Havisten en vwo'ers uit de bovenbouw gezocht! Vul deze korte vragenlijst over jouw studiekeuze in en maak kans op een Bol.com bon t.w.v. 15 euro.

Doe mee


Titel

Au Pair



Uitgever

Uitgeverij de Bezige Bij



Plaats van uitgave

Amsterdam



Eerste druk

September 1989



Gelezen druk

Negende druk, augustus 1995



Biografie van de auteur

Willem Frederik Hermans werd op 1 september 1921 geboren in Amsterdam. Zijn oudere zus, Cornelia Geertruida, werd op 4 december 1918 geboren.

Hun ouders Johannes Hermans, geboren 1879, en Hendrika Hillegonda Eggelte, geboren 1884. Johannes Hermans was hoofdonderwijzer en Hendrika Hillegonda Eggelte had tot voor haar huwelijk ook in het onderwijs gewerkt.

Willem en Frederik en Cornelia gingen beide naar het Barlaeusgymnasium. Willem Frederik vanaf 1933; in 1938 werd hij lid van de letterkundige vereniging D.V.S. en hij won de eerste prijs in een opstellenwedstrijd.



In 1940 ging hij op aandringen van zijn vader sociologie studeren aan de Universiteit van Amsterdam. Een jaar later koos hij er toch voor om fysische geografie te gaan studeren, deze studie paste beter bij zijn interesse voor exacte wetenschapsoefening.

In 1943 deed hij kandidaatsexamen.Hij schreef al gedichten, verhalen en een roman, vanaf 1944 publiceerde hij regelmatig.

Hij was vanaf 1946 redacteur van het tijdschrift Criterium, in in 1950 was hij redacteur van het blad Podium.

In 1950 legde hij zijn doctoraal examen af. In 1955 promoveerde hij cum laude op de resultaten van een bodemonderzoek in Luxemburg.

Daarna werkte hij als fysisch geograaf in onder andere Scandinavie, in 1957 werd hij benoemd tot lector van de Universiteit van Groningen.

Er werden hem als schrijver verschillende prijzen toegekend die hij weigerde omdat hij principieel tegenstander was van literaire prijzen.

Behalve een prijs, de Grote Prijs der Nederlandse Letteren, die hij tot verbazing van veel mensen wel in ontvangst nam.

In 1973 nam hij na een conflict ontslag als lector. Maar hij ging verder met schrijven en hij vond hiermee een steeds groter lezerspubliek.



Boeken die hij heeft geschreven zijn onder andere: De donkere Kamer van Damokles (1958), Nooit meer slapen (1966), Onder Professoren (1975).

En nog veel meer romans, toneelwerken, gedichten, essay's en opstellen.



Tijd

Het verhaal speelt zich af in 1984, van ongeveer half september tot half december.

Dat het verhaal in deze periode plaats vindt heeft geen gevolgen voor het verloop van het verhaal.



Plaats

Bijna het hele verhaal vindt plaats in Parijs, en een klein gedeelte aan het eind van het boek vindt plaats in Londen.



Dat het in Parijs plaatsvindt komt door het feit dat Paulina vaak met haar ouders in Frankrijk is geweest omdat ze daar een vakantie huisje hadden.

Dus voor Paulina was het logisch om dan naar Parijs te vertrekken.



Omgeving en sfeer

De omgeving en sfeer zijn van grote invloed, eerst komt Paulina terecht bij een gezin waar ze in de oude dienstvertrekken moet wonen. Het is er vies, onplezierig, er zijn veel vreemde andere mensen en haar deur kan niet op slot.

Na twee dagen is ze hier ook weg. Dan komt ze bij generaal de Lune, ze krijgt hier een prachtige kamer met veel cadeautjes en attenties. Het leven bij de twee families is totaal verschillend en Paulina is blij dat ze uit het eerste gezin weg is en dat ze het hier zo goed getroffen heeft.



Personages

Paulina

Ze is de hoofdpersoon. Ze komt uit Vlissingen, ze is negentien jaar, 1 meter 92 lang en ze heeft blauwe ogen en lang blond haar. Zelf is ze niet zo blij met haar uitstaande oren.

Ze studeert Frans en Kunstgeschiedenis aan de Sorbonne universiteit van Parijs.

Ze wilde naar Parijs omdat ze altijd met haar ouders meeging naar hun vakantie huisje in Frankrijk. Zo heeft ze dus al goed Frans geleerd.

Ze is soms naief en wat achterdochtig.



Germaine en Emile de Lune

De generaal en zijn vrouw, ze verkeren in hogere Franse kringen. De generaal is een typisch ouderwetse generaal. Hij verzamelt alles wat met de in Vlissingen geboren kunstschilder Constantin Guys te maken heeft.



Armand en Michel

De zoons van Gemiane en Emile de Lune. Ze zijn beide erg lang.

