De aanslag door Harry Mulisch

Beoordeling 4.9
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • 5e klas vwo | 2372 woorden
  • 12 maart 2016
  • 4 keer beoordeeld
  • Cijfer 4.9
  • 4 keer beoordeeld

Eerste uitgave
1982
Pagina's
236
Geschikt voor
bovenbouw vmbo/havo/vwo
Punten
2 uit 5
Oorspronkelijke taal
Nederlands
Onderwerpen
Verfilmd als

Boekcover De aanslag
Shadow

Fake Ploeg, een collaborerende inspecteur van politie, berucht om zijn wreedheid, fietst tijdens zijn spertijd door de buitenwijken van Haarlem naar huis. Door de winterse avond klinken plotseling zes scherpe knallen. Ploeg ligt dood op de stoep voor een rijtje van vier huizen, waarvan er een door de familie Steenwijk wordt bewoond. De verschrikkelijke gevolgen van de…

Fake Ploeg, een collaborerende inspecteur van politie, berucht om zijn wreedheid, fietst tijdens zijn spertijd door de buitenwijken van Haarlem naar huis. Door de winterse avond kl…

Fake Ploeg, een collaborerende inspecteur van politie, berucht om zijn wreedheid, fietst tijdens zijn spertijd door de buitenwijken van Haarlem naar huis. Door de winterse avond klinken plotseling zes scherpe knallen. Ploeg ligt dood op de stoep voor een rijtje van vier huizen, waarvan er een door de familie Steenwijk wordt bewoond. De verschrikkelijke gevolgen van deze gebeurtenis zullen de dan twaalfjarige Anton Steenwijk zijn hele leven lang blijven achtervolgen.

De aanslag door Harry Mulisch
Shadow

1. zakelijke gegevens



Schrijver: Harry Mulisch                                   



Titel: De Aanslag                                     



Uitgever: Wolters-Noordhoff



Plaats van uitgave: Groningen



Voor het eerst verschenen in: 1982



Druk plus jaartal: tweeëntwintigste druk juni 1991



Aantal bladzijdes: 254                             



Leestijd (bij benadering): zes uur                                



Uitgelezen op: 3 november 2015    





2. Verantwoording van de keuze & verwachtingen



We kregen de opdracht om iets te lezen van een Haarlemse schrijver. De enige Haarlemse schrijver die ik toen kende was Harry Mulisch en het eerste boek wat me te binnen schoot, was De Aanslag, zijn bekendste boek. Ik dacht dat het een boek was dat iedereen, in elk geval iedereen die op het ECL zit, gelezen moet hebben, dus dat ging ik ook maar doen. Ik wist dat het boek over de Tweede Wereldoorlog ging en dan over een aanslag in Haarlem. Ik wist helemaal niks over de oorlog in Haarlem dus daarom leek het mij wel een interessant boek om te gaan lezen. Verder hadden een paar klasgenoten het boek vorig jaar gelezen en die waren er positief over. Ik verwachtte een verhaal over de oorlog in Haarlem wat goed in elkaar zou zitten. Dat laatste verwachtte ik omdat ik altijd heb horen zeggen dat Mulisch een slimme schrijver is.





