Door Scholieren.com te bezoeken geef je toestemming voor het gebruik van cookies. Ben je onder de 16? Zorg dan dat je toestemming van je ouders hebt om onze site te bezoeken. Lees meer over je privacy (voor het laatst bijgewerkt op 25 mei 2018). Akkoord Instellingen aanpassen
Ben jij wel eens bedonderd toen je online iets wilde kopen? Wij doen onderzoek naar oplichting onder jongeren. Doe jij mavo of vmbo? Vertel dan over jouw ervaringen met oplichting (ook als je dat niet is overkomen) en maak kans op een Bol.com van 15 euro. Ga naar de vragenlijst. Duurt maar 5 minuten!

Max Havelaar

Multatuli

1860

328

4 uit 5

6.9 / 10
5e klas vwo
  • Floortje
  • Nederlands
  • 2752 woorden
  • 4067 keer
    21 deze maand
  • 15 maart 2011

1. Ontstaansgeschiedenis
Verhaal speelt zich af in Nederlands-Indië.

Bestuur:
Gouverneur-generaal (Hollander):
Plaatsvervanger van de koning. Hij stelde residenten aan om kleinere gebieden te besturen. Een gouverneur-generaal is een soort van commissaris van de koning.

Resident:
Bestuurder van een groot gebied
Resident Slijmering (Hollander) sprak erg sloom

Assistent-resident:
Assistent-resident Max Havelaar (Hollander) draait het om

Inlandse regent:
(Indonesiër)

Max Havelaar komt als nieuwe bestuurder aan in zijn gebied. Hij merkt dat de inlandse regent niet deugt. De inlandse regent buit uit en hij steelt. Havelaar waarschuwt hem en geeft hem geld, zodat hij niet meer steelt. Max Havelaar schrijft een brief aan de resident, hij vertelt dat hij niet blij is met deze situatie en dat hij gevangen moet worden gezet. De resident geeft alleen om opbrengst en heeft geen zin om problemen op te lossen. Hij zegt tegen Max Havelaar dat hij geen brief had moeten schrijven, want wat op papier staat kan je niet meer ontkennen. Havelaar schrijft vervolgens een brief aan de gouverneur-generaal om uit te leggen wat er gebeurd. Hij krijgt en afkeurende reactie terug. Havelaar zou een slechte ambtenaar zijn en wordt overgeplaatst naar een ander gebied. Havelaar gaat naar de gouverneur-generaal toe en vraagt om een gesprek, maar hij wordt niet toegelaten. De gouverneur-generaal staat namelijk op het punt om met pensioen te gaan. Hij wil dus geen problemen meer oplossen, het maakt hem niet meer uit. Havelaar neemt ontslag. Hij gaat terug naar Holland om daar een boek te schrijven over zijn ervaringen.



2. Auteursmystificatie
- Eduard Douwes Dekker is een historische figuur, hij was namelijk echt assistent-resident. Het is de naam van de officiële schrijver.



- Multatuli is een verzonnen naam. Multatuli is de schrijversnaam van Dekker.

- Max Havelaar is een romanfiguur, maar in feite is hij Eduard Douwes Dekker. Hij maakt alles mee wat Dekker ongeveer heeft meegemaakt.

- Sjaalman is ook een romanfiguur. Hij is armoedig en teleurgesteld. Sjaalman is een afsplitsing van Max Havelaar, dus eigenlijk ook een afsplitsing van Dekker. Hij is Eduard Douwes Dekker wanneer Dekker zeer teleurgesteld is, terug naar Holland komt en een boek gaat uitgeven.



3. Compositie (zie stencil)
1. Onuitgegeven toneelstuk (blz. 1). De functie van deze bladzijde is om het motto of om het thema van het boek te geven. Het motto is de rechteloosheid van de inlander.

2. A. gebeurtenissen in Holland, hoofdpersoon is Droogstoppel.

B. gebeurtenissen in Nederlands-Indië, hoofdpersoon is Max Havelaar

3. Het pamflet (oproep tot opstand). Dit is de kern van het boek.



4. Vertellers (zie stencil)
De voornaamste vertellers zijn Droogstoppel en Stern. ‘Multatuli’ wordt wel de derde verteller genoemd vanwege de afsluitende bladzijden. Maar hij is eigenlijk geen verteller: zijn stuk is het slotwoord van de auteur zelf.

