Cookies..
Door Scholieren.com te bezoeken ga je akkoord met het gebruik van cookies. Klik hier voor meer info.

DIT IS DE EXAMENPAGINA VAN 2017! 



KLIK HIER OM NAAR DE 2018 VERSIE TE GAAN!

Eindexamen natuurkunde
vwo

Donderdag 24 mei 2018 van 13:30 tot 16:30 Nog 32 dagen, 16 uur en 45 minuten!

Video

Trillen en golven

Video

Natuurkunde Kracht en Beweging

Video

Examentips: Natuurkunde

Examenchat Natuurkunde

2:49 Menno
 Welkom bij de examenchat Natuurkunde! We beginnen om 15:00 uur
2:51 Opmerking van Guest
hallo
2:51 Opmerking van Steven
Hallo?
    Menno: Hoi! We beginnen om 15:00 uur 

2:55 Docent Natuurkunde Ade
 Hoi allemaal, wat mij betreft beginnen we hoor
    Menno: Oké top, dan gaan we beginnen! 

2:57 Menno
 Zet achter je naam even je niveau, dan weet Ade hoe hij de vraag moet beantwoorden.
2:57 Opmerking van Guest
ik heb vragen over natuurkunde en wat ik sowieso moet weten
2:57 Docent Natuurkunde Ade
 dus wat is je vraag?
2:59 Docent Natuurkunde Ade
 als je vragen hebt; geef even duidelijk weer wat je niveau is, want havo of vwo dat scheelt nogal in welke onderwerpen in het examen aan bod komen
3:00 Opmerking van Rik 4 mavo
Uit hoeveel vragen bestaat het examen?
3:02 Docent Natuurkunde Ade
 havo vwo rond de 28, vmbo ergens in de 40
3:02 Docent Natuurkunde Ade
 vmbo heeft veel korte vragen en heeft vaak vragen die je met binas moet opzoeken; die kosten minder tijd dus kunnen ze meer vragen stellen
3:04 Opmerking van Tomas vwo
Heeft u tips over quantummechanica? Ik vind het tamelijk onbegrijpelijk na meermaals het proberen te begrijpen
3:05 Docent Natuurkunde Ade
 ten eerste: accepteer dat het vaag is en blijft: dan bereid je goed voor op standaard vragen: tweespleten experiment!!, debroglie golflengte ook ivm electronenmicroscoop, onzekerheid en deeltje in doosje. Dat moet voldoende zijn want veel meer valt er eigenlijk niet over te vragen in heel warrige verhalen, dat dan weer wel
3:06 Opmerking van anoniem mavo
hoe moet je afronden als er niks gevraagd is bij mavo?
3:06 Docent Natuurkunde Ade
 vorig jaar gingen veel de mist in omdat het een quantum vraag was waar eerst via klassieke manier werd gevraagd., Dus kijk goed of het echt op quantum gaat opf dat het over gewone natuurkunde gaat
3:07 Docent Natuurkunde Ade
 niks gevraagd is: 2 cijfers; volgens mij heb je ook significante cijfers op mavo gehad toch?
3:07 Opmerking van Larisse Havo 5
Heeft u tips over hoe ik het beste een 3 punts vraag kan beantwoorden?
    Docent Natuurkunde Ade: typische 3 puntsvraag havo: start met WAT ga ik uitrekenen (dus bijv U=?) Dan HOE doe ik dat (formule, 1 of meer mogelijk) en dan pas ga je verder rekenen of opzoeken. Vaak is een punt voor iets in binas opzoeken. Heb je dat door maar weet je berekening niet: zoek wel op en noteer wat je hebt opgezocht. Je docent wil je op het examen dat punt wel geven 

3:08 Docent Natuurkunde Ade
 nog ff over quantum: check de theorie op natuurkunde samengevat of de gratis versie ervan
    Menno: Ade, u kunt het beste reageren op individuele vragen door middel van de reply (pijltje) knop 

3:10 Opmerking van Marloes Vmbo
Heeft u een tip hoe je het makkelijkste zoveel stof kunt leren in zo'n korte periode?
    Docent Natuurkunde Ade: Ja, door examens te oefenen en dan pas de theorie erbij te pakken als je iets echt niet meer weet. In de examens zit een bepaalde vastigheid (hoewel je dat de eerste paar examens niet altijd ziet hoor). Dus ik zou nooit boeken eindeloos bestuderen want dat heb je in de les al gedaan..... In korte tijd moet je alles ophalen wat je al weet en dus: OEFENEN (en ik weet dat dat niet altijd leuk is) 

