Les misérables door Victor Hugo

Beoordeling 6.3
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • 1e klas aso | 5759 woorden
  • 30 april 2007
  • 74 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.3
  • 74 keer beoordeeld

Boek
Auteur
Taal
Nederlands
Vak
Eerste uitgave
1862
Pagina's
368
Oorspronkelijke taal
Frans
Verfilmd als

Boekcover Les misérables
Shadow
Les misérables door Victor Hugo
Shadow
ADVERTENTIE
Help nu jouw favoriete goede doel door jouw mening te geven!

Hoe? Heel simpel. Geef je op voor het panel van Young Impact en geef jouw mening over diverse onderwerpen zoals gelijke kansen, diversiteit of het klimaat. Voor iedere ingevulde vragenlijst (+/- 1 per maand) ontvang je een bedrag dat je direct mag doneren aan een goed doel naar keuze. Goed doen was nog nooit zo easy!

Meld je aan!
Titel: Les miserables
Auteur: Victor Hugo

Verteller:
De roman wordt verteld door een auctoriële hij-verteller.
P42: “Voor het eerst sinds negentien jaar kreeg hij tranen in de ogen en even later snikte hij als een kind. Hoe lang hij daar zat te schreien en wat er daarbij in hem omging, bleef een geheim. Er werd later alleen verteld dat de vrachtrijder die destijds op Grenoble reed en die tegen drie uur in de morgen Digne passeerde, in de duisternis een man geknield zag liggen op de straatstenen voor de deur van monseigneur Bienvenu in een houding, alsof hij bad.”

- Hij-verteller. De verteller heeft het hele verhaal in de hij of zij-vorm geschreven.


P273: 1831 en 1832, de jaren die volgden op het jaar van de Julirevolutie, steken als twee bergtoppen boven hun tijd uit. Zij vertegenwoordigen het formaat van de revolutie zelf. Stelsels en theorieën wierpen elkaar omver. Het waren de jaren die men de résistance en de mouvement noemde.
⇒ Auctoriële verteller: Dit is een van de tussenstukjes waarin Victor Hugo meer uitleg geeft over de geschiedenis (Napoleon, de situatie, de revolutie…) zonder dat hierin de personages vermeld worden. Hieruit kunnen we besluiten dat we te maken hebben met een alwetende verteller.

P488: Op het kerkhof Père-Lachaise werd Jean Valjean begraven zoals hij gewild had; in een stille hoek dicht bij de gemeenschappelijke graven vond hij zijn rustplaats. Een ruwe steen bedekte zijn graf, juist lang en breed genoeg voor dat doel. En op die steen stond geen naam te lezen. (Dit is het slot van het boek.)
⇒Dit is een gesloten einde, ook dit kan wijzen op een auctoriële verteller.

Voordelen van een auctoriële verteller:
- hij kan commentaar en uitleg geven bij de gebeurtenissen in het verhaal (zoals in dit boek de tussenstukjes).
- hij weet wat er op verschillende plaatsen tegelijk gebeurt, in deze roman wordt dit veel toegepast.
- De verteller kan flashbacks gebruiken. Doordat het hele verhaal in de verleden tijd is geschreven lijkt het alsof het hele verhaal een flashback is.
- De verteller is alwetend, almachtig; In deze roman weet de schrijver inderdaad alles wat er gaande is maar ik heb niet de indruk dat hij echt almachtig is. (eerder machteloos tegen al het onrecht)


Personages:
Protagonist: Jean Valjean, het hele boek gaat over zijn leven nadat hij uit de gevangenis komt; m.a.w. hij ondergaat de intrige.
Antagonist: Javert, hij maakt het Jean Valjean heel moeilijk. Telkens als hij zijn leven op orde heeft wordt Jean Valjean ontmaskerd door Javert en moet hij weer vluchten en opnieuw beginnen.

Belangrijkste Tritagonisten:
- Cosette: Ze wordt het enige doel in het leven van Jean Valjean. Hij beschouwt het als een opdracht haar zorgeloos te laten opgroeien en te beschermen voor de buitenwereld (Marius).
- Marius: Het lijkt voor Jean Valjean alsof hij Cosette gaat ‘afpakken’. Ze kunnen het niet al te goed met elkaar vinden.
- Bisschop Bienvenu: Als er iemand is die het leven van Jean Valjean ingrijpend verandert, is het hij wel! Hij zorgt ervoor dat Jean Valjean een eerlijk en oprecht man wordt.
- Het gezin Thénardier: Dit is het gezin waar Fantine Cosette aan toe vertrouwt. Na Fantines dood gaat het logement van de Thénardiers failliet. Het gezin komt in de criminaliteit terecht en woont in Parijs onder de naam ‘Jondrette’. Het gezin bestaat uit twee dochters en een zoontje(Gavroche).

