Het Expertisebureau Online KinderMisbruik (EOKM) en Slachtofferhulp Nederland doen onderzoek naar financiële afpersing met naaktvideo’s onder jongens (ofwel: sextortion). Is dit jou overkomen? Deel dan jouw ervaringen door mee te doen met het anonieme onderzoek. Met jouw bijdrage help jij de hulpverlening verbeteren!

 


Naar het onderzoek


Zakelijke gegevens

Auteur: Ferdinand Bordewijk
Titel: Bint (uit de bundel: Blokken/Knorrende beesten/Bint)
Uitgever: Nijgh & van Ditmar, Amsterdam
Jaar van uitgave: 2000, 31e druk (eerste druk Bint: 1934)
Aantal bladzijden Bint: 80

Eerste reactie
Ik heb dit boek gekozen, omdat ik er wat over had gehoord in de Nederlandse les. Het leek me een grappig en interessant boek, omdat het gaat over een onderwerp wat je niet vaak tegenkomt, namelijk een hele strenge school, waar een man nieuw als leraar komt te werken. Het boek is wel wat ik ervan verwacht had, maar toch vond ik het lastig erdoor te komen. Op zich vind ik de schrijfstijl leuk, kort en bondig, maar het is soms wel een beetje langdradig, met wat te veel details. Toch vond ik het een leuk boekje om te lezen.



Verdieping
Samenvatting

Als er op een school een leraar is weggepest, wordt er een tijdelijke vervanger aangesteld, De Bree. Als hij door de directeur van deze school, Bint, naar klas 4D wordt gebracht wordt hem uitgelegd dat dit de ergste klas van allemaal is en dat Bint extreme tucht eist. De Bree komt binnen en begint zijn psychologische oorlogsvoering met het zeggen dat er oorlog heerst tussen de klas en hem. Eerst probeert de klas, die hij ‘de hel’ noemt, hem nog in de maling te nemen door allemaal op andere plaatsen te gaan zitten, maar De Bree heeft ze al meteen door. Er moeten verschillende mensen nakomen, maar hij krijgt de klas wel onder de duim. Zijn andere klassen, die hij ‘de grauwe’, ‘de bruine’ en ‘de bloemen’ noemt, zijn allemaal niet zo interessant als ‘de hel’.
Er is een rapportvergadering, er wordt alleen een cijfer gegeven voor de algemene indruk. Als dit eerste cijfer, dat rond kerst gegeven wordt, niet voldoende is, mag de leerling niet op de school blijven. In een van De Bree's klassen, de grauwe klas, zit een jongen, Van Beek, die zichzelf dreigt te doden als hij een onvoldoende op zijn rapport komt te staan. Bint maakt hen allen duidelijk dat het hem niets kan schelen, en dat er geen uitzonderingen gemaakt worden. Ook het geval Fleau wordt besproken. Bint wil hem van school hebben, omdat hij al te lang onrust stookt. Tijdens de kerstvakantie pleegt Van Beek inderdaad zelfmoord, waarna Fleau, uit de bloemenklas, een oproer organiseert. Bint heeft echter alles onder controle en laat de hel, die zich bij de school aansluit, het uitvechten met de andere leerlingen. Daarna gaan de lessen door alsof er helemaal niks is gebeurd. Bint is zelfs trots op 'de mannen'. Na onderzoek blijkt dat de conciërge een namenlijst aan Fleau heeft doorgegeven, zodat hij tijdens de vakantie leerlingen kon bezoeken en opstoken. De conciërge wordt hierna ontslagen en Fleau keert niet meer terug naar school.
De tijd breekt aan dat de schoolreisjes plaats vinden. Met zulke uitstapjes wordt ‘de hel’ altijd in tweeën gesplitst. Nox krijgt de ene helft, en, omdat Remigius twee dagen voor vertrek te vroeg een kind heeft gekregen, mag De Bree met de andere helft mee. Hij vindt dit heel prachtig om te doen, maar laat zijn blijdschap niet aan de anderen zien. Na een paar dagen moet de route aangepast worden omdat Te Wigchel ziek is geworden en veel moet hoesten. De klas vindt het niet leuk, maar ziet in dat dit het beste is. Als ze de volgende morgen wakker worden blijkt dat er twee leerlingen missen. De Bree is eerst razend, maar opeens heeft hij de leerlingen door. Ze zijn toch de lange route gaan fietsen. Ze komen ’s avonds, veel later als de rest van de klas die wel de korte route heeft gefietst, aan bij de volgende herberg. Ze worden door de klas zelf gestraft.
De Bree had zich voorgenomen één jaar te blijven op de school, maar Bint vraagt hem of hij toch niet langer wil blijven. De Bree wijst dit eerst af, maar thuis schrijft hij Bint een briefje waarin hij zegt dat hij de baan toch accepteert. Op de eerste dag van het nieuwe schooljaar hoort De Bree dat Bint ontslag heeft genomen. De Bree hoort van de plaatsvervangende directeur dat het ging om de dood van Van Beek. De Bree snapt het niet, en zoekt daarom Bint tot twee keer toe op. Beide keren weet zijn dochter te melden dat hij weg is, dat ze niet weet waarheen en tevens niet weet wanner hij terugkomt. Uiteindelijk begrijpt De Bree dat Bint contact heeft verbroken met iedereen, ook met de school en alles er omheen. Klas 4D is overgegaan naar de examenklas, maar De Bree wil nog steeds geen vrede met hen sluiten. Het blijft oorlog.


