Cookies..
Door Scholieren.com te bezoeken ga je akkoord met het gebruik van cookies. Klik hier voor meer info.

Biertje?

Scheikunde

Profielwerkstuk

Bier

6.1 / 10
6e klas vwo
  • Robin
  • Nederlands
  • 11592 woorden
  • 15533 keer
    76 deze maand
  • 7 juli 2009
Inhoudsopgave

Inleiding blz. 3
Waar komt de naam bier vandaan? blz. 4
Wanneer ontstond bier? blz. 5 t/m 6
Wanneer ontstond het laaggistende bier? blz. 7

Waarom is schuim wit? blz. 8 t/m 9
Wat zijn de verschillen tussen biersoorten? blz. 10 t/m 15

Waar wordt het meeste bier gedronken? blz. 16
Welke invloed heeft bier op het lichaam? blz. 17 t/m 18
Waarom raakt met sneller onder invloed door
het drinken van bier door een rietje? blz. 19

Bier onderzoek blz. 20 t/m 23
Hoe brouw je bier? blz. 24 t/m 41

Conclusies blz. 42
Discussie blz. 43
Bronvermelding blz. 44
Bijlagen vanaf blz. 45

Inleiding

Wij hebben voor ons profielwerkstuk Bier als onderwerp gekozen. Dit onderwerp hebben wij gekozen omdat het ons wel leuk leek om er eens wat dieper op in te gaan dan het alleen te drinken. Onze hoofdvraag luidt dan ook als volgt: “Wat is bier?”
En de bijbehorende deelvragen zijn:

Waar komt de naam bier vandaan?
Wanneer ontstond er bier?
Wanneer ontstond het laaggistend bier?

Waarom is schuim wit?
Wat zijn de verschillen tussen biersoorten?

Waar wordt het meest bier gedronken?
Welke invloed heeft bier op je lichaam?
Waarom raakt je sneller onder invloed door het drinken van bier door een rietje?
Wat vinden onze klasgenoten van bier? (voor de proef)

Hoe brouw je bier?

Onze hypothese is: Bier is een gele alcoholhoudende vloeistof met daarop een schuimkraag die een rijke geschiedenis heeft en is algemeen bekende drank.

Waar komt de naam bier vandaan?

Waar de naam bier precies vandaan komt weten we niet zeker. Het is al zo oud als men kan herinneren en daarom heel moeilijk te zeggen waarom het precies bier heet. Er zijn wel enkele woorden waar we het vanaf kunnen leiden. Zo zeggen sommige taalkenners dat het van het Latijnse woord ‘ bibre ’ komt dat drinken betekent. De grond vorm zoals de kenners zeggen zou ook eventueel ‘ beura ’ of ‘ beuza ’ kunnen zijn wat in verband wordt gebracht met het woord ‘ beuwa ’ wat gerst betekent. Een andere hypothese zegt dat het komt van het vroegsumerische woord
‘ bapir ’ en dat betekent weer bierbrood. Ook wordt verwezen naar het Engelse woord ‘ barley ’ wat hop betekent. Dit zijn allemaal hypothese waar de naam bier eventueel vandaan zou kunnen komen maar niks is dus zeker.

Wanneer ontstond bier?

Wanneer bier ontstond is moeilijk te zeggen. Wat we wel weten is dat bier heel erg oud is. We weten dus niet precies hoe ‘oud ’ het bier is. Verschillende onderzoekers noemen verschillende tijden. We zullen enkele eventuele ontstaan periodes nagaan.

De oermens theorie

Er bestaat een theorie dat de oermens ( laten we aannemen dat dit het verst in de geschiedenis is) het bier als eerst heeft gemaakt/ ontdekt. Dit zal misschien per ongeluk zijn gebeurt. Deze theorie neemt aan dat onze oermens ooit graan zal hebben verzamelt want dit is makkelijk eetbaar. De oermens heeft graan verzamelt keert terug bij zijn grot en legt dit neer in holte van een steen. Hij doet er wat water bij. Zo ontstaat er een soort van pap. Op een moment dat hij dit wil gaan opeten komt er een wild beest aan gerend. De oermens vlucht en blijft een paar dagen weg van de grot. Na een dag of wat keert de oermens terug. Hij wil zijn maaltijd opeten hij pakt de pap op en eet de pap. Het is bedorven en smaakt vrij pittig maar de oermens eet gewoon door totdat hij een beetje slaperig wordt een klein beetje blijft er dus over. Uren later wordt hij wakker, hij kijkt nog eens in de holte en ziet een grijsachtige substantie. Dit is de gist. Zomaar komen aanwaaien en snel vermenigvuldigd op de goede voedingsbodem. De oermens wil op een gegeven moment weer die ‘pap’. Hij denkt na en verzamelt weer graan en hij doet er wat water bij. De grijze klontertje laat hij liggen en na een paar dagen ontstaat er bier.

Dit is niet het bier wat wij drinken maar je kan het wel zien als bier. En als deze theorie zou kloppen ( het is heel moeilijk dit precies na te gaan) zou je dit als eerste bier kunnen zien en ontstond dus bier in de tijd van de oermens en dat is 1.900.000 jaar geleden.

De Sumeriërs

De Sumeriërs ( een volk dat leefden in Mesopotamië ) zijn waarschijnlijk de eerste bieruitvinders. Er zijn kleitabletten met spijkerschrift gevonden die afstammen van de Sumeriërs deze leefden zo’n 6000 jaar geleden. Deze kleitabletten bevatten aanwijzingen naar bier. Onderzoekers hebben gezegd dat op deze kleitabletten primitieve afbeeldingen zijn waar te nemen van een brouwproces. Ook hebben ze kunnen afleiden uit de kleitabletten dat de Sumeriërs verschillende biersoorten kenden. Ze kenden namelijk: licht bier, zwaar bier, bruin bier en geel bier. We kunnen dus aannemen dat de Sumeriërs het bier als eerst hebben gemaakt ( 100 % zeker is dat niet wegens het moeilijk te ontcijferen spijkerschrift ). Het bier ontstond dus zo’n 6000 jaar voor Christus.

De Egyptenaren

Als we aannemen dat er een kans bestaat dat de Sumeriërs niet het bier uitvonden maar een ander volk dan komen we bij de Egyptenaren. Er is absoluut zeker dat de Egyptenaren bier brouwden. Dit weten we omdat er hiërogliefen zijn waarop een persoon gebogen boven een kuip staat en een graanbeslag door een zeef wrijft en dit duidt op een brouwproces.
Verder zijn er bij opgravingen in grafkelders kruiken gevonden in deze kruiken zat geen bier meer ( want bier verdampt in de loop der eeuwen )
maar hierin werd wel een bezinksel van bier gevonden. Verder werden in de grafkelders muurschildering aangetroffen die een brouwproces lieten zien. Ook weten we vanuit de godsdienst van de Egyptenaren dat de Egyptenaren zeer gesteld waren op bier. Bier werd bijvoorbeeld gebruik bij offerringen om goden tevreden te stellen en de farao’s duidden bier dan ook aan als iets goddelijks. We weten ook dat Ramses de II de bijnaam de brouwersfarao had. Uit analyses van hetgeen dat werd gevonden in de kruiken weten we ook dat de Egyptenaren verschillende soort bier hadden. Ze hadden licht en zwaar bier maar ook verschillende smaken bier. Door al deze ontdekkingen weten we zeker dar de Egyptenaren bier brouwden en dus ervan uitgaande dat de oermens theorie niet klopt en het ook de Sumeriërs niet de waren is het bier dus ontstaan in de Egyptische tijd. Dan is bier dus 3000 jaar voor Christus ontstaan.

Wanneer ontstond het laaggistende bier?

Laaggistend bier wil zeggen dat tijdens het brouwen het gist naar beneden zakt. Dit gebeurt dus bij lage temperaturen zo rond de nul graden Celsius.

Het begin van dit laaggistende bier brengt ons terug naar de 15e eeuw . in de 15e eeuw ging men bier opslaan bij lage temperaturen in de hoop dat het de zomers zou overleven. in Duitsland bijvoorbeeld bewaarden ze hun bier in grotten die met ijs gevuld waren. Doordat ze het gist hierin gingen bewaren ontdekten ze ook dat het gist zich heel anders ging gedragen. In die tijd brouwden ze nog bovengistend en dan ontstond er een hoge,vlokkerige kraag op het wateroppervlak die binnen enkele dagen alcohol produceerde maar nu doordat ze het gekoeld bewaarden ontstond er alleen maar een dunne schuimkraag en zette het gist zich af op de bodem van de kuip af.
De vergisting duurde ook veel langer in deze gekoelde ruimtes en nam soms meerdere weken in beslag. Toch ging men hiermee door want in een rapport uit Nubberg staat dat men gewoonlijk in die tijd met hoge temperaturen brouwden maar dat in 1474 men het gekoeld probeerden. Hiermee zorgen de brouwers in die tijd ervoor dat hun bier de zomer overleefden, ze conserveerden het dus.

Het eerste laaggistende bier werd dus in 1474 gebrouwen, de brouwers in die tijd experimenteerde toen nog. Het eerste laaggistende bier dat ook werkelijk werd verkocht liet dan ook nog wel even op zich wachten. In Duitsland deed men ook deze koude vergisting in de ban. Men was van mening toen dat dit lagerbier je snel dronken maakten. Er werden bijvoorbeeld regels gemaakt dat je voor het maken van bier uitsluitend gerstenmout, hop, gist en water mocht worden gebruikt. Naarmate de tijd vorderden kwamen de brouwerijen die laaggistend bier produceerden niet van de grond tot om en nabij 1870. Er was toen een bedrijf die grotten hakte in heuvels om het bier in op te slaan. Maar door een onregelmatige aanvoer van koelijs mislukte dit lagerbier.
De echte productie van laaggistend bier kwam op toen de koelmachine werd uitgevonden. Bier brouwers konden daardoor tijdens de gisting hun bier op een constante lage temperatuur houden. Het echte laaggistende bier wat wij nu nog drinken werd dus uitgevonden in om en nabij 1885.
Wij kunnen dus nu twee tijden onderscheiden van wanneer het laaggistende bier ontstond. De eerste is 1474 toen men het misschien toevallig ontdekte maar er voor de rest niet veel mee deed. En de tweede is 1885 en dat drinken wij nu nog steeds.

