Door Scholieren.com te bezoeken geef je toestemming voor het gebruik van cookies. Ben je onder de 16? Zorg dan dat je toestemming van je ouders hebt om onze site te bezoeken. Lees meer over je privacy (voor het laatst bijgewerkt op 25 mei 2018). Akkoord Instellingen aanpassen

De donkere kamer van Damokles

Willem Frederik Hermans

1958

335

4 uit 5

6.8 / 10
4e klas vwo
  • Linda
  • Nederlands
  • 2363 woorden
  • 10772 keer
    25 deze maand
  • 3 mei 2002
zakelijke gegevens
auteur: Willem Frederik Hermans
titel: De donkere kamer van Damocles, uitgeverij G.A. van Oorschot, 34e druk, maart 1997, 335 bladzijden.
genre: Psychologische oorlogsroman

eerste reactie

keuze: Ik heb dit boek gekozen op aanraden van mijn moeder. Het stond thuis in de kast. Mijn moeder had het gelezen en zij vond het een goed boek. Het stond op de lijst, dus leek het mij een geschikt boek om te lezen voor Nederlands.

inhoud:Ik vond het een interessant verhaal. Het was totaal niet saai en ik wilde steeds verder lezen om te weten te komen wat er zou gaan gebeuren. De spanning werd mooi opgebouwd en ik leefde erg mee met de hoofdpersoon. Ik vond het een erg vernieuwend boek, omdat het ondanks dat het over de oorlog gaat, niet een typisch oorlogsboek is.

verdieping

samenvatting: (bron: internet)

Henri Osewoudt is de zoon van een sigarenwinkelier te Voorschoten. Als hij nog op de lagere school zit, vermoordt zijn moeder zijn vader in een vlaag van waanzin. Osewoudt wordt opgevoed door zijn oom Bart Nauta in Amsterdam. Op de middelbare school gaat hij niet om met zijn klasgenoten. Hij leeft in een isolement en gaat alleen om met zijn zeven jaar oudere nicht Ria, waar hij later mee trouwt. Samen met zijn moeder gaan ze in de sigarenwinkel wonen.
Als de oorlog uitbreekt, moet hij op wacht staan bij een postkantoor. Luitenant Dorbeck, op wie Osewoudt als twee druppels water lijkt, geeft hem een filmrolletje, dat ontwikkeld moet worden. Later komt hij weer terug met nog meer films, die ook ontwikkeld moeten worden. Na het ontwikkelen krijgt Henri niets dan zwarte vlekken te zien. Hij durft de foto's niet terug te sturen, koopt een Leica en maakt zelf foto's van militaire objecten.

