De avonden door Gerard Reve

Beoordeling 7.6
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • 5e klas vwo | 3783 woorden
  • 10 augustus 2006
  • 365 keer beoordeeld
  • Cijfer 7.6
  • 365 keer beoordeeld

Boek
Auteur
Genre
Taal
Nederlands
Vak
Eerste uitgave
1947
Pagina's
287
Geschikt voor
bovenbouw havo/vwo
Punten
3 uit 5
Oorspronkelijke taal
Nederlands
Literaire thema's
Verfilmd als

Boekcover De avonden
Shadow

In 1947 debuteerde Gerard Reve op zijn drieëntwintigste met De Avonden. Een stortvloed aan recensies volgde. Hoewel een enkeling het belang van deze literaire gebeurtenis inzag, reageerden veel critici aanvankelijk geschokt: de roman zou geen enkel uitzicht bieden voor het troosteloze bestaan van de naoorlogse generatie. Ook schrijvers reageerden, geluiden van af…

In 1947 debuteerde Gerard Reve op zijn drieëntwintigste met De Avonden. Een stortvloed aan recensies volgde. Hoewel een enkeling het belang van deze literaire gebeurtenis inza…

In 1947 debuteerde Gerard Reve op zijn drieëntwintigste met De Avonden. Een stortvloed aan recensies volgde. Hoewel een enkeling het belang van deze literaire gebeurtenis inzag, reageerden veel critici aanvankelijk geschokt: de roman zou geen enkel uitzicht bieden voor het troosteloze bestaan van de naoorlogse generatie. Ook schrijvers reageerden, geluiden van afschuw kwamen onder andere van Godfried Bomans die in Elsevier schreef: 'Ik heb zelden een boek gelezen, zó naargeestig, zó zeer van iedere positiviteit verstoken, zó grauw, cynisch en volstrekt negatief, als dit. Het wurgt iemand de keel toe.' En Nescio sprak van een 'onboek'. Reve reageerde laconiek: 'Het is nog altijd een wijdverbreide opvatting dat een schrijver uitzicht moet bieden. Ik zie dat niet in. Is dat speciaal mijn taak? Laat ze een spionnetje kopen, de zwetsers.'

Al snel groeide Reves roman uit tot de bijbel van een nieuwe generatie. Het boek beleefde meer dan vijftig drukken en wordt nog steeds beschouwd als een van de belangrijkste romans van na 1945.

De avonden door Gerard Reve
Shadow
ADVERTENTIE
Help nu jouw favoriete goede doel door jouw mening te geven!

Hoe? Heel simpel. Geef je op voor het panel van Young Impact en geef jouw mening over diverse onderwerpen zoals gelijke kansen, diversiteit of het klimaat. Voor iedere ingevulde vragenlijst (+/- 1 per maand) ontvang je een bedrag dat je direct mag doneren aan een goed doel naar keuze. Goed doen was nog nooit zo easy!

Meld je aan!
Titel: De avonden
Auteur: Gerard Reve
Druk: 39e druk
Jaar van uitgave: 1990
Eerste druk: 1947
Aantal bladzijden: 222 bladzijden
Genre: Psychologische roman

