The sinner door Tess Gerritsen

Beoordeling 7.4
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • 3e klas vwo | 3387 woorden
  • 7 augustus 2006
  • 31 keer beoordeeld
  • Cijfer 7.4
  • 31 keer beoordeeld

Boek
Vertaald als
De zondares
Auteur
Genre
Taal
Nederlands
Vak
Eerste uitgave
2003
Pagina's
416
Geschikt voor
bovenbouw havo/vwo
Punten
2 uit 5
Oorspronkelijke taal
Engels

Boekcover The sinner
Shadow
The sinner door Tess Gerritsen
Shadow
ADVERTENTIE
Help nu jouw favoriete goede doel door jouw mening te geven!

Hoe? Heel simpel. Geef je op voor het panel van Young Impact en geef jouw mening over diverse onderwerpen zoals gelijke kansen, diversiteit of het klimaat. Voor iedere ingevulde vragenlijst (+/- 1 per maand) ontvang je een bedrag dat je direct mag doneren aan een goed doel naar keuze. Goed doen was nog nooit zo easy!

Meld je aan!
Zakelijke gegevens

Titel: De zondares
Auteur: Tess Gerritsen
Jaar van eerste uitgave: wordt niet vermeld.
Druk, jaar van uitgave: druk wordt niet vermeld, 2004.
Uitgeverij en plaats van uitgifte: The House of Books, Vianen/Antwerpen
Bijzonderheden:
· Oorspronkelijke titel: The Sinner
· Vertaald door: E. Braspenning

Samenvatting

Binnen de muren van een klooster heeft een afschuwelijk bloedbad plaatsgevonden. In de kapel vindt men twee nonnen, de één dood, de ander levensgevaarlijk gewond. De autopsie van de dode vrouw door patholoog-anatoom Maura Isles levert een schokkende verrassing op: de twintigjarige zuster Camille had een kind gekregen vlak voordat ze werd vermoord. Meteen wordt er een zoekactie naar het kind ingesteld. Als Maura en rechercheur Jane op de slaapkamers van de nonnen op zoek zijn naar het kind, horen ze vreemde geluiden op de zolder. Daar vinden ze een zevenjarige meisje, Noni. Zij is het dochtertje van een van de werksters. Noni vertelt hun dat Camille vaak bij het vijvertje in de tuin zat. Meteen besluit rechercheur Rizzoli de vijver te dreggen, en ze vinden het kind dat waarschijnlijk van Camille is.
Die nacht wordt Maura ook gebeld om een ander lijk te bekijken. Een vrouw zonder voeten, handen en gezicht. En ook rare bulten op haar lichaam. Uit nader onderzoek blijkt het een melaatse vrouw te zijn, waarschijnlijk een immigrante en ze noemen haar meteen de Rattenvrouw. Als Maura dan weer gebeld wordt door Jane, dit keer om een autopsie op de baby te doen, denkt Maura terug aan die moord. Zuster Ursala, de vrouw die het net aan had overleefd, zij had jaren in een dorp in India gewerkt. In een dorp vol melaatsen. Ze vertelt dit aan Jane, en het eerste wat zij doet is terug gaan naar Noni. Ze kan zich nog herinneren dat Noni zei dat zuster Ursala boos op haar was geworden, omdat ze vroeg waarom die vrouw geen handen had. En inderdaad, de melaatse vrouw was bij het klooster geweest, om zuster Ursala te spreken.


Rechercheur Rizzoli rijdt meteen naar het ziekenhuis om zuster Ursala te spreken, maar ze is te laat, want die overlijdt net op het moment dat Jane aankomt. Als Jane dan samen met Maura naar de plek gaat waar de Rattenvrouw gevonden was, komen ze iemand tegen die Jane liever niet zou willen zien. Gabriel Dean, de man waarvan ze zwanger is, maar hij weet dat nog niet. Hij onderzoekt een moord op de onderdirecteur van het bedrijf Octagon, ze besluiten hun informatie eerlijk uit te wisselen. Misschien kan het elkaar helpen aangezien beide moorden misschien iets te maken hebben met de moord op de Rattenvrouw. Als Maura dan een foto in haar hand krijgt van Gabriel Dean, ziet ze iets wat ze liever niet wil zien. Een gebouwtje van One Earth. Het bedrijf van haar ex, Victor Banks. Die haar de laatste tijd steeds vaker belt, en weer probeert om in contact te komen. Dus voor zowel als Jane als Maura, raken ze allebei ongewild steeds persoonlijker betrokken bij de zaak.