Tijdens een hevig onweer komt Dorbeck, enige tijd later. Osewoudt krijgt opdracht naar Haarlem te komen. Daar ontmoet hij Dorbeck en Zéwüster. Met de laatste gaat hij naar de Kleine Houtstraat, waar ze in een huis twee mensen neerschieten. De zoon van de drogist uit Voorschoten heeft hen gevolgd.
Henri ontwikkelt het filmpje dat hij in 1940 van Dorbeck had gekregen. Op een van de foto's staat Dorbeck met twee vriendinnen.
In 1944 (Dorbeck heeft 3 jaar lang niets van zich heeft laten horen) krijgt Osewoudt een brief van Dorbeck met het verzoek de foto's op te sturen naar een postbusnummer. Henri gaat kijken wie de foto's uit de bus haalt; dat blijkt een heilsoldate te zijn. Een paar dagen later wordt hij opgebeld door Elly, die zegt dat ze uit Engeland is overgekomen. Ze toont hem een van de foto's die hij aan Dorbeck had opgestuurd. Hij brengt haar naar oom Bart. Terug in Den Haag hoort hij van Moorlag, zijn kamergenoot, dat de Duitsers hem in zijn huis opwachten en dat Ria en zijn moeder gevangen zijn genomen.
Hij gaat met Moorlag naar Leiden, waar een student valse persoonsbewijzen maakt voor hem en Elly. Zijn haar wordt zwart geverfd door Marianne, een ondergedoken joodse studente. Henri duikt onder en gaat foto's ontwikkelen voor Labare. Hij beseft nu hoe hij veranderd is.
Marianne gaat voor hem naar oom Bart met Elly's persoonsbewijs. Deze is echter al verdwenen. Henri gaat naar Amsterdam en vertelt aan oom Bart dat Ria en zijn moeder zitten. Oom Bart maakt hem verwijten.
Osewoudt krijgt van Dorbeck opdracht naar het station in Amersfoort te gaan. Daar zal hij een vrouw ontmoeten in leidsteruniform van de Nationale Jeugdstorm. Samen gaan ze naar Lunteren, waar Lagendaal, die voor de Gestapo werkt, uit de weg moet worden geruimd. De aanslag lukt, maar op de terugweg wordt de vrouw aangehouden. In Amsterdam ontmoet Osewoudt Marianne. In de bioscoop ziet Henri een oproep tot zijn eigen aanhouding. Als hij de zaal uitloopt, wordt hij gepakt. Tijdens het verhoor wordt hij zo gemarteld, dat hij naar het ziekenhuis moet. Hij wordt daaruit bevrijd door gemaskerde mannen, die hem naar Leiden brengen.
Bij Labare ontmoet hij Marianne weer. 's Nachts worden ze door de Duitsers overvallen. Osewoudt weet te ontkomen, maar wordt later toch gearresteerd. In de cel zoekt de Duitser Ebernuss hem op, die beweert hij hem goedgezind is. Hij heeft ervoor gezorgd, dat Marianne, die een kind verwacht, weer vrij is. Ebernuss houdt zich bezig met het probleem of Dorbeck, de dubbelganger van Osewoudt, bestaat. Daarom moet Henri naar Amsterdam gaan, waar een clandestiene sociëteit is voor ondergrondse helden. Als Dorbeck bestaat, zal Henri hem zeker ontmoeten. Ebernuss geeft Osewoudt zijn Leica en samen gaan ze naar Amsterdam. In de sociëteit is er een man van wie Henri gelooft dat het Dorbeck is. Van hem krijgt hij giftige kristallen, die hij in Ebernuss' borrel doet. Dorbeck en Osewoudt gaan er samen in de auto van Ebernuss vandoor. In een leegstaand huis fotografeert Osewoudt zichzelf met Dorbeck in een spiegel.
Dorbeck vertelt hem dat Ria samen woont met de zoon van de drogist die Osewoudt verraden had, toen hij de aanslag in Haarlem pleegde. Osewoudt krijgt een verpleegstersuniform. Dorbeck bericht hem dat Marianne in een kraamkliniek ligt. Daar aangekomen wordt hij naar een kelder gebracht waar hij het lijkje van zijn kind ziet. Een Duitse soldaat neemt hem mee in zijn auto. In Voorschoten doodt hij Ria en in Dordrecht de Duitser; daarna vraagt hij hulp aan een pastoor. Met de hulp van de illegaliteit en een arts komt hij in Breda aan. Hij meldt zich bij het hoofdkwartier van de Nederlandse Strijdkrachten. Daar arresteert men hem, omdat men denkt dat hij een land verrader is. Hij wordt naar Engeland gebracht. Daar behandelt Selderhorst zijn zaak.
Osewoudt wordt van vele dingen beschuldigd en Dorbeck, die zal kunnen aantonen dat hij verzetsheld is, is onvindbaar. Moorlag is dood en Marianne is in Israël. Oom Bart's verklaring is zeer vaag. Eindelijk wordt de Leica van Osewoudt gevonden. Hij ontwikkelt het filmpje, maar de foto met Dorbeck is mislukt. Osewoudt rent naar buiten en wordt neergeschoten.