In het eerste deel is Droogstoppel de verteller, het is de bedoeling dat de lezer een hekel aan hem krijgt. Droogstoppel is een saaie man. Stern daarentegen is jong, enthousiast en een leuke persoon. Multatuli vertelt de laatste paar bladzijdes van het boek, namelijk het pamflet waarin de kern van het boek wordt samengevat.



5. Bedoeling van het boek
Eduard Douwes Dekker heeft twee bedoelingen met dit boek. Ten eerste wil hij de situatie van de inlander verbeteren. Hij hoopte dat er iets zou veranderen als dit boek wordt gelezen. Daarnaast wil de schrijver een herstel voor zichzelf, hij is namelijk totaal verkeerd behandeld. Hij was degene die opkwam voor de inlanders, en juist hij werd overgeplaatst.

De eventuele verdere stappen na uitgave van dit boek waren het laten vertalen in alle talen, zodat wereldwijd bekend werd wat voor wandaden er speelden. Als dit ook niet zou helpen, werd men aangezet tot verzet of opstand.



6. De bontheid van Max Havelaar
Er komen in Max Havelaar veel verschillende genres voor. Dit betekend dat het boek ‘bont’ is.

De verschillende genres:
1. Toneelstuk
2. Romans (a en b)
3. Poëzie/gedichten
4. Brieven
5. Parabel (bv. Japanse Steenhouwer)
6. Vertelling (Saïdjah en Adinda)
7. Pamflet

De bontheid heeft een bepaalde bedoeling. Op deze manier valt het boek namelijk op.

Het boek moet opvallen, omdat het dan gelezen wordt door veel mensen. Doordat veel mensen het verhaal kennen, wordt de inlandse regent misschien verbeterd.



7. Max Havelaar als werk uit de Romantiek
Max Havelaar niet tevreden met de situatie in Nederlands-Indië. Er is dus onvrede. Deze onvrede zoekt bij Max Havelaar een uitweg. Verzet is bijvoorbeeld een duidelijke uiting van de romantiek. Daarnaast is ook humor een uiting van de romantiek. Er is humor in het boek als Droogstoppel aan het woord is. Verder is Max Havelaar een vat vol tegenstrijdigheden, ook dit wijst op een Roman.

De structuur en opbouw van het boek doet denken aan romantiek, het heeft namelijk een bonte, grillige structuur. Daarnaast speelt er in het boek auteursmystificatie. De schrijver doet geheimzinnig over wie, wie is. Als laatste past ook het genre in de romantiek, het is een tendensroman. Dat is een roman waarin men protesteert tegen wantoestanden.



8. Enkele belangrijke fragmenten
1. Toneelstuk aan het begin van het boek
Het toneelspel is het motto van het boek. Het verwijst naar het thema van het boek, namelijk de rechteloosheid van de inlander. Men kan deze overal de schuld van geven.

Lothario wordt ten onrechte beschuldigd. Hij wordt aangegeven, omdat hij Barbertje vermoord zou hebben. Maar Barbertje komt binnen en leeft dus nog. Toch moet Lothario hangen.




2. Kennismaking met Droogstoppel
Droogstoppel stelt zich voor. Hij is koffie makelaar. Hij noemt zich een man van ‘waarheid en gezond verstand’. Zijn zaken van zijn Firma Last & Co gaat prima. Dat hij nu een boek schrijft is uitzonderlijk. Liefde voor de waarheid, koffiezaken en het geloof staan bij hem centraal. Hij vindt dat poëzie, romans en toneel op leugens berusten, daar houdt hij niet van. Later als hij met pensioen is, wil haar naar de Driebergen.

Droogstoppel is eigenlijk een saaie, eigenwijze man. Je komt er al snel achter dat hij een grote eigendunk heeft. De bedoeling van Droogstoppels gezeur is dat iedereen een hekel aan hem krijgt.