Na nog meer onderzoek blijkt het melaatsendorp in India waar Ursala gewerkt had, geen massaslachting te zijn geweest. Dat is namelijk wat ze eerst dachten. Maar het was een industriële ramp veroorzaakt door het bedrijf Octagon en Victor Banks wist er meer vanaf dan ze eerst dachten. Maura geeft hem aan bij de politie en hij wordt verhoord door Rizolli. Maar hij was niet de dader. Ondertussen wachten ze nog steeds gespannen af op het DNA van de baby, als Rizolli dan eindelijk gebeld wordt, word haar vertelt dat Camille inderdaad de moeder van de baby is, maar ze weten ook wie de vader is. Het DNA van de baby kwam te veel overeen met dat van haar moeder, dus de vader van het kind, moest familie zijn geweest. De enige familie die Camille had, was haar vader. Maar nou hadden ze nog steeds de dader niet, want haar vader had een maand nadat Camille thuis op bezoek was geweest, een beroerte gehad. Hij was verlamd, en kon niet meer praten. Maar die nacht, komt de waarheid aan het licht. Maura ligt in haar bed, totdat ze ineens wakker wordt van de deurbel. Voor haar deur staat een van Ursala’s doktoren, dokter Matthew Sutcliffe. Ze snapt niet wat hij hier doet en ze besluit de deur niet open te doen. Als ze hem dan via de zijkant van het huis naar het raam hoort lopen, belt ze angstig de politie. Hij zoekt een manier om binnen te komen! Wonder boven wonder, ontsnapt ze. En doen ze nog een laatste ontdekking. Matthew sutcliffe werkte bij Octagon, en na de industriële ramp, heeft hij geholpen al de melaatsen te verbranden om het te laten lijken op een massamoord. En om dus ook de ramp te verbergen. Toen hij erachter kwam dat Ursala was ontsnapt, samen met een melaatsenvrouw uit dat dorp. Moest en zou hij haar vermoorden, alleen kwam Camille op het verkeerde tijdstip de kapel binnen, en vermoorde hij haar ook.

Karakterbeschrijving

De twee hoofdpersonen uit dit boek zijn patholoog-anatoom Maura Isles en haar collega, rechercheur Jane Rizzoli.

Uiterlijke beschrijving
· Maura Isles heeft een ivoren huid en zwart haar in een Cleopatra-kapsel, dat altijd heel netjes zit. Ook heeft ze altijd rode lippenstift op.

Citaat 1:
De ivoren huid, het zwarte haar met het botte Cleopatra-kapsel. De rode lippenstift als een jaap in haar gezicht. (blz. 13)

· Jane Rizzoli heeft een mager, bleek en gespannen gezicht. Ook heeft ze zwarte weerbarstige krullen. Die altijd onordelijk alle kanten op staan.

Citaat 1:

Haar haar zag er nóg onordelijker uit dan anders, een wilde, zwarte bos, waarin gesmolten sneeuw glinsterde. De beenderen van haar magere gezicht staken sterk af onder haar bleke huid. (blz. 22)

· Dit is een citaat waar Jane haarzelf in gedachten vergelijkt met Maura, waarbij ze dus allebei beschreven worden.
Onwillekeurig vergeleek ze zichzelf met de elegante dokter Isles, die altijd zo majestueus kalm en beheerst overkwam, iedere zwarte haar op zijn plek, de gestifte lippen een glanzende rode streep, afstekend bij de gave huid. Het gezicht dat Rizzoli in de spiegel zag, was kalm noch gaaf. Ze had het weerbarstige haar van een Medusa, zwarte krullen rond een bleek en gespannen gezicht. (Blz. 41)