Samenvatting:
Dag 1: Het boek begint wanneer de hoofdpersoon, Frits van Egters op zondagochtend ontwaakt. Hij heeft weer een rare droom gehad. Het ging over een lijk. Frits vraagt zich af of deze dag iets kan worden, of hij enig nut zal gaan hebben. Maar hij staat vroeg op (wat normaal niet vaak gebeurt op zondag) zodat hij zijn dag nuttig kan besteden. Maar dat gebeurt niet echt en de verveling slaat al snel toe. Zijn broer, Joop van Egters, komt op bezoek. Zijn vrouw Ina is ziek. Frits begint over de kaalhoofdigheid van Joop, en deze negeert dat. ’s Avonds wil Frits even uit huis en gaat richting Jaap Elderer, maar die blijkt niet thuis te zijn. En dus gaat hij naar Louis. Bij Louis komt er niet echt een goed vloeiend gesprek tot stand. Louis heeft een hekel aan de katten die bij hem door huis lopen, en slaat er een met zijn knokkels. Louis gaat echter vroeg naar bed dus Frits gaat naar huis en doet hetzelfde. Voor de spiegel inspecteert hij nog even zijn lichaam langs alle kanten (aantal spiegels tegenover elkaar zettend). Hij begint weer vaag te dromen.
Dag 2: Deze dag is wat spannender voor Frits, hij gaat namelijk met Joop en Ina naar het Berendsgymnasium voor een reünie. Zijn ouders zijn deze dag naar kennissen in Haarlem. Tijdens de reunie komt Frits redelijk veel oude vrienden tegen en andere mensen van zijn school. Hij heeft zijn school niet afgemaakt maar is er in de vierde klas af gegaan. Frits vindt het niet zo prettig om weer met al die oude bekenden te praten en gaat er elke keer snel vandoor. Hij heeft er spijt van dat hij er naartoe gegaan is. Eenmaal thuis gekomen gaat hij naar bed.

Dag 3: Deze dag gaat Frits op bezoek bij zijn maat Jaap en zijn vrouw Joosje. Hun kind is namelijk jarig. Frits zit eerst alleen met de vrouwen, want Jaap is even weg. Hij gaat weer wat gedwongen gesprekken aan en voelt zich niet op zijn gemak. Zodra Jaap binnenkomt begint hij weer over kaalhoofdigheid, maar al snel gaat het gesprek verder over allerlei ziektes en invalide mensen. Om beurt vertellen ze een verhaal over iemand. De vrouwen vinden het maar niks. Als hij thuis komt blijft hij nog even in de keuken staan, en ineens hoort hij vreemde geluiden. Het blijkt dat zijn moeder een zenuwaanval heeft, maar de boel is al onder controle.
Dag 4: Het is Eerste Kerstdag. De ouders van Frits gaan alweer weg. Hij verveelt zich wat en luistert naar de radio. Ineens komt er iemand op bezoek. Het is Lande. Deze beschuldigt een ‘vriend’ van Frits, genaamd Maurits, ervan tweehonderd gulden uit zijn portemonnee gestolen te hebben. Hij zag het gebeuren want Maurits trok net zijn hand uit de jas van Lande toen hij terug in de kamer kwam. Frits vertelt dat hij Maurits er zeker voor aan ziet en dat hij hem tot meer in staat acht. ’s Middags gaat Frits met Louis naar de bioscoop. Hij is niet echt tevreden over de film. ’s Avonds gaat hij nog even naar Walter Graafse. Boven Walter’s huis ligt iemand op sterven, en ze mogen dus niet teveel lawaai maken. Weer gaan er wat verhalen over en weer over doden.
Dag 5: Op Tweede Kerstdag gaan zijn ouders alweer weg. Frits verveelt zich thuis. Hij gaat door de stad lopen en komt daar Maurits tegen. Maurits vraagt steeds hoe Frits over zijn uiterlijk denkt. Frits praat mee met Maurits. Hij zorgt dat Maurits de diefstal bekent, maar zegt ook dat hij niets verkeerds over Maurits heeft gezegd. ’s Avonds gaat Frits langs Viktor en praat weer over gehandicapten.
Dag 6: Frits komt goedgeluimd van zijn werk en is vastberaden de dag goed te laten verlopen. Voordat hij het huis betreedt, weet hij al wat zijn ouders gaan zeggen, want ze zeggen altijd hetzelfde. Hij is van plan om naar de bioscoop te gaan ’s avonds, en koopt twee kaarten. Hij wil samen met Viktor, maar die zegt dat hij het te druk heeft. Maar als hij dan bij Louis langsgaat om die mee te vraegn, zit Viktor daar. Hij vindt het maar een vreemde streek. Uiteindelijk gaat hij maar alleen en komt dan Maurits weer tegen, en gaat dus samen met Maurits. Na de film gaat hij nog even bij Maurits langs. Hij kijkt hoe ver hij kan gaan bij Maurits door te vragen wat hij zou doen als hij iemand gegijzeld had en kon martelen. Er ontstaat zo een controversieel gesprek.

