Boy 7 door Mirjam Mous

Beoordeling 5
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • 1e klas vwo | 1957 woorden
  • 22 november 2014
  • 28 keer beoordeeld
  • Cijfer 5
  • 28 keer beoordeeld

Boek
Auteur
Genre
Taal
Nederlands
Vak
Methode
Eerste uitgave
2009
Pagina's
284
Oorspronkelijke taal
Nederlands
Verfilmd als
Prijzen
Jonge Jury (2011 Genomineerd)

Boekcover Boy 7
Shadow

Een jongen komt bij in een snikhete, kale grasvlakte. Hij weet niet hoe hij daar terechtgekomen is, waar hij vandaan kwam en zelfs niet meer hoe hij heet. Tot zijn opluchting vindt hij een rugzak met daarin een mobiele telefoon. Hij wil het alarmnummer intoetsen, maar ziet dan dat hij een voicemailbericht heeft ontvangen. Tot zijn verbijstering hoort hij: Wat er ook g…

Een jongen komt bij in een snikhete, kale grasvlakte. Hij weet niet hoe hij daar terechtgekomen is, waar hij vandaan kwam en zelfs niet meer hoe hij heet. Tot zijn opluchting vindt…

Een jongen komt bij in een snikhete, kale grasvlakte. Hij weet niet hoe hij daar terechtgekomen is, waar hij vandaan kwam en zelfs niet meer hoe hij heet. Tot zijn opluchting vindt hij een rugzak met daarin een mobiele telefoon. Hij wil het alarmnummer intoetsen, maar ziet dan dat hij een voicemailbericht heeft ontvangen. Tot zijn verbijstering hoort hij: Wat er ook gebeurt, bel in geen geval de politie. En hij weet één ding zeker: dat is zijn eigen stem. Met behulp van de spullen in zijn rugzak, gaat hij verbeten op zoek naar zijn verleden. Maar zolang hij zich niets herinnert, durft hij niemand te vertrouwen. Zelfs Lara niet. Stapje voor stapje komt hij achter de verschrikkelijke waarheid.

Boy 7 door Mirjam Mous
Shadow

Zakelijke gegevens



Titel:                                      Boy 7



Auteur:                                Mirjam Mous



Uitgeverij:                           Van Holkema & Warendorf



Jaar van uitgave:              2010



Illustraties:                          N.V.T.



Vertaald door:                   N.V.T.





Inhoud



Er komt een jongen bij op een grasvlakte, hij weet niets meer en heeft geen idee hoe hij hier terecht is gekomen. Naast hem ligt een rugzak. Daarin vindt hij een mobieltje, hij ziet dat er een voicemail is achter gelaten. Op de voicemail hoort hij het volgende; ‘wat er ook gebeurt bel in geen geval de politie’. En het is zijn eigen stem.



Na een tijdje komt er een auto langs de verlaten weg en hij mag mee liften. De vrouw met wie hij lift, neemt hem mee naar de bed & breakfast van haar tante waar hij kan overnachten. Hier begint hij uit te zoeken wat er met hem is gebeurd. In de tas vindt ook nog hij een kluissleutel, na bij bijna alle banken in het stadje de kluissleutel uit te hebben geprobeerd komt hij op het idee om misschien de bowlingbaan in de stad uit te proberen, aangezien ze daar ook kluisjes hebben. Hij gaat er de volgende dag heen samen met Lara, de vrouw die hem had opgepikt bij de grasvlakte. En ja, de sleutel past in het kluisje. In het kluisje vindt hij een notebook en een usb stick.



Hij begint in het notebook te lezen en komt er hierdoor te weten wat er allemaal is gebeurd máár nog niet alles. Eindelijk komt hij er achter hoe hij heet; Sam Waters! En hij blijkt een hacker te zijn die was opgepakt omdat hij het systeem van zijn school had gehackt. Omdat hij dit had gedaan werd hij naar een inrichting voor probleemjongeren gebracht, genaamd ‘Cooperation X’. Hier werd hij Boy 7 genoemd en werd hij samen met de andere ‘Boys’ gehersenspoeld. Hij beschrijft in zijn notebook wat er allemaal gebeurde in de inrichting en over hoe hij en zijn vriend Louis een ontsnappingsplan aan het bedenken waren. Ook werd het hem duidelijk dat zijn plan dus was gelukt, ook al wist hij dan niet wat het plan was.



