Havisten uit de bovenbouw gezocht! Vul deze korte vragenlijst over jouw studiekeuze in en maak kans op een Bol.com bon t.w.v. 15 euro.

Doe mee


Titelbeschrijving
Schrijver: Gerbrand Bakker
Titel: Boven is het stil
Welke druk: vierde druk
Plaats en jaar van uitgave: Amsterdam, juni 2006
Jaar van 1e uitgave: maart 2006
Titelverklaring:
1. De titel is letterlijk: Zijn vader ligt boven op zolder en houdt zijn mond.
2. De titel is figuurlijk: Boven is een metafoor voor de hemel en de doden zwijgen.
3. De titel is figuurlijk: In zijn hoofd is het eindelijk stil
3. Verhaalsoort
Er worden gebeurtenissen verteld, met een tijdsverloop, en oorzaken en gevolgen dus het boek behoort tot de epiek. Een historische roman is het subgenre omdat de gedachten van de hoofdpersoon uitvoerig worden beschreven.


4. Opbouw
Indeling en tekstsoorten in het boek:
Het boek heeft 2 delen; I en II. Het boek begint wanneer Helmer zijn vader naar boven brengt. Dit eerste deel bestaat uit 17 hoofdstukken. De hoofdstukken hebben geen titels maar nummers. Ze geven een tijdsprong aan, vaak wordt de nacht overgeslagen of van een flashback gaat het weer terug naar de normale tijd.
Het tweede deel van het boek begint als Helmer contact opneemt met Riet. In het tweede deel van het boek probeert Helmer zijn woede en verdriet te verwerken. Dit deel is langer en heeft 39 hoofdstukken.
De schrijver heeft het boek zo ingedeeld om de twee belangrijkste gebeurtenissen in het boek van elkaar te onderscheiden, maar door de hoofdstuktelling blijft er eenheid in zitten.
5. Handelingsverloop
Korte inhoud:
Als de tweelingbroer van Helmer overlijd moet hij de boerderij van zijn ouders overnemen. De relatie tussen Helmer en zijn vader is slecht doordat hij tegen zijn zin een boer is geworden. Als zijn zieke vader verzorgd moet worden brengt hij zijn vader naar de zolder. Hij krijgt contact met de vrouw die met zijn broer zou trouwen. Zij wil daar haar zoon op de boerderij komt werken als knecht. Deze jongen krijgt een bijzondere relatie met de vader van Helmer. In de lente komt Helmers vader te overlijden en vertrekt Helmer met de oude knecht naar Denemarken.
Beginsituatie:
Een opening in de handeling; Helmer verplaatst zijn vader en richt de rest van de kamer anders in. Later wordt er meer over hun situatie uitgelegd.