Inhoudelijke bespreking
Jean Valjean: Ook bekend als ‘mijnheer Madeleine’ en ‘Ultime Fauchelevent’. Deze man is een dwangarbeider die negentien jaar in de gevangenis heeft gezeten. Vijf jaar wegens diefstal met inbraak. Veertien jaar voor vluchtpogingen. Hij is zesenveertig jaar als hij vrijkomt in het jaar 1815. Dus is hij 65 als hij sterft in het jaar 1834. Hij is bekend in het stadje Montreuil-sur-mer als mijnheer Madeleine, die tevens burgemeester en fabrieksbaas is. Hij wordt ontmaskerd door Javert en hierdoor moet hij vluchten. Hij komt in het klooster Petit-Picpus terecht waar hij werk vindt als ‘broer’ van de werkman. Hier krijgt hij de naam Ultime Fauchelevent. Men denkt dat hij dood is. (behalve Javert dan, die is hem altijd op het spoor). Hij is niet getrouwd.
Jean Valjean is een rond personage met vele karaktereigenschappen: doorzettend, angstig, dapper…
Hij is ook een dynamisch personage, hij maakt een grote verandering door in het begin van het boek. Eerst is hij een crimineel die na 19 jaar in de gevangenis opnieuw in de fout gaat. Maar door één zin van Monseuir Bienvenue verandert zijn leven compleet. Hij wordt burgemeester in Montreuil-sur-mer en probeert andere mensen zo goed mogelijk te helpen.
Javert: Van deze man komen we niet veel te weten. Hij werkt bij de politie en vanaf het moment dat Jean Valjean vrij is, volgt hij hem. Zijn leeftijd, huwelijkse staat, hobby’s weet ik niets. Op het einde van het boek pleegt hij zelfmoord.
Dit is een vlak personage, hij is ‘het slechte’ om het zo te noemen. Hij ‘verpest’ al de kansen van Jean Valjean’ Hij is een dynamisch personage, want op het einde besluit hij om Valjean niet te arresteren, iets wat toch altijd zijn levensdoel is geweest door heel het boek.
Cosette: Dit is de dochter van Fantine. Zij woont lang bij het gezin Thénardier en dan verhuist zij naar het klooster van Petit-Picpus samen met Jean Valjean. Later wonen zij in de ‘Rue plumet’ in Parijs. Ze trouwt met Marius en ze is dan rond de twintig jaar. Ze is een rond personage en ook dynamisch, want ze groeit op van onderdrukt kind naar een zelfbewuste jongedame.
Marius: Eerst woonde Marius bij zijn opa, de heer Gillenormand. Na een ruzie gaat hij in Parijs bij zijn vrienden wonen en na enige tijd huurt hij zelf een huis in de Rue l’hôpital. Hij is student. Zijn vader is ‘baron’ Pontmercy. Hij trouwt met Cosette. Het is een rond personage (moedig, beïnvloedbaar, trots…) en dynamisch, vooral omdat hij zich afzet tegen het beeld dat zijn grootvader hem altijd heeft voorgeschoteld.
Myriel Bienvenu: Hij was getrouwd, maar zijn vrouw stierf. Hij werd priester en later bisschop van Digne. Hij is vijfenzeventig jaar. Het is een vlak personage, de goedheid zelve, en hij is ook een statisch personage.

Motieven
Concrete motieven
Het boek vertelt het leven van de galeiboef Jean Valjean die na negentien jaar vrijkomt. Hij wordt bekeerd door de bisschop van Digne na een nieuwe poging tot diefstal, en vanaf dat moment begint zijn nieuwe leven. Hij werkt zich op tot burgemeester en fabrieksbaas in het stadje Montreuil-sur-mer waar ook Fantine, een jonge ongehuwde moeder die hard moet werken om haar kind te onderhouden dat ze aan de familie Thénardier heeft toevertrouwd, leeft. Jammergenoeg wordt ‘mijnheer Madeleine’, zoals men Jean Valjean noemt ontmaskerd door de politieagent Javert die hem al achtervolgd sinds zijn vrijlating, Jean Valjean moet vluchten en besluit om Cosette, het dochtertje van Fantine op te halen bij de familie Thénardier aangezien haar moeder gestorven is. Zo komen Jean Valjean en Cosette terecht in een klooster waar ze een nieuwe identiteit aannemen en na enkele jaren wordt Cosette verliefd op Marius, een jongen die de opdracht heeft mijnheer Thénardier te belonen omdat hij zijn vader op het slagveld gered heeft. Marius raakt ernstig gewond bij één van de rellen en Jean Valjean redt hem, maar Marius weet niet meer door wie hij gered is. Javert, die Jean Valjean het leven nog altijd zuur maakt, betrapt hem maar laat hem gaan om erna zelfmoord te plegen. Hierna trouwen Cosette en Marius en nadat Jean Valjean zijn verleden heeft verteld (mijnheer Thénardier is hem komen verklikken) wil Marius hem niet meer zien. Jean Valjean wordt snel oud zonder de aanwezigheid van Cosette. Uiteindelijk komt Marius dat Jean Valjean zij leven gered heeft en Marius en Cosette gaan naar hem toe, maar Jean Valjean ligt op sterven. Op zijn sterfbed vertelt hij Cosette wie haar moeder was.

