Door Scholieren.com te bezoeken geef je toestemming voor het gebruik van cookies. Ben je onder de 16? Zorg dan dat je toestemming van je ouders hebt om onze site te bezoeken. Lees meer over je privacy (voor het laatst bijgewerkt op 25 mei 2018). Akkoord Instellingen aanpassen

Waar heb jij je schoolspullen gekocht, wat heb je gekocht en waarom? Vertel het in ons jaarlijkse Schoolspullenonderzoek. Meedoen duurt 10 minuutjes en je maakt kans op een Bol.com van 25 euro.

Hoofdstuk 1 + 2

Scheikunde

Samenvatting

Chemie overal

7.5 / 10
4e klas vwo
  • Emma Biel
  • Nederlands
  • 794 woorden
  • 15063 keer
    370 deze maand
  • 16 januari 2014

1.2 Zuivere stoffen en mengsels

Moleculen: combinaties van twee of meer atomen

Stoffen:

1. Zuiver

  • Element: 1 atoomsoort
  • Verbinding: Stof met meerdere atoomsoorten
  • Kook- en smeltpunt

2. Mengsel

  • Oplossing:
    • vast in vloeistof
    • vloeistof in vloeistof
    • gas in vloeistof
  • Suspensie:
    • vloeistof in vloeistof
  • Emulsie:
    • 2 vloeistoffen, niet oplosbaar
    • Tweelagensysteem:
      • Door verschil in dichtheid zie je twee vloeistoffen boven elkaar
  • Mengsel:
    • vast in gas (bv. asdeeltjes)
    • vloeistof in gas (bv. nevel)
    • gas in vloeistof (bv. schuim)
    • gas in gas
  • Kook- en smelttraject

Hydrofiel: stoffen die (redelijk) goed met water mengen

Hydrofoob: stoffen die slecht of niet met water mengen

Emulgator: hulpstof dat ervoor zorgt dat de emulsie niet ontmengt

  • Staart: C- en H-atomen --> hydrofoob
  • Kop: O-atomen --> hydrofiel

1.3 Scheidingsmethoden

Scheiden: Één stof uit een reactiemengsel halen

Stofeigenschappen:

  1. Verschil in deeltjesgrootte
    • ​Suspensie: filtreren
  2. Verschil in dichtheid
    • ​​Suspensie: bezinken (versnellen? --> centrifugeren)
  3. Verschil in kookpunt
    • Oplossing vast + vloeistof: indampen (of destilleren)
    • Oplossing vloeistoffen: destilleren
  4. Verschil in oplosbaarheid
    • Mengsel vaste stoffen: extraheren
  5. Verschil in adsorptievermogen
    • kleur-, geur- en smaakstoffen in vloeistof: adsorberen
  6. Verschil in adsorptievermogen en oplosbaarheid
    • ​​Herkennen van opgeloste stoffen: papierchromatografie --> oplosvermogen in loopvloeistof en adsorptievermogen aan papieroppervlak

1.4 Chemische reacties

Kenmerken chemische reactie:

  1. massa blijft gelijk
  2. beginstoffen verdwijnen --> eindproducten
  3. energie effect --> licht, warmte of elektrisch (endotherm/exotherm)
  4. reactietemperatuur
  5. stoffen reageren en ontstaan in een vaste massaverhouding

Exotherme reactie: reactie waar energie vrijkomt

  • beginstoffen staan deel van hun chemische energie af aan de omgeving (in de vorm van licht, warmte of elektrische energie)

Endotherme reactie: reactie die energie nodig heeft om te verlopen

  • beginstoffen nemen energie op uit de omgeving (in de vorm van licht, warmte of elektrische energie)

Faseveranderingen:

  • vast --> vloeibaar: smelten
  • vloeibaar --> gas: verdampen
  • gas --> vast: rijpen
  • vast --> gas: sublimeren
  • gas --> vloeibaar: condenceren
  • vloeibaar --> vast: stollen

Activeringsenergie: energie die nodig is om de temperatuur van een stof op de reactietemperatuur te brengen

Reactie energie: het verschil tussen de hoeveelheid energie van de beginstoffen en de eindproducten

1.5 De snelheid van een reactie

Reactietijd: tijd die verstrijkt tussen het begin en het eind van de reactie

Reactiesnelheid: de hoeveelheid stof die per seconde en per liter reactiemengsel ontstaat of verdwijnt

De reactiesnelheid wordt bepaald door 5 factoren:

  1. de verdelingsgraad van een stof} meer effectieve botsingen
  2. de soort stof} verlagen activeringsenergie
  3. de temperatuur} meer effectieve botsingen 
  4. de concentratie(s) van de reagerende stof(fen)} meer effectieve botsingen
  5. de katalysator} verlagen activeringsenergie

1.6 Het botsende-deeltjesmodel

Effectieve botsing: een botsing tussen twee deeltjes die tot een reactie leidt

De invloed van drie factoren:

Invloed van concentraties

  • Hogere consentratie van de reagerende deeltjes --> aantal botsingen per seconden vergroot
  • Homogene mengsels: mengsels waarvan de stoffen tot op de kleinste deeltjes zijn gemengd en waarbij die deeltjes een volledige bewegingsvrijheid hebben (bv. oplossingen en gasmengsels)

Invloed van de temperatuur

  • Hogere temperatuur van reactiemengsel --> deeltjes gaan sneller bewegen --> aantal botsingen neemt toe

Invloed van de verdelingsgraad

  • hoe fijner de vaste stof is verdeeld, des te groter het contactoppervlak --> meer botsingen per seconde aan het contactoppervlak
  • Heterogene mengsels

H2 Bouwstenen van stoffen

2.2 De bouw van een atoom

Atoommodel volgens Dalton: een atoom is een massief bolletje. Elke atoomsoort heeft zijn eigen afmetingen.