3. Kennismaking met Sjaalman en de pak van Sjaalman
Er is iemand bij Droogstoppel aan de deur geweest als hij niet thuis is. Het is een oude klasgenoot van hem. Hij draagt een sjaal, maar geen jas. Droogstoppel wil zijn echte naam niet geven, hij noemt hem Sjaalman. Een dag later krijgt Droogstoppel een brief van Sjaalman met daarbij een groot pak papier. Dit pak papier wordt ‘de pak van Sjaalman’ genoemd. De pak papieren moet Droogstoppel een indruk geven van wat Sjaalman heeft geschreven. Sjaalman weet dat Droogstoppel veel geld heeft. Sjaalman wil zijn boek uitbrengen, maar heeft daar het geld niet voor. Hij wil Droogstoppel graag overtuigen en vraagt aan hem of hij van zijn pak papier een boek wil schrijven en uitbrengen.

Er zitten allemaal teksten, rekeningen en rapporten in het pak. In eerste instantie was Droogstoppel vrij negatief over het uitbrengen van deze onzin. Er zitten heel veel uiteenlopende onderwerpen in de pak van Sjaalman. Droogstoppel komt erachter dat er fragmenten over koffie inzitten. Vanaf dat moment begint Droogstoppel enig belang te stellen in de inhoud van de pak van Sjaalman. Droogstoppel begrijpt uit wat hij leest dat er een groot gevaar dreigt voor de koffiemarkt, en zelfs voor de hele Nederlandse samenleving. Hij kan dat gevaar alleen bezweren door met Sjaalmans materiaal een boek te schrijven. Maar omdat schrijven zijn vak niet is, laat hij het eigenlijke werk voor het grootste deel over aan Stern. Droogstoppel moet beloven dat hij in wat Stern schrijft niets zal veranderen. Droogstoppel zal er van tijd tot tijd wel een ‘echt redelijk hoofdstuk’ aan toevoegen.


4. Kennismaking met Max Havelaar
Max Havelaar is een ‘vat vol tegenstrijdigheids’, een man die niet in een paar woorden te schetsen is. Hij kon scherp zijn, maar ook zacht; doorzag de moeilijkste vraagstukken, zonder altijd een oplossing te zien voor de eenvoudigste; verwaarloosde zijn meest nabijliggende plicht ter bestrijding van groter onrecht; droomde zich, echte dichter als hij was, een wereld aan hem onderworpen, maar kon zich ook richten op alledaagse, concrete zaken. In zijn woorden sprak diep gevoel, maar ook humor. Hij had veel ondervonden, maar was toch jeugdig gebleven.


5. Toespraak
Max Havelaar is de assistent-resident. Max Havelaar maakt kennis met een inlander en geeft een toespraak aan de hoofden van Lebak. Havelaar liet meteen merken hoe goed hij al op de hoogte was van de situatie in Lebak. De armoede deed hem plezier, want hij bestreed graag armoede. Lebak heeft arme gebieden. Havelaar maakt duidelijk dat de slechte toestand van hun afdeling hem bekend was en dat hij in vriendschap wilde samenwerken om verbetering te brengen. Max Havelaar zegt vriendelijker te willen zijn tegen de burgers en zegt ze te willen helpen.

Veel mensen zijn vertrokken uit Lebak. Havelaar vraagt zich af hoe het komen dat er mensen zijn die arm zijn en wegvluchten uit deze streek. Hij stelt zichzelf hiervoor drie vragen:
1. Kan het komen door het klimaat?
Dat valt wel mee, daar ligt het niet aan.

2. Komt het door de onvruchtbare grond?
Nee, vergeleken met andere gebieden valt dat wel mee.

3. Het ligt toch niet aan het bestuur hier?
Wel dus. Het is hun schuld dat hier armoede heerst

Havelaar heeft in deze toespraak op indirecte wijze de inlandse hoofden van wanbestuur beschuldigd.


6. Preek van Dominee Wawelaar
Dominee Wawelaar houdt een preek waarin hij beweert dat de Nederlanders ‘het volkoren volk’ zijn. Die moeten volgens hem de inlanders bekeren. Hij zegt dat de Nederlanders door God zijn uitverkoren om de Javanen te bekeren tot het ware geloof het christendom. Het middel hiervoor is om heel hard te werken.