3:12 Opmerking van Iris VWO
Hoe moet je ook alweer de gemiddelde snelheid uit een v,t-diagram bepalen?
    Docent Natuurkunde Ade: Hangt ervan af: als snelheid als rechte lijn verandert ga je ertussen in zitten, dus tussen begin v en eind v. Gemiddelde is dan (vbegin veind)/2. MAAR als je een grillig of erg kromme v,t hebt dan moet je vgem = s/t uitrekenen met s het oppervlak onder de v,t. Dat oppervlak met hokjes methode werkt het beste 

3:15 Opmerking van anoniem mavo
hhoe bedoel je met significante?
    Menno: Deze vraag komt voort uit een eerdere reactie 

    Docent Natuurkunde Ade: heb het ff nagekeken: zit niet in VMBO; neem gewoon twee cijfers als het niet is voorgeschreven 

3:17 Opmerking van Iris VWO
Hoe moet je de gemiddelde snelheid uit een v,t-diagram bepalen?
3:18 Docent Natuurkunde Ade
 iris: kiojk even onder je eigen vraag; heb ik al beantwoord
3:18 Opmerking van Marleen
In een eerder examen van 2013 vroegen ze een vraag over een grondfrequentie, hierbij namen ze de hele lengte van de golf, ipv 1/4. Hoe zit dit precies?
    Docent Natuurkunde Ade: welke vraag? zoekt makkelijker 

3:20 Opmerking van anoniem mavo
ik heb hemelaal niks van het boek geleerd en ik heb 8 en 7s maar die vragen die ik fout heb zijn mestaal begrippen van het boek dus moet ik toch het boek doornemen?
    Docent Natuurkunde Ade: ten eerste is het natuurlijk top dat je dan zulke mooie cijfers haalt; ik zou dan proberen er een nog hoger cijfer voor te halen door dan maar door het boek te gaan 

3:22 Opmerking van anoniem mavo
kun je uitleggen wat de verschil tussen natuurkundig proces en chemisch reactie?
    Docent Natuurkunde Ade: chemische reactie: daarin reageren stof(fen) tot andere stof(fen). Dus bijv roesten, ijzer wordt roest. Natuurkundig: de stof verandert zelf niet. Watermoleculen blijven watermoleculen als ze verdampen, dus verdampen is natuurkundig 

3:24 Opmerking van Nina vwo
Ik vind het er lastig om te weten waarmee ik moet beginnen bij modelleren, heeft u hier tips voor?
    Docent Natuurkunde Ade: meestal is er een bestaand model waarin bijv iets mist. Ik doe het volgende: ik lees eerst de vraag en check wat ze van me willen. Dan kijk ik globaal door het model, makkelijkst vind ik zelf de programma regel versie, maar dat is persoonlijk. Als je bedenkt wat het model moet doen vallen je al snel aantal regels op die bijv afstand berekenen of kracht. Vandaar ga je kijken wat de regel moet doen die je moet aanvullen. DENK EROM: in een regel met een "als... dan ..." moet je altijd een < of > zetten en niet een =. VB: als model door moet lopen tot hoogte 0 is dan moet in opnemen: Als hoggte < 0 dan stop eindals. Want precies exact 0 wordt ie nooit 

3:24 Docent Natuurkunde Ade
 Marleen: ik heb je extra vraag gesteld, wil je even onder je eigen vraag kijken?
3:27 Opmerking van Elaine GYMNASIUM 6
Als je een grote en een kleine vogel vergelijkt, nemen we aan dat van de grote vogel alle afstanden (lengte, breedte, hoogte en dus ook slaggrootte) k keer zo groot zijn als die van de kleine vogel. We spreken dan van schaalfactor k. De drie grootheden f, d en v in formule (1) hangen van k af. Deze afhankelijkheid (schaalwet) geven we aan met: …… . p ? k Hierin is: – ? evenredig met; – k schaalfactor; – p een getal, afhankelijk van de betreffende grootheid. De vliegsnelheid hangt alleen af van de massa m en de vleugeloppervlakte A van de vogel: . m v A ? De schaalwet voor de slagfrequentie luidt: . p f ? k 5p 15 Voer de volgende opdrachten uit: – Laat zien dat 1 2 v k ? . – Beredeneer hiermee hoe groot getal p is in . p f ? k – Vul de zin op de uitwerkbijlage aan.
    Menno: Deze vraag komt uit 2016 tijdvak 1 VWO 

3:28 Opmerking van Elaine GYMNASIUM 6
Het is een vervolgvraag van de opgave. Het gaat over vliegen.
    Docent Natuurkunde Ade: Elaine: dit was een vraag waarover achteraf door docenten veel kritiek is geleverd; hij was niet duidelijk en niety eenduidig. Veel docenten hadden m ook fout denk ik. Dus niet een vraag om je in vast te bijten! N factor van dat examen was niet voor niets vrij hoog :-( 

3:30 Opmerking van Philippine
Welke formules horen bij de quantum natuurkunde en welke bij de klassieke natuurkunde en hoe zie je welke je moet gebruiken?
    Docent Natuurkunde Ade: zie binas voor de fomules die je moet weten; in de vraag zullen ze duidelijk moeten maken of het om klassiek of om quantum gaat. Kijk maar eens bij de volgende vraag, eerste onderdeel, daar staat het bij http://www.natuurkunde.nl/o... 