onderzoek van de verhaaltechniek:

 de schrijfstijl:
Het boek is ingedeeld in ongenummerde en ongetitelde hoofdstukken De zinnen zijn redelijk kort en niet moeilijk. Er wordt veel gebruik gemaakt van spanningsopbouw, bijvoorbeeld door middel van climaxen. Er wordt weinig gebruik gemaakt van beeldspraak, alleen ironie komt wel eens naar voren. Alle personen en gebeurtenissen worden uitgebreid beschreven. Soms is het taalgebruik wat ouderwets, maar ondanks dat toch goed te begrijpen.

 de ruimte:
- plaats: Het boek speelt zich af in de Nederlandse plaatsen: Haarlem, Lunteren, Amsterdam, Wageningen, Leiden, Voorschoten, Scheveningen en Den-Haag. Belangenruimtes die worden gebruikt zijn bijvoorbeeld de sigarenwinkel en de cellen. Het zijn kleine, smalle, sombere en donkere kamertjes. De sigarenwinkel is een erg belangrijke plaats omdat dat de plek is waar het ‘avontuur’ begint, en de hoofdpersoon daar meerdere malen terugkomt. Het einde van het boek speelt zich kort af in Engeland in een strafkamp.

- tijd: Het verhaal loopt van 1932 tot 1945, dus de Tweede Wereldoorlog. Het wordt chronologisch verteld. Soms worden er tijdsprongen gemaakt van enkele weken, maar er is geen sprake van grote flashbacks.

 de verhaalfiguren:
In dit schema zie je de belangrijkste personen en hun kenmerken.
groep naam kenmerken
familie Osewoudt Henri,
ook wel Filip van Druten, ook wel Melgers Hij is de hoofdpersoon in het boek. Hij is erg
klein en altijd erg bleek, heeft geen baardgroei
en een meisjesgezicht. Hij leeft erg op zichzelf
en is daardoor erg eenzaam en een beetje
mensenschuw. Hij heeft een sigarenwinkel in
Voorschoten. Hij krijgt opdrachten om foto’s te ontwikkelen en pleegt aanslagen. Aan het eind van het boek gaat hij dood.
ouders Zijn moeder komt uit een inrichting, omdat zij ze niet allemaal op een rijtje heeft en omdat ze zijn vader heeft vermoord toen Osewoudt nog jong was. Ze woont bij Henri en Ria. Ze gaat dood.
oom Bart Nauta en nicht Ria Bart Nauta is de oom waarbij Osewoudt is opgegroeid, nadat zijn ouders niet meer voor hem konden zorgen (zie boven). Ria is de dochter van de oom, en dus Osewoudt’s nicht. Ze is een stuk ouder dan Osewoudt en ondanks dat ze lelijk is zijn ze getrouwd.
vrienden
Moorlag Hij is waarschijnlijk de beste vriend van Osewoudt. Hij is student en woont bij Osewoudt en zijn moeder en Ria in huis. Osewoudt zoekt hem nog eens op.
Fam. Turlings Deze familie had een drogisterij tegenover de sigarenzaak. De zoon Evert was een N.S.B.er waarmee Osewoudt vaak overhoop lag. Later heeft hij iets met Ria gekregen.
Marianne Sondaar Ze ontmoet Osewoudt als hij zijn haar zwart wil verven om onherkenbaar te worden. Er ontstaat iets tussen hen. Ze is een Joodse studente en omdat ze Joods is moet ze vertrekken naar een kibboets.
verzetstrijders

