1.Hoeveel tijd heb je aan het lezen van de tekst besteed?

10 uur

2.Heb je een woordenboek gebruikt?

Ja

3.Zo ja, hoeveel woorden heb je opgezocht?

meer dan 20

4.Wie zal met name belangstelling hebben voor deze roman?

Een klein kind zal dit zeker niet leuk vinden. Ik denk iemand die van dramatische verhalen houdt.

5.Wat vond je van de roman?

Ik zou het zelf niet kiezen om te lezen omdat de opbouw naar het geheim van Carla nogal lang duurt en je vrij snel doorhebt dat er iets met haar ouders aan de hand is. Soms is het ook wel grappig, zoals wanneer blijkt dat Margaretha haar goudvis Flossie had meegenomen zonder het in water te hebben gedaan.  Het is daarnaast ook een heel droevig verhaal, want Carla is mishandeld door haar ouders én die zijn ook nog eens doodgegaan. Het is ook wel zielig voor Logo, want zijn liefde wordt nooit echt beantwoord. Ik vind het wel heel jammer dat je niet te weten komt wat er uiteindelijk met Carla gebeurd, hoe het nu met haar verder gaat en of ze alsnog verliefd word op Logo. Het is niet heel moeilijk om te lezen. Als je een woord niet begrijpt kan je meestal wel uit de zinsopbouw het woord begrijpen, maar ik heb toch het één en ander op moeten zoeken.

6.Geef de roman een cijfer tussen de 1 en 10.

7

7.Welke verwachtingen had je vooraf over de inhoud van de roman. Zijn de verwachtingen wel of niet uitgekomen? Licht je antwoord toe

Ik had verwacht dat Logo verliefd zou worden op Carla en dat hij uiteindelijk haar geheim te weten komt en haar dan helpt. Op het einde dacht ik dat ook Carla verliefd op hem zou worden.

Het bovenstaande is uiteindelijk allemaal uitgekomen. Behalve dat Carla niet verliefd op Logo is, want ze vind eigenlijk heel zijn gezin leuk. Ze maakt ook tekeningen met potlood van zijn gezin, omdat ze zelf nooit zo’n hechte familie heeft gehad.

8.Waarom heeft de auteur deze roman volgens jou geschreven? Geef zo nodig je eigen motivatie.

Om de lezer na te laten denken over de ernst van kindermishandeling.

9.Schrijf in één of twee zinnen waar de roman over gaat. Wat is het thema?

Het gaat over een jongen genaamd Logo, die met zijn familie op vakantie gaat. Daar ontmoet hij een meisje genaamd Carla. Het lijkt wel of het meisje iets te verbergen heeft. Uiteindelijk komt hij erachter dat het meisje mishandeld is door haar vader en dat haar ouders zijn verdronken op de eerst dag dat hij haar zag. Het thema is kindermishandeling.

 

 

 

  1. Schrijf de namen van de hoofdpersonen op. Geef een korte beschrijving van deze personen en omschrijf wat hun relatie tot elkaar is.

Logo Färber: de hoofdpersoon. Een jongen van 14 jaar. Hij heet eigenlijk Lobegott, wat betekend God zij gelooft. Wij zijn God dankbaar. Dit hebben zijn ouders bedacht in een dronken bui. Logo wil tijdens de vakantie: zeilen, zwemmen, zonnen, comics lezen en sterren kijken.

Moeder Färber: Mami is haar bijnaam, haar naam is Ingrid. Ze heeft zwart haar.

Vader Färber: Paps, groot, donker haar, ziet er goed uit. Hij is een vertegenwoordiger in verzekeringen.  Hij vind het moeilijk om zijn gevoelens te uiten.

Pola Färber: 15 jaar, groene ogen, rode haren. Ze heeft geen vriendje maar ze aanbidt Michael Berg: een soort van Tom Cruise. Ze heeft 1x gekust met Michael. Ze mist hem heel erg op vakantie.

Margarethe Färber: het meisje van de tweeling (met Husch). Ze heeft donker haar en blauwe ogen. Ze is beetje een kreng en is temperamentvol. Ze is in veel dingen het tegenovergestelde als haar broertje. Een gewoonte van haar is om in een winkel ‘verdwaald’ te raken, dan door mensen naar de klantenservice wordt gebracht en pas haar naam zegt (zodat ze kan worden omgeroepen), als ze iets lekkers krijgt.

