuld te bewijzen, uiteindelijk kostte het allemaal toch zijn kop. Hij kreeg telkens van iedereen te horen dat ze hem zouden doden als ze die Dorbeck niet zouden vinden, en ze vinden hem ook niet, hoe Henri ook volhoudt. Op het laatst werd Henri hier zo gek van dat hij probeerde te ontsnappen, en werd neergeschoten.

Genre
‘De donkere kamer van Damokles’ is een (psychologische) oorlogsroman.


Het boekverslag gaat verder na deze boodschap.

Verder lezen

Samenvatting
Henri Osewoudt woont in Voorschoten wanneer zijn moeder zijn vader vermoort. Daarom wordt Henri als kleine jongen naar zijn oom Bart gebracht in Amsterdam, waar hij zijn zeven jaar oudere nicht Ria leert kennen. Als Henri achttien wordt, trouwt hij met haar en heropent hij de sigarenwinkel van wijlen zijn vader. Op een dag komt daar luitenant Dorbeck langs, die Henri’s tweelingbroer had kunnen zijn, die hem vraagt een fotorolletje te ontwikkelen. Hij komt later weer vanwege meer fotorolletjes, die Henri ontwikkeld moet opsturen naar de geheimzinnige E. Jagtman. Henri verprutst echter de afdrukken, hij koopt een Leica en maakt zelf soortgelijke foto’s. Later ontmoet hij Dorbeck weer – te vermelden valt dat hij enorm tegen deze luitenant opkeek – van wie hij dan de opdracht krijgt naar Haarlem te komen. Daar zijn Dorbeck en Zewuster, hij gaat met Zewuster naar de Kleine Houtstraat om twee mensen te doden. Echter, hij is gezien door de zoon van de drogist. Eenmaal weer thuis ontwikkelt Henri één van de filmpjes van Dorbeck, waar rare beelden uit komen. Hij moet de foto’s naar een postbus sturen en Henri wil achterhalen van wie die is. Drie jaar later moet hij onderdak geven aan Elly Meier, die beweert uit Engeland te komen en een agente te zijn. Op dat moment hoort hij dat Ria en zijn moeder zijn gearresteerd en moet hij van Dorbeck een verrader doden. Hij laat valse persoonsbewijzen maken en zijn haar zwart verven, door Marianne, die later zijn vriendin wordt. Hij werkt bij Labare als foto ontwikkelaar, en als hij naar oom Bart gaat om Elly, die hij daar heeft ondergebracht, haar persoonsbewijs te brengen, blijkt deze te zijn verdwenen. Opnieuw pleegt Osewoudt een aanslag, dit keer op ouders, waarvan hij de zoon meeneemt en op de trein zet. Als Henri daarna met Marianne naar de bios gaat, komt hij de Duitsers tegen en wordt opgepakt. Hij wordt gemarteld en komt in het ziekenhuis terecht, waarvandaan hij wordt bevrijd. Hij gaat terug naar Labare, waar hij, en de rest, weer worden gearresteerd. Onder druk gezet door de Duitsers, aan wie hij bij hoog en laag beweert dat hij niets heeft gedaan, dat het Dorbeck was. Daarna maakt hij een afspraak met Ebernuss, een van de Duitsers die beweert anders te zijn, om hem bij verzetsstrijders te introduceren en zo Dorbeck te ontmoeten. Daar komt Henri Dorbeck inderdaad tegen, die hem Ebernuss laat vergiftigen. Hij steekt Ria neer, omdat ze overspel zou hebben gepleegd. Hij maakt een foto van hem met Dorbeck als bewijs dat deze bestaat en meldt zich in Breda, waar hij weer wordt gearresteerd als landverrader. Nu moet hij bewijzen dat Dorbeck bestaat om alles uit te leggen, maar de foto van Dorbeck mislukt. Henri wordt gek en gaat er vandoor, en op de vlucht wordt hij neergeschoten.