Dag 7: De ochtend en middag verlopen saai. Frits is alleen met zijn vader thuis. Hij ergert zich weer aan de manier waarop de man eet en andere dingen verkeerd doet, zoals het zeuren over de radio die te hard staat terwijl hij al behoorlijk doof is. ’s Avonds gaat hij met Jaap, Joosje en Viktor uit. Jaap en Frits drinken aan de lopende band borrels. Viktor is niet echt in de goede stemming volgens Frits. Ze praten weer over gebreken en over het vroegtijdig verlaten van de school door Frits. Deze is na een stuk of tien borrels behoorlijk dronken. Jaap valt bijna in slaap dus ze besluiten door te gaan. Frits komt, gesteund door zijn buurman, dronken thuis. Zijn ouders leggen hem in bed en nadat hij nog overgegeven heeft valt hij in een diepe slaap.
Dag 8: Frits wordt wakker met een zeer droge mond en hoofdpijn. Beneden vragen zijn ouders meteen naar het dronkenschap van Frits. Hij heeft de slechte stemming en besluit ’s middags even naar buiten te gaan. Hij wil naar Joop en Ina die waarschijnlijk bij Ina’s vader zijn, maar daar aangekomen zijn ze er niet. Hij blijft even hangen bij de man maar het botert niet zo goed tussen hen, dus Frits gaat naar huis. Daar komen Joop en Ina toch nog op bezoek. Weer pest hij Joop met zijn kale kop. Deze negeert het weer. ’s Avonds wil Frits uit huis van zijn ouders weg en gaat langs Bep Spanjaard. Zij woont alleen in een huis zonder buren. Frits vertelt dat hij erg bang zou zijn als hij alleen zou wonen zonder buren. Het gesprek gaat vooral over angst. Voordat hij naar huis gaat neemt hij een speelgoedkonijn mee van Bep. Hij leent het even.
Dag 9: Frits heeft een suffe dag. Zijn ouders hebben ruzie en hij ergert zich er niet echt aan. Hij zit wat aan zijn speelgoedkonijn dat een rare aantrekkingskracht op hem heeft. ’s Avonds gaat hij alweer naar de bioscoop, naar De Groene Weiden. Eerst zitten ze nog even bij Jaap thuis, samen met Bep, Joosje en Eduard Hoogkamp. Frits vind Eduard maar een zak, maar zegt dat pas bij de ingang van de bioscoop. Tijdens de film wordt Frits nogal emotioneel en vertrekt na de film snel zonder zijn vrienden. Hij droomt thuis over een lijk dat bij hem thuis bezorgd wordt.
Dag 10: Het is Oudejaarsdag. Frits hoort van zijn ouders dat er niemand op bezoek komt. Hij zal Oud en Nieuw dus alleen met zijn ouders moeten vieren. Frits ergert zich ’s morgens, na te lang in bed gelegen te hebben, al meteen aan zijn ouders. Als het hem teveel wordt gaat hij naar boven en gaat weer naar het speelgoedkonijn. Zijn moeder roept hem steeds maar hij negeert het net lang genoeg en gaat weer naar beneden. Ze bakt de appelbollen verkeerd, de appel is te hard. Ook komt hij erachter dat zijn moeder in plaats van wijn bessensap heeft gekocht. Dit doet hem zeer, omdat hij de goedmoedigheid van zijn moeder ziet maar het is wel verkeerd gegaan. ’s Avonds ergert hij zich weer aan zijn vader en ze drinken de bessensap. Frits denkt nog steeds aan de vergissing van zijn moeder. Na twaalf uur gaat hij naar zijn vrienden maar geen van allen is thuis. Dan gaat hij terug naar huis en denkt aan alle slechte eigenschappen van zijn ouders. Hij vraagt God om vergiffenis voor hen. Hij besluit om ze te accepteren zoals ze zijn en verder te leven, een nieuw jaar in. Dan valt hij in slaap.