Als hij klaar is met lezen, komen Lara en een andere man zijn kamer binnen om hem gevangen te nemen, zij werkten dus ook voor Cooperation X. Sam weet ze te overmeesteren en ontsnapt. Hij had ook de mobiel van de man die met Lara was te pakken gekregen waarop hij zag dat er een berichtje was verzonden dat de inrichting opgeblazen zou worden in 90 minuten. Hij komt snel in actie en gaat naar de inrichting toe.  Ook ontdekt hij dat hij een chip achter zijn oor heeft en dat hij daardoor niks meer weet. Hij snijdt de chip er zelf uit en zijn geheugen komt terug. Als hij bij de inrichting aankomt ziet hij nog net dat deze explodeert. Hij schreeuwt het uit en valt flauw. Maar als hij wakker wordt zitten alle boys van de inrichting om hem heen en ligt hij in het ziekenhuis. Alle boys zijn gered door de FBI en alles is toch nog  goed gekomen.(EINDE)







Mening



De volgende gebeurtenissen vond ik spannend



Het moment dat (hij weet dan nog niet dat hij zo heet) Sam in het notebook begint te lezen.



Lara toonde geen enkele interesse in de usb-stick. Misschien was ze nog gepikeerd of vond ze het geen aanlokkelijk idee om met een hallucinerende mafkees in één kamer te zitten – ik kom haar geen ongelijk geven – in ieder geval leende ze me haar laptop en verdween naar beneden. Ik was er niet rouwig om. Je wist nooit wat voor geheimen de stick zou onthullen. Als ik een misdadiger of een krankjorum bleek, ontdekte ik dat liever in lijn eentje. Ik zette de laptop op het bed en deed mijn rugzak af. Daarna trok ik het notebook uit mijn broeksband en haalde de stick uit mijn zak. Ik moest aan verjaardagen denken. Of betergezegd: aan cadeautjes die je nog niet had uitgepakt. Nu maar hopen dat de inhoud me niet zou teleurstellen. Met de kussens in mijn rug ging ik tegen het hoofdeinde zitten. Notebook of stick? Ik besloot met het eerste te beginnen. Als jij mij bent en ik deze woorden teruglees, is mijn plan gelukt. Dan heb je het kluisje met dit notebook gevonden. Alles wat hierin staat is echt gebeurd. Het zou kunnen dat jij… ik dus, me dat niet meer kan herinneren. Daarom heb ik alles opgeschreven. Als je iemand anders bent, is het misgegaan. Ik kan gevangen zijn of zelf vermoord. Breng dit notebook en de usb-stick alsjeblieft naar de redactie van  Time of een andere grote krant. Publicatie is de enige manier om ze te stoppen! Dat stond op het schutblad. In míjn handschrift! Mijn plan – wat dat dan ook mocht zijn – was dus geslaagd. Ik had zelfs geweten dat ik mijn geheugen zou kunnen verliezen. Maar hoe dan? En wie waren ‘ze’? Met bevende vingers sloeg ik de bladzijde om.





Het moment dat Sam (nu weet hij het wel) zijn geheugen terug krijgt.



En toen was het tijd voor de microchip. Ik pakte het stanleymes en keek in de spiegelscherf. Dat was ik. Nog steeds een beetje vreemd maar toch ook weer vertrouwd. Iemand die ik inmiddels een aantal dagen kende. De enige van wie ik op aan kon. Ik moest het doen. Wat de consequenties ook zouden zijn. Ik draaide mijn hoofd een beetje zodat ik achter mijn oor kon kijken Mij haren en huid waren roodgeel van de jodium. Ik hield de punt van het stanleymes tegen mijn vel. Misselijk. Hoe konden artsen in iemand snijden? Omdat het de enige manier was om een patiënt te redden. Ik moest het doen. Omdat dit de enige manier was om Louis en de andere boys te redden. Ik haalde diep adem en nog eens en nog eens en toen kerfde ik het mes in mijn vel. Een halve cirkel rondom het plekje waar ik de chip vermoedde. Bloed gulpte naar buiten en stroomde naar mijn schouder – de witte handdoekjes kleurden rood. Misselijk, alweer. Half op de tast graaide ik naar een schoon stuk papier op mijn rugzak – ja, ik had er een te pakken – wond het handdoekje om mijn vingers en duwde tegen de wrat achter mijn oor. De pijn sloeg als een golf over me heen. Ik schreeuwde het uit. Niet flauwvallen! Er zat beweging in de chip. Denk aan Louis en Kathy en je moeder! Je bent er bijna, niet opgeven. Weer duwde ik tegen de verdikking. Ik voelde iets wegschieten en ook al ging ik bijna van mijn stokje van de pijn, er was ook iets anders. Iets wat me lichter maakte. Het was alsof er in mijn hoofd een gordijn open ging. Ik wist alles weer!