Waarom is schuim wit?

Om deze deelvraag te beantwoorden moeten we eerst weten wat het schuim precies is en hoe dit schuim ontstaat. Het schuim wat ontstaat is eigenlijk koolstofdioxide (CO2) in gas vorm.

Als bier wordt gebotteld of in blik wordt gedaan dan wordt het gas in de vloeistof opgesloten. Dit komt door de druk die ontstaat. Er ontstaat wel een evenwicht. Bij dit evenwicht ontsnapt er wat koolstofdioxide en dat hoopt zich op in de ruimte waar nog lucht is. Maar bij dit evenwicht gaan er weer evenveel koolstofdioxide moleculen de vloeistof in. Wanneer men dan het flesje openmaakt of het blikje openmaakt dan wordt dit evenwicht verstoord. De koolstofdioxide moleculen die nu uit de vloeistof komen gaan dan ook naar buiten. Dit veroorzaakt een temperatuurverlaging. Het gas zet hierbij flink uit en drukt hierbij de omringende lucht weg. De energie die daarvoor nodig is onttrekt het aan zichzelf. De bewegingsenergie van de gasmoleculen neemt dus af. De temperatuur daalt dus. Hierbij kan de temperatuur bij een goed gekoeld biertje wel dalen tot min 35 graden Celsius. Dit is echter maar een fractie van een seconde. Het is wel voldoende om de waterdamp in het gas te laten condenseren tot druppeltjes. Zo ontstaat de fijne witte mist die uit het blik of flesje komt. Dieper in het flesje gebeuren er ook dingen tijdens deze temperatuurverandering. Die karakteristieke belletjes ontstaan (die zijn niet te zien als het flesje ongeopend is). Door de overdruk die er voor het openen was blijft het koolstofdioxidegas in het bier opgelost maar wanneer het eenmaal wordt geopend zakt de druk naar normale waarden zodat die belletjes ontstaan. Deze gasbelletjes gaan naar boven, gas is tenslotte lichter dan vloeistof. Eenmaal aangekomen bij de oppervlakte vormen ze met de eiwitten in het bier de schuimkraag.

Het ontstaan van de schuimkraag zoals net is uitgelegd is een algemene uitleg want het schuim valt op zoveel manieren te manipuleren. Dit komt omdat het afhankelijk is van het type water, de manier van gisten, de hergisting op fles, de eindfiltratie enzv.

Zoals net is uitgelegd ontstaat het schuim dus door die belletjes. Als je nu de ontstane schuimkraag gaat bekijken zie je dat er minuscule gaatjes in dit schuim zitten en dit verklaart de Witte kleur. Want schuim bestaat dus vooral uit lucht(in die gaatjes) als er dan licht op valt gaat dit er heel gemakkelijk door. Voordat het in aanraking geweest is met een kleurstofmolecuul ( afkomstig van bier ) is het er al weer doorheen. Het licht wordt dus heel goed doorgelaten en er is niet een kleur die bijvoorbeeld sterk wordt geabsorbeerd. Licht wordt daarom dus ook evengoed teruggekaatst en alle kleuren licht zien wij ook wel als wit en daarom is een schuimkraag wit.

Wat zijn de verschillen tussen biersoorten?

Verspreid over de hele wereld zijn er ontelbare bieren op de markt. Het is dan ook niet makkelijk om deze bieren in te delen in “waterdichte” groepen. Je kunt ze wel indelen via biersoorten maar dan zijn er nog ontelbare soorten. Om de bieren in te delen in zo min mogelijke groepen delen wij ze in naar de vergistingsmethode:
• Bovengistende bieren
• Ondergistende bieren
• Spontaangistende bieren
Aan de verdelingsnaam kan je zien dat er is ingedeeld naar manier van gisten.
Bovengistende Bieren
Al het bier dat voor 1840 werd gebrouwd was bovengistend. Dit kwam omdat er nog weinig kennis was op het gebied van de specifieke gistsoorten en er was toen nog geen koelmachine. De gistsoort die gebruikt wordt (werd) heeft als latijnse naam Saccharomyces Cerevisiae wat biersuikermiddel betekent. Dit type gist gaat pas echt ‘gisten’ bij een temperatuur van +/- 20°C. Het gist vormt bij deze temperatuur een deken op de onderliggende vloeistof. Het bovengist kan minder suiker omzetten in alcohol in tegenstelling met het ‘modernere’ ondergisten. Wat als gevolg heeft dat het bier fruitiger van smaak is. Bovengisten wordt dan ook vaak toegepast bij open gistingskuipen, de deken dekt de onderliggende vloeistof af waardoor er geen zuurstof bij de vloeistof komt waardoor het proces niet aangetast kan worden. De naam bovengisten is nu al wel duidelijk, bovengisten heeft dus gewoon te maken met dat het gist boven op de vloeistof een deken vormt.
Omdat het bier vroeger bovengistend was betekent niet dat er geen bovengistende bieren meer zijn. Bekende bovengegiste bieren tegenwoordig zijn : Witbier, trappistenbier en kloosterbier.

Tarwebier
Tarwebier begint weer terug te komen. Tot voor kort waar het bier bijna alleen nog in Duitsland gebrouwen waar het ook wel Weissbier of Weizenbier (Witbier) genoemd wordt. Ook komt deze biersoort voor in Scandinavië en Oostenrijk. Oorspronkelijk stamt tarwebier uit de Bohemen (Tsjechië). Door de bloei van het tarwebier in België sinds 1970 nam ook de populariteit in Nederland toe. Hierdoor zijn verschillende bierbrouwers in Nederland dit biertype ook weer gaan brouwen.

Witbier
Het Witbier zoals wij het kennen in Nederland en België wijkt af van het Weizenbier uit Duitsland. Vaak heeft het door toevoeging van kruiden en vruchten een andere smaak dan de Duitse versies. Witbier is een troebel bier dit komt doordat het bier niet wordt gefilterd. Witbier dankt zijn naam aan het gebruik van langhalmige gewassen. Er zijn nog drie soorten wit bier, Belgisch witbier, Berliner Weiße en Weizenbier (zuid Duitsland).

Alt
Altbier is een echt Duits biertje dat afkomstig is uit Westfalen wat zich later verspreidde over het Rijnland. Altbier wat letterlijk oud bier betekent verwijst naar een oude brouwstijl van het maken van bier met een dikke laag gist op de vloeistof. Na verloop van tijd werd het brouwproces aangepast aan lagere temperaturen. Tijdens het brouwproces wordt er tevens gebruik gemaakt van donkere, gebrande mout. De definitieve kleur van het bier is donker bruin/amber.

Kölsch
Kölsch is een bovengistend bier en heeft een vrijwel dezelfde kleur als pils. Het mag tegenwoordig nog alleen uitsluitend gebrouwen worden door brouwerijen in Keulen en omgeving die het voorheen al brouwden. Dit is zo vastgelegd in het zogenaamde “Kölsch-Konvetion” in de jaren 80. Kölsch is daardoor een begrip geworden en wordt door de EU beschermd als regionale bierspecialiteit uit Keulen. Kölsch wordt gebrouwen volgens een Duitse regeling dat dateert uit 1516 waarin staat welke ingrediënten gebruikt mogen worden, kruiden en vruchten waren uit den boze. Het Kölsch dat wij nu kennen word echter nog maar sinds 100 jaar gebrouwen. Voor deze 100 jaar werd er vooral Weizenbier gebrouwen wat eigenlijk ongefilterd Kölsch is van nu.

Trappistenbier
Dit biertype wordt vaak verward met abdij bier, vaak zegt men dat deze bieren het zelfde zijn maar het tegendeel is waar. In 1664 scheidden enkele monniken zich af van de in 1098 gestichte “Cisterciënzer Orde”, deze monniken vestigde zich in de Franse plaats La Trappe. Deze zogenoemde trappisten vestigden zich latere in andere Europese landen onder andere in Nederland. Deze trappisten brouwden binnen de poorten van de trappistenkloosters bier. De naam trappist mocht pas worden gedragen als het bier aan drie eisen voldeed:
1. Het product moet door of onder toezicht van de kloostergemeenschap worden gebrouwen.
2. Het product moet binnen de muren van de abdij worden gebrouwen.
3. Het grootste deel van de winst moet aan sociale werken worden besteed.
Door de oncommerciële aanpak van het brouwen van trappistenbier zijn er vandaag de dag nog 7 trappistenbieren in leven.

Abdijbier
Trappist is abdijbier maar abdijbier is geen trappistbier. Dit heeft te maken met de drie regels die nageleefd moeten worden bij trappistenbier. Er zijn tot heden nog steeds klooster (nonnen en monnikenkloosters) die bier brouwen. Alleen zijn deze kloosterlingen geen trappisten waardoor het geproduceerde bier geen trappistenbier genoemd mag worden maar wel kloosterbier/abdijbier. Vaak worden de abdijbieren ook niet eens door de kloosterlingen gebrouwen maar worden de recepten gekocht of onder licentie van de abdij gebrouwd.