Motivatie
Ik vond dit boek zowel raar als intrigerend. Ik vond het een raar boek omdat ik me heel moeilijk kan voorstellen dat iemand zomaar de orders van een ander opvolgt, die hij eigenlijk helemaal niet kent en niet zijn meerdere is, door Henri zelf wordt een verklaring hiervoor gegeven: ‘Hij is de verbeterde versie van mij.’ Dat vind ik nog raarder, dat je dat alleen zou doen omdat je tegen iemand op kijkt, en daarna ook nog de gevolgen moet dragen, omdat die persoon niet komt opdagen. Maar dat zal wel aan mijn rationele redenering liggen. Intrigerend vond ik het omdat ik, ondanks dat ik eerder boeken over de oorlog heb gelezen, nu een veel beter beeld heb gekregen van hoe het er in die oorlog aan toe ging – niet leuk – omdat het boek vrij realistisch is geschreven, zeker ten opzichte van Joden die onderdoken. Het verbaasde me hoe mensen tegen elkaar kunnen doen, ook al wist ik al dat oorlog een ramp was.
Wat ik minder prettig vond, was hoe werd aangegeven dat iemand iets zei, namelijk met zo’n streepje (-). Ik wist daardoor nooit wat zo’n persoon nou zei of niet, en dat vond ik erg verwarrend.

Thema
Volgens mij is het thema van dit boek ‘de waarheid denken te weten en anderen hiervan niet kunnen overtuigen’. Henri weet zeker dat Dorbeck bestaat, en dat hij degene was die hem tot al die daden had aangezet. Echter, omdat alle mensen die Dorbeck hebben gezien, dood zijn, kan hij dit niet aantonen. Zelfs de foto waarop Dorbeck stond, was verprutst (door Henri’s eigen fout). Ook anderen die binnen Henri’s vertrouwenskring waren, zoals Miriam/Marianne, hebben hem slechts over Dorbeck horen spreken, maar nooit hebben zij die persoon zelf gezien, en daar weet hij hen ook niet van te overtuigen.

Vertelwijze
Er zitten weinig beschrijvingen in het boek; je komt nauwelijks iets over de omgeving te weten, tenzij het van belang is voor de plot van het verhaal. Je leest meestal over Henri’s handelingen en volgt zijn gesprekken. Elk hoofdstuk begint met een groter dan de andere letters gedrukte hoofdletter, zodat je weet waar het nieuwe stuk begint. Wanneer iemand iets zegt, wordt dit niet met aanhalingstekens aangegeven maar met een streepje (-). Alles is in de verleden tijd geschreven.

Titelverklaring
Het verhaal van Damokles gaat als volgt:Damokles mocht één dag koning zijn in plaats van Dyonisos, en om hem duidelijk te maken met hoeveel gevaar een koning te maken heeft, kreeg hij een zwaard boven de troon gehangen, aan een paardenhaar. In ‘De donkere kamer van Damokles’ blijft het gevaar Henri achtervolgen, wat allemaal begon door het ontwikkelen van foto’s (in een donkere kamer! ) voor Dorbeck. Wat Henri ook doet, hij komt niet meer van Dorbeck af; op een gegeven moment breekt de paardenhaar en valt het zwaard; Henri wordt opgepakt, en hij kan zijn onschuld niet bewijzen, omdat Dorbeck in geen straten of wegen meer te bekennen is. De donkere kamer hing hem als een zwaard aan een paardenhaar boven het hoofd. De haar brak.

Ondertitel
‘De donkere kamer van Damokles’ heeft geen ondertitel.

Motto
“Ík kan hem zoeken als hij er niet is, maar hem niet ophangen als hij er niet is. Men zou kunnen zeggen: ‘Dan moet hij er toch ook zijn als ik hem zoek.’ Dan moet hij er ook zijn als ik hem niet vind, en ook als hij helemaal niet bestaat.” – Ludwig Wittgenstein. Je zou uit dit motto kunnen concluderen dat Dorbeck niet bestaat, en ook nooit heeft bestaan. Je kunt wel naar die persoon zoeken, zoals Henri doet om zijn onschuld te bewijzen, maar je zult hem niet vinden, omdat hij in de werkelijkheid niet bestaat. En toch bestaat hij – in je hoofd. Henri geeft namelijk heel duidelijk aan dat hij Dorbeck ziet als een verbeterde versie van zichzelf, en dat maakt Dorbeck Henri’s ideaal.

Opbouw van het verhaal
Het boek heeft geen proloog of epiloog. Het is verdeeld in 45 vrij korte hoofdstukken, die geen titel hebben. De hoofdstukken zijn in alinea’s verdeeld om het overzichtelijk te maken; je hebt echter totaal geen houvast aan de indeling om te herkennen in welk deel van het boek je je begeeft.