Abstracte motieven
- Liefde: Fantine mist haar kind heel erg, de vaderlijke liefde van Jean Valjean voor Cosette, Cosette en Marius trouwen op het einde, het gebrek aan liefde in het gezin Thénardier. En dan is er nog de vader van Marius die, hoewel hij zijn kind niet mag zien, enorm veel om Marius geeft.
- Vertrouwen: Fantine vertrouwt haar kind toe aan het gezin Thénardier. De vader van Marius, generaal Pontmercy, vertrouwt Marius op zijn sterfbed toe de man die hem redde op het slagveld(mijnheer Thénardier) te belonen. De oude Fauchelevent, de man die in het klooster van Petit-Picpus werkt, vertrouwt ‘mijnheer Madeleine’ want hij vraagt de reden van zijn komst niet.
- Onrechtvaardigheid: Het lijkt mij duidelijk dat Jean Valjean veel te streng berecht is en ook door de gewone mensen onrechtvaardig behandeld wordt. Ook Cosette wordt niet goed behandeld door het gezin Thénardier, ze moet alle vuile en zware klusjes opknappen terwijl de echte kinderen van Thénardier alles krijgen wat ze maar willen.
- Angst: Jean Valjean leeft constant in angst doordat Javert hem overal volgt en de kans op ontdekking na zijn geënsceneerde dood groot is. Zeker met de kleine Cosette erbij wordt de situatie voor hem moeilijker want een man die met een klein kind reist valt op.
- Ziekte: Fantine raakt in de problemen want de familie Thénardier beweert dat Cosette ziek is. Fantine sterft later zelf aan een ziekte.
- Revolutie: Nadat Napoleon te Waterloo definitief verslagen was kwam Lodewijk XVIII aan de macht, hij stierf in 1824. Zijn broer Karel X kwam na hem aan de macht, maar tijdens de Julirevolutie zag hij zich genoodzaakt troonafstand te doen. Louis-Philip volgde hem op.

Grondmotief
Victor Hugo reageert met dit boek op het slechte en onrechtvaardige rechtssysteem in Frankrijk in zijn tijd.

Ruimte
De geografische ruimte
Een groot deel van het verhaal speelt zich af in Centraal- Frankrijk en dus in en rond Parijs. Andere belangrijke plaatsen zijn Montreuil-sur-mer, het dorpje waar Jean Valjean burgemeester is (Noord-Frankrijk), en Digne, waar het verhaal begint (Zuid-Frankrijk, kort bij Monaco).

- Digne ligt in Frankrijk
P9 (eerste zin): In 1815 was Charles François Bienvenu Myriel bisschop van Digne.

Er zijn bergen, dus we zijn ergens in Zuid-Frankrijk. ⇒Digne
P15: “Nadat in de omgeving van Digne de bende van Gaspard Bés was opgerold, was een van zijn bendeleden, Cravatte, de bergen ingevlucht. Hij bleef de omgeving onveilig maken en drong op zekere nacht zelfs de kathedraal van Embrun binnen, waar hij de sacristie plunderde. Terwijl deze terreur woedde, trok de bisschop erop uit. Te Chastelar verzocht de burgemeester hem dringend, huiswaarts te keren. Zelfs met een gewapend escorte was de tocht door de bergen gevaarlijk en men wilde niet nodeloos drie tot vier gendarmes opofferen.’Ik zal alleen gaan,’ zei de bisschop. ‘Er wacht daar in de bergen een kleine eenvoudige gemeente, die ik sedert drie jaar niet heb bezocht.’

De plaatsnamen spreken voor zich: Montreuil-sur-mer,Digne, Parijs.
Ook de achternamen van de personages klinken heel frans: Thénardier, Bienvenu, Valjean, Fauchelevent, Madeleine…
Het geld
p458: ‘Juffrouw Euphrasie Fauchelevent bezit zeshonderdduizend franc.’
Alle onderwerpen, in verband met geschiedenis die besproken worden, handelen over Frankrijk: Napoleon, de Julirevolutie, Versailles, de slag bij Waterloo…

Milieu
Onderklasse
Jean Valjean
Hij is een misdadiger, en een misdadiger behoort tot de onderklasse. Je merkt het ook aan de manier hoe hij door de mensen behandeld wordt:
P27: “De man nam een lamp en deed de buitendeur open. Hij was aanvankelijk wel geneigd de onbekende tegen de aangeboden betaling onderdak te verschaffen, maar vroeg toch, waarom deze niet naar een logement was gegaan. Nadat hij te horen had gekregen, dat twee logementen de man de toegang hadden geweigerd, werd hij wantrouwend. Hij nam de onbekende aandachtig op en riep met een soort afschuw:
‘Ben jij soms de man ……?’
De vrouw vluchtte met haar kinderen achter haar man, die zijn geweer van de muur had gegrepen. Hij zei:
‘Verdwijn.’