3:33 Opmerking van Lisa
Hoe wordt een periode van 1 miljard jaar genoemd?
    Docent Natuurkunde Ade: eeuuuhhh geen idee; volgens mij niks aparts 

3:35 Opmerking van Iris VWO
Voor een opdracht uit opgave 4 (getijdenresonantie) uit 2012-I, moet je de waterhoogte bij Cumberland County aan het einde van de baai als functie van de tijd schetsen. Volgens het antwoordmodel moet deze schets zo zijn dat de amplitude hoger is dan bij Saint John. Waarom moet de amplitude nu hoger zijn? Ik kwam er vanochtend achter dat deze opgave uit een pilotexamen komt, dus ik weet niet zeker of het de bedoeling is dat ik het begrijp, maar als dit wel zo is zou ik graag uitleg willen.
    Docent Natuurkunde Ade: ik denk dat hij voor nina nu erg ver ging; echter op natuurkunde.nl wordt hij goed uitgelegd. Je zit verder op de 1/4Labda van de golf en dus is de uitwijking groter. Zie ook: http://www.natuurkunde.nl/o... Staande golf: hoe dichter je bij een buik zit hoe groter de amplitude. De ene plaats zit dichter bij de buik. In de knoop is de amplitude immers 0 

3:39 Opmerking van Marleen
Springdrum - Examen vwo 2013 opg 3 vraag 13
    Menno: Ade, dit gaat over de eerdergesteld vraag: In een eerder examen van 2013 vroegen ze een vraag over een grondfrequentie, hierbij namen ze de hele lengte van de golf, ipv 1/4. Hoe zit dit precies? 

    Docent Natuurkunde Ade: Je ziet 1 1/4 labda in de figuur in het touw. Je kunt dus de lengte van het hele touw schatten en delen door delen door 1,25. Wat ze bij antwoord deden was de lengte schatten in 1 keer van 1 labda, dus niet van het hele touw maar van de bovekant van het touw tot aan de tweede knoop, dus net niet het hele touw. Het schatten is zo onnuawkeurig met behulp van een hand dat beide methoden prima kunnen om binnen de marge uit te komen 

3:44 Opmerking van Philippine VWO
Over spleetexperiment: Als de frequentie van de trillingsbron groter wordt gemaakt, wordt de golflengte kleiner en dus neemt het aantal knooplijnen toe. Waarom is dit? Als de golflengte kleiner is zijn er toch juist relatief minder knopen en buiken?
    Docent Natuurkunde Ade: ik denk dat je iets door elkaar haalt: het licht is een lopende golf, dus als je een lichtstraal hebt heb je geen knopen en buiken! De interferentie (uitdoving en versterking) ontstaat als er een weglengte verschil is. Van de ene bron (spleet) tot aan het scherm is een andere afstand dan tot aan de andere bron (spleet). Als dat weglengteverschil een 1/2 labda is of 1,5 of 2,5 etc dan krijg je uitdoving tussen de twee lichtstralen, dus zie je op het scherm niks. Met een kleinere labda krijg je makkelijker een half labda weglengte verschil, dus ook eerder 1,5 etc en dus zie je meer plekken met uitdoving en vrsterking 

3:48 Opmerking van Philippine VWO
Laat maar, mijn vorige vraag was fout. Snap dat er bij kleinere golflengte minder knopen en buiken zijn, maar kunt u uitleggen waarom als de afstand tussen de spleten of bronnen groter wordt gemaakt er meer maxima ontstaan??
    Docent Natuurkunde Ade: grotere afstand tussen twee spleten zit niet in het programma hoor; je moet weten dat het om weglengte verschil gaat 

