leerdoelen hoofdstuk 5 en 6 geschiedenis werplaats

Beoordeling 10
Foto van een scholier
  • Aantekening door een scholier
  • 4e klas vwo | 2040 woorden
  • 16 januari 2023
  • 1 keer beoordeeld
Cijfer 10
1 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
Methode
ADVERTENTIE
Stap in jouw toekomst

Kom naar de Open Avond van Inholland op woensdagavond 29 maart van 17:00 - 20:00 uur. Proef de sfeer en ontdek onze opleidingen.

Meld je aan!

Leerdoelen:

Hoofdstuk 5 de tijd van de ontdekkers en hervormers 1500-1600

5.1 de renaissance:

  • Je kon uitleggen wat het begrip renaissance betekend en waardoor de renaissance kon ontstaan in Italië. Het begrip renaissance betekend de wedergeboorte, hiermee wordt bedoelt dat ze opnieuw gingen kijken naar de klassieke oudheid. De renaissance kon ontstaan in Italië omdat er daar rijke burgers waren die gingen investeren in kunst en de wetenschap kwam terug uit Spanje.
  • Je kunt uitleggen op welke wijze het mensbeeld en het wereldbeeld veranderden in de renaissance. In de middeleeuwen was het mens beeld dat mensen slecht en zondig waren en niet goed genoeg waren om te genieten van de wereld die god geschapen had en in de renaissance veranderde het mensbeeld naar mensen zijn de mens moest genieten van de schoonheid die god geschapen had. Het wereldbeeld verandereden dat ze zich meer gingen richten op het leven op aarde in plaats van na de dood. Dit veranderde doordat mensen op ontdekkingsreizen gingen waardoor de wereld er dus anders uit zag dan dat ze dachten.
  • Je kunt met voorbeelden de nieuwe wetenschappelijke belangstelling in de renaissance uitleggen. Er was een nieuwe wetenschappelijke belangstelling in schriften, kunst en erfgoed bestuderen van de Grieken en Romeinen.
  • Je kunt met voorbeelden uitleggen hoe het erfgoed van de klassieke oudheid een belangrijke rol speelde in de renaissance. Dit kwam omdat ze terug gingen kijken naar hoe werd alles toen gedaan en wat kunnen we daar van gebruiken. Ze zijn bijvoorbeeld anders gaan schilderen.

5.2 de Europese expansie:

  • Je kunt uitleggen welke 4 motieven de Europeanen hadden om op ontdekkingsreis te gaan. 1 profiteren van handel, 2 verspreiden christendom, 3 goud, 4 expansie en een half betere spullen hadden ze dus konden ze het eindelijk.
  • Je kunt uitleggen hoe de Europeanen de ontdekte gebieden gingen gebruiken en welk verschil er hierbij was tussen Oost-Azië (factorij) en West-Indië (plantage). In Oost-Azië gingen ze handelen en handelsposten maken en in West-Indië gingen ze spullen verbouwen.
  • Je kunt de gevolgen van de expansie beschrijven, zowel voor de ontdekte volkeren als voor Europeanen. Volkeren West-Indië gaan dood aan Europeaanse ziektes of worden tot slaaf gemaakt. Europa ontdekte nieuwe spullen en handelsroutes veranderden en gaan slaven houden.

5.3 de reformatie:

  • Je kunt uitleggen welke kritiek Maarten Luther had op de paus en de christelijke kerk. Hij vond dat geestelijke niet nodig waren en dat je zelf een relatie met god kon hebben en dat de kerk zich niet aan hun eigen regels meer voldeed. Namelijk het verkopen van aflaten.
  • Je kunt uitleggen hoe de paus en de Duitse keizer Karel V reageerde op de kritiek van Maarten Luther. De paus was niet blij en verbande Luther uit de kerk en wou dat de Duitse keizer hem tot dood veroordeelde maar de keizer gaf hem nog een kans en Luther gaf niet in dus werd hij vogelvrij verklaard.
  • Je kunt uitleggen hoe door de reformatie de christelijke kerk opsplitste en uitleggen wie de protestanten, de lutheranen en de calvinisten Luther en Calvijn hebben hun eigen geloof onder de protestanten gemaakt. De geloven kwamen best wel veel overeen maar de verschillen waren dat Luther vertrouwde in een rechtvaardige god en wiens land wiens godsdienst. Calvijn geeloofde dat er voor je geboorte al besloten was of je naar de hemel of hel ging en dat je leven daar gewoon een representatie van was. De reformatie splitste de kerk op omdat mensen hun kritiek op de kerk gingen uiten en steeds meer mensen het er mee eens werden waardoor er dus een splitsing kwam.