P30: “ik ben een galeiboef.’- Hij trok een geel papier uit zijn zak, dat hij openvouwde. ‘Mijn pas, ‘zei hij. ‘Ik kan lezen, dat heb ik in de gevangenis geleerd. Luister, wat er op mijn pas staat: Jean Valjean, dwangarbeider, heeft negentien jaar gevangen gezeten. Vijf jaar wegens diefstal met braak. Veertien jaar voor vier ontvluchtingpogingen. Deze man is zeer gevaarlijk. -Ziet u, daarom heeft iedereen mij weggejaagd. En u wilt me ontvangen? Is dit een herberg?”

Fantine
Zij is een jonge moeder en moet haar kind achterlaten bij een ander gezin omdat zij het niet kan onderhouden.
P55: “Wilt u mijn kind niet onder uw hoede nemen? Ziet u, ik kan haar, waar ik ga werken, niet bij me houden. Met een kind word je nergens aangenomen. Ze hebben daar nu eenmaal dwaze opvattingen. God heeft gewild dat ik langs uw logement kwam. Toen ik uw kinderen zo lief en vrolijk zag spelen dacht ik: Dat moet een goede moeder zijn. Zoals u zegt: Het zijn net drie zusjes. Ik zal haar trouwens komen halen, zodra ik kan. Mag ze hier blijven?’

De familie Thénardier
Dit is het gezin waar Fantine haar kind heeft achtergelaten. Nadat Jean Valjean Cosette is komen halen, is hun logement failliet gegaan.Zo belanden zij in de criminaliteit.

Bovenklasse:
Het hele boek gaat wel over de problemen in de onderklasse maar sommige personages, zoals de heer Gillenormand (de grootvader van Marius) leven in de bovenklasse. Ook Jean Valjean (mijnheer Madeleine) heeft zich opgewerkt in de maatschappij.

De heer Gillenormand:
Doordat zijn tweede echtgenote het geld slecht beheerde is hij verarmd. Maar je merkt dat hij nog duidelijk tot de bovenklasse behoort.
P199: “Hij hield er een personeel van twee leden op na: een man en een vrouw.”

P198: “In 1931 was de heer Gillenormand een merkwaardig man en enkel en alleen op de grond van het feit, dat hij ongewoon lang geleefd had. Hij was een bezienswaardigheid geworden, omdat hij er vroeger had uitgezien als iedereen en inmiddels op niemand meer leek. Hij was letterlijk een man uit een vorige eeuw, het type van de gegoede en min of meer hooghartige burger die op zijn burgerschap al even trots was als de edelman op zijn adeldom. Hij was in dat jaar ruim negentig jaar, liep kaarsrecht, sprak duidelijk, dronk straf en at en sliep voortreffelijk. Hij bezat nog een gaaf gebit. Een bril droeg hij slechts bij het lezen”

Jean Valjean (Madeleine)
Jean Valjean heeft zich tot burgemeester opgewerkt in Montreuil-sur-mer en heeft er een welvarend stadje van gemaakt. Hij is ook een fabrieksbaas. In het tweede fragment geeft hij in feite enorm veel geld aan Cosette. Zo behoort zij uiteindelijk ook tot de bovenklasse.
P72: “Madeleine schreef in allerijl een brief aan Thénardier. Fantine was de man nog hondertwintig franc schuldig, maar hij sloot driehonderd franc in zijn brief en gaf opdracht, het kind ten spoedigste naar Montrueil-sur-mer te brengen, daar haar zieke moeder haar wilde zien.”

P458: “Een waardig beheerste stem merkte op:
‘Juffrouw Euphrasie Fauchelevent bezit zeshonderdduizend franc.’
Het was de stem van Jean Valjean.
Hij had nog geen woord gezegd en iedereen was feitelijk al vergeten dat hij aanwezig was.
‘Wie is die juffrouw Euphrasie?’ vroeg grootvader Gillenormand.
‘Dat ben ik,’ antwoordde Cosette.
‘Op veertien- of vijftienduizend franc na,’ zei Jean Valjean. Hij legde het pakje op tafel, dat juffrouw Gillenormand voor een boek had gehouden? Eigenhandig maakte Jean Valjean het pakje open; het was een dikke bundel bankbiljetten. Handen begonnen de biljetten te tellen. Men kwam tot een bedrag van vijfhonderdvierentachtigduizend franc.”

De sfeer
De sfeer in dit boek wordt bepaald door de situatie van alle personages: verarmd, crimineel, achtervolgd, achtergelaten door moeder en opgroeien in een vreemd gezin.
Na Napoleon regeerde Lodewijk XVIII en toen hij doodging in 1824 volgde zijn broer ,Karel X, hem op. Na een aantal veranderingen van de grondwet is het volk woedend en begint de Julirevolutie. Dit is heel belangrijk en ik heb het gevoel dat die chaos op de personages drukt. Je voelt de spanning van de mensen tegen de autoriteiten, want zij zijn verantwoordelijk voor hun erbarmelijke situatie.