3:51 Opmerking van Eva
Hallo, ik vraag me steeds weer af hoeveel tussenstappen je moet opschrijven om alle punten te krijgen. Stel dat je de lichtsnelheid moet gebruiken in een vraag, moet je deze dan ook nog opschrijven op je proefwerkpapier of mag je hem gewoon direct overnemen uit je binas en hem opschrijven als 'c'? Dit is maar een voorbeeld, een ander voorbeeld is bijvoorbeeld de constante van Planck. Of als je een waarde zoals bijvoorbeeld de snelheid hebt opgeschreven (v=...) en je schrijft vervolgens de formule op die je gaat gebruiken, moet je dan nog een keer de formule opschrijven en de v invullen of mag je gewoon meteen het antwoord opschrijven? Groetjes Eva (vwo)
    Docent Natuurkunde Ade: je hoeft NIET elke keer op te schrijven: h=6,.... etc etc. Net als g bijv, die mag je ook na de formule gewoon invullen. maar ik raadt je wel aan om het netjes op te schrijven als het bijvoorbeeld om een dichtheid gaat: dan schrijf je echt even op rho = ... kg/m3. Dat is misschien niet verplicht maar voor je docent prettig als je toevallig de verkeerde stof hebt genomen. Dan kan hij aannemelijk maken aan de tweede corrector dat je slechts een opzoekfoutje hebt gemaakt (1 punt minder) en niet een wezenlijke denkfout (kost je vaak 2 punten nm) 

3:55 Opmerking van Marleen
Je ziet 1 1/4 labda in de figuur in het touw. Je kunt dus de lengte van het hele touw schatten en delen door delen door 1,25. Wat ze bij antwoord deden was de lengte schatten in 1 keer van 1 labda, dus niet van het hele touw maar van de bovekant van het touw tot aan de tweede knoop, dus net niet het hele touw. Het schatten is zo onnuawkeurig met behulp van een hand dat beide methoden prima kunnen om binnen de marge uit te komen : Maar een hele trilling is toch geen grondtoon? Dat is toch 1/4 van deze trilling.
    Docent Natuurkunde Ade: ik snap je: nee de grondtoon is altijd de hele golf! Ook bijv in een buis met gesloten uiteinde bij een blaasinstrument. In de buis past 1/4 labda, dus als de buis bijv maar 15 cm dan is er in de buis een staande golf die bestaat uit een knoop en een buik, maar de labda van de grondtoon is wel een hele golf en die is dan 4* zo lang en dus is die is dan 60 cm. Dus een staande golf kan bestaan uit een deel van de labda vd toon die je hoort 

3:57 Opmerking van Ilse VWO
Soms moet je werken met vragen over een deelsysteem of juist over een heel systeem (krachten). Hoe moet je hierbij te werk gaan?
    Docent Natuurkunde Ade: dat moet uit vraag blijken: goed de vraag lezen; als het om een trekker gaat met oplegger: gaat de vraag over hun beiden of alleen over de oplegger? Dat moet je uit vraag kunnen halen want anders gaan de docenten klagen. Als je een concreet voorbeeld hebt dan kan ik het je laten zien 

3:59 Menno
 Zijn er nog andere vragen?
4:00 Opmerking van Ilse VWO
betrekking op mijn vraag : bijvoorbeeld in een lift die omhoog versnelt
    Docent Natuurkunde Ade: daar goed lezen: gaat het om het vermogen van de motor die de lift met personen omhoog tilt, dus alles en dus het gehele systeem OF gaat het om de kracht op een persoon (deelsysteem) 

4:02 Opmerking van Ilse VWO
Hoe weet je bij welk systeem welke krachten je wel moet bekijken en welke niet?
    Docent Natuurkunde Ade: door de vraag goed te lezen (dit klinkt beetje flauw maar zo niet bedoeld hoor). Uit de vraag moet blijken wat ze van je willen. Als je oude examens oefent, kijk dan als je het fout hebt terug naar de vraag. Was het achteraf toch erin te lezen welk deel je van het systeem moest hebben of niet? 

4:05 Docent Natuurkunde Ade
 Denken jullie erom dat de zgn nieuwe spiekwoordenboeken NIET mogen? Je mag alleen een echt woordenboek meenemen niet de woordenboeken die nu op de markt zijn met allemaal verklaringen van begrippen
4:05 Opmerking van Ilse VWO
Is het verstandig om het examen van vorig jaar te oefenen? Ook al was de N term hoog en examen moeilijk?
    Docent Natuurkunde Ade: Ja, toch wel en meteen erna de herkansing voor het zelfvertrouwen (die was nm veeeeeel eenvoudiger). Alleen besef je tijdens het oefenen dat ie erg moeilijk was en dat je dus niet alles goed hoeft te doen 

4:07 Menno
 Ade, alle vragen zijn beantwoord
    Docent Natuurkunde Ade: Dat is mooi, dan gaan we afronden. Ik wens iedereen een goede examenperiode. Blijf sporten!! 

4:07 Menno
 Ade, bedankt voor je tijd! Alle leerlingen: succes met jullie examen!
Bereken je voorlopige cijfer