Husch Färber: Hij is het broertje van de tweeling. Hij is 4 jaar, rustig, charmant. Hij heeft blond haar, blauwe ogen en een lichte huid. Hij wil astronaut worden. Hij wordt Husch genoemd, maar heet eigenlijk Christian. Vader was een paar jaar geleden een radio aan het repareren, maar hij was vergeten de stekker er uit te trekken. Vervolgens zat Husch aan de draadjes van de radio want hij dacht dat het speelgoed was en toen werd hij naar de andere kant van de kamer gekatapulteerd. Toen papa dichterbij was zei hij maar één ding:’Husch’. Sindsdien heeft hij niks meer gezegd, vandaar dat hij zo heet.

Oma: Emilie, moeder van Ingrid. Ze is klein en dik, heeft een rond gezicht en blauwe ogen. Ze heeft humor en is modern haar kledingkeuze. Ze moest Ingrid alleen grootbrengen, ze werkte in een schoenenfabriek. Ze maakt van alles een grap, maar ze is eigenlijk bang.

Opa: Logo heeft hem nooit gekend, alleen van een foto. Het is een grote man. Hij wilde leraar worden maar voordat hij kon beginnen met studeren en nadat hij met oma was getrouwd, moest hij vlak voor het einde van de oorlog (1945) van de nazi’s naar het front. Vervolgens toen de oorlog was afgelopen, bracht hij 6 jaar door in Russisch gevangenschap. Toen hij thuiskwam, hoestte hij veel en stierf even later aan een longontsteking. Een half jaar later werd Ingrid geboren.

Luise Rössner: Beste vriendin van oma, ze is conservatief, ze krijgt een kunstgebit omdat oma de 2 laatste gezonde tanden eruit heeft geslagen.

Harald Rössner: zoon van Luise

Fray Gebhard: buurvrouw die past op de vis Flossie tijdens de vakantie.

Flossie: goudvis, Margarethe vindt hem zo leuk, ze kan er uren naar kijken. Is dood gegaan tijdens de heenreis, omdat Margarethe de vis had meegenomen (zonder toestemming) in haar broekzak.

Lavinia: de zeilboot van de familie, de enige hobby die Paps & Logo met elkaar delen.

Arnold: een vriend van Logo die hij leert kennen bij de Waldensee. Zijn bijnaam is Arnie, hij heeft blond haar en blauwe ogen. Hij is ongeveer even groot als Logo. Arnie en z’n ouders zijn al twee weken hier, 3 huizen verder op.

Carla = het meisje

Norbert: vader van Carla, hij is een leraar en is opvliegend, hawaïshirt, lichte broek.

…. = moeder van Carla, is architect. lange, donkere haren, groene doek, grote zonnebril.

11.Waar speelt het verhaal zich af en in welke tijd?

Het speelt zich bij de familie Färber thuis. Op de camping/bungalowpark aan de fictieve “Waldensee” = waldenmeer. En op het meer zelf uiteraard. De vertelde tijd is een week of twee, ze zouden drie weken op vakantie gaan maar ze gaan eerder naar huis want Margaretha is ziek, ze heeft rode hond

12.Schrijf de eerste en laatste regel van een passage uit het verhaal op die je het meeste aansprak. Bijvoorbeeld omdat het de sleutelscène was. Leg uit waarom je deze passage hebt gekozen.

Wanneer blijkt dat Margaretha haar goudvis Flossie tóch heeft meegenomen. Vervolgens vraagt vader:”wat zullen we nu met de vis doen?” waarop Pola zegt:”Uit het raam smijten voordat ie gaat stinken”. Dat vond ik wel grappig

13.Bedenk een andere Duitse of Nederlandse titel voor het verhaal. Licht je keuze toe in ongeveer 30 woorden!

Stille Wasser sind tief. = stille wateren hebben diepe gronden.

Daarmee doel ik op Carla, die niet heel veel zegt, maar het blijkt dat ze een heel diep geheim heeft. Het is ook een beetje dubbelzinning omdat haar ouders in het water zijn verdronken. En “Stille Wasser” slaat ook weer terug op het gedicht “Meerestille”.

