Lesuitval, een mondkapjesplicht, onzekerheid over de eindexamens... Wij zijn benieuwd hoe jij met de coronacrisis omgaat en wat jij vindt van de maatregelen. Doe mee met ons corona-onderzoek! 😷🦠🏫 We zoeken nog extra jongens!

Doe mee


ADVERTENTIE
1500 euro winnen met je pws of sectorwerkstuk?

Check de online masterclasses van het Rijksmuseum waarin experts hun kennis en tips delen, zodat jij tot een goed onderwerp komt. En wist je dat je mee kunt doen aan de Rijksmuseum Junior Fellowship wedstrijd? Je maakt dan met jouw pws of sectorwerkstuk kans op 1500 euro en een traineeship!

Hoe het begon.

Ooit werd er een flinke jongen geboren, genaamd Herakles (Hercules in het Latijn). Herakles was niet zomaar een jongen, maar de zoon van Zeus en Alkmene. Zeus was de oppergod en zijn vrouw, Hera, was niet zo blij met de geboorte van Herakles. Omdat ze de avontuurtjes van haar man zat was, zond ze twee slangen naar de wieg van Herakles, opdat deze hem zouden doden. Maar Herakles ontdekte de slangen, greep ze vlak onder hun kop beet en kneep ze dood. Vanaf dat allereerste moment zou Hera zijn aartsvijand worden.

[plaatje0]



Toen Herakles opgroeide bleek al snel dat hij speciale krachten bezat. Hij blonk overal in uit in vergelijking met zijn leeftijdsgenootjes. Toen hij later trouwde met de dochter van koning Kreon, kreeg Hera een nieuwe kans om hem dwars te zitten. Ze zorgde ervoor dat hij een driftbui kreeg, waardoor hij zijn vrouw en kinderen als vijanden zag. Nadat hij ze had vermoord zag hij pas wat hij gedaan had en ging uit verdriet naar het orakel van Delphi, om daar om raad te vragen. Het orakel antwoordde dat hij zijn kracht moest gebruiken om zwakkere mensen te helpen en dus vertrok Herakles naar Eurystheus, koning van Mykene, om tien werken voor hem uit te voeren.



En zo vertrok Herakles dus naar Mykene. Eurystheus had al vlug opdrachten voor Herakles gevonden. Er zwierven een aantal afschuwelijke monsters, zoals een grote leeuw, een slang met negen koppen en enorme vogels. Deze dieren vormden een gevaar voor de mensen. Eurystheus hoopte eigenlijk dat Herakles bij één van deze opdrachten zou omkomen, omdat hij bang was voor de sterke Herakles. Dit gebeurde echter niet.

[plaatje1]

De twaalf werken.

De eerste opdracht die Herakles moest uitvoeren was het doden van de leeuw van Nemea. Nemea lag in een dal niet ver van Mykene en alle bewoners waren als de dood voor de verschrikkelijke leeuw. Zijn vacht was zo sterk dat elke pijl erop afketste. Toen Herakles de leeuw vond, schoot hij eerst pijlen naar hem, maar deze vielen naast zijn sterke lichaam neer. Daarna probeerde Herakles het dier een klap te geven met zijn knots, maar ook hier reageerde de leeuw niet op. Herakles volgde hem zijn grot in en wurgde hem met blote handen. De mensen van Nemea waren Herakles zeer dankbaar en boden hem van alles aan. Het enige dat Herakles echter wilde dat waren de huid en de kop van de leeuw. Deze konden hem bij zijn volgende opdrachten beschermen en zo ging hij terug naar Eurystheus, om hem te melden dat hij zijn eerste opdracht goed had vervuld.



De tweede opdracht bestond uit het verslaan van de slang van Lerna. Eurystheus was zeer geschokt geweest dat Herakles gezond en wel was teruggekeerd en stuurde hem daarom ook gelijk weer op pad voor een volgende opdracht. Daarvoor reisde Herakles eerst naar zijn jongere neef Iolaos, om hem om hulp te vragen bij het verslaan van de slang.Deze hydra had een hondenlichaam en negen koppen. De mannen reisden vervolgens naar Lerna, waar ze de slang vonden. Al gauw bleek dat deze helemaal niet zo makkelijk te verslaan was. Toen Herakles één van zijn koppen afhakte, kwamen er drie voor in de plaats! Toen kwam Iolaos op het idee om de koppen gelijk dicht te schroeien nadat ze afgehakt waren, opdat ze niet meer konden aangroeien. Dit plannetje werkte en voordat Herakles vertrok, doopte hij nog snel zijn pijlen in het giftige bloed van de slang. Zo klaarde Herakles ook zijn tweede opdracht.