Ondergistende Bieren
Een ondergegist bier is een bier waarbij tijdens de vergisting de gist naar de bodem van de gistkuip zakt. Pas halverwege de 19e eeuw werd er steeds meer ondergistend bier gemaakt, mede dankzij de uitvinding van de koelmachine. Aan het begin van het gisting proces zal er nog wel een laag gist op het bier te vinden zijn alleen zal dit al gauw naar beneden zakken. Een voordeel van ondergistende bieren is het feit dat het bier bereidt moet worden bij een vrij lage temperatuur +/- 7°C waardoor bacteriën zich niet tot nauwelijks kunnen ontwikkelen.
Bekende ondergistende bieren zijn: Pilsener, Lager en Bokbier.

Pilsener
Pilsener is het bekendste biersoort over heel de wereld. Dit type biertje wordt over de hele wereld gedronken volgens het Pilsener receptuur. Dit biertype heeft zijn naam te danken aan de stad Pilsen in Tsjechië. In 1839 besloten de inwoners van Pilsen een eigen brouwerij te bouwen de ‘Burger Brouwerij’. De inwoners wilden een bier brouwen naar de Beierse stijl. De Beierse brouwers gingen experimenteren, zo kwamen ze op het idee om in koele grotten te gaan brouwen om een ondergistend bier te brouwen. Al hun vindingen werden opgeschreven in een boek door František Ondřej Poupě. Na geëxperimenteerd te hebben namen inwoners van Pilsen een Beierse brouwer in dienst die de nieuwe technieken toepaste waardoor het eerste biertje de Pilsener ontstond. Vaak wordt pils verward met het woord bier maar het betekenen twee verschillende dingen. Bier is de verzamelnaam voor de alcoholische dranken die aan speciale eisen voldoen. Pils is echter een biersoort, verschillende merken maken pils zoals Heineken, Grolsch en Bavaria.

Lager
Lager is een verzamelnaam van verschillende lichtgekleurde bieren. De naam komt van het Duitse woord lagern wat opslaan betekent. Eigenlijk is het dus geen biersoort maar weer een groep. Hoewel de naam uit Duitsland komt wordt het niet in Duitsland gebrouwen, je komt het bijna uitsluitend tegen in Engelstalige landen. Het is eigenlijk een vrije interpretatie van het Pilsener.

Bokbier
Bokbier is een seizoensbier, er zijn twee soorten bokbier. Een donkere bier die vanaf oktober tot februari verkocht wordt en een blonde lentebok die vanaf februari tot mei op de markt is. Bokbier komt oorspronkelijk uit de stad Einbeck in Duitsland. Daar werd eeuwenlang een donkere bovengistend bier gebrouwen dat in heel Europa bekend was. Het “Einbecker Bier” werd op z’n Beiers als “Ainpöckisch Bier” uitgesproken in de volksmond werd dit “Ainpöck” en later werd dit “Ein Bock/Bockbier”. Bockbier kan met een ‘c’ geschreven worden maar hoeft niet.

Spontaangistende Bieren
Vroeger werd er bier gebrouwen zonder dat de brouwer precies wist wat er zich in de kuip of ketel afspeelde. Over de vergisting wist men al helemaal niets, wel merkte men door toevoegen van sommige kruiden of vruchten dat het proces versnelt werd. In sommige streken zoals rondom Brussel werd er vroeger helemaal geen gist toegevoegd. Bieren waarbij er tijdens het brouwproces geen gist wordt toegevoegd worden spontaangistende bieren genoemd. Doordat er geen gist wordt toegevoegd betekent dit niet dat er geen gist nodig is. Tijdens het brouwproces wordt de wort die zich in een zogenaamde ‘koelschip’ bevind blootgesteld aan de buitenlucht waardoor het als het ware wordt geïnfecteerd met een wilde gist Brettanomyces bruxellensis. Er wordt in het heden alleen nog spontaangistende bieren gemaakt rondom Brussel (Lambiek).

Lambiek
Lambiek is een spontaan gistend bier uit Zennedal (België), De naam Lambiek komt van het woord alambiek een gesloten koperen brouwketel die zijn oorsprong vindt bij de jeneverstokers. Oorspronkelijk brouwde men in open ketels maar inde 17e eeuw schakelde men over op gesloten ketels. Doordat er geen gist werd toegevoegd moest het wort minimaal 1 dag in een open ondiepe bak staan. Hierdoor kon de buiten lucht erbij komen waardoor er op een natuurlijke wijze gist in kwam. Na de hoofdgisting van enkele dagen volgt er een nagisting die soms wel 4 jaar kan duren.

Waar wordt er het meeste bier gedronken?

Nederlanders drinken gemiddeld 79,0 Liter bier op jaarbasis dit zijn ongeveer 237 bierflesjes van 33cl. Wij staan hiermee op de 15e plek van de wereld qua bierconsumptie. De grote nummer 1 op het gebied van bierconsumptie zijn de Tsjechen, zij drinken per jaar gemiddeld 156,9 Liter bier per jaar dit zijn 471 bierflesjes van 33cl. De Tsjechen staan ver bovenaan zij drinken vrijwel de dubbele hoeveelheid bier per jaar vergeleken met en bijna 30 Liter meer per jaar als de nummer 2 (Ierland). De grote vraag is natuurlijk waarom drinken de Tsjechen zoveel bier? Een van de redenen is dat het bier in Tsjechië zeer goedkoop is. Als je in Tsjechië naar een restaurant gaat en je wilt drinken bestellen dan is bier 1 van de goedkoopste dranken aanwezig, zelfs goedkoper dan frisdrank. Bier wordt daar dan ook standaard geschonken in halve liter glazen. Hoewel er alcohol in bier zit zijn er ook gezonde vitamine aanwezig zo is bier rijk aan vitamine B. Op internet is nog een andere verklaring te vinden. De brave soldaat Svejk, een beroemd romanpersonage uit een boek van de Tsjechische schrijver Jaroslav Hašek (1900), waarschuwde de maatschappij (regering). Als de regering de bierprijs zou verhogen zou de regering binnen een jaar ten val gaan. De regering luisterden goed naar deze les, het bier goedkoop houden zodat het volk rustig zou blijven. Soms kon men zelfs rekenen op gratis bier bij verschillende beroepen. Toen werd er in 1984 een prijsverhoging doorgevoerd op het bier. Vijf jaar later brak de fluwelen revolutie uit, veel zat ‘Svejk’ er niet naast.
(Voor volledige tabel van de bierconsumptie zie bijlage)

Welke invloed heeft bier op het lichaam?

Het is wel algemeen bekend dat je van veel alcohol (bier) dronken wordt en dat je hersenencellen er van beschadigd raken, maar is dit allemaal wel waar? Wanneer er bier wordt genuttigd komt het via de slokdarm in de maag terecht. Via de maag en de dunne darm wordt het alcohol opgenomen in het bloed. De bloedcirculatie zorgt er voor dat het alcohol wordt verspreid naar elk deel van het lichaam. Na ongeveer 10 minuten bereikt het de hersenen vanaf dit moment is men onder ‘invloed’. Een volle maag helpt niet tegen het onder invloed raken, het duurt alleen langer.

Effect op de organen
Hersenen
Als gevolg van het drinken van bier gaan de hersenen na een paar glazen minder goed werken dan normaal. Alcohol verdooft je hersenen namelijk doordat alcohol de overdracht van signalen in de zenuwen en hersenen stoort. Wanneer men meer dan 25 glazen bier per week drinkt wordt het risico op hersenbeschadiging er groot. Je geheugen gaat achteruit je gaat langzamer denken de hersenen worden gewoon slechter. Ook kunnen de hersenen gaan krimpen bij overmatig alcohol gebruik. Overmatig drankgebruik is dus gewoon erg slecht voor de hersenen.

Lever
Alcohol is een giftige stof voor het lichaam en moet dus afgebroken worden dit gebeurt in de lever. Overmatig alcohol gebruik kan de functie van de lever verstoren. Doordat de lever grote hoeveelheden alcohol moet afbreken in een korte periode kan er leververvetting ontstaan. Er ontstaat dan een ophoping van vet in de levercellen. Hierdoor kan de lever gaan zwellen wat leidt tot misselijkheid, braken en ook geelzucht kan voorkomen. De lever herstelt zich nadat er gestopt wordt met drinken. Jarenlang overmatig alcohol gebruik (verslaafd) kan leiden tot het vernietigen van de levercellen waardoor er littekens ontstaan in de lever. In de loop van de tijd kan de lever dan gaan ophouden met werken wat dodelijk is.

Maag
Via de maagwand in de maag wordt een groot deel van het gedronken alcohol opgenomen in het bloed. Het aanwezige slijmvlies in de maag beschermt de maagwand tegen maagzuur. Bij overmatig alcoholgebruik raakt dit vlies beschadigd wat kan leiden tot maagvliesontsteking en maagzweer.


Hart en bloedvaten
Aangezien het alcohol in je bloed wordt opgenomen zal dit ook een effect uitoefenen op het hart en de bloedvaten. Alcohol kan leidden tot een verhoogde bloeddruk, onregelmatig hartritme en hersenbloedingen.

Alcoholpromillage
Wanneer een bestuurder wordt aangehouden die verdacht wordt van rijden onder invloed wordt er bij de bestuurder de alcoholpromillage gemeten. Er wordt gekeken hoeveel gram alcohol in 1 liter bloed zit. De grens ligt bij 0,5 promille voor autobestuurders die hun rijbewijs al 5 jaar hebben. Het verschilt per persoon hoeveel biertjes hij/zij kan hebben voordat de grens is overschreden. De ingenomen hoeveelheid alcohol wordt namelijk verdeeld over de totale hoeveelheid lichaamsvocht. Een zwaar iemand merkt dus minder van 3 glazen bier dan een licht iemand. Ook is er nog een verschil tussen mannen en vrouwen, zo hebben vrouwen per kilo lichaamsgewicht minder vocht dan mannen. Hierdoor zijn vrouwen over het algemeen eerder onder invloed dan mannen.

Waarom raakt men sneller onder invloed door het drinken van bier door een rietje?