De preek is het toppunt van schijnheiligheid. Het gaat de Hollanders zogenaamd om het bekeren, maar in werkelijkheid gaat het er natuurlijk om dat ze veel geld kunnen verdienen aan het de hardwerkende mensen. Wawelaar doet net alsof het goed is voor de Javaan, maar het is niet goed voor de Javaan, het is alleen goed voor de Nederlanders.


7. Bespreking gedicht van Droogstoppel
Droogstoppel gaat een gedicht uitleggen van de Duitser Heine. Droogstoppel maakt zichzelf hiermee volkomen belachelijk. Hij heeft dat zelf niet in de gaten. Hij zegt dat het gedicht bestaat uit pure leugens, maar Droogstoppel heeft helemaal geen verstand van gedichten. Hij denkt wel dat hij dat heeft, maar hij legt het gedicht letterlijk uit, terwijl je het eigenlijk figuurlijk moet lezen.


8. Parabel van Japanse Steenhouwer
Het verhaal gaat over een Japanse steenhouwer die ontevreden is met zijn beroep. Als hij mag kiezen wat hij dan wel wil worden, kiest hij voor vele andere dingen; zoals de zon, de wolken en zelfs de koning. Hij wordt deze dingen allemaal, maar nog steeds is hij niet tevreden. Pas als hij opnieuw steenhouwer is, is hij tevreden met zijn beroep.

Een parabel is een verzonnen verhaal dat lijkt op de werkelijkheid, er zit altijd een duidelijke les is. Dus ook in de parabal van de Japanse steenhouwer zit een duidelijk les. De steenhouwer is niet tevreden met wat hij is en heeft. De les is om tevreden te zijn met wat je hebt en wat je bent.


9. Vertelling van Saïdjah en Adinda
Dit is het dramatische hoogtepunt van het boek.

De familie van Saïdjah wordt onderdrukt.

Het verhaal begint in Lebak in de tijd van het Nederlands-Indië. Daar woonden Saïdjah en Adinda, die waren voorbestemd om te gaan trouwen. Als Saïdjah zeven jaar oud is komt de regent en neemt de buffel van zijn vader mee: zijn belangrijkste bezit. Twee jaar later gebeurt hetzelfde met de nieuwe (door de vader met erfstukken gekochte) buffel. Toen kocht hij van zijn laatste erfstukken de derde buffel, minder goed als de twee buffels van tevoren. Maar deze buffel redt Saïdjah van een aanval door een tijger. Maar deze verwonde buffel wordt naderhand geslacht. De moeder van Saïdjah gaat dood van verdriet (vanwege de derde buffel). Saïdjahs vader vluchtte, omdat hij bang was om gestraft te worden, omdat hij nu geen inkomsten meer had en dus de landrente niet meer kon betalen. De vijftienjarige Saïdjah besluit hierop om werk te gaan zoeken in Batavia. Hij maakte met Adinda, voordat hij ging, de afspraak om na zesendertig manen elkaar terug te zien onder een boom. Eenmaal in Batavia aangekomen begon hij een baan als bediende. Uiteindelijk keerde hij na drie jaar terug met genoeg geld om wel drie buffels te kopen. Toen hij bij de boom kwam was Adinda daar niet, en zij kwam ook niet. Uiteindelijk ging Saïdjah naar het dorp om haar te zoeken, maar zij was daar niet. Haar familie was daar ook niet. Dorpsgenoten vertelden hem dat zijn vader in de gevangenis gestorven was en dat Adinda en haar familie gevlucht waren. Dan besluit hij zich aan te sluiten bij de opstandelingen om Adinda te zoeken. Hij liep op een dag door een door het Nederlands leger platgebrand dorp, waar hij de lichamen van Adinda’s familie vond. Later vond hij ook haar verminkte lijk. Doodongelukkig stortte hij zich daarop in de bajonetten van de soldaten en stierf.

Stern zegt dat Saïdjah en Adinda niet bestaan hebben, maar dat er wel vele Saïdjahs en Adinda’s in werkelijkheid zijn.