Symbolische ruimte
De woorden, die de bisschop van Digne zegt, als hij Jean Valjean vrijgepleit heeft bij de politie (nadat hij twee zilveren kandelaars van de bisschop gestolen had) doet mij denken aan iemand die gekerstend wordt. In feite wordt het kwaad afgezworen.
P40: ‘Jean Valjan, mijn broeder, je behoort nu niet meer het kwade, maar het goede toe. Ik heb je ziel van je gekocht; ik heb haar ontrukt aan de duistere gedachten en de geest van het verderf en haar Gode gegeven’

De priester doet mij ook denken aan pater Damiaan die een melaatse bezoekt.
P15: “Nadat in de omgeving van Digne de bende van Gaspard Bés was opgerold, was een van zijn bendeleden, Cravatte, de bergen ingevlucht. Hij bleef de omgeving onveilig maken en drong op zekere nacht zelfs de kathedraal van Embrun binnen, waar hij de sacristie plunderde. Terwijl deze terreur woedde, trok de bisschop erop uit. Te Chastelar verzocht de burgemeester hem dringend, huiswaarts te keren. Zelfs met een gewapend escorte was de tocht door de bergen gevaarlijk en men wilde niet nodeloos drie tot vier gendarmes opofferen.’Ik zal alleen gaan,’ zei de bisschop. ‘Er wacht daar in de bergen een kleine eenvoudige gemeente, die ik sedert drie jaar niet heb bezocht.’
Deze bisschop Myriel doet mij ook denken aan Franciscus van Assisi omdat ook hij besloten had om in armoede verder te leven, ook al wordt het anders van hen verwacht. Fransiscus vader was rijk en hij dus ook. De bisschoppen in de 19e eeuw hadden het blijkbaar ook goed naar hun zin. Maar zowel Fransiscus als Bisschop Bievenue verzetten zich hiertegen.
P21: Hij had werkelijk misnoegen gewekt. Hij had onder meer in de woning van een van de meest vooraanstaande bisschoppen opgemerkt: ‘Fraaie pendules! Schitterende tapijten! Verblindende livreien! Hinderlijk moet dat alles zijn. Indien ik al die overvloed bezat, zou ik mezelf voortdurend toeschreeuwen: Er bestaan mensen die honger hebben. Er bestaan mensen die het koud hebben. Er zijn armen!’
De bisschop van Digne was van mening, dat het eerste teken van naastenliefde bij een priester, en zeker bij een bisschop, toch wel de armoede was.”

Jean Valjean wordt bekogeld met stenen als hij terugkeert in Digne. Dit doet mij denken aan het fragment in de Bijbel waarin de overspelige vrouw gestenigd wordt. Ze zijn allebei ‘zondaars’.
P27: “Hij stond nog niet buiten of een troepje kinderen, die hem blijkbaar van La Croix-de-Colbas waren gevolgd, begonnen met stenen te smijten.

De manier, waarop het gezin Thénardier Cosette behandeld, is zoals men Assepoester behandelde. En aangezien sprookjes sinds de middeleeuwen bestaan, is het goed mogelijk dat de verteller dit sprookje voor ogen hield i.v.m Cosette. Zij wordt ook weggehaald uit haar zorgwekkende situatie.
P130: Cosette leefde onder de druk van deze man en deze vrouw, afgeranseld werd zij door de vrouw; dat zij ’s winters zonder kousen liep, was de wil van de man. Cosette werkte van de vroege ochtend tot de late avond, maar niemand toonde deernis. Die kerstavond had zij een blauw oog, afkomstig van een vuistslag van vrouw Thénardier.

Tijd
Verteltijd
Het boek telt 488 pagina’s. Dus de verteltijd is ongeveer 12 uur.

Vertelde tijd
Vanaf het begin van het boek tot het einde van de tijd is er ongeveer 19 jaar verstreken.
Epische tijd
12 uur / 19 jaar = snel vertelritme

Fasentijd
Je brengt alle negentien jaar met de schrijver door, er zijn sprongen in de tijd van enkele seizoenen en van het ene personage naar het andere, maar ik denk dat de schrijver wel over elk jaar iets zegt. Er zijn ook tussenstukken met meer informatie over de algemene situatie.

Kloktijd
Het verhaal speelt zich af in de vroege negentiende eeuw.

P9: “In 1815 was Charles François Bienvenu Myriel bisschop van Digne.” (Eerste zin)
P57 : “ Fantine die haar kind in de steek had gelaten, naar de dorpelingen in Montreuil meenden, was, nadat zij Cosette aan het echtpaar Thénardier had toevertrouwd, in Montreuil-sur-mer aangekomen dat was dus in het jaar 1818”
P128: ‘De volgende morgen vermeldde het dagblad van Toulon het incident in de volgende regels:
17 november 1823. –Gisteren verdronk een dwangarbeider die aan boord van de Orion werkte, doordat hij in de zee viel, nadat hij een matroos hulp had verleend. Zijn lijk werd niet gevonden. Men neemt aan, dat hij tussen de steigerpalen aan de kade bekneld is geraakt. De man stond ingeschreven onder nummer 9430. zijn naam was Jean Valjean.”
P220: “ De politieke hartstocht van Marius was geluwd; de revolutie van 1830 had daar veel aan bijgedragen.”
Op het laatste van het boek herhaalt Jean Valjean dat hij Cosette tien jaar geleden bij de familie Thénardier heeft weggehaald. Fantine is in 1824 gestorven dus is het op het moment dat het boek stopt het jaar 1834.”