Door het drinken van alcoholische dranken door een rietje wordt je inderdaad sneller dronken. Dit komt natuurlijk niet doordat je opeens meer alcohol binnen krijgt maar het gaat om de manier van het opnemen van de alcohol. Door het drinken van bier door een rietje stroomt het bier tegen/langs je gehemelte de keel in. Als je normaal bier drinkt uit een glas stroomt het bier over de tong naar je keel en heeft veel minder contact met je gehemelte. Het gehemelte (verhemelte) is een scheidingswand tussen de mondholte en neusholte en is sterk doorbloed en heeft een zeer dunne huid. Wanneer er bier langs het gehemelte stroomt kan er alcohol opgenomen worden in de bloedbaan. De bloedbaan brengt het bloed met alcohol naar de hersenen waardoor men eerder onder invloed is dan zonder rietje. De weg is in wezen gewoon korter dan dat de alcohol uit het biertje eerst via de maag en darmen moeten gaan en dan pas naar de hersenen. Drinken met een rietje zorgt ook voor een snellere verdamping van het aanwezige alcohol. Elke vloeistof verdampt continu dus ook bier, het verschilt alleen per vloeistof hoeveel er verdampt. Dit heeft natuurlijk vooral te maken met het kookpunt van de vloeistof. Hoe dichter de temperatuur ligt bij het kookpunt hoe meer er zal verdampen. Ook speelt de luchtdruk een rol wanneer de luchtdruk lager is gaat het kookpunt ook omlaag. Het kookpunt gaat namelijk omlaag wanneer met door een bier drinkt. Wanneer je door een rietje drinkt is de druk in de mond lager dan de atmosferische luchtdruk waardoor de vloeistof via het rietje de mond in komt. De luchtdruk in de mond is dus lager waardoor het kookpunt van alcohol ook lager wordt. Er zal dus meer alcohol gaan verdampen dan normaal, de alcohol damp wordt ingeademd en zo opgenomen in het bloed. Van het drinken door een rietje wordt je dus sneller dronken doordat het eerder wordt opgenomen in het bloed wat komt door de grotere verdamping van het aanwezige alcohol en het gehemelte speelt een grote rol bij het opnemen.

Bier onderzoek

Materiaal en Methoden

Bier enquête
Bij deze proef hadden we van te voren een enquête gemaakt (zie bijlage) met vragen die wij passend vonden voor ons profiel werkstuk. Bij deze proef ging het er om dat onze klasgenoten antwoord gaven op algemene vragen over bier en wat ze vonden van de soorten bier die wij ze lieten proeven (blind). In onze klas zitten ongeveer 20 mensen en we hadden een budget van 15 euro waardoor we na wat rekenwerk uitkwamen op ongeveer 7 biersoorten per persoon voor onze proef. Natuurlijk krijgt niet iedereen 7 flesjes bier maar ze kregen ongeveer 50ml bier per persoon van elk biersoort.

De volgende spullen hebben wij gebruikt bij deze proef:

• 3 flesjes Corona (330 ml)
• 2 flesjes Heineken (500 ml)
• 3 blikjes Euroshopper (500 ml)
• 4 flesjes Amstel malt (300 ml)
• 4 flesjes Grolsch Kanon (300 ml)
• 4 flesjes Alberheijn bier (3oo ml)
• 4 flesjes Hoegaarden wit bier (300 ml)
• Water
• Koffie (gemalen)
• 220 rode plastic bekers
• Flessenopener
• Watervaste stift

Voordat we begonnen met de echte proef gingen we eerst alle bekertjes nummeren van 1 tot 7 voor 20 personen met een watervaste stift. Elk proefpersoon krijgt echter 9 bekertjes, 7 voor de verschillende soorten bier, 1 voor water en de ander dient als een spuugbak. Nadat de bekers genummerd waren zijn we het klaar gaan zetten in het kabinet van scheikunde. We hadden het zo opgezet zodat er 5 klasgenoten tegelijk bier konden proeven. Dit om te voorkomen dat er teveel invloed zou zijn van andere mensen in de klas als we iedereen tegelijk zouden laten proeven. Als alle bekertjes klaar waren gezet gingen we het bier schenken in de bekertjes. We hadden van te voren een lijst gemaakt met welk nummer hoort bij welk type bier zodat wij wisten welk biersoort bijvoorbeeld in beker nummer 3 zou gaan. De lijst was willekeurig opgezet. Als alles was ingeschonken zorgden we ervoor dat het bier in een kast zat om te voorkomen dat iemand zag welke biersoorten er gebruikt werden. Toen riepen we 5 klasgenoten op alfabetische volgorde om mee te doen aan de proef. Voordat de proefpersonen mochten proeven legde een van ons eerst even uit hoe het in elkaar zat. Eerst moesten ze de vragen invullen die ze konden maken zonder het bier te proeven. Dan konden ze gaan proeven en cijfers gaan geven aan elk bier. Het beste was om eerst van alle bieren een beetje te proeven en niet doorslikken om je smaak neutraal te houden. Ook was er nog water en gemalen koffie aanwezig om de smaak en geur te neutraliseren. Nadat iedereen van de groep bier geproefd had en de enquête had ingevuld konden ze gaan. Hierna gingen wij alle gebruikte bekertjes weghalen/weggooien en begonnen we weer opnieuw met klaarzetten.

Resultaten

Gemiddelde cijfer gegeven aan het soort bier

Waar wordt bier gedronken

Het hoogst gegeven cijfer aan een van de bieren per individu

Gemiddeld aantal liters bier per individu per week



Hoe brouw je bier?

Ingrediënten van het bier

De belangrijkste ingrediënten van bier zijn: water, gerst, hop en gist.

Water
Water is het belangrijkste onderdeel van het bier. Het bier bestaat dan ook voor ongeveer 90 % uit water. Het water is onder andere nodig om de smaak van het bier te maken. Als men gaat kijken naar het water zijn twee zaken van belang. De hardheid van het water is van belang en de zuurgraad.
Waarom zijn deze twee zaken van belang. De zuurgraad is van belang omdat bij een te hoge zuurgraad de enzymen hun werk niet meer goed doen. Bij geen enkele bier mag de zuurgraad (ook wel pH - waarde) boven de zes uitkomen.
Bij een pH van tussen 5,2 en 5,6 verlopen de gewenste enzymatische processen tijdens het maischen het best, vlokken eiwitten goed uit tijdens het koken en verloopt de extractie van bitterstoffen uit de hop goed. Een lagere en vooral een hogere pH is niet gewenst. Is dit wel het geval dan kunnen er de volgende effecten optreden: slechte versuikering, verhoging van de vloeibaarheid, verminderde eiwit - afbraak, lichtere bieren worden donkerder dan gewenst, wrange bitterheid in het bier, trage vergisting en slechte schuimhoudbaarheid.
De hardheid van het water hangt af van de aanwezigheid van calcium en magnesium in het water. Voor bepaalde typen bieren zijn bepaalde hardheden van water nodig. Zo is voor het brouwen van pilsener zacht water nodig, terwijl een Dortmunder om hard water vraagt. Omdat de hardheid van het water in verschillende delen van Nederland nogal verschilt, was het type bier wat vroeger uit een bepaalde streek afkomstig was afhankelijk van het type water.
Tegenwoordig is dit niet meer zo van toepassing. De meeste brouwerijen beschikken namelijk over een eigen waterinstallatie en zijn in staat het water harder of zachter te maken als dat nodig is.
Als het water 75 mg calciumionen per liter bevat heeft het water de beste voorwaarden voor een goed biertje. We gaan hierbij ervan uit dat dit in de brouwerij gebeurt want als men bier zelf thuis brouwt komen er andere factoren bij kijken omdat het water uit de kraan heel veel verschillende ionen bevat. Deze calciumionen zijn heel belangrijk omdat calcium de enzymactiviteit stimuleert en verbetert de eiwit afbraak. Verder stabiliseert het de alfa - amylase en zorgt het voor een snellere filtering. Het extraheert de fijne bitterstoffen uit de hop en vermindert de wortkleur. Calcium is een essentieel bestanddeel van de gistcel en kleine hoeveelheden calciumionen neutraliseren stoffen die giftig zijn voor de gist. Ook verbetert het de klaring bij het ouder worden van het bier. Ook wordt de stabiliteit en smaak van een bier gunstig beïnvloed door calcium en calcium reageert met oxaalzuur tot het moeilijk oplosbare calciumoxalaat, waardoor gushing (dat bij het openen van een blikje of flesje er ontzettend veel schuim ontstaat) voorkomen wordt.