14.Met welke persoon / personen uit het verhaal kun jij je identificeren? Leg uit waarom.

geen

15.Geeft twee redenen waarom een ander de roman wel of niet zou moeten lezen.

- 1 niet omdat het een heel droevig verhaal is en dat is nooit zo leuk   

- 2 wel, want het is wel een heel goed verhaal en het plot is toch vrij onverwacht

 

16.Schrijf in het Nederlands een samenvatting van de tekst.

H1

Het is de dag voordat de familie Fárber op vakantie gaat naar de Waldensee. Het is een warme dag. Moeder bedenkt op het laatste moment dat de tweeling van vier jaar nog wat nieuwe kleding nodig heeft, dus zij gaat naar de stad en laat haar man en haar zoon Logo de afwas doen.
Er is hevig gediscussieerd door papa en mama of Oma (moeder van mama) wel mee mocht op vakantie. Want papa vind oma een herrie schoppend oud wijf en oma vind hem een onuitstaanbare saaie piet. Maar uiteindelijk is het toch goedgekeurd.
Even later komt oma aan met de taxi. Ze heeft een gele jurk aan en draagt een panama hoed. Haar gezicht stond op onweer want ze had net ruzie gehad met haar vriendin Luise. Luise had volgens haar opa beledigd, ze zei: ‘Er ist im Krieg geblieben’. Wat betekend dat hij in de oorlog is gebleven (figuurlijk). Het kwam voor oma over alsof ze bedoelde dat het een soort vakantie was in plaats van het Russische werkkamp waar hij gevangen zat. Hij had voor Duitsland het laatste jaar in de oorlog gevochten en toen de oorlog voorbij was moest hij 6 jaar in een russisch kamp werken. Hij kwam thuis en was niet meer de oude. Hij was voorheen altijd levenslustig en opgewekt en nu niet meer. Hij had ook een longontsteking opgelopen en is daaraan even later overleden. Doordat Luise dat gezegd had heeft ze Luise een klap verkocht en twee tanden uit haar bek geslagen.                          

Toen Mami even later thuis kwam van het winkelen, had Husch de auto onder gekotst. Ze was de zoon van Luise tegengekomen, Harald Rössner. Hij was op weg naar het ziekenhuis omdat iemand bij zijn moeder een paar tanden eruit had geslagen, dat was oma dus.

Logo moest vervolgens het gras gaan maaien. De kinderen moeten volgens moeders wat zelfstandiger worden, ze moeten bijvoorbeeld ook hun eigen ontbijt maken.

H2

De familie vertrekt naar de Waldensee met een volgeladen Volkswagenbusje. De auto is heel oud, gammel en de roestvlekken komen onder de groene lak vandaan. Daarachter is een aanhanger met de zeilboot Lavinia gekoppeld. Zeilen is de enige hobby die zijn vader en Logo gemeen hebben. Oma was naar Luise in het  ziekenhuis gegaan met een bos bloemen en heeft zich verontschuldigd. Eerst was Luise aan het schreeuwen en vloeken maar uiteindelijk hebben ze het bijgelegd en champagne gedronken. Luise krijgt wel een compleet nieuw gebit.
Als ze klaar zijn voor vertrek, moet Logo zijn zusjes Pola en Margaretha gaan halen. Maar dat is nog een hele klus aangezien Margaretha ontzettend boos is dat ze haar goudvis Flossie niet van papa mee mag nemen. Pola wil het liefst ook niet mee. Ze heeft op haar knieën gesmeekt of ze alleen thuis kon blijven, want anders kon ze drie weken lang Michael Berg niet zien, daarom is ze bang dat iemand anders hem inpikt. Maar er geld maar één regel voor de familie Färber: samen uit samen thuis. Uiteindelijk weten ze iedereen mee te krijgen en vertrekken ze naar de Waldensee (aan het plaatsje Waldenburg)

