Hoofdstuk 2

Beoordeling 7
Foto van een scholier
  • Antwoorden door een scholier
  • Klas onbekend | 1403 woorden
  • 31 januari 2010
  • 24 keer beoordeeld
  • Cijfer 7
  • 24 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
ANW
Methode
2 Mens en gezondheid

1 Ziekte en genezing zijn van alle tijden

1 a Een toestand van totaal geestelijk en sociaal welbevinden en niet alleen de afwezigheid van ziekte.
b Een ongezonde situatie is: een toestand die afwijkt van wat je zou willen, een slechte toestand; we moeten ons bedrijf weer gezond maken is: we moeten zorgen dat ons bedrijf weer winst maakt; ongezond gedrag is: gedrag waardoor je gezondheid wordt bedreigd, bijvoorbeeld vet eten, roken en dergelijke.
2. a. Medicijnmannen of -vrouwen ,sjamanen.

b. Kinaplant (kinine), berk (salicylzuur).
4. a. Door een ongeregelde celgroei: cellen gaan steeds maar door met delen, zonder een taak op zich te nemen.
b Met metastaseren wordt uitzaaien bedoeld.

7 Marasmus en kwasjiorkor zijn allebei ziektes die ontstaan door een tekort aan voedsel (hongerziektes). Bij marasmus is er een algeheel tekort, waardoor de zieke sterk vermagert. Bij kwasjiorkor is er een eiwittekort, waardoor de zieke zwellingen krijgt, zoals in de buik (rijstbuik).
8 a Zo'n epidemie begint altijd met een kleine groep besmette mensen, maar verspreidt zich dan zeer snel over een groot gebied.
b Pas in die periode werd de relatie gelegd tussen micro-organismen en ziekte (Koch, Pasteur). Op dat moment bleek dat de micro-organismen vaak via dieren (in dit geval vlooien) werden verspreid.
c De vlooien verblijven op ratten die via schepen een zee kunnen oversteken.
d Door de branden werden soms ratten en vlooien weggehouden en daarmee de besmetting.
e Nee, de figuren van na 1348 lijken al snel weer op die van voor de epidemie (1345).

9 Doordat voor de meeste ziektes de precieze oorzaak (een micro-organisme, een slecht werkend gen) wetenschappelijk is vastgesteld, zien de meeste mensen ziekte niet meer als straf van God. Bovendien gelooft een steeds grotere groep mensen niet (meer) in God.
10 Hepatitis-B.

2 Bestrijding van ziekten
1. a. In de zeventiende eeuw ontdekte Van Leeuwenhoek micro-organismen.
b. In de negentiende eeuw werd duidelijk dat sommige soorten micro-organismen ziektes konden veroorzaken.
c. In de zeventiende eeuw had men het idee dat ziekte een straf van God was; onderzoek stond nog in de kinderschoenen.
2. a. Door slechte hygiëne bij de bevalling stierven in de negentiende eeuw veel vrouwen aan kraamvrouwenkoorts. De dokters werkten bijvoorbeeld niet met handschoenen.
b. Nu is de hygiëne veel beter en wordt er steriel gewerkt.
3. Handen wassen, hand voor de mond bij hoesten, veilig vrijen (met condoom), voedsel schoonmaken, verhitten, in de koeling zetten, enzovoort verkleinen de kans op besmetting met micro-organismen.
4. a. Vaccinatie is inenten met een verzwakte ziekteverwekker. De afweerstoffen die het lichaam maakt, werken ook tegen een sterke ziekteverwekker. Vaccinatie is ontdekt door Jennen (bij pokken). Mensen die koepokken hadden gehad, bleken immuun tegen de echte pokken. Van die kennis maakt Jenner gebruik.
b. Antistoffen worden door het lichaam gemaakt tegen antigenen. Dat zijn stoffen die voorkomen op vreemde indringers zoals bacteriën of virussen.
c. Nee, het experimenteren met mensen als proefkonijn is in onze tijd verboden.
d. Tegen difterie, kinkhoest, tetanus, polio (DKTP), bof, mazelen, rode hond (BMR) en bepaalde vormen van meningitis wordt in Nederland gevaccineerd.
e. Belize: DTP, gele koorts en hepatitis-A.
Bhutan: buiktyfus, polio en hepatitis-A en B.
Burkina Fasso: meningitis, rabiës, gele koorts, cholera, DTP, mazelen en buiktyfus.
Deze gegevens veranderen nogal eens, bij reizen is het verstandig advies te vragen bij de GGD.
5. Ontkenning; protest; poging tot onderhandelen; valse hoop; diepe neerslachtigheid; berusting.