Werkwoordtijd
O.V.T. Dit zie je in alle fragmenten.

Stijl
Les misérables is geschreven in romantische stijl: alles is subjectief en geïnterpreteerd.
P273: ‘Het zijn merkwaardige perioden, die politici, die er profijt van denken te trekken, misleiden. ‘
P273: ‘Het vorstenhuis, dat na de val van Napoleon naar Frankrijk terugkeerde, huldigde het noodlottige en bekrompen inzicht, dat het de vorst was die gaf, en dat hij kon terugnemen wat hij geschonken had.’
P274: ‘Een schrikbarende vergissing, die dit vorstenhuis ertoe verleidde de in 1814 ‘toegestane’ rechten te hernemen.’
P279: ‘Wat was er tegen Louis-Philippe? Hij was een vorst, die te veel huisvader was; hij was te bescheiden voor een volk, dat de veertiende juli zijn burgerlijke en Austerlitz in zijn militaire verleden had. Ontdaan van het koningschap was hij een goedhartige man.

Links met de actualiteit
Film
Volgens één van mijn bronnen zou “les misérables” al 21 keer verfilmd zijn. Aangezien ik niet al te veel informatie vond over de regisseurs en jaartallen, kan ik maar een paar films opsommen. Het is al zoveel keer verfilmd, ik kan dus wel zeggen dat “Les misérables” een belangrijk boek is in de Franse literatuur.
Les misérables (1925)
Geregisseerd door Henri Fescourt
met Gabriel Gabrio, Paul Jorge, Sandra Milovanoff, Andrée Rolane, Jean Toulout

Les misérables (1934)
Geregisseerd door Raymond Bernard
met Harry Baur, Charles Vanel en Paul Azaos

Les misérables (1982)
Geregisseerd door Robert Hossein
met Lino Ventura, Michel Bouquet, Jean Carmet, Evelyne Bouix

Les misérables (1995)
Geregisseerd door Claude Lelouch
met Jean-Paul Belmondo, Michel Boujenah, Alessandra Martines, Salome, Annie Girardot

Les misérables (1998)
Geregisseerd door Bille August
met Liam Neeson, Geoffrey Rush, Mimi Newman, Hans Matheson en Claire Danes
--------------------------------------------------------------------------------
"Les misérables is maar liefst 21 keer verfilmd, waarvan de eerste al in 1909, maar Bille August zag reden om Victor Hugo's befaamde roman opnieuw te bewerken. August blaast het verhaal niet echt nieuw leven in, maar koos ervoor een correcte verfilming te maken. Claude Lelouch doorsneed in 1995 zijn verfilming nog met beelden uit de Tweede Wereldoorlog, maar August volgt trouw het geëngageerde relaas van de opgejaagde Jean Valjean, gespeeld door Liam Neeson, die ooit als zwerver het zilver van zijn gastheer stal. Als hij is opgeklommen tot burgemeester, ontdekt politieagent Javert (Geoffrey Rush, Shine) zijn verleden als dief. Valjean schuilt vervolgens in een klooster, waar hij tien jaar lang de kleine Cosette (Claire Danes) onderwijst. Wie na The avengers nog geen genoeg heeft van Uma Thurman, kan ook hier zijn hart ophalen. Thurman speelt een fabrieksmedewerker, die gedwongen wordt om in de prostitutie te werken als ontdekt wordt dat zij een bastaardkind heeft. De Deen August, gevierd door Pelle de veroveraar en Best intentions en verguisd door House of the spirits en Smilla's sense of snow, staat lijnrecht tegenover die andere beroemde Deen Lars von Trier, wiens Dogma-manifest pleit voor soberheid en realisme. Amerika ligt dan ook net een oceaan te ver van Denemarken. "
Artikel uit ‘De filmkrant’
--------------------------------------------------------------------------------
Les misérables (2000)
Geregisseerd door Josée Dayan
met Gérard Depardieu, John Malkovich en Christian Clavier

Deze film is trouwens onlangs nog te zien geweest op Canvas.