Innerlijke beschrijving
· Maura Isles doet zich tijdens haar werk altijd anders voor dan ze werkelijk is. Ze vindt dat in haar baan het imago het halve werk is. Dus gedraagt ze zich kalm en beheerst terwijl ze onzeker is. Als dan haar ex Victor weer komt opdagen, raakt ze ook nog eens in de war. Ze weet nou niet of ze hem terugwil of niet, want ze is kwaad op hem, maar elke keer als ze hem ziet dan hebben al die goede herinneringen de overhand van de slechte. Maar zelfbeheersing is haar lijfwoord en niemand zal er ook maar iets van merken wat er allemaal aan de hand is tussen haar en Victor.

Citaat 1:
Ze bleef even in de auto zitten om haar emoties de baas te worden. Zelfbeheersing was haar lijfwoord. Zodra ze uit de auto stapte, was ze een publieke figuur, zichtbaar voor de politie en de pers. Men verwachtte dat ze kalm en rationeel overkwam, en zo zou het ook zijn. In haar baan was het imago het halve werk. (Blz. 71)

Citaat 2:
Ze sloegen allebei respectvol hun ogen neer toen ze Maura herkenden. Maura voelde zich oud toen de jongelui beleefd een stap opzij deden om haar erdoor te laten. Kwam ze zo intimiderend over dat ze de vrouw in haar, met al haar onzekerheden, niet eens zagen? Ze had de kunst van het onoverwinnelijk zijn geperfectioneerd en ze speelde zelfs nu die rol. Ze knikte hen beleefd toe en liet haar blik snel langs hen heen gaan. Ze was zich ervan bewust, toen ze verder de trap op liep, dat ze haar nakeken. (Blz. 73)

· Jane Rizzoli is in één woord verschrikkelijk koppig. Een sterke vrouw die duidelijk laat zien dat ze alles wel in haar eentje kan. Totdat ze er achter komt dat ze zwanger is. Dan is ze ineens niet meer zo stoer. Ze ziet er slecht uit en zo voelt ze zich ook. Ze heeft huilbuien en twijfelt tussen twee dingen, het kind houden, of niet? Uiteindelijk besluit ze het kind te houden, en vertelt ze zelfs de vader dat ze zwanger is. Wat ze eerst helemaal niet van plan was. Dan helemaal aan het einde van het boek, besluiten zij, en de vader het samen te proberen, hierna wordt ze een stuk minder koppig, en veel liever.

Citaat 1:
Rizzoli’s lippen waren nu helemaal blauw en haar gezicht was zo wit als dat van een lijk, maar ze maakte geen aanstalten een warme kamer op te zoeken. Zo was Rizzoli, te koppig om eerst te capituleren. Toe te geven dat ze haar limiet had bereikt. (Blz. 26)

Citaat 2:
Ze was nooit een lafaard geweest, had er nooit tegenop gezien de vijand tegemoet te treden, maar dit was een andere soort angst; persoonlijk en verterend. De angst dat ze de verkeerde beslissing zou nemen en daar de rest van haar leven onder zou lijden. Godverdomme, Jane. Ga kijken. Opeens kwaad op zichzelf, walgend van haar eigen lafheid, zette ze haar glas sap neer en liep ze terug naar de badkamer. Ze bleef niet eens in de deuropening staan om moed te vatten, maar liep regelrecht naar de wastafel en pakte het staafje op. (Blz. 118)

Citaat 3:
Ze had al een vermoeden gehad en nu zag ze de bevestiging in Rizolli’s ogen.
‘Mijn leven is zo’n een puinhoop,’ fluisterde Rizzoli.
Maura schrok van de tranen. Ze had Rizzoli nog nooit zien huilen, had gedacht dat deze vrouw te sterk, te koppig was om zich ooit te laten gaan, maar nu stroomden de tranen over haar wangen en was Maura zo onthutst dat ze alleen maar zwijgend kon toekijken. (Blz. 147)

Verandering
· Maura veranderd midden in dit boek van een onzekere vrouw naar een zelfverzekerde vrouw. Dit komt doordat het weer aanraakt met haar ex Victor Banks. Maar tegen het einde van het boek blijkt dat hij iets voor haar verborgen had gehouden wat te maken had met deze moord, dus geeft ze hem aan bij de politie. Hierdoor kwam er meteen weer een einde aan hun relatie. Eerst is ze een tijdje in de war en boos, maar daarna weet ze zeker dat zij en Victor niet bij elkaar passen. En dat ze best zo verder kan leven, ze is dus zekerder van zichzelf.