H3

Ze zitten rustig in de auto en Margaretha zit een boek over de ruimte door te bladeren. Plots slaat ze het boek dicht en legt een oranje ding op haar schoot. Het blijkt de goudvis Flossie te zijn. Ze besluiten haar te begraven.
Als ze bijna bij Waldenburg zijn, krijgen ze plots een klapband. (linkervoorband)
Paps raakt in de stress, de auto gaat naar de verkeerde weghelft en nadert de rotswand. Mama zegt dat hij moet remmen en oma zegt dat hij moet tegensturen. Dan zien ze een sportwagen tegemoet komen. Uiteindelijk staan ze toch stil op hun eigen weghelft. De sportwagen moest vol in de rem en er stapt een boze man uit met een lichte broek en een kleurrijk hawaii shirt. Paps gaat er naartoe.
Ze maakten ruzie, de man staat bijna op ontploffen, als hij wordt geroepen door zijn vrouw:”Norbert!”. De vrouw heeft lange donkere haren en een groene doek om. Ze draagt een grote zonnenbril. De man zegt dat hij geen tijd heeft en gaat terug naar de auto. Dan ziet Logo een meisje achterin de sportwagen zitten. Ze kijkt hem intensief aan. Ze ziet er een beetje angstig en treurig uit. Ze lijkt ongeveer net zo oud als hij en ze heeft lang blond haar. Ze lachen kort naar elkaar en Logo krijgt kriebels in zijn buik. Dan rijdt de auto snel weg. Na de band te hebben vervangen komen ze aan bij hun huisje.

H4

Het huis staat aan het einde van een met kiezel bedekte helling en halfhoge naaldbomen. Het heeft een rood dak, een witte gevel en een witte kozijnen. Het heeft een veranda met daaromheen bloemen met brommende insecten. Het huisje zit vlak tegen het bos aan.
Dan gaan ze het huisje van binnen bekijken, het gezin is er namelijk pas voor de eerste keer.
Vervolgens gaan ze Flossie begraven. Daarna gaan Logo en Paps de Lavinia te water laten. Mami, Pola en de tweeling gaan naar Waldenburg om inkopen te doen. Net als Logo in het water wil springen, ziet hij een gebruinde, jongen met blond haar en blauwe ogen en een gekleurde zwembroek. Het is Arnold aka Arnie. Ze stellen elkaar voor en raken aan de praat. Hij verteld dat het meisje van de sportwagen een huisje verderop heeft diep in het bos. Alleen haar ouders ziet men niet.
Dan gaan ze samen zwemmen. Arnie en zijn ouders zijn er al twee weken, ze wonen drie huizen verderop landinwaarts. Ze spreken af voor de volgende middag. Logo is er pas een uur maar heeft nu al een vriend gevonden. Dan gaat hij terug en verteld hij s’avonds een sprookje aan de tweeling voor het slapen gaan, Hans & Grietje.

 

H5

De volgende ochtend gaat Logo zwemmen en ziet hij het meisje tussen de rotsen staan. Hij zwemt naar haar toe, maar dan staat ze op en verdwijnt ze tussen de bomen in het bos. Hij denkt na; haar haren en kleren waren nat, wat deed ze zo vroeg in het water, was ze gaan zwemmen, was ze vanaf een rots in het water gevallen? Hij had geen idee.

 Paps vind het vervelend dat ze de hele tijd met een chagrijnige kop rondloopt en wil niet dat het zijn vakantie verpest. Daar gaat Mami weer tegen in en zij krijgen ruzie. Dan gaat Logo naar Pola’s kamer. Het lijkt alsof er een bom is ontploft en ze ligt rokend op bed. Hij wist niet dat ze rookte. Hij praat met haar en ze begint te praten over verliefd zijn. Hij vind het een beetje oneerlijk omdat zij alles verteld en hij niks over het meisje. Logo overtuigt haar om nietzo chagrijnig te doen, daar heeft niemand wat aan. Zij wil ook de vakantie van anderen niet verpesten, en ze zal haar best doen een goed humeur te hebben.

In de avond gaan Paps en Logo naar de zeilboot, Logo heeft ook afgesproken met Arnie. De boot komt amper vooruit want er is bijna geen wind. Paps legt het een en ander uit aan Arnie over zeewind. Logo heeft het gezwets van zijn vader blijkbaar al eerder gehoord.

De tweeling gaant daarna met papa en mama voor het eerst meevaren met de Lavinia. Ondertussen gaat Logo zijn nieuwe telescoop uitproberen. Dan ziet hij plots het meisje op de rotsen staan. Ze kijkt nog steeds zo droevig als die ochtend. Even later ziet hij haar een bos rode bloemen het water ingooien en ze lacht erbij. Het is voor Logo nu duidelijk dat ze een geheim heeft.

