Elke schooldag wakker worden met een meme? Laatste nieuws en blogs zien? Handige stories of video's voor school? Of lekker dm'en met ons?



Volg ons nu op Instagram


Titel
De donkere kamer van Damokles

Auteur
Willem Frederik Hermans

Over de schrijver
Willem Frederik Hermans (1921 – 1995) is een Nederlands schrijver. Hermans die van 1958 tot 1973 lector fysische geografie in Groningen was, behoort tot de belangrijkste naoorlogse Nederlandse schrijvers. Zijn werk gaat vaak over Tweede Wereld Oorlog. Hij beschrijft vaak een wereld waarin geen mens te vertrouwen is. -Een aantal van zijn bekendste romans zijn.
-De tranen der acacia's (1949)
-De donkere kamer van Damokles
-Nooit meer slapen (1966)
-Onder professoren (1975)
-Uit talloos veel miljoenen (1981)
-Zijn laatse boek 'Ruisend Gruis' schreef hij in 1995. Nadat hij in 1971 de P.C. Hoofdprijs had geweigerd, aanvaardde hij in 1977 de Grote Prijs der Nederlandse Letteren.

Titel verklaring
Het zwaard van Damokles: Steeds dreigend gevaar. (volgens Cicero was Damokles de gunsteling van Dionysius 1, tiran van Syracuse, die hem één dag koning liet zijn , maar een zwaard aan een paardenhaar boven zijn hoofd liet hangen) bron: Kramers nieuw woordenboek Nederlands
In het boek is het zo dat de hoofdpersoon een foto moet ontwikkelen, dat is de enige manier om het bestaan van een persoon te bevestigen. Het steeds dreigende gevaar is dat als deze foto mislukt hij geen bewijs heeft. Het ontwikkelen van deze foto gebeurt in een donkere kamer.

Motto
In het boek is geen motto aanwezig. Achterin is er wel een naschrift aanwezig dat luidt:
"Ik kan hem zoeken als hij er niet is, maar hem niet ophangen als hij er niet is. Men zou kunnen willen zeggen: 'Dan moet hij er toch ook zijn als ik hem zoek' - Dan moet hij er ook zijn, als ik hem niet vind, en ook als hij helemaal niet bestaat."