3 Medicijnen en medische apparatuur
1. a. Morfine, kinine en papaverine.
b. Door aftreksels van planten te zuiveren, vallen bijwerkingen van andere stoffen weg.
2. Door de kleine groep patiënten is het moeilijk, de hoge ontwikkelkosten van zo'n medicijn terug te verdienen.
3. a. Waarneming: apen die zenuwachtig zijn, gaan melisse eten.
Probleemstelling: kunnen apen bepaalde medicinale kruiden in het veld herkennen als geneeskrachtig?
b. De hypothese van Carolien is: apen zijn in staat om specifiek bepaalde kruiden te kiezen bij gezondheidsklachten.
c. Als de apen bepaalde kruiden selectief gaan gebruiken (bij een bepaald gezondheids-probleem) zal de conclusie zijn dat de wolapen de kruiden als medicijn gebruiken.
d. De apen hebben die kennis proefondervindelijk (door 'trial and error') opgedaan.
e. Carolien had ook een groep apen moeten bekijken zonder een 'kruidentuintje', om zeker te weten of er wel een verband is tussen de gezondheidstoestand van haar apen en de kruiden.
4. a. Aspirine en paracetamol zijn minder verslavend en hebben minder bijwerkingen.
b. De bijwerkingen van acetylsalicylzuur zijn een minder makkelijke stolling van het bloed en er kunnen maagirritaties optreden.
5. a. Een chirurg (vaak chirurgijn genoemd) had minder opleiding dan een arts. Hij voerde operaties uit en aderlatingen. Een arts hield zich vooral bezig met genezing via (plantaardige) medicijnen.
b. Nu is een chirurg een gespecialiseerd arts.
6. a. Via een pedoskoop komt veel gevaarlijke röntgenstraling vrij.
b. Bij kinderen is in sterke mate sprake van celdeling (groei). Door straling kunnen daarbij veel fouten (mutaties) optreden.
c. De straling kan het ongeboren kind bereiken en daar schade veroorzaken (zie b).
d.
techniek werking Meting
PET-scan Radioactieve stoffen worden in het lichaam ingebracht Doorbloeding van delen van de hersenen (activiteit)
Echo Geluidsgolven kaatsen terug op bepaalde lichaamsstructuren Vorm van weefsel en organen
MRI Radiogolven kaatsen terug van weefselstructuren Chemische samenstelling van delen van de hersenen (activiteit)
EEG Elektrische activiteit meten met elektroden Hersenactiviteit
MEG (zwakke) mechanische activiteit meten Elektrische activiteit van zenuwcellen in de hersenen
CT-scan Röntgenstraling wordt meer of minder doorgelaten Structuur van weefsels en organen
7. a. Je ziet de ruimtelijke opbouw en andere organen dan alleen botten van het lichaam.
b. -
c. Men kan bijvoorbeeld met behulp van de schedel van het onbekende slachtoffer van een misdrijf via deze techniek een reconstructie maken van diens werkelijke gezicht (zoals in 2001 van het meisje van Nulde).
9. a. De poster 'Geef je hart een tweede leven' is bedoeld voor jonge mensen.
b. -
c. Het hart is een orgaan van liefde, een krachtig orgaan dat een tweede kans verdient.
d. Negatief is voor sommigen de relatie tussen sex/bloot en orgaandonatie. Positief is dat de reclame veel jonge mensen aanspreekt.
e. Ja, maar ze hadden gedacht dat de positieve reacties zouden overheersen.
Nee, ze hadden bijvoorbeeld het bloot kunnen vermijden.
10. Een ECG meet met elektroden de elektrische activiteit, waarbij het hartritme vastgesteld kan worden.

4 Erfelijke ziekten, keuzes in de gezondheidszorg
1. a. Men kon/kan geen kruisingsexperimenten met mensen doen. Mensen krijgen maar weinig kinderen en de generatietijd is lang. Onderzoekers hadden dus weinig gegevens.
b. Sinds het chromosoombeeld van de mens bekend is en veel kennis over menselijk DNA is verzameld, gaat het onderzoek beter.
2. a. HUGO is het HUman Genome Organization-project, waarbij een groot aantal onderzoekers in teamverband de samenstelling van het genoom (het complete DNA) van de mens in beeld brengt.
b. Op 21 juni 2000 was het genoom in grote lijnen beschreven.
3. a. Genetische screening is het vroegtijdig opsporen van ongunstige variaties in het DNA.
b. De kosten van screening zijn erg hoog, dus alleen bepaalde risicogroepen worden gescreend.
4 Recessieve overerving houdt in dat een ziekte alleen tot uiting komt als iemand twee 'verkeerde' genvarianten heeft. Bij dominante overerving is één 'verkeerde'genvariant al genoeg om iemand ziek te maken.
5. Genderkliniek: kliniek waar het geslacht van een nieuw mensenkind van te voren wordt bepaald;
in vitro fertilisatie: reageerbuisbevruchting
kunstmatige inseminatie: bevruchting van een eicel met sperma uit een spuitje in plaats van via geslachtsverkeer
vlokkentest en vruchtwaterpunctie: technieken om voor de geboorte (prenataal) te onderzoeken of een embryo geen afwijkingen heeft.
6 a 4,6 per 10000 geboortes, is 1000 tot 7000 mensen in ons land. Per jaar worden ongeveer 200 kinderen geboren met het syndroom van Down.
b. De naam is afgeleid van de Engelse arts Langdon Down, die het ziektebeeld als eerste nauwkeurig heeft beschreven.
c. De naam 'mongooltje' wordt wel gezien als scheldwoord.
d. Soms zit het extra chromosoom vast aan een ander chromosoom (translocatie). Dit betreft ongeveer 5% van de gevallen. De andere 95% heeft het extra chromosoom los in de celkern (losse trisomie).
e. Veel kinderen met het syndroom van Down beginnen wel op een gewone basisschool, maar de meeste van hen worden later verwezen naar het speciaal onderwijs wegens een achterstand in geestelijke ontwikkeling.
7. a. Bij 1,4 op de 1000 vrouwen en bij 0,07 op de 1000 mannen komt anorexia voor. Voor boulimia zijn de gegevens: 45 op de 1000 vrouwen en 15 op de 1000 mannen.
b. Eetstoornissen komen vooral voor bij meisjes vanaf de puberteit en bij jonge vrouwen.
c. De oorzaken zijn vaak psychisch, vooral een extreme behoefte aan lijnen', hoewel er ook gevallen zijn waarbij de hersengevoeligheid voor honger en verzadiging niet goed werkt.
d. Men probeert een combinatie van psychotherapie en aangepast dieet. Bij ernstige (levensbedreigende) vermagering is kunstmatige voeding

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.