Personages
Henri Osewoudt
Eigenaar van een sigarenwinkel, getrouwd met Ria maar neemt Marianne als vriendin. Rond de 24 jaar aan het eind van het verhaal. Denkt dat hij een verzetstrijder is in opdracht van Dorbeck, die hij als de verbeterde versie van zichzelf ziet en daarom alles voor hem doet. Vindt zichzelf een mislukkeling, hij heeft geen baard en een hoge stem, werd op een paar centimeter na afgekeurd voor het leger. Rond karakter.
Dorbeck
Qua uiterlijk Henri’s evenbeeld, leeftijd is ook gelijk. Hij is een luitenant en geeft Henri opdrachten. In alles is hij beter dan Henri. Verder mysterieus personage waar je niet veel van te weten komt, alleen dat hij standvastig is. Vlak karakter.
Marianne
Iets jonger dan Henri, beweert dat ze zwanger van hem is. Ze is een ondergedoken Joodse, werkt als kapster. Ze is de enige van haar familie die nog niet in een kamp zit. Ze houdt erg veel van Henri. Vlak karakter.
Selderhorst
Verhoorder van Henri toen hij door de Nederlanders was opgepakt in Breda, van oorsprong inspecteur. Wordt verder niet zoveel over bekend. Relaties en leeftijd onbekend. Type.
Ria
Henri’s zeven jaar oudere nicht waarmee hij trouwde. Ze is huisvrouw en let op Henri’s moeder. Lelijk, vreselijk onzeker over van alles. Overspelig. Raar mens. Vlak karakter.
Moorlag
Huurt een kamer bij Ria en Henri en is student theologie, maar moet nog staatsexamen doen, waar hij hard voor werkt. Hij gaat ook het verzet in. Hij is enkele jaren jonger dan Henri. Vlak karakter.
Oom Bart
Leeftijd onbekend, ik schat een man van gemiddelde leeftijd. Hij verkocht veren voor hoeden en heeft een hekel aan Henri, die volgens hem zijn dochter Ria in het ongeluk heeft gestort. Hij probeert hem echter wel te helpen, was ook Henri’s voogd. Vlak karakter.
Ebernuss
Henri´s verhoorder toen hij in handen van de Duitsers was en deed zich voor als een lieftallige vent, als dat de goede omschrijving is. Zo van, ik heb geen zin in die oorlog. Dat is echter een truc om Henri te verhoren. Verder geen info. Type.
Labare
Man van middelbare leeftijd die mensen helpt onderduiken. Verder niet veel over bekend, hij is niet echt aardig. Type.

Historische tijd
In 1945 is Henri vierentwintig, aan het begin van het verhaal is hij twaalf, dus dat zou in 1933 moeten zijn. Deze tijd is zeer belangrijk, want anders zou het verhaal zich niet in de Tweede Wereldoorlog afspelen, en zou Henri nooit hebben gedaan wat hij heeft gedaan, namelijk deelnemen aan verzetsactiviteiten.

Plaats en ruimte
Het eerste deel van het verhaal speelt zich af in Voorschoten, bij Amsterdam. De opdrachten van Dorbeck laten Henri naar Amsterdam, Den Haag, Leiden, Amersfoort en Utrecht reizen. Henri is ook een aantal keren in Den Haag, omdat zijn oom Bart daar woont. Verder gaat hij nog naar Breda, om zich op te geven voor het leger, waarna hij wordt gearresteerd en naar Manchester gebracht. Vanaf daar komt hij ergens in Drenthe terecht. Deze plaatsen hadden overal in Nederland kunnen zijn, omdat de oorlog veelal hetzelfde verliep in Nederland.

Tijdsduur
Aan het eind van het boek, kerst 1945, is Henri vierentwintig. Als het verhaal begint, is hij twaalf. Dat betekent dat het verhaal twaalf jaar in beslag neemt.

Tijdsvolgorde
Het verhaal wordt chronologisch verteld, waardoor je een goed inzicht krijgt in alle gebeurtenissen en deze beter in de tijd kunt plaatsen. Er zijn een aantal opvallende versnellingen: 1) Je maakt een sprong van de twaalfjarige Henri naar zijn achttiende, deze tijd was namelijk niet van belang. 2) De jaren dat Henri niets van Dorbeck hoort, worden overgeslagen; ook dezen zijn niet van belang voor de plot.