H6

De dag daarna gaat de familie met de stoomboot naar Waldenburg. Het is een stad die zonder toerisme niet bestaan kon. Er is alles voor zeilen en kamperen te vinden.

De volgende dag is Margaretha kwijt. Ze is er met het kunstgebit van oma vandoor. Het blijkt dat ze het heeft begraven omdat ze het niet zag bewegen in het water.  Haar redenering was dat iets wat niet meer kan zwemmen immers dood is en moet dus begraven worden net als Flossie.
Ze gaan het gebit zoeken in het bos. Maar Logo heeft het gevoel dat hij bekeken wordt en hij blijft nog even terwijl Mami en Margaretha al terug naar het huisje gaan. Uiteindelijk laat het meisje zich zien. Ze draagt een gescheurde broek en een opvallend overhemd. Ze zegt tegen Logo dat hij mee naar de zee moet gaan. Als ze er zijn is het eerste wat Logo zegt: Je zag eruit als een boomnympf, hoe je daar tussen die bomen uitkwam. Hij weet zulke dingen omdat hij zich interesseert in astronomie en griekse mythologie. Haar moeder is architect en haar vader is leraar en opvliegend. Dan vraagt Logo wat ze die ochtend zo vroeg in het meer deed met haar kleren aan. Ze zegt dat ze van rust houdt en vervolgens zegt ze het volgende gedicht:

Tiefe Stille herrscht im Wasser,                 Diepe stilte heerst in het water
Ohne Regung ruht das Meer,                    Zonder beweging rust de zee
Und bekümmert sieht der Schiffer,         bekommerd ziet de schipper
Glatte Fläche rings umher.                         Een glad oppervlakte om hem heen

 

 

 

 

Logo vind het maar treurig. Ze zegt dat het maar één strofe heeft. Dan zegt ze dat ze moet gaan. Logo wil nog een keer afspreken, desnoods met Arnie erbij. Ze vind het goed als ze maar niet naar haar huis komen, want dat mag niet van haar vader, zegt ze stotterend. Ze spreken om drie uur in de middag af bij het meer. Logo gaat in de wolken terug naar het huisje. Echter vindt hij het meisje maar een raadsel. Eenmaal bij het huisje aangekomen bedenkt hij dat ze elkaars namen niet weten. Die nacht droomt hij van haar en van een lege lucht, zo leeg en zwart als het water van het meer.

H7

De volgende dag zijn Arnie en Logo aan het wachten op het meisje, maar naar een uur wachten besluit Logo naar haar huis te gaan. Arnie gaat niet mee maar beschrijft wel de weg. Ze spreken morgen weer af.

Hij verdwaalt maar uiteindelijk vindt hij het huis. Ze ligt op bed opgerold als een foetus in een gebloemde deken en sliep. Hij riep haar zacht maar ze hoorde het niet. Hij kon niet naar boven klimmen want er waren rozen tegen de muur. Hij denkt dat ze huisarrest heeft.

Hij gaat weer naar huis. Hij is verliefd op het meisje. Maar niet zo verliefd zoals Pola dat is op Michael. Hij voelt een diepe verbondenheid met het meisje.
Oma vertelt over vroeger: opa en oma haatten de nazi’s, maar dat lieten ze niet zien. Opa ging naar het front omdat hij zich de waanzin inbeeldde het tot een sneller eind te krijgen. Toen hij stierf, ging er ook iets in oma kapot, maar ze moest hard zijn want ze moest Ingrid opvoeden. Echter merkte Ingrid wel dat oma wat gesloten was. Ingrid wilde een deel van haar zorgen wegnemen om te zorgen dat ze zo haar hart wat kon helen en zo de liefde kon krijgen die ze nodig had. Maar oma had dit niet door. Daarom wil Ingrid waarschijnlijk dat Husch en Margarethe zelfstandig zijn, ze moeten liefde verdienen. Door oma is Ingrid ook hard geworden en dat vind ze heel erg. Logo probeert oma een beetje te troosten en de pijn te verzachten. Oma heeft de laatste dagen gezien hoe Ingrid omgaat met haar kinderen, toen haar gebit verdwenen was had Ingrid zich zorgen moeten maken over Margarethe en niet om oma, maar de moeder zoekt nog altijd naar de liefde van oma. Oma vraagt: hoe gedraagt je vader zich tegenover jou en Pola? Hij antwoordt: hij weet niets over ons gevoel en dat maakt hem nerveus. Oma vindt dat vader zijn onzekerheden niet toegeeft. Hij denkt dat hij het wel alleen kan redden. Hij vind het een teken van zwakte om zijn gevoelens te uiten en in de spiegel te kijken om zichzelf te veranderen. Daarom mag oma hem niet. Papa en mama behandelen Pola en Logo als kleine kinderen omdat ze bang zijn om hun te verliezen als ze volwassen zijn.