Gerst
Gerst is een graansoort. Ze stamt af van de wilde gerst die nog steeds in het Midden - Oosten voorkomt. Gerst behoort net als overige granen tarwe, haver, rogge, gierst en rijst tot de grassenfamilie. Gerst is een eenjarige, uitstoelende plant met 50 tot 130 cm lange stengels waaraan zich een aarvormige bloeiwijze vormt. Aan weerszijden van de aarspil staan steeds drie een bloemige aartjes ingeplant. De buitenste van de drie aartjes zijn soms mannelijk of rudimentair. De kelkkafjes zijn smal, lancet- tot naaldvormig en de onderste kroonkafjes van de fertiele bloempjes zijn gewoonlijk lang genaald. Soms is de kafnaald vervangen door een kort, drietandig vorkje (gevorkte gerst). De cultivars zijn zeer overwegend zelfbevruchtend. De graanvrucht is meestal bedekt en min of meer strokleurig, maar er bestaat ook "naaktzadige" gerst en ook gerst met zwarte kroonkafjes (zwarte gerst). Bij gewone gerst is de korrel vergroeid met de omhullende kafjes, waardoor deze gepeld moet worden in een pelmolen om de kafjes van het zaad te scheiden. Gerst bestaat onder andere uit zetmeel (60 tot 65%), eiwitstoffen (8 tot 13%) en looistoffen (0,1 tot 0,3%). Verder bestaat gerst uit water, minerale stoffen en vetstoffen. Het zetmeel zorgt voor het vergistbare materiaal (glucose, fructose, dextines en maltose). Het vergistbare materiaal zal worden omgezet in alcohol en koolzuur. De eiwitstoffen zijn nodig voor de voeding van de gist en ze zijn smaakbepalend. Bij het brouwen is het doel eigenlijk zetmeel omzetten in suikers dit kan als de nodige enzymen en diastasen aanwezig zijn. Hier speelt de gerst een belangrijke rol want de gerstekorrel is van nature een goede evenwichtige verhouding en bevat alle nodige elementen waaronder ook de nodige diastasen om op een natuurlijke wijze dit omzettingsproces uit te voeren. In principe kan men dus ook een andere graansoort gebruiken maar door zijn grootte voordelen ten opzichte van de andere graansoorten wordt toch gerst gebruikt. Gerst zorgt ook voor de kleur en de smaak van het bier maar dit doet het indirect omdat het moutproces hierbij een belangrijke rol speelt. Gebruikt men een andere graansoort of duurt het moutproces langer dan krijg je dus ook een andere kleur en of smaak van het bier.
Hop
Hop is een plant uit de hennepfamilie. De plant wordt onder meer gebruikt als medicinaal middel maar natuurlijk ook als bestanddeel van bier.
Hop is een kruidachtige, rechtswindende klimplant die in het wild voorkomt in Nederland en België. De karakteristieke 'bellen' die in augustus/september aan de vrouwelijke plant groeien en haar bloemen, zijn het voor ons mensen meest nuttige deel (de mannelijke vorm heeft al de eigenschappen niet die de vrouwelijke vorm wel heeft of te wel die wordt dan ook niet gebruikt bij het brouwen). Op deze hopbellen bevinden zich de klieren die een olieachtige, bittere stof produceren.
De bitterstoffen uit hop (het lupuline uit de vrouwelijke hopbellen) vormen een bestanddeel van bier. Vroeger werd hop aan bier toegevoegd als conserveringsmiddel, wegens zijn ontsmettende werking, maar men is langzamerhand aan de bittere smaak gewend en beschouwt deze inmiddels als een essentieel onderdeel van bier en zeker van pils. Ook fungeert hop als natuurlijk conserveringsmiddel in het bier, is het ook verantwoordelijk voor het aangename aroma in het bier en is het nodig voor een stabiele schuimkraag en draagt het bij tot bierklaring door het neerslaan van eiwitten en is het verantwoordelijk voor de gezondheidseigenschappen van bier. Maar bovenal het zorgt voor de bittere smaak zoals net al is gezegd.
De stoffen die het bier een bittere smaak geven komen vooral uit de harsen die in hop zitten.
Een gedeelte van de harsen is oplosbaar in het oplosmiddel hexaan, dit gedeelte van de harsen worden weekharsen genoemd. De weekharsen worden weer onderverdeeld in de alfazuren en bètafractie bestaande uit de betazuren en niet-gekarakteriseerde weekharsen. De verhouding tussen de verschillende hopharsfracties verschilt per hopsoort. Aromahopsoorten hebben in verhouding meer hardharsen en bitterhopsoorten meer weekharsen. In de hopbel worden eerst de alfa - en betazuren gevormd, die door oxidatie langzaam overgaan in alfa - en bètaweekharsen. Door verdere oxidatie en verhitting tijdens het eesten worden hardharsen gevormd.
Deze zijn met name de bron van bitterstoffen en dus de smaak van het bier.
Wanneer de alfa - hopzuren worden gekookt met wort (wort is een suikeroplossing, bekomen door enzymatische afbraak van zetmeel uit gerstemout of toegevoegde granen), worden de alfa - zuren omgezet tot de zogenaamde isohumulonen, die aanwezig zijn in alle bieren. Isohumulonen verlenen typische eigenschappen aan bier. Zij zijn bijvoorbeeld verantwoordelijk voor de stabiliteit van bierschuim en ze dragen bij tot de houdbaarheid van bier

Gist
Gist is de naam voor een aantal eukaryote soorten (ca. 700 - 1000) micro-organismen waarvan de gewone biergist een bekende vertegenwoordiger is. Gisten zijn eencellige schimmels. Er zijn zelfs veel schimmels die behalve als een mycelium ook als eencellige kunnen groeien. Gisten onderscheiden zich van bacteriën door het bezit van een celkern en zijn ook significant groter. Saccharomycesgisten (en sommige andere) zijn in staat om glucose te ontleden en deze om te zetten in alcohol en koolzuurgas. Het metabolisme van S. cerevisiae is aeroob of anaeroob. Onder anaerobe omstandigheden is de alcoholproductie maximaal, onder aerobe de groei en vermenigvuldiging.
Zoals al gezegd zorgt de gist voor alcohol en dat is natuurlijk een heel belangrijk proces bij het bier brouwen.
Gist wordt daarom bij de drankenbereiding dus vooral gebruikt maar in het bier vervult ook de koolzuurgas dat ontstaat overigens een belangrijke rol. Niet alle suikers zijn door gist afbreekbaar veel gisten kunnen bijvoorbeeld pentosen (eenvoudige koolhydraat C5H10O5) niet verwerken. Bij vergisting van wort (bij bier) vindt bijvoorbeeld eerst een aeroob stadium plaats, waarin het product in open kuipen onder toetreding van zuurstof gist, en de gistcellen zich snel vermenigvuldigen. Bij een concentratie van ca 100 miljoen gistcellen per mL wordt de gistkuip hermetisch gesloten en voltrekt het verdere proces zich anaeroob, waarbij door een waterslot het koolzuurgas wel kan ontsnappen, maar geen zuurstof kan toetreden.
De soort gist, de vergistingstemperatuur, de zuurgraad en andere factoren hebben grote invloed op de smaak van het eindproduct. Hoewel de gist die wordt gebruikt voor wijn, bier en brood biologisch gezien tot één soort behoort, bestaan er zeer belangrijke verschillen in de gebruikte stammen en zijn deze niet onderling uitwisselbaar als men een smakelijk product wil krijgen. De gebruikte gist levert een belangrijke bijdrage aan het aroma van het eindproduct. Voor bier worden ook wel andere gisten gebruikt dan S. cerevisiae: bij de bierbereiding onderscheidt men namelijk bovengistende, ondergistende en spontaan gistende varianten. In het eerste geval bevindt de gist zich vooral in de gistende oplossing en in het schuim en temperatuur boven de 15° Celsius, in het tweede geval ligt het vooral op de bodem van het vat en bij een temperatuur beneden de 7° Celsius.
Tegenwoordig gebruiken de brouwerijen allemaal gist dat bestaat uit organismen van een bepaalde stam, waardoor de smaak van het bier constant en voorspelbaar is. Hele kleine brouwerijen willen hier nog wel eens van af wijken, waardoor de kenners een zekere afwijking van smaak kunnen proeven. Gist is dus ook smaakbepalend en Heineken zal dus een andere stam gebruiken dan bijvoorbeeld Grolsch.
Welke materialen zijn er nodig om bier te brouwen?
Voor het brouwen van bier is de voorbereiding uitermate belangrijk zonder de goede materialen/ingrediënten kom je niet veer. De volgende materialen zijn nodig voor het brouwen van een eenvoudig biertje.

Kookketel
In de kookketel (ook wel brouwketel genoemd) wordt het beslag gemaakt en het wort wordt hierin gekookt. De kookketel moet goed reinigbaar en bestand tegen zuren zijn ook moet het geen gevaarlijke stoffen afgeven aan de inhoud. Hobbybrouwers gebruiken vaak geëmailleerde pannen daar zit een speciale laag tegen de wand wat ter bescherming is van de inhoud. De omvang van de ketel bepaalt de hoeveelheid bier dat je kunt brouwen. De ketel moet tevens ook een grotere inhoud hebben dan het aantal liters dat men plant om te gaan brouwen omdat het wort tijdens het koken sterk gaat schuimen.

Mandfles met rubberen kap
De mandfles is er voor het lageren van jong bier. Zo kan het bier ‘uitgisten’ waarvoor een mandfles nodig is die goed afsluitbaar is die afgeschermd wordt van licht omdat bier lichtgevoelig is.

Moutmolen (Schrootmolen)
De moutmolen is nodig om een van de hoofdingrediënten namelijk het mout te breken. DE vliezen van het mout mogen niet te veel vermalen worden. De beste moutmolen is er dan ook een met twee walsen omdat het hier geplet wordt in plaats van fijngemalen.

Roerstok
De roerstok is nodig om het mout en het water te mengen, ook is het later nodig om het aanbranden te voorkomen van het beslag. De roerstok moet stevig en lang genoeg zijn.

Jodium (Betadine)
Op een gegeven moment moeten de aanwezige enzymen het zetmeel omzetten tot suikers, om te kijken of er nog zetmeel aanwezig is moet je een monster nemen en daar wat jodium bij doen. Als er nog wel zetmeel aanwezig is dan zal de vloeistof paars kleuren wat betekent dat de enzymen nog wat tijd nodig hebben.

pH papier
Naast de temperatuur tijdens het brouwproces speelt de pH-waarde van het beslag ook een grote rol. Deze waarde hoort namelijk rond de 5,5 te liggen. Een beslag met de juist pH-waarde geeft het bier namelijk een betere en zuivere smaak. Met pH papier is dit te controleren wanneer het beslag niet zuur genoeg is dan kan het voorzichtig aangezuurd worden met melkzuur.

Filterkuip
De filterkuip wordt gebruikt om het beslag te filteren en voor het uitfilteren van de hop na het koken. Het probleem is dat deze filterkuipen niet kant en klaar te koop zijn. Wel bestaat er een alternatief genaamd hevelfilters die wel te koop zijn maar die zijn ook eenvoudig zelf te maken.

