Krabat door Otfried Preussler

Beoordeling 7.3
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • 2e klas vmbo | 1751 woorden
  • 24 september 2006
  • 35 keer beoordeeld
  • Cijfer 7.3
  • 35 keer beoordeeld

Boek
Vertaald als
Meester van de zwarte molen
Auteur
Genre
Taal
Nederlands
Vak
Eerste uitgave
1972
Pagina's
352
Oorspronkelijke taal
Duits
Verfilmd als

Boekcover Krabat
Shadow
Krabat door Otfried Preussler
Shadow
ADVERTENTIE
Studententijd zomerspecial

Heb jij de Zomerspecial van Studententijd de podcast al geluisterd? Joes, Steie, Dienke en Pleun nemen je mee in hun zomer vol festivals, vakanties en liefde. En kijken ook alvast vooruit naar de introductietijd van het nieuwe collegejaar. Luister lekker mee vanaf je strandbedje, de camping of onderweg. 

Luister nu!
Algemene gegevens:

De uitgever is Malmberg in Den Bosch, het boek is in 2000 uitgekomen.
Oorspronkelijke titel: Krabat
Tekst: Otfriet Preussler
Vertaling: W.I.C Royer-Bicker

Motivatie:
Spannend, Eng, Griezelig, Leuk.
Toen ik “klein” was, had mijn moeder het voor de helft samen met mij gelezen. Als leesoefening: ik een bladzijde, zij een bladzijde.
Een paar jaar later wilde ik het helemaal lezen. Ik was toch wel benieuwd hoe het afliep.

Thema:
Griezelverhaal, Tovenarij, Fictie.


Titel verklaring:
Het boek “meester van de zwarte molen” heet zo omdat, het de meester van de zwarte molen is die Krabat in een droom roept, en zorgt dat Krabat in in zijn molen komt werken. De molen ziet er donker en dreigend uit.

Samenvatting:
Het verhaal speelt zich af in het begin van de 19e eeuw Hoyerswerda. Krabat is een bedelaar en verdient geld met driekoningen (met 2 vrienden).
Die nacht krijgt hij een droom: op een balk zitten 11 raven er is een plek vrij, dan klinkt er een stem die zegt dat hij naar de molen in Schwarzkollm moet komen.
Hij gaat dan ook en als hij er is dan komt zijn meester hem tegen. Hij heeft maar een oog. Hij brengt hem naar boven naar zijn bed. Daar liggen zijn kleren klaar. Als hij gaat slapen, ziet hij 11 raven op de balk boven hem zitten.
Als hij wakker word moet hij eerst eten. En dan ziet hij ook dat er nog meer leerjongens zijn, elf in totaal.
Dan moet hij een heel zwaar klusje doen, de meelschuur uitvegen met alle ramen en deuren dicht. Na een uur wordt hij er uitgelaten door een knecht. Die zegt een spreuk en alle meel vliegt weg. Het was Tonda de meesterknecht.