Citaat 1: (blij, zelfverzekerd)
Ze stapte snel uit, een blos op haar wangen. Zouden ze het hebben gezien? dacht ze toen ze de gang uitliep. Ik weet zeker dat iedereen de seks van mij gezicht kan zien stralen.
Rizzoli zat onderuitgezakt op de bank in de wachtkamer van de intensivecareafdeling en dronk koffie uit een bekertje van piepschuim. Toen Maura binnenkwam, bekeek Rizzoli haar aandachtig, alsof ook zij vond dat Maura er anders uitzag dan anders. Een onbetamelijk stralend gezicht in een nacht waarin ze alweer door een tragedie bijeen waren gebracht. (Blz. 229)

Citaat 2: (in de war, boos)
Gelukkig kerstfeest, dacht ze. Ik kan een borstbeen doorzagen en de inhoud van het menselijk lichaam blootleggen. Ik kan flinterdunne plakjes long snijden, ze onder een microscoop leggen en een diagnose stellen over kanker, tuberculose en longemfyseem. Maar het geheim van wat zich in het menselijk hart bevindt, ligt buiten het bereik van mijn scalpel. (Blz. 261)

Citaat 3: (boos)
‘Ik probeerde je te beschermen.’
‘Waartegen? De waarheid? Dat hij me heeft gebruikt?’ Maura lachte bitter en draaide zich om. ‘Dat wist ik al.’ (Blz. 281)

Citaat 4: (zelfverzekerd)
‘Zullen we onzelf nog een kans geven? Kun je mij nog een kans geven? Aljeblieft?’
Ze bleef een hele tijd op de bank zitten met de telefoon in haar verdoofde handen geklemd, starend naar de koude open haard. Sommige vlammen kunnen niet opgerakeld worden, dacht ze. Sommige vlammen kun je beter geen nieuw leven inblazen.
Ze liet het mobieltje weer in haar tas glijden. Stond op. En ging het bloed van haar vloer boenen. (Blz. 314)

· Ook Jane Rizzoli verandert in dit boek. Ze wordt vaak beschreven als een koppige maar zelfstandige vrouw, die nooit hulp wilt en nooit instort. Maar ze begint er dan steeds slechter uit te zien en barst ook vaak in huilen uit. Ze heeft op een gegeven moment ook dat ze haar moeder wil, omdat ze die nodig heeft. Ze voelt zelfs zelf dat ze veranderd is. Dat ze het durft en dat ze het wil.

Citaat 1: (wanhopig)
Ze kon niet bedenke wat ze moest doen. De eerste gedachten die in haar opkwam, was kinderlijke en volslagen irrationeel.
Ik wil mijn moeder.
Ze was vierendertig jaar, stond al jaren op haar eigen benen. Ze had deuren ingetrapt en moordenaars gearresteerd. Ze had een man gedood. En toch verlangde ze nu opeens naar de armen van haar moeder. (Blz. 118)

Citaat 2: (instorten)
Verstikte snikken omdat ze zich voor de tranen schaamde, maar ze kon ze niet tegen houden, Maura vond het vreselijk om Rizzoli zo te zien instorten. Ze had haar kracht altijd bewonderd. Als Jane kon instorten, kon iedereen instorten. (Blz. 147)