Spiraalkoeler
Na het koken van de wort moet het gekoeld worden, de meest gebruikte koeler is een spiraal koeler gemaakt van koper. Deze koeler kan zelf gemaakt worden wel moet de lengte van de koeler afgestemd zijn met de omvang van het brouwsel.

Gistingsvat met waterslot
Het vergisten van het wort moet gebeuren in een steriele omgeving. Het vat moet afgesloten kunnen worden en er moet ook een waterslot aanwezig zijn zodat het gevormde koolzuur tijdens de vergisting kan ontsnappen en er geen lucht van buiten naar binnen kan komen.

Hevel
Een hevel wordt gebruikt tijdens het brouwproces om de vloeistof van punt A naar punt B over te hevelen. Dit wordt meerdere keren gedaan tijdens het proces, ook kan het gebruikt worden voor het bottelen van het bier zorg er wel voor dat het steeds wordt gereinigd.

Hydrometer + maatglas
Met de hydrometer is een dichtheidsmeter. Zo kan er de zwaarte van het wordt en bier worden gemeten, uit het verschil in gewicht voor en na de vergisting kan het alcoholgehalte berekend worden. De maatcilinder wordt gebruikt om een monster te nemen en het bovengenoemde proces uit te voeren.

Kroonkurkapparaat
Na dat het bier gebotteld is moet het natuurlijk afgesloten worden. Dit kan worden gedaan met een kroonkurkapparaat. Met dit apparaat wordt er een bier dop op de fles geslagen. Ook kan er gekozen worden voor beugelflessen die hersluitbaar zijn.

Thermometer
Tijdens het maischen en de vergisting moet de temperatuur gemeten worden. De thermometer moet een bereik hebben van -10°C tot 110°C.


Fase 1
Fase 1 betreft het mouten van het bier, deze fase is in meerdere stappen in te delen.

Voorreinigen
Voordat je begint met reinigen moet het gerst eerst worden gewogen omdat je na afloop van het reinigen niet meer weet met hoeveel (kilo)gram je bent begonnen. Dit komt doordat het gerst na het reinigen water heeft opgenomen waardoor het meer zal wegen dan normaal. Gerst moet gereinigd worden omdat gedorst gerst namelijk allemaal stukjes stengel, zaden en andere organische stoffen bevat. Deze stoffen zijn niet bruikbaar voor het brouwproces en moeten dus verwijderd worden voordat er kan worden gemout. De ongewenste stoffen tussen het gerst blijken goed op water te drijven in tegenstelling tot het gerst zelf wat als een baksteen zinkt, het gerst zal dus gemengd moeten worden met water. Je kan de verontreinigde gerst in een emmer doen die je dan met water vult, even roeren en wachten totdat de gerst zinkt. Nadat het gerst is gezonken kan je met een lepel de ongewenste materiaal verwijderen en weggooien.

Hoofdreiniging: Selecteren van de gerstkorrels
Nadat de gerstkorrels zijn gereinigd moet er geselecteerd worden. Niet alle gerstkorrels zijn bruikbaar. Het beste is om de afwijkende gerstkorrels er uit te gooien zodat elke korrel zoveel mogelijk hetzelfde ondergaat in de volgende processen. Zo zal een grote gerstkorrel langer nodig hebben om te weken en te drogen dan een kleinere. Verwijder dus alle gerstkorrels die afwijken van het gemiddelde, extra grote maar ook hele kleine en gebarsten korrels mogen ook weg vaak valt het wel mee qua onbruikbare korrels.

Weken
Het gerst moet nu weken om later te kunnen kiemen. Stop het gerst in een plastic emmer en zorg dat het gerst is bedekt met een laagje water en laat het staan voor 72 uur. Wel zal het weekwater af en toe ververst moeten worden, de eerste keer moet dit al gebeuren na 2 uur en de keren daarna steeds om de 12 uur. In de eerste 14 uur wordt er dus totaal 2x ververst. Om het water te verversen kan je het beste de inhoud in de filterkuip gooien en het water laten uitlekken. Daarna doe je de graan weer terug in de emmer en vul je het water bij zodat het net onder water staat. Je kan er ook voor kiezen om het om de 24 uur te vervangen, het water moet dan wel worden gelucht met behulp van bijvoorbeeld een aquariumpompje. Na het weken is het graan zacht en opgezwollen, het volume is maar liefst met 50% toegenomen. Belangrijk is dus dat het gerst continu net onder water staat.

Kiemen
Het geweekte graan (gerst) moet goed worden uitgelekt in de zeefemmer. Het kiemproces wordt het beste uitgevoerd in een donkere ruimte van 10°C. De temperatuur van het kiemende graan zelf hoort tussen de 12 en 15°C te liggen. Een temperatuur boven de 20°C is zeer slecht en moet worden vermeden. Het beste is om bij het kiemen gebruik te maken van een aquariumpompje het kan ook zonder. Met behulp van een pompje is de controle over het kiemingsproces een stuk gemakkelijker. Het luchtslangetje moet aan de onderkant van de filter emmer bevestigd worden, een filter emmer heeft vaak nog ruimte onder de filter zelf waar een laagje water in moet staan. Kiemen met behulp van een zogenoemde beluchtingset brengt een paar voordelen met zich mee. Het graan zal niet uitdrogen. De gevormde koolstofdioxide wordt door de lucht uit de emmer gedreven. De warmte die vrijkomt wordt door de luchtstroom weggedreven. In het geval dat er geen beluchtingset gebruikt wordt zal er vaak moeten worden geroerd om de warmte en het kooldioxide te verspreiden. Met een plantenspuit kan de mout worden bevochtigd om het uitdrogen te voorkomen. Na circa drie dagen komen er worteltje aan de graankorreltjes en het kiempje in de graankorrel wordt enigszins zichtbaar als een klein uitstulpsel onder het kaf (omhulsel van graankorrel). Door het graankorreltje door te snijden kun je precies zien hoe groot het kiempje is. Het kiemproces kan beëindigd worden als je gezien hebt dat bij drie of vier graankorrels het kiempje een lengte heeft van tweederde van de graankorrel.

Drogen
Het drogen dient er voor om het kiemproces stop te zetten dit wordt ook wel eesten genoemd. Het drogen moet gedaan worden met behulp van een soort kachel . Het beste is om een soort ventilatiekacheltje te gebruiken en een paar plakken met een stuk gaas. Hiermee kan je een soort drooginstallatie bouwen waarbij de planken het gaas ondersteunen waaronder de kachel staat. Het graan moet je op het gaas leggen de droge lucht moet een temperatuur hebben van rond de 70°C. Om te kijken of de mout droog is kan je simpel weg er aan voelen of nog vocht bevat. In brouwerijen wordt er gemeten met een thermometer, de temperatuur wordt dan gemeten voor dat de warme lucht in aanraking komt met de mout en er na om zo te kijken of er warmte wordt afgestaan aan de mout.

Schoonmaken gerste mout
Tijdens het kiemproces ontkiemt de korrel waardoor er worteltjes aan de gerstkorrels komen. Voor het moutproces zijn deze worteltjes noodzakelijk voor het brouwproces zijn ze echter niet gewenst. Tijdens het poleren (poetsen) wordt de mout ontdaan van de aanwezige worteltjes en kan de mout gaan rijpen om zo op voldoende smaak te komen. Met een harde borstel kan je de worteltjes eraf borstelen dit is wel zeer tijdrovend.

Moutrust
Mout dat net gedroogd is kan nog niet worden gebruikt om mee te brouwen dit zou namelijk leiden tot onder andere een troebele wort. Eerst moet de mout tot rust komen. Deze rustperiode de moutrust duurt ongeveer 3 à 4 weken. De mout neemt hierbij zo’n 1 tot 2% vocht op. Mout kan wel 2 jaar bewaard blijven onder goede omstandigheden, donkere mout verliest echter al na circa 3 maanden een groot deel van zijn aromastoffen.


Fase 2

Fase 2 betreft het brouwen van het bier, deze fase is in meerdere stappen in te delen.

Schroten
Om bier te kunnen brouwen is het nodig om de gebruikte moutkorrels te breken, een moutkorrel is namelijk vrij hard. Door de korrel te breken kan het daarin aanwezige zetmeel beter oplossen in het brouwwater. Het zetmeel kan dan vervolgens worden afgebroken tot suiker die de gist weer omzet tot alcohol. ook schroot men om de bliezen ( zitten om de graankorrels ) los te maken want deze vormen na het maischen een gunstig filterbedje.
Bij het schroten is het belangrijk dat het kaf heel blijft. Uit het kaf komt namelijk als het fijn vermalen is veel tannine vrij, dat het bier een wrange, bittere smaak geeft. Verder is het kaf ook van belang tijdens het filteren van de wort. Het zetmeel moet wel zo fijn mogelijk verdeeld worden, want dan lost het beter op. Mout wordt daarom niet fijn gemalen, maar heel grof gemalen of met speciale walsmolens (schrootmolens) platgewalst. Dit proces noemt men schroten.

Beslag maken
Dit proces is eigenlijk een heel simpel proces het enige wat je hoeft te doen is warm water bij het moutschroot doen. Het geschrote mout vermeng je met water van een bepaalde temperatuur die hoort bij de gebruikte maisch methode daar straks meer over, als voorbeeld nu even 55 °C . Je krijgt dan een dik beslag. Door de toevoeging van het mout daalt de temperatuur een paar graden tot bijvoorbeeld ongeveer 51 à 52°C. Roer het beslag goed door. Laat bij deze temperatuur het beslag 10 minuten staan. Vanaf nu moet het beslag met tussenpauzen steeds verwarmd worden. Zeker bij het verwarmen moet je steeds goed roeren anders brandt het beslag aan. Roer echter niet te hard omdat je daardoor zuurstof in het beslag kunt slaan wat voor de smaak van het uiteindelijke bier ongewenst is. Door ook regelmatig te roeren als er een temperatuurpauze wordt aangehouden verloopt het afbraakproces van de moutbestanddelen beter en sneller.
De hoeveelheid water waarmee je begint is van invloed op het verloop van het proces. Voor donkere zoetige bieren gebruikt men in de regel 2,5 liter water op 1 kg mout. Bij licht gekleurde bieren ligt deze verhouding 3,5 liter water op 1 kg mout. Als je echter een heel zwaar licht gekleurd bier wilt brouwen zul je er niet aan kunnen ontkomen het beslag dikker te maken. De temperaturen waarbij je een pauze moet houden en de duur van de pauze zijn verschillend want dit ligt weer aan de gebruikte maischmethode.