H8

Die avond Logo ligt in bed een krimi te lezen als er op de deur wordt geklopt. Daar staat het meisje opeens in de deuropening.Hij vroeg waarom ze er niet was vanmiddag, ze antwoordt: we waren naar Waldenburg en zijn na het middageten teruggevaren. Dit vond Logo vreemd, want ze hebben vanaf 3 uur anderhalf uur staan wachten, plus dat hij nog een half uur naar haar huisje opzoek is geweest. In die tijd hadden ze haar al lang kunnen zien terugkomen, dus iets klopt er niet aan het verhaal. Ze wil sterren kijken maar het is erg bewolkt. Ze wil bij het meer sterren kijken. Hij gaat met haar mee als ze eerst haar naam zegt, ze heet Carla. Ze vraagt wat het sterrenbeeld is wat precies boven de helling is, waar hij haar een paar dagen geleden gezien had. Het is blijkbaar ‘Schlangenträger’. Hij vertelt een Grieks verhaal over een Griekse god die mensen kon genezen maar ook doden laten opstaan uit de dood. Ze gaan zwemmen, ze waren naakt. Ze heeft striemen op haar lichaam. Ze wordt geslagen door haar vader met een leren riem met een verzilverde punt. Zijn vrouw liet het toe. Ze kleden zich weer aan en gaan allebei weer naar huis. Husch staat hun op te wachten als een waakhond op de trap. Husch was bang voor het onweer. Margarethe was waarschijnlijk nog aan het slapen. Logo neemt hem mee naar zijn kamer. Hij legt hem in bed, gaat ernaast liggen en huilt.

H9

 Logo haalde Arnie op bij z’n huis en ze gingen naar het bos en hij vertelde alles over gister. Ze staan voor Carla’s huis en er is geen sportwagen. Arnie wil naar binnen gaan, maar Logo zegt: Nee dat mag niet, dat is inbraak, maar ze gaan toch naar binnen.
Ze bekijken het hele huis. Arnie vindt een tekenmap, met allemaal potloodtekeningen erin. Logo en zijn familie stond op die tekeningen! Het was heel gedetailleerd en nauwkeurig.
Ze heeft bijna alle gebeurtenissen getekend. Arnie zegt: als zij niet gek op je is dan weet ik het niet meer, Logo: nee ze is niet gek op mij maar op mijn familie, omdat het een gelukkige familie is.  Zij wil dus ook een gelukkige familie. Opeens horen ze de huisdeur en voetstappen. Opeens staat Carla voor hun, in een zwarte trui en zwarte broek. Ze is boos dat Arnie en Logo zijn gekomen en hebben ingebroken. Logo zegt: “we komen voor je vader om met hem te praten.” Dat kan blijkbaar niet omdat haar ouders onderweg zijn. Ze stuurt hun weg, Logo wordt boos, hij zegt: “ wacht je tot je doodgeslagen wordt?!” Zij zegt: “ik heb niemand nodig, niemand die op me past.” Carla sloeg Logo letterlijk het huis uit, nadat hij haar had aangeraakt. Hij zegt: “ je kan wel met me oma praten, die is oké.” Carla stond stil als een gewond dier en huilt zacht. Ze gaan weg. Hij kwam thuis en Pola zegt: we gaan naar huis, pak je spullen.