De dagen daarna waren niet veel beter, hij kreeg de zwaarste klusjes: meel zeven, hout hakken, sneeuw ruimen enz. Hij probeert weg te lopen, maar dat lukt niet, hij komt steeds weer terug op de molen.
Op een nacht wordt hij wakker, hij hoort geluid, alle jongens zijn uit bed. Hij kijkt naar buiten, daar ziet hij de jongens aan het werk, en er draait een molen die nog nooit gedraaid heeft. Ze noemen die molen de dodengang.
Toen hij een maand op de molen was moesten alle leerjongens komen bij de meester. Toen ze daar waren veranderde de andere leerjongens allemaal in raven, en hij moest bij de meester komen. De meester pakte hem bij de arm en hij werd ook een raaf. Toen ging de meester uit een boek een spreuk voorlezen, die ze na moesten zeggen.
Tonda zei tegen hem, dat hij ook moest gaan werken voor de man die eens in de maand kwam na het vallen van de nacht. Die man was gekleed in het zwart met een vuurrode haneveer op zijn hoed. Zijn kar werd getrokken door 6 pikzwarte paarden. Dat was het moment, dat de dodegang ging draaien. De zakken van de wagen werden gelost, gemalen en weer op de wagen geladen. Zelfs de meester was erg onderdanig aan deze man. Iedereen werkte hard en dat deed Krabat ook. Voor de zon opkwam reed de wagen weer weg zonder een spoor achter te laten. Krabat wist niet precies wat ze maalde, maar hij had tussen het stof wel eens iets gevonden dat op een tand leek. Hier kon hij beter niet over praten, raadde Tonda hem aan.
Op een dag werden ze door de meester verdeeld in tweetallen (hij zat bij Tonda). Toen gingen ze naar een plek waar iemand is vermoord of is omgekomen.
Daar moesten ze overnachten, en de ochtend daarop moesten ze een teken op hun hoofd tekenen en terugkeren.
Die nacht had hij het gezang aangehoord van een meisjeskoor en hij was gelijk verliefd op de voorzangeres.
De volgende ochtend ging hij samen met Tonda en Andrusch naar de stad. Tonda zei dat ze een os moesten verkopen.
In de stad wou hij vragen hoe ze aan de os kwamen, op dat moment veranderde Andrusch zich in een os en Tonda in een boertje. Dus hij verkocht Andrusch maar hij hield het halster. Want anders kon Andrusch zich niet meer terug veranderen.
Aan het eind van het jaar deed iedereen heel pissig, ze kregen de hele tijd ruzie.
Hij kreeg van Tonda een mes, Tonda deed voor hoe je het open klikte, het zag helemaal zwart. Hierna deed Krabat het zelf open, het was helemaal wit. Tonda zei later, als het zwart kleurt dan ben je in gevaar.
Op oudejaarsnacht hoorde Krabat een schreeuw en de volgende ochtend vonden ze Tonda die dood was. De molenaar was er niet, dus moesten ze hem zelf begraven. De molenaar bleef tot de avond van driekoningen weg, die nacht moesten ze weer aan het werk toen ze terugkwamen lag er een jongen op de slaapplek van Tonda. Hij werd wakker, ik heet Witko en jullie? Hanzo begon te vertellen (want hij was de nieuwe meesterknecht) hoe ze allemaal heetten. De volgende dag moest Witko in het meelhok om het te vegen. Die avond werd Krabat tot een voljarige leerjongen benoemd.
Met Pasen moesten ze weer naar een plek waar iemand was omgekomen, deze keer was hij met Juro een hele domme jongen die het huishouden deed. Die nacht trad hij uit zichzelf (je geest komt los van het lichaam). Hij ging naar het meisje dat voor zong, daar bleef hij de hele nacht.
Op een dag ging Krabat samen met Juro naar de stad, hij moest Juro als paard verkopen, maar Juro wist niet hoe dat moest, dus deed hij het maar. Maar Juro verkocht hem per ongeluk aan de meester die zich vermomd had.
Het was weer oudjaar en die nacht ging Michal dood. De meester was er weer niet, dus ze moesten Michal zelf weer begraven.
Met driekoningen was er weer een nieuwe jongen. Hij heette Lobosch en Krabat herkende hem meteen. Omdat hij met hem samen driekoningen had gezongen. Alleen andersom herkende Lobosch Krabat niet omdat Krabat in de afgelopen 2 jaar vele jaren ouder was geworden.
Krabat had al diverse toverspreuken geleerd en zich voor genomen alle spreuken te onthouden die hij na moest zeggen van de meester. Hij had geleerd hoe hij gedachteberichten kon versturen. Het leken dromen die je met iemand deelt. Die nacht stuurde hij een gedachtebericht naar het meisje en zegt dat ze hem tegen zal komen.
Een van de leerjongens Merten, was weggelopen en net als Krabat telkens terug gekeerd. Hij wilde weg uit de molen en had zich verhangen in de schuur. Maar zelfs dat lukte niet want toen de andere hem los sneden wilde het mes niet door het touw. Pas toen de meester het deed viel de Merten op de grond maar hij was niet dood. De meester zei: Ik bepaal wie hier dood gaat. Het maakte veel indruk op Krabat.
Hij hielp Lobosch heel veel, met Pasen ging hij samen met Lobosch op pad. Krabat verzint een smoes om het meisje te ontmoeten. Ze zien elkaar weer, nu in het echt en worden bevriend. Krabat moet haar naam erg geheim houden voor de meester.
Het einde van het jaar komt er weer aan, en dan komt hij er achter dat Juro heel slim is en alleen maar dom doet om niet vermoord te worden.
Want de meester moet ieder jaar de slimste leerling doden, en dat ben jij, zei Juro tegen Krabat.
Er is alleen een ding waardoor je je kan redden: een meisje dat van je houdt moet je herkennen als wij allen raven zijn, met de snavel onder de rechter vleugel.
Als ze hem zou herkennen dan zou de meester sterven en de molen afbranden, en al de toverkunst zou helemaal weg zijn. Maar als ze hem niet zou herkennen, dan sterft hij en het meisje ook.
Krabat vraagt het haar en ze wil het wel. Krabat bedenkt een list waardoor hij zijn snavel onder zijn linkervleugel kan stoppen.
Maar de meester heeft door dat er iets aan de hand is en laat de jongens zich in een rij opstellen, waarlangs het meisje geblinddoekt moet lopen. Ze moet zonder de jongens aan te raken voor Krabat blijven staan.
Toch herkent ze hem.
De meester zal die oudejaars nacht zelf sterven en de molen zal af branden en al de jongens zijn nu vrij!