Het derde werk van Herakles bestond uit het vangen van een hinde.

Deze hinde had een lichtbruine vacht, koperen hoeven, een gouden gewei en was pijlsnel. De hinde was toegewijd aan Artemis, de godin van de jacht. Na een jachtpartij die volgens sommige wel een jaar duurde, ving Herakles het dier eindelijk. Met toestemming van de Artemis nam hij het dier mee, nadat hij had beloofd het weer terug te brengen.



Het vierde werk bestond uit het vangen van het zwijn van Erymanthus. Voordat hij weggegaan was had Herakles zich in zijn leeuwenvacht gehuld ter bescherming en wapende hij zich met een ketting. Nadat hij het zwijn eenmaal had gevonden, lokte hij hem naar een gebergte waar een meters dikke laag sneeuw lag. Daar kon hij het dier overmeesteren door bovenop hem te springen en hem vast te binden met de ketting. Toen Eurystheus Herakles zag aankomen met het zwijn werd hij zo bang, dat hij een leeg wijnvat liet ingraven waar hij zich vervolgens in verstopte. Zijn bediende gaf Herakles de volgende opdracht.



Het vijfde werk waren de stormvogels van het Stymphalusmeer. Deze vogels hadden koperen snavels en klauwen en hun veren waren van ijzer, die ze als pijlen konden afschieten tijdens hun vlucht. Ze leefden in de bossen aan de rand van het Stymphalische moeras. Omdat ze zo’n plaag waren voor het land, gaf Eurystheus de opdracht om de vogels uit de weg te ruimen. Toen stond Herakles al voor het eerste probleem; Hoe moest hij de stormvogels uit de bossen lokken? Gelukkig hielp de godin van de wijsheid, Pallas Athena, hem. Ze gaf hem ijzeren kleppers die gesmeed waren door de smid van goden, Hepheastos. Herakles maakte vervolgens zo’n kabaal, dat alle vogels verschrikt opvlogen. Hij slaagde erin om een groot aantal te doden, de rest was zo erg geschrokken dat ze nooit meer terug zouden keren. Herakles nam als bewijs voor Eurystheus enkele ijzeren veren mee.



Herakles moest vervolgens de stallen van koning Augias schoonmaken. Dit was zijn zesde werk. De stallen van de koning waren niet zomaar stallen, maar stallen die al jaren niet meer waren schoongemaakt en in de omgeving hing een ondraaglijke stank.



Herakles had tegen de koning gezegd dat hij de stallen wel in één nacht zou kunnen schoonmaken. Van Augias moest hij toen zweren dat hij het in één dag zou klaren. Als hij dat deed, kreeg hij 1/10 van de veestapel die Augias bezat. Herakles deed dat en bestudeerde de omgeving goed. Toen kreeg hij een idee; hij maakte samen met zijn neef Iolaos eerst twee openingen in de muur rond het erf en verlegde vervolgens de bedding van de in de buurt gelegen rivieren. Zo stroomde vervolgens het water door de stallen dat alle mest en stank wegnam. Augias zag wat Herakles had gedaan maar weigerde hem zijn beloning. Volgens hem had de rivier de stallen schoongemaakt en was de beloning maar een grapje. Herakles werd toen zo kwaad dat hij Augias vermoordde.



Toen Herakles weer terug kwam in Mykene stond iedereen verbaasd dat het hem ook echt gelukt was. Eurystheus zond hem vervolgens weg om de stier van Kreta levend naar hem toe te brengen. Deze stier was door de god Poseidon aan koning Minos geschonken, opdat deze hem zou offeren aan de goden. Herakles vroeg Minos daarom ook om hulp, maar deze weigerde dat. Wel kreeg Herakles toestemming om het dier mee te nemen. Na een lange jachtpartij kreeg Herakles het dier eindelijk te pakken en nam hem mee naar Eurystheus. De koning verstopte zich weer in zijn wijnvat en Herakles liet de stier weer vrij in de landengte van Corinthe. Zo had hij ook zijn zevende werk tot een goed einde gebracht.