H10

Margarethe heeft hoge koorts gekregen, ze willen naar hun eigen huisarts dus ze gaan naar huis. Ze zeggen: ‘’Samen uit, Samen thuis’’. Hij was bereidt om een discussie met Carla’s vader te hebben, maar hij wilde ook bij Margarethe blijven. De dokter komt naar hun huis. Margarethe moet leren dat ze ook zonder haar grote broer (Logo) kan overleven. Logo zegt: dat zal haar niet zwaar vallen want ze heeft ook geleerd om zonder haar moeder te overleven. Moeder snapt het niet, logo legt uit dat de kleintjes altijd naar hem komen als het slecht gaat. Mama gaat de kamer uit zonder iets te zeggen. Logo schrijft een brief aan Carla: wanneer ze hulp nodig heeft moet ze naar Arnie gaan, als hij binnen 3 dagen niet terug is, wil hij dat Carla haar adres naar hem stuurt. Iedereen moet in de auto gaan zitten. De boot bleef daar, die halen ze later op of ze keren later weer terug om alsnog vakantie te houden. Er is heel veel regen. Op de heenweg was het Pola met een slecht humeur, maar nu was zij de enige met een goed humeur (omdat ze Michael weer gaat zien). Moeder gaat nu naast Margarethe zitten, of dat een gevolg was van de discussie tussen Logo en Mami weet Logo niet. Ze gaan naar de dokter. De dokter kwam, hij leek net een slager, zachte stem. Ze moet 2 weken lang bedrust hebben. Ze heeft rode hond. Logo wilde met iemand praten, maar Oma was steeds telefonisch bezet, dus hij ging op de fiets. Oma was aan het bellen met Louise.

Hij legt haar allles uit. Oma zegt dat Logo dat meisje niet kan helpen. Oma zegt dat er moet worden ingegrepen, deze man wordt dan aangesproken, maar wat verandert er dan? Want Carla moet in de toekomst nog steeds met die man leven. Hij vindt dat er iets niet klopt in Carla’s huis. Hij moet wachten tot zijn vader terugrijdt, meerijden en uitleggen wat er mis is en hij zal zeker naar Carla’s vader gaan. Oma zegt: er is altijd hoop, vergeet dat niet.

Oma komt op ziekenbezoek, allemaal zoete dingen meegenomen. Pola is weer bij Michael. Logo voelt zich een verrader omdat hij Carla alleen heeft gelaten, hij wil terug. Oma haalt een kaart uit haar tas, van de Waldensee Logo denkt aan de eerste zin van het gedicht wat Carla zei, oma weet hoe het gedicht (zie H6) afloopt, het gedicht is van Goethe,

 

 

Tiefe Stille herrscht im Wasser,                                Diepe stilte heerst in het water
Ohne Regung ruht das Meer,                   Zonder beweging rust de zee
Und bekümmert sieht der Schiffer,       bekommerd ziet de schipper
Glatte Fläche rings umher.                         Een glad oppervlakte om hem heen
Keine Luft von keiner Seite!                      Geen zuchtje wind van geen enkele  kant
Todesstille fürchterlich!                                              dodelijke stilte, angstaanjagend
In der ungeheuern Weite                           In de enorme omgeving
Reget keine Welle sich.                                               beweegt geen enkele golf

Hij herinnert zich opeens een paar zinnen die Carla zei: het was de laatste keer dat hij mij geslagen heeft, de laatste keer, de laatste keer. Hij zegt O grote god, er is iets verschrikkelijks gebeurd, ik moet NU naar Carla toe. Oma zegt: hier heb je geld, neem de trein en ga naar haar toe en een taxi van Waldenburg naar haar huis. Hij gaat naar zijn huis om zijn spullen te pakken. Logo mag niet van zijn vader, vader gaat met moeder overleggen, ondertussen wil Logo weggaan, hij komt Husch tegen, hij kijkt bang en houdt zijn hand voor z’n mond. Logo zegt tegen hem::  ik kom snel weer terug en als ik terug kom, dan ga je tegen me praten anders zal je altijd bang zijn en dat hoeft niet, ik ben altijd bij je.” Husch knikte.

Logo pakt zijn fiets. Mama roept: “Logo!” Ze gaat voor hem staan en houdt het stuur vast. Ze zegt geen woord, ze drukt iets in zijn hand en keerde zich om en ging weer naar huis. Hij opent zijn hand en ziet de sleutel van het vakantiehuis.