3. Beoordeling

Wat een cryptisch plot waarin alles zo geweldig goed op elkaar aansluit en opgevuld wordt, maar ook qua achterliggende gedachte en psychologische aspecten zit het geweldig in elkaar. Dat was een van mijn eerste gedachten toen ik het boek net uitgelezen had. Aanvankelijk had ik niet heel veel zin om een verhaal over de oorlog te gaan lezen. Ik had verwacht dat het verhaal veel meer zou gaan over wat er in Haarlem tijdens de oorlog gebeurde. Ik vond het fijn dat dat niet zo was, want de oorlog is geen fijne tijd geweest en er is zo veel ergs gebeurd, wat ik liever niet precies wil weten. Eigenlijk ging het alleen over die aanslag en alle gevolgen daarvan. Daarmee krijg je een beeld van de oorlog wat je heel erg raakt, zonder dat je hoeft te weten wat er allemaal nog meer is gebeurd. Ik vond het heel mooi om zo’n verhaal te lezen. Mulisch werkt met het hele verhaal toe naar de uiteindelijke ontknoping van wat er die nacht  precies gebeurd is en dat doet hij op een naar mijn mening erg knappe manier. Het is spannend omdat je als lezer even weinig weet als Anton en het ook even graag als hem wilt weten. Maar als je het uiteindelijk weet, besef je als lezer, samen met Anton, dat het er eigenlijk helemaal niet meer zo toe doet wie nou precies wat heeft gedaan en waarom. De aandacht gaat tijdens de ontknoping van de grote gebeurtenis niet naar wat er gebeurd is. Dat vind ik heel bijzonder en heel mooi. In het begin had ik een beetje moeite met de schrijfstijl van Mulisch, ik moest een beetje inkomen. Er zit heel veel symboliek en beeldspraak in het boek en ook stukken in andere talen, zoals Duits en Latijn. Hierdoor had ik in het begin een beetje moeite met het begrijpen van het verhaal. Ook snapte ik soms niet welke persoon bedoeld werd met ‘hij’ en dat komt denk ik doordat het taalgebruik best oud is. Maar toen ik eenmaal in het verhaal zat, vond ik het prachtig.













4. Korte beschrijving





Perspectief



De schrijver gebruikt een personaal perspectief waarin Anton persoon is die beschreven wordt. Door gebruik te maken van dit perspectief weet je (op enkele vooruitwijzingen na) als lezer evenveel als Anton en kun je goed met hem meeleven. Er wordt ook veel over andere personen vertelt in de hij-vorm, maar niet meer dan dat Anton zelf weet, dus is het geen auctoriale verteller. Dit over anderen vertellen komt denk ik mooier uit in een personaal perspectief dan in een ik-perspectief. Ook worden er vaak omstandigheden omschreven die het verhaal maken tot wat het is en als er gebruik zou zijn gemaakt van een ik-perspectief dan zouden die omschrijvingen niet goed passen. Een citaat waaruit het perspectief blijkt: “Toen hij wakker werd keek hij in de ogen van een al wat oudere Feldwebel, die hem vriendelijk toeknikte. Hij lag in een andere kamer, onder een wollen deken op een rode sofa. Het was licht buiten. Anton beantwoordde de glimlach. Het besef dat zijn huis niet meer bestond, kwam even in hem op, maar het verdween onmiddellijk. De Feldwebel trok een stoel naderbij en zette er een emaille kroes warme melk op en een bord met drie grote, ellipsvormige donkerbruine boterhammen, besmeerd met iets in de kleur van matglas,… “(blz 60)





Hoofdpersonen



In dit boek wordt vind ik niet erg ingegaan op de karakters van de personen. Criticus Alfred Kossmann noemde het boek een ‘schraal arrangement’ en schreef: ‘De personen hebben geen andere functie dan een idee te representeren. Voor wat ze verder waard zijn interesseert Mulisch zich niet’. Ik sluit me aan bij wat hij schreef, het klopt dat Mulisch de personen niet erg uitwerkt, maar daarom vind het ik niet een slecht boek. Dit verhaal wordt denk ik juist versterkt doordat er niet echt karaktereigenschappen op de personen worden geplakt. Wat Anton gebeurt kon iedereen gebeuren en ik denk dat bijna iedereen er op een dergelijke manier, zoals Anton in dit verhaal doet, mee om gaat. Dat ligt niet aan bepaalde karaktereigenschappen, maar aan wat er met een mens gebeurt door oorlog. Daarom vind ik het passend dat Anton, hoewel hij de vertelpersoon is, vrij anoniem blijft. Ik vind het daarom erg lastig om Anton eigenschappen toe te delen, maar ik kan wel de ontwikkeling die hij doormaakt omschrijven. Eerst is hij een jongen van twaalf, die opgroeit in een veilig en normaal milieu. Door de aanslag verandert heel zijn wereld. Eerst is hij bang en bezorgd over of zijn ouders en broer nog leven. Later is hij vooral boos op de oorlog, zijn buren die het lijk verplaatst hebben en eigenlijk op alles. Dan wil hij de oorlog vergeten en er nooit meer over praten. Als hij ouder wordt, komt hij het onderwerp steeds weer tegen en gaat hij er iets meer voor openstaan. Eerst wil hij weten wat er gebeurd is, maar als hij het eenmaal weet valt het belang ervan weg en accepteert hij dat het gebeurd is zoals het is gebeurd. Toch wil hij het wel vergeten. Verder vind ik dat er niet echt beschrijvingswaardige personen in het verhaal voorkomen, want je kent ze allemaal alleen hoe Anton ze kent en ze spelen allemaal kleine rollen.