Maischen
Dit proces heeft als doel de enzymwerking op gang te brengen. Elk enzym heeft zijn eigen optimale werkingstemperatuur. Daarom worden er bij het maischen verschillende methodes gehandhaafd.
Dalende infusiemethode
Dit is een van oorsprong Engelse methode, waarbij eigenlijk maar één temperatuur gebruikt wordt, die tussen de 62 en 72 °C ligt. Hiervoor wordt het beslag aangemaakt door het geschrote mout toe te voegen aan water van 70 °C. Het beslag zal hierdoor dalen in temperatuur tot ongeveer 67 °C. Het beslag laat men hierna staan gedurende een bepaalde tijd, tussen de een à twee uur. Soms laat men het beslag ook langzaam afkoelen tot 45 à 55 °C. Deze methode werkt prima, vooral bij gebruik van palemout.
Bij 67 °C zijn zowel de α-amylase als de β-amylase actief. Door het beslag langzaam te laten afkoel zal in het begin de α-amylase werkzaam zijn
en splitst het zetmeel in kleine brokjes. Wanneer het beslag nog verder afkoelt, wordt de β-amylase actief en maakt van die kleine brokjes suikers. Uiteindelijk is alle zetmeel omgezet.
De verhouding tussen vergistbare en niet vergistbare suikers is afhankelijk van de gekozen temperatuur, en de tijdsduur van het hele proces. Het opmerkelijke van deze methode is dat de protease enzymen er helemaal niet aan te pas komen omdat die door de hoge begintemperatuur vernietigd worden. Daarom gaat het ook het beste met palemout omdat bij de productie daarvan kennelijk al veel kleine eiwitten worden gevormd.
Stijgende infusiemethode
Bij deze methode begint men met water dat men verwarmt tot 55 °C, men voegt dan alle mout in een keer toe. Hierdoor zal de temperatuur zakken tot 53 °C en laten het beslag bij deze temperatuur een tijd rusten, gewoonlijk 15 tot 30 minuten. Dit wordt ook wel de eiwitrust genoemd. Vervolgens verwarmen we het beslag tot 62 °C, en volgt de volgende rust, gewoonlijk 45 tot 60 minuten. Dan weer verwarmen tot 73 °C, met een rust van ongeveer 30 minuten waarna we de jodiumproef ( zetmeeltest ) doen. Als alles in orde is verwarmen we het beslag tot 78 °C om de werking van de enzymen te stoppen, en om de viscositeit ( stroperigheid ) groter te maken, waardoor deze sneller doorloopt tijdens het spoelen.
Het verwarmen bij deze methoden kan op twee manieren:
• Directe verwarming, door de brouwketel boven een gasvlam of elektrisch te verwarmen.
• Of met een zeer dik beslag te starten (weinig water), en daarna voor elke temperatuurstap een hoeveelheid heet water toe te voegen.
Decoctiemethode
Het begin is gelijk aan de stijgende infusie, beginnen bij 53 °C. Dan wordt het anders: men neemt nu ongeveer een derde van de maisch apart en gaat deze dan aan de kook brengen en laat hem dan gedurende een kwartiertje doorkoken. Daarna wordt deze deelmaisch teruggedaan bij de hoofdmaisch en als het goed is stijgt de temperatuur hiervan tot 62 °C. Nu volgt weer een rustperiode en vervolgens voert men dezelfde handeling nogmaals uit, waardoor de temperatuur zal stijgen naar 73 °C. Weer een rustperiode en daarna weer de verhitting tot 78 graden.

Klaren
Dit proces betreft eigenlijk het helder maken van het bier en dit doet men door het scheiden van moutresten (bostel) en de verkregen zoete vloeistof (wort). Getracht moet worden het wort (gefiltreerd moutextract) zo helder mogelijk van de bostel af te laten lopen. Kort gezegd filtert men dus.

Als filtermateriaal dienen de kafdeeltjes van het mout.
Voor het filteren wordt vaak een speciale filteremmer gebruikt. Een filteremmer bestaat uit twee in elkaar geschoven emmers waartussen een stuk horrengaas is geklemd. Uit de bovenste emmer is de bodem gesneden. In de onderste emmer is aan de onderkant een kraantje gemaakt. In de plaats van horrengaas als filter te gebruiken kun je ook op korte afstand kleine gaatjes boren in de bodem van de bovenste emmer.
Om het filteren vlot te laten verlopen is het van belang dat de ideale filtertemperatuur van 75 - 78 °C zo veel mogelijk gehandhaafd blijft. In dat verband wordt een filteremmer vaak geïsoleerd. Verder is gebleken dat een roestvrijstalen filterplaat waarin ronde gaatjes gestanst zijn een beter filterresultaat geeft dan horrengaas.
Een hevelfilter is een andere mogelijkheid waar men bij het filteren gebruik van maakt. Een dergelijke pijp bestaat uit een stelsel van koperen waterleidingpijpen waarin zeer veel gleuven gezaagd zijn. Deze pijpen worden met de gleuven naar beneden op de bodem van een ketel gelegd. Via een gesloten pijp die omhoog loopt tot boven de ketel kan het gefilterde wort uit de pan geheveld worden. Een hevelfilter heeft als voordeel dat je wat minder knoeit omdat je een hevelfilter in het beslag kunt laten zakken. Je moet bij het filteren proberen een zo helder mogelijke vloeistof uit het beslag te filteren. Deze vloeistof wordt wort genoemd. In het begin is het wort niet helder. Men giet deze troebele wort dan weer voorzichtig terug in een filtersysteem. Dan wacht men even een à twee minuten en zet daarna de kraan van het filtersysteem niet te ver open anders slaat het filter dicht. Zodra het wort helder is kun je die opvangen. Is het niet helder dan gaat men net zo lang door met filteren tot het wel helder is. De achtergebleven graanresten worden gedroogd ( dit wordt door brouwers bostel genoemd) deze verkoopt men aan boeren als veevoer

Koken onder toevoeging van Hop
De hop wordt toegevoegd omdat dit de bittere, typische bier smaak geeft.
Tijdens het koken zorgt dit samen met de wort voor enkele reacties

Vroeger moest wort worden gekookt om alle bacteriën te doden maar tegenwoordig heeft het een dubbel doel. Het zekerstellen van een absoluut zuivere wort en het vrijmaken van noodzakelijke zuren, oliën en tanninen.

Na het klaren kookt men dus de wort (met de hop). Tijdens het koken hiervan vinden er reacties plaats. Een aantal van deze reacties is gewenst, sommige zijn ongewenst. Tijdens het koken van wort gebeurt het volgende:
er vlokken eiwitten uit, de enzymen worden onwerkzaam, er worden micro-organismen gedood, er lost een aantal stoffen uit de hop op en enkele daarvan worden omgezet, er vinden Maillardreacties plaats, zwavelverbindingen worden afgebroken tot vluchtige en niet vluchtige stoffen
er verdampt water en aroma’s en andere vluchtige stoffen en de pH daalt.

Voor het koken is de wort nagenoeg helder. Tijdens het koken wordt de vloeistoftroebel. Dit komt omdat de natuurlijke eigenschappen van de aanwezige eiwitten veranderen. Ze worden onoplosbaar. De onoplosbare eiwitdeeltjes gaan verbindingen met elkaar en met andere stoffen (looistoffen) aan. Hierdoor ontstaan die vlokken. Dit wordt ook wel hitte drab of breuk genoemd. De afbraak van de zwavelverbindingen is ook belangrijk want deze zwavelverbindingen hebben invloed op de smaak en geur van het bier. Lage zwavelverbinding gehaltes zijn normaal hoge niet want dit geeft een rotte eierenlucht.
Tijdens het koken van de wort daalt de pH. Dit wordt vooral veroorzaakt doordat er een aantal stoffen (onder andere calcium en fosfaat) neerslaan en dus verdwijnen uit de vloeistof.
Een lager pH heeft een aantal voordelen: er zullen meer eiwitten uitvlokken, de Maillardreacties verlopen langzamer en er lossen minder onedel bitter smakende stoffen op.

Drab verwijderen
Hittedrab is de neerslag, die ontstaat door het koken van de wort. De hittedrab moet zo volledig mogelijk verwijderd worden om de volgende redenen: Hittedrab kan storend werken bij de vergisting (een later proces),
de hittedrab kan zich hechten aan de celwanden van de gistcellen. Hierdoor wordt de stofwisseling van de gist belemmerd. Opname en afgifte van stoffen gaat namelijk via de celwand.
Tijdens de lagering kan de hittedrab weer in oplossing gaan dit heeft een slechte invloed op de smaak en op de schuimvorming van het bier.
Hittedrab kan verstoppingen veroorzaken in een platenwarmtewisselaar bij het koelen van wort.

Verwijdering van de hittedrab kan technologisch gezien het beste meteen nat het koken van de wort gebeuren omdat het afscheiden van de hittedrab dan gemakkelijker gaat en dit komt omdat wort dan een hoge temperatuur en dus een lage viscositeit heeft. De apparatuur die men voor dit verwijderen van de drab gebruikt zijn een whirlpool en een centrifuge.