Citaat 3: (veranderen)
Aan de tafel zat ze tegenover Irene en keek toe hoe de tweeling gevoerd werd. Nog geen uur geleden, toen ze in de zitkamer naar Irene had gekeken, had ze een vermoeide jonge vrouw gezien wier leven al voorbij was, met een rok die lubberde omdat er voortdurend kleine handjes aan trokken. Nu keek ze naar die zelfde vrouw en zag ze een heel andere Irene, eentje die lachte terwijl ze cranberrysaus in kleine mondjes schepte, en die een tedere, afwezige blik over zich kreeg wanneer ze haar lippen op de krullen van een van haar zoontjes drukte.
Ik zie haar anders omdat ik ben veranderd, dacht ze, niet Irene. (Blz. 297)

Citaat 4: (veranderd en herboren)
Tegen tien uur brak de zon eindelijk door en toen Rizzoli naar huis reed, moest ze haar ogen tot spleetjes knijpen tegen de weerkaatsing van het zonlicht op de kersverse sneeuwlaag. Het was stil op straat en de stoepen waren maagdelijk wit. Ze voelde zich als herboren op deze kerstochtend. Bevrijd van alle twijfel.
Ze legde haar hand op haar buik en dacht: ik denk dat jij en ik het samen moeten zien te rooien, kleintje. (Blz. 314)

Citaat 5: (lief)
Hij wachtte even. ‘En laten we eerlijk zijn. Soms, Jane, ben je echt een kreng.’
Ze lachte. Haalde haar hand langs haar ogen. ‘Ik weet het. Jezus, dat weet ik maar al te goed.’
‘Maar soms…’ Hij stak zijn hand uit en streelde haar wang.
‘Soms…’
Soms, dacht ze, zie je precies wat ik ben.
En daar word ik nerveus van. Nee, daar word ik bang van. Dit is misschien het dapperste wat ik ooit zal doen.
Ze hief haar hoofd weer op en keek hem aan. Ze haalde diep adem.
En ze zei: ‘Ik geloof dat ik van je hou.’ (Blz. 317)

Spanningvergrotende trucs

Weglaten of uitstellen van informatie
Dit wordt veel gebruikt, dan laten ze een gedeelte informatie weg zodat je doorleest omdat je het wilt weten. Een voorbeeld is: als Maura op de Plaats Delict is, bij Camille, stelt Jane allerlei vragen aan haar over hoelang ze al dood is, en hoe het gebeurd is. Maar Maura kan dit niet allemaal vertellen voordat ze de autopsie heeft gedaan, en dat zegt ze dan ook tegen Jane. Maar nadat ze dit gezegd heeft ga je niet naar de autopsie, maar naar het onderzoek. Dus de informatie over hoe Camille nou precies is vermoord, wordt uitgesteld (zie het citaat). Een ander voorbeeld is: zodra ze het DNA van de baby hebben, kunnen ze uitzoeken of het inderdaad Camille haar baby is. Maar ook kunnen ze dan misschien de vader vaststellen. Maar die informatie word heel lang uitgesteld. En dat is heel spannend want je wilt natuurlijk weten wie de vader is!

Citaat:
‘Ben je hier klaar?’
‘Ik heb genoeg gezien. De autopsie zal ons de rest vertellen.’ (Blz. 27)

Cliff-hangers
Als ze de baby van de vermoorde non hebben gevonden in de vijver van het klooster, word pastoor Brophy er meteen van verdacht dat hij de vader is. Ze krijgen speeksel maar dan komt het in het boek een lange tijd niet meer te sprake of hij nou de vader is.

Citaat:
‘En als ik zou zeggen dat ik zonder meer bereid ben u mijn DNA af te geven? Dat ik ter plekke bloed zal afstaan, als u bereid bent het mee te nemen?’
‘Er is geen bloedmonster nodig. Wat speeksel is voldoende.’
‘Speeksel dan. Ik wil heel duidelijk maken dat ik dit vrijwillig aanbied.’
‘Ik zal het tegen rechercheur Rizzoli zeggen. Die zal ervoor zorgen dat er een monster word genomen.’
‘Zult u dan van gedachten veranderen? Over of ik schuldig ben of niet?’
‘Zoals ik al zei, zal ik het weten wanneer ik de uitslag zie.’ Ze deed de deur open en liep naar buiten. (Blz. 139)

Ruimte (sfeer) beschrijvingen
Daar wordt in dit boek heel veel gebruik van gemaakt, en dat maakt het heel spannend. Waar Maura, Jane of een ander persoon nou is, de ruimte en de sfeer word heel duidelijk beschreven. Vaak wordt het niet alleen beschreven, maar wordt er ook verteld hoe die persoon die er nu is zich daardoor voelt.