Tijd en ruimte:
De tijd waarin het zich afspeelt is in 1946, kort na de oorlog dus. De vertelde tijd is tien dagen, het boek is dus ook in tien hoofdstukken verdeeld. Het is dus ook chronologisch verteld, van dag tot dag zonder flashbacks. Ook zitten er geen echte tijdversnellingen in. De verteltijd is 222 bladzijden. De plaats waar het zich afspeelt is voornamelijk in het huis van de familie van Egters in de stad Amsterdam. Frits zit vaak beneden bij de radio, of zit op zijn kamer met zijn speelgoedkonijn. En aan tafel waar hij zich vaak ergert aan zijn vader. Verder zit hij bij Louis, Viktor, Maurits, Jaap, Joop en Ina’s vader (Adelaar) thuis en gaat hij naar de bioscoop. Het lijkt er verdacht veel op dat de plaats waar het zich afspeelt de plaats is waar Reve vroeger zelf woonde.

Verhaalfiguren:
Frits van Egters: Frits is de hoofdpersoon in het boek. Hij woont nog thuis bij zijn ouders en is 23 jaar oud. Hij is een round character, want je komt veel te weten over zijn gevoelens. Zijn denkwijze is soms nogal afwijkend en vreemd. Hij ergert zich erg vaak aan zijn vader, omdat die doof is en slechte eetgewoonten heeft. Hij kan zich erg irriteren aan mensen en is er lang niet altijd eerlijk tegen. Frits werkt op een kantoor en heeft zijn school niet afgemaakt waar hij nog erg mee zit. Als hij droomt gaat het bijna altijd over de dood. Hij is erg bang voor de aftakeling van het lichaam, daarom begint hij ook altijd over kaalhoofdigheid en gaan de gesprekken vaak over gebreken en dood. Gelovig is hij niet echt, maar wel spreekt hij regelmatig tot God, bijvoorbeeld om vergiffenis te vragen voor zijn ouders. Maar dat is meer een soort kreet dan echt geloof. Het gedrag van Frits is redelijk puberaal te noemen, omdat hij soms echt vervelend is en zich zo ergert aan mensen. En dat terwijl hij al 23 is. Ook houdt hij continu de tijd bij en wil hij altijd zijn dag zo nuttig mogelijk besteden, anders is het weer ‘mislukt’. Met zijn speelgoedkonijn doet hij ook erg rare dingen, het is een soort troeteldiertje voor hem.

De ouders: De vader van Frits is een oude man die slecht hoort en weinig manieren heeft. Hij weet vaak niet hoe hij iets aan moet pakken aan tafel en Frits ergert zich daar aan. Alles moet altijd twee keer tegen hem gezegd worden. Hij leeft nogal erg in zichzelf en leest meestal een krant. Als Frits woorden heeft met zijn moeder denkt hij altijd meteen dat er ruzie is. ‘ Wat is dat weer met dat geroep’ zegt hij dan meestal. Frits’ moeder is nog wat energieker en heeft het meeste te vertellen in huis. Ze leeft ook erg in zichzelf en is nooit erg vriendelijk. Ze heeft een keer een zenuwaanval. Frits ziet zijn ouders als simpele zielen en vraagt God om vergiffenis voor hen. Zijn ouders leven verder erg simpel en hebben soms ruzie.

Joop en Ina: Joop is de oudere broer van Frits. Vroeger werd Frits nogal eens gepest door Joop, dat vindt hij nog steeds niet leuk. Frits begint vaak te zeuren over Joop zijn kale hoofd, maar die negeert dat. Ina is de vrouw van Joop, en met haar vader kan Frits niet zo goed opschieten.

Jaap en Joosje: Jaap is een vriend van Frits met wie hij goed op kan schieten. Ze praten vaak over gebreken en vertellen maffe moppen. Ze gaan een keer naar het cafe en Jaap valt bijna in slaap van de vele borrels. Jaap en Joosje hebben een kind en Frits gaat een keer naar de verjaardag.

Viktor en Maurits: Viktor is een vriend van Frits die erg rustig is en Frits’ gedrag wel begrijpt. Viktor staat voor het goede in Frits zijn ogen. Maurits vindt hij echter slecht en crimineel. Maar dat zegt hij niet tegen Maurits. Hij drijft Maurits een keer tot het uiterste door te praten over het martelen van iemand.