Dorbeck Hij is de grote opdrachtgever van Osewoudt. Hij verschijnt vaak plotseling of laat geheime berichten achter. Hij heeft zwart haar en een stoppelbaard. Verder kom je weinig over hem te weten, dat past goed bij zijn karakter -> erg mysterieus
Zéwüster Hij heeft samen met Dorbeck en Osewoudt een aanslag gepleegd in de Kleine Houtstraat, vrij aan het begin van het boek. Later komt Osewoudt hem nog een keer tegen.
Elly Ze is een Engelse waaraan Osewoudt onderdak verschuilt en waarvoor hij een valse identiteitskaart laat maken. Ze had een van de drie foto’s bij zich en daardoor wist Osewoudt dat hij haar moest helpen. Uiteindelijk werd ze toch opgepakt door de Duitsers.
Hé jij Zij is verkleed als heilsoldate en pleegt samen met Osewoudt de aanslag op Lagendaal.
Labare Osewoudt ging bij hem wonen om onder te duiken. Hij moest daar foto’s ontwikkelen.
slachtoffers
Ebernuss Hij zorgde ervoor dat Osewoudt naar het ziekenhuis werd gebracht. Vervolgens probeerde Ebernuss een beetje vriendjes te worden met Osewoudt omdat hij zag dat de Duitsers de oorlog aan het verliezen waren. Later in het boek gaat hij met Osewoudt mee en wil zich aansluiten bij de verzetsmensen. Dorbeck is daar ook en vertrouwt Ebernuss niet en geeft Osewoudt gif.
Fam. Lagendaal Deze Duitse familie werd vermoord door Osewoudt (behalve het zoontje Walter).
Georg Krügener Hij brengt Osewoudt in verpleegstersuniform eerst naar Voorschoten en vervolgens slaat Osewoudt hem neer en rijd naar Dordrecht. Daar vlakbij komt Georg weer bij en vermoord Osewoudt hem door mes in zijn rug te steken.

 de situaties:
- begin: Er is sprake van een opening in de handeling. Het begint namelijk midden in een verhaal dat een onderwijzer vertelt aan de jonge Osewoudt op school.

- eind: Er is sprake van een gesloten einde, omdat Osewoudt dood is. Zijn hele ‘avontuur’ is afgerond.

 de vertelwijze:
Het boek is geschreven vanuit een personaal perspectief, dus met een alwetende verteller.

op zoek naar de thematiek:

 het thema::
Een man handelt zonder te weten wat zijn doel is.

 de motieven:
- oorlog, want dat is nou eenmaal de tijd en er komen steeds dingen uit terug.
- fototoestel, omdat Osewoudt een Leica koopt die hij steeds gebruikt en die steeds terugkeert.
- foto’s, omdat Osewoudt drie foto’s krijgt die hij moet ontwikkelen en die drie foto’s komen het hele boek door weer te voorschijn.
- tram, omdat het meeste vervoer per tram gaat en dat komt steeds terug.
- eenzaamheid, want Osewoudt leeft erg op zichzelf en is daardoor erg eenzaam en een beetje mensenschuw. Ook kan hij niemand vertrouwen en dat maakt hem erg eenzaam.

 de titelverklaring:
Ik deel hierbij de titel doormidden:
- De donkere kamer: Dit slaat hoogstwaarschijnlijk op een zogenoemde donkere kamer waar foto’s worden afgedrukt. Ook zijn veel belangenruimtes in het boek klein, donker en somber.
- (van) Damocles: Damocles was een wreed persoon die lang geleden leefde die voor een dag koning mocht zijn. Hij kreeg boven zijn hoofd een zwaard te hangen dat vast was gemaakt met paardenhaar. Ik snap niet precies wat dit te maken heeft met Osewoudt, maar ik gok dat het betekent dat hij altijd afhankelijk was van andere mensen en dat hij niets in eigen handen had. De beslissingen werden vooral door Dorbeck genomen en hij was alleen de uitvoerder van zijn plannen.

 het motto:
In het boek staat geen motto.

plaats in de literatuurgeschiedenis:


 wanneer is het werk voor het eerst geschreven?
De eerste druk was in november 1958.