5.4 de Nederlandse opstand±

  • Je kunt uitleggen om welke twee redenen de inwoners van de Nederlanden ontevreden waren met het Spaanse bestuur en wat dit te maken heeft met centralisatie en reformatie. Doordat de Spanjaarden zo een groot rijk hadden was het lastig om te besturen dus wouden ze centraliseren. Hierdoor raakte Nederlandse steden hun stadsrechten kwijt en daar waren ze niet heel blij mee. Ook was de reformatie ene probleem omdat Spanje was heel erg katholiek maar Nederland was katholiek en protestants, maar van de Spanjaarden mocht je alleen katholiek zijn dus was dat een probleem.
  • Je kunt uitleggen hoe met de beeldenstorm en de reactie van Filips II hierop de Nederlandse opstand begon. Na de beeldenstorm was Filips II erg boos en vervangt hij zijn halfzus met Alva en Alva trad heel erg hard op tegen mensen die de beeldenstorm mogelijk hebben gemaakt en tegen protestanten. Hierdoor werden mensen bang en vluchtte ze, de sfeer in Nederland was dus niet het best waardoor heel veel mensen het niet meer eens waren met Filips dus begon de opstand.
  • Je kunt uitleggen wat de Unie van Utrecht is en hoe uit deze unie een onafhankelijke Nederlandse staat ontstond. De Unie van Utrecht was een militaire en politieke bondgenootschap van de noordelijke gewesten, hij is opgericht in 1579. Ze hebben samen besloten dat ze Filips niet meer als koning wouden waardoor ze hem af hadden gezet en later toen ze geen vervanger hadden gevonden werd Nederland een republiek.

Hoofdstuk 6 de tijd van regenten en vorsten 1600-1700

6.1 een wereldeconomie:

  • Je kunt uitleggen wat handelskapitalisme is en uitleggen hoe hierdoor in de 17de eeuw de wereldeconomie Handelskapitalisme is als de handelaren een leidende rol hadden in de economie. Dit kwam omdat ze natuurlijk handelde maar ook zelf mensen aan het werk zette om dingen te maken. Doordat er zo een goede handel was in Nederland had door bijvoorbeeld de VOC kreeg Nederland steeds meer handelscontacten en vormde dat het begin van de wereldeconomie.
  • Je kunt uitleggen met welke gebieden de VOC handelde, in welke goederen deze compagnie handelde en welke macht deze compagnie kreeg om goed handel te drijven (monopolie). De VOC handelde in bijna geheel Azië, ze verhandelde specerijen voor thee, koffie, zilver, katoen en zijde. De VOC kreeg als enige het recht van Nederland om handel te drijven in Azië, hierdoor werd het een monopolie. Ook kreeg de VOC het recht om verdragen te sluiten met vorsten, oorlog te voeren en gebieden te besturen.
  • Je kunt uitleggen met welke gebieden de WIC handelde, in welke goederen deze compagnie handelde en waarom deze compagnie minder succesvol was dan de VOC. De WIC handelde in Afrika en Amerika, ze handelde suiker, goud, ivoor, slaven, tabak, koffie, aardappelen, mais en tomaten. De WIC was minder winstgevend omdat de concurrentie van Spanje en Portugal te groot waren dus was er niet veel vraag aan de handel die zij aan het drijven waren.

De aantekening gaat verder na deze boodschap.

Verder lezen

6.2 de gouden eeuw van Nederland:

  • Je kunt uitleggen op welke manier de macht in de republiek verdeeld was en uitleggen in welke opzichten dit bijzonder was vergeleken met andere landen. De republiek was verdeeld in zeven verschillende gewesten. De republiek had niet eens een staatshoofd wat dus heel anders was met andere landen. De zeven gewesten werkte samen op het gebied van leger, buitenlandse politiek en het bestuur van generaliteitslanden. Het hoogste bestuur in de gewesten waren staten, waarin de steden en de adel waren vertegenwoordigd. De bestuurders in de republiek werden regenten genoemd. De elite en rijke families waren meestal regenten. De republiek had wel een stadhouder.
  • Je kunt uitleggen waarom de republiek in de 17de eeuw een periode van grote economische bloei kende en waarom het bestuur deze bloei bevorderde. De republiek had een economische bloei omdat Amsterdam een van de grootste haven- en handel-steden was in de wereld. Dit kwam omdat Amsterdam een stapelmarkt Hiermee wordt bedoelt dat er spullen werden opgeslagen, verwerkt en doorverkocht. Ook groeide de nijverheid. Het bestuur vond dit natuurlijk fijn omdat Holland de plek waar het meeste geld werd verdiend, belasting moest betalen over dat geld en dat zorgde ervoor dat de hele republiek mee kon genieten van het geld.
  • Je kunt voorbeelden geven van de culturele bloei van de republiek in de 17de eeuw en uitleggen wie in de republiek de cultuur bepaalde. Een goed voorbeeld van de culturele bloei is de schilderkunst, in veel landen waren de opdracht gevers voor kunst vorsten en zo voort maar in Nederland waren het rijke burgers. Ook de literatuur bloeide, regenten lieten bijvoorbeeld dichters en toneelschrijvers voor zich werken. Ook in de wetenschap had Nederland een voorstaande rol, doordat er in de republiek gewetensvrijheid was konden mensen hier boeken drukken die in hun land verboden waren.
  • Je kunt uitleggen hoe een tolerante houding van het bestuur zorgde voor relatief veel vrijheid voor wetenschap en verschillenden geloven (gewetensvrijheid). Gewetensvrijheid is dat mensen mogen geloven wat ze willen maar dat ze het niet mogen laten zien. Omdat het een republiek was verschilde per plek welk geloof wel buitenshuis getoond mocht worden. Doordat er gewetensvrijheid ws kon je dingen onderzoeken en uitbrengen die met andere geloven in de knoop zitten en daar dus niet zouden mogen. Hierdoor was de republiek een plek waar de wetenschap in die tijd goed kon bloeien.