Bep en Louis: Bep heeft een been vol eczeem. Frits maakt haar bang door te vertellen dat hij altijd bang zou zijn als hij alleen in huis zou wonen zonder buren. Van haar leent hij het konijn. Louis is een voorbeeld voor Frits omdat hij nergens bang voor is en zich niet echt aan regels houdt.

Frits heeft met zijn vrienden niet echt een hele goede relatie, omdat hij ze niet echt goed kent. Vaak weet hij ook even niet wat hij moet zeggen. Hij gaat er wel mee om maar echte vrienden zijn het niet. Ze praten bijna altijd over gebreken en zijn nogal sadistisch, de vrouwen vinden dat niet zo leuk.

Vertelwijze:
Het is in de personele vertelwijze geschreven (hij-vorm). Je komt alleen de gedachten van Frits te weten en niet die van de andere personages. Je leest steeds wat hij denkt en dat is best boeiend. Soms herken je je eigen gedachten er wel eens in.

Motieven:
De dromen: Frits heeft altijd nachtmerries en het gaat meestal over de dood. Dat benadrukt het gevoel dat Frits heeft tegenover het lichamelijke aftakelen en over het doodgaan, waarvoor hij allebei erg bang is.

De tijd: Frits kijkt continu op de klok en wil zijn dag zo goed mogelijk besteden. Dat weerspiegelt hoe saai zijn dagen zijn en hoe erg hij zich verveelt. Hij wil zijn tijd zo nuttig mogelijk besteden.

De vrienden: Frits heeft wel vrienden, maar het zijn geen echte vrienden zoals normaal. Als het er op neerkomt is hij erg eenzaam. Hij voelt zich ook vaak eenzaam en heeft daarom zo’n saai leven.

Thema:
Er zijn meerdere thema’s terug te vinden in De Avonden. Angst is er een van, namelijk de angst voor het lichamelijk verval en de nutteloosheid van het leven. Frits praat altijd over gebrekkige mensen en over de dood, zo drukt hij zijn angsten weg. Hij droomt elke nacht over de dood. De dood is dus ook een thema. Verder is eenzaamheid (verveling) een belangrijk thema, want Frits verveelt zich thuis altijd en heeft aan zijn ouders ook zo goed als niets. Zijn vrienden zijn geen echte vrienden die je steunen en helpen als er iets met je is.

Titelverklaring:
De titel De Avonden slaat op de tien avonden die Frits van Egters beleefd. Hij leeft er altijd heel de dag naar toe, omdat hij ’s avonds de verder verprutste dag nog goed kan maken. Je volgt deze tien avonden in het boek, en het meeste gebeurt ook ’s avonds. Hij zit dan bij zijn vrienden en leert hem nog wat beter kennen door de gesprekken die hij voert. De ondertitel Een Winterverhaal slaat op het feit dat het een kil en ‘winters’ verhaal is over verveling en eenzaamheid. Ook speelt het zich af in de winter van 1946.

Schrijfstijl:
Het taalgebruik van het boek is erg netjes en een soort eigen stijl die Reve gebruikt als hij praat. Frits gebruikt vaak moeilijke woorden en formuleert mooie zinnen. Zijn ouders begrijpen hem vaak niet. Deze schrijfstijl heeft iets humoristisch. Er wordt vaak cynisch geschreven. De vrienden van Frits praten op dezelfde manier, en het is dus een beetje een groepstaal. Maar dat houdt niet in dat de zinnen niet vlot lezen. De zinnen zijn vaak kort en je leest er vlot doorheen.

Plaats in de literatuurgeschiedenis:
Het werk is voor het eerst gepubliceerd in 1947, kort na de oorlog dus. De sfeer die over het boek hangt, de saaiheid bijvoorbeeld, is wel typerend voor de generatie mensen na de oorlog. Tijdens de oorlog was het namelijk een stuk spannender en daarna belandde men weer in de dagelijkse sleur. Verder behoort het werk tot het existentialisme. Het existentialisme houdt in dat de enige reden waarom een mens verder leeft in de saaie wereld zijn/haar eigen bestaan is. Frits van Egters is ook erg verveeld en vindt dat zijn leven weinig nut heeft. Wel praat Frits af en toe tot God, terwijl het existentialisme er van uitgaat dat er geen God is en je alleen jezelf hebt.