Musical
Er loopt ook een heel succesvolle musical van “Les misérables” die onlangs nog in het nieuws is gekomen omdat het de langstlopende musical is op dit moment.
-------------------------------------------------------------------------------
Musical ‘Misérables’ klopt ‘Cats’
Door onze kunstredactie
AMSTERDAM, 9 OKT. De musical Les Misérables is zaterdagavond de langst lopende musical van Londen geworden.
De show vierde zijn 21ste verjaardag en trekt nog altijd meer dan genoeg publiek om met succes te blijven doorspelen. Het record stond tot dusver op naam van Cats, die het eveneens 21 jaar heeft volgehouden, maar in 2002 van het Londense toneel verdween.
Les Misérables, gebaseerd op het negentiende-eeuwse epos van Victor Hugo, werd geschreven door het Franse duo Alain Boublil en Claude-Michel Schönberg en trok in 1991 ook in Nederland veel publiek. Over de hele wereld heeft het muziekspektakel volgens schattingen al 54 miljoen bezoekers getrokken.
Op Broadway, de theaterwijk van New York, is het door Andrew Lloyd Webber gecomponeerde Cats begin dit jaar al gepasseerd. Daar staat het nieuwe record echter op naam van The Phantom of the Opera, een ander kassucces van dezelfde componist. De Broadway-versie van The Phantom wordt al ruim achttien jaar lang avond aan avond gespeeld. Cats stond daar eveneens achttien jaar, maar werd in 2000 stopgezet.
Ook het Nederlandse record staat tot dusver op naam van The Phantom. De show is twee jaar lang opgevoerd in het Circustheater in Scheveningen en trok daarbij 1,8 miljoen bezoekers.
--------------------------------------------------------------------------------
Les misérables
If you missed Les Miserables the first time around you really have no excuse since it ran for an incredible 16 years, but you now have a second chance as Les Mis is coming back to Broadway for a limited six-month run this fall at the Broadhurst Theatre. This figures to be one of the toughest Broadway show tickets in many years, but GoTickets.com is ready with Les Miserables tickets for you.
More than 53 million people have seen Les Miserables since its London debut in 1985, and you now have the chance to join them as Les Mis is set to return to Broadway. Because it is scheduled for just a short six-month run, Les Miserables show tickets are going to be red-hot, but GoTickets.com can get you the very best Les Mis tickets. Although Les Miserables is now the third-longest running show in Broadway history, it is set to pass Cats and Phantom of the Opera and retake the number 1 spot after it reopens. If you want Les Miserables show tickets, GoTickets.com has them for you.
Based on Victor Hugo’s 1862 book of the same name, Les Miserables tells the story of Jean Valjean, an ex-con who struggles to make amends for his wrongs in 19th Century France. Les Mis won eight Tony Awards in 1987 including Best Musical and Best Musical Score. There is no guarantee Les Mis will come back again after this run, so whether you’ve seen it already or not, don’t miss your chance to get Les Mis Broadway show tickets. GoTickets.com also has Les Miserables tickets for the Pantages Theatre in Los Angeles and other cities.
Playing at the Broadhurst Theatre in New York, Les Miserables is right next door to Phantom of the Opera at the Majestic Theatre. So why not hit the daily double on Broadway and get Les Miserables tickets and Phantom of the Opera tickets for two great nights of entertainment.
www.gotickets.com/theater
--------------------------------------------------------------------------------
Toeristische atracties
In Montreuil-sur-mer, het stadje waar Victor Hugo een deel van zijn verhaal situeerde, is er jaarlijks een spektakel rond les misérables.


Auteur
De marxistische auteur Ernest Mandel is geïnspireerd door Les Misérables.
Getuigenis van Ernest Mandel
Ik heb heel vroeg met Marx kennis gemaakt. In de bibliotheek van mijn vader, die al voor de eerste wereldoorlog socialist was, stonden vele boeken van Marx, in het Nederlands en in het Duits. Ik kende tamelijk vroeg Duits als tweede taal en ben er dus in geslaagd vele van die werken in hun oorspronkelijke versie te lezen. Marx is de auteur geweest die mij het meest heeft beïnvloed, het meest heeft gefascineerd. Ik moet er misschien aan toevoegen dat het niet de auteur is geweest die mij tot socialist heeft gemaakt. Dat was iemand anders, een romanschrijver. Zoals zoveel andere jongeren ben ik tot het socialisme gekomen door het lezen van Victor Hugo, door de lectuur van Les Misérables op twaalfjarige leeftijd. Toen is mijn politieke houding voorgoed, voor de rest van mijn leven beslist.