Plaats en tijd



De plaats waar De Aanslag wordt gepleegd is aan een kade in Haarlem waar vier huizen staan, één ervan is het huis waar Anton woont. De namen van de huizen hebben een symbolische betekenis voor de mensen die er in wonen. Ik zal één van de namen toelichten, anders duurt het veel te lang. Een huis heet ‘Welgelegen’. De aanslag wordt voor het huis wat daar twee plaatsen vanaf staat gepleegd. In die zin ligt het huis op een goede plek, omdat het niet voor hun deur is. Het lijk wordt één huis verplaatst naar het huis van Antons familie en niet twee, naar ‘Welgelegen’ omdat het verder ligt en die afstand is hier iets goeds. Later woont Anton in Amsterdam, dit is in zoverre van belang dat het in de buurt van Haarlem ligt. Het verhaal speelt vanaf de Hongerwinter aan het einde van de Tweede Wereldoorlog in 1945 tot in 1982, wanneer de volwassen Anton gaat demonstreren tegen atoomwapens. Tijdens het leven na de aanslag van Anton zijn er dingen aan de gang zoals de oorlog in Vietnam en conflicten tussen Rusland en Amerika. Het lijkt hem allemaal een beetje te passeren, hij heeft een afkeer van oorlog.

 



Probleem/conflict



Het probleem van Anton is dat zijn ouders en broer onterecht zijn vermoord in de oorlog en hij niet weet wat er precies gebeurd is op de avond dat er een aanslag in zijn straat werd gepleegd. Hij probeert de pijn weg te laten gaan door te proberen het te vergeten. Hij probeert een normaal leven te leiden. Als dit niet lukt en hij steeds weer geconfronteerd wordt met de aanslag, komt hij uiteindelijk te weten wat er precies is gebeurd door met verschillende mensen te praten. Dan beseft hij dat hij moet accepteren dat het gebeurd is zoals het gebeurd is en hij beseft ook dat dat het beste is, omdat niemand er meer iets aan kan doen.





Thema en motieven



Het thema is de impact van een oorlog in iemands jeugd op de rest van zijn leven. Een motief zijn de dobbelstenen. Wanneer de aanslag gepleegd wordt, is Anton aan de beurt om de dobbelstenen van een spelletje te gooien. Hij steekt ze in de chaos in zijn zak. In zijn latere leven herinneren dobbelstenen hem steeds aan de verschrikkelijke gebeurtenis. De namen van de huizen zijn ook een motief, ze symboliseren iets wat met de personen die er wonen of gewoon met het huis te maken heeft. Dat heb ik al uitgelegd bij plaats en tijd.





Taalgebruik



Het taalgebruik vond ik in het begin vrij lastig, omdat het wat ouderwets is en er vaak veel ‘hij’s’ zijn, maar als je het eenmaal door hebt hoe Mulisch zijn schrijfstijl is, is het wel te accepteren en achteraf zie ik ook hoe goed het bij het verhaal past. In sommige stukken is er een grote chaos, ofwel in het hoofd van Anton of in gebeurtenissen en dat je dan af en toe niet snapt wie wie is vind ik daar wel bij passen.