 wat weet je van de schrijver? & in hoeverre is dit werk typerend voor de schrijver?
(bron: internet)
Willem Frederik Hermans werd geboren op 21 september 1921 in Amsterdam. Zijn ouders waren allebei leraar en erg autoritair. Op de lagere school was hij het knapste jongetje van de klas, maar het slechtste in gymnastiek. Tijdens zijn jeugd was hij eenzaam, hij had alleen zijn teddybeer als vriend. Op het gymnasium was hij middelmatig. Hij studeerde eerst sociografie en na een jaar werd dat fysische geografie. De exacte wetenschap heeft veel invloed op hem, wat blijkt uit zijn exacte en zakelijke beschrijving van details. Tijdens de oorlog moest hij de studie onderbreken en hij studeerde af in 1950. Hij promoveerde op een bodemonderzoek in Luxemburg. Hij werd lector in de fysische geografie, maar in 1973 verhuisde hij naar Parijs.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog, die een belangrijke invloed had op zijn levensvisie, begon Hermans te schrijven, en na de oorlog werd dat steeds meer. Hij publiceerde in veel tijdschriften, (zoals Criterium, Literair Paspoort, Vrij Nederland, Haagse Post enz.) en in kranten (Het Vaderland, Het Vrije Volk en NRC Handelsblad). Hij is redacteur geweest van Criterium en van Podium.
Naar aanleiding van een voor rooms-katholieken beledigende passage werd hem een proces aangedaan. Zijn werk is van het begin af een bron van felle discussie geweest. Hij heeft verschillende pseudoniemen gehad: na de oorlog schreef hij detectiveromans onder de naam Fjodor Klondyke. Zijn antikatholieke geschriften ondertekende hij met pater Anastase Prudhomme sj. Ook gebruikte hij Schrijver Dezes. Hij kreeg de Essayprijs van de gemeente Amsterdam voor "Fenomenologie van de pin-upgirl". De PC-Hooftprijs, Vijverbergprijs en de prijs van de Stichting Kunstenaarsverzet heeft hij geweigerd. De hoofdpersonen in zijn boeken zijn waarheidszoekers, die de waarheid echter nooit zullen vinden. Ze stuiten op misverstanden of trekken verkeerde conclusies. Ook vinden ze geen zekerheid omtrent hun eigen identiteit.

Andere werken van W.F. Hermans:
"De tranen der acacia's" (1949)
"Het behouden huis" (1952)
"De donkere kamer van Damokles" (1958)
"Nooit meer slapen" (1966)
"Onder professoren" (1975)
"De zegel ring" (1984)

 wat weet je van de tijd waarin het werk werd geschreven? & in hoeverre is dit werk typerend voor de tijd waarin het geschreven is?
Het boek is geschreven rond 1958. Het is dus ongeveer 13 jaar na de Tweede Wereldoorlog geschreven. In die tijd werd er veel en steeds meer over de Tweede Wereldoorlog geschreven. Ik vind het niet een standaard oorlogsboek, omdat de meeste oorlogsboeken gaan over soldaten. Osewoudt en de andere mensen, zijn normale burgers en vanuit hen wordt de oorlog beleefd.

Let op

De verslagen op Scholieren.com zijn gemaakt door middelbare scholieren en bedoeld als naslagwerk. Gebruik je hoofd en plagieer niet: je leraar weet ook dat Scholieren.com bestaat.

Heb je een aanvulling op dit verslag? Laat hem hier achter.

voeg reactie toe

3072

Welkom!

Goed dat je er bent. Scholieren.com is de plek waar scholieren elkaar helpen. Al onze informatie is gratis en openbaar. Met een profiel kun je méér:

snel zien welke verslagen je hebt bekeken
de verslagen die je liket terugvinden
snel uploaden en reacties achterlaten

Log in op Scholieren.com

Maak een profiel aan of log in om te stemmen.

Geef dit een cijfer

Hoge waardering

Lyanne van den Bergzeker weten goedZeker Weten Goed
anoniem4e klas vwo8.6
anoniem5e klas vwo7.3
Laura 6e klas vwo6.9
Karen 6e klas vwo6.9
anoniem6e klas vwo6.8
Meer verslagen ›

Wat doe jij om het plastic in de oceaan te verminderen?