Verhaaltechniek
Bordewijk maakt gebruik van korte zinnen met weinig verbindingswoorden, het boek heeft mede daar door een zakelijk karakter. Ook gebruikt hij veel beeldspraak, maar wel op zo'n manier dat je begrijpt wat hij bedoelt. Door middel van die beeldspraak beschrijft hij ook ontzettend veel, soms een beetje te veel. Verder laat hij de lezer meedenken met hoe De Bree zich ontwikkelt en hoe hij denkt. Op die manier wordt je meer betrokken bij het verhaal en is het interessant om te lezen.
Het boek speelt zich grotendeels af in de school, en dan met name in de klaslokalen van de verschillende klassen. Ook is er een periode dat het verhaal zich afspeelt in België, Zeeuws - Vlaanderen en Noord Frankrijk, tijdens een schoolreis. Het is niet echt duidelijk in welke tijd het verhaal zich afspeelt, waarschijnlijk gewoon in de tijd dat het ook geschreven is, maar dit is ook niet belangrijk voor het verhaal. Het verhaal begint in november en eindigt in september, in het volgend jaar. Het wordt volledig chronologisch verteld.
De belangrijkste figuren in dit boek zijn De Bree en Bint. Bint is directeur van de middelbare school. Hij wil met zijn stalen tuchtsysteem de leerlingen vormen tot ‘maatschappelijke reuzen’. Bint stelt daarbij hoge eisen aan zijn leerlingen, aan de leraren en aan zichzelf. Aan het einde van het schooljaar blijkt Bint zelf niet opgewassen te zijn tegen zijn eigen systeem. Het incident met de zelfmoord van Van Beek heeft hem meer aangegrepen dan hij toe durft te geven.
Alhoewel de Bree een grote rol vervult in het boek, krijg je behalve zijn gedachtegangen weinig over hem te weten. Hij gaat meer en meer geloven in het onderwijssysteem van Bint. Zelfs als ‘de hel’ vrede wil sluiten met De Bree, buigt hij niet voor hun verzoek. Het blijft oorlog.
De klassen:
‘De hel’: Klas 4D is het voorbeeldproduct van Bint’s tuchtsysteem. Zij staan volledig achter het systeem en ontwikkelen zich tot een soort eliteklas.
‘De bloemen’: Deze klas is erg vredig en dus een tegenpool van ‘de hel’.
‘De grauwen’: De leerlingen uit deze klas zijn goedaardig. Ze werken hard, maar zijn kleurloos en slecht.
‘De bruinen’: Deze klas is alle andere klassen voor, zeer leergierig.
In het begin van het boek krijg je meteen te maken met het systeem van de school door het lesgeven van De Bree: de ijzeren discipline, de tucht. In de loop van het boek word je meegenomen in zijn gedachten. Hij ziet zichzelf als een steeds betere leraar, hij denkt dat hij alle mensen om zich heen doorheeft en weet hoe ze zijn. Het boek heeft een open einde, het eindigt dat De Bree in de school is en voelt dat Bint nog steeds min of meer aanwezig is, de sfeer hangt er nog. Maar hoe het verder afloopt met de school, de leerlingen, met Bint of De Bree wordt niet duidelijk.
Het verhaal wordt verteld in de hij-vorm, maar je beleefd alles vanuit De Bree.

Thematiek
Het thema van dit boek is de stalen tucht, die de menselijke persoonlijkheid tegen de chaos moet beschermen. Bint wil dat zijn school hierom bekend staat.
De titel ‘Bint’, slaat op de directeur van de school, die het stalen tucht systeem heeft bedacht. De ondertitel ‘Roman van een zender’, die er in latere versies is bij gekomen, slaat op Bint en De Bree. Bint is de zender met zijn systeem van tucht. De Bree is hier de ontvanger van, hij neemt de ideeën van Bint over.