Om zijn achtste werk te voltooien moest Herakles de paarden van Diomedes meenemen naar Mykene. De paarden waren niet bijzonder mooi of groot, maar wel bijzonder gevaarlijk, ze aten namelijk mensenvlees. Herakles bedacht een list waardoor de paarden hun meester Diomedes opaten, waardoor vervolgens alle kwaad uit hen verdween. Ze werden zo mak als een lammetje en Herakles kon ze zo meenemen naar Mykene. Ondertussen begon Eurystheus zich toch wel erge zorgen te maken. Het einde van de opdrachten kwam in zicht en Herakles had nog steeds geen schrammetje opgelopen!



Het negende werk van Herakles was anders; Eurystheus had een dochter die de gordel van koningin Hippolyte wilde hebben. En dus ging Herakles op pad. Hippolyte was de koningin van de Amazonen en zij had een gordel die aangaf dat zij de macht bezat. Ze had de gordel gehad van de oorlogsgod Ares. De amazonen waren een bijzonder moordlustig vrouwelijk volk dat zeer goed kon paardrijden.

[plaatje2]

Eerst wilde de koningin de gordel gewoon aan Herakles geven omdat ze hem zo knap vond, maar later ontstond er een grote ruzie tussen Herakles, Hippolyte en de andere amazonen. Hera had namelijk tegen het volk gezegd dat Herakles erop uit was om hun koningin te vermoorden en vervolgens ontstond er een gevecht waarin Herakles Hippolyte vermoordde. Daarna nam hij de gordel mee naar Mykene.



Nu begon Eurystheus bijna te wanhopen. Toch wist hij nog een tiende werk voor Herakles te bedenken; hij moest naar het eiland Eurythia om de runderen van Geryon naar Mykene te brengen. De kudde werd bewaakt door de reus Geryon en door de herder Eurytion. Nadat Herakles hen had uitgeschakeld kon hij de kudde meenemen. Na lang reizen kreeg hij eindelijk de kudde in Mykene. Hier werden ze door Eurystheus geofferd aan de oppergodin Hera.



Volgens Eurystheus had Herakles twee van zijn opdrachten niet goed uitgevoerd omdat hij daarbij hulp had gehad van zijn neef Iolaos. Hij vond dat Herakles er nog wel twee zou kunnen uitvoeren.



Zo begon Herakles dus aan zijn elfde werk. Dit keer moest hij reizen naar het uiteinde van de wereld, waar de tuin van de Hesperiden lag. Zijn opdracht was om de drie gouden appels naar Mykene te brengen. De Hesperiden waren de dochters van Atlas, de titaan die de hemel op zijn schouders moest dragen. Vlakbij de tuin trof Herakles de Atlas aan en vroeg hem om de appels voor hem op te halen. Dit wilde Atlas wel doen, maar dan moest Herakles wel even de hemel van hem overnemen. Deze ging daarmee akkoord. Toen Atlas echter terug kwam met de appels, bedacht hij zich dat het toch wel erg makkelijk was zonder het gewicht van de hemel. Daarom zei hij tegen Herakles dat hij de hemel maar moest blijven dragen. Later verzon Herakles een list waar de titaan intrapte en het gewelf weer overnam. Tevreden ging Herakles weer terug naar Mykene, met de appels in zijn hand.

[plaatje3]

Toen Herakles weer in Mykene aankwam raakte Eurystheus toch wel een beetje in paniek. Hij moest nu goeds verzinnen, wilde hij Herakles kwijtraken. Uiteindelijk had hij het; Herakles moest Cerberus, de waakhond van de hel meebrengen naar Mykene. Dit was een aartsmoeilijke taak. Toen Herakles was afgedaald naar de onderwereld, mocht hij van Hades de hond wel meenemen, als hij hem daarna maar weer gezond en wel kwam terugbrengen. En onder de voorwaarde, dat hij hem zonder wapens zou temmen. Na een lang worstelgevecht won Herakles het uiteindelijk van de hond en nam hem mee naar Mykene, waar Eurystheus alweer in zijn wijnvat was gekropen. De koning moest erkennen dat Herakles gewoon te sterk was en dat hij ook zijn laatste taak goed had vervuld. Toen bracht Herakles de hond weer terug naar de onderwereld. Eindelijk had de held genoeg geboet voor het vermoorden van zijn vrouw en kinderen.



De held wordt een halfgod.

De jaren daarna leidde Herakles een leven vol avonturen, maar daar kreeg hij na verloop van tijd genoeg van. Hij trouwde uiteindelijk met Deianeira, een koningsdochter. Ze wilden zich vestigen in Trachis, aan de oostkust van Griekenland. Deianeira was zeer gelukkig, maar ook erg jaloers. Zodra Herakles ook maar even naar een andere vrouw keek, was haar hele dag bedorven. Toen ze niet ver meer van hun doel verwijderd waren, stonden ze opeens aan een wild stromende rivier. De centaur Nessos bracht Deianeira naar de overkant, terwijl Herakles op eigen kracht door het water heen waadde.