10. Havelaar klaagt de inlandse regent aan en de reacties hierop
Max Havelaar schrijft een brief aan de resident (zijn baas) waarin hij de inlandse regent aanklaagt. Deze resident is hier niet blij mee, omdat Havelaar op deze manier zijn klacht officieel maakt. De resident werd zo gedwongen om te reageren. De resident zou het liever mondeling oplossen, omdat het dan mogelijk is om uitspraken te ontkennen.

Ook de gouverneur-generaal is niet blij. Hij vindt de reactie van Havelaar erg lomp. Daarnaast gaat Max Havelaar in tegen zijn meerderen, en dit hoort niet. Dit is de reden waarom de gouverneur-generaal vindt dat Havelaar niet geschikt is voor zijn werk als bestuursambtenaar. Max Havelaar krijgt nog een tweede kans in Negabi, maar Havelaar neemt deze kans niet aan.

Max Havelaar gaat naar Batavia om de gouverneur-generaal uit te leggen wat er aan de hand is. De gouverneur wil Max Havelaar niet spreken. Hij gaat bijna met pensioen, dus hij wil geen problemen meer.

Vlak voordat Max Havelaar terug gaat naar Nederland, stuurt hij een laatste brief. Hij beschuldigt hierin de gouverneur. De gouverneur heeft namelijk al die wantoestanden toegelaten en heeft er niets aan gedaan.


11. Het pamflet
Het boek gaat aan het einde over van een roman naar een pamflet. Er veranderen een aantal dingen. Ten eerste verandert de verteller, Multatuli neemt nu de pen op. Daarnaast is er een overgang van fictie naar werkelijkheid en als laatste is er een overgang wat genre betreft. Het hele boek gaat eigenlijk om dit pamflet, alles staat hier kernachtig achter elkaar. De functie van het voorafgaande deel (roman) is om mensen onbewust in het pamflet te trekken. Als alleen het pamflet had bestaan, zou het niet gelezen worden, maar door het hele boek eromheen, wordt het wel gelezen.

Er worden ook een aantal dingen vermeld in het pamflet. Het thema bijvoorbeeld; de wantoestanden in Nederlands-Indië en de mishandeling van de inlander. Ook het van het boek wordt vermeld; de situatie van de inlander verbeteren en een eerherstel voor de auteur. Daarnaast worden ook de eventuele stappen gegeven (zie punt 5).



9. Overige aspecten (zie stencil)
Max Havelaar droeg dit boek op aan koning Willem III. Normaal gesproken zou het een eer zijn als een boek aan je wordt opgedragen, maar de koning vindt dit helemaal niet leuk. Hij beschouwd het meer als een aanval en dat hij wordt aangewezen als de uiteindelijke schuldige voor de wantoestanden in Nederlands-Indië.

Let op

De verslagen op Scholieren.com zijn gemaakt door middelbare scholieren en bedoeld als naslagwerk. Gebruik je hoofd en plagieer niet: je leraar weet ook dat Scholieren.com bestaat.

Heb je een aanvulling op dit verslag? Laat hem hier achter.

voeg reactie toe

5810

reacties

Hey Floor! Bedankt! Maar ik zal het je niet aandoen om jouw verslag in te leveren... Dat zou behoorlijk gemeen zijn! Dit is echt heel handig! Tot morgen!
door bowlingbal (reageren) op 17 maart 2011 om 23:45

Welkom!

Goed dat je er bent. Scholieren.com is de plek waar scholieren elkaar helpen. Al onze informatie is gratis en openbaar. Met een profiel kun je méér:

snel zien welke verslagen je hebt bekeken
de verslagen die je liket terugvinden
snel uploaden en reacties achterlaten

Log in op Scholieren.com

Maak een profiel aan of log in om te stemmen.

Geef dit een cijfer
Hou ervan

Hoge waardering

Andr van Bel 7.9
Remco 5e klas vwo7.8
Erik 6e klas vwo7.6
Marloes 7.2
Marloes Sijbenga 6e klas vwo7.0
Meer verslagen ›

Huiswerk

Stel je bent leraar en een leerling heeft zijn huiswerk niet gemaakt, wat doe je?
  • Snitchen bij ouders
  • Strafwerk schrijven, moest ik vroeger zelf ook
  • Weddenschap afsluiten om de leerling gemotiveerd te krijgen
  • Je negeert het. Eigen verantwoordelijkheid toch?