Informatie over Gerard Reve:
Gerard Reve werd geboren in Amsterdam als zoon van Gerard J.M. Reve (die ook schreef) en Janetta Jacoba Doornbusch. Gerard Reve groeide op in de wijk Betondorp in de Watergraafsmeer. Hij maakte zijn opleiding niet af en ging naar een grafische school. Hij had verschillende niet geweldige baantjes tot 1947. In 1948 trouwde Reve met de dichteres Hanny Michaelis, en dat duurde tot 1956. Van 1952 tot 1957 leefde hij in Engeland. In deze tijd besloot hij alleen nog in het Engels te schrijven. Hij was naar Engeland verhuist omdat een werk van hem in Nederland een rel had veroorzaakt over zeden en normen en waarden. Later trouwt hij met Wim Schumacher, die in zijn werk Wimmie wordt genoemd. In 1964 verhuisde hij naar het Friese Greonterp waar hij samenwoonde met zijn nieuwe levenspartner Willem van Albeda en later nog met H. van Manen. In 1974 verhuisde hij naar Frankrijk en ging daar samenwonen met Joop Schafthuizen (nu nog steeds zijn partner). Reve verbleef af en toe in Nederland en soms in Frankrijk. Vanaf 1993 gingen ze in België wonen. Zijn partner is nog opgepakt voor verdenking van pedofilie in België. Intussen zit Reve in een verzorgingstehuis omdat hij sinds ongeveer 1997 lijdt aan dementie.

Ander werk van Gerard Reve:
1940 Terugkeer (poëzie)
1949 Werther Nieland (novelle)
1950 De ondergang van de familie Boslowits (novelle)
1956 The Acrobat and Other Stories (verhalen)
1961 Tien vrolijke verhalen (verhalen)
1963 Vier Wintervertellingen (verhalen)
1963 Op weg naar het einde (roman)
1966 Nader tot U (roman)
1972 De Taal der Liefde (roman)
1973 Lieve Jongens (roman)
1975 Een Circusjongen (roman)
1978 Oud en Eenzaam (roman)
1980 Moeder en Zoon (roman)
1981 De Vierde Man (roman)
1981 Brieven aan Josine M., 1959-1975 (brieven)
1983 Album Gerard Reve (fotobiografie)
1983 Wolf (roman)
1985 Brieven aan geschoolde arbeiders (brieven)
1986 Brieven aan Ludo P., 1962-1980 (brieven)
1987 Verzamelde Gedichten (poëzie)
1988 Bezorgde Ouders (roman)
1993 Brieven van een aardappeleter (brieven)
1995 Op zoek (novelle)
1995 Zondagmorgen zonder Zorgen (korte stukken en brieven)
1996 Het boek van violet en dood (roman)
1996 Ik bak ze bruiner (sprookjes, met tekeningen van Theo van den Boogaard)
1997 Brieven aan Matroos Vosch, 1975-1992 (brieven)
1997 Thom Hoffman: 23 Brieven aan Frits van Egters over het maken van De avonden. & Gerard Reve: 7 Brieven aan Thom Hoffman (brieven)
1997 Met niks begonnen. Correspondentie met Willem Nijholt (brieven)
1998 Het hijgend hert (roman)
1998 Verzameld werk
1998 Gezicht op kerstmis en andere geestelijke liederen

Welke verhaalelementen hebben voor jou een positieve werking?
Het boek spoort je aan tot denken en het geeft een zeer goede indruk hoe iemand als Frits zichzelf voelt en denkt, en dat vind ik erg sterk. Verder zit er vaak humor in het boek, bijvoorbeeld hoe Frits over zijn ouders denkt. Het beste is dat je mee kan kijken in de gedachten van Frits en je soms dingen van jezelf erin herkent. De verhalen over mensen met gebreken zijn ook vaak geestig bedacht. Ik had ook dat ik steeds door wilde lezen, ook al gebeurt er niet veel. Maar je wilt gewoon weten wat Frits telkens gaat doen om de enorme verveling te onderdrukken.