Einde:
Een open einde; je weet niet wat Helmer verder met zijn leven doet en hoe het verder met Henk vergaat.
Happy end: Ja; eindelijk kan Helmer bepalen wat hij zelf wilt doen en met wie hij dat wilt doen.
6. Vertelwijze Hoe?
Vertelperspectief:
Je beleeft het verhaal vanuit de ikpersoon en het is daarom een ikverhaal.
Citaat:
Alleen de bank is teruggekeerd in de woonkamer. Op de onderste plank van de ingebouwde linnenkast in mijn slaapkamer heb ik een groot stuk stof gevonden. Misschien is het een stuk stof waarvan moeder nog een jurk had willen naaien, al lijkt het me daarvoor iets te veel aan de maat. Het past mooi over de bank.
7. Verhaalfiguren Hoe?
Hoofdfiguur:
Helmer is een Noord-Hollandse boer van 55 jaar oud. Zijn uiterlijk wordt niet uitvoerig beschreven maar er wordt wel duidelijk gemaakt dat hij er uitziet als een typische cliché van een oude boer. Dit is tegenstrijdig want hij wilde nooit boer worden en walgt van zijn leven op de boerderij, maar ziet er wel zo uit als men verwacht dat hij eruit ziet.
Sinds zijn tweelingbroer op 19jarige leeftijd is omgekomen bij een auto-ongeluk heeft Helmer het gevoel dat hij maar een halve identiteit heeft. (Eigenlijk begon dit eerder want zijn broer werd tijdens zijn puberteit afstandelijker naar hem.) Hij heeft zich erbij neergelegd dat hij voor de rest van zijn vaders leven boer moet zijn, maar raakt hierdoor erg verbitterd. Het is een stille jongen die aardig tegen zijn buren kan zijn maar altijd afstandelijk blijft. Hij is ouderwets en houdt niet van moderne dingen zoals een televisie.
Hij is een karakter want je leest al zijn gedachten en je komt steeds meer over hem te weten; hierdoor verandert je mening over zijn innerlijk.
Citaat:
Warmte afgeven doet hij nauwelijks, de onderkant van de ramen is bedekt met ijsbloemen. Misschien vriest hij de komende nacht wel dood.
‘Ik heb een appel voor je,’ zeg ik.
‘Koud,’ zegt hij.
‘Ja, het vriest.’ Ik leg de appel op zijn nachtkastje en ga de slaapkamer uit.
Bijfiguren:
Vader, Henk (zijn tweelingbroer), Riet (de verloofde van Henk), Henk (de zoon van Riet die komt werken bij Helmer) en de buren van Helmer zijn de figuren die naast het hoofdfiguur vaak voorkomen.
8. Ruimte:
Het verhaal speelt zich voornamelijk af op de boerderij van Helmer. De boerderij staat in een klein dorpje in Waterland, een gebied in Noord-Holland. Het verhaal had zich niet ergens anders kunnen afspelen want Helmer is een boer die zijn vrienden uit de stad is verloren en verder geen familie meer heeft, dus hij is haast altijd thuis.
De sfeer van de ruimte komt overeen met de sfeer van het boek; het is allebei sober en stil. Hij heeft een kleine boerderij met 2 ezels, 20 schapen, wat kippen en 20 koeien. Er komen hooguit 3 mensen per week langs, het is een eenzame plek waar voor het grootste gedeelte van de tijd stil is. Dit komt overeen met Helmer want hij voelt zich zonder zijn tweelingbroer constant eenzaam en praat niet veel.
De ruimte verwijst naar het thema van het boek.
9. Tijd
Tijdsverloop:
Het is een niet-chronologisch verteld verhaal want er komen flashbacks in voor. Daarbij is het ook een niet-continu verteld verhaal want er worden vaak dagen of delen van dagen overgeslagen.
Flashbacks:
Er komen in het verhaal lange flashbacks voor.
Versnelling en vertraging:
In Boven is het stil wordt er veel gebruik gemaakt van tijdversnelling en tijdvertraging. Er zijn tijdsprongen die onbelangrijke stukken weglaten, maar er worden ook onbelangrijke dingen vertraagt. Zo wijdt de schrijver 12 regels aan het snoeien van een wilg, terwijl deze wilg geen deel in het verhaal heeft.
Historische tijd:
21e eeuw. Dit blijkt door de merken en wanneer Henk komt koopt Helmer een televisie voor hem omdat hij niets anders te doen heeft. Dat jongeren niet zonder televisie kunnen en mensen rond de 60 nog wel laat merken dat het in deze tijd afspeelt.
10. Motieven en thema
Motieven:
Riet die Helmer als vervanger van Henk ziet.
Henk die de lieveling van hun vader is.
Het vaak voorkomen van het getal 2; 2 schapen, 2 zonen, 2 buurjongens.
De knecht waar Helmer mee omgaat.
Henk die Helmer uit zijn bed wegstuurt.
Thema:
Het vinden van een eigen identiteit als tweeling.
11. Stijl Hoe?
Stijlkenmerken:
De lange zinnen worden meestal gevolgd door een korte zin. Er wordt heel precies verteld wat er gebeurd, maar er worden steeds details ‘overgeslagen’. Je kunt niet zomaar een stuk van het boek overslaan want als een stuk onbelangrijk lijkt is het toch nodig voor het hele verhaal.
Citaat:
Voor Riet maak ik een uitzondering: ik rij naar het zuiden. Het zuidwesten, om precies te zijn. Naar de pont in Amsterdam-Noord. We hebben een tijd afgesproken en lang voor die tijd sta ik al voor een patatkraam aan het IJ. Er varen futuristische veren heen en weer, strakbelijnde botervloten in blauwwit, die in niets doen denken aan de lichtgroene uit 1967.
De plek wordt precies beschreven, er wordt verteld hoe de boten eruit zagen en hoe ze er vroeger uit zagen, er wordt verteld dat hij te vroeg gekomen is, maar de tijd wordt niet vermeld. Het is niet belangrijk om te tijd te weten, maar het is wel vreemd dat het als enige niet beschreven wordt.
12. Beoordeling:
Ik vind Boven is het stil goed geschreven. Als je het boek leest lijkt het alsof er in Helmer’s leven niks gebeurt, dit komt ook doordat zijn dagelijkse handeling uitvoerig beschreven wordt en er bij alle onnuttige dingen veel details worden gegeven. Maar als je erover nadenkt is zijn leven veel ingewikkelder dan dat het lijkt. Hij wraakt zich op zijn vader, hij zoekt contact op met de verloofde van zijn overleden broer, hij heeft nog steeds niet de dood van Henk verwerkt, hij voelt zich slechts een half persoon, hij heeft nooit het leven gehad wat hij wilde hebben en vertrekt naar Denemarken met een oude vriend. En toch wordt er aan de normale, saaie dingen veel meer aandacht geschonken. In het begin van het boek weet je niet nauwelijks wat van Helmer dus je wordt gedwongen door te lezen in de hoop dat je meer over hem komt te weten.
Ik vind het thema van het boek origineel gebracht. Het is niet zo dat er weinig boeken zijn over tweelingen, maar in Boven is het stil wordt het er op een andere manier naar gekeken. Bij de meeste boeken over het vinden van een eigen identiteit als tweeling willen ze allebei ‘beter’ zijn en is er meer een strijd. In dit verhaal ziet Helmer toe hoe anders Henk alles doet maar hij vindt het zelf niet erg om de minder leuke helft van de tweeling te zijn. Hij ziet Henk als leider en heeft geen idee meer wat hij moet doen zonder hem.
Het verhaal is goed inleefbaar, want ik vond echt dat hoe Helmer zich tegen zijn vader gedroeg immoreel was terwijl ik normaal met boeken verder geen mening over de houding van de hoofdpersonen heb. Ik had medelijden met de vader die de laatste periode van zijn leven alleen het zolderraam uit kon kijken en nauwelijks eten kreeg en ik werd haast boos op Henk die zijn broer liet zitten.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.