-Ludwig Wittgenstein

Samenvatting
Henri Osewoudt is de zoon van een sigarenwinkelier in Voorschoten. Als hij nog op de lagere school zit , vemoordt zijn moeder zijn vader. Henri wordt opgevoed door zijn oom Bart Nauta in Amsterdam, en zijn moeder gaat naar een gesticht. Hij gaat naar de middelbare school maar heeft weinig vrienden en mensen waarmee hij omgaat. De enige persoon waar hij contact mee heeft is zijn nicht Ria, die zeven jaar ouder is. Hij doet aan Judo, waardoor zijn voeten vergroeien. Hij krijgt geen baard en ziet er uit als een monster. Als Henri 18 jaar oud is trouwt hij met Ria. Hij zet de zaak van zijn vader voort. Zijn moeder die inmiddels uit het gesticht is, komt bij hem wonen. Moorlag die staatsexamen wil doen woont bij hem op een kamer. Osewoudt wordt afgekeurd voor militaire dienst, wel is hij goedgekeurd voor de Burgerwacht. Als de oorlog uitbreekt moet hij wacht houden bij het postkantoor. Later in de sigarenwinkel geeft luitenant Dorbeck een filmrolletje aan Osewoudt. Na de capitulatie krijgt Dorbeck van Osewoudt een kostuum in plaats van zijn militaire uniform, het uniform wordt door Osewoudt in de tuin begraven. Dorbeck brengt het kostuum terug met nog een aantal nieuwe foto rolletjes om te laten ontwikkelen. De ontwikkelde foto's moeten opgestuurd worden naar E. Jagtman, Legmeerplein 25C, Amsterdam West. Als Osewoudt de foto's probeert te ontwikkelen, mislukken ze Hij maakt zelf een aantal foto's van militaire doelen. Enige tijd later komt Dorbeck hem weer opzoeken, hij krijgt de opdracht om naar Haarlem te komen. Daar ontmoet hij Dorbeck en Zewuster. Met Zewuster gaat Osewoudt naar de Kleine Houtstraat. Daar vermoorden ze twee mannen. Henri ontwikkelt de rolletjes die hij van Dorbeck heeft gekregen. Er valt een brandend vliegtuig op het huis van de familie Jagtman waardoor de hele famile omkomt. In 1944, nadat Dorbeck al 4 jaar niets van zich heeft laten horen, krijgt Osewoudt een brief van Dorbeck, met het verzoek de foto's naar Postbus 234 in Den Haag te sturen. Een paar dagen later wordt hij opgebeld door Elly Sprenkelbach Meijer, een meisje dat zegt dat ze uit Engeland is overgekomen. Ze toont hem één van de foto's die hij aan Dorbeck heeft gestuurd. Hij brengt haar naar oom Bart Nauta. Als hij in Den Haag terug komt hoort hij van Moorlag dat de Duitsers hem in zijn huis opwachten en dat Ria en zijn moeder gevangen genomen zijn. Hij gaat met Moorlag naar Leiden, waar een student persoonsbewijzen maakt voor hem en Elly. Osewoud's haar wordt zwart geverfd door Marianne Sondaar (echte naam is Mirjan Zettenbaum). Osewoudt duikt daar nog een tijdje onder. Later gaat hij weer terug naar Amsterdam, naar zijn oom Bart. Hij vertelt hem dat Ria en zijn moeder gevangen zitten. Oom Bart neemt het Osewoudt kwalijk. Henri krijgt van Dorbeck de opdracht om naar de stationswachtkamer in Amersfoort te gaan, hij zal daar een vrouw ontmoeten. Samen gaan ze naar Lunteren, waar Lagendaal, die voor de Gestapo werkt, uit de weg geruimd moet worden. De aanslag lukt. In Amsterdam ontmoet Osewoudt Marianne, ze gaan samen naar de bioscoop. Op het doek verschijnt een oproep tot aanhouding van Osewoudt. Hij loopt de zaal uit, maar wordt toch gearresteerd. Hij is er zelf van overtuigd dat ze hem voor iemand anders aanzien. In Den Haag wordt hij verhoord en zo erg gemarteld dat hij in een ziekenhuis terecht komt. Hoewel er een Duitse schildwacht voor de deur staat om wacht te houden, wordt hij toch bevrijd door een paar gemaskerde mannen, die hem naar Leiden brengen. 's Nachts worden ze door de Duitsers overvallen. Osewoudt weet te ontkomen, zwemt een singel over en rent een huis binnen. Even later wordt hij gearresteerd. Hij ontmoet dan Ebernuss, die zegt dat als er een Dorbeck bestaat hij in Amsterdam moet zijn, omdat daar een soort organisatie bestaat voor ondergrondse helden. Osewoudt komt vrij en gaat naar Amsterdam. Osewoudt vindt Dorbeck daar, ze gaan naar een leegstaand huis waar Osewoudt een foto, van hun spiegelbeeld, neemt. Osewoudt meldt zich bij het bureau van de Nederlandse strijdkrachten, waar men hem meteen arresteert, omdat men denkt dat hij een landverrader is. Hij wordt van vele dingen beschuldigd. Dorbeck, die kan aantonen dat hij een verzetsheld is, is nergens te vinden. Op Oom Bart na is er niemand die kan aantonen dat Osewoudt onschuldig is, omdat ze allemaal dood zijn. De verklaring van Oom Bart Nauta is erg vaag over Osewoudt en kan niks bewijzen. Het fototoestel dat Osewoudt verloren heeft, wordt gevonden. Het filmpje met de foto van Dorbeck zit er nog in en Osewoudt mag het ontwikkelen. Er blijkt alleen een foto van Osewoudt en Ebernuss op te staan. De foto met Dorbeck is mislukt. Osewoudt probeert te vluchten maar wordt buiten neegeschoten.

Personen
-Henri Osewoudt: Hij is de zoon van een sigarenwinkelier in Voorschoten. Zijn moeder vermoordde zijn vader. Hij werd daarna opgevoed door zijn oom Bart Nauta (zie onder). Hij heeft weinig contact met anderen. De hoofdpersoon is waarschijnlijk zo'n 40 jaar oud.Hij is lelijk, heeft geen baardgroei en heeft een hoge stem. Hij was getrouwd met zijn nicht Ria maar die verraadt hem door met een NSB-er te trouwen. Hij is onderdanig want hij voert elke opdracht van Dorbeck (zie onder) uit zonder te vragen waarom. Henri is wisselend van dapperheid. Hij vermoordt Ebernuss en zijn valse vrouw Ria heel makkelijk, maar raakt in de bioscoop wel erg in paniek.
-Oom Bart Nauta: Hij voedt Henri op nadat de moeder van Henri zijn vader heeft gedood.
-Dorbeck: Hij is een geheimzinnig figuur. Hij doet erg bazig maar op de momenten dat het erop aankomt is hij niet aanwezig. Hij was waarschijnlijk een Engelse spion. Zijn echte naam was waarschijnlijk Jagtman. Hij is een evenbeeld van Henri Osewoudt alleen zoals in het boek ook wordt gezegd is hij "de meer geslaagde versie"; hij heeft wel baardgroei en is niet zo lelijk als Henri.
-Marianne Sondaar: Ze is een echte vriendin van Henri, ze is een Joods meisje en haar echte naam is Mirjam Zettenbaum. Ze heeft haar naam veranderd omdat het oorlog is.