Aantekeningen:

Rutherford:

Kern: positief geladen

  • protonen --> p+
  • neutronen --> n

Om de kern: negatief geladen

  • bewegende elektronen (elektronenwolk) --> e-

 

  • aantal protonen = aantal elektronen
  • atoomnummer = aantal protonen
  • massagetal = aantal protonen + aantal neutronen
    • bv. Mg-24
    • atoomnummer is 12 dus 12 protonen en elektronen
    • 24 is het massagetal dus 24-12 protonen = 12 neutronen

Isotopen: hetzelfde atoomnummer, ander massagetal

Bohr: elektronen verdeeld over schillen

Elektronenconfiguratie: de verdeling van de elektronen over de schillen 

2.3 Het periodiek systeem

Aantekeningen:

Banen rondom de kern: hoe verder van de kern, hoe meer e- in de schil

Hoeveel elektronen per baan?:

  1. formule: 2N^2
    1. N=1 --> 2×1^2=2
    2. N=2 --> 2×2^2=8
    3. N=3 --> 2×3^2=18
    4. N=4 --> 2×4^2=32 (LET OP! t/m N=4)
    • ​t/m N=7 --> 32 e- 
    • vanaf N=8 --> 8 e-
    • N=9 --> 9 e-
    • N=10 --> 10 e-
    • N=11 --> 11 e-
    • N=12 --> 12 e-
    • LET OP! N=13 --> 3 e-
    • N=14 --> 4 e-
    • etc.
  2. Kijk in welke periode het atoom staat --> aantal schillen
  3. Kijk in welke groep het atoom staat --> aantal elektronen in de buitenste schil
  4. vb. kalium
    • ​​19 e-
    • periode 4 --> 4 schillen
    • groep 1 --> 1 e- in de buitenste schil
    • schil 1 --> 2 e-
    • schil 2 --> 8 e-
    • schil 3 --> ?
    • schil 4 --> 1 e-
    • 19 - (2+8+1) = 8 e- in schil 3

OCTET-regel: een atoom wil 8 e- in de buitenste schil

Elektrovalentie: het aantal e- dat een atoom kan opnemen of afstaan

Valentie-elektronen: de elektronen in de buitenste schil (betrokken bij het vormen en verbreken van verbindingen tussen atomen)

Verzamelnamen:

Groep 1: alkalimetalen

  • H hoort hier niet bij
  • 'zachte' metalen
  • van boven naar onder reageren ze steeds heftiger

Groep 2: aardalkalimetalen

  • harder dan alkalimetalen
  • reageren minder heftig
  • reageren niet op water

Groep 17: halogenen

  • in de natuur zijn het twee-atomige moleculen
  • reageren gemakkelijk met andere elementen, vooral metalen

Groep 18: edelgassen

  • hebben een zeer geringe reactiviteit

Edelgasconfiguratie vind plaats met de banen van:

  1. alkalimetalen
  2. aardalkalimetalen
  3. niet-metalen

2.4 Ionen, deeltjes met een lading

Positief ion: atoom met positieve lading

  • atoom heeft één of meer elektronen uit de buitenste schil afgestaan

Negatief ion: atoom met negatieve lading

  • atoom heeft één of meer elektronen in de buitenste schil opgenomen

2.5 Massa van atomen, moleculen en ionen

Atoommassa (A) in u

Ionmassa (in u) is gelijk aan de atoommassa

Molecuulmassa (Mr) zijn de (gemiddelde) atoommassa's van alle atomen die in het molecuul voorkomen

Meetwaarden: getallen met een bepaalde nauwkeurigheid, laagst aantal cijfers achter de komma (significante cijfers)

Telwaarden: oneindige nauwkeurigheid

Let op

De verslagen op Scholieren.com zijn gemaakt door middelbare scholieren en bedoeld als naslagwerk. Gebruik je hoofd en plagieer niet: je leraar weet ook dat Scholieren.com bestaat.

Heb je een aanvulling op dit verslag? Laat hem hier achter.

voeg reactie toe

8118

reacties

Ik was perongeluk vergeten mijn scheikunde boek mee te nemen naar huis dus kon niet leren, maar jouw samenvatting heeft me echt heel erg geholpen!
door JoŽl (reageren) op 6 oktober 2015 om 17:28
Goede samenvatting, helaas geen simpele uitleg over de mol eenheid
door Anoniem (reageren) op 12 oktober 2015 om 23:19
OMG, deze had ik echt even nodig! bedankt
door Isa (reageren) op 24 oktober 2015 om 14:45
Dankje, het enige wat je mist is met mol rekenen maar voor de rest is het super!!!!
door Wessel Jansen (reageren) op 25 november 2015 om 16:00
* suspensie= "fijn verdeelde vaste stof in een vloeistof" in plaats van: "vloeistof in vloeistof"
door Youri (reageren) op 10 september 2017 om 14:45

Welkom!

Goed dat je er bent. Scholieren.com is de plek waar scholieren elkaar helpen. Al onze informatie is gratis en openbaar. Met een profiel kun je méér:

snel zien welke verslagen je hebt bekeken
de verslagen die je liket terugvinden
snel uploaden en reacties achterlaten

Log in op Scholieren.com

Maak een profiel aan of log in om te stemmen.

Geef dit een cijfer

Verbieden?

Het gebruik van smartphones op de fiets moet verboden worden.