6.3 het absolutisme:

Dit wil je ook lezen:
  • Je kunt uitleggen wat wordt bedoeld met het begrip absolutisme en uitleggen waarom koningen vonden dat ze recht hadden op absolute macht. Als je absoluut regeert bepaal jij alles. Ze vonden dat god hun het recht (droit divin) had gegeven om alle macht in handen te nemen en dat als ze iets fout deden dat ze dan alleen schuld bij god hadden en niet bij het volk.
  • Je kunt voorbeelden geven van het absolutisme op het gebied van het bestuur en het leger, de economie en de cultuur. Als je absolute macht hebt controleer jij alles, alles at gebeurt is door jou goedgekeurd. Een voorbeeld van een bestuur met absolutisme is in Frankrijk onder Lodewijk, hij vond dat de macht van de franken af genomen moest worden en dat hij het beste wist voor het land. Dus liet hij een heel groot paleis bouwen waar de elite gingen wonen onder zijn toezicht. Hij liet de edelen niet meer een eigen leger houden maar maakte het iets voor de staat. Hi bemoeide met de economie om invoerrechten in te voeren zodat alles in Frankrijk gekocht werd en hij bemoeide met de cultuur door alle nieuwe fashion trends in het paleis van Versailles voor het eerst te laten zien en er was ook een theater zodat het echt een cultuur plek werd.
  • Je kunt met voorbeelden uitleggen hoe de samenleving in het absolute Frankrijk verschilde met de samenleving in de 17de -eeuwse republiek. Het verschil was dus dat alle in Frankrijk door een persoon bepaald werd en in de republiek werd het door meerdere mensen bepaald. Wat er voor zou moeten zorgen dat iedereen inspraak heeft op wat er gebeurt in het land.

6.4 de wetenschappelijke revolutie:

  • Je kunt uitleggen wat wordt bedoeld met de wetenschappelijke revolutie dien in de 17de eeuw plaats vond. Als eerst ontstond er een nieuw wereldbeeld omdat mensen door kregen dat het geocentrische wereldbeeld helemaal niet klopte (het beeld waarbij alles om de aarde draait). Toen begonnen ze te twijfelen aan alles wat in de oudheid was gezegd dus gingen ze vanaf nu alleen nog geloven waar bewijs voor was. Hierdoor kwam er dus een heel anders soort denken en kwam er een wetenschappelijke revolutie.
  • Je kunt uitleggen welke nieuwe wetenschappelijke methode ontstond tijdens de wetenschappelijk revolutie en aangeven welke rol natuurwetten speelden in deze methode. De wetenschappelijke methode die tijdens de wetenschappelijke revolutie is ontdekt is de zwaartekracht door Isaac Newton. In 1687 slaagde hij er in om algemene bewegingswetten te formuleren. Hij schreef dat alle bewegingen op aarde en in het heelal verklaard kunnen worden door zwaartekracht.
  • Je kunt meerdere voorbeelden geven van praktische toepassingen van wetenschap die mogelijk werden door de wetenschappelijke revolutie. Door dat de wetenschap steeds meer ontwikkelde wouden ze ook dat het nut had. Dus maakte ze telescopen, thermometers en microscopen.

Kenmerkende aspecten

Tijdvak 5: ontdekkers en hervormers (1500-1600):

  • 1 het veranderde mens- en wereldbeeld van de renaissance en het begin van een nieuwe wetenschappelijke belangstelling.
  • 1 de hernieuwende orientatie op het erfgoed van de klassieke oudheid
  • 2 het begin van de Europese overzeese expansie
  • 3 de protestantse reformatie die splitsing van de christelijke kerk in West-Europa tot gevolg had.
  • Het conflict in de Nederlanden dat resulteerde in de stichting van een Nederlandse staat.

Tijdvak 5: ontdekkers en hervormers (1500-1600):

  • 1 het veranderde mens- en wereldbeeld van de renaissance en het begin van een nieuwe wetenschappelijke belangstelling.
  • 1 de hernieuwende orientatie op het erfgoed van de klassieke oudheid
  • 2 het begin van de Europese overzeese expansie
  • 3 de protestantse reformatie die splitsing van de christelijke kerk in West-Europa tot gevolg had.
  • Het conflict in de Nederlanden dat resulteerde in de stichting van een Nederlandse staat.

Tijdvak 6: regenten en vorsten (1600-1700):

  • 1 Wereldwijde handelscontacten, handelskapitalisme en het begin van een wereldeconomie.
  • 2 De bijzondere plaats in staatkundig opzicht en de bloei in economisch en cultureel opzicht van de Nederlandse republiek.
  • 3 Het streven van vorsten naar absolute macht.
  • 4 De wetenschappelijke revolutie.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.