Welke passage spreekt je het meest aan en waarom?
De avond dat ze naar het café gaan spreekt mij aan, omdat ze dan nog gekkere gesprekken krijgen dan normaal en de manier waarop Frits thuis komt is ook grappig. Het laatste hoofdstuk is ook een goede passage, want daar worden de gevoelens van Frits het sterkst, een climax (bijvoorbeeld over zijn moeders vergissing met de wijn en bessensap) en de laatste zin van het boek is ook mooi.

Welke verhaalelementen hebben voor jou een negatieve werking?
Er zitten eigenlijk geen echt negatieve punten in dit boek voor mij. Af en toe is het misschien wel iets te zwartgallig, maar nooit zo dat het vervelend wordt, het is juist vaak interessant om te lezen. Het enige negatieve is dat je niet nog iets meer over Frits te weten komt, wat hij bijvoorbeeld op zijn werk allemaal uitspookt. Ook gaat dat speelgoedkonijn wel een beetje irriteren, dat had er van mij uitgemogen. Het laat natuurlijk goed zien hoe Frits is en de eenzaamheid die hij voelt, maar dat had van mij op een andere manier gemogen.

Kun je dit boek met andere boeken of een film vergelijken?
Ik moet de film van De Avonden nog eens een keer bekijken, dat ga ik zeker doen. Ik ben heel benieuwd hoe die film is. Ander werk van Gerard Reve, bijvoorbeeld Werther Nieland, heeft ook een hoofdpersoon waarvan je de gedachten uitvoerig te weten komt, dus dat lijkt op De Avonden. Verder ken ik (nog) geen boeken die in dezelfde stijl als De Avonden geschreven zijn.

Wat is je oordeel over het thema van het boek?
Ik vind het thema sterk, want iedereen heeft wel eens een moment dat hij angst heeft voor bijvoorbeeld de dood. Ook voelt iemand zich wel eens eenzaam. In De Avonden is het wel extremer dan bij de meeste ‘normale’ mensen, maar je herkent er dingen in. Het is ook eens wat anders dan een boek met een goede hoofdpersoon. Ik vind het juist mooi om eens een boek te lezen waarin de hoofdpersoon erg negatief is. En vooral in de tijd dat het uitkwam werd dat nogal bekritiseerd. Het is dus apart en het spreekt mij aan.

Wat vind je van het taalgebruik?
Het taalgebruik is af en toe erg droog en humoristisch, met die soms vreemde woorden en nette zinnen. Die sfeer hangt over het boek, het is ook Reve’s manier van schrijven en praten. Frits en zijn vrienden hebben ook een beetje een apart taaltje onder elkaar. Het stoort niet en het leest ook niet moeilijk.

Eindoordeel over het boek; zou je het een ander aanraden om te lezen?
Mijn eindoordeel is zeer positief. Voordat ik het ging lezen had ik er al hoge verwachtingen van en die zijn ook uitgekomen. De hele sfeer die over het boek hangt vind ik goed. En ook al is het zwartgallig, het is wel interessant om te lezen over zo’n persoonlijkheid. En de manier waarop hij de verveling verdrijft. Maar er zijn mensen die vinden het geweldig en mensen die het twee keer niks vinden. Je moet er wel een beetje van houden, en ook van de ‘zwarte’ humor die in het boek zit. Dat er niets gebeurt verder in het boek (behalve heel af en toe, bijvoorbeeld het café) wordt gecompenseerd door de gedachtegang en de inleving in Frits. Het boek heeft humor, is apart, interessant en leest niet moeilijk, dus kortom een echte aanrader!

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

T.

T.

Leuk hoor! Alles helder!

10 jaar geleden

J.

J.

Het existentialisme is niet goed beschreven. Er bestaat trouwens ook gewoon christelijk existentialisme, dus het klopt niet dat het existentialisme uitgaat van het niet bestaan van God.

7 jaar geleden

Andere verslagen van "De avonden door Gerard Reve"