Tijd
Het verhaal speelt zich gedeeltelijk af tijdens Tweede Wereldoorlog Dus aan het begin van de jaren veertig en eindigt daar ook, maar het verhaal begint in 1932. Het boek heeft 410 bladzijden en ik heb er ongeveer een week over gedaan om het uit te lezen. Er is sprake van tijd versnelling, af en toe is er sprake van grote sprongen in de tijd. Er is geen sprake van flashbacks. Het verhaal verloopt in chronologische volgorde.

Ruimte
De ruimtes waarin het verhaal zich afspeelt zijn Amsterdam, Haarlem, Wageningen in welke omgeving Osewoudt in het verzet zit. Tegen het einde van het boek in een strafkamp in Engeland. Verder speelt het boek zich vaak af in kleine donkere ruimtes (de sigarenwinkel, het foto-ontwikkelkamertje, de cellen). Vooral de sigarenwinkel is in het verhaal een erg belangrijke plaats omdat hij daar benaderd wordt door Dorbeck.

Perspectief
Het verhaal is geschreven in een wisselende vertelsituatie. Vaak is er sprake van een alwetende verteller, maar soms ook van mensen die tegen elkaar praten. De lezer weet niet meer dan Henri Osewoudt.

Thema
Het thema van het boek is volgens mij hoe mensen onde barre omstandigheden (bijv een oorlog) minder critisch worden. De hoofdpersoon van het boek neemt zonder over de zin van de opdracht na te denken, opdrachten aan van iemand die hem telkens weer opdrachten geeft.

Genre
Het boek behoort tot de non – fictionele teksten. Het boek is wel realistisch, het zou echt gebeurd kunnen zijn. Het boek is een roman. Het boek behoort tot het genre Oorlogs – Roman

Spanning
De open vraag in het boek is voornamelijk, 'wat gaat er nu weer gebeuren?'. De spanning in het boek is goed opgebouwd. Je weet niet wat er gaat gebeuren en soms niet eens wat er nu precies gebeurt. In het boek is er geen sprake van vooruitwijzingen, je moet gewoon afwachten wat er zal gebeuren. Dit gegeven maakt het een stuk leuker en spannender. De sfeer in het boek is erg donker, dit maakt het een stuk mysterieuzer en spannender. Over het algemeen is de spanning in het boek vrij groot omdat je steeds weer wil weten wat er zal gaan gebeuren.

Mening
De manier waarop de schrijver het aanpakt is wel interessant. Hij zorgt er goed voor dat je het boek blijft lezen. Hij gaat diep op het onderwerp in. Het verhaal is interessant maar soms moeilijk te begrijpen Soms weet je niet waar de schrijver nou eigenlijk heen wil met het onderwerp. Je moet dan een stuk verder lezen om te begrijpen, waarom hij het geschreven heeft. Het boek is in 1958 geschreven, maar het taalgebruik in het boek is niet erg moeilijk te begrijpen of ouderwets. Dit zal misschien ook komen omdat het de tiende, opnieuw herziene druk van het boek is. Het boek is soms wat verwarrend. Het meest verwarrende aspect uit het boek vind ik dat Dorbeck er nooit is als het er op aan komt. Je gaat hierdoor denken dat Osewoudt hem zelf verzonnen heeft.

Citaat
'Ik heb nooit geweten dat ik het mislukte exemplaar was, totdat ik Dorbeck ontmoette, dat ik in vergelijking met die man geen reden van bestaan had, dat ik mij alleen aanvaarbaar maken kon, door precies te doe wat hij zei' Ik heb dit stuk gekozen omdat je er hier achter komt waarom hij al de opdrachten van zijn evenbeeld Dorbeck zonder er meer over na te denken accepteerde.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

gast

gast