Secundaire bronnen
De achterflap van het boek
Op de achterflap van het boek staat het grondmotief:
De ellendelingen bracht Hugo toen het boek in 1862 verscheen onmiddellijk succes. Het is een sociale roman die de strenge Franse rechtspleging uit de tijd meedogenloos belicht en de mens naar voren haalt in de dwangarbeiders, prostituees en anderen die in het maatschappelijk patroon hun weg niet vonden.
Ik heb ongeveer hetzelfde grondmotief. Ik denk dat het heel duidelijk is dat dit boek een reactie is op de rechtsspraak in de XVIII eeuw in Frankrijk.
Sparknotes
Deze site bespreekt de concrete motieven en de symbolische ruimte in les misérables. Ik heb kleine stukjes overgenomen.
Concrete motieven
The Plight of the Orphan
The prevalence of orphans and unusual family structures in Les Misérables is the most obvious indicator that French society and politics in the period described have gone terribly wrong. Valjean, Fantine, Cosette, Marius, Gavroche, Pontmercy, and Gillenormand are all separated from their family or loved ones for economic or political reasons. Marius embodies the disastrous effects of politics on family structure, torn as he is between Gillenormand’s monarchism and Pontmercy’s embrace of Napoléon. Social instability and poverty, meanwhile, make orphans of Cosette, Valjean, Fantine, and Gavroche. With the exception of Gavroche, whose home life is so wretched that he is probably better off on his own, these characters are unhappy and lonely because they are separated from their parents and have no one to turn to when they most need help.
Pseudonyms
A number of characters in the novel operate under pseudonyms or in disguise, and these deliberate changes in identity become the distinctive mark of the criminal world. Thénardier is a prime example: at one point in the novel, he masquerades under the name Jondrette, and we see that he has adopted other pseudonyms at the same time. Valjean, who uses pseudonyms to hide his past rather than to continue his criminal behavior, inhabits his alter egos more thoroughly.
The Importance of Love and Compassion
In Les Misérables, Hugo asserts that love and compassion are the most important gifts one person can give another and that always displaying these qualities should be the most important goal in life…
Social Injustice in Nineteenth-Century France
Hugo uses his novel to condemn the unjust class-based structure of nineteenth-century France, showing time and again that the society’s structure turns good, innocent people into beggars and criminals.
The Long-Term Effects of the French Revolution on French Society
In Les Misérables, Hugo traces the social impact of the numerous revolutions, insurrections, and executions that took place in late eighteenth- and early nineteenth-century France.

Aan bepaalde dingen die hierin als motief genoemd worden, had ik absoluut niet gedacht. Neem nu gewoon het feit dat alle personages vervreemden van hun eigen familie. Ik heb wel liefde als concreet motief, maar ik vind het wel heel goed gevonden. En het is inderdaad een belangrijk concreet motief dat ik over het hoofd heb gezien.
Pseudonymen vond ik tijdens het lezen van het boek heel normaal, dus ik heb ze niet als concrete motieven bekeken. Wat ik nu inzie, is dat ze belangrijker zijn in dit boek dan ik dacht zeker gezien de situatie van de mensen.
Ik denk dat de personen die dit hebben geschreven al wat meer ‘geoefend’ zijn.
Liefde en onrechtvaardigheid heb ik, net als in bovenstaande bron, als concreet motief. Dat zijn dingen die constant terugkeren bij het lezen van “Les misérables”. De Julirevolutie is ook heel belangrijk in het verhaal,en misschien dat het iets duidelijker uitgelegd staat in deze bron.
Symbolische ruimte
Myriel’s Silver Candlesticks
M. Myriel’s candlesticks are the most prominent symbol of compassion in Les Misérables, and they shed a light that always brings love and hope. At the beginning of the novel, Hugo uses the contrast between light and darkness to underscore the differences between Myriel, an upstanding citizen, and Valjean, a dark, brooding figure seemingly incapable of love. When Myriel gives Valjean his silver candlesticks, Myriel is literally passing on this light as he tells Valjean he must promise to become an honest man. Subsequently, the candlesticks reappear frequently to remind Valjean of his duty. When Valjean dies, the candlesticks shine brightly across his face, a symbolic affirmation that he has attained his goal of love and compassion.
Snakes, Insects, and Birds
When describing the novel’s main characters, Hugo uses animal imagery to accentuate these characters’ qualities of good and evil. The orphaned figures of Cosette and Gavroche are frequently referred to as creatures of flight: Cosette as a lark and Gavroche as a fly. The Thénardiers, on the other hand, are described as snakes, and Cosette’s time among them is likened to living with beetles. These opposing symbols suggest that whereas Cosette and Gavroche can rise above their miserable circumstances, the Thénardiers are rooted in their immoral pursuits. They are creatures of the earth, which means that they are not as free as Cosette or Gavroche, who can fly wherever they please.
In deze symbolische ruimte staat niets over mijn bevindingen. Maar ik denk dat symbolische ruimte ook meer iets persoonlijk is. Je moet het erin zien. Ik had wel door dat de kandelaars steeds weer opdoken in het verhaal, maar dat ze telkens hoop brachten had ik niet gezien. Ik vind deze bron echt geniaal, gewoon al door de diepgang die ze hebben.
www.scholieren.com
Dit is zeker niet de plaats waar je boekverslagen van moet gebruiken (behalve voor dit doel) Alles is onvolledig, en het lijkt wel of het in 5 minuten is gemaakt.
“Plaats: Het grootste gedeelte in Parijs. “
Dit is alles wat er geschreven staat op de plaats waar geografische ruimte zou moeten staan. Ik ben het wel met hem eens, maar Montreuil-sur-mer en Digne moet je ook zeker vermelden want daar speelt de rest van het verhaal zich af.
”Tijd:In 1815, omdat de eerste zin in het boek: In 1815 was de heer…… is.”
Dit stelt de kloktijd voor. Het boek begint volgens mij ook in 1815, maar het loopt verder tot 1834! De kloktijd is niet gewoon het jaar 1815 maar begint in 1815 en stopt in 1834 zoals ik al heb aangetoond.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Andere verslagen van "Les misérables door Victor Hugo"