Koeling
Na het verwijderen van de hittedrab koelt men de wort zo snel mogelijk. Snel koelen is om de volgende redenen nodig Bij hoge temperaturen vinden in de wort ongewenste chemische reacties plaats Door een lage temperatuur na het koelen krijgen ongewenste micro-organismen minder kans om zich te ontwikkelen Als de temperatuur van de wort bij aanstellen hoog is (dat wil zeggen boven de 60 graden Celsius), zal de gist sterven. Beluchten van de wort moet bij lage temperatuur plaatsvinden. Bij hoge temperaturen treedt namelijk ongewenste oxidatie op. Bovendien lost de zuurstof bij een lage temperatuur veel beter op in de wort.
Als de hittedrab voor het koelen verwijderd is, gebruikt men over het algemeen een platenkoeler.
Als koelmedia gebruikt men meestal brouwwater, vaak gecombineerd met glycol,ijswater of nortonwater.
Beluchten van de wort is nodig om de gistvermeerdering mogelijk te maken.
Luchtopname door hete wort kan schadelijke neveneffecten hebben. Er treedt dan sterke oxidatie op, waardoor de wort een te donkere kleur en het bier een afwijkende smaak krijgt. Daarom moet zuurstofopname tijdens bewerkingen, zoals maischen, klaren, koken en afscheiden van hittedrab zoveel mogelijk vermeden worden. Als men de wort koelt voor het beluchten, treedt er geen oxidatie op bovendien lost de zuurstof beter op in koude wort. Hoe lager de temperatuur, hoe meer zuurstof er kan oplossen.


Fase 3
Fase 3 betreft het vergisten en filteren van het bier, deze fase is in meerdere stappen in te delen.

Hoofdgisting
De afgekoelde en beluchte wort moet nu overgebracht worden in een gistvat het beste kan dit gedaan worden met een pomp. Nadat de wort is overgeplaatst moeten we zorgen dat de wort gaat gisten. Het gistingsproces zorgt ervoor dat de aanwezige suikers omgezet worden in alcohol het gistingsproces is niet alleen belangrijk voor het alcohol maar het bepaald ook een groot deel van de smaak. De gistcellen eten de aanwezige suikers op waardoor ze alcohol produceren. Om dit gewenste proces wat sneller te laten verlopen moeten we een giststarter toevoegen. Het beste is om de benodigde korrelgist van te voren ‘wakker’ te maken door het te laten oplossen met water op kamertemperatuur, vaak staan er instructies op het pak zelf hoe dit het best gedaan kan worden. Ook kunnen de gistkorrels simpelweg over de wort gestrooid worden maar dit wordt afgeraden door de leveranciers. Nadat het gist is toegevoegd zal de gist zijn werk gaan doen, een dag later zal er dan ook al een dikke schuimkraag te zien zijn op de wort. Het hangt af per gistsoort en ras hoelang het gistingsproces duurt. De periode dat het bier hevig aan het gisten is de hoofdgisting. De hoofdgisting duurt minimaal 3 dagen en kan oplopen tot 2 weken (verschilt per gistsoort). Op het gevormde schuim kunnen er tijdens de hoofdgisting bruine plekken verschijnen, dit zijn hopharsen. Deze plekken kunnen verwijderd worden met een steriele schuimspaan, noodzakelijk is het niet wel kan het bier een betere bitterheid krijgen wanneer de bruine plekken verwijderd worden. Na minimaal 2 weken is het gistingsproces klaar het kan dus langer duren als men een ander soort gist neemt.

Filteren en Bottelen
Nadat het gistingsproces is afgerond kan het worden gebotteld. Het is aan de brouwer zelf om er voor te kiezen om het bier van te voren te filteren. Het bier zal dan helderder worden door dat de drap op de bodem van dode gistcellen nauwelijks meer aanwezig zullen zijn. Wel moet er voor worden gezorgd dat het bier zo min mogelijk in aanraking komt met zuurstof. Na het filteren kan er gebotteld worden, zorg er voor dat alle flesjes goed gereinigd zijn het bier kan in dit stadium nog steeds verpest worden door aanwezige bacteriën in de flesjes. Wanneer er niet gekozen is voor het filteren, zorg dan dat je niet te veel schud met de gistkuip omdat dan de drap op de bodem van de kuip zich gaat mengen met het bier. Na de reiniging van de flesjes kan je echt beginnen met vullen, het beste is om een gereinigd slangetje te gebruiken en zo een flesje vullen tot 1,5 cm onder de rand. Voeg per flesje 3 gram suiker toe (niet meer), dit zorgt ervoor dat het bier nog een beetje gaat nagisten waardoor er koolzuur in het bier ontstaat. Dan kan de fles worden afgesloten en moet er een beetje geschud worden om zo het suiker op te lossen.


Conclusie

We zijn er achter gekomen dat bier helemaal niet geel is. Ter verduidelijking pils(ener) is geel, elk biersoort heeft zo’n zijn eigen kenmerkende kleur. We zijn er ook achtergekomen dat bier inderdaad een rijke geschiedenis bevat, om het figuurlijk te zeggen over de geschiedenis van bier zou je aan een miljoen pagina’s niet genoeg hebben. Dit komt doordat bier een van het oudste ding is die de menselijke beschaving kent. Ook verschilt de bierconsumptie per land zo wordt er in Tsjechie flink door ‘gezopen’ en in bijvoorbeeld Zuid-Korea wordt bier weinig gedronken. Men zou hier een licht verband kunnen trekken met de consumptie van bier en de bekendheid daarvan.

Conclusie onderzoek

Als we kijken naar de eerste tabel dan zien al gelijk een duidelijk verschijnsel. Alle meisjes vinden iedere bier soort ‘viezer’ dan de jongens.
Ook blijkt uit deze tabel dat gemiddeld de geënquêteerde personen Heineken het lekkerst vinden en gemiddeld malt het ‘ viest’. Heel duidelijk uit deze tabel blijkt dat goedkoop bier helemaal niet vies hoeft te zijn. Amstel malt kostte 51 cent per 3o0 ml en dit bier heeft lage scores. Terwijl bijvoorbeeld Albert Hein eigen merk slechts 27 cent kostte per 300 ml.

Als we kijken naar tabel 2 dan zien we dat bijna alle geënquêteerde personen het niet thuis, in de kroeg/discotheek drinken. Ook zien we dat de vrouwen het voornamelijk niet thuis, in de kroeg/discotheek drinken maar ergens anders drinken. Bij mannen is het wel de meerderheid die het thuis drinkt. Bij de vrouwen drinkt de meerderheid het ergens anders.

Uit de derde tabel kunnen we concluderen dat onze klasgenoten Heineken hebben gekozen tot lekkerste bier van de 7 soorten bier. Amstel malt en Corona werd door niemand verkozen tot lekkerste bier.

De 4e tabel laat zien dat de meeste mensen gemiddeld 0 liter bier drinken. Dit komt doordat de meeste meisjes geen bier drinken een ook zijn er een paar uitzonderingen bij de jongens.


Discussie

Bij onze proef zouden er heel veel dingen mis kunnen gaan dit komt doordat het natuurlijk een subjectieve proef is en ook is het op kleine schaal uitgevoerd om de kosten en de tijd te drukken. Het is ook zo dat als men te veel smaken in een korte periode tot zich neemt het moeilijk wordt om verschillende smaken te onderscheiden. Als een proefpersoon een biertje per dag zou nemen en een cijfer geeft zeven dagen lang dan zou er een beter resultaat te voorschijn kunnen komen. Zoals net al is gezegd moesten we de tijd drukken en is het een subjectief onderzoek maar het blijft en is een discutabel punt. Hierop voortdenderend kan het zo zijn dat het eerste geproefde biertje het best uit de ‘verf’ komt, Heineken heeft dan ook het hoogste cijfer algemeen gekregen maar is tevens ook een A-merk. Het zou dus zo kunnen zijn omdat men een neutrale smaak heeft voordat men gaat proeven, waardoor het eerste biertje het best bevalt.

Bronvermelding

http://www.cbk.nl/bierweten/geschied.php
http://www.gijzultgenieten.nl/soortenbier.html
http://www.dedrieringen.nl/geschiedenis_2.htm
http://www.budels.nl/
http://bier-artikelen.startkabel.nl/
http://www.brouw-bier.myweb.nl/
http://www.ilse.nl
http://www.steloldtimer.myweb.nl/Kasjot.htm
http://www.bierindereclame.nl/
http://www.bierengezondheid.com/index.php/articles/nl/cid=22/aid=2173/
http://www.halvemaan.com/
http://home.hccnet.nl/w.jonker/webdoc4.htm
http://www.sober.nl/
http://www.nederland-web.nl/r/Bierbrouwerijen/
http://www.bierbrouwerijvolendam.nl/
http://www.halvemaan.com/
http://nl.wikipedia.org/wiki/Hoofdpagina
http://www.google.nl/

Informatie pakket Heineken

Bijlagen

Let op

De verslagen op Scholieren.com zijn gemaakt door middelbare scholieren en bedoeld als naslagwerk. Gebruik je hoofd en plagieer niet: je leraar weet ook dat Scholieren.com bestaat.

Heb je een aanvulling op dit verslag? Laat hem hier achter.

voeg reactie toe

6475

reacties

Thank you !
door Anoniem (reageren) op 11 oktober 2011 om 11:38
@Anoniem:
door loic macken (reageren) op 22 september 2014 om 16:22

Welkom!

Goed dat je er bent. Scholieren.com is de plek waar scholieren elkaar helpen. Al onze informatie is gratis en openbaar. Met een profiel kun je méér:

snel zien welke verslagen je hebt bekeken
de verslagen die je liket terugvinden
snel uploaden en reacties achterlaten

Log in op Scholieren.com

Maak een profiel aan of log in om te stemmen.

Geef dit een cijfer