De volgende gebeurtenissen had ik niet zien aankomen.



Het moment dat Sam er achter komt dat alle boys levende proefpersonen zijn.



‘Het is een wetenschappelijk experiment!’ Ik sloeg mijn hand voor mijn mond. Man, ik leek wel gek. Alsof Louis me kon horen. Met nietsziende ogen staarde ik naar het notebook. De ouders van Lara waren na de mislukking in de streng bewaakte gevangenis niet gestopt met hun onderzoek. Afrika was maar een smoesje, ze gingen gewoon door. In het geniep waarschijnlijk. Niemand met gezond verstand zou toestemming geven voor zoiets krankzinnigs. Die zogenaamde instelling voor probleemjongeren was alleen maar een dekmantel. In werkelijkheid was het een soort laboratorium. Niet met proefdieren maar met proefmensen. En ik was er een van!



Het moment dat Lara met haar ouders na dat ze gevlucht zijn ineens in Nederland blijkt te zitten.



Lara keek naar buiten. Bij de tramhalte stonden mensen onder paraplu’s te wachten. Op de stoep sprong een meisje met kaplaarzen in een plas, ze schaterde van de pret. Met een zucht liep Lara weg van het raam. Ze woonde nu al zo lang in Amsterdam maar de regen wende nooit. Op zo’n dag als vandaag miste ze de tuin van haar tante Bobbie nog meer dan anders. De zon in het gebladerte. De zoete geur van de bloemen op de carport. Met een lamlendig gevoel zegge ze de radio aan. ‘De overlast van hangjongeren is nu ook in Utrecht verleden tijd,’ meldde de nieuwslezers van vier uur. ‘Door het nieuwe beleid laten jongeren zich veel beter sturen. Eindhoven heeft het plan, dat al eerder succes boekte in steden als Amsterdam en Rotterdam, nu ook omarmd.’ Het nieuwe belijd. Lara voelde aan het littekentje achter haar oor. Het zat precies op het plekje waar ooit een chip had gezeten. (einde boek)







Opdracht B



Het begin. De jongen zonder geheugen.



Het voelde alsof hij zonder parachute uit een vliegtuig werd geduwd toen Boy 7 wakker werd in het gras.



Hij had werkelijk geen idee hoe hij op deze grasvlakte terecht gekomen was. Hij had hoofdpijn dat wist hij wel. Ook wist hij niet meer wie hij was of waar hij vandaan kwam. Hij had veel scheuren in zijn kleren en een grote schaafwond op zijn elleboog. Had hij misschien een ongeluk gehad? Of was dit allemaal een grap of misschien was hij wel een of andere gek! Hij besloot om hulp te gaan halen maar zodra hij opstond zakte hij door zijn enkel de pijn liet hem bijna flauwvallen zo erg was het hij trok zijn schoen uit en zag dat hij een sok met een 7 er op aan had de sokken kwamen hem niet bekend voor. Toen ook de sok uit was zag hij dat zijn enkel helemaal dik en gezwollen was. Hij trok zijn schoen weer aan en probeerde ditmaal voorzichtiger te gaan lopen, het deed pijn maar het ging wel. Had hij maar een mobieltje. Toen zag hij ineens een paar meter verderop een groene rugzak liggen. Zou die van hem zijn? Toen hij hem openmaakte zag hij dat er een pyjama, een tanden borstel, een tube tandpasta, een flesje water, een baseball cap, een foto van een of ander grijs gebouw en een bestellijst van een pizza hut in de tas zaten. Geen mobieltje dus. Hij was boos hij trapte tegen de lege tas. Er zat iets in het voorvakje! Er zat een mobieltje in! Hij wilde meteen het alarmnummer bellen maar toen zag hij het pas een voicemailbericht! Hij hield het mobieltje tegen zijn oor en luisterde wie hem wilde bereiken. ‘Wat er ook gebeurt. Bel in geen geval de politie.’ Hij luisterde het een tweede keer maar er was geen twijfel over mogelijk: het was zijn eigen stem! Maar waarom? Het duurde even voor dat hij het besefte maar het was toch echt zo EEN AUTO!


REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Andere verslagen van "Boy 7 door Mirjam Mous"