Citaat:
De flits van een fototoestel explodeerde in haar ogen. Ze bleef stokstijf staan terwijl de deur zich ruisend achter haar sloot, en knipperde het nabeeld weg dat haar netvlies had geschroeid. Toen alles weer scherp werd, zag ze rijen houten banken, witgekalkte muren en in het voorste gedeelte van de kapel een altaar met daarboven een gigantisch kruisbeeld. Het was een kille, onopgesmukte kapel, waarin de grauwe sfeer werd benadrukt door het feit dat de glas-in-loodramen slechts weinig licht doorlieten.
‘Stop. Pas op waar u loopt,’ zei de fotograaf.
Maura keek neer op de stenen vloer en zag bloed. En schoenafdrukken – een verwarrende massa afdrukken te midden van medisch afval. Dopjes van injectienaalden en opengescheurde zakjes. Achtergelaten door ambulancepersoneel. Maar geen lijk. Ze liet haar blik in een wijdere cirkel rondgaan en zag een vertrapte lap witte stof in het gangpad, rode plassen op de banken. Ze kon in de ijskoude ruimte haar eigen adem zien en had het gevoel dat de temperatuur nog meer daalde. Ze huiverde opnieuw toen ze de bloedvlekken in ogenschouw nam, de spatten volgde over de rijen banken, en begreep wat hier was gebeurd. (Blz. 19)

Flashbacks
Door de flashbacks krijg je soms een idee van wat er gebeurd is tijdens die moord. Maar soms maakt het de moord alleen maar verwarrender en spannender. Weer ga je dan doorlezen om erachter te komen wat er nou gebeurt is. Dit citaat gaat over het eerste gedeelte van het boek. Een man is in India en ziet wat er is gebeurd daar. Maar dan begint het volgende hoofdstuk dat weer in deze tijd is, dus dat is een flashback van wat er gebeurd is. Maar eigenlijk is het ook uitstellen van informatie, of een cliff-hanger. Want je wilt weten wie die vrouw is. Waarom ze geen gezicht heeft? En wat er dus met haar is gebeurd. Maar dat kom je pas tegen het einde van het boek te weten.

Citaat:
Het fototoestel viel uit Redfields handen. Hij deinsde achteruit en staarde met afgrijzen naar de gedaante.
Het was een vrouw. En ze had geen gezicht. (Blz. 12)

Personages
Soms wordt er ook zoveel nadruk gegeven op een bepaald persoon dat je denkt dat hij of zij er iets mee te maken heeft gehad, en dat maakt het spannend. In dit citaat gebeurt dat bijvoorbeeld met Noni. Het grappige van dit boek is, dat er op veel personen nadruk wordt gelegd. Op Noni, pastoor Brophy, en Victor Banks. Maar de uiteindelijke moordenaar, dokter Sutcliffe, daar werd nauwelijks aandacht op gevestigd dus dat verwachtte je ook echt niet.

Citaat:
Geen enkel kind zou het kunnen weerstaan daar een kijkje te nemen – zeker niet zo’n nieuwsgierig kind als dit.
‘Vond je het niet eng dat het daar zo donker is?’ vroeg Rizzoli
‘Ik heb een zaklantaarn, hoor.’ Wat een domme vraag, impliceerde Noni’s toon.
‘Was je niet bang? Helemaal in je eentje?’
‘Waarvoor?
Ja, waarvoor? Dacht Maura. Dit meisje kende geen angst, liet zich door de politie noch duisternis intimideren. Ze bleef haar ondervrager kalmpjes aankijken, alsof niet Rizzoli maar zij de leiding had over het gesprek. (Blz. 88)

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.