Titel



De titel ‘De Aanslag’ slaat op de gebeurtenis waar heel het verhaal over gaat. Deze aanslag heeft invloed op het hele verdere leven van Anton. Het verhaal borduurt ook naar een ontknoping van wat er gebeurde in deze aanslag toe. Het motto dat voor in het boek staat, luidt: ‘Overal was het al dag, maar hier was het nacht, neen, meer dan nacht.’ Ik denk dat het er misschien op slaat dat toen de oorlog voorbij was en er niet meer gevochten werd, het officieel wel voorbij was en ‘dag’ was geworden, maar dat het nog steeds voor lang in Antons hoofd blijft zitten. Misschien slaat het ook wel op het verschil in impact van de aanslag op de bewoners van de verschillende huizen. De drie andere huishoudens zijn vrij onaangetast gebleven door de aanslag en voor hun is het al over of al dag, terwijl driekwart van het gezin van Anton dood is en het op hem voor altijd nog impact zou hebben. De leden van het naburige huishouden in ‘Nooitgedacht’ weten ook al wat er gebeurd is, maar Anton niet. Misschien slaat het daar ook wel op, Anton ‘tast nog in het duister’ terwijl de waarheid voor anderen al aan het licht is gekomen.

 



5.  De schrijver



Harry Mulisch werd in 1927 in Haarlem geboren. Zijn vader was afkomstig uit Oostenrijk-Hongarije, dat samenwerkte met Duitsland in de oorlog, en zijn moeder kwam uit België en was Joods. Zijn ouders scheidden in 1936. In de oorlogsjaren was zijn vader directeur van de bank Lippman-Rosenthal, die de door de Duitsers verkregen joodse bezittingen beheert. In die positie zorgt hij ervoor dat zijn half joodse zoon en joodse ex-vrouw uit de handen van de Duitsers bleven. In die tijd zat Harry Mulisch op het ECL. Door zijn erg verschillende ouders was zijn situatie in de oorlog heel speciaal en heeft het ook voor een deel zijn leven gevormd. Dat zie je ook terug in de onderwerpen waarover hij schrijft, onder andere in De Aanslag. Hij leefde net als Anton tijdens de oorlog en was toen nog een kind/jongere. In het begin had Mulisch moeite met het gepubliceerd krijgen van zijn boeken. Hij had al in 1947 een verhaal in het Elseviers weekblad, maar pas in 1951 werd zijn eerste boek gepubliceerd: Archibald Strohalm. Daarna werd hij erg succesvol en hij heeft vele boeken en verhalen, maar ook gedichten en scenario’s geschreven. Zijn werken zijn verschillend, maar qua thematiek toch een eenheid. Hij verwerkt er vaak mythen en symbolen in en zijn doel is om hiermee de waarheid te vinden. Er is een periode waarin hij zich erg focust op de actualiteit. Hij is dan ook redacteur van tijdschriften en zijn werken neigen ook naar het politieke en maatschappelijke. Daarna keert hij weer terug naar de symboliek en mythologie. Hij focust zich vooral op echt literair werk. Hij krijgt in 1971 een dochter, Anna, en in 1974 nog een, Frieda. In 1977 krijgt hij de Christiaan Huygensprijs, een van de belangrijkste literaire prijzen in Nederland. En ook de andere belangrijkste prijs krijgt hij, de P. C. Hooftprijs, in 1978. Hierna gaat hij weer romans schrijven. In 1982 verschijnt De Aanslag. Die is ontstaan uit een roman waaraan hij begin jaren zestig begon, maar niet afmaakte. Van De Aanslag zijn in de eerste negen jaar na de verschijning 375 000 exemplaren verkocht. De kritiek was overwegend positief en het is een toegankelijk verhaal. Mulisch noem het zelf ‘een ingewikkeld verhaal, dat men eenvoudig vertelt’ en deze literaire benadering van de oorlog is heel succesvol gebleken. Mulisch stierf in oktober 2010 aan kanker, hij is 83 jaar geworden.








REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Andere verslagen van "De aanslag door Harry Mulisch"