Perspectief
‘De donkere kamer van Damokles’ is geschreven in een hij/zij-perspectief. Hier wordt niet vanaf geweken, behalve dat je af en toe een brief leest in plaats van de letterlijke gebeurtenissen.

De idee
Het is nutteloos te zoeken naar dingen die er niet zijn. Hoe hard Henri ook naar Dorbeck zocht/liet zoeken om zijn onschuld te bewijzen, uiteindelijk kostte het allemaal toch zijn kop. Hij kreeg telkens van iedereen te horen dat ze hem zouden doden als ze die Dorbeck niet zouden vinden, en ze vinden hem ook niet, hoe Henri ook volhoudt. Op het laatst werd Henri hier zo gek van dat hij probeerde te ontsnappen, en werd neergeschoten.

Genre
‘De donkere kamer van Damokles’ is een (psychologische) oorlogsroman.


Flaptekst
‘De donkere kamer…’ heeft geen flaptekst. Tenminste, de versie die ik las niet.

Verwerkingsopdracht
Het boek in een groter geheel 12 – Vergelijk twee boeken uit je lijst met elkaar, bijvoorbeeld omdat de auteurs generatiegenoten zijn of omdat de thematiek vergelijkbaar is. Ik zal “De donkere kamer van Damokles” vergelijken met “De verwondering”.
Toen ik beide boeken had gelezen en had geanalyseerd, kreeg ik het gevoel dat “De donkere kamer van Damokles” en “De verwondering” zo ongeveer over hetzelfde gaan, alsof het de Belgische en Nederlandse versie van één en hetzelfde verhaal zijn. Ze zijn niet alleen allebei afkomstig uit dezelfde tijd (“De donkere kamer” uit 1958 en “De verwondering” uit 1956), maar beiden beschrijven (o.a.) de impact van de Tweede Wereldoorlog op de inwoners, alleen vanuit het perspectief van hun eigen land. De hoofdpersonen van beide boeken vinden zichzelf maar een slappe hap, ontmoeten/horen van een heldhaftige figuur en raken allebei geïntrigeerd door deze niet-bestaand/haast ongelofelijke man, ze identificeren zichzelf hiermee. Ook brengt dit beide figuren flink in de problemen, ze krijgen allebei de politie op de hielen (een verschil hierbij is dat de Henri (“De donkere kamer”) doodgeschoten wordt en De Rijckel (“De verwondering” ) zich vrijwillig in een gekkenhuis laat opbergen. Beide personen komen in een organisatie terecht waar ze allerlei dingen doen en te weten komen. Voor Henri is dat het verzet, voor De Rijckel is dat de groep die Crabbe bijna vereert, waar hij zich als professorachtig voordoet. Door hun obsessie voor die vreemde persoon weten ze op een gegeven moment zelf niet meer wie ze zijn, in Henri’s geval wordt hij zelfs voor Dorbeck gehouden (!) en draaien helemaal door vanwege wanhoop en chaos. Een verschil is dat, ook al houdt de Rijckel zich bezig met een dooie SS’er, hij wordt niet voor landverrader gehouden en Henri wel, wat misschien verklaart waarom Henri zijn avontuur niet heeft overleefd en De Rijckel ‘slechts’ in een psychiatrische kliniek is geplaatst. Ook is de idee compleet verschillend. De thematiek is dan wel gelijk, namelijk het zoeken naar je eigen identiteit, maar Hermans wil hiermee aangeven dat het nutteloos is om verder te zoeken als iets er gewoon niet is, terwijl Claus zijn boek juist gebruikt om te zeggen dat er eigenlijk geen scherp af te bakenen realiteit bestaat, waarbij hij zich op Aristoteles baseert. Verder is een belangrijk gelijkend gegeven, zoals eerder genoemd, dat beide boeken rondom de oorlog spelen. Mijn vermoeden is dat het juist die oorlog is die beide personen tot waanzin heeft gedreven en zelfs misschien wel de reden was waarom beide auteurs deze boeken hebben geschreven, maar daar zullen we helaas nooit achter komen.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

gast

gast