Hoofdstuk 1

Beoordeling 3.2
Foto van een scholier
  • Antwoorden door een scholier
  • 2e klas havo | 534 woorden
  • 2 oktober 2016
  • 10 keer beoordeeld
  • Cijfer 3.2
  • 10 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
ADVERTENTIE
Studententijd zomerspecial

Heb jij de Zomerspecial van Studententijd de podcast al geluisterd? Joes, Steie, Dienke en Pleun nemen je mee in hun zomer vol festivals, vakanties en liefde. En kijken ook alvast vooruit naar de introductietijd van het nieuwe collegejaar. Luister lekker mee vanaf je strandbedje, de camping of onderweg. 

Luister nu!

























NATUURWETENSCHAPPEN



levende natuur



levenloze natuur



BIOLOGIE



SCHEIKUNDE



NATUURKUNDE



Stoffen veranderen



Stoffen blijven hetzelfde



Mensen



Dieren



Planten



(bewegen, groeien, verbranden, …)





Verbranden van stoffen



Reageren van stoffen (chemische reacties):



> maken van nieuwe stoffen



> oplossen van kalk in zuur







Licht



Elektriciteit



Beweging



Geluid



Warmte



Omzetting van energie









  • Begrippen



Theorie



= Beschrijving van een verschijnsel



Voorbeelden:




  • Theorie van de zwaartekracht

  • Relativiteitstheorie

  • Quantumtheorie



Natuur -en scheikundigen



à Ontwikkelen en bedenken nieuwe theorieën om de natuur te beschrijven (NASK)



Uitvinders



Vinden nieuwe apparaten uit met de theorieën




  • 3 natuurkundige

  • Isaac Newton (1643 – 1727)

    • Zwaartekracht theorie

    • Begaafd wiskundige

    • Eenheid naar vernoemd,





Kracht, à Newton (N)




  1. Albert Einstein (1879 – 1955)

    • Vader van de moderne natuurkunde

    • Relativiteitstheorie & Quantumtheorie

    • Nobelprijs foto-elektrisch effect




  2. Dimitri Mendelejev         (1834 - 1907)

    • Grondlegger van het periodieke systeem








  • Een experiment uitvoeren



Verschijnsel



Voorspelling



Onderzoeksvraag



Experiment



Conclusie










  • Veiligheid

  • Oogdouche

  • Blus-zand

  • Personen douche

  • Branddeken

  • Noodstop

  • Lab jas

  • Veiligheidsbril








  • Stappenplan grafiek tekenen

  • Bekijk tabel! Max & min

  • Assenstelsels tekenen

  • Boenoem de assen

    1. Grootheid

    2. Eenheid

    3. Richtingspijl



  • Constante schaalverdeling

  • Zet meetwaardes uit tabel in grafiek

  • (0,0)

  • Wat voor een lijn?

    1. Rechte lijn?

    2. Kromme lijn?















 
   



 













































t(s)



s(m)



0



0



5



4



10



11



15



18



20



32



25



40



30



57



35



75



40



?























S (m)



























       
 
 
   





















        5           10        15        20         25       30        35          40



























T (s)





































 

Grootheden en eenheden



In de natuurkunde vertelt de grootheid over welke eigenschap we het hebben, bijvoorbeeld lengte, massa, tijdsduur. Deze natuurkundige grootheid is kwantificeerbaar. Je kan hem dus uitdrukken in een waarde en vaak kun je hem ook direct meten. De waarde van een grootheid wordt uitgedrukt in een eenheid. Een eenheid is een soort afgesproken maat, zoals meter, kilogram en seconde.



Zowel de grootheid als de eenheid hebben een afgesproken symbool dat we hier altijd voor gebruiken in de formules en berekeningen.




















































































grootheid



symbool



standaardeenheid



symbool



alternatieve eenheden



lengte



l



meter



m



mm, cm, dm, km



oppervlakte



A



vierkante meter



m2





volume



V



kubieke meter



m3



liter (L)=dm3, mL=cm3



massa



m



kilogram



kg



gram (g), ton



temperatuur



T



Kelvin



K



graden Celcius (⁰C)



tijd



t



seconde



s



uur (h), minuut (min)



stroomsterkte



I



ampère



A





dichtheid



ρ



gram per kubieke centimeter



g/cm3





druk



p



pascal



Pa
















Voorvoegsels



Met voorvoegsels kan de standaardeenheid groter of kleiner worden gemaakt. De voorvoegsels die we veel gebruiken gaan van kilo tot milli, waarbij de eenheid steeds een factor 10 kleiner wordt, maar het getal dat ervoor staat wordt steeds een factor tien groter.    





1 km = 10 hm = 100 dam = 1000 m = 10.000 dm = 100.000 cm = 1000.000 mm




















































voorvoegsel



symbool voorvoegsel



waarde



mega



M



1.000.000



kilo



k



1.000



hecto



h



100



deca



da



10



deci



d



0,1



centi



c



0,01



milli



m



0,001



micro



μ



0,000 001







REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.