Als ze naar het dichtstbijzijnde dorp lopen vraagt Krabat hoe ze wist wie hij was. Ze vertelt hem, omdat ze voelde dat hij bang was, bang om haar. Ze voelde zijn angst.

Biografie:
Otfried Preussler werd geboren in Reichenberg, en hij groeide op in Bohemen. Niet ver daar vandaan staat de molen, uit de meester van de zwarte molen. Tijdens de 2e wereldoorlog moest Otto als soldaat in het Duitse leger aan het oostfront vechten.in 1944 werd hij in Rusland krijgsgevangen gemaakt. Pas 5 jaar later kon hij naar zijn familie terugkeren. Door zijn gedwongen verblijf leerde hij de Russische volksverhalen goed kennen, die hij later in zijn boeken verwerkte. Hij werd onderwijzer en schreef in zijn vrije tijd sprookjes die hij in de klas voorlas. Nadat zijn eerste 2 boeken in 1957 en 1958 jeugdboekenprijzen hadden gewonnen, gaf hij zijn baan als directeur op en werd hij beroepsschrijver.

Personages:
Krabat:is een slimme en dappere jongen, hij maakt snel vrienden en is nieuwsgierig en leergiering.
Meester: gemeen, hard, sluw, onaardig en is heel streng.

Minder belangrijke personages:
Tonda: een dapper knecht die Krabbat veel leert en die dood gaat.
Juro: een slimme knecht, die doet of hij dom is.
Michal: een slimme knecht die dood gaat.
Lobosch :een oude kennis die ook op de molen komt.
Lyschko :een gemene verrader.
Merten: een leerling die weg wil uit de molen.
De voorzangeres: het meisje op wie Krabat verliefd wordt.

Perspectief:
Er is een verteller. Die het verhaal van buitenaf vertelt.
Het gaat over de overwinning van goed op kwaad.

Taalgebruik:
Het is een net boek dus geen grof taalgebruik. Het is een jeugboek. De namen in het verhaal zijn moeilijk te uit te spreken vooral de plaatsnamen en namen van de personen. Het is eng en spannend.

Plaats:
Het speelt zich af in Duitsland (Saksen) in de streek Hoyerswerda , op het platteland, aan het begin van de 19e eeuw.

Opbouw:
Het boek is verdeeld in 3 delen, dat telkens een leerjaar op de molen is.
Ieder deel heeft hoofstukken.

Mening:
Het is heel erg fictie. Ik vind het een leuk boek en je kan je jezelf heel goed inbeelden.
Ik kreeg soms medelijden met de personen uit het boek, maar ik vond het leuk, spannend om te lezen.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Y.

Y.

en zorgt dat Krabat in in zijn molen komt werken.

er staat hier 1 in te veel
vriendelijke groetjes,
yannick

15 jaar geleden

K.

K.

alleen een beetje jammer dat je de schrijver bent vergeten te vermelden.

10 jaar geleden

J.

J.

kun je hiervan ook even een korte samenvatting maken ? hij is een beetje te lang..

7 jaar geleden

Andere verslagen van "Krabat door Otfried Preussler"