Literatuurgeschiedenis
Over Bordewijk.
Ferdinand Bordewijk wordt geboren op 10 oktober 1884 in Amsterdam. Aan het Hoge Westeinde, een school met een ouderwetse tucht, wordt hij leerling op het gymnasium. Hij studeert rechten in Leiden en promoveert in 1912 tot doctor. Een jaar later wordt hij beëdigd als advocaat en gaat hij werken bij een advocatenkantoor in Rotterdam. In 1914 trouwt Bordewijk met Johanna S.H. Roepman. Uit dit huwelijk worden een dochter en een zoon geboren. Onder het pseudoniem Ton Ven maakt hij in 1916 zijn debuut als schrijver met de gedichtenbundel Paddestoelen. Van 1918 tot 1920 doceert Bordewijk handelsrecht aan de Handelsschool in Rotterdam. Bij een bombardement in maart 1945 worden al zijn bezittingen vernield en verhuist de familie tijdelijk naar Leiden. Uiteindelijk wordt een woning gevonden in Scheveningen. Van 1946 tot 1955 schrijft Bordewijk literaire kritieken in het Utrechts Nieuwsblad. In 1947 wordt hij voorzitter van de Ereraad voor Letterkunde, die oordeelt over het gedrag van schrijvers in WO II. Collaborateurs worden veroordeeld tot een publicatieverbod. Vanaf 1949 werkt Bordewijk voor de gemeente als juridisch adviseur mee aan diverse saneringsprojecten. In 1953 ontvangt hij de PC. Hooftprijs en een jaar later wordt hij benoemd tot Officier in de Orde van Oranje Nassau. In 1957 ontvangt Bordewijk de Constantijn Huygensprijs voor zijn totale oeuvre. In 1965 overlijdt hij op tachtigjarige leeftijd in Den Haag.
(Bron: www.scholieren.com/boekverslagen)

De bekendste werken van Bordewijk zijn Blokken (1931), Knorrende beesten (1933), Bint (1934) en Karakter (1938). Bint is op een nuchtere en afstandelijke manier geschreven. Het heeft een documentair karakter. Hiermee kan het werk worden toegekend aan de stroming van de nieuwe zakelijkheid.
Het boek bevat een gedachtegang van Bordewijk zelf: hij is voorstander van macht en tucht omdat hij vreest dat de moderne technieken van de mens een robotachtig wezen zullen maken. Anderen zeggen dat Bordewijk helemaal geen voorstander van tucht was omdat de school en Bint ten onder gaan (leegloop, ontslag).
De nieuwe zakelijkheid (met veel beknopte zinnen) was in die tijd (1934) erg modern, het was dus populair om te lezen. Ook past de stijl perfect past bij stalen tucht. Daar wordt immers ook kort, scherp maar wel duidelijk leiding gegeven.
Bordewijk schreef deze roman in een angstaanjagende en chaotische tijd. Er heerst een economische crisis, er dreigt een politieke chaos. Het gaat in de roman om de bestrijding van de chaos, van het monster in de mens door een harde tucht.

Beoordeling
Ik vond het einde van dit boek erg verrassend. Ik had echt niet verwacht dat Bint weg zou gaan, hij was immers de oprichter van deze stalen tucht. Ik vond het een leuke verhaalwending omdat hieruit blijkt dat zelfs Bint niet tegen zijn eigen schoolsysteem kan, en er eigenlijk aan onderdoor gaat. Ook vond ik het aangrijpend dat Van Beek echt zelfmoord pleegde, en dan vooral de manier hoe er mee werd omgegaan. Het werd eigenlijk al aangekondigd tijdens de rapportvergaderingen. Het leek alsof Bint er helemaal niets om gaf, en alles ging gewoon door zoals altijd. Later blijkt dat hij het er veel moeilijker mee had dan hij wilde toegeven. De passage uit het boek die mij het meest aansprak was dan ook de ‘toespraak’ die Bint gaf tijdens de rapportvergaderingen. Hier geeft hij een reactie op de mogelijkheid dat Van Beek zelfmoord gaat plegen:

“... Als Van Beek sterft krijgen wij veel verzet. Het verzet zal ons helpen de school te zuiveren. Het zal een laatste en grondige zuivering zijn. (...) Ik eis van een leraar dat hij zich niet inleeft in het kind, dat hij niet daalt. Ik eis van het kind dat het zich inleeft in de leraar, dat het klimt. Ik eis dat het zich inleeft in tien leraren. Ik eis dat het tienmaal gehoorzaamheid zal kennen, tienmaal tucht, dat het door tien volwassenen zal worden getuchtigd.”


Ik vind dat uit deze passage heel goed blijkt hoe Bint denkt over zijn schoolsysteem, wat hij wil van zijn leraren en leerlingen.
Wat ik geen leuk stuk vond ik dit boek is wanneer De Bree tijdens de rapportvergaderingen alle leraren gaat beschrijven. Dit duurt te lang, is te langdradig en je krijgt te veel informatie in één keer. Als zoveel personen in een keer worden beschreven kan ik het toch niet onthouden, dus weet ik eigenlijk nog niks over hen.
Ik vond het thema van dit boek leuk gekozen, ook omdat ik zelf nog op school zit. Ik kan me wel voorstellen dat er vroeger echt zulke scholen waren, waar zulke tucht heerste, dan ben ik toch blij met onze school!
Het taalgebruik vond ik leuk, kort en bondig. Soms was het wel wat ouderwets, maar dat is ook logisch als het in 1934 geschreven is. Het was toch erg goed leesbaar, ik kon de hoofdlijn er goed uithalen, dat ik zeker een positief punt.
Mijn eindoordeel over dit boek is zeker positief, ik zag best wel op tegen het lezen van boeken uit de oudere periodes, omdat ik dacht dat daar echt niet door te komen was, vooral door het oude taalgebruik, maar dit boek was echt leuk om te lezen. Ik zou het zeker aanraden aan mensen die nog een boek moeten lezen uit deze periode.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.