Luister jij ooit naar podcasts? Wij doen onderzoek naar podcasts en willen graag jouw feedback op een idee van ons. Jij kunt helpen door de vragenlijst (circa 3 min) in te vullen. Ook als je nooit podcasts luistert!

 


Naar de vragenlijst


ADVERTENTIE
Red de planten! Wil jij honger de wereld uit helpen op een duurzame manier? Dat kan door bijvoorbeeld planten te laten groeien op een zilte bodem of door de banaan van uitsterven te redden. Dit en nog veel meer leer je met de bachelor Plantenwetenschappen aan de Wageningen University! Lijkt het jou wel wat om met planten de wereld te verbeteren? Kom dan naar de meeloopdag op 28 november!

Meld je aan!
1. Samenvatting
Marit krijgt als ze 18 is een uitnodiging, op de achterkant van de brief staat een adres, en ze weet meteen dat die van Hanna, de moeder van Anicke is, die haar uitnodigt voor Anicke’s verjaardag. Maar ze wil niet gaan want Anicke is al 2 jaar dood. Dan gaat Marit aan een afscheidsbrief voor Anicke beginnen.
Anicke en Marit werden in de brugklas beste vriendinnen. Anicke wordt ziek in de 4de klas. Ze heeft een hersentumor. Ze moet worden geopereerd. Marit heeft het er moeilijk mee. Ze kan nergens steun krijgen, haar beste vriendin heeft een hersentumor, haar moeder is nooit thuis, als ze er is luistert ze niet naar haar en Marit’s vader is al dood sinds Marit 2 jaar is. Anicke moet worden bestraald. 6 weken lang elke middag. Na de bestralingen gaat het steeds slechter met Anicke. Ze krijgt bijwerkingen van haar medicijnen, en komt haast nooit meer naar school. Marit gaat elke middag naar haar toe, en ziet hoe ze langzaam achteruit gaat. De hersentumor groeit weer. In de 5de klas overlijdt Anicke. En Marit heeft veel verdriet. De moeder van Anicke nodigt Marit elk jaar weer uit voor Anicke’s verjaardag. Een soort reünie, want er komen meer vrienden van Anicke. Maar Marit kan dit niet aan en wil dat helemaal niet. Daarom schrijft ze deze afscheidsbrief.
2. Algemeen
De titel is: ‘Afscheidsbrief’. De schrijfster is Bobje Goudsmit. Het boek is uitgegeven in 1999. In Haarlem. Het boek heeft 155 bladzijde. En 26 hoofdstukken. Het genre is psychologie, omdat het een boek is waarin Marit’s gedachten worden geschreven en het is een boek waar je soms goed bij moet nadenken. Het uiterlijk van het boek is goed. De papieren zijn van milieuvriendelijk, chloorvrij gebleekt en verouderingsbestendig papier. De omslag is heel mooi. Op de voorkant staat Anicke’s gezicht, en daarover heen staat de flaptekst met schuine lichte letters. Ik heb al eens wat meer van Bobje Goudsmit gelezen. Waanzinnig verliefd, skeelers en gabbers. Over de schrijfster heb ik het volgende gevonden:
Bobje Goudsmit is het 4de kind uit een gezin van 6 kinderen. Ze is lerares Nederlands. Ze schrijft al vanaf toen ze 5 jaar was. Haar eerste boekje maakte ze van 4 aan elkaar geniette papiertjes. Ze maakte op elke bladzijde tekeningen van verhaaltjes die ze zelf bedacht met de letters b-o-e-k. Dat waren de eerste letters die ze leerde. Toen legde haar moeder uit dat ze allerlei letters nodig had om een boek te schrijven. Daarna heeft ze via schooltje spelen met haar zussen, zichzelf leren lezen.
Ze was mentor van de vriendinnen van een sterfgeval bij haar op school. Ze heeft de zieke nooit gekend. Maar toch heeft ze het van dichtbij meegemaakt. Ze heeft de zieke een ander personage gegeven. En zo heeft ze een boek geschreven.
3. De opbouw van het verhaal.
Het begin is meteen actie, je snapt niet meteen waar het over gaat, want het begint dat ze een brief ziet en dat ze weet van wie die is maar wij weten nog helemaal niet waar het over gaat. Het belangrijkste probleem wordt meteen verteld. Dat probleem is die brief die ze vindt (al op de eerste bladzijde) en dat ze daar niet naar toe wil.
De inhoud is zielig, want Marit staat er alleen voor, en haar vriendin is erg ziek en gaat dood.
Het loopt slecht af, Anicke gaat dood. Dat is goed want het boek zou wel erg voorspelbaar worden als ze weer helemaal beter wordt. Dit verwacht je niet. Het is een gesloten einde, want ze eindigt de brief met: van Marit.
4. Het verhaal en de werkelijkheid
Het verhaal lijkt heel erg op de werkelijkheid, omdat alles wat er is gebeurd ook echt kan gebeuren. De personen lijken ook heel echt, want ze doen geen rare dingen en met de uitleg zien ze er volgens mij niet gek uit.
Moet je echt iemand zijn uit het boek? Ik wil niemand zijn. Vooral Anicke niet want die gaat dood. En de rest ook niet want die moeten allemaal iemand dierbaars verliezen. Maar als ik toch iemand moet kiezen. Dan zou het Anicke worden. Niet omdat ze dood gaat maar omdat ze een hele leuke meid is in het boek. Maar ik zou dan niet ziek willen worden.
5. De personen
Marit:
Bij Marit staat niet in het boek hoe ze er uit ziet, alleen wordt verteld dat ze een bril heeft.
Maar haar karakter kan ik wel vertellen. Marit is verlegen, bezorgd om iedereen, ze uit haar gevoelens niet en ze is erg onzeker, dat blijkt uit het volgende stukje. Blz. 5.
1. Onmiddellijk herkende Marit het adres op de achterkant van de envelop en ze verstrakte. De brief brandde in haar handen. Hè Marit, doe niet zo mutsig, dacht ze geërgerd, het is bijna 20 augustus. Je had toch kunnen verwachten dat er weer een brief zou komen?
Besluiteloos draaide ze de envelop om en om. Zou ze hem openmaken? Ach nee, eigenlijk vermoedde ze al wel wat erin zou staan: het zelfde als vorig jaar. Ze legde de envelop op de trap en liep langzaam naar boven, naar haar kamer.Ze vluchtte, wist ze. Ze vluchtte omdat ze bang was om de inhoud van de brief te lezen en dan misschien weer toe te geven. Terwijl ze zich had voor genomen dat het nee zou worden. En nee zou blijven.
Anicke:
Anicke is als ze 12 jaar is klein, tenger gebouwd, heeft half lang blond haar en een blokjes beugel die er in de 2de weer uitgaat. Ze is een vriendelijke, spontane, eerlijke, open en een wat drukkere meid. Als ze ziek wordt, wordt ze steeds stiller. Marit ziet aan haar dat ze heel erg verandert.
Dat ze heel open is blijkt uit het volgende stukje. Hier begint ze zomaar op de eerste schooldag tegen Marit te praten. Blz. 12
2. ‘ Ik ken hier nog helemaal niemand,’ zei het meisje plotseling, terwijl ze met haar schoen een peukje wegschopte. ‘ ik zag er vanmorgen erg tegenop. Had jij dat nou ook? Ik was helemaal misselijk bij het idee dat ik voor het eerst naar de middelbare school moest. Ik moest zelfs bijna overgeven. Maar mijn broer verklaarde me voor gek. Die vond dat ik me maar aanstelde. Nou ja hij heeft makkelijk praten, hij zit al in de tweede.’
Marit keek haar even onderzoekend aan. Ik geloof niet dat ik zoiets zomaar zou durven zeggen, dacht ze verbaasd.
6. Waar en wanneer
Het speelt zich af in de moderne tijd, want ze kijkt naar TMF op de tv. En ze heeft een mobieltje. De tijd die voorbij gaat is 7 jaar, van haar 12de t/m haar 18de.
Er staat nergens in het boek waar het zich afspeelt. Maar het is denk ik een stad, want er is een ziekenhuis. En die staat meestal niet in een dorpje. Het speelt zich in Nederland af. Want het is een Nederlandse schrijver en ze heeft het zelf meegemaakt. Het meeste speelt zich af in Marit’s kamer. Want ze schrijft op haar kamer de afscheidsbrief. Voor de rest speelt het zich nog af in de school en Anicke’s huis.
7. Het taalgebruik
De zinsbouw is heel gewoon. Niet te lang niet te kort. Voorbeeld is: blz. 11.
De stroom fietsers die met Marit opreden, werd groter en groter.
Er zijn geen moeilijke woorden. Alle woorden heb ik begrepen dus ik hoefde niks op te zoeken.
8. Je oordeel over het verhaal
Het verhaal was heel afwisselend, want het gaat wel steeds over Anicke en Marit maar er komt soms een stuk dat Marit in haar brief schrijft en dan komt er een stuk wat er echt gebeurt is. Het verhaal is ook heel verdrietig, omdat Anicke dood gaat en Marit geen steun krijgt in het begin van haar moeder. Dat zie je in het volgende stukje...( blz. 68/69)
Dit is een stukje van dat Marit net te horen heeft dat Anicke een hersentumor heeft. En ze hoopt dat Anicke of Hanna haar belt
1. Om half zes ging de telefoon. Haastig griste Marit de hoorn naar zich toe, maar het was haar moeder. ‘De bespreking is uitgelopen, Marit,’klonk haar stem gejaagd aan de andere kant,’kun jij voor het eten zorgen vanavond? Kijk maar wat we nog in de koelkast hebben.’ ‘Mam.’zei Marit,’Ik heb je iets verschrikkelijks te vertellen. Anicke heeft een…’ Maar moeder kapte haar meteen af. ‘Lieverd, het spijt me, ik heb nu geen tijd, ze zitten op me te wachten.
Ik kan het verhaal heel lang onthouden, omdat het een heel mooi boek is, en het gaat over een ziekte, dat vind ik altijd interessant. En ook omdat het heel mooi is beschreven. Wat ik vooral goed onthoud is het moment dat Anicke voor de dood gaat.
Ik vond het verhaal makkelijk, want er zitten geen moeilijke woorden in en je kunt makkelijk doorlezen. Ik zou het boek in een dag kunnen uitlezen omdat je steeds nieuwsgierig bent hoe het verder gaat.
Volgens mij heeft de schrijfster met dit boek wel een speciale bedoeling. En dat is dat kanker een verschrikkelijke ziekte is. En als een moeder dit boek zou lezen (zoals mijn moeder) dan weet de moeder dat ze er altijd moet zijn voor haar kind. Ook al heeft ze een full time baan
Ik zou het verhaal aan andere aanraden want het is een mooi, verdrietig, schitterend boek. Dat voor jongens, meisjes, moeders (misschien wel vaders) is. Iedereen kan het lezen, want het is een schitterend boek.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.