Opeens hoorde Herakles een harde gil: Nessos probeerde zijn vrouw aan te randen! Meteen pakte hij zijn pijl en boog en schoot de centaur neer. Vlak voor hij stierf zei de centaur tegen Deianeira: “Vang mijn bloed op en doe het in en kruik, als je het ooit op een kledingstuk van je man smeert, zal hij meer van je houden dan wie ook ter wereld. Snel volgde Deianeira de raad van Nessos op. Nadat ze zich in Trachis gevestigd hadden, ging Herakles nog vaak op pad. Elke keer als Deianeira te horen kreeg dat haar man weer op weg terug was, juichte ze van blijdschap. Behalve na die ene, noodlottige dag. Een bode vertelde dat Herakles weer op weg was naar huis en dat hij een bekende meenam, een ene Iole. Deianeira verstijfde van schrik. Iole, een vrouw! Toen dacht ze aan het kruikje van Nessos en vroeg de bode even te wachten. Snel doopte ze een overhemd in het bloed en gaf dat mee aan de bode. Toen Herakles het kledingstuk eenmaal ontvangen had en het aantrok, kronkelde hij van pijn. Hij probeerde het weer uit te trekken, maar het kledingstuk kleefde aan zijn lichaam. Terwijl hij kreunend en jammerend over de grond rolde, beval hij de mannen uit zijn reisgezelschap een brandstapel te maken omdat hij het niet meer uithield van pijn. Nadat de brandstapel in brand was gestoken, verschenen er aan de hemel donkere wolken. Een geweldig geraas van donderslagen weerklonk en een bliksemvuur trof de brandstapel. Zeus had zijn zoon naar de berg Olympus gehaald.



Herakles.

Herakles was in geheel Griekenland een populaire halfgod, als beschermer tegen allerlei kwaad en narigheid. De verering van Herakles werd al in de zesde eeuw voor Christus door Griekse kolonisten in zuid Italië verspreid. Hij wordt voorgesteld met pantser of gekleed in een korte chiton, gewapend met zwaard of boog, na 650 voor Christus ook als naakt figuur met leeuwenhuid en knots. Dit zijn zijn kenmerkende attributen.

[plaatje4]

Weetjes.

Wij kennen een hoop dingen dankzij de varhalen van Herakles. Zo zijn er twee sterrenbeelden uit onze dierenriem door hem in het leven gekomen;



De kreeft.

Tijdens het gevecht met de slang Hydra probeerde Hera Herakles weer dwars te zitten. Net toen Herakles de eerste kop eraf had geslagen, werd hij gebeten door een kreeft. Herakles schreeuwde het uit en sloeg het dier vervolgens dood. Hera heeft uit dank de kreeft aan de sterrenhemel gezet.



De leeuw.

Deze leeuw van Nemea werd verslagen terwijl dat nog nooit iemand gelukt was en men dacht dat het dier onoverwinnelijk was. Om hem te villen heeft Herakles de klauwen van het dier zelf gebruikt. Ook dit dier is ter nagedachtenis opgenomen in de sterrenhemel.



Wij kennen ook de uitdrukking “Een augiasstal reinigen” dankzij de mythologie. Deze uitdrukking wordt vaak gebruikt als iets heel erg smerig is. Zo wordt verwezen en een vergelijking gemaakt met het zesde werk van Herakles.



Verder zijn er nog twee rotsen in de straat van Gibraltar die ‘de zuilen van Herakles’ genoemd worden. Over het ontstaan van deze naam zijn verschillende ideeën;

*De naam zou ontstaan zijn doordat de rotsen de twee zuilen waren die Atlas gebruikte om de aarde te dragen, Herakles had deze even van hem over genomen. Daar zou de naam van afgeleid zijn.

*Een ander idee kwam van het feit dat Herakles erg in zijn sas was met zijn overwinningen. Toen hij weer een zeereis aan het maken was had hij uit een vrolijke opwelling twee rotsen naast elkaar in het water geplant.



Bronvermelding:

· www.mythweb.com

· www.scholieren.com

· http://mediatheek.thinkquest.nl

· http://reijnhoudt.nl

· http://histoportal.net

· www.grieksegids.nl




REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.