H11

De trein vertrok binnen een half uur.  In zijn hoofd herhaalt telkens 1 woord: Todesstille, dit is van het gedicht. Hij is in Waldenburg aangekomen, neemt een taxi en gaat naar Carla’s huis. Het regende. Ze was zeiknat. Ze praten met elkaar. Hij pakte haar hand, haar hand was ijskoud. Hij vraagt: “Carla wat is er met je ouders gebeurd? Was het een ongeluk?” Ze knikte.

De trein vertrok binnen een half uur.  In zijn hoofd herhaalt telkens 1 woord: Todesstille, dit is van het gedicht. Hij is in Waldenburg aangekomen, neemt een taxi en gaat naar Carla’s huis. Het regende. Ze was zeiknat. Ze praten met elkaar. Hij pakte haar hand, haar hand was ijskoud. Hij vraagt: “Carla wat is er met je ouders gebeurd? Was het een ongeluk?” Ze knikte.

Ze vertelt: het was de dag toen ze een lekke band hadden. Papa was woedend na de ruzie met jouw vader. In de avond waren ze eindelijk in de stad. Ze hebben gegeten en gedronken. Mijn vader was dronken, mijn moeder zei er niks van. Soms praten ze een paar dagen niet met elkaar. Ze reden naar het huisje. Ze hebben de hele tijd ruzie gemaakt. Ze gingen naar beneden van de berg af, hij reed veel te snel en toen reden ze door de barrière het meer in. Ze hebben allebei niet geschreeuwd toen de wagen naar beneden stortte, ze zijn in de veiligheidsgordels blijven hangen. De wagen ging naar beneden het waren max. 5 seconden. Ik werd eruit geslingerd en zwom naar de oever, toen zagen Logo en Carla elkaar voor het eerst. De dag erna was als een droom, ze wist niet wat ze moest doen, dus ze deed alsof er niks gebeurd was.

Ze wil naar de plek van haar ouders toe met Lavinia. Hij wil niet want er is een storm. Ze gaan toch, de hemel is grauw, het meer is onrustig. Logo stelt zich voor hoe het voor haar is: het gemis, de paniek, het schuldgevoel en bang iemand te vertrouwen. Hij beseft dat de onzichtbare band die ze hadden, niets meer was dan zijn wens om haar te beschermen. Hij wilde de angst en de pijn tegenhouden, hij kreeg tranen in zijn ogen omdat hij wist dat deze wens niet meer in vervulling kon gaan.
Ze zaten middenin een storm. De Lavinia begint te slingeren maar ze blijven doorgaan. Opeens komt er een windstoot en hij sloeg bijna overboord, ze kwam tegen hem aanzitten. In zijn hoofd hoorde hij zijn vader zeggen: laat de touwen los!

 

Hij schreeuwt naar Carla: blijf op de bodem liggen! Hij kroop naar haar toe. Ze zegt: Hier, ze zijn precies hieronder. Ze schreeuwt: “laat me met rust, ik haat jullie!” De volgende windstoot kwam aan en Carla sloeg overboord. Hij dook het water in maar verloor zijn oriëntatie. De Lavinia was 10 meter van hem verwijderd, het leek alsof de boot zonk. Plotseling zag hij Carla, hij pakte haar, ze hing slap in zijn handen. Hij probeerde naar de kust te gaan, maar hij zag alleen maar golven. Hij ging richtingloos terwijl hij Carla’s hoofd boven water probeerde te houden. Ze bereiken de oever, hij was aan het eind van zijn krachten. Ze opende haar ogen, de treurigheid en de angst brak bijna zijn hart. Hij hield haar omhoog, ze hoeste, hij zei: het komt allemaal wel goed. Ze schudde haar hoofd. Ze zegt: ik heb zo vaak gewenst dat ze dood zijn, maar nu ze dood zijn mis ik ze en wil ik ze terug. In de verte naderden mensen maar hij schonk er geen aandacht aan, hij troostte haar. Ze staarden naar het meer en hij bad dat oma gelijk zou hebben , dat er altijd hoop was.

 

 

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

N.

N.

Goed verslag! Scheelde me een hoop tijd :)

4 jaar geleden

H.

H.

praat Husch dan helemaal niet meer sinds dat ongeluk met de radio?

4 jaar geleden

N.

N.

nee het veehaal eindigd in waldenburg, als logo terugkomt dan zal husch praten, maar logo is nooit teruggekomen

4 jaar geleden