Michel is pianist en streeft naar een onbereikbare perfectie.

Armand wilde ooit dichter worden, maar dat is hem nooit gelukt. Samen met zijn vrouw, Jaqueline, is hij aan de drank geraakt.

Ze wonen allen in het huis van de generaal.



Edouard

Hij is de zoon van Armand en Jaqueline, hij heeft een gezicht dat lijkt op een roofvogelhoofd. Hij is alleen op geld uit en dus ook de enige die zich niet schaamt voor zijn rijkdom.



Samenvatting

Paulina heeft haar gymnasium diploma in Vlissingen behaald. Nu wil ze Kunstgeschiedenis en Frans gaan studeren in Parijs, ze is al vaak in Frankrijk geweest want haar ouders hebben er een vakantiehuisje, dus Parijs trekt haar erg aan.

Als ze Parijs aankomt schrijft ze zich in bij een bureau voor au pairs. Al gauw kan ze beginnen bij het advocaten gezin Pauchard. Door verschillende gebeurtenissen blijft ze er maar twee en een halve dag. Ze besluit terug te gaan naar het bureau waar ze de mazzel heeft dat er een Deens meisje voor haar is die ongeveer het zelfde heeft meegemaakt, zij pakt het beter aan krijgt een nieuw adres, generaal de Lune, 2. rue Guynemer. Bij de deur loopt ze een wat oudere Nederlander tegen het lijf aan wie ze haar verhaal vertelt, de man zegt dat het hier er heel anders voor haar uit gaat zien. Ze krijgt een prachtige kamer, nieuwe koffer, mooie kleren en een voorschot op haar toelage.

En tot haar verbazing hoeft ze er weinig voor te doen, ze hoeft enkel soms naar de verhalen van de generaal over de in Vlissingen geboren kunstschilder Constantin Guys te luisteren.



Intussen leert ze de rest van de familie kennen die allemaal in hetzelfde huis wonen, Michel en Armand, en de vrouw van Armand, Jacqueline, en hun zoon Edouard.

Ze zijn allen erg blij met de komst van een Nederlandse uit Vlissingen, maar Paulina weet niet goed wat ze met alle aandacht en vrijgevigheid moet.



Dan komt het moment waarop Paulina ontdekt dat alle aandacht van de Lunes niet geheel onbaatzuchtig is. Edouard is al met de voorbereidingen van het plan bezig. Hij vertelt haar dat zijn grootvader in de tweede wereldoorlog het kapitaal van zijn joodse buurman, Cremieux, in bewaring kreeg. De generaal zag het als zijn plicht om te zorgen dat het kapitaal zijn waarde niet zou verliezen, hij heeft ervoor gezorgd dat het kapitaal nu twaalf keer meer waard is. De beleggingen zijn clandestien gebeurd, dus voor de wet strafbaar. Nu is dus de vraag wat er met het kapitaal moet gebeuren.

Wanneer de generaal er zelf iets over aan Paulina wil vertellen, raakt hij over zijn toeren en wordt hij naar bed gebracht, ze krijgt hem niet meer te spreken.



Later maakt Edouard het verhaal af, hij vertelt dat de erfgenaam de half broer is van de vrouw van Cremieux, een oud SS-officier, Müller. Het dilemma is , moet het geld naar hem toe of naar een Joodse organisatie in Israël. De generaal besluit dat het geld geschonken moet worden aan de joodse organisatie.



Paulina ziet haar kans om iets terug te doen en zegt dat zij het geld wel over de Zwitserse grens wil brengen omdat zij niet opvalt en dus ongemerkt het kapitaal kan overbrengen. Tot haar verbazing komt er veel snelheid in de zaak, de volgende dag kan zij al naar de notaris om alles te bespreken.



Michel vertelt haar dat er al twee keer eerder een au pair met het Cremieux kapitaal op stap is geweest. Deze bleken onbetrouwbaar, en dat werd voorzien doordat er een koffer met valse inhoud werd meegegeven.

Bij vertrek kan Paulina niet controleren wat er in de koffer zit omdat de sleutel zoek is. Ook krijgt ze in plaats van Zwitsers geld Belgisch en Luxemburgs geld mee, want de notaris zegt haar dat de plannen gewijzigd zijn en dat ze het geld naar Luxemburg moet brengen.

Als ze vanuit Parijs vertrekt ziet ze een klein mannetje die ze ook weer in Luxemburg ziet.



De overdracht wordt uitgevoerd, ene Glesener, duidelijk met oorlogs verwondingen neemt het geld aan. Ze krijgt een reçu en de transactie is rond.

Als ze in de stad rondloopt ziet ze Michel die haar vertelt dat ze het kapitaal niet aan de Joodse organisatie maar aan de officier, Müller, heeft overgedragen.

Iedereen zat in het complot ook het kleine mannetje dat ze steeds zag, alleen de generaal en zij wisten niets van de plannen af.



Intussen overlijdt de generaal en wordt zijn vrouw in het ziekenhuis opgenomen. Hiermee komt er een einde aan haar diensten. Ze keert nog een maal terug, en ze wordt weer hartelijk ontvangen. Ze gaat op zoek naar een kamer, die ze ook vindt. En als ze op een middag op het terras zit ontmoet ze de Nederlander die ze al eerder heeft ontmoet en met wie ze over de roman praat die ze aan het lezen is, later stapt de man weer op.



Samenvatting in het kort

Paulina is Au Pair bij, de Lunes, waar ze zonder het te weten het Cremieux kapitaal naar de SS-officier Müller en niet naar de Joodse organisatie brengt.

Iedereen wiste ervan behalve zij en de Generaal.



Perspectief

Het perspectief ligt bij Paulina, het is haar visie die naar voren komt. Soms geeft de schrijver commentaar op een gebeurtenis of gedachte.

Het verhaal wordt chronologisch verteld, er zitten veel lange dialogen in het verhaal. Als het plan om het geld over de grens te brengen aan Paulina wordt verteld is het toch enigszins spannend hoe het met de koffer zal aflopen.

Citaat pagina 320 en 321.

"Uw paspoort alstublieft."

Ze toonde haar paspoort, dat de controleur, toen hij het aan het blauwe omslagje als een Nederlands paspoort herkende, maar heel vluchtig doorbladerde en meteen teruggaf. Hij verliet de coupé en vervolgens stapte de douanebambte naar binnen.

O Orpheus, ik sta aan de boorden van de Styx en de machten van de onderwereld strekken hun tentakels naar mij uit. Zing mij los of volg mij.

O Orpheus, is dit het einde? Houd je dan niet van mij?

"Heeft u iets aan te geven bij de Franse douane?" vroeg de man.

"Nee, meneer."

Hij sloeg zijn ogen omhoog en inspecteerde de bagagerekken.

"Wilt u zo goed zijn deze koffer even open te maken?" vroeg hij, wijzend naar de koffer boven Paulina's hoofd.

Ze kwam overeind, met moeite haar angst bedwingend: als hij deze onschuldige koffer gezien had en niets verdachts gevonden, zou hij natuurlijk ook de andere willen zien. Ze kon wel op haar knieën vallen om het Opperwezen te smeken dat er toch alleen maar oude kranten in zaten, of dat Hij het geld tijdelijk in schoolboekjes zou veranderen en de juwelen in okkernoten. O Heer in de hemel, help mij. Nog nooit had zij zich om hulp tot deze Heer gewend.

Ze legde de koffer op de bank en liet de sloten openspringen.

De douanebeambte boog zich eroverheen, stak eerst zijn linkerhand onder de kleren en toen de rechter. O goden van de onderwereld, het is mijn schuld niet maar de uwe, als er heroïne in de andere koffer zit. De douanier richtte zich op.

"Dank u."

Hij verliet de coupé en ging de politieman achterna.



Paulina was opgelucht dat ze de andere koffer niet had hoeven openmaken.



Waarom

Het boek is volgens mij geschreven voor het plezier van de lezer, er zit misschien een soort van moraal in die zegt niet altijd te geloven in de goedheid van mensen, deze kan weleens andere bedoelingen hebben. Het verhaal zou echt kunnen gebeuren maar dan moeten sommige stukken wel worden aangepast omdat ze iets te overdreven zijn. De thema's zijn waarheid en bedrog, schijn en werkelijkheid.



Titelverklaring

Het boek gaat over een meisje dat na haar middelbare school naar Frankrijk vertrekt om daar te gaan studeren. Via de universiteit komt ze aan twee adressen om daar als Au Pair te werken.



Mening

Het is heel lang geleden dat ik een boek leuk vond om te lezen, maar dit boek heb ik betrekkelijk snel gelezen omdat het zo leuk was. Omdat ik het boek zo leuk vond om te lezen, wat best bijzonder is, zou ik het echt aan anderen willen aanraden. Na dit boek gelezen te hebben zou ik wel meer boeken van Hermans willen lezen. Ik kan geen vergelijking maken met een eerder gelezen boek of een film die ik heb gezien.



Er zit een goede verhaallijn in het boek die ik goed kon volgen. Het taalgebruik kon ik ook goed begrijpen er zitten geen ingewikkelde en onbegrijpelijke zinnen in die ik andere boeken wel tegen kwam.



De personages zijn niet allemaal echt diep uitgewerkt, maar ik kon me goed in de personages inleven. De personages en de gebeurtenissen zijn levensecht, ik denk alleen niet dat het echt zou kunnen gebeuren omdat het beetje overdreven is.



Ik vond het een leuk boek om te lezen, het blijkt dat